Verkoop de huid niet voordat de beer geschoten is...Marnix Provoost
Researcher | Ph.D. Candidate
Inmiddels is de Russische inval in Oekraïne ruim een week bezig en ontvouwt zich een steeds groter een humanitair drama. Wie de vele berichten en analyses op diverse sociale media volgt, kan gemakkelijk een beeld krijgen dat de Russische strijdkrachten afstevenen op een nederlaag en dat het bestoken van burgerdoelen gebeurt uit onmacht of frustratie. Dit zijn echter aannames die in dit stadium moeilijk overeind blijven wanneer je vanuit Russische doctrine kijkt naar de voortgang van de invasie.
Na een mislukte (vermoedelijke) poging om met een beperkte “speciale militaire operatie” een snelle overgave van Oekraïne te forceren, zijn de Russische strijdkrachten overgegaan op het vertrouwde conventionele militaire optreden. Dit optreden is echter wezenlijk anders dan dat van Westerse krijgsmachten. Het is in een aantal opzichten dan ook misleidend om het Russische optreden te beoordelen vanuit een Westers militair toetsingskader. Daarom op persoonlijke titel en op basis van open bronnen een aantal opmerkingen ter overweging:
-Op het moment van schrijven vindt het Russisch offensief plaats op vier verschillende fronten. Op een vijfde front, in oost-Oekraïne, worden Oekraïnse troepen gebonden die niet kunnen worden ingezet voor de verdediging van bijvoorbeeld Kyiv of andere bevolkingscentra. Het lijkt dan ook dat de Russische eenheden in zekere zin in de geest van de Deep Battle doctrine opereren, waarbij weerstanden worden omtrokken en zwakke plekken in de Oekraiense verdediging worden uitgebuit om voortgang te blijven boeken. Grote bevolkingscentra worden weliswaar met gewelddadige penetraties ‘verkend’, maar vermeden indien blijkt dat er sprake is van een sterke weerstand.
-Oekraïense eenheden op hun beurt trachten Russische eenheden juist de bevolkingscentra in te zuigen, om daar tactisch en publicitair voordeel uit te halen. Conform doctrine en eerder optreden is het echter te verwachten dat de Russische landstrijdkrachten deze centra zullen omsingelen, belegeren en artillerie zullen inzetten om het verzet te breken of te vernietigen. Pas dan zal serieus getracht worden deze bevolkingscentra in te nemen.
-Indien de Russische voortgang op de verschillende fronten niet wordt afgestopt, is het een kwestie van tijd tot 1) delen van de Oekraiense strijdkrachten in oost- en midden-Oekraïne omsingeld zijn, 2) de grote bevolkingscentra in het operatiegebied omsingeld of ingenomen zijn, 3) er een landverbinding is gecreëerd tussen de Russische Federatie, Krim en mogelijk Transnistrië, 4) Oekraïne militair en economisch ernstig verzwakt is ten opzichte van Rusland en 5) Rusland alsnog de gewenste strategische diepte heeft gecreëerd richting NAVO & EU.
-Het lijkt er nu op dat de vermoedelijke initiële Russische politieke richtlijnen het militaire optreden in de beginfase dusdanig hebben beperkt dat dit in de beginfase heeft geleid tot een aantal tactische tegenslagen. Het is echter van belang te beseffen dat tactische tegenslagen niet per definitie resulteren in een strategische nederlaag en dat een strategische overwinning niet per definitie wordt behaald via tactische successen. De Russische strijdkrachten zijn historisch gezien veerkrachtig en adaptief, en het is te verwachten dat het optreden zich, ondanks de initiële tactische tegenslagen, waar nodig zal aanpassen. In dit kader is de Winteroorlog van 1939-1940 interessant vergelijkingsmateriaal.
-In dezelfde context is het relevant dat de Russische strijdkrachten minder waarde hechten aan het minimaliseren van verliezen en werken met echelonnering. Het “eerste echelon” dient om een tegenstander te slijten en zwakke punten in een verdediging te vinden, alvorens in volgende echelons beter geachte eenheden worden ingezet om beslissend op te treden.
-Ten aanzien van het definieren van succes is het relevant dat de Russische strijdkrachten neigen naar het werken met beperkte strategische doelstellingen en een ‘negatief’ of destructief oogmerk. Denk hierbij bijvoorbeeld aan het ontzeggen terrein of het vernietigen van infrastructuur of vijand in tegenstelling tot vermeesteren, neutraliseren of beïnvloeden ervan. Dit vertaalt zich in de wijze van optreden die moet leiden tot het behalen van de doelstellingen.
-Het is ook relevant om te begrijpen dat deze oorlog in het Russische veiligheidsdenken waarschijnlijk wordt opgevat als noodzakelijk om een op termijn existentiële bedreiging voor Rusland weg te nemen. Een gevolg hiervan kan zijn dat het Russische regime niet zal schuwen om nog verder in geweldsintensiteit te escaleren om succesvol te zijn. Doctrinair zijn de Russische strijdkrachten daarbij bewust ambigu over de drempel voor de inzet van bijvoorbeeld tactische nucleaire wapens. Ook het maken van zoveel mogelijk burgerslachtoffers is een bewuste strategie om de druk op een tegenstander op te voeren.
-Het Russische optreden oogt chaotisch en ongecoördineerd. Russische strijdkrachten gebruiken (gecontroleerde) chaos echter als bewuste strategie. Deze chaos creëert omstandigheden waarmee moet worden voorkomen dat een tegenstander gecoördineerd Russisch optreden kan ontregelen door het toebrengen van een beslissende slag. Een neveneffect is dat er bij diezelfde tegenstander onduidelijkheid kan ontstaan over de aard en intentie van het Russisch optreden. De zelf gecreëerde chaos en resulterende frictie worden aan eigen zijde gemitigeerd door gedecentraliseerd optreden.
-Er wordt regelmatig gewezen op de huidige logistieke problemen van het Russische offensief. Deze problemen lijken ook aanzienlijk te zien, maar zijn niet uniek en in dit vroege stadium van deze operatie mogelijk nog goed te verhelpen. Ook de invasies van de VS in Irak in 1991 en 2003 kenden forse logistieke problemen. Logistieke problemen in een offensief zijn historisch gezien echter eerder regel dan uitzondering en op zichzelf geen indicator voor het mislukken van een operatie.
-In lijn met de logistieke problemen wordt er ook gerefereerd naar de vermeende langzame voortgang van de Russische eenheden. Ook hier is het interessant om te kijken naar de voortgang van de Amerikaanse eenheden tijdens de invasie van Irak in 2003. Destijds werd de ongeveer 560 kilometer tot Bagdad in twee weken overbrugd, wat zich vertaalt in een gemiddelde snelheid van iets meer dan 1,5km per uur. In 1991 was de gemiddelde opmarssnelheid van de coalitie met gemiddeld 2-3km per uur iets sneller. Vanuit deze achtergrond bezien, met daarbij opgeteld de lastige terrein- en weersomstandigheden en de effectief verdedigende Oekraïense strijdkrachten, is het opmarstempo van de Russische strijdkrachten vooralsnog niet uitzonderlijk laag te noemen.
-Een grote vraag is waarom de Russische luchtmacht tot op heden slechts beperkt actief is. Binnen de context van het landoptreden is het in dit opzicht relevant op te merken dat er doctrinair geen focus is op joint optreden. Tevens wordt artillerie gezien als een effectiever middel met een lager ‘mediaprofiel’ om belegeringen van bevolkingscentra mee uit te voeren. Dit beantwoordt de vraag slechts ten dele, maar biedt wel iets van een verklaring.
-Regelmatig wordt er op gewezen dat het voor de Russische strijdkrachten onmogelijk zal zijn om geheel Oekraïne te bezetten. Het is echter nog maar de vraag of dat bezetting of annexatie van grote gebiedsdelen ook daadwerkelijk het doel is. Mocht dat inderdaad het geval zijn, dan is het relevant op te merken dat de Russen twee keer eerder Oekraïense opstanden tegen hun overheersing hebben gebroken en met hun meedogenloze aanpak in algemene zin een succesvolle track record als counterinsurgent hebben.
Afsluitend wil ik nogmaals benadrukken dat bovenstaande opmerkingen zijn bedoeld om een completer beeld te kunnen vormen van het verloop van het conflict. Er circuleert bovendien bijzonder veel mis- en desinformatie op sociale media en dat maakt het nog moeilijker om juiste conclusies te trekken uit wat er gebeurt, laat staan daarop te handelen. Wellicht dat deze bijdrage, hoewel beknopt en incompleet, dat proces iets vergemakkelijkt.
Gebruikte bronnen en websites:
David H. Ucko (2016) ‘The People are Revolting’: An Anatomy of Authoritarian Counterinsurgency, Journal of Strategic Studies,39:1, 29-61
https://www.fdd.org/analy(...)nvasion-not-failing/https://www.linkedin.com/(...)118337102831616-Ub6PPaul, Christopher, Colin P. Clarke, Beth Grill, and Molly Dunigan, Paths to Victory: Lessons from Modern Insurgencies. Santa Monica, CA: RAND Corporation, 2013
https://rusi.org/videos/a(...)mys-approach-warfarehttps://www.understandingwar.org/https://www.washingtonpos(...)-logistics-invasion/