De Telegraaf is begonnen met de verkiezingscampagne
quote:
Het touwtrekken om de missie in Oeroezgan doet de mannen en vrouwen die de klus afgelopen jaren moesten klaren, gruwelen. Vanuit Afghanistan laten soldaten weten doodziek te zijn van de politiek. Met name PvdA-leider Wouter Bos moet het ontgelden. ,,Om zieltjes te winnen, houdt hij vast aan de starre opvatting dat we hier weg moeten.” Ook nabestaanden van gesneuvelde militairen kijken met afkeer naar het Haagse gedraai.
Nabestaanden omgekomen militair walgen van de PvdA indiscussie over Oeroezgan-missie
DOLK IN DE RUG!
HAVELTE, zaterdag
Marjan en Hans Poortema zijn vooral de leugens en halve waarheden beu die dezer dagen als losse flodders door ministers en Kamerleden op elkaar en naar buiten worden afgeschoten. De ouders van de op 12 januari 2008 gesneuvelde korporaal Aldert Poortema nemen het de politiek kwalijk dat de militairen van de Task Force Uruzgan (TFU) worden misbruikt om straks een beter verkiezingsresultaat te boeken.
„Dan hoor ik weer iemand zeggen dat ’die oorlog toch niet te winnen is, omdat het de Engelsen en Russen in het verleden ook niet lukte’”, verzucht vader Hans. „Maar onze mannen en vrouwen vechten daar niet tegen Afghanistan en de Afghanen, ze vechten voor de rechten en de veiligheid van onschuldige burgers. Schandalig dat de Partij van de Arbeid maar blijft hameren op vertrek uit Oeroezgan. Want als wij weggaan, lever je de mensen die jarenlang onze bondgenoten waren over aan de beulen, aan de Taliban. Altijd gedacht dat de PvdA opkwam voor de zwaksten in de wereld! De werkelijkheid blijkt ordinaire verkiezingsretoriek.”
’Eigen vuur’
Aldert Poortema diende bij het 44e pantserinfanteriebataljon uit Havelte, soldaten pur sang. Hij was ingedeeld als plaatsvervangend groepscommandant Charlie Cobra-compagnie van de Battlegroup, toen zijn eenheid in de omgeving van Deh Rawod op de Taliban stuitte. De 22-jarige Poortema sneuvelt die dag samen met soldaat Wesley Schol (20). Later blijkt dat in de chaos van de heftige nachtelijke strijd, ’eigen vuur’ beide militairen fataal werd.
De ouders van Poortema, thuis in Friesland: „Onze jongen was al voor de tweede keer naar Oeroezgan uitgezonden. Hij geloofde in zijn werk, koos voor het leger omdat hij ervan overtuigd was dat hij zo van meerwaarde kon zijn voor de mensen die het echt moeilijk hebben. Waar ook ter wereld. Het werd dus Zuid-Afghanistan. Hij had goede contacten met de lokale bevolking, daar was hij trots op. Natuurlijk was dit in het begin vooral een vechtmissie, maar dat veranderde steeds meer. Wij vinden het ongelooflijk dat iedereen in Nederland denkt dat onze mannen en vrouwen daar nog steeds alleen maar knokken. Want in de praktijk is er wel degelijk veel bereikt. Dankzij de TFU werd het beter en veiliger in Oeroezgan. Maar die boodschap is blijkbaar niet aantrekkelijk voor veel media. Want we zien en lezen slechts kommer en kwel.”
„Nu kunnen we daar de vruchten plukken van jarenlange inzet”
Het thuisfront voelt zich verraden door een deel van de politiek. Vooral ouders, die dagelijks in angst zitten omdat hun zonen en dochters in het gevaarlijke zuiden van Afghanistan hun leven wagen voor wat naar hun overtuiging een goede zaak is. De woorden van Wouter Bos dat onze troepen daar aan het einde van 2010 per se weg moeten zijn, ervaren velen als dolkstoot in de rug. Alsof de 21 omgekomen Nederlandse militairen voor niets stierven, alsof de gewone Afghanen niet geholpen zijn door de tomeloze inzet van soms nog piepjonge soldaten, korporaals, sergeants en officieren.
Voorzitter Jan Kleian van de militaire vakbond ACOM is woedend over de rol van de Partij van de Arbeid in het politieke gekrakeel van afgelopen dagen. Hij twitterde er lustig op los, waarbij de CNV-bestuurder Wouter Bos bepaald niet spaarde. „Ze weten daar echt niet wat er werkelijk aan de hand is in Oeroezgan”, zegt Kleian. „Naast Bos schittert vooral ook PvdA-Kamerlid Martijn van Dam door gebrek aan kennis. Ik begrijp daar niets van. Nu kunnen we in de provincie de vruchten plukken van jarenlange inzet, nu is de veiligheidssituatie zo dat er heel serieus aan opbouw kan worden gewerkt. Maar voor de PvdA telt dat blijkbaar opeens niet meer. Bos, Koenders, Van Dam. Ze hebben allemaal hun stokpaardjes. De één wil naar Congo, de ander weer naar Soedan. Maar feit is dat we al in Oeroezgan zitten en een halsoverkop vertrek al het goede werk tenietdoet.”
In huize Poortema komen de kameraden van Aldert nog geregeld over de vloer. Op zijn verjaardag en zijn sterfdag bezoeken de pantserinfanteristen van ’het 44e’ Hans en Marjan. Dan denken ze samen terug aan de jonge korporaal.
Onzeker
„Toen het allemaal begon, de besluitvorming eind 2005, waren wij als ouders helemaal niet zo voor die inzet van Nederlandse militairen in Oeroezgan”, vertelt Hans Poortema. „Gevaarlijk, ver weg, onzeker… Op 6 april 2006 vertrok Aldert voor zijn eerste uitzending. Van hem wisten we dat hij zijn inzet zag als middel om de zwaksten daar te kunnen helpen. Daarom nemen we nu ook vooral de Partij van de Arbeid op de korrel. Die ging destijds akkoord met het uitsturen van de taskforce. Voorwaarde was dat het een opbouw- en geen vechtmissie moest worden. Nu die status eindelijk is bereikt, haken ze dus af. Voor een goede opvolging van Nederland als ’leading nation’ werd niet gezorgd. Dat is natuurlijk allemaal van de gekke.”
Als veel andere familieleden van uitgezonden militairen vrezen Hans en Marjan Poortema dat er uiteindelijk „weer zo’n typisch poldercompromis uit de bus komt rollen”. Het is dezelfde angst die bij vakbonden, militaire experts en zelfs de voormalige secretaris-generaal van de NAVO leeft. Dat onze troepen straks op kleinere missie, in een heel ander deel van Afghanistan, moeten. Om gezichtsverlies van de PvdA te voorkomen en de coalitie met CDA en ChristenUnie te redden.
Knowhow
„Maar in dat scenario raken we dus alle knowhow kwijt die jarenlang in Oeroezgan is vergaard”, zegt Hans Poortema. „Ik weet dat de mannen en vrouwen van de TFU hun klus willen afmaken. Ik weet dat ze voor het lot van de Afghaanse burgers met wie ze goed contact hadden, vrezen. Die mensen wacht een afschuwelijk einde als de provincie opnieuw vrijhaven wordt van de Taliban. En precies dat gebeurt bij vertrek ’tot en met de laatste soldaat eind 2010’, zoals Wouter Bos potentiële kiezers telkens weer meent te moeten vertellen.”
Het ministerie van Defensie heeft militairen in actieve dienst verboden om over het al dan niet verlengen van de missie te praten. Om zo de scheiding met de politiek te waarborgen. Maar contacten van deze krant met militairen in Camp Hadrian (Deh Rawod) en Kamp Holland (Tarin Kowt) laten aan duidelijkheid niets te wensen over: de bij veel beroepssoldaten latent aanwezige afkeer van de politiek komt door het handelen van de Partij van de Arbeid tot volle wasdom.
„Het gaat ze niet om gesneuvelde jongens als Aldert. Het gaat ze om de zieltjes in het stemlokaal”
Soldaat 1e klas William: „Schandalig, zoals wij een speelbal van ministers en Kamerleden zijn geworden. Hier spreken mensen zonder enige kennis van zaken. Áls ze al eens op werkbezoek komen, worden ze razendsnel Kamp Holland in- en uitgevlogen en zetten geen stap buiten de poort. Waar de ontwikkelingen in de provincie dus juist zo goed zichtbaar zijn!”
Een korporaal van de Battle Group: „Ik weet nu één ding heel zeker. Met mijn maten patrouilleer ik in Oeroezgan om dit land veiliger te maken. Zodat kinderen weer naar school kunnen en ouders niet in doodsangst zitten voor de wraak van de Taliban. Maar ik waag zeker niet mijn leven voor onze volksvertegenwoordigers en voor PvdA-ministers als Wouter Bos en Bert Koenders.”
Invalide
Duizenden Nederlandse militairen dienden sinds februari 2006 in Oeroezgan, provincie waar het licht tot de komst van de TFU nooit scheen. Tientallen mannen en vrouwen raakten bij die inzet zwaargewond, velen werden blijvend invalide. En 21 militairen sneuvelden; vijf maanden geleden kwam de 26-jarige commando Kevin van de Rijdt nog om bij een vuurgevecht en stierf genist Mark Leijsen (44) door een bermbom.
„Iedereen heeft het recht om vóór of tegen deze missie te zijn”, zegt Oeroezgan-ganger John Klunders, die inmiddels de dienst heeft verlaten. „Het grootste deel van de Nederlandse bevolking wil dat we daar weggaan. Maar mensen kennen de situatie ter plekke, de vooruitgang in de provincie, simpelweg niet. Dat neemt ook geen militair hun kwalijk. Wat wel kwalijk is: de rol van sommige politieke partijen. Liegen en bedriegen over de rug van Jan Soldaat. Dat we als rijke natie en passant de Afghaanse burgers in de steek laten, nemen ze op de koop toe. Met slechts één doel voor ogen. Te kunnen blijven heersen in het Haagse pluche.”
Lotgenoten
De vader van de gesneuvelde Aldert Poortema, ’Korporaal van Oranje’: „Natuurlijk denken we elke dag aan Aldert en zit hij continu in onze hoofden. We spreken lotgenoten, óók commandant der strijdkrachten Peter van Uhm. Hij verloor, net als wij, zijn zoon. Dat is het wrange, als je de discussies, het debatteren in de Tweede Kamer, aanhoort. Het gaat de Partij van de Arbeid helemaal niet om Afghanistan of de Afghanen. Het gaat ze ook niet om gesneuvelde jongens, als Aldert. Of om rouwende ouders, als wij. Het gaat ze om de zieltjes, straks in het stemlokaal.”