Als iemand je iets vertelt, dan vergelijk je dat met wat jij daarover gelooft. Is dat hetzelfde, dan klopt het. Is het iets anders, dan lult hij uit zijn nek. Of zij. Maar, hoe bepaal je wat er geloofwaardig is? Ga je dat zelf analyseren, door het tegen alle andere dingen die je weet te houden, of bedenk je gewoon wie het waarschijnlijk het beste weet en geloof je wat hij zegt? Of zij?
Maar als je het gewoon maar gelooft, dan weet je dus niet of het ook echt zo is. Daarvoor moet je kijken of het past in het wereldbeeld van alle andere dingen waarvan je denkt dat ze zo zijn. Cohesie en consistentie. Het moet overeenkomen met al die andere dingen en er ook als een puzzelstukje mooi inpassen.
Nou moet je dus wel op een gegeven moment beginnen met alles nachecken. Kijken of je in je gedachten geen dingen tegenkomt die niet samengaan met andere dingen. Of dat doen, iedere keer als je iets nieuws tegenkomt.
Dat klinkt heel ingewikkeld en vermoeiend. Maar dat valt wel mee: alleen het begin is moeilijk. Hoe vaker je dat doet, hoe meer je weet wat er wel of niet onzin is. En daardoor wordt het steeds eenvoudiger. Dus in het begin moet je alles uitzoeken, maar hoe langer je dat doet, hoe sneller je weet of iemand staat te liegen.
Het alternatief is, dat je een heleboel dingen gelooft en verdedigt, die elkaar tegenspreken. Omdat iemand je dat heeft verteld en "iedereen dat weet".