Nico Dijkshoorn kijkt ‘B&B vol liefde’ 2026:TIMOTHY
TV-kijkers zijn niet gek. Iedereen die al wat langer B&B vol liefde kijkt weet precies hoe het werkt. De cameraploeg vertrekt na een dag filmen naar het budgethotel, waarna Timothy en Michaël - de man die als eerste aankwam - afspreken dat Timothy nog even zeven weken zijn mobiele snackhut promoot, dat hij ondertussen wat andere liefdeszoekers giechelend beledigt en dat ze daarna gewoon doen alsof iedereen een eerlijke kans heeft gekregen.
Een van de mannen die een volkomen zinloze reis naar Ibiza maakt, is Wadie, een communicatieadviseur en PR-manager. Nooit eerder hoorde ik een communicatieadviseur zo wollig praten. Alsof er een bos verwelkte rode rozen tegen je aan zit te babbelen.
Alles is drama, errruuggg, groots en meeslepend. Over een snel terloops contact met een andere man - Timothy trok ondertussen met zijn blote handen een frietkraam over een plein - zei Wadie ongeveer het volgende: ‘Ik werd een soort approached door een een guy die mij totally beoordeelde op mijn outside en mind you, hij penetreerde zich heel diep in mijn personal space.’
Ik zou Wadie graag eens live aan het werk willen zien als communicatieadviseur tijdens het organiseren van een motorcross-weekend in Hoenderloo. ‘Ik feel een soort van heel masculiene horsepower die mij een kind of overwhelmt op een hele onder de riem achtige manier.’
Al kansloos toen hij aankwam. Ik vind dat lastig kijken. Die arme jongen. Hij is in a kind of way verliefd op een soort van nasty lazy frietboer met geld.
NISHA TARA
Heb ik een vreemd gevoel bij. Op zich is zij samen met Lieske het ultieme B&B vol liefde koppel. Mijn hart sloeg op hol toen zij zich met zijn tweeën dwars door het struikgewas een weg baanden naar een verroeste auto die in twintig jaar volledig was overwoekerd met takken en struiken. Spannend toen het dashboardkastje open ging. Er kwam iets uit te voorschijn wat je wel ongeveer verwachtte in die hippietuin vol speelgoed voor volwassenen. Een hasjpijpje.
Ik zelf hoopte ontzettend op iets verwarrends. Een afgeschoren snor van haar vader met een briefje erbij of anders een beha gevuld met gedroogd varkensgehakt. Ik had het gewoon iets kunstzinniger verwacht.
Het werd allemaal wel heel erg zoet en weeïg fysiek tijdens het naderende afscheid van Lieske. Zij moest naar haar kind. Als foetussen lagen ze samen op een trampoline, ze voelden aan elkaars haar etc. Steeds dacht ik: ja fijn allemaal, de liefde is schitterend, maar toch veel minder spontaan als er een drone stationair boven je hoofd zoemt.
Een regelrechte schoffering van de kijker vond ik de scène waarin Nisha Tara, na het het vertrek van Lieske, de logeerkamer van Lieske betrad en de achtergelaten liefdesbrief vond. Dat is natuurlijk als volgt gegaan: het hele camerateam en geluidsman dat logeerkamertje in. Daarna heeft iemand ‘Ja, kom maar, camera loopt’ geroepen en wie komt daar binnen? Nisha Tara die doet alsof ze de cameraploeg niet opmerkt en de achtergelaten brief voor het eerst ziet.
Het klinkt allemaal wat hard en rechtlijnig, maar ik vind dat daar een grens werd overschreden. Kijkers zijn niet gek. Nisha Tara had daar kunnen zeggen: jongens, daar doe ik niet aan mee. Geen toneelstukjes voor imbecielen. Dat zei ze echter niet. Nu behandelden ze de kijkers als wilsonbekwamen.
Trouwens, voor mensen zoals ik, bijna kaal, was dit haar-technisch een uitermate intimiderend koppel. Nog nooit twee mensen zoveel met de vingers door elkaars haar zien harken.
CAROLINE
Zij kreeg de volgende potentiële hondenverzorger en wasrek-reparateur over de vloer. Kees bleek doof, net als haar honden die rusteloos strompelend met hun blauwe anus recht in de camera haar gazon blijven bemesten.
Kees zijn doofheid leverde een soort van Mounties en André van Duin achtige lol op. Hij zwierf verloren door een straat terwijl Arie en Caroline over hem spraken alsof hij een verdwaald kuikentje was. ‘Kijk dan, geen idee waar hij is, kijk, kijk, gaat-ie weer. Nee, hou maar op met schreeuwen. Hij hoort ons niet.’
Caroline wist toch nog een complimentje diep uit haar lichaam te vissen. ‘Kleiner en magerder dan ik dacht, maar goed... wel het beste gebit.’
PAUL
Hij ontving Marjo. Ze kwam uit Limburg. En ja hoor, daar was de voice-over alweer. Marjo was een bourgondiër, iemand die hield van het leven. Een genieter, omdat ze 200 km zuidelijker werd geboren dan iemand uit Noord-Holland.
Ik word daar een beetje moe van, dat geleuter over Brabanders en Limburgers die niets anders doen dan feestend het leven omarmen. Dat beeld wordt steeds geschetst. Iedere Brabander loopt met een lekkere Franse harde worst en een kaasplank onder zijn arm over straat. Ach wat vallen ze in het zuiden prachtig aan op het leven! En ze kleden zich ook zo bourgondisch. Limburgers dragen schoenen die vanzelf naar geluk en geroosterde varkens lopen.
Ik kijk al seizoenen lang naar de The real housewives van het zuiden en dat is één grote gore poel van achterklap, ellende, lusteloos paard rijden en elkaar met een zachte G helemaal verrot schelden.
Marjo lijkt anders in elkaar te zitten. Ze draagt fascinerende kleren, die mij sterk doen denken aan de pakjes die werden gedragen in de serie Star trek. Het zou weleens wat kunnen worden tussen Paul en Marjo.
IRIS
Haar zoektocht naar liefde ontroert mij. Een kind verloren, man verdwenen en dan weken lang vreemde snuiters je terrein op zien komen rijden. In alles wat zij doet, bouwt ze afstand. De mannen slapen in tenten en mogen bij hoge uitzondering haar atelier betreden. Ik vind het hartverscheurend. Iris lijkt de klassieke B&B vol liefde-deelneemster die zich op aanraden van haar vriendinnen heeft opgegeven.
Met alle gevolgen van dien. Deze week nam Jiry, een vriendelijke angstaanjagend aantrekkelijke man haar mee achter op de motor. Ook dat ontroerde. Er bestaat niets intiemer en romantischer dan je achterop het zadel vastklemmen aan iemand die motorrijdt. Op een fiets kan het ook. Ik voel nog de armen van Wendy toen ik haar op de fiets van Schagen naar onze camping in Callantsoog reed. Het hoofd tegen mijn rug bleef uit.
Iris kreeg een harde klap te verwerken. Jiry besloot, van het ene op het andere moment, te vertrekken. Tot overmaat van ramp verscheen er bijna meteen een nieuwe man: Sjaak. Een dichter. Ik kan wel janken. Sjaak gaat volgende week een gedicht aan Iris voorlezen. Ik lig dan gillend op bed.
FRED
Fred, die per aflevering ongeveer het lichaamsgewicht van zes volwassen tonijnen uit zijn lekker gekke kunstenaar-hoofd zweet, stelde deze week de meest krankzinnige vragen. Niet omdat hij nieuwsgierig is naar andere mensen, maar om uit te vissen hoe geweldig de vrouwen hem vinden.
Aan Doete stelde hij de volgende vraag: ‘Wat denk je nu allemaal als je met mij in de auto zit?’ Wat zou het dan toch heerlijk zijn geweest als Doete daar het volgende op had geantwoord. ‘Ja, leuk Fred, dat je me dat vraagt. Ik denk: ruik ik nou een geroosterd kip of is het dat mengsel van kippenvet en zweet dat nu langzaam in je nek loopt? en ik denk ook: waarom woont die gek in een huis met een tuin die lijkt op de verwaarloosde speelplaats van een kinderdagverblijf?’
Niet veel later kwam er weer een vraag van Fred, die blijkbaar precies hoort wanneer de camera begint te draaien. Steeds maar weer volgt er dan een als zweverig en indrukwekkend bedoelde vraag die eigenlijk niets anders is dan een scheet in zijn hersenen, ongeveer bij de plek waar de hoogmoedswaanzin-kwab hangt.
Fred vroeg, zittend langs het water van de zee. ‘Het onbereikbare van de horizon, vind jij dat wat?’ Daar zou ik graag een passend antwoord op hebben gegeven. ‘Nou Fred, leuk dat je me dat vraagt. Ik zat net te denken. Jij vastgebonden aan de mast van een boot, 700 liter in de motor en dan eens kijken waar de neus van je bootje op de rotsen loopt.’
Doete was helaas iets behoudender. Voor het echte vuurwerk moesten we bij de vertrekkende Yvonne zijn die de kern raakte met haar vraag: ‘Fred, ben jij nou 63 of 3 jaar oud?’ Enkele dagen eerder was Yvonne nog de voorzitster Fanclub Fred en stond ze zelf als een kind van 3 jaar oud emmers giftige verf in de bodem te gieten, nu had ze opeens heel andere inzichten. Fred luisterde uiterst ongemakkelijk naar het verhaal van Yvonne, die er ter plekke achter was gekomen dat ze bij een man logeerde die iedere avond 2 eeuwen emancipatie door het toilet stond te trekken.
Ik verheug mij als een kind op de laatste uitzending van B&B vol liefde waarin Fred een roedel vrouwen voor zijn neus krijgt. Ze zullen hem allemaal de waarheid zeggen. Ik gok dan op de volgende tekst van Doete: ‘Wanneer ik afknapte op jou? Nou, dat kan ik je precies zeggen Fred. Toen je met alleen die rare kop van je me boven water me aankeek en tegelijk dwars door je Hawaï-broek heen urineerde. Je leek op een zwetende zeehond.’
There is no greater joy than be taken for an imbecile by an idiot. (Oscar Wilde)
Poef.....gone! ©golfer