Dagboek van een Anja deel 2.
Donderdag 17 oktoberIk schrijf alles maar voor de zekerheid op. Voor het geval dat. Gelukkig heb ik een fotografisch geheugen.
10:00 uurDe bel gaat. Ik doe de deur open en zie een dame en heer staan. De dame is midden 30 (denk ik, ik ben nooit zo goed met leeftijden schatten. Ik kan er ook helemaal naast zitten). Ze ziet er vriendelijk uit. De man is wat lastiger te omschrijven. Hij heeft een serieuze blik en lijkt ouder dan de dame.
Dit

komt er misschien nog het meeste bij in de buurt, maar misschien ook niet.
“Goedemorgen mevrouw Anja...”
De heer kijkt op zijn notitieblok.
“Oh, ik kan uw achternaam niet lezen. Komt door mijn handschrift, denk ik,” lacht hij vriendelijk.
“Mijn naam is Marco Strani,” zegt hij, terwijl hij zijn hand naar me uitsteekt. “Ik ben van de Recherche. Dit is mijn collega, mejuffrouw Coriandra Blad.”
“Korianderblad?” vraag ik terwijl ik de man de hand schud.
“Coriandra” zegt Strani. “Met een C.”
“En afgekort tot Cor?” grinnik ik net iets te hard.
“C,” zegt Korianderblad. “Ik word gewoon C genoemd.”
“Oké dan, C,” zeg ik.
“Nee. C-E-E,” zegt Strani met een wat ongemakkelijke blik naar zijn collega.
“Mogen we binnenkomen? We zijn hier niet voor niets.”
“Kom binnen. Wilt u koffie?” vraag ik, maar ze schudden allebei hun hoofd. “Gaat u zitten.”
Ze gaan op mijn bordeauxrode bank zitten waar nog restanten paprikachips van gisteravond op liggen. Ik hoor het kraken als ze plaatsnemen. Ik had moeten stofzuigen.
“Ik kom meteen ter zake. Er zijn sinds gisterochtend twee jongens vermist. Mede door de jonge leeftijd van de kinderen is dit een ernstige zaak,” zegt Strani. “Dat ze weggelopen zijn, is dan ook uitgesloten.”
“Hoelang woont u al naast de familie Grijs?” vraagt Korianderblad. Sorry, Cee.
“Twee jaar nu ongeveer,” antwoord ik ietwat nerveus.
“Volgens de Grijsjes ergerde u zich aan de kinderen, en dan met name aan de trampoline. En was u - volgens de Grijsjes - een vuil takkewijf,” zegt Strani terwijl hij het van zijn notitieblok opleest. “Niet mijn woorden,” verontschuldigt hij zich.
Ik slik. Wat moet ik zeggen?
“Ja, nou... ik... Ik ben geen fan van ze.”
“U geeft een schrijfcursus,” zegt Strani.
“Klopt.”
“Is deze ook voor kinderen?”
“God, nee. Ik haat kinderen.” Kut.
“Juist, ja.” Strani noteert iets.
Gary kwam binnenlopen. Hij keek de kamer rond, zag ons zitten en draaide zich weer om.
“Is die van u?” vraagt Korianderblad met een Cee. “Wat voor soort is het?”
“Geen idee. Een zwarte.”
Ik weet niet wat voor kat Gary is. Hij zat als kitten onder de motorkap van mijn auto, maar ‘motorkapkat’ is geen ras.
Korianderblad met een Cee schrijft iets op. Ik word er nerveus van.
“Waar was u gisteren tussen 10 en 12?” vraagt Strani.
“Hier thuis. En ik moest nog even naar de vuilstort.”
“Welke vuilstort?”
Shit.
“Die bij Jensen,” antwoord ik, terwijl mijn zenuwen de overhand krijgen.
“Wat deed u daar?”
“Vuilnis weggooien.”
“Heeft u zoveel vuilnis dat u ermee naar de stort moet?”
Ik zwijg.
Weer het geluid van pen op papier. Het voelt voor mij als krassen op een schoolbord.
“Een getuige zag u om half 11 in uw auto wegrijden,” zegt Strani.
“Heeft u enig idee waar de trampoline van de Grijsjes is gebleven?” vraagt Korianderblad met een Cee. “Die is ook verdwenen.”
“Uw auto is groot genoeg om een trampoline mee te vervoeren,” merkt Strani op.
Ik denk aan de trampoline die bij de stort staat. Ik had ‘m moeten verbranden.
“Ik... ik... Ik weet het echt niet. Sorry, maar ik ken de buren helemaal niet zo goed, dus ik denk niet dat ik u kan helpen.”
Strani glimlacht en staat op. Korianderblad met een Cee volgt zijn voorbeeld. Hij pakt een visitekaartje uit de borstzak van zijn jasje en geeft het aan mij.
“Mocht u iets te binnen schieten, hoor ik graag van u.”
Ik leid ze naar de deur. In de deuropening draait Strani zich nog even om.
“Blijf in de stad, alstublieft. Misschien hebben we later nog wat vragen.”
10:45 uurIk sluit de deur en een blinde paniek maakt zich van me meester. Ze gaan naar de vuilstort. Naar die van Jensen. Waarom zei ik Jensen en loog ik niet gewoon?
Ik moet naar de vuilstort om de kinderen te halen. Dan komt het helemaal goed.
11:15 uurIn de auto naar de vuilstort denk ik aan de kinderen. Ik moet ze vinden. Hoe zien ze er ook alweer uit? Klein, blond. Etters. Focus. Wat hadden ze aan? Eentje had een rood shirt met ROTTERDAM in het wit erop. De ander had een blauwe pet op. Wat voor woord stond er ook alweer op? Kreator, dat was het. Kreator met een K. Hoe komen ze erop.
Eenmaal aangekomen begin ik met zoeken. Op de weg naast de stort klinkt het lawaai van werkverkeer. Ik denk even aan mijn cursisten, maar bedenk dan dat ik belangrijkere zaken aan mijn hoofd heb. Ik weet dat ik ze bij de trampoline heb achtergelaten en die is ook gauw gevonden. Het gele gevaarte steekt af tegen de rest van de troep. De kinderen zijn nergens te bekennen. Ik wil ze roepen, maar besef dat ik hun namen niet ken. Iets met een I? Roger? Fred? Ik roep maar wat. Dan spot ik iets blauws op de grond. Ik pak een zakdoek uit mijn broekzak - no way dat ik dat vuile ding met mijn blote handen ga aanraken - en pak het op. Het is onmiskenbaar een pet, maar de voorkant is bedekt met vuil. Heel voorzichtig probeer ik het vuil met het uiteinde van mijn zakdoek af te vegen. Kreator. Ik ben dichtbij.
Dan word ik opgeschrikt door een langsrijdende stoet trekkers. Dat boerenprotest is nog steeds bezig. Goed bezig, denk ik nog. De stoet komt tot stilstand. Voor me op de weg staat een imposante rode tractor. De boer zit achter het stuur en zwaait naar me. “Ik ben boer Dave,” roept hij. Ik zwaai terug. “Anja.”
En dan zie ik ineens twee jochies naast hem zitten. Zijn zoons, denk ik nog even, tot een van de jongens zich naar me toe draait. Zijn borst in zijn rode Rotterdamshirt trots vooruit. Hij grijnst naar me, steekt zijn tong uit en zijn middelvinger op. De trekker begint weer te rijden en ik zwaai met zakdoek en pet in de hand naar de boer. “HÉ! HÉ! KOM TERUG!”
“Bent u bewijs aan het vernietigen, mevrouw?” klinkt een stem achter me.
Ik draai me om terwijl ik naar de weg wijs.
“Maar daar zijn... ik....”
“U gaat mee naar het bureau, dame,” zegt Strani.
Groetjes, Anja.
[ Bericht 0% gewijzigd door Mandy040986 op 17-10-2019 16:20:33 ]