Etappe 4: Padova - San Martino di Castrozza (162km)De ronde is amper van start gegaan of de eerste bergrit staat al op het programma. De etappe naar het skidorp San Martino di Castrozza is de eerste serieuze test voor de mannen met ambitie voor het eindklassement.
Padova (Nederlands: Padua) is met 212.000 inwoners de derde stad van de regio Veneto en hoofdstad van de gelijknamige provincie waar 850.000 mensen wonen. Padova ligt in het noordoosten van de Po-vlakte en vormt zo een verbinding met het Venetiaanse laagland, de stad zelf wordt gedomineerd door de Bacchiglione en Brenta rivieren die zich een weg door de stad slingeren.
Het is één van de oudste steden van Italië en werd volgens de legende in 1183 v.C. gesticht door de Trojaanse nobele Antenor, vast staat dat de stad minimaal 2500 jaar oud is. De oorspronkelijke bewoners, de Veneti, sloten in 226 v.C. een alliantie met de Romeinen en zouden in verschillende oorlogen meestrijden met de opkomende wereldmacht. In 49 v.C. kreeg Patavium, zoals de Romeinen het noemden, stadsrechten en zou het al snel uitgroeien tot een belangrijke Romeinse stad. De bekendste inwoner was de historicus Titus Livius, hij schreef het "Ab urbe condita", een geromantiseerde versie van de Romeinse geschiedenis vanaf de stichting van Rome.
Padova was in de middeleeuwen vaak doelwit door plunderingen en verwoestingen, o.a. de Visigoten, Hunnen, Ostrogoten, Lombarden en Hongaren hielden hier huis alvorens het zich in de 12e eeuw onafhankelijk zou maken van het Heilige Roomse Rijk. Padova werd een zelfstandige stadstaat en kwam weer tot bloei, met als symbool de stichting van de derde universiteit van Italië in 1222. In 1338 greep de Carraresi familie de macht, in 1405 werden Signore Francesco Carraresi en zijn zoons gevangen genomen door de Doge van de Venetiaanse Republiek dat Padova zou annexeren. Hoewel de stad geen politieke macht meer had, bleef het zich op cultureel en intellectueel gebied doorontwikkelen, zo werden belangrijke geleerden als Nicolaus Copernicus en Galileo Galilei hoogleraar aan de universiteit. In 1545 werd de "Orto botanico di Padova" aangelegd, de oudste botanische tuin van Europa en een UNESCO werelderfgoed. In 1594 bouwde men er ook het eerste anatomisch theater van de wereld.
De oudste botanische tuin van EuropaPadova was het hoofdkwartier van het Italiaanse leger in de Eerste Wereldoorlog en op 3 november 1918 werd hier de overgave van Oostenrijk-Hongarije getekend. In de Tweede Wereldoorlog werd de stad in 1943 bezet door de Duitsers, de geallieerden voerden hevige bombardementen uit op de stad waardoor de Eremitani kerk verloren ging, volgens kenners één van de belangrijkste culturele verliezen van Italië in de oorlog.
Tegenwoordig is Padova een echte studentenstad, de genoemde Università degli Studi di Padova telt maar liefst 63.000 studenten waarmee het één van de grootste universiteiten van Italië is. Hiernaast werken ruim 50.000 mensen in de industriële sector.
Belangrijkste monumenten zijn het Palazzo della Ragione (stadhuis), de Basilica di Sant'Antonio (1231) en de reusachtige Abbazia di Santa Giustina (17e eeuw). De aan het einde van de 18e eeuw ontworpen Prato della Valle is het grootste plein van Italië (derde van Europa) en ligt op de plaats waar vroeger het Romeinse theater lag, het plein is in een ovale vorm gebouwd op een "eiland" omringd door een kanaal met prachtige kanalen en fonteinen.
Prato della Valle, het grootste plein van ItaliëBekende Padovani zijn o.a. Bartolomeo Cristofori (17e eeuwse uitvinder van de piano), Giovanni Battista Belzoni (18e eeuwse pionier in de Egyptologie), Riccardo Patrese (Formule 1 coureur, 2e WK 1992) en voetballer Francesco Toldo (ex-keeper Fiorentina en Italië, reservedoelman Internazionale). De voetbalclub Calcio Padova speelde 19 seizoenen op het hoogste nivo, voor het laatst in 1996, en speelt tegenwoordig in de Serie C.
De wielervereniging "Società Ciclisti Padovani" viert dit jaar, net als de Giro zelf, haar honderdjarig bestaan en is de organisator de semi-klassieker Giro del Veneto met start en finish in Padova, deze werd vorig jaar gewonnen door Francesco Ginanni. Padova was ook zes keer aankomstplaats in de Giro, voor het eerst in 1912 toen Giovanni Micheletto won, in 2000 was Ivan Quaranta de laatste winnaar in Padova. De bekendste wielrenners uit de stad zijn Mario Ricci (winnaar van o.a. 4 Giro ritten en 2x Giro di Lombardia in de jaren ' 40), baanrenner Leandro Faggin (Olympisch kampioen 1956 op de 1KM tijdrit en ploegenachtervolging, 3x wereldkampioen individuele achtervolging) en als bekendste Silvio Martinello die een paar mooie sprints won op de weg (o.a. 2 Giro ritten en 1 Vuelta etappe), maar in de jaren '90 en begin deze eeuw vooral op de baan furore maakte als zesdaagse topper, viervoudig wereldkampioen (2x puntenkoers, 2x ploegkoers) en Olympisch kampioen puntenkoers in 1996. In het huidige profpeloton wordt Padova vertegenwoordigd door Alberto Ongarato, maar de trouwe sprintaantrekker van Alessandro Petacchi doet niet mee in deze Giro.
San Martino di Castrozza (Duits: Sankt Martin am Sismunthbach) is een skidorp in de Dolomieten, er wonen iets meer dan 400 mensen in het plaatsje dat verdeeld is tussen gemeenten Siror (1200 inw.) en Tonadico (1400 inw.). Het behoort tot de provincie Trento (513.000 inw.) in de regio Trentino-Alto Adige (1 miljoen inw.). Trentino-Alto Adige bestaat uit twee provincies, Trento en Bolzano, en is één van de vijf autonome regio's van Italië. Het behoort pas sinds de Eerste Wereldoorlog tot Italië toen het, net als Trieste, werd geannexeerd van het verslagen Oostenrijk. De Oostenrijkse naam voor hun oude provincie is Südtirol, tegenwoordig spreekt 65% van de bevolking Italiaans als moedertaal en 32% Duits, ook wordt in een klein gebied nog het Ladinisch gesproken.
![]()
De regio is één van de belangrijkste gebieden voor de Giro d'Italia vanwege de dolomieten die elk jaar wel worden aangedaan voor minstens één bergrit. De twee grootste renners en enige Girowinnaars uit de regio zijn Francesco Moser (1984) en Gilberto Simoni (2001 en 2003), beiden komen toevallig uit hetzelfde dorpje: Palù di Giovo. Simoni's ploegmaats Leonardo Bertagnolli en Alessandro Bertolini komen ook uit de provincie Trento, Liquigas renner Manuel Quinziato komt uit Bolzano.
San Martino di Castrozza ligt in de Primiero vallei en dankt haar oorsprong aan aanhangers van "L'ospizio dei Santi Martino e Giuliano", een kleine christelijke religie die inmiddels alweer verdwenen is. In 1873 werd de Passo Rolle aangelegd, een 1984 meter hoge bergpas tussen de Fiemme en Primiero valleien, opeens werd het gehucht San Martino uit haar isolement gehaald, er werd een weerstation in de omgeving gebouwd en de Engelse klimmer John Ball liet een eerste houten hotelletje neerzetten in het toen nog Oostenrijkse dorp. Het groeide al snel uit tot een populair plaatsje bij de Oostenrijkse upper class. In de Eerste Wereldoorlog werden zware gevechten tussen Italië en Oostenrijk geleverd op de flanken van de Passo Rolle, dit is nog altijd te zien langs de klim met verscheidene loopgraven en tunneltjes die herinneren aan de oorlog. Het plaatsje leeft tegenwoordig vrijwel uitsluitend van het toerisme en is een typisch, zij het niet al te groot, skidorp geworden.
In 1954 won Wout Wagtmans de eerste Girorit naar San Martino di Castrozza, hij liet medevluchter Primo Volpi vijf seconden achter zich. De enige andere aankomst hier was in 1982 toen de Spanjaard Vicente Belda de beste was.
![]()
![]()
De eerste bergrit van de Giro del Centenario begint met een lange vlakke aanloop van iets meer dan honderd kilometer, het enige knikje na 45 kilometer zal waarschijnlijk weinig teweeg brengen als de kopgroep al geformeerd is.
Na deze aanloop wordt de eerste serieuze klim van deze ronde genomen de Croce D'Aune (1015m hoog, 8.5km aan 7.9% gem. en 12% max.), een steile klim die vooral in het begin erg lastig is met een halve kilometer boven de 10% en nog een halve kilometer net onder die 10%. De rest van de klim is vrij regelmatig, maar stijgingspercentages van zeven a acht procent alles behalve makkelijk.
![]()
![]()
De slotklim van de dag naar San Martino di Castrozza (1466m hoog, 13.7km aan 5.5% gem. en 10% max.) is iets langer, maar een stuk minder lastig. De klim begint met een paar kilometers veredeld vals plat, loopt steeds iets steiler omhoog tot percentages van zeven procent. Halverwege de klim wordt de weg onregelmatiger, met heel wat minder steile stukken er tussen. De laatste kilometers vlakken zelfs wat uit met een niet meer dan vals platte laatste honderden meters.
![]()
![]()
Een eerste bergetappe in een grote ronde is altijd iets bijzonders, renners die onverwacht boven komen drijven of juist teleurstellen, dat zal in deze etappe niet anders zijn. De voorlaatste klim is vrij pittig en zal wellicht voor meer spektakel zorgen dan de slotklim waar aanvallers in het nadeel zijn.
[ Bericht 0% gewijzigd door DutchSL op 12-05-2009 07:29:52 ]