Mijn moeder schreef het volgende persbericht/mail:
Mam: Kenscoff is in nood, mam, ze mogen ons niet vergeten!!
Vandaag lukte het Alexander Velthuisen, die sinds de aardbeving in Haïti vast zit in Kenscoff voor de Stichting naar school in Haïti, zijn moeder bijna anderhalf uur te spreken.
Marijke Zaalberg van de Stichting Naar School in Haïti, kwam net binnen voor een krijgsraad in Almere toen ik (Roelien Ruiter, mams van Lex) en Laura Velthuisen (zus van Lex) Alexander aan de telefoon kregen. Voor het eerst in dagen konden we met Alexander praten. De eerste seconden van het gesprek verliepen chaotisch. Bijna huilend. Ook door de angst dat de verbinding zou worden verbroken. Even later kon Lex zijn verhaal doen: ‘Mam, ik hoor de meest vreselijke verhalen, staat Port-au-Prince onder water? Een aantal mensen zijn de berg af geweest, ik begrijp maar de helft. Ze zijn geëmotioneerd en spreken alleen Creools. Maar het gaat goed met me hoor! Wanneer komt er hulp? De mensen hier in het dorp weten niet wat ze moeten doen. Ze slapen iets hoger op het pleintje waar we waren op de berg. De meeste huizen in Kenscoff zijn vernield. Veel mensen in de omgeving hebben dierbaren verloren. Dagelijks staan er enorm veel mensen aan de poort. In de afgelopen dagen, ik had nog 1000 Gourdes voor de aardbeving, heb ik alle geld weggegeven. Ik heb nog 150 Gourdes over. Ik kan niet bij de kinderen weg. Wat moet ik doen mam?’
Voorzichtig proberen Laura en ik in te schatten wat Lex weet en niet weet. Hij blijkt dat hij geen idee heeft van de omvang van de ramp. Hij weet bijna niets. En nog voorzichtiger praten we hem bij. In eerste instantie reageert hij gelaten. Even later komen dan toch de verhalen los: ‘Ik was zo bang tijdens de eerste schok. De kinderen ook, het personeel reageerde in eerste instantie lacherig. Later verdween dat natuurlijk. Er kwamen ontzettend veel naschokken. De volgende dag bleven ze komen. Ik had de dag ervoor honderden liters water naar de school in Ka-Blain gebracht. Ik heb het terug laten halen. De School in Ka-Blain staat nog overeind. Ik weet niet hoe het met de scholen in Godinot, Robain en Furcy is. Water is echt een probleem. Het bassin bij huis is stuk. Gisteren kwam er opnieuw een vreselijke naschok, zes mensen hier om de hoek zijn bedolven en overleden’.
Lex is vastbesloten bij de kinderen te blijven. Opnieuw zeiden we dat hij de keus heeft om terug te komen. Hij wil niet. Laura en ik praten minuten lang over misschien onbelangrijke zaken. Dan worden we weer praktisch. Lex: je moet vandaag nog eten scoren voor minimaal de komende drie weken. Stuur Elsie of Anail (personeel) op pad om geld te wisselen en voorraden te kopen. Alexander is zielsgelukkig dat hij contact heeft. Vertelt dat hij veel steun heeft aan Mark, een Nederlander die normaliter in het ziekenhuis werkt. Mark was dinsdag ziek, bleef daardoor in leven want het ziekenhuis in Petonville is verwoest.
Mensen hebben honger in Kenscoff
Gisteren was er een eerste aanvaring aan de poort van mensen die om geld kwamen. Lex had alles al weggegeven en er is echt niet meer. Mensen werden een beetje boos.
Dan komt Marijke aan bod. Ze stelt de praktische vragen en vraagt Alexander om de directeur van de school op te halen boven in het dorp en terug te bellen. Lex regelt het en een uur later hebben we Kempes, de Haïtiaanse directeur aan de telefoon. Opnieuw worden we hard getroffen. Wat moet je zeggen tegen iemand die net zijn dierbare heeft verloren. Veel familieleden van bekenden blijken vermist of overleden. Marijke geeft opdracht om te inventariseren welke docenten en leerlingen de ramp hebben overleefd. Vraagt om naar de scholen in de bergen te gaan. Kempes belooft dit komende week te doen.
De jonge man klinkt verslagen. Marijke vertelt hem welke hulpacties we inzetten en dat er hulp onderweg is. Dat ze, zodra het kan naar Haïti zal vertrekken. Ze vertelt Alexander en Kempes hoe ze tot die tijd kunnen overleven. Alexander trekt bij nu er contact mogelijk is. En Kempes krijgt weer een beetje hoop.
‘Hoe is het met de Marckus en Julie verder gegaan’? We leggen uit dat deze twee Nederlandse adoptiekinderen vanavond aankomen op het vliegveld. Alexander is gerust, hij durfde de kinderen bijna niet mee te geven. Het afscheid van die twee vond hij heel erg moeilijk. Maar gelijkertijd voelde hij de verantwoording voor Fiona, Steeveson en baby Karina drukken. Hij kan ze niet alleen laten. Hij kan het de verzorgers en de mensen om hem heen ook niet alleen laten. Gisteren riep hij ze bij zich toen de paniek een beetje teveel werd, hij zei: Luister: vandaag is vandaag. En doen we wat we kunnen. Morgen is morgen en dan doen we wat we dan kunnen. Elke dag is een dag. En zo gaan we het doen!’
Kenscoff: pas op dat ze ons niet overslaan!
De situatie in het dorp is schrijnend. De huizen zijn weg. Alexander somt op wat er direct nodig is: water, voedsel, tenten, kleding, dekens, medicijnen!!!
Wanneer komt er hulp? De vraag die hij telkens weer stelt. Tot nu toe zijn er geen hulpverleners geweest. Alexander heeft zojuist contact gehad met het USAR (Urban Rescue Team). Die heeft hij richting van Kenscoff en Robain gestuurd waar nog mensen bedolven zouden liggen en zojuist kwam het bericht dat het team die plek heeft bereikt, maar de mensen zijn overleden. Maar het team graaft alleen en verspreid geen voedsel of water. Het zijn kleine verhaaltjes in de verschrikkelijke ramp.
De Stichting is nu op dit moment bezig te inventariseren. Komende twee dagen krijgen we een beter beeld van de stand van zaken op de scholen en van Kenscoff. Maar er is hulp nodig!!! Nu direct, maar ook de komende weken. Kenscoff mag niet worden vergeten. Lex en het dorp hebben water en voedsel nodig. Honderden kinderen hebben opvang en verzorging nodig. De Stichting bereid zich voor op de zwaarste taak tot nu toe.
De meeste noodhulp bereikt amper Port-au-Prince. Kenscoff ligt verder weg. Zo’n 17 kilometer verder. Voorbij het verwoeste Petonville. Het mag niet zo zijn dat er geen hulp komt. Gelijkertijd proberen we nu voor bewaking van het huis te zorgen. Maar de verbindingen met Haïti zijn nog lang niet hersteld.
Aan ons de taak om ervoor te zorgen dat de noodhulp Kenscoff gaat bereiken. Het is nodig. Nu en direct.
In mijn volgende mail zal ik aangeven welke hulpgoederen wij nog nodig hebben de komende week. We proberen zo snel mogelijk een team van de Stichting richting Kenscoff te sturen. Alexander heeft hulp nodig. Hij is oké! Maar we weten niet voor hoe lang! Terwijl Lex nu even online kan zijn, zal de omvang van de ramp tot hem doordringen. Hij zal het wegdrukken om te overleven. En dat is goed. Haïti huilt, Kenscoff huilt en Alexander heeft ons nodig. Alex heeft ook de media nodig. Er moet noodhulp komen in Kenscoff!!!
Quote papa: Sara gaat een paar keer in de week naar het kinderdagverblijf en daar leert ze voor blije peuter...
SaraMerel Ukje