Mooi verhaal in de technische gids van de Volta NXT Classic
quote:
Andy Schleck:
het zadel bleef in Eijsden
Andy Schleck. Jarenlang behoorde hij tot de
beste klassementsrenners ter wereld. De man die
bergop fietsen tot een vorm van kunst verhief,
won veel hoog aangeschreven wedstrijden,
waaronder de Tour de France van 2010. In april
2007, toen Schleck een nog onbeschreven blad
was, deed hij mee aan de Hel van het Mergelland,
de huidige Volta NXT Classic. Zijn deelname leek
een succes te worden, totdat de Luxemburger
in de finale een lekke band kreeg. Het zadel dat
hij uit frustratie van zijn tweewieler sloeg, zit al
jarenlang op de fiets van een Eijsdense wielerfan.
Hij voelt het vrijwel onmiddellijk. Zijn stuur dat begint
te trillen, zijn voorwiel dat plots heen en weer stuitert,
zijn benen die ineens meer kracht moeten leveren om
de pedalen rond te laten draaien. En luttele seconden
later, het krakende geluid van een over kasseien schurende velg.
Alsof je met je nagels over een oud schoolbord krast, zo klinkt het.
Andy Schleck hoeft niet eens te kijken, hij weet het al: dit is foute
boel. Een krachtige vloek ontsnapt uit zijn mond.
Ambitie
Het is zaterdag 7 april 2007, de dag van de 34ste Hel van het
Mergelland. Deze ochtend is Andy Schleck met kriebels in de
kuiten uit bed gestapt. Slapen ging niet best, afgelopen nacht. En
dus drentelt hij in alle vroegte door zijn hotelkamer. Hij sjokt naar
het raam, schuift de gordijnen opzij en tuurt vervolgens een poosje
naar het Limburgse land, dat bedekt is met een dun laagje dauw.
“Dit wordt mijn dag”, mompelt hij, tegen niemand in het bijzonder.
Het 21-jarige supertalent staat op het punt om de mondiale
wielertop te bestormen. De druk die hij meetorst weegt zwaar,
maar hij is ertegen bestand. Schleck brandt van ambitie. Winnen
wil hij, elke koers die hij rijdt.
Lek
Uren later. Terwijl een flauw lentezonnetje door het massieve
wolkendek prikt en de zaterdagmiddag langzaam ten einde loopt,
nadert de Hel van het Mergelland z’n ontknoping. Voor Andy
Schleck is de wedstrijd tot dusver ideaal verlopen. Hij maakt,
samen met enkele ploeggenoten, deel uit van een omvangrijke
kopgroep. De zege ligt voor het oprapen, denkt Schleck, optimist
als hij is. Maar dan, bij het ingaan van de laatste ronde, gaat het
mis. Een minuscuul, maar vlijmscherp projectiel boort zich in de
tube van Schleck’s voorwiel. Lek. Weg overwinning. Weg goede
voornemens. Ogenblikkelijk knijpt Schleck in de remmen, waarna
hij ongeduldig achterom kijkt, wachtend op assistentie.
Zadel
“Hij heeft daar minutenlang moederziel alleen gestaan”, vertelt
wielerfan Tom Goessens, die het tafereel van dichtbij meemaakte.
“In de tussentijd werd hij door zowat het hele peloton gepasseerd.
Uit frustratie gaf Schleck een harde klap op zijn zadel, dat, gek
genoeg, loskwam en met een keurig boogje voor mijn voeten
belandde. Nadat Schleck eindelijk een nieuwe fiets had gekregen,
liep ik naar zijn mecanicien toe om het zadel af te geven. Die stapte
echter terug in de ploegleidersauto, zonder mij een blik waardig te
gunnen. Stond ik daar met dat zadel… Ik besloot het te houden
en op mijn wielerfiets te monteren. Heb ik geen spijt van gekregen,
want het zadel zit heerlijk. Bovendien is het een fraai aandenken
aan een man die zich in de jaren nadien zou ontwikkelen tot een
zeer succesvolle renner.” Succesvol wordt Schleck inderdaad. Nee,
de Hel van het Mergelland van 2007 zal hij niet winnen. Sterker: de
Luxemburger finisht als laatste, op ruim vijf minuten van winnaar
Nico Sijmens. Lang treurt hij niet, want iedere tegenslag, ook deze,
sterkt hem in zijn doel om de beste renner ter wereld te worden.
Frivole vogel
In het bereiken van dat ideaal slaagt Schleck met vlag en wimpel.
Vooruit gestuwd door een surplus aan klasse, groeit hij uit tot
een onbetwiste topper in het internationale peloton. Hij wint de
Tour de France, Luik-Bastenaken-Luik en handenvol andere grote
koersen. Het zijn de hoogtijdagen van Schleck, die geliefd is bij de
wielervolgers. Hij is een renner die koerst met het hart. Die durft te
verliezen. Die het publiek vermaakt met dappere aanvalspogingen,
ook al stranden ze regelmatig in schoonheid. Uiteindelijk duurt zijn
glorieperiode korter dan verwacht. Eind 2014, na drie seizoenen
van blessureleed en povere resultaten, zet Schleck een punt achter
zijn wielercarrière. De frivole vogel van weleer fladdert geruisloos
uit beeld, de betrekkelijke anonimiteit tegemoet.
Déjà vu
Toch denken we graag terug aan de jaren waarin de frêle klimgeit
over de Europese bergpassen dartelde. Aan de tijd dat hij en zijn
rivaal Alberto Contador onvergetelijke duels uitvochten in de Alpen
en Pyreneeën. Zoals in de vijftiende etappe van de Tour van 2010.
Met de gele trui om de ranke schouders, demarreert Schleck op de
flanken van de Port de Balès. Met sprekend gemak schudt hij de
concurrenten van zich af; Schleck lijkt te vliegen. Plots hoort hij een
vreemd geluid. Deze keer is het geen leeglopende tube, maar een
haperend versnellingsapparaat. Weer staat Schleck op het moment
suprême met pech te voet. Weer kijkt hij wanhopig om zich heen.
Weer tikken de seconden tergend traag weg. Weer vallen zijn
briljante plannen in duigen. Weer voelt hij de frustraties opborrelen.
Het lijkt wel een déjà vu. Even glijden zijn gedachten langs die
bewuste zaterdagmiddag in Eijsden, drie jaar eerder. Zal hij?
Net op dat moment springt de ketting terug op het tandwiel.
Zijn zadel blijft ongedeerd. Nu wel.