quote:
Sint, je weet, dat is nu eenmaal best een leek,
die in zijn jeugd niet veel verder dan de vrouwtjes keek.
Kunst, muziek, film, dat boeide hem geen reet,
nee, die ouwe ging toen al enkel voor de spleet.
Zoals een ander uren van een pianostuk geniet,
peinst Sint weer over de een of de andere tiet.
En terwijl een ander kijkt naar een prachtig schilderij,
denkt Sint terug aan zijn fijnste vrijpartij.
Maar denk nu niet dat Sint volledig imbeciel
de hele dag volgzaam is aan zijn ouwe piel.
Hij heeft ook heus gehoord van alle grote namen,
zoals Pieter Corneliszoon Bag, en Johannes Bramen.
Sint houdt ook erg van Liedewijn van Beethoven,
toen hij hoorde van een dove hond die piano speelde, kon hij het niet geloven!
Maar één componist is absoluut favoriet bij de Sint,
We hebben het hier over dat wonderkind.
Ammedejus Mosart is zijn naam,
en hij geniet van een eindeloze faam.
In zijn geboorteland, Duitsland, is hij enorm groot,
en ook hier herdacht men pas geleden de 10e verjaardag van zijn dood.
[...]
Een lange van vorig jaar.
quote:
Beste .....
Sint heeft liefde voor een ieder:
wijn, bier, whisky, cider.
Kindjes schieten er bij in
door jenever, wodka, rum en gin!
’s Morgens heeft hij dan een kop…
hersencellen op de schop!
Op zijn hoofd staat dan een scheve mijter
en hij straft zijn Pieten met getreiter.
Zelfmoord is een Piet niet vreemd
sinds Sint vaak een wíjntje neemt.
Goed: Sint heeft dus een ieder lief,
maar één man is hem toch een dief.
Wie komt elk jaar met zijn slee,
en neemt dan vele pakjes mee?
Wie beweegt door ijle lucht,
wie is het die Sint zo ducht?
Wiens elandje draaft daar zo snel,
gedreven door een gouden bel?
De Kerstman, ja, díe haat de Sint,
die is de Sint niet goed gezind.
De oorzaak van de toorn is evident,
als een ruzie goede reden kent!
Hij stopte Sints kolonisatie
tot enkel de Bataafse natie!
Sints kleine hartje is gegriefd:
de Kerstman is bij méér geliefd!
“O mij ontrukt Amerika”
krijst Nic’laas in zijn tunica,
bij de slijter brult hij “Engeland!”,
zijn mijter in zijn rechterhand!
“Mijn mooie Duitsland ben je daar,
met je worsten en je adelaar?”
“Turkije” gilt hij dan aan tafel,
“mij vergeten moedersnavel!”
“Mij is zelfs niet thuisland Spanje,
enkel nog dat rotoranje!”
De haat zit Sint diep in het hart;
zijn botten zijn doordrenkt met smart!
Daarom zuipt hij ook maar door,
omdat hij toen een vriend verloor.
Klaas en Klaus, ooit beste makkers,
een wellustig duo pedofiele kinderpakkers.
Imperialisme dreef hen uit elkaar,
dit oude, altruïstisch paar.
“O lieve schimmel, hoe ik jou mis,
is voor elke eland, elf, gewis”
brult een rendier aan de hemel,
waar het slechts van sterren wemelt.
“Eland, jou heb ik tijden niet gezien,
wel een jaar of honderdtien!”
hinnikt Sints ooit jonge paard,
inmiddels ook al flink verjaard!
Bij de Sint was echter onbekend,
dat ook de Kerstman zich verwent:
regelmatig gaan er biertjes in,
jenever, wodka, rum en gin!
Ook die Klaus is aan de drank,
ligt voor dood daar op de bank.
En zijn hart dat schreeuwt “o Klaas,
mijn goeie, ouwe pakjesbaas!”
Beiden hebben dus verdriet,
omdat geen één de ander nog eens ziet,
Met afgezakte muts daar bij de slijter
herkent Klaus op een dag de mijter,
die hij vroeger dikwijls zag
tot zijn ongebreideld winstbejag.
Een strijd die Klaus nog had gewonnen;
waar was hij toen toch aan begonnen?!
Zijn beste vriend had hij verloren,
naar verzoening had hij oren,
toen hij zich goed realiseerde,
dat hij hetzelfde als Sint begeerde:
cider, bier, whisky, wijn,
tegen ongekropte hartenpijn!
Na even op zijn schouder te slaan,
Sprak de Kerstman Sint toen aan:
”vergeef me alsjeblieft, o beste maat,
zorg dat onze vriendschap nooit vergaat!”
de Sint zei: “ik weet niet wie jij bent,
ga toch weg, jij vieze vent!
In mijn uitgestrekte levenstijd,
heeft zich nog nooit zo’n walm verspreid!
De dranklucht komt je uit de mond,
en klopt, dat ik je goed verstond,
toen je me een vriend noemde, jij lul,
ik ken jou niet, jij onbenul!”
De Kerstman zei: “Ik ben het, Klaas,
die met snelheid door het luchtruim raast,
die rinkelt met zijn gouden bel,
ik ben Klaus, jouw kerstgezel!”
De Sint tuurde nog eens goed,
zoals hij, teut, wel vaker doet.
en warempel, het was hem heus,
die zelfingenomen Kerstkneus!
Sint twijfelde geen moment
en maakte Klaus meteen bekend
met zijn vermaarde rechterklauw:
“Hier, lul, die is voor jou!”
“Dank u, lieve, lieve heer,
dank u, dank u, dank u zeer,
míj gaf u na vele jaren wraak,
hém gaf u een gebroken kaak,
deze doe ik er uit úw naam bij,
ik maak van zijn ballen balkenbrij!”
Sinterklaas haalde eens flink uit
in de Kerstmans onderkluit!
Die stond echter onbewogen op,
ook nog na zo’n harde schop!
Hij zei lachend aan de Sint,
die verbaasd was als een kind:
“Geen bal meer in mijn ballenhok,
dat zit niet lekker, op de bok!
jaren geleden liet ik me castreren,
zodat ik prettig heen en weer kan veren!”
Maar heb je dan je wraak nu, ouwe man,
zodat er iets gebeuren kan,
om de ruzie nu te termineren,
en het tij voorgoed te keren?”
Sint overpeinsde alles goed:
“Ik heb mijzelf genoeg beboet.
Mijn vriend herenigt zich met mij,
van de pijn ben ik nu vrij”,
en zei:
“vanaf nu gaan wij hand in hand,
en zetten wij de drank weer aan de kant!
De drank was enkel uit gemis,
wat stopt, nu ik eindelijk beslis,
dat ik het goed maak met je, maat,
opdat onze vriendschap nooit vergaat!”
De Kerstman huilde, traan na traan,
liet ze over wangen gaan.
De Sint liet tranen ogen warmen,
en sloot zijn makker in zijn armen.
Elanden en paard werden ook verzoend,
hun scheiding werd snel weggeboend.
De Kerstman vond dit niet genoeg,
en had nog veel meer voor de boeg.
“Ter beëindiging van deze drankbedoening,
heb ik hier een offer tot verzoening.”
Zo sprak hij en hij gaf de Sint
een pak met een enorm lint
met daarín een flesje appelcider
en een abonnement bij een internetaanbieder,
om zo het contact te bewaren,
gedurende vele jaren.
De Sint gaf zelf ook een zoenoffer,
en dook met Klaus zo in de koffer!
Dat werd daar toch sekspartij
met al dat ruige mannengevrij!
Zie dus hier mijn beste kind,
van al deze malaise leerde onze Sint.
Als een ware Balkenende-twee
kreeg hij norm en waarde mee!
Het goedmaken is niet verkeerd
en daarom als Sint heeft geleerd,
is het sleutelwoord van dit gedicht
het presentje dat hieronder ligt!
Het cadeau dat Sint jou biedt
is een excuus voor dit lange lied,
dit gedicht van een pagina of vier,
maar wees gerust, het eind is hier!
Gegroet, Sinterklaas en de kerstman!
En ja, ik ben bereid om me te laten Sinterklaa-dopteren door andere families !