waar komt die tweede regel vandaan?quote:Op zondag 15 november 2009 20:59 schreef Burakius het volgende:
--> y ' * u(t) + 3y * u(t) = te^-3t * u(t)
--> u '(t) = 3y * u(t) --> u '(t)/u(t) = 3y
Vermenigvuldigd met een integratie factor...en daarna u'(t) vinden Die moet gelijk zijn met P(x)y ( van: dy/dx + P(x)y = Q(x) )quote:Op zondag 15 november 2009 21:09 schreef GlowMouse het volgende:
[..]
waar komt die tweede regel vandaan?
De DV die je moet oplossen is y ' + 3y = te-3t met als randvoorwaarde y(1) = 0. Dit is een lineaire inhomogene DV van de eerste orde. De algemene aanpak is dat je eerst de corresponderende homogene DV y' + 3y = 0 oplost en dan een particuliere oplossing vindt van de inhomogene DV. Voor dat laatste kun je gebruik maken van de methode van de onbepaalde constanten die ik hier al eens kort heb uiteengezet. De algemene oplossing van je inhomogene DV wordt dan gegeven door de som van de algemene oplossing van de homogene DV en de reeds gevonden particuliere oplossing. Tenslotte kun je dan bepalen welke oplossing(en) voldoet c.q. voldoen aan de gegeven randvoorwaarde(n).quote:Op zondag 15 november 2009 20:59 schreef Burakius het volgende:
Oke ik doe duidelijk iets verkeerds?
Find the solution of the given initial value problem:
y ' + 3y = t e^ -3t met y(1) = 0
[snip]
Ik.quote:Op zondag 15 november 2009 17:24 schreef cojonesm het volgende:
Functievoorschrift van een parabool opstellen. Gegeven is:
Symmetrie-as x=3
Punten op de grafiek
P(5,17) en Q(2,8)
Wie helpt me?
Wat wil je daarmee zeggen? Dat het wiskunde-onderwijs in België op een hoger plan staat en dat je er daarom (extra) moeite mee hebt?quote:PS: Ik woon in Nederland en zit in België op school.
Toch nog maar even reageren, omdat ik nu pas zie dat je voor het oplossen van een lineaire inhomogene dv van de eerste orde gebruik probeert te maken van de methode van de integrerende factor. De methode van de onbepaalde coëfficienten die ik je in de hierboven genoemde link aan de hand heb gedaan is hier uiteraard ook te gebruiken, aangezien het gaat om een lineaire dv met constante coëfficiënten, maar is voor een eerste orde dv wat omslachtiger.quote:Op zondag 15 november 2009 21:25 schreef Burakius het volgende:
Ik zie nu dat ik die y elke keer heb meegenomen. Als ik die niet meeneem, kom ik voor de rest van de rit helemaal uit. Nu nog even uitvogelen wat er nou precies bedoelt wordt met y(1) = 0 en wat ik er mee moet, maar dat zal ik even moeten lezen in je link. Thx!
Z=18=3x1 + 2x2quote:Maximize: Z=3x1 + 2x2
subject to:
x1 ≤ 4
2x2 ≤ 12
3x1 + 2x2 ≤18
en x1 ≥ 0 en x2 ≥ 0
Okee, bedankt.quote:Op maandag 16 november 2009 14:31 schreef Iblis het volgende:
In DIG loopt een Exceltopic, misschien word je daar net zo goed of zelfs beter geholpen. Ik raak Excel namelijk zelfs met handschoenen ook nog niet aan.
Je bedoelt p(t) = 3 (met kleine letter p). De coëfficiënt van y(t) in de standaardvorm y'(t) + p(t)∙y(t) = q(t) van je lineaire inhomogene dv y'(t) + 3∙y(t) = t∙e-3t is hier immers p(t) = 3.quote:Op maandag 16 november 2009 12:21 schreef Burakius het volgende:
Hey Riparius kan het ook op deze manier?:
(1) y '(t) + 3y(t) = te^-3t
Alles met integratiefactor vermenigvuldigen geeft:
(2) y '(t)*u(t) + 3y(t)*u(t) = te^-3t * u(t)
Daarna moet ik zoals jij aangaf (P(x)= 3):
Er zijn natuurlijk oneindig veel functies µ(t) die aan betrekking (3) voldoen, maar je hebt er maar één nodig. Je probleem ontstaat doordat je - onnodig - wil werken met een algemene vorm van µ(t) maar daar dan vervolgens weer niet consequent mee omgaat.quote:(3) u '(t) = 3 * u(t)
Dan wordt u(t) --> ln |u(t)| = 3t
(4)u(t) = +/- e^3t+c
Je moet wel consequent zijn in je notatie. Als je de haakjesnotatie gebruikt bij µ(t) (traditioneel met de Griekse letter µ, maar je mag van mij ook de Latijnse letter u gebruiken), dan moet je dat bij y(t) in dezelfde vergelijking ook doen. y is immers net zo goed een functie van t.quote:Dan vullen we die weer in als:
{u(t) y} ' = u(t)y' + u ' (t) y
Nee, hier gaat het fout. Je hebt gekozen voor µ(t) = e3t+c. Dat is overigens nog steeds niet de meest algemene vorm, omdat, zoals je bij (4) hebt gevonden, ook µ(t) = -e3t+c bruikbaar is, maar dat is het probleem niet. Wat je hier fout doet is dat je weliswaar het rechterlid van je vergelijking hebt vermenigvuldigd met µ(t) = e3t+c, maar dan moet je het linkerlid ook vermenigvuldigen met µ(t) = e3t+c, en dat heb je (impliciet) niet gedaan, want in (5) ga je er plotseling van uit dat je het linkerlid had vermenigvuldigd met µ(t) = e3t, en dan klopt je vergelijking niet meer. Wat je had moeten opschrijven voor (5) is dus:quote:(5) e^3t *y = te^-3t * e^3t+c
Nee, zoals uitgelegd ging het bij stap (5) al mis omdat je het jezelf onnodig moeilijk had gemaakt. Verder moet je natuurlijk niet y = 1 invullen, want de gegeven randvoorwaarde was immers y(1) = 0. Hier zie je ook hoe nuttig het is om consequent met de haakjesnotatie te werken, dan kunnen dit soort begripsverwarringen niet optreden. Je moest invullen t = 1 en dus ook y(t) = y(1) = 0.quote:(6) y = (te^-3t * e^3t+c)/ e^3t
Nu weet ik niet meer goed wat ik moet doen (gewoon die y =1 invullen, maar ik kan (6) eerst vereenvoudigen lijkt me?
Maar heb ik het tot stap (6) goed op deze manier?
Nee. Maar je hebt wel eerst een onnodige constante c geïntroduceerd, daar niet consequent mee gewerkt, en tenslotte bij je integratie in stap (5) de wel benodigde constante in het rechterlid weer helemaal vergeten toe te voegen. Je hebt nog een hoop werk te doen, denk ik zo.quote:edit MIS IK TUSSEN STAP 5 en STAP 6 een INTEGRATIE? ? (als ik zo even in mijn boek kijk)
niet zonder meerquote:Op maandag 16 november 2009 18:58 schreef Brons_Juweel het volgende:
xgem=4.715
m=4.100
SD= 2.2421
Ik zou ik deze gegevens kunnen logtransformeren?
Ja. a + a = 2a. (En uiteraard is vermenigvuldiging op de reële getallen commutatief, dus a·b = b·a).quote:Op dinsdag 17 november 2009 10:22 schreef GoodGawd het volgende:
(sin t cos t)2 = sin2 t+sin t cos t + cos t sin t + cos2t
Dikgedrukte is gelijk aan: 2 sin t cos t?
standaarddeviatiequote:Op dinsdag 17 november 2009 11:18 schreef mezzy het volgende:
Hoe deed je dat ook al weer op een rekenmachine (CASIO)? Ik kan zo even niet snel een rekenopgave vinden, ik zou het zeer op prijs stellen als iemand het me kan uitleggen aan de hand van een voorbeeld..
handig om te vermelden dat je de standaarddeviatie wilde wetenquote:Op dinsdag 17 november 2009 11:37 schreef mezzy het volgende:
Hoe deed je dat ook al weer op een rekenmachine (CASIO)? Ik kan zo even niet snel een rekenopgave vinden, ik zou het zeer op prijs stellen als iemand het me kan uitleggen aan de hand van een voorbeeld..
quote:Op dinsdag 17 november 2009 11:38 schreef motorbloempje het volgende:
[..]
handig om te vermelden dat je de standaarddeviatie wilde weten![]()
Ja wat een ramp hè, ik sla die som op de toets wel overquote:Op dinsdag 17 november 2009 17:25 schreef Iblis het volgende:
Als het m.b.v. de definitie moet heb je al snel zulke grappen.
Ach, het is wel wat werk, maar het vereist weinig inzicht. Dus op zich is het makkelijk punten scoren.quote:Op dinsdag 17 november 2009 17:28 schreef GoodGawd het volgende:
[..]
Ja wat een ramp hè, ik sla die som op de toets wel over
Als hij met die ongein gaat komen. Ik verwacht het eigenlijk niet.
Ik denk dat je een plusteken bent vergeten. Voor 2∙sin t∙cos t kun je trouwens sin 2t schrijven. Dus krijg je:quote:Op dinsdag 17 november 2009 10:22 schreef GoodGawd het volgende:
(sin t cos t)2 = sin2 t+sin t cos t + cos t sin t + cos2t
Dikgedrukte is gelijk aan: 2 sin t cos t?
Ye, ik moest gewoon even op dat formule blad kijken >_>;quote:Op dinsdag 17 november 2009 17:42 schreef Riparius het volgende:
[..]
Ik denk dat je een plusteken bent vergeten. Voor 2∙sin t∙cos t kun je trouwens sin 2t schrijven. Dus krijg je:
(cos t + sin t)2 = 1 + sin 2t
Waarom? Zulke dingen moet je gewoon uit het blote hoofd weten (gangbare goniometrische identiteiten).quote:Op dinsdag 17 november 2009 17:48 schreef GoodGawd het volgende:
[..]
Ye, ik moest gewoon even op dat formule blad kijken >_>;
Begrijp je wel dat a-p (voor a ongelijk aan 0) hetzelfde is als 1/ap ?quote:Op dinsdag 17 november 2009 18:05 schreef petrelli het volgende:
http://www.math4all.nl/MathAdore/hb-b34-ex2b.html
Dan bij de n'= blabla gaatie opeens over naar een breuk, ik snap die stap niet.
Lineair wel, maar nu met die 2 variabelen is het toch iets anders of zie ik iets over het hoofd?quote:Op dinsdag 17 november 2009 19:22 schreef thabit het volgende:
Waarschijnlijk weet je niet hoe je een lineair stelsel vergelijkingen moet oplossen.
Wiskunde is het niet waard zulke dingen te onthouden. Steek me tijd liever in interessantere vakkenquote:Op dinsdag 17 november 2009 17:50 schreef Riparius het volgende:
[..]
Waarom? Zulke dingen moet je gewoon uit het blote hoofd weten (gangbare goniometrische identiteiten).
Dan begin ik me toch af te vragen waarom je voor een studie hebt gekozen waarbij kennelijk toch aardig wat wiskunde komt kijken. Je krijgt die wiskunde niet voor niets, die zul je later voor dat vak gewoon nodig hebben.quote:Op dinsdag 17 november 2009 19:38 schreef GoodGawd het volgende:
[..]
Wiskunde is het niet waard zulke dingen te onthouden. Steek me tijd liever in interessantere vakken
Nee, gewoon 2xfunctie1 - functie twee zodat je X krijgt. Dan x in de eerste formule proppen en y uitrekenen. Dan krijg je x=5 en y =8.quote:Op dinsdag 17 november 2009 19:26 schreef petrelli het volgende:
[..]
Lineair wel, maar nu met die 2 variabelen is het toch iets anders of zie ik iets over het hoofd?
Een stelsel vergelijkingen kan toch ook lineair zijn? En het stelsel dat je moet oplossen is inderdaad lineair. Vermenigvuldig bijvoorbeeld beide leden van de tweede vergelijking met 2 en trek daarna de leden van de tweede vergelijking af van de leden van de eerste vergelijking. Moet je eens kijken wat je dan overhoudt ...quote:Op dinsdag 17 november 2009 19:26 schreef petrelli het volgende:
[..]
Lineair wel, maar nu met die 2 variabelen is het toch iets anders of zie ik iets over het hoofd?
Wiskunde kan heel handig zijn ja, met m'n vakken zoals mechanica en meet en regeltechniek, electrotechniek etc. Maar dat Laplace geneuzel en zoveelste orde differentiaal vergelijkingen heb ik nog nul keer hoeven toepassen. Dat maakt het vak wiskunde er nou niet bepaald leuker van. En ik acht de kans klein dat ik het ooit nog zal gebruiken. Zo ja dan ben ik het toch al weer vergetenquote:Op dinsdag 17 november 2009 20:05 schreef Riparius het volgende:
[..]
Dan begin ik me toch af te vragen waarom je voor een studie hebt gekozen waarbij kennelijk toch aardig wat wiskunde komt kijken. Je krijgt die wiskunde niet voor niets, die zul je later voor dat vak gewoon nodig hebben.
Vorig jaar had ik na 2 hoor colleges zoiets iets van ja right dit gaat nergens meer overquote:Op dinsdag 17 november 2009 21:53 schreef Burakius het volgende:
Argh ik krijg nu Laplace. En ja soms vraag ik me ook af waarom ik het moet doen voor mijn latere carriere
SPOILEROm spoilers te kunnen lezen moet je zijn ingelogd. Je moet je daarvoor eerst gratis Registreren. Ook kun je spoilers niet lezen als je een ban hebt.Blues ain't nothing but a good man feeling bad...
quote:Op dinsdag 17 november 2009 23:14 schreef GoodGawd het volgende:
[..]
Vorig jaar had ik na 2 hoor colleges zoiets iets van ja right dit gaat nergens meer overBen er niet meer heen geweest en had ook geen poging @ tentamen gedaan. Maar wat meer tijd aan andere vakken besteed. Maargoed ik moet het toch nog even halen, gelukkig heb ik dit jaar vrij weinig te doen
Dat noem ik nog eens efficient verdelen.
Ja maar ik heb een HARDE KNIPSPOILEROm spoilers te kunnen lezen moet je zijn ingelogd. Je moet je daarvoor eerst gratis Registreren. Ook kun je spoilers niet lezen als je een ban hebt.![]()
![]()
![]()
![]()
![]()
In fact, recent observations and simulations have suggested that a network of cosmic strings stretches across the entire universe.
Dit is (in decimale vorm) een repeterende breuk. Daar heb je toch hopelijk wel eens van gehoord?quote:Op woensdag 18 november 2009 14:36 schreef phpmystyle het volgende:
Heb even een vraag die waarschijnlijk voor jullie wel makkelijk zijn maar ik kom er even niet uit.
3
-
7
Die moet ik opschrijven als decimaal getal. Maar hoe krijg ik die noemer tot een rationeel getal? Om zodoende de drie te vermenigvuldigen?
Dat kreeg ik ook op het vmbo-basisquote:Op woensdag 18 november 2009 15:28 schreef Skylark. het volgende:
Ik heb een vraagje. Als ik hypothesis test, hoe weet ik dan welke kant het pijltje (> en <) opstaat bij de Rejection Region?
Bijvoorbeeld, is er een regel dat als ik H0: B1 >= 0 en H1: B1<0 is dat bij de Rejection Region het pijltje altijd zo staat als de H1?
Leg het me dan eens uit.quote:Op woensdag 18 november 2009 15:49 schreef phpmystyle het volgende:
[..]
Dat kreeg ik ook op het vmbo-basis
Of bedoelde hoe je nu kunt weten dat 3/7 = 0.42857.... ?quote:Op woensdag 18 november 2009 15:39 schreef Riparius het volgende:
[..]
Dit is (in decimale vorm) een repeterende breuk. Daar heb je toch hopelijk wel eens van gehoord?
Keer dat keer dat, uitkomsten valideren, breuk van maken, wortel eruit halen, keer pie. Simpel toch.quote:
Je bedoelt het groene gebied?quote:Op woensdag 18 november 2009 15:28 schreef Skylark. het volgende:
Ik heb een vraagje. Als ik hypothesis test, hoe weet ik dan welke kant het pijltje (> en <) opstaat bij de Rejection Region?
Bijvoorbeeld, is er een regel dat als ik H0: B1 >= 0 en H1: B1<0 is dat bij de Rejection Region het pijltje altijd zo staat als de H1?
Ja ik snap wel hoe ik de t/F/z-waarde moet berekenen, maar ik twijfel dan altijd welke kant de pijltjes op moeten staan. Vooral bij 1-sided hypotheses.quote:Op woensdag 18 november 2009 15:56 schreef Siddartha het volgende:
[..]
Je bedoelt het groene gebied?
[ afbeelding ]
Dus rejection gebied x is Z(a/2) < x < -Z(a/2)
Dan is het logisch dat als H1 >0, je rejection gebied x > Z(a/2)
En H1<0, x< -Z(a/2)
Of was dat je vraag niet?
Bij het bepalen van H1 ? Daar kan ik me namelijk van herrineren dat mensen er moeite mee hadden.quote:Op woensdag 18 november 2009 16:03 schreef Skylark. het volgende:
[..]
Ja ik snap wel hoe ik de t/F/z-waarde moet berekenen, maar ik twijfel dan altijd welke kant de pijltjes op moeten staan. Vooral bij 1-sided hypotheses.
Nee, bij het bepalen van de Rejection Region. Ik heb dan in de tabel gekeken en dan heb ik bijvoorbeeld waarde 1.949.quote:Op woensdag 18 november 2009 16:05 schreef Siddartha het volgende:
[..]
Bij het bepalen van H1 ? Daar kan ik me namelijk van herrineren dat mensen er moeite mee hadden.
Oftewel, over welke pijltjes heb je het nou precies?
Ah, nu weet ik waar je het over hebt.quote:Op woensdag 18 november 2009 16:08 schreef Skylark. het volgende:
[..]
Nee, bij het bepalen van de Rejection Region. Ik heb dan in de tabel gekeken en dan heb ik bijvoorbeeld waarde 1.949.
Dan weet ik niet of ik H0 reject als het > 1.949 is of < 1.949 of misschien wel >= 1.949
En als het dan zeg maar eentje is waarbij H0: B1+B2+B3=0 en H1: B1,B2,B3 =/ 0?quote:Op woensdag 18 november 2009 16:16 schreef Siddartha het volgende:
[..]
Ah, nu weet ik waar je het over hebt.
Wat je moet doen is je de grafiek voorstellen. H0 is het middelpunt.
Dan heb je H1 gegeven*, dus groter of kleiner dan H0.
Dan heb je nog het waarnemingsgetal.
Je wilt dus weten of het wel mogelijk is dat je zo'n waarnemingsgetal krijgt ( hoe groot de kans daarop is).
Die kans zoek je op, en kijkt wat de waarde is.
Bij H1>0 moet die waarde groter zijn dan de alpha waarde.
Bij H1<0 moet die waarde kleiner zijn dan de alpha waarde.
En als 1 van die dingen geldt, dan verwerp je H0.
Oftewel, valt het waarnemingsgetal binnen het groene gebied: Dan heb je een 'onmogelijke' waarneming gezien en verwerp je dus H0.
* stel je hebt H1 niet gegeven, dan kun je die in een som meestal heel handig zelf bepalen: Is het waarnemingsgetal kleiner dan H0, dan is het dus logisch H1<0, en andersom. Dit geldt bij een eenzijdige-toets. Bij two-sided niet, maar daar heb je dan ook geen probleem.
Ik weet niet precies wat je bedoelt daarmee, maar het zal niks uitmaken qua gebied.quote:Op woensdag 18 november 2009 16:19 schreef Skylark. het volgende:
[..]
En als het dan zeg maar eentje is waarbij H0: B1+B2+B3=0 en H1: B1,B2,B3 =/ 0?
Dat kan niet, vul maar een willekeurige x in.quote:Op woensdag 18 november 2009 17:31 schreef Skylark. het volgende:
Is dat niet gewoon 2x² - x + 4? Of zeg ik nou iets doms?
Er staat toch geen '= 0' achter of wel?quote:Op woensdag 18 november 2009 17:35 schreef Siddartha het volgende:
[..]
Dat kan niet, vul maar een willekeurige x in.
Je bepaalt eerst de nulpunten van de polynomen in teller en noemer. Dan zie je dat beiden een wortel x = 3/2 hebben, en aangezien de coëfficiënten van x2 van beide polynomen een tweevoud zijn, betekent dit dat teller en noemer een factor (2x - 3) gemeenschappelijk hebben. De breuk laat zich dus inderdaad vereenvoudigen. Je kunt de teller schrijven als (2x - 3)(2x + 4) en de noemer als (2x - 3)(x + 1).quote:Op woensdag 18 november 2009 17:25 schreef Siddartha het volgende:
[..]
Ik weet niet precies wat je bedoelt daarmee, maar het zal niks uitmaken qua gebied.
Ik heb zelf ook een vraag:
Hoe kan ik de volgende breuk vereenvoudigen:
[ afbeelding ]
Ik kwam zelf uit op 2x-5/ x-2
Maar dat kan niet.
Je notatie is wat onduidelijk, maar ik neem aan dat je (3n + 2)/5n bedoelt? Gebruik superscript voor exponenten. Je kunt dit ook schrijven als:quote:Op woensdag 18 november 2009 19:24 schreef Burakius het volgende:
Moet determineren of deze reeks convergeert of divergeert:
(3^n+2 )/ 5^n
En als deze convergeert vind de limiet. Ik kom er bij deze niet uit, waar ik bij de andere sommen mooi uit de voeten kan komen met delen door de hoogste macht of andere truucjes. Als ik deze meteen invul zie ik eigenlijk al:
3^oneindig / 5^oneindig = een getal , maar goed ik moet zeker iets doen kom er niet uit.
Elementaire rekenregels voor machten gebruiken. Die 3n+1 in de noemer is gelijk aan het product van 31 = 3 en 3n.quote:
Verder heb ik wel een andere som die er op lijkt, maar waar ik niet begrijp welke stappen zijn ondernomen:
an = 2^n / 3^(n+1) = 1/3 (2/3) ^n. Die 1/3 halen ze eruit waardoor je krijgt
--> 1/3 lim n-> oneindig (2/3)^n = 1/3 * 0 = 0 convergeert. Maar die eerste stap kan ik maar niet begrijpen. Help me brontosaurussen
Ik bedoel 3n+2/5nquote:Op woensdag 18 november 2009 19:39 schreef Riparius het volgende:
[..]
Je notatie is wat onduidelijk, maar ik neem aan dat je (3n + 2)/5n bedoelt? Gebruik superscript voor exponenten. Je kunt dit ook schrijven als:
(3/5)n + 2/5n
Nu is het niet moeilijk meer om de limiet voor n → ∞ te bepalen.
[..]
Elementaire rekenregels voor machten gebruiken. Die 3n+1 in de noemer is gelijk aan het product van 31 = 3 en 3n.
OK. In dat geval bedenk je dat 3n+2 in de teller gelijk is aan het product van 3n en 32 = 9. Dus geldt:quote:
NICE! Je bent een echte brontosaurus! Vaak willen ze ook de squeeze theorem gebruiken( bijvoorbeeld bijquote:Op woensdag 18 november 2009 19:45 schreef Riparius het volgende:
[..]
OK. In dat geval bedenk je dat 3n+2 in de teller gelijk is aan het product van 3n en 32 = 9. Dus geldt:
3n+2/5n = 9∙(3/5)n
Je bewijs via (volledige) inductie bestaat uit twee stappen. Eerst bewijs je dat de bewering juist is voor n = 1 (dit is triviaal, waarom eigenlijk?), en vervolgens bewijs je dat de bewering juist is voor n=k+1 áls de bewering juist is voor n=k. Je verkrijgt (1+x)k+1 door (1+x)k met (1+x) te vermenigvuldigen, maar als je het linkerlid van je ongelijkheid met (1+x) vermenigvuldigt, dan moet je dat rechts ook doen. En begrijp je ook waarom x groter dan -1 moet zijn?quote:Op woensdag 18 november 2009 19:49 schreef Siddartha het volgende:
Hoe kun je met behulp van inductie bewijzen dat voor
x> -1, voor elke natuurlijke n geldt:
[ afbeelding ]
Ik heb een 'uitwerking' hier liggen, maar word er niet echt wijs uit.
Voor P(k+1) aan de linkerkant snap ik het nog wel, maar rechts krijgen ze dit:
[ afbeelding ]
Ps: dit is Bernouilli's inequality.
Daar zijn geen algemene regels voor te geven, en er bestaan nog veel meer convergentiecriteria voor rijen (en voor reeksen). Maar aangezien (cos n)2 niet convergeert vanwege de periodiciteit van de cosinusfunctie, terwijl je wel kunt zeggen dat geldt 0 ≤ (cos n)2 ≤ 1 ligt het gebruik van de insluitstelling (c.q. een majorante rij die naar 0 convergeert) hier wel voor de hand.quote:Op woensdag 18 november 2009 19:55 schreef Burakius het volgende:
[..]
NICE! Je bent een echte brontosaurus! Vaak willen ze ook de squeeze theorem gebruiken( bijvoorbeeld bij
an = (cos n)2 / 2n
Hoe kan ik nou makkelijk zien wanneer wat toe te passen?
Ik snap de redenering niet dat je het ook rechts met (x+1) moet vermenigvuldigen. Het enige dat je doet is in beide vergelijkingen K+1 invullen, niet 'willekeurig' vermenigvuldigen. Anders heb je stap 2 immers niet nodig:quote:Op woensdag 18 november 2009 20:01 schreef Riparius het volgende:
[..]
Je bewijs via (volledige) inductie bestaat uit twee stappen. Eerst bewijs je dat de bewering juist is voor n = 1 (dit is triviaal, waarom eigenlijk?), en vervolgens bewijs je dat de bewering juist is voor n=k+1 áls de bewering juist is voor n=k. Je verkrijgt (1+x)k+1 door (1+x)k met (1+x) te vermenigvuldigen, maar als je het linkerlid van je ongelijkheid met (1+x) vermenigvuldigt, dan moet je dat rechts ook doen. En begrijp je ook waarom x groter dan -1 moet zijn?
Nee, zo werkt het bewijs niet. Je gaat ervan uit dat de bewering juist is voor een gegeven n=k, dus ga je ervan uit dat geldt:quote:Op woensdag 18 november 2009 20:11 schreef Siddartha het volgende:
[..]
Ik snap de redenering niet dat je het ook rechts met (x+1) moet vermenigvuldigen. Het enige dat je doet is in beide vergelijkingen K+1 invullen, niet 'willekeurig' vermenigvuldigen. Anders heb je stap 2 immers niet nodig:
als
5> 2
dan is
5x3> 2x3
(beide vermenigvuldigt met hetzelfde)
En dat slaat natuurlijk nergens op.
Maar waar blijft dan de k+1 ?quote:Op woensdag 18 november 2009 20:21 schreef Riparius het volgende:
[..]
Nee, zo werkt het bewijs niet. Je gaat ervan uit dat de bewering juist is voor een gegeven n=k, dus ga je ervan uit dat geldt:
(1) (1 + x)k ≥ 1 + kx
Nu moeten we, uitgaande van deze bewering dus, aantonen dat de ongelijkheid ook geldig is voor n=k+1. De ongelijkheid blijft geldig als we beide leden met eenzelfde positieve (!) factor vermenigvuldigen. We vermenigvuldigen nu beide leden met (1 + x) en krijgen dan:
(2) (1 + x)k+1 ≥ (1 + kx)(1 + x)
Werk nu het rechterlid van deze ongelijkheid eens uit en bedenk hoe je dan verder kunt gaan.
Nee, je mist het punt. Mijn ongelijkheid (2) is niet het eindpunt van het bewijs maar een tussenstap.quote:Op woensdag 18 november 2009 20:24 schreef Siddartha het volgende:
[..]
Maar waar blijft dan de k+1 ?
Ja in het linkerlid, maar die moet je ook in het rechterlid invoeren.
Ze komen aan die (x+1) omdat:
(1+x)^(K+1) gelijk is aan (1+x)^k x (1+x)
Niet omdat ze willekeurig daarmee vermenigvuldigen....
Ik weet dat
(1 + x)k+1 ≥ (1 + kx)(1 + x)
Er uiteindelijk moet komen te staan, en waarom dat het bewijs is. Dat is het punt niet. Alleen hoe ze tot daar komen.
quote:Op woensdag 18 november 2009 21:00 schreef Riparius het volgende:
[..]
Nee, je mist het punt. Mijn ongelijkheid (2) is niet het eindpunt van het bewijs maar een tussenstap.
Je gaat ervan uit dat de bewering juist is voor een gegeven n = k, dus
(1) (1 + x)k ≥ 1 + kx
Vermenigvuldiging van beide leden van deze ongelijkheid met (1 + x) levert, mits x > -1, dan op dat ook moet gelden:
(2) (1 + x)k+1 ≥ (1 + kx)(1 +x)
Hiervoor is ook te schrijven:
(3) (1 + x)k+1 ≥ 1 + (k+1)x + kx2
Maar nu is k een natuurlijk getal, en x2 is zeker niet negatief, dus geldt ook:
(4) kx2 ≥ 0
En dus kunnen we zeggen dat voor het rechterlid van (3) geldt:
(5) 1 + (k+1)x + kx2 ≥ 1 + (k+1)x
Maar uit de ongelijkheden (3) en (5) volgt nu:
(6) (1 + x)k+1 ≥ 1 + (k+1)x
En dit laatste betekent niets anders dan dat de uitspraak geldt voor n = k +1. Aangezien (6) een consequentie is van (1), hebben we zo dus bewezen dat de ongelijkheid geldt voor n = k + 1 áls deze geldt voor n = k. Samen met de juistheid van de uitspraak voor n = 1 is het bewijs met volledige inductie daarmee compleet.
Met een beetje invullen bewijs je niets. Je kunt niet zomaar ervan uitgaan dat een uitspraak waar is voor n=k, dan overal k vervangen door k+1 en vervolgens roepen, hé moet je kijken, hij doet het ook met k+1, want dan ben je nog steeds niet verder dan je oorspronkelijke aanname, maar nu met k+1 in plaats van k, meer niet. Je moet echt laten zien dat de juistheid van de uitspraak voor n=k+1 volgt uit de juistheid van de uitspraak voor n=k.quote:Op woensdag 18 november 2009 21:08 schreef Siddartha het volgende:
[..]
Voor de moeite
Mijn probleem ligt denk ik bij de manier van bewijzen: Inductie.
Als k waar is, dan moet ook k+1 waar zijn. Dat snap ik.
Maar ik verwacht dan dat ze voor n/de variable dan bij P(k+1) die
k+1 voor de formule invoeren ( en niet zoals in dit bewijs gewoon vermenigvuldingen?)
Misschien moet ik dus eerst vragen hoe inductie nou precies werkt?
Hoe je het kan bewijzen.
Het is pie niet pi.quote:Op woensdag 18 november 2009 15:56 schreef phpmystyle het volgende:
[..]
Keer dat keer dat, uitkomsten valideren, breuk van maken, wortel eruit halen, keer pie. Simpel toch.
quote:Op woensdag 18 november 2009 15:39 schreef Riparius het volgende:
[..]
Dit is (in decimale vorm) een repeterende breuk. Daar heb je toch hopelijk wel eens van gehoord?
quote:Op woensdag 18 november 2009 15:49 schreef Siddartha het volgende:
[..]
Of bedoelde hoe je nu kunt weten dat 3/7 = 0.42857.... ?
Even kijken of ik het nu wel begrijp:quote:Op woensdag 18 november 2009 22:19 schreef Riparius het volgende:
[..]
Met een beetje invullen bewijs je niets. Je kunt niet zomaar ervan uitgaan dat een uitspraak waar is voor n=k, dan overal k vervangen door k+1 en vervolgens roepen, hé moet je kijken, hij doet het ook met k+1, want dan ben je nog steeds niet verder dan je oorspronkelijke aanname, maar nu met k+1 in plaats van k, meer niet. Je moet echt laten zien dat de juistheid van de uitspraak voor n=k+1 volgt uit de juistheid van de uitspraak voor n=k.
en dat is wat je nu wel doet.quote:Je kunt niet zomaar ervan uitgaan dat een uitspraak waar is voor n=k, dan overal k vervangen door k+1
Dus ik had beide kanten gewoon met 2 moeten vermenigvuldigen, rechterkant uitwerken?quote:Op donderdag 19 november 2009 11:37 schreef GlowMouse het volgende:
[..]
en dat is wat je nu wel doet.
Maar dat doe ik toch?quote:Op donderdag 19 november 2009 11:46 schreef GlowMouse het volgende:
Je wilt laten zien dat [ afbeelding ]
Je weet
[ afbeelding ]
en hier kun je je inductieaanname gebruiken, namelijk dat
[ afbeelding ]
het truukje is om met één kant te beginnen, en dan net zolang om te schrijven tot je op de rechterkant uitkomt, daarbij ergens de inductieaanname gebruikend.
| Forum Opties | |
|---|---|
| Forumhop: | |
| Hop naar: | |