quote:
Op maandag 5 januari 2026 14:40 schreef r_one het volgende:[..]
Nou dat.
Ik heb nou 24 uur de spreekwoordelijke
'advocaat van de duivel' gespeeld (
ik schijn het nog te kunnen
) en het resultaat is zoals verwacht: elke vorm van tegenspraak wordt niet geduld. En daar kan je dan op twee manieren op reageren ....zij kiest ervoor door het te pareren met een superioriteitsstatement: wij hebben er geen verstand van, van niks, zij wel, van alles, en dat wordt ingepeperd. Met de nodige verwensingen en classificaties als je haar geen gelijk geeft..
Ik vrees met grote vreze dat dat ook het probleem is waar zij IRL in haar werk telkens op vastloopt. Maar die beoordeling laat ik bij haar.
Disclaimer: dit is een oprecht serieuze reactie, niet om te flamen, wel om te duiden. En hopelijk voort te helpen.
Er is een wezenlijk verschil tussen symmetrische en asymmetrische relaties. Dat verschil is geen nuance, maar een structureel gegeven dat bepaalt wat iemand kan zeggen, doen en verdragen.
In een symmetrische relatie bestaat geen formele afhankelijkheid. Er is geen hiërarchie, geen sanctiemacht en geen reëel risico op verlies van bestaanszekerheid. Beide partijen kunnen zich uitspreken, grenzen stellen en kritiek leveren zonder dat dit directe gevolgen heeft voor inkomen, veiligheid of toekomst. In zo’n context kan iemand fel, direct of scherp zijn. Dat is geen teken van verbittering, maar van vrijheid.
In een asymmetrische relatie is die vrijheid er niet. Werkrelaties en intieme relaties waarin toekomst, financiën of stabiliteit gedeeld worden, zijn per definitie ongelijk verdeeld. De ene partij heeft meer macht, meer beslissingsruimte en meer mogelijkheid om consequenties op te leggen. In zo’n context kan iemand wel degelijk zien dat iets onredelijk of schadelijk is, maar het niet uitspreken. Niet uit gebrek aan assertiviteit, maar uit zelfbescherming.
Dat leidt tot aanpassing. Tot inslikken. Tot meebewegen met eisen die men inhoudelijk afwijst. Niet omdat men het ermee eens is, maar omdat de prijs van tegenspraak te hoog is. Wanneer die situatie structureel wordt, spreken we niet meer over een persoonlijk tekort, maar over uitbuiting. Dat woord wordt niet lichtvaardig gebruikt en duidt op een langdurige overschrijding van grenzen binnen een machtsverhouding waarin reële uitwegen ontbreken.
Het feit dat problemen zich juist manifesteren in werk en daten is daarom logisch. Dat zijn precies de contexten waarin afhankelijkheid ontstaat. Niet omdat iemand daar minder sterk is, maar omdat de structuur daar minder veilig is. Assertiviteit verdwijnt niet in die contexten, maar wordt onderdrukt, vertraagd of tegen de persoon zelf gebruikt.
Gedrag in een vrije, symmetrische context kan niet worden gebruikt als maatstaf voor functioneren in een afhankelijke context. Die gelijkstelling is inhoudelijk onjuist. Het onderscheid zien tussen die twee is geen gebrek aan zelfinzicht.