Het stuk in de VI vandaag
quote:
Marko Vejinovic heeft nog veel te bewijzen
Kwetsbare architect
Marko Vejinovic maakte vorige week zijn debuut in de selectie van het Nederlands elftal. Een nieuw hoogtepunt in de opvallende carrière van de 25-jarige middenvelder. De Amsterdammer hunkerde jarenlang naar een rol als nummer 10, maar leerde zijn ware kwaliteiten kennen als controlerende schakel.
TECHNIEK Minder dwingend in Rotterdam
Vijf jaar lang stond Peter Bosz dagelijks op het veld met Marko Vejinovic. Eerst drie seizoenen op het kunstgras van Almelo, vervolgens twee jaar in de bosrijke omgeving van Papendal. En steeds was daar weer die dagelijkse drive van de trainer om het allerbeste in zijn speler omhoog te halen. Bosz, die vier jaar geleden al aankondigde dat zijn pupil de potentie had de top te bereiken, legde de lat hoog. ‘Met zijn techniek en kwaliteit moet elke pass en elke balaanname goed zijn’, sprak de trainer in VI, vlak voordat zijn pupil de overstap maakte van Vitesse naar Feyenoord.
Vorig seizoen kwam Vejinovic in Arnhem een periode dicht bij dat streven. Op een dynamisch middenveld met Valeri Qazaishvili en Davy Pröpper toonde hij als controlerende schakel zijn suprematie in het positiespel van Vitesse. De Amsterdammer koppelde zijn tech- nische vaardigheden, goede inspeelpass en overzicht aan een stijlvolle speelstijl én rendement. Met tien doelpunten en acht assists was hij in competitieverband bij liefst achttien doelpunten van de Arnhemmers direct betrokken. Een transfer kon niet uitblijven. Feyenoord telde drieënhalf miljoen euro neer voor de midden- velder, waarna het verwachtingspatroon direct hoog was. Vejinovic moest ook in De Kuip de lijnen gaan uitzetten als architect in balbezit.Tot op heden overheerst echter de twijfel. Zoals bij zo veel van zijn voorgangers dient zich bij de nieuweling een bekend patroon aan. In het begin wordt hij door de achterban beoordeeld op zijn positieve punten, maar bij de eerste tegen- slagen komt de nadruk te liggen op zijn tekort- komingen. Is Vejinovic wel een speler die de stap van de subtop naar de top in Nederland kan maken? Kan hij mee in het hogere baltempo in Rotterdam, met de wekelijkse druk van het moeten presteren? In het uitduel met SC Heerenveen (de eclatante 2-5 zege) liet Vejinovic zich gelden als een creatieve schakel op het middenveld en ook afgelopen zondag tegen FC Twente kwam hij veelvuldig vrij om passes te versturen. Maar die wedstrijden zijn allerminst de standaard geworden.
Dat er nog altijd veel vraagtekens rond hem hangen, is terug te zien in zijn statistieken. Na een seizoen in Arnhem waarin hij dominant en beslissend was, moet Vejinovic het na dertien competitiewedstrijden voor Feyenoord doen met één assist. Uit een vrije trap. Daarnaast heeft hij nog niet gescoord voor zijn nieuwe club. Daarbij moet wel de kanttekening worden geplaatst dat niet Vejinovic, zoals in zijn tijd bij Vitesse, maar Dirk Kuijt de strafschoppen neemt. Vorig jaar stond de teller van de voormalige jeugdinternational na dertien speelronden al op drie assists. De middenvelder heeft zichtbaar moeite om op een dwingende manier zijn stempel op het spel te drukken. Vejinovic verstuurt dit seizoen gemiddeld zeven passes per wedstrijd minder dan in het vorige, waarbij tachtig procent daarvan aankomt. Vorig seizoen was dat nog 84 procent. De intrinsieke technische kwaliteiten bij Vejinovic zijn niet veranderd en nog altijd volop aanwezig. Maar het ambitieuze streven van zijn voor- malige trainer Peter Bosz heeft hij nog niet in Rotterdam kunnen etaleren.
TACTIEK Eindelijk controleur
Feyenoord-coach Giovanni van Bronckhorst trok vorige maand opeens zijn favoriete middenveld uit elkaar. De Rotterdamse club nam het in het KNVB-bekertoernooi op tegen Ajax en de trainer was waakzaam voor het spel van Riechedly Bazoer. Niet Vejinovic, maar Tonny Vilhena moest de jonge Ajacied afstoppen. Een duidelijk signaal van de trainer. De kwaliteiten in balbezit behoren tot de kernwaarden van Vejinovic, maar bij balverlies blijft hij kwetsbaar. Niet verwonderlijk voor wie naar het verleden kijkt.
Jarenlang was de positie van aanvallende middenvelder het heilige doel voor Vejinovic. In de jeugd bij Ajax en FC Utrecht, maar ook na zijn debuut in het profvoetbal bij AZ, lonkte hij openlijk naar de plek van nummer 10. Het zorgde voor een botsing in Alkmaar met Louis van Gaal, die voor hem een meer verdedigende rol zag weg- gelegd. In plaats van voor vier jaar bij te tekenen, maakte het grootste talent uit de jeugdopleiding van AZ de weloverwogen stap naar Almelo, om bij Heracles alsnog op zijn favoriete positie te kunnen spelen. Totdat Peter Bosz en Hendrie Krüzen hem stevig onder handen namen en hem overtuigden dat hij een mooiere toekomst had als controlerende middenvelder. ‘Peter en Hendrie hebben mij laten inzien dat een rol als controleur mij het beste past’, zei Vejinovic een paar maanden geleden tegen VI. ‘Ik wilde heel bepalend zijn. Op televisie zag je een nummer 10 goals maken, assists geven. Pas naarmate je ouder wordt, besef je dat het niet alleen daar om draait. Wat er voor nodig was om mij te overtuigen? Tijd en ervaring. Ze hebben veel met me gesproken en beelden laten zien. Net zo lang totdat ik het inzag. Vervolgens heb ik dat heel goed opgepakt.’
Als schakel tussen verdediging en aanval komt Vejinovic het beste tot zijn recht in balbezit. Hij heeft de spelintelligentie om een wedstrijdsituatie goed te lezen en in te schatten, waardoor hij zich met zijn tactisch vermogen kan onderscheiden. Bij balverlies is er nog altijd een grote slag te slaan. Een ontwikkeling van een passieve naar een actieve houding. De killer in de speler moet dan omhoog komen. Nu is nog goed terug te zien dat hij in zijn carrière als aanvallende midden- velder de omschakeling van balbezit naar bal- verlies en de verdedigende arbeid aan andere spelers overliet. Vejinovic blijft daardoor de sierlijke voetballer die vooruit denkt en handelt, maar waarbij balbezit wel een voorwaarde is voor zijn spel. De keuze van Van Bronckhorst voor Vilhena was dan ook allerminst onlogisch. Vejinovic blijft kwetsbaar als hij wordt geconfronteerd met een speler die veel over hem heen gaat.
FYSIEK Inhaalslag
Voor zijn transfer in 2009 naar Heracles Almelo keek Vejinovic kritisch in de spiegel. Het talent vond dat hij fysiek sterker moest worden. ‘Dat heb ik nodig’, sprak hij destijds. ‘Ik heb gemerkt dat wedstrijden kracht kosten en dat ik in de duels lichamelijk onvoldoende heb in te brengen.’ In het oosten van het land trof hij met Gertjan Verbeek de leermeester die hij nodig had. Het babyvet van de technicus werd vakkundig omgezet in spiermassa. Het was een flinke inhaalslag die de frêle technicus maakte. Door zijn transformatie naar verdedigende middenvelder kwam hij ook meer in defensieve duels terecht.
Dat is ook dit seizoen bij Feyenoord het geval. Op het middenveld, met de punt naar voren, vormt hij dit seizoen met Karim El Ahmadi het blok voor de verdediging. Het tweetal heeft nog zichtbaar tijd nodig om de optimale onderlinge afstemming te vinden. El Ahmadi is nog altijd de balvaste strateeg, maar koppelt dat sinds een paar jaar aan agressief verdedigend spel. Een ontwikkeling waar Vejinovic nog middenin zit. Als je beide spelers dit seizoen tegen elkaar afzet, valt op dat El Ahmadi (2,5) per wedstrijd gemiddeld meer tackles maakt dan Vejinovic (1,9) en daarvan ook een groter deel succesvol uitvoert (93 procent om 79). Daarnaast komt de Marokkaanse middenvelder (9,1) meer in de duels dan de speler naast zich (7,9), terwijl beide spelers ongeveer de helft van hun duels winnen. Vejinovic bestrijkt een kleiner gebied dan El Ahmadi, die meer diepgang in zijn spel legt. Zo had El Ahmadi dit seizoen al twintig balcontacten in het strafschopgebied van de tegenstander, terwijl dat voor Vejinovic slechts twee keer het geval was.
MENTALITEIT Geboren winnaar
Een lastige jongen, grillig, onberekenbaar en met een complexe gebruiksaanwijzing. Voordat Vejinovic naam had gemaakt in het betaalde voetbal, was zijn reputatie hem al vooruit gesneld. In 2004 verliet hij vrijwillig de jeugdopleiding van Ajax, omdat de verdeling van speeltijd volgens hem niet op basis van kwaliteit geschiedde. Het jaar daarop hield hij het bij FC Utrecht voor gezien, omdat ze hem daar alleen als verdedigende middenvelder gebruikten. En ook bij AZ kreeg hij conflicten, met Louis van Gaal en Ronald Koeman, over de manier waarop hij moest spelen. Vejinovic verzette zich de afgelopen jaren hevig tegen alle vooroordelen. ‘Ik weet niet of ik eigenzinnig ben’, zei hij een paar jaar terug tegen VI. ‘Als ik het niet met je eens ben, dan hoor je dat van mij. Sommige mensen vinden je dan al snel arrogant of een grote bek hebben. Maar dat is het niet. Ik luister naar iedereen, heb respect voor andere meningen en hoef echt niet altijd gelijk te hebben. Maar ik heb wél een eigen visie. Ik weet wat ik wil en wat ik wil bereiken.’
Het zelfbewustzijn kreeg hij mee van zijn Servische vader en Bosnische moeder. Al van kinds af aan stond alles in het teken van winnen. Met minder nam hij geen genoegen. Onder de vleugels van Bosz kwam de carrière van Vejinovic in rustiger vaarwater terecht. Als verdedigende middenvelder ontwikkelde hij zich tot een bewuste prof, die leerde te investeren in zichzelf. Het leverde het voormalige toptalent van de vertegenwoordigende elftallen – overigens in die tijd onder de achternaam van zijn moeder, Matic – onlangs een uitverkiezing op voor de selectie van het Nederlands elftal. Tot een debuut voor Oranje kwam het (nog) niet, maar duidelijk is dat hij met zijn spel bij Feyenoord op de radar staat van bondscoach Danny Blind. Een bevestiging dat ze hem in Zeist zien als een van de beste middenvelders van het land. Het is nu aan Vejinovic om die status in Rotterdam glans te geven en alle twijfels weg te spelen.