Een aantal puntjes op een rij en het antwoord van minister Vogelaar. Altijd zinvol om ons even te herinneren hoe verantwoordelijk politiek Den Haag hier tegenover staat.
Kamervragen en antwoorden van de ministerVragen van de leden Fritsma en Wilders (beiden PVV) over het bericht dat uit een geheim contract is gebleken dat de Westermoskee te Amsterdam toch in handen komt van de militante Duitse tak van Mili Gorus.
1.) Hoe beoordeelt u het dat het bestuur van de Westermoskee iedereen heeft misleid, inclusief de toenmalige minister van Justitie, door een convenant te tekenen waarin is opgenomen dat de moskee “financieel, juridisch en mentaal” onafhankelijk zal blijven van het Europese hoofkwartier van Milli Görüs in Keulen, terwijl toen allang een contract was getekend waarin staat dat de moskee juist in handen komt van dit Duitse hoofdkwartier?
2.) Deelt u de mening dat het een schandalige zaak is dat het bestuur van de Westermoskee er door deze misleiding voor heeft gezorgd dat de hele Nederlandse samenleving –en ook de Kamer- is bedrogen, omdat de (toenmalig) minister van Justitie in antwoord op kamervragen van de toenmalige Groep Wilders heeft aangegeven dat “er geen sprake is van overname van de Nederlandse tak van Milli Görüs door de Duitse tak” en dat “alle moskeeën die bij Milli Görüs zijn aangesloten zelfstandige stichtingen zijn die niet in bezit of eigendom zijn van Milli Görüs?
3.) Kunt u er zorg voor dragen dat de leugens keihard worden afgestraft door de bouw van de moskee definitief NIET door te laten gaan? Vindt u het ook van belang dat daarmee een duidelijk signaal wordt afgegeven richting alle moskeeën, dat het niet wordt gepikt dat de Nederlandse samenleving met puur bedrog om de tuin wordt geleid?
4.) Kunt u er, in geval er geen juridische mogelijkheden zijn om de bouw van de moskee definitief te staken, er voor zorgen dat deze worden gecreëerd?
5.) Kunt u de gemeente Amsterdam ertoe bewegen dat de subsidie voor de vrouwenbeweging van Milli Görüs onmiddellijk wordt stopgezet, en wordt teruggevorderd, voor zover dat op grond van alle berichten over de betrouwbaarheid van de organisatie nog niet is gebeurd?
6.) Hoe beoordeelt de minister het dat meer Nederlandse moskeeën gelieerd zijn aan Milli Görüs, terwijl duidelijk is dat deze extremistische organisatie absoluut niet is te verenigen met onze westerse normen en waarden en ook absoluut niet te vertrouwen is? Welke stappen worden er tegen de overige aan deze organisatie verbonden moskeeën genomen?
7.) Deelt u de mening dat duidelijk is dat het zeer gevaarlijk is dat bemoeienis vanuit het buitenland doordringt tot in Nederlandse moskeeën? Kunt u, in het verlengde daarvan, garanderen dat Nederlandse moskeeën buiten de invloedssfeer van radicaal- islamitische landen en organisaties blijven?
8.) Deelt u verder de mening dat het niet wenselijk is dat er tientallen moskeeën gebouwd worden in Nederland met buitenlands geld? Bent u bereid om dit een halt toe te roepen?
Antwoord van minister Vogelaar
(Wonen, Wijken en Integratie), mede
namens de minister van Justitie
(Ontvangen 19 april 2007), zie ook
Aanhangsel Handelingen nr. 1180,
vergaderjaar 2006–2007.
1.) Op 20 november 2005 is er een protocol getekend door bestuursleden van de vereniging naar Duits recht «Islamitische Gemeinschaft e.v.» (IGMG), de vereniging naar Duits recht «Europaische Moscheebau und Unterstützingsgemeinschaft e.v. (EMUG) en de directeur van Manderen B.V. De vereniging Westermoskee is niet betrokken geweest bij de opstelling van het protocol. De betekenis van het protocol is lastig te duiden aangezien
een directeur in het algemeen geen uitspraken kan doen over het al dan niet overdragen van de aandelen door zijn aandeelhouders. Verder is de status en de juridische verbondenheid niet geheel duidelijk. Naast het protocol is er in september 2006 door Manderen B.V., de drie aandeelhouders van Manderen B.V., de Vereniging Westermoskee Milli
Görüs en stadsdeel De Baarsjes het convenant «Werken aan de Toekomst» ondertekend. Deze bij de bouw van de Westermoskee betrokken partijen verklaren onder meer dat zij de liberale koers zullen voortzetten. Onder liberale koers verstaan zij blijkens het convenant het respecteren van de grondslagen van de Nederlandse Grondwet, het
blijven verdedigen van de vrijheid van meningsuiting, het blijven bevorderen van de emancipatorische verhoudingen onder de leden, zorgdragen voor de voorbeeldwerking, het tegen gaan van radicalisering onder de leden, de maatschappelijke verantwoordelijkheid van de moskeeën blijven onderschrijven en het stimuleren van het preken in het Nederlands. Aanleiding voor het sluiten van dit convenant was het borgen van de op integratie gerichte koers.
Teneinde misverstanden te voorkomen heeft de gemeente Amsterdam als voorwaarde voor verdere samenwerking gesteld dat het protocol met het Duitse hoofdkwartier ingetrokken dient te worden. Het bestuur van de Westermoskee heeft aangegeven aan het protocol geen waarde te hechten.2.) Nee. Zie vraag 1.
3.) De inzet van de gemeente Amsterdam, Stadsdeel De Baarsjes, is te voorkomen dat de moskee onder radicale invloed komt. Er is in dat licht geen reden om de bouw te staken. Tegen strafbaar handelen of tegen handelen in strijd met de grondvesten van de democratische rechtsorde kan de gemeente Amsterdam met de daartoe geëigende middelen optreden. Het bestuur van het stadsdeel De Baarsjes heeft in dit kader besloten een nader onderzoek in te stellen naar de financiering van de Westermoskee op grond van de Wet Bibob.(1)
Op grond van de Wet Bibob is het mogelijk een (bouw)vergunning te weigeren of een reeds verleende vergunning in te trekken indien er een ernstig vermoeden bestaat dat de vergunningen misbruikt kunnen worden om strafbare feiten te plegen.4.) Zie vraag 3.
5.) Ik zie geen reden om de op emancipatie en participatie gerichte projecten van de vrouwenbeweging van Milli Görüs stop te zetten dan wel de subsidie voor deze projecten terug te vorderen. Het is aan het gemeentebestuur van Amsterdam om erop toe te zien dat de verstrekte subsidies conform het beoogde doel worden gebruikt. Wanneer het gemeentebestuur constateert dat de subsidies niet conform het beoogde doel worden gebruikt, is het aan het gemeentebestuur om in te grijpen.
6.) Zie vraag 1 en 3.
7.) Bemoeienis vanuit het buitenland is een gegeven en past binnen de ruimte die de wet hiervoor laat. Deze invloed mag niet gebruikt worden om in Nederland levende gelovigen af te houden van participatie aan onze samenleving of zelfs op te zetten tegen onze samenleving. Indien dit laatste wel het geval is, zal het kabinet – met inachtneming van de bestaande vrijheden en beperkingen – er alles aan doen om dergelijke ongewenste invloeden tegen te gaan.8.) Vanwege het beginsel van scheiding tussen kerk en staat, de grondwettelijke godsdienstvrijheid en de vrijheid van meningsuiting, mengt de overheid zich niet in de samenstelling, de inrichting, de bekostiging of de theologische
koers van religieuze en levensbeschouwelijke organisaties. Wanneer er sprake is van het plegen van strafbare feiten kan de overheid daartegen optreden met de daartoe geëigende middelen.
(1) Wet van 20 juni 2002, houdende regels
inzake de bevordering van
integriteitbeoordelingen door het openbaar
bestuur met betrekking tot beschikkingen of
overheidsopdrachten (Wet bevordering
integriteitbeoordelingen door het openbaar
bestuur).
KRO-ReporterOnderzoek door de
Bibob loopt nog...Eigenlijk had ik alles wel
vet kunnen markeren. Reminder, woensdag a.s. wordt de kwestie in de Amsterdamse gemeenteraad behandeld.