Vervolg
We zijn nog steeds bij Openbaring 13:16En het maakt dat men aan allen, kleinen en groten, rijken en armen, vrijen en slaven een merkteken geeft op hun rechterhand of op hun voorhoofd,
17en het maakt dat niemand kan kopen of verkopen, behalve hij die dat merkteken heeft, of de naam van het beest of het getal van zijn naam.
18Hier is de wijsheid: wie verstand heeft, laat hij het getal van het beest berekenen, want het is een getal van een mens, en zijn getal is zeshonderdzesenzestig.
We hebben gezien dat zowel God als het beest een merkteken op de hand en het voorhoofd hebben, en dat dit te maken heeft met gehoorzaamheid aan God of het beest uitgedrukt in wetten, gemotiveerd door onze spirituele staat (gevuld met de Heilige Geest of niet).
Zoals ik eerder heb besproken, geven de tien geboden voor ons in begrijpelijke en praktische taal de basis weer van Gods overheid. Ze werden in de ark van het verbond geplaatst (symbool voor de troon van God) tezamen met het manna en de staf van Aaron die bloeide, beide symbolen voor Jezus Christus de bron van het leven en de wederopstanding. Deze tien geboden kunnen worden samengevat als liefde voor God en naastenliefde. Dat is de geestelijke invulling van de wet, in tegenstelling tot een letterlijke invulling waarin alleen naar de letterlijke woorden wordt gekeken.
Nu is er één specifiek gebod in de tien geboden dat ook als een teken wordt beschreven voor versrchillende doeleinden. Dat gebod is het vierde gebod, het sabbatsgebod.
Sommige Christenen stellen dat het sabbatsgebod betrekking heeft op de 'Joodse sabbat' en dat dit gebod daarom geen betrekking heeft op Christenen. Er zijn een aantal problemen met deze redenatie:
1) De sabbat is een instituut dat bij de creatie is ingesteld door God, lang voordat er een Jood was. Het kan dus geen 'Joodse' sabbat zijn.
2) De sabbat is niet slechts een instituut, een dag die zo werd genoemd, maar is onderdeel van de creatie zelf. Op deze dag 'rustte God van al zijn werken'. Hij 'heiligde' die dag, dat wil zeggen dat Hij hem apart heeft gezet voor heilige doeleinden.
3) Geen enkele Christen zal beargumenteren dat de andere 9 geboden niet meer van toepassing zijn op de Christen. Deze schaart men graag onder de 'grote geboden' van liefde voor God en naasten. Maar de sabbat, die gooit men onterecht overboord.
4) Jezus zelf observeerde de sabbat, en Jezus' volgelingen worden opgeroepen Jezus te volgen.
5) De apostelen en discipleren observeerden de sabbat ook nog na Zijn dood, nergens blijkt dat Jezus hen instructies had gegeven dat de sabbat niet meer op hen van toepassing was.
6) De profeet Jesaja beschrijft dat de sabbat ook op de nieuwe aarde zal worden geobserveerd. Het zou niet logisch zijn als er geen continuïteit bestaat van Genesis tot de nieuwe aarde, maar een tijdelijke onderbreking.
8) De brief aan de hebreeën zegt letterlijk dat er nog sprake is van een sabbatsrust voor het volk van God, als symbool voor de komende eeuwige rust in de hemel.
9) De sabbatsrust is niet, zoals velen zeggen, veranderd naar de eerste dag van de week door Jezus of de apostelen. Daar is geen bijbeltekst voor te vinden.
Dit zijn zeer beknopt de voornaamste tegenargumenten voor het idee dat de sabbat geen betrekking meer heeft op de Christen, omdat het een Joods institituut zou zijn.
We weten op basis van onder andere de verhalen over Kain en Abel en Abraham, Sara en Farao, Sodom en Gomorra, enzovoorts, dat de wet in tien geboden al van begin af aan van kracht was. Anders zou God overtredingen van deze geboden niet hebben gestraft, dat zou niet eerlijk zijn geweest.
Deze geboden vloeien dan ook simpelweg voort uit het rechtvaardige karakter van God, en zijn niet te onderscheiden van een leven met God. Leven met God is leven in harmonie met Gods karakter van liefde, uitgedrukt in de geboden van God.
Dit zien we ook als we kijken wanneer God specifiek opdraagt om de sabbat weer te observeren in Exodus 16, nadat Gods volk honderden jaren in Egypte was verbleven te midden van de heidenen.
4Toen zei de HEERE tegen Mozes: Zie, Ik zal voor u brood uit de hemel laten regenen. Het volk moet eropuit gaan en de per dag benodigde hoeveelheid verzamelen, zodat Ik het op de proef kan stellen of het naar Mijn wet wandelt of niet.
5En op de zesde dag moet het zó zijn dat zij bereiden wat zij binnenbrengen, en dat zal het dubbele zijn van wat zij dagelijks verzamelen.
In Exodus 16 zijn de tien geboden inclusief het sabbatsgebod nog niet aan Mozes overhandigd, dat gebeurt pas in hoofdstuk 20.
Maar God spreekt hier al over 'zijn wet' en over de sabbat. Dus blijkbaar had God al een wet en was de sabbat daar onderdeel van. Deze wet moet dan de tien geboden zijn, dat is in harmonie met hoe God reageerde op eerdere overtredingen ervan.
22Op de zesde dag gebeurde het dat zij een dubbele hoeveelheid brood verzamelden, twee gomers voor één persoon. Al de leiders van de gemeenschap kwamen dat aan Mozes vertellen.
23Hij zei toen tegen hen: Dat is het wat de HEERE gesproken heeft. Morgen is het de rustdag, de heilige sabbat voor de HEERE! Wat u bakken wilt, bak het, en kook wat u koken wilt, en laat alles wat er overblijft voor uzelf liggen om het tot de volgende morgen te bewaren.
24Zij lieten het staan tot de volgende morgen, zoals Mozes geboden had, en nu stonk het niet en waren er geen maden in.
25Toen zei Mozes: Eet dit vandaag, want vandaag is het de sabbat voor de HEERE. U zult het vandaag buiten niet vinden.
26Zes dagen moet u het verzamelen, maar op de zevende dag is het sabbat. Dan zal het er niet zijn.
27Het gebeurde echter op de zevende dag dat sommigen van het volk eropuit gingen om brood te verzamelen, maar zij vonden niets.
28Toen zei de HEERE tegen Mozes: Hoelang weigert u nog Mijn geboden en Mijn wetten in acht te nemen?
29Zie, omdat de HEERE u de sabbat gegeven heeft, daarom geeft Hij u op de zesde dag brood voor twee dagen. Ieder moet op zijn plaats blijven! Niemand mag er op de zevende dag vanuit zijn verblijfplaats opuit gaan!
30Zo rustte het volk op de zevende dag.
Uit deze tekst is het meer dan duidelijk dat de geboden en wetten van God al golden voordat ze in hoofdstuk 20 op Sinaï in stenen tafelen werden gegeven.
Vervolgens worden er twee versies van het sabbatsgebod gegeven in Exodus en Deuteronomium:
Exodus 20:8 Gedenk de sabbatdag, dat u die heiligt.
9 Zes dagen zult u arbeiden en al uw werk doen,
10maar de zevende dag is de sabbat van de HEERE, uw God. Dan zult u geen enkel werk doen, u, noch uw zoon, noch uw dochter, noch uw dienaar, noch uw dienares, noch uw vee, noch uw vreemdeling die binnen uw poorten is.
11Want in zes dagen heeft de HEERE de hemel en de aarde gemaakt, de zee, en al wat erin is, en Hij rustte op de zevende dag. Daarom zegende de HEERE de sabbatdag, en heiligde die.
Dus reden 1 is: God heeft de wereld geschapen in zes dagen, en rustte op de zevende dag.
Deuteronomium 5:12Neem de sabbatdag in acht om die te heiligen, zoals de HEERE, uw God, u geboden heeft.
13Zes dagen zult u arbeiden en al uw werk doen,
14maar de zevende dag is de sabbat van de HEERE, uw God. Dan zult u geen enkel werk doen, u, noch uw zoon, noch uw dochter, noch uw dienaar, noch uw dienares, noch uw rund, noch uw ezel, noch enig vee van u, noch uw vreemdeling, die binnen uw poorten is, opdat uw dienaar en uw dienares rusten zoals u.
15Want u zult in gedachten houden dat u slaaf geweest bent in het land Egypte en dat de HEERE, uw God, u vandaar uitgeleid heeft met sterke hand en uitgestrekte arm. Daarom heeft de HEERE, uw God, u geboden de dag van de sabbat te houden.
Dus reden 2 is: God heeft Zijn volk uit Egypte bevrijd, waar het slaaf was. Ook dit dient te worden herdacht door de sabbat te observeren.
Eerder heb ik aangegeven dat de redding van Gods volk uit Eypte, het land van idolen en slavernij, door de doop van de rode zee en vervolgens door de woestijn van beproevingen het beloofde land in, als allegorie wordt gebruikt van verlossing door Jezus Christus, wat ons tot het ware beloofde land brengt: het eeuwige leven in de hemel en op de nieuwe aarde.
Er zijn dus twee hoofdredenen die worden gegeven waarom de Sabbat voor Gods volk belangrijk is: als herinnering aan het feit dat God de wereld (en de mens) heeft gemaakt, en het feit dat God de mensheid redt van zijn slavernij aan de zonde en dood.
Wat heeft de mensheid bijgedragen aan de creatie van de wereld, zijn eigen creatie, of zijn verlossing?
De mens heeft hier helemaal niets aan bijgedragen. God heeft met Zijn soevereine wil de wereld en alles daarin geschapen, en heeft vanuit barmhartighed alles in het werk gesteld om de mens te redden van de zonde en de dood, zodat die weer eeuwig kan leven.
Daarom wordt ook wel gezegd dat de sabbatsrust niet beperkt is tot fysieke rust van je dagelijkse werkzaamheden, maar vooral dat het gaat om rusten in de voltooide werken van God ("En dat terwijl Zijn werken al sinds de grondlegging van de wereld voltooid zijn. 4Want Hij heeft ergens over de zevende dag als volgt gesproken: En God heeft op de zevende dag van al Zijn werken gerust."). God heeft ons het leven gegeven, en God heeft ons leven gered, en uit dankbaarheid en erkenning daarvoor observeren we de sabbat, waarin we innerlijk worden vernieuwd door de levensgeest van God.
De sabbatsrust heeft dus zowel betrekking op gebeurtenissen van het verleden en op het dagelijkse leven. Maar we doen het ook in verwachting van de komende eeuwige sabbatsrust:
Hebreeën 4:1Laten wij er dan beducht voor zijn dat iemand van u ooit schijnt achter te blijven, terwijl de belofte om in Zijn rust binnen te gaan nog van kracht is.
2Want ook aan ons is het Evangelie verkondigd, evenals aan hen. Maar het gepredikte woord bracht hun geen voordeel, omdat het niet met geloof gepaard ging bij hen die het hoorden.
3Wij die tot geloof gekomen zijn, gaan immers de rust binnen, zoals Hij gezegd heeft: Daarom heb Ik in Mijn toorn gezworen: Mijn rust zullen zij niet binnengaan! En dat terwijl Zijn werken al sinds de grondlegging van de wereld voltooid zijn.
4Want Hij heeft ergens over de zevende dag als volgt gesproken: En God heeft op de zevende dag van al Zijn werken gerust.
5En op deze plaats opnieuw: Zij zullen Mijn rust niet binnengaan!
6Omdat dus het feit blijft dat sommigen deze rust binnengaan, en dat zij aan wie het Evangelie eerst verkondigd was, niet binnengegaan zijn vanwege hun ongehoorzaamheid,
7bepaalt Hij opnieuw een zekere dag, namelijk heden, wanneer Hij zo lange tijd daarna door David zegt (zoals al eerder gezegd is): Heden, als u Zijn stem hoort, verhard dan uw hart niet.
8Want als Jozua hen al in de rust gebracht had, zou God daarna niet gesproken hebben over een andere dag.
9Er blijft dus nog een sabbatsrust over voor het volk van God,
10want wie Zijn rust binnengegaan is, die heeft zelf ook van zijn werken gerust, zoals God van de Zijne.
11Laten wij ons dan beijveren om die rust binnen te gaan, opdat niemand door het volgen van dit voorbeeld van ongehoorzaamheid ten val zal komen.
Paulus verwijst in deze tekst naar het feit dat de Hebreeën (en de Egyptenaren die zich bij hen hadden aangesloten) constant weigerden om God (via Mozes) te geloven en te gehoorzamen. Ook toen zij na een barre tocht door de woestzijn aan de grens van het beloofde land waren gekomen, konden zijn nog niet geloven dat God hen dat land zou geven, omdat de volkeren die daar leefden groot en sterk waren:
Numeri 14:1Toen begon heel de gemeenschap luid te weeklagen en bleef het volk in die nacht luid jammeren.
2Al de Israëlieten morden tegen Mozes en tegen Aäron. Heel de gemeenschap zei tegen hen: Waren wij maar in het land Egypte of in deze woestijn gestorven! Waren wij maar gestorven!
3Waarom brengt de HEERE ons dan naar dit land, zodat wij door het zwaard vallen, en onze vrouwen en onze kleine kinderen tot prooi worden van de vijand? Zou het niet beter voor ons zijn naar Egypte terug te keren?
4En zij zeiden tegen elkaar: Laten wij een hoofd aanstellen en naar Egypte terugkeren!
Door dit ongeloof stuurde God de gehele groep terug de woestijn in. Deze hele generatie stierf in de woestijn, en het waren uiteindelijk hun kinderen die onder leiding van Jozua over de Jordaan het beloofde land binnengingen.
Hier heeft vers 8 betrekking op: 8Want als Jozua hen al in de rust gebracht had, zou God daarna niet gesproken hebben over een andere dag.
Het erven van het beloofde land was een vervulling van de belofte die God aan Abraham had gedaan, dat zijn nageslacht het land Kanaän zou erven:
Genesis 12:5 Abram nu nam Sarai, zijn vrouw, en Lot, de zoon van zijn broer, en al hun bezittingen die ze verworven hadden, en de mensen die zij in Haran verkregen hadden; en zij gingen weg om naar het land Kanaän te gaan; en zij kwamen in het land Kanaän.
6En Abram trok door dat land heen tot aan de heilige plaats bij Sichem, tot de eik van More. De Kanaänieten woonden toen in dat land.
7Toen verscheen de HEERE aan Abram en zei: Aan uw nageslacht zal Ik dit land geven. Toen bouwde hij daar een altaar voor de HEERE, Die hem verschenen was.
Maar dit land Kanaän was dus symbolisch bedoeld voor de nieuwe aarde van gerechtigheid die God voorbereidt voor zijn volk om te erven:
Jesaja 65:17 Want zie, Ik schep een nieuwe hemel
en een nieuwe aarde.
Aan de vorige dingen zal niet meer gedacht worden,
ze zullen niet meer opkomen in het hart.
18Maar wees vrolijk en verheug u tot in eeuwigheid
in wat Ik schep,
want zie, Ik schep Jeruzalem een vreugde
en zijn volk blijdschap.
Daarom verwachtte Abraham een nieuwe stad waarvan de bouwer God is:
Hebreeën 11:8Door het geloof is Abraham, toen hij geroepen werd, gehoorzaam geweest om weg te gaan naar de plaats die hij tot een erfdeel ontvangen zou. En hij is weggegaan zonder te weten waar hij komen zou.
9Door het geloof is hij een inwoner geweest in het land van de belofte als in een vreemd land en heeft hij in tenten gewoond, met Izak en Jakob, die mede-erfgenamen waren van dezelfde belofte.
10Want hij verwachtte de stad die fundamenten heeft, waarvan God de Ontwerper en Bouwer is.
Dus wat Hebreeën zegt, is dat er nog een sabbatsrust over is voor het volk van God, en dat die sabbatsrust verwijst naar de eeuwige rust op de nieuwe aarde, wanneer God korte metten heeft gemaakt met de duivel, zijn gevallen engelen, en alle onrechtvaardigen, oftewel wanneer 'al Zijn vijanden tot zijn voetenbank zijn gemaakt'.
Christenen worden aangemoedigd om 'te ijveren die rust in te gaan' door middel van hun geloof in en gehoorzaamheid aan Jezus Christus:
2Want ook aan ons is het Evangelie verkondigd, evenals aan hen. Maar het gepredikte woord bracht hun geen voordeel, omdat het niet met geloof gepaard ging bij hen die het hoorden.
6Omdat dus het feit blijft dat sommigen deze rust binnengaan, en dat zij aan wie het Evangelie eerst verkondigd was, niet binnengegaan zijn vanwege hun ongehoorzaamheid,
11Laten wij ons dan beijveren om die rust binnen te gaan, opdat niemand door het volgen van dit voorbeeld van ongehoorzaamheid ten val zal komen.
Ook Jezus zelf koppelt geloof en gehoorzaamheid rechtstreeks aan de rust die Hij geeft:
Johannes 3:16 Want zo lief heeft God de wereld gehad, dat Hij Zijn eniggeboren Zoon gegeven heeft, opdat ieder die in Hem gelooft, niet verloren gaat, maar eeuwig leven heeft.
17 Want God heeft Zijn Zoon niet in de wereld gezonden opdat Hij de wereld zou veroordelen, maar opdat de wereld door Hem behouden zou worden.
18 Wie in Hem gelooft, wordt niet veroordeeld, maar wie niet gelooft, is al veroordeeld, omdat hij niet geloofd heeft in de Naam van de eniggeboren Zoon van God.
19En dit is het oordeel, dat het licht in de wereld gekomen is, en de mensen hebben de duisternis liefgehad, meer dan het licht, want hun werken waren slecht.
20Want ieder die kwaad doet, haat het licht en komt niet tot het licht, opdat zijn werken niet ontmaskerd worden.
21 Maar wie de waarheid doet, komt tot het licht, opdat van zijn werken openbaar wordt dat ze in God gedaan zijn.
Mattheüs 11:28Kom naar Mij toe, allen die vermoeid en belast zijn, en Ik zal u rust geven.
29Neem Mijn juk op u, en leer van Mij dat Ik zachtmoedig ben en nederig van hart; en u zult rust vinden voor uw ziel;
30 want Mijn juk is zacht en Mijn last is licht.
Geloof en gehoorzaamheid zijn dus voorwaarden om de rust van God in te gaan. En wanneer we dat doen, is de sabbat daar een teken van. Daarom wordt de sabbat ook als teken beschreven van het feit dat God je heiligt:
Exodus 31:13U dan, spreek tot de Israëlieten en zeg: U moet zeker Mijn sabbatten in acht nemen, want dat is een teken tussen Mij en u, al uw generaties door, zodat men weet dat Ik de HEERE ben, Die u heiligt.
Ezekiël 20:12Ook heb Ik hun Mijn sabbatten gegeven, om een teken te zijn tussen Mij en hen, zodat zij zouden weten dat Ik de HEERE ben Die hen heiligt.
De sabbat is dient dus specfiek als teken voor de relatie tussen God en mens, dat het God is die 'hen heiligt'. Heiligen wil zeggen 'apart zetten voor een heilig doel'. Het verwijst naar de de transformatie die God teweegbrengt in het hart en de geest van de gelovige om ervoor te zorgen dat de mens in harmonie met Gods wil leert leven. Het is het resultaat van bekering van zonde, door te kiezen te doen wat juist is en met barmhartigheid en liefde te handelen, zoals God zelf ook doet.
We lezen in Ezekiël ook waar in Hebreeën naar werd verwezen, dat het volk vanwege de ongehoorzaamheid en het gebrek aan geloof en hun overtredingen van de sabbat terug de woestijn werd ingestuurd om daar te sterven:
13Maar in de woestijn werd het huis van Israël Mij ongehoorzaam. Zij gingen niet in Mijn verordeningen en verwierpen Mijn bepalingen – de mens die ze doet, zal erdoor leven. Verder ontheiligden zij Mijn sabbatten zeer, zodat Ik zei dat Ik Mijn grimmigheid over hen in de woestijn zou uitstorten door een einde aan hen te maken.
Het is dus een serieuze kwestie, van leven en dood. God wil ons ervan bewust maken dat Hij de schuldige niet voor onschuldig houdt, en dat geloof en gehoorzaamheid essentieel is als we daadwerkelijk de eeuwige rust van de nieuwe aarde willen ingaan die Hij heeft beloofd. Het Christelijk geloof is dus geen kwestie van goedkope genade waarna je kunt leven zoals je wil, maar gaat gepaard met een constante strijd tegen de zonde door te vertrouwen in God en Zijn capaciteit om ons heilig te maken. God belooft dan ook om ons te helpen in onze zwakheden:
Jesaja 41:8Maar u, Israël, Mijn dienaar,
u, Jakob, die Ik heb verkozen,
het nageslacht van Abraham, die Mij liefhad,
9u, die Ik gegrepen heb van de einden der aarde,
geroepen uit haar uithoeken,
en tegen wie Ik zei: U bent Mijn dienaar,
Ik heb u verkozen, Ik heb u niet verworpen.
10Wees niet bevreesd, want Ik ben met u,
wees niet verschrikt, want Ik ben uw God.
Ik sterk u, ook help Ik u,
ook ondersteun Ik u met Mijn rechterhand, die gerechtigheid werkt.
Hebreeën 4:14 Nu wij dan een grote Hogepriester hebben, Die de hemelen is doorgegaan, namelijk Jezus, de Zoon van God, laten wij aan deze belijdenis vasthouden.
15 Want wij hebben geen Hogepriester Die geen medelijden kan hebben met onze zwakheden, maar Een Die in alles op dezelfde wijze als wij is verzocht, maar zonder zonde.
16Laten wij dan met vrijmoedigheid naderen tot de troon van de genade, opdat wij barmhartigheid verkrijgen en genade vinden om geholpen te worden op het juiste tijdstip.
Johannes 14:23Jezus antwoordde en zei tegen hem: Als iemand Mij liefheeft, zal hij Mijn woord in acht nemen; en Mijn Vader zal hem liefhebben, en Wij zullen naar hem toe komen en bij hem intrek nemen.
24Wie Mij niet liefheeft, neemt Mijn woorden niet in acht; en het woord dat u hoort, is niet van Mij, maar van de Vader, Die Mij gezonden heeft.
25Deze dingen heb Ik tot u gesproken, terwijl Ik bij u verblijf.
26 Maar de Trooster, de Heilige Geest, Die de Vader zenden zal in Mijn Naam, Die zal u in alles onderwijzen en u in herinnering brengen alles wat Ik u gezegd heb.
We worden dus aangespoord om in onze constante strijd tegen onze zondige menselijke natuur die ons verhindert het goede te doen, volop te vertrouwen in het bloed van Jezus dat onze zonden wegwast, en in de sterke rechterhand van God die ons helpt om het goede te doen door middel van de Heilige Geest die wordt gegeven.
Het observeren van de sabbat in harmonie met Gods wil is daarom de ultieme expressie van het feit dat we tot God behoren en dat we Zijn rust zijn ingegaan, de rust die alleen te verkrijgen is door geloof en gehoorzaamheid.
Daarnaast is de sabbat ook het enige gebod dat aangeeft wie de tien geboden eigenlijk gegeven heeft: de schepper van het universum.
Zonder het sabbatsgebod, zouden de geboden van wie dan ook afkomstig kunnen zijn. Maar dankzij het sabbatsgebod, is het duidelijk wie de wetgever is.
De sabbat is daarom ook symbool voor de autoriteit van God die als wetgever en rechter over de aarde heerst.
De redenen om de sabbat te observeren zijn dus legio en draaien niet alleen om fysieke rust. De sabbat is een expressie van de relatie van geloof, vertrouwen en gehoorzaamheid tussen God en de mens. Observeren van de sabbat is een teken dat we begrijpen dat God liefde is, en dat alles wat God doet is bedoeld om de mens te zegenen in plaats van hem te knechten. Als we de sabbat (en welk ander gebod dan ook) zien als een beperking waarmee God ons het leven wil zuurmaken en ons in onze vrijheden wil beperken, en we betogen dat Jezus ons van de wet en de sabbat heeft bevrijd, hebben we de geest van de wet en de motivaties van God niet begrepen.
Daarom is het zo belangrijk om te vertrouwen op God. We moeten geloven dat wat God ons opdraagt te doen in ons eigen belang en in het belang van de hele mensheid is. We moeten ervan overtuigd zijn dat God het beste met ons en de rest van de mensheid voorheeft en dat niets van wat Hij doet bedoeld is om ons te onderwerpen voor zijn eigen egoïstische plezier of om ons te onderdrukken. Als we dat begrijpen, zullen we ons van harte onderwerpen aan God en gewillig zijn om Hem in alles te gehoorzamen, omdat we dan weten dat dit zegeningen oplevert voor onszelf en voor onze naasten.
Het is het ongelovige hart dat leidt tot ongehoorzaamheid, verharding en weerstand tegen Gods wil. Het zijn de vleselijke verlangens die ervoor zorgen dat we aan Gods woorden, geboden en instructies twijfelen in plaats van deze ter harte te nemen. Het is liefde voor de zonde en het plezier en de gemakken die die oplevert die ervoor zorgen dat we Gods uitnodiging om Hem te volgen afslaan, waardoor we uiteindelijk de eeuwige rust mislopen die Hij beloofd heeft.
Al deze spirituele kwesties vinden hun expressie in de observatie van de sabbatdag, of de weigering daarvan.
Daarom zei Jezus dan ook:
23 En het gebeurde dat Hij op een sabbat door de korenvelden ging; en Zijn discipelen begonnen onder het lopen aren te plukken.
24En de Farizeeën zeiden tegen Hem: Zie, waarom doen zij op de sabbat iets wat niet geoorloofd is?
25En Hij zei tegen hen: Hebt u nooit gelezen wat David deed toen hij in nood verkeerde, en hij honger had, en zij die bij hem waren?
26Hoe hij het huis van God binnengegaan is ten tijde van Abjathar, de hogepriester, en de toonbroden gegeten heeft, die niemand mag eten behalve de priesters, en ze ook gegeven heeft aan hen die bij hem waren?
27En Hij zei tegen hen: De sabbat is gemaakt ter wille van de mens, niet de mens ter wille van de sabbat.
28 Daarom, de Zoon des mensen is Heere, óók van de sabbat.
Jezus probeerde duidelijk te maken dat de sabbat nooit is bedoeld als juk of beperking, maar als zegening voor de mensheid.
Wanneer we begrijpen dat God onze schepper en redder is, en dat God voor ons een nieuwe aarde van gerechtigheid heeft voorbereid, vinden we totale rust in onze ziel. De wereld kan vergaan, alles kan verkeerd gaan, maar wie vertrouwen heeft in God, zal vaststaan als een boom met diepe wortelen. Hij zal niet omvallen en uitkijken naar de zegeningen die God voor hem heeft voorbereid, wat de omstandigheden ook zijn, hoe onwaarschijnlijk alles ook lijkt, hoe alles ook tegen lijkt te zitten. Zelfs als ze in levensgevaar zijn, zullen zij blijven vertrouwen op God. Dit is wat de vele martelaren de moed gaf om hun leven voor God te geven: ze waren er volledig van overtuigd dat ze uiteindelijk de zegeningen van God zouden ontvangen, in het leven hierna.
Dit is ook het geloof dat Job had:
13:15Zie, al zou Hij mij doden, zou ik niet hopen?
Maar toch zal ik mijn wegen voor Zijn aangezicht verdedigen.
16Ook zal Hij mij tot verlossing zijn;
maar een huichelaar zal niet voor Zijn aangezicht komen.
Job, wellicht een van de meest miserabele van alle mensen, bleef vertrouwen in God, bleef hoop houden, zelfs als God hem zelf zou doden.
Dit is het soort vertrouwen dat we moeten ontwikkelen als we in onze Christelijke wandel willen slagen. We moeten er volledig van overtuigd zijn dat God liefde en rechtvaardigheid is, en dat Hij degenen die Hem trouw blijven zal zegenen.
Het observeren van de sabbat dient dus in die geest te gebeuren. Het simpelweg ritualistisch of robotisch niet werken op de zevende dag van de week is niet hetzelfde als het observeren van de sabbat zoals God dit heeft bedoeld. Als we de sabbat niet ervaren als een dag van zegening, is er iets mis in onze relatie met God.
Omdat de sabbat een expressie is van de relatie die we met God hebben, is het niet verwonderlijk dat juist dit gebod constant wordt aangevallen en ondermijnd door de krachten die zich tegen God en Zijn volk hebben gekeerd. We zullen daarom zien dat de kleine hoorn en het beest specifiek dit gebod hebben aangevallen, omdat het de relatie tussen mens en God heeft geprobeerd te corrumperen. Maar in deze laatste dagen roept God Zijn volk op om terug naar Hem te keren in geloof en gehoorzaamheid aan al Zijn geboden. Dit zal ik in een volgend deel behandelen.
[ Bericht 0% gewijzigd door Ali_Kannibali op 04-05-2024 21:54:16 ]