Nee het is ooit begonnen als muntgeld, gemaakt van een materiaal (goud of zilver bijv) dat ook waarde heeft. Daarna zijn idd de IOU's, de schuldpapieren gekomen. Daar is het idd misgegaan. Niet zozeer omdat die schuldpapieren niet werkten, maar omdat ermee gesjoemeld kon worden.quote:Op zaterdag 6 augustus 2011 20:10 schreef Klopkoek het volgende:
[..]
Dat waren gewoon schuldpapieren en in essentie ook fiat-geld.
Nou, om het Keynesiaanse model los te laten was het argument dat het tot een crisis zou leiden.quote:Op zaterdag 6 augustus 2011 20:13 schreef KoosVogels het volgende:
[..]
Zijn economische crashes uberhaupt te voorkomen? Je kunt hooguit het risico beperken. Conjunctuurwisselingen zijn inherent aan economie, lijkt mij.
Over welk neoliberaal model heb je het nu? Wat behelst dat model en waar is dat uitgevoerd?quote:Op zaterdag 6 augustus 2011 20:18 schreef Ryan3 het volgende:
[..]
Nou, om het Keynesiaanse model los te laten was het argument dat het tot een crisis zou leiden.
Dus dan maar het neoliberale model: maar dat leidde, zoals Klopkoek hierboven al aangaf, tot legio crises, waarbij ook nog eens allerlei kencijfers uitermate verslechterden.
Dus een dergelijk statement is niet afdoende. We zijn dit juist gaan doen, omdat het niet tot crises zouden leiden. Maar dat is onzin.
Dat er veranderingen nodig zijn is, in mijn optiek, evident. Zag vanochtend ook een overzicht van de grootste beursdalingen sinds WOII. Die hebben allemaal plaatsgveonden in de laatste 15 jaar. Wat mij betreft is dat illustratief voor het falen van de huidige aanpak.quote:Op zaterdag 6 augustus 2011 20:18 schreef Ryan3 het volgende:
[..]
Nou, om het Keynesiaanse model los te laten was het argument dat het tot een crisis zou leiden.
Dus dan maar het neoliberale model: maar dat leidde, zoals Klopkoek hierboven al aangaf, tot legio crises, waarbij ook nog eens allerlei kencijfers uitermate verslechterden.
Dus een dergelijk statement is niet af doende. We zijn dit juist gaan doen, omdat het niet tot crises zouden leiden.
Naar wat ik heb begrepen had een Von Hayek een minder ambitieuze privatiseringsgolf voor ogen. Maar daar kan ik mij in vergissen.quote:Op zaterdag 6 augustus 2011 20:21 schreef sneakypete het volgende:
[..]
Over welk neoliberaal model heb je het nu? Wat behelst dat model en waar is dat uitgevoerd?
Onder Bush werd er ook een soort Keynesiaans (anticyclisch) beleid gevoerd.
Je verwart politieke retoriek met de politieke praktijk. In de praktijk is er niets heel gebleven van de belangrijkste aanbevelingen van neoliberale grondleggers in het monetaire beleid van de afgelopen decennia. Men heeft enkel het taalgebruik overgenomen om kiezers te trekken en het aangegrepen om te bezuinigen op andere dingen, of wat staatsinstellingen te verkopen. Maar als het dus om geld en conjuncturen gaat is er niet zo veel veranderd.
Ja, dat heb ik dus ook gelezen, bedankt voor de bevestiging. In dat opzicht bevreemdt het mij dat Von Hayek door bepaalde libertariers wordt gezien als het gezicht van hun stroming. Kort gezegd was Von Hayek voorstander van de privatisering van publieke taken, maar enkel indien dat mogelijk en wenselijk is.quote:Op zaterdag 6 augustus 2011 20:25 schreef sneakypete het volgende:
Hayek was over het algemeen helemaal niet zo enorm radicaal. Hij was niet tegen het idee van een basisinkomen of tegen regulering als het gaat om bijv. gifstoffen. Hij was enkel van mening dat het goed was om op zoveel mogelijk terreinen de mogelijkheid van vrije toetreding te behouden.
Anders gezegd: hij zou nu niets zien in bijv. het nationaliseren van het bankwezen, maar erop wijzen dat het zou volstaan om te streven naar een meer solide dekkingsgraad bij banken en fondsen, ook als dat in eerste instantie minder zou opleveren.
Je kunt sturen hoe diep deze crashes gaan.quote:Op zaterdag 6 augustus 2011 20:13 schreef KoosVogels het volgende:
[..]
Zijn economische crashes uberhaupt te voorkomen? Je kunt hooguit het risico beperken. Conjunctuurwisselingen zijn inherent aan economie, lijkt mij.
Ik vind dit veel te makkelijk.quote:Op zaterdag 6 augustus 2011 20:21 schreef sneakypete het volgende:
[..]
Over welk neoliberaal model heb je het nu? Wat behelst dat model en waar is dat uitgevoerd?
Onder Bush werd er ook een soort Keynesiaans (anticyclisch) beleid gevoerd.
Je verwart politieke retoriek met de politieke praktijk. In de praktijk is er niets heel gebleven van de belangrijkste aanbevelingen van neoliberale grondleggers in het monetaire beleid van de afgelopen decennia. Men heeft enkel het taalgebruik overgenomen om kiezers te trekken en het aangegrepen om te bezuinigen op andere dingen, of wat staatsinstellingen te verkopen. Maar als het dus om geld en conjuncturen gaat is er niet zo veel veranderd.
Hayek had idd kritiek op Lenins adagium < je kunt geen omelet bakken, zonder het ei te breken>, maar liet dat rap varen toen Milton Friedman de vrije hand kreeg in Chili. Een dictatuur was op sommige momenten in de ontwikkeling van een land noodzakelijk... (zei hij in 1981).quote:Op zaterdag 6 augustus 2011 20:25 schreef sneakypete het volgende:
Hayek was over het algemeen helemaal niet zo enorm radicaal. Hij was niet tegen het idee van een basisinkomen of tegen regulering als het gaat om bijv. gifstoffen. Hij was enkel van mening dat het goed was om op zoveel mogelijk terreinen de mogelijkheid van vrije toetreding te behouden.
Anders gezegd: hij zou nu niets zien in bijv. het nationaliseren van het bankwezen, maar erop wijzen dat het zou volstaan om te streven naar een meer solide dekkingsgraad bij banken en fondsen, ook als dat in eerste instantie minder zou opleveren.
Dat laatste rijtje daar sluit post-tsunami Sri Lanka op aan...quote:The Shock Doctrine
In THE SHOCK DOCTRINE, Naomi Klein explodes the myth that the global free market triumphed democratically. Exposing the thinking, the money trail and the puppet strings behind the world-changing crises and wars of the last four decades, The Shock Doctrine is the gripping story of how America’s “free market” policies have come to dominate the world-- through the exploitation of disaster-shocked people and countries.
At the most chaotic juncture in Iraq’s civil war, a new law is unveiled that would allow Shell and BP to claim the country’s vast oil reserves…. Immediately following September 11, the Bush Administration quietly out-sources the running of the “War on Terror” to Halliburton and Blackwater…. After a tsunami wipes out the coasts of Southeast Asia, the pristine beaches are auctioned off to tourist resorts.... New Orleans’s residents, scattered from Hurricane Katrina, discover that their public housing, hospitals and schools will never be reopened…. These events are examples of “the shock doctrine”: using the public’s disorientation following massive collective shocks – wars, terrorist attacks, or natural disasters -- to achieve control by imposing economic shock therapy. Sometimes, when the first two shocks don’t succeed in wiping out resistance, a third shock is employed: the electrode in the prison cell or the Taser gun on the streets.
Based on breakthrough historical research and four years of on-the-ground reporting in disaster zones, The Shock Doctrine vividly shows how disaster capitalism – the rapid-fire corporate reengineering of societies still reeling from shock – did not begin with September 11, 2001. The book traces its origins back fifty years, to the University of Chicago under Milton Friedman, which produced many of the leading neo-conservative and neo-liberal thinkers whose influence is still profound in Washington today. New, surprising connections are drawn between economic policy, “shock and awe” warfare and covert CIA-funded experiments in electroshock and sensory deprivation in the 1950s, research that helped write the torture manuals used today in Guantanamo Bay.
The Shock Doctrine follows the application of these ideas through our contemporary history, showing in riveting detail how well-known events of the recent past have been deliberate, active theatres for the shock doctrine, among them: Pinochet’s coup in Chile in 1973, the Falklands War in 1982, the Tiananmen Square Massacre in 1989, the collapse of the Soviet Union in 1991, the Asian Financial crisis in 1997 and Hurricane Mitch in 1998.
quote:Recensie van Naomi Kleins De shockdoctrine
Geschreven door Jip woensdag, 17 oktober 2007 12:37
ImageDe illusies van de neoliberale revolutie.
De dood in de winter van 2006 van Milton Friedman, de intellectuele leider van de beweging voor radicale vrijhandel, gaf alom aanleiding tot het opnieuw vertellen van wat Naomi Klein de 'officiële versie' van de geschiedenis van het neoliberalisme noemt. In deze versie voerde Friedman een 'vreedzame ideeënstrijd tegen de mensen die vonden dat regeringen de verantwoordelijkheid hadden om in de markt in te grijpen om de scherpe kantjes ervan te verzachten.' Voor deze marktfundamentalisten, die zich verenigden in de 'Chicago school of economics' departement aan de universiteit van Chicago, zat het tij echter lange tijd tegen. Sinds de Tweede Wereldoorlog bestond er namelijk een grote consensus over de rol van de overheid in de samenleving. Dit gold voor zowel de sociaal-democratieën in het westen als de communistische staten in het oosten als de nationalistische bevrijdingsbewegingen in het zuiden. Intensief overheidsingrijpen was hier de regel.
Sinds de vroege jaren tachtig van de vorige eeuw, toen Thatcher in Groot-Brittannië en Reagan in de Verenigde Staten aan de macht waren, kwam hier verandering in. 'Eindelijk waren er politieke leiders die de moed hadden onbeteugelde vrije markten in de echte wereld in de praktijk te brengen,' zo verwoordt Klein de gedachtegang van de neoliberalen. Zij voegt daar aan toe: 'Volgens dit officiële verhaal waren de vrijheid en de welvaart die volgden nadat Reagan en Thatcher beiden hun markt vreedzaam en democratisch hadden bevrijd zo duidelijk wenselijk dat de massa's, behalve om Big Macs, ook om reaganomics vroegen toen dictatoriale regimes van Manila tot Berlijn ineen begonnen te storten.' Het is in deze versie van de geschiedenis dat Friedman een plek heeft veroverd als 'De man van de Vrijheid.'
De belangrijkste veronderstelling van deze officiële geschiedenis, waardoor Friedman de geschiedenis in kon gaan als intellectuele vrijheidsstrijder, is dat 'de triomf van het gedereguleerde kapitalisme uit vrijheid is geboren.' Meer nog, Friedman veronderstelde dat onbeteugelde vrije markten niet alleen samengaan met democratie, maar dat ze er ook de voorwaarde voor zijn. Voor Friedman zijn democratie en een strikt liberale economie twee zijden van dezelfde medaille. Het één is niet denkbaar zonder het ander. Ze veronderstellen elkaar.
Deze stellingname van de neoliberalen leidde er verder toe dat ze de socialistische en communistische ideologieën, die tenslotte een grote rol reserveerden voor de staat als planner van de nationale economie, vaak als inherent ondemocratisch en onderdrukkend beschouwde. Elke beknotting van de economische vrijheid is voor hen immers een inperking van de vrijheid op zich. Tegelijk met de opkomst van het idee dat radicaal vrije markten hand in hand gaan met democratie ontstond het idee dat democratie en socialisme, dat sociaal-democratie een contradictio in terminis is.
Naomi Klein heeft grote kritiek op beide bovenstaande redeneringen in haar nieuwe boek De shockdoctrine, De opkomst van rampenkapitalisme. Ze gaat zo ver dat ze deze officiële versie van de geschiedenis 'de meest geslaagde propagandacoup van de afgelopen dertig jaar' noemt. Klein heeft De shockdoctrine geschreven met de nadrukkelijke bedoeling de centrale stelling van de neoliberale ideologen, dat onbeteugelde vrije markten en democratie hand in hand gaan, te ontkrachten. Zij schrijft: 'ik (zal) laten zien dat deze fundamentalistische vorm van kapitalisme consequent door de meest brute vormen van dwang op de wereld is gezet...'
Er gaat een heel eenvoudige en doeltreffende redenering schuil achter Kleins claim dat het wereldwijd dominant worden van de puristische kapitalistische ideologie en praktijk met de meest brute vormen van dwang samengaat en waarom het dus niet democratisch is. Ze beargumenteert dat het pakket beleidsmaatregelen bestaande uit deregulering, privatisering en het snijden in de sociale voorzieningen, het ABC van de marktfundamentalisten, nu eenmaal uiterst impopulaire maatregelen zijn omdat de meerderheid van de bevolking er als gevolg daarvan op achteruit gaat. Omdat dit ongewilde hervormingen zijn, maken de neoliberale beleidsmakers keer op keer handig gebruik van momenten van sociale ontwrichting waarop andere dingen belangrijker lijken dan technisch-economische maatregelen. Zij exploiteren in feite natuurrampen, gewelddadige coups en economische crises; kortom momenten van shock (zo is Klein ook tot de keuze voor haar titel gekomen). Alleen op momenten van collectieve verwarring, op momenten dat democratie een praktische onmogelijkheid lijkt, kunnen de radicale kapitalisten hun, vaak clandestiene, plannen doordrukken.
Klein gaat nog een stap verder in haar boek. Net als de neoliberale ideologen vaak het communisme als inherent autoritair hebben afgeschilderd, zo vraagt Klein zich af in hoeverre deze radicale, puristische variant van het kapitalisme niet evengoed innig verbonden is met onderdrukking. Klein: 'De staatsgrepen, oorlogen en bloedbaden om regimes die het bedrijfsleven steunen in het zadel te helpen en te handhaven zijn nooit opgevat als kapitalistische misdaden, maar werden in plaats daarvan afgedaan als de excessen van fanatieke dictators, als hete fronten van de Koude Oorlog, en nu als de War on Terror.' Zij voegt daar aan toe: 'Als de meest toegewijde tegenstanders van het corporatistische economische model systematisch worden uitgeroeid (...), wordt die onderdrukking uitgelegd als deel van de 'vuile oorlog' tegen communisme en terrorisme - en bijna nooit als de strijd ten behoeve van de bevordering van zuiver kapitalisme.' In De shockdoctrine doet Klein dit wel. Hierdoor ontstaat een aantrekkelijke alternatieve geschiedenis van de laatste vijfendertig jaar, welke wordt geïnterpreteerd als de bewuste, systematische verspreiding van een nieuw economisch model, in feite een nieuwe fase binnen de expansiegeschiedenis van het kapitalisme. Nadat alle uithoeken van de wereld reeds gekoloniseerd zijn, is er nog slechts één domein over dat gewonnen kan worden door de radicale kapitalisten: de staat.
De 669 pagina's die de Nederlandse versie van haar boek rijk is, bestaat vooral uit een opeenstapeling van goed gedocumenteerde feiten ter onderbouwing van bovenstaande stellingen. Van Chili, Argentinië en Brazilië naar Groot-Brittannië, van Zuid-Afrika naar Rusland en China, en tenslotte via Irak en Sri Lanka naar de Verenigde Staten en Israël; overal waar de radicale, pure vorm van kapitalisme werd doorgevoerd werd handig gebruik gemaakt van momenten van collectieve shock. Coups, oorlogen en natuurgeweld zorgden voor deze momenten van sociale ontwrichting. Neoliberale economen zagen hun kans schoon en voerden radicale pakketten met vergaande beleidsmaatregelen door, waarbij steeds opnieuw ruimte gemaakt moest worden door de staat voor het bedrijfsleven. Steeds gebeurde dit in een ondemocratisch vacuÃm. Steeds ook, wanneer even later duidelijk was geworden wat er in de tussentijd was gebeurd, ontstond er breed verzet tegen de doorgevoerde maatregelen. Dit verzet werd vervolgens onderdrukt. Het leverde, alleen al in Zuid-Amerika, tien duizenden doden en 'verdwenen' activisten op. Landen die in de greep van de puristische kapitalisten kwamen, werden zo door drie vormen van shock getroffen, aldus Naomi Klein. Allereerst was er de shock van het natuurgeweld, de coup of de oorlog. Daarop volgde de economische shock die weer werd gevolgd door de shock van onderdrukking, laatstgenoemde niet zelden met gebruikmaking van marteling.
Met De shockdoctrine heeft Naomi Klein een uiterst goed leesbaar en evengoed onderbouwd boek geschreven dat voorgoed afrekent met de illusies van de neoliberale revolutie van de afgelopen vijfendertig jaar. Anders dan de voorstanders ervan beweren, gaan vrijheid en democratie niet hand in hand met de onbeteugelde vrije markt. In feite wordt deze vrije markt vaak doorgevoerd in een ondemocratisch moment en vervolgens met harde hand gehandhaafd. Dit heeft niets met democratie van doen. En, anders dan dat dit gebrek aan democratie moet worden toegeschreven aan toevallige factoren of afwijkingen van een in essentie goede bedoeling, laat Klein zien dat dit een wezenlijk onderdeel uitmaakt van deze neoliberale revolutie. Deze onderdrukking maakt een noodzakelijk onderdeel uit van 'de strijd ten behoeve van de bevordering van zuiver kapitalisme' om de eenvoudige reden dat het pakket maatregelen erg impopulair is.
Verder concludeert Klein dat de kritiek van de neoliberale theoretici van het eerste uur op het autoritaire communisme, dat met Stalin van een gezicht werd voorzien, net zo goed van toepassing is op de marktfundamentalisten zelf. De radicale hervormingen in naam van de vrije markt, die zo verbonden zijn met de naam Milton Friedman, zijn evengoed autoritair omdat net als verschillende maatregelen in de Sovjet-Unie onder Stalin, deze hervormingen nu erg ongewenst zijn. Zo is de cirkel rond. En, zo besluit Klein haar boek in het laatste hoofdstuk, net zoals het autoritaire communisme voorgoed is gedelegitimeerd door de schandalen in de Sovjet-Unie en elders, zo is ook de neoliberale vorm van het kapitalisme veel van het heilige vuur uit de jaren tachtig kwijtgeraakt doordat zij verwikkeld is geraakt met dictatoriale regimes en veelvuldig ondemocratische ruimtes heeft benut; kortom omdat zij zich baseerde op de verwarring van de shock.
Als de neoliberale revolutie achteraf niet als een intellectuele vrijheidsstrijd opgevat kan worden, zoals Naomi Klein overtuigend beargumenteert in De shockdoctrine, wat was het dan wel? Als de concrete praktijk van de neoliberale shocktherapie, als het 'reëel bestaande' radicale kapitalisme niet is geboren uit vrijheid, heeft het dan misschien wel die welvaart opgeleverd die Reagan en Thatcher in de jaren tachtig beloofden? Hierover is Klein duidelijk. Naast een enorme scheefgroei van de verdeling van de welvaart, die zo kenmerkend is voor de tijdperk van de globalisering, merkt ze op: 'Overal waar de kruistocht van de Chicago School triomfeerde, heeft hij een permanente onderklasse van 25 tot 60% van de bevolking gecreëerd.'
Oh, wacht, excuses, ik studeer dan wel economie, maar ik vergat natuurlijk dat er maar een absolute waarheid is en die weet Ryan3.quote:Op zaterdag 6 augustus 2011 19:18 schreef Ryan3 het volgende:
[..]
Er is geen verklaring voor de economische crisis?
Of is de crisis gewoon dat je genocide moet plegen en dan komt alles weer goed?
Ik weet niet wat jouw denkkader is hè, favoriete Fok!ker..
Flauwquote:Op vrijdag 5 augustus 2011 21:49 schreef Hexagon het volgende:
[..]
Arolsen als Breivik?
Die vent is al bang op de lokale kermis Vriendin loopt te drammen dat ik in een snelle kermisattractie moet
quote:Sri Lanka : quelle opposition populaire au néolibéralisme sur fond de conflit interne ?
par Sarath Fernando
Si les prix mondiaux de lalimentation ont augmenté de 40% en 2007, lenchérissement de la vie a été plus impressionnant encore au Sri Lanka. Les prix de produits essentiels tels que le riz, le pain et le lait ont doublé, voire même triplé. Limpact de ces augmentations est bien sûr plus douloureux pour les plus pauvres, pour ceux qui consacrent jusquà 80% de leur revenu à lalimentation. En conséquence, de plus en plus de Sri Lankais narrivent plus à se nourrir et à nourrir leurs enfants.
Crise sur fond de grande pauvreté
Daprès les critères internationaux, une personne est considérée comme pauvre lorsquelle gagne moins de 2 dollars par jour. Au Sri Lanka, le programme officiel de réduction de la pauvreté (le Mouvement Samurdhi) informe que 2,1 millions de familles gagnent moins de 1500 roupies par mois, soit moins dun demi dollar par jour. Cela correspond à un peu moins de la moitié de la population. La Banque centrale du Sri Lanka a récemment déclaré que la pauvreté avait diminué dans le pays. On ne voit cependant pas ce qui aurait pu causer une telle diminution, si ce nest peut-être largent envoyé par les travailleurs ayant migré au Moyen-Orient. Mais ces transferts ne compensent assurément pas les conséquences négatives de laugmentation du coût de la vie.
Les chiffres concernant le statut nutritionnel des pauvres parlent deux-mêmes. Daprès les statistiques gouvernementales, seule une moitié de la population reçoit la dose journalière minimale de 2030 calories. Le Programme alimentaire mondial (PAM) des Nations unies estime que le taux dinsuffisance pondérale de la population infantile du Sri Lanka est nettement supérieur à ce quil devrait être étant donné son revenu par habitant. LUnicef de son côté constate que 14% des enfants sri lankais de moins de cinq ans montrent des signes démaciation et de retard de croissance, tandis que 29% connaissent une insuffisance pondérale. Si le conflit interminable entre le gouvernement et les Tigres tamouls pèse sur la sécurité alimentaire, en particulier dans les zones de tension, ce sont les niveaux nutritionnels de lensemble du pays qui se détériorent suite à laugmentation des prix de lalimentation.
Attitude du gouvernement sri lankais
Le président sri lankais et le ministre de lagriculture ont lancé plusieurs programmes, tels que le « Lets grow and build the nation » (« Visons la croissance et construisons la nation ») pour renforcer la production nationale daliments par les petits paysans et avoir un certain contrôle des prix du riz, mais ces mesures sont à la fois limitées, inappropriées et mal mises en ½uvres. Elles ne répondent en tout cas pas au problème de fond, qui réside dans le fait que le gouvernement suit un modèle de croissance tournée vers lexportation depuis une trentaine dannées. Ce modèle néolibéral postule que la mondialisation doit permettre au pays d’accélérer sa croissance économique et que les retombées de cette croissance réduiront la pauvreté (théorie du « trickle down effect »). Mais dans les faits, la croissance a été faible, les pauvres n’en ont pas profité et les inégalités économiques et sociales ont augmenté.
Qui plus est, la guerre que le gouvernement mène dans le Nord du pays aspire près de deux milliards de dollars par an, des dépenses supportées par la population par le biais de l’augmentation du coût de l’essence, des transports, de l’électricité, de l’eau, etc. Et malgré cet énorme fardeau, les dépenses affectées aux grands projets d’infrastructure visant à faire avancer le modèle de croissance néolibéral – en offrant des incitants aux investisseurs – n’ont été ni réduites, ni reportées. Des dépenses que l’Etat effectue en levant des fonds sur les marchés internationaux à des taux d’intérêt élevés.
Réponses populaires
La résistance de la population contre ces politiques économiques « anti-pauvres » n’a pas cessé ces trente dernières années. C’est d’ailleurs en promettant une économie différente, plus « humaine », que ce dernier gouvernement a été élu.
Pour autant, les luttes contre les récentes flambées de prix n’ont pas eu d’ampleur. Plusieurs facteurs expliquent cette relative passivité de la population. Tout d’abord, la situation de guerre et les questions de sécurité personnelle sont au c½ur des préoccupations de la majorité. Les attentats à la bombe quotidiens n’épargnent pas la population civile, même en ville. Le gouvernement mène une campagne de propagande intensive pour convaincre que la victoire militaire contre les Tigres est imminente. Les échecs successifs des négociations entre les deux camps accréditent l’idée, au sein de la population, que la seule issue possible est la défaite militaire des rebelles séparatistes tamouls.
Ensuite, les gens ne sont pas convaincus par les actions de protestation lancées par le principal parti d’opposition, car ils savent qu’il a poursuivi les mêmes politiques lorsqu’il était au pouvoir. Les partis politiques orientés à gauche n’ont pas investi le thème des prix de l’alimentation avec suffisamment de vigueur. De son côté, le JVP [1] soutien le gouvernement dans ses efforts de guerre. Et les personnes les plus pauvres, les plus touchées par la hausse des prix, ont peu de ressources organisationnelles propres.
Ce sombre tableau est heureusement compensé par des lueurs plus positives en provenance du monde rural. En effet, on constate un mouvement grandissant dans les campagnes en faveur de l’agriculture écologique. Cette approche, portée par les organisations qui travaillent parmi les petits agriculteurs, est moins dépendante des intrants chimiques, améliore la fertilité du sol, l’efficacité dans l’usage de l’eau et le maintien de la biodiversité. Le gouvernement, qui a mis le soutien à la petite production paysanne au c½ur de sa stratégie de lutte contre la hausse des prix de l’alimentation, saura-t-il suivre le mouvement ?
Goed stuk. Wat ik mis in dit verhaal is dat de overheid weliswaar de regie moet hebben op publieke zaken, maar de uitvoering hiervan voor een belangrijk deel kan uitbesteden aan private partijen. Zo werken veiligheid en efficiëntie optimaal samen.quote:Op zaterdag 6 augustus 2011 10:45 schreef Ryan3 het volgende:
Hier een stuk (op punten samenvallend met OP) dat in mei 2011 op de site van de SP verscheen, waarin em. prof. Ankersmit, historicus, werd geïnterviewd:
[..]
Hier zijn betoog: http://www.sp.nl/nieuws/s(...)n-publiek-belang.pdf .
in theorie pretenderen "vrijheid" voor te staan en ook veel overheidsdwang in de praktijk in te voeren is normaal voor liberalismequote:Op zondag 7 augustus 2011 14:32 schreef sandemann het volgende:
blijkt dat die neoliberalen vaak helemaal niet zo liberaal zijn, maar nogal wat reguleren.
Overheidsregulering is altijd een gewoon rechtse bezigheid geweest.. ook van liberalen.quote:dan is dat zogenaamde neoliberalisme eigenlijk een hele rare combinatie van socialisme en liberalisme.
Zo interpreteer ik Rothbard niet helemaal. Hij stelt dat als banken beloven de tegoeden van hun klanten op aanvraag terstond in cash uit te betalen, dat ze die belofte niet kunnen waarmaken en dus bewust frauderen. Tegelijk streeft hij volgens mij het vrij bankieren na, waarin banken zelf bepalen hoeveel giraal geld ze scheppen. Daarvan geeft hij aan dat dergelijke girale geldschepping (FRB) in een volledig vrije markt maar een fractie zal zijn van de huidige situatie.quote:Op zaterdag 6 augustus 2011 20:04 schreef sneakypete het volgende:
[..]
Rothbard bedoelde dat private partijen dan muntstukken mogen maken van goud, maar dus niet dat ze giraal geld mochten scheppen vanuit het niets en dat aanbieden als krediet.
Daar is hij altijd enorm tegen geweest en het was dé reden dat hij de helft van zijn oevre in het teken stelde van de strijd tegen het centrale bankensysteem dat dit mogelijk maakte of in elk geval in stand hield.
Het liberalisme heeft altijd in theorie en in praktijk de overheid aangewezen als hoeder van de samenleving, ook betreffende het bedrijfsleven.quote:Op zondag 7 augustus 2011 14:51 schreef sandemann het volgende:
Strikt beschouwd is alle regulering van het bedrijfsleven, inclusief banken, sociaal en niet liberaal.
|
|
| Forum Opties | |
|---|---|
| Forumhop: | |
| Hop naar: | |