abonnement Unibet Coolblue Bitvavo
pi_50321403
quote:
Op maandag 11 juni 2007 09:08 schreef Masterix het volgende:

[..]

De essentie van de christelijke versies van het vehaal is dat de koran de versimpelde en verarabiseerde versie is van enkele bijbelse verhalen.
Die essentie is controleerbaalr waar: lees de bijbel en de thora maar eens naast de koran, en lees de betekenis van het woord "plagiaat".
De conclusie volgt vanzelf.
Nergens gaat er in je hoofd op dat er veel overeenkomsten zijn omdat de Thora van Allah komt, de Bijbel van Allah komt en de Koran van Allah komt? De Koran is duidelijk en perfect. De vervolmaking van het geloof.

Nog leuker zelfs. Is de Christendom dan een afdwaling van het Jodendom?
In fact, recent observations and simulations have suggested that a network of cosmic strings stretches across the entire universe.
pi_50321435
quote:
Op maandag 11 juni 2007 09:24 schreef Triggershot het volgende:

[..]

misschien constructiever. Regels gelden ook voor jou
wtf... en al dat geld dan dat ik je had gestuurd ? omkoperij kan ook al niet meer -_-
In fact, recent observations and simulations have suggested that a network of cosmic strings stretches across the entire universe.
pi_50321678
quote:
Op maandag 11 juni 2007 09:13 schreef Triggershot het volgende:


Joh, ben je helemaal zelf tot de conclusie gekomen? De Islam bevestigd dat het inhoud heeft van de Bijbel en Thora.
[..]
Dat heeft mijn geïlluistreerde kinderbijbel ook. Echter: mijn kinderbijbel doet niet alsof het de echte bijbel kan vervangen of zelfs overtreft.

Ik zie niet in waarom niet: mijn kinderbijbel geeft de bijbelverhalen veel beter weer dan de koran.
quote:
Oh nu zijn het ineens alleen maar verhalen
Minder nog: versimpelde versies van de verhalen, ontdaan van literaire kwaliteit, inhoud en boodschap..

Leg de schaarse enigszins onsamenhangende opmerkingen uit de koran maar eens naar de volledige, orginele versies uit de thora: de verhalen over Abraham, Mozes, David en de andere figuren die in de koran worden aangestipt: de context van de punten waar de koran naar verwijst worden in de koran verder niet gegeven: de complete thora-verhalen zijn wel opgenomen in de bijbel (het zg. Oude Testament), maar niet in de koran.

De bijbel bevat echter zoveel meet als de verhalen waarnaar de koran soms verwijst, of de wetten die de islam gedeeltelijk overgenomen, gedeeltelijk aangepast heeft: niets van de essentie van de grote boeken is in de koran terecht gekomen.

Niet de essentie van de tweestrijd tussen goed en slecht, zoals uit de prachtige thora-verhalen over koning David: de islam uit geen kritiek op profeten. Weg essentie van de mooiste David-verhalen.
De essentie van het Evangelie: Jezus is gemaakt tot onder-legeraanvoerder in Mohammeds militairistische voorstelling van de ranken en standen van zijn "religie": weg essentie van de Boodschap van Jezus.
Niets is overgebleven van de rijke bijbelse (thora) literatuur, de verhalen van Esther, Job, Jona, boeken als Hooglied, Prediker, Spreuken, al die rijkdom: allemaal door de grote stichter van de islam preventief uit de koran gescheurd.

Alleen het rigide, het militairistische bleef over...

Zo jammer.
"thats a pile of goatshit what you're saying mister master...and a large pile too" schreef Burakius die maandagmorgen
pi_50321734
quote:
Op maandag 11 juni 2007 09:36 schreef Masterix het volgende:

[..]

Dat heeft mijn geïlluistreerde kinderbijbel ook. Echter: mijn kinderbijbel doet niet alsof het de echte bijbel kan vervangen of zelfs overtreft.

Ik zie niet in waarom niet: mijn kinderbijbel geeft de bijbelverhalen veel beter weer dan de koran.
[..]

Minder nog: versimpelde versies van de verhalen, ontdaan van literaire kwaliteit, inhoud en boodschap..

Leg de schaarse enigszins onsamenhangende opmerkingen uit de koran maar eens naar de volledige, orginele versies uit de thora: de verhalen over Abraham, Mozes, David en de andere figuren die in de koran worden aangestipt: de context van de punten waar de koran naar verwijst worden in de koran verder niet gegeven: de complete thora-verhalen zijn wel opgenomen in de bijbel (het zg. Oude Testament), maar niet in de koran.

De bijbel bevat echter zoveel meet als de verhalen waarnaar de koran soms verwijst, of de wetten die de islam gedeeltelijk overgenomen, gedeeltelijk aangepast heeft: niets van de essentie van de grote boeken is in de koran terecht gekomen.

Niet de essentie van de tweestrijd tussen goed en slecht, zoals uit de prachtige thora-verhalen over koning David: de islam uit geen kritiek op profeten. Weg essentie van de mooiste David-verhalen.
De essentie van het Evangelie: Jezus is gemaakt tot onder-legeraanvoerder in Mohammeds militairistische voorstelling van de ranken en standen van zijn "religie": weg essentie van de Boodschap van Jezus.
Niets is overgebleven van de rijke bijbelse (thora) literatuur, de verhalen van Esther, Job, Jona, boeken als Hooglied, Prediker, Spreuken, al die rijkdom: allemaal door de grote stichter van de islam preventief uit de koran gescheurd.

Alleen het rigide, het militairistische bleef over...

Zo jammer.
Dat is raar. Want als je goed keek dan staat er in de Koran dat je voor de verhaaltjes ook naar de bijbel kunt kijken.
In fact, recent observations and simulations have suggested that a network of cosmic strings stretches across the entire universe.
pi_50321803
quote:
Op maandag 11 juni 2007 09:36 schreef Masterix het volgende:

[..]

Dat heeft mijn geïlluistreerde kinderbijbel ook. Echter: mijn kinderbijbel doet niet alsof het de echte bijbel kan vervangen of zelfs overtreft.

Ik zie niet in waarom niet: mijn kinderbijbel geeft de bijbelverhalen veel beter weer dan de koran.
[..]

Minder nog: versimpelde versies van de verhalen, ontdaan van literaire kwaliteit, inhoud en boodschap..

Leg de schaarse enigszins onsamenhangende opmerkingen uit de koran maar eens naar de volledige, orginele versies uit de thora: de verhalen over Abraham, Mozes, David en de andere figuren die in de koran worden aangestipt: de context van de punten waar de koran naar verwijst worden in de koran verder niet gegeven: de complete thora-verhalen zijn wel opgenomen in de bijbel (het zg. Oude Testament), maar niet in de koran.

De bijbel bevat echter zoveel meet als de verhalen waarnaar de koran soms verwijst, of de wetten die de islam gedeeltelijk overgenomen, gedeeltelijk aangepast heeft: niets van de essentie van de grote boeken is in de koran terecht gekomen.

Niet de essentie van de tweestrijd tussen goed en slecht, zoals uit de prachtige thora-verhalen over koning David: de islam uit geen kritiek op profeten. Weg essentie van de mooiste David-verhalen.
De essentie van het Evangelie: Jezus is gemaakt tot onder-legeraanvoerder in Mohammeds militairistische voorstelling van de ranken en standen van zijn "religie": weg essentie van de Boodschap van Jezus.
Niets is overgebleven van de rijke bijbelse (thora) literatuur, de verhalen van Esther, Job, Jona, boeken als Hooglied, Prediker, Spreuken, al die rijkdom: allemaal door de grote stichter van de islam preventief uit de koran gescheurd.

Alleen het rigide, het militairistische bleef over...

Zo jammer.
Man hou toch op, naam van Mohammed komt er 1/2 x in voor in de Koran en hij wordt wel bekritiseerd, overigens terug naar essentie, jij stelt dat het simpelere arabische bijbelverhalen zijn. Weird dat zelfde verhalen in de Koran Goddelijkheid van Jezus verwerpen, Ipv Ishaak Ismael aan het altaar is, ontmoetingen met Khidr en Qaroen, Ad, Salih en Samoed. Ik vind het wel schattig hoor dat je 1000 theorieën in mekaar probeert te futsen om tot een alternatief aan de koran vorming te komen, maar het helpt je niet.
pi_50321919
quote:
Op maandag 11 juni 2007 09:24 schreef Burakius het volgende:

[..]

Nergens gaat er in je hoofd op dat er veel overeenkomsten zijn omdat de Thora van Allah komt, de Bijbel van Allah komt en de Koran van Allah komt? De Koran is duidelijk en perfect. De vervolmaking van het geloof.

Nog leuker zelfs. Is de Christendom dan een afdwaling van het Jodendom?
Tuurlijk, ik ken die claim, en als ik een van de boeken lees speelt die vraag natuurlijk in mijn achterhoofd.

Maar zoals ik in mijn voorgaande post uitleg: de koran is m.i. een voorbeeld van degeneratie: het stamt uit de rijke joods-christelijke traditie maar het heeft geen rijkdom mee kunnen nemen.

Het christendom is ontstaan uit het jodendom ja. Zoals de wetenschap ontstaan is uit de oud-Griekse filosofie.
Afdwaling? Nee, ontwikkeling: christendom leeft. De angst voor verandering is een kenmerk van de islam. In werkelijkheid veranderen religies vortdurend: altijd al zo geweest, zal altijd zo blijven.
"thats a pile of goatshit what you're saying mister master...and a large pile too" schreef Burakius die maandagmorgen
pi_50321971
quote:
Op maandag 11 juni 2007 09:38 schreef Burakius het volgende:

[..]

Dat is raar. Want als je goed keek dan staat er in de Koran dat je voor de verhaaltjes ook naar de bijbel kunt kijken.
Erg goeie tip: zouden meer moslims moeten doen.

Helaas is een beetje kennis van andere religies erg zeldzaam bij moslims: veel (altijd negatieve) vooroordelen komen wel voor. Bijvoorbeeld over de christelijke Drie-Eenheid, zie mijn vorige bijdrage.
"thats a pile of goatshit what you're saying mister master...and a large pile too" schreef Burakius die maandagmorgen
pi_50322143
quote:
Op maandag 11 juni 2007 09:41 schreef Triggershot het volgende:

[..]

Man hou toch op, naam van Mohammed komt er 1/2 x in voor in de Koran en hij wordt wel bekritiseerd, overigens terug naar essentie, jij stelt dat het simpelere arabische bijbelverhalen zijn. Weird dat zelfde verhalen in de Koran Goddelijkheid van Jezus verwerpen, Ipv Ishaak Ismael aan het altaar is, ontmoetingen met Khidr en Qaroen, Ad, Salih en Samoed. Ik vind het wel schattig hoor dat je 1000 theorieën in mekaar probeert te futsen om tot een alternatief aan de koran vorming te komen, maar het helpt je niet.
Misschien zou je mijn bijdrage en die verhalen eens in de bijbel moeten lezen Trigger: dat je dat nooit gedaan hebt blijkt wel erg uit deze post.

Ik zeg niet "simpelere arabische bijbelverhalen": het zijn voor Arabieren versimpelde verhalen uit de bijbel.

Maar enige kennis van de bijbelverhalen is denk ik voorwaarde om te begrijpen wat ik zeg: het zijn namelijk ongeveer dezelfde verhalen, alleen met veel fouen en onvolledigheden.

En de niet-verhalen, de filosofie, de dichtkunst en zoveel andere juwelen ontbreken in de koran die daarmee de indruk geeft van niet meer zijn dan een militaire handleiding.
Om dit te begrijpen zou je eigenlijk de bijbel er eens over open moeten slaan.
"thats a pile of goatshit what you're saying mister master...and a large pile too" schreef Burakius die maandagmorgen
pi_50322256
quote:
Op maandag 11 juni 2007 09:24 schreef Burakius het volgende:


Nog leuker zelfs. Is de Christendom dan een afdwaling van het Jodendom?
In het begin werd het niet als een afdwaling gezien. Gamaliel zelf heeft het Christendom een paar decennia na de dood van Jezus zelfs als toegestane Joodse stroming bestempeld. Dat kwam ook omdat Christenen toen waarschijnlijk nog geen Goddelijke Jezus en drie-eenheid claimden.
pi_50322284
quote:
Op maandag 11 juni 2007 09:53 schreef Masterix het volgende:

[..]

Misschien zou je mijn bijdrage en die verhalen eens in de bijbel moeten lezen Trigger: dat je dat nooit gedaan hebt blijkt wel erg uit deze post.

Ik zeg niet "simpelere arabische bijbelverhalen": het zijn voor Arabieren versimpelde verhalen uit de bijbel.

Maar enige kennis van de bijbelverhalen is denk ik voorwaarde om te begrijpen wat ik zeg: het zijn namelijk ongeveer dezelfde verhalen, alleen met veel fouen en onvolledigheden.

En de niet-verhalen, de filosofie, de dichtkunst en zoveel andere juwelen ontbreken in de koran die daarmee de indruk geeft van niet meer zijn dan een militaire handleiding.
Om dit te begrijpen zou je eigenlijk de bijbel er eens over open moeten slaan.
Je snapt het echt niet hé. probeer enigzins te begrijpen wat er gezegd wordt Verhalen in de Koran zoals ze zijn opgesteld in de Koran zijn verhalen die veelal als je gelooft dat ze overeenkomen met de 'ware' verhalen. Verhalen die foundation van Christendom zouden schaden gezien de verhalen die ik je boven heb gegeven.

1. Een Christelijke monnik zal niet zijn eigen geloof bashen in een nieuw boek genaamd de Koran.
2. De Koran bekritiseert Mohammed wel in zijn gedrag.
3. Koran bevat veel meer verhalen dan die alleen in de Bijbel terug te vinden zijn.
4. Niet dat jij dat weet, maar helft van FOK! weet dat ik ben opgevoed, gegroeid met de Bijbel, dus praat nie over me als je niets weet.
5. De 'fouten' 'onvolledigheden' die jij in de Koran noemt zijn niet zo, maar zijn afwijkingen die content veranderd.
pi_50322429
quote:
Op maandag 11 juni 2007 09:45 schreef Masterix het volgende:

[..]

Tuurlijk, ik ken die claim, en als ik een van de boeken lees speelt die vraag natuurlijk in mijn achterhoofd.

Maar zoals ik in mijn voorgaande post uitleg: de koran is m.i. een voorbeeld van degeneratie: het stamt uit de rijke joods-christelijke traditie maar het heeft geen rijkdom mee kunnen nemen.

Het christendom is ontstaan uit het jodendom ja. Zoals de wetenschap ontstaan is uit de oud-Griekse filosofie.
Afdwaling? Nee, ontwikkeling: christendom leeft. De angst voor verandering is een kenmerk van de islam. In werkelijkheid veranderen religies vortdurend: altijd al zo geweest, zal altijd zo blijven.
Je zegt wel het stamt af van de rijke joodse christelijke traditie. Maar ik zie geen 1 atoompje bewijs of whatsoever vanuit jouw kant. Heb je niet het gevoel dat je nu precies hetzelfde doet als dat de Joden bij Jezus hebben gedaan. Hem niet erkennnen als profeet? Dat je dezelfde fout maakt. De angst is geen kenmerk van de Islam, dan heb jij er niets van begrepen.
In fact, recent observations and simulations have suggested that a network of cosmic strings stretches across the entire universe.
pi_50322455
quote:
Op maandag 11 juni 2007 09:57 schreef Haushofer het volgende:

[..]

In het begin werd het niet als een afdwaling gezien. Gamaliel zelf heeft het Christendom een paar decennia na de dood van Jezus zelfs als toegestane Joodse stroming bestempeld. Dat kwam ook omdat Christenen toen waarschijnlijk nog geen Goddelijke Jezus en drie-eenheid claimden.
Klopt, ik ben Arameers aan het leren, 'Alaha al-achad', Jezus wordt daar erkend als messias, gekruisigd, maar niet als Goddelijk, ze worden in het boek omschreven als 'vroege geredde mensen' (zelf letterlijk vertaald') Bedoel je hun?
pi_50322476
quote:
Op maandag 11 juni 2007 09:47 schreef Masterix het volgende:

[..]

Erg goeie tip: zouden meer moslims moeten doen.

Helaas is een beetje kennis van andere religies erg zeldzaam bij moslims: veel (altijd negatieve) vooroordelen komen wel voor. Bijvoorbeeld over de christelijke Drie-Eenheid, zie mijn vorige bijdrage.
de trinity is een non-issue. Staat duidelijk dat het verwerpelijk is in de koran dus hoef ik er niet eens naar te kijken.
In fact, recent observations and simulations have suggested that a network of cosmic strings stretches across the entire universe.
pi_50322572
quote:
Op maandag 11 juni 2007 10:03 schreef Burakius het volgende:

[..]

de trinity is een non-issue. Staat duidelijk dat het verwerpelijk is in de koran dus hoef ik er niet eens naar te kijken.
Ondankt dat warlord Mohammed natuurlijk geen profeet is (duidelijk als je de traditie een beetje kent) heb ik toch de koran meermalen gelezen.
Ik blijf de sterke indruk hebben dat moslims erg bang zijn voor andere meningen dan die van Mohammed... Misschien door het constante gedreig met straffen en hel in dr koran... Maar een beetje ontspannen over geloofszaken praten is voor de meeste moslims ondoenlijk moeilijk.
Vind ik erg opvallend.
"thats a pile of goatshit what you're saying mister master...and a large pile too" schreef Burakius die maandagmorgen
pi_50322649
quote:
Op maandag 11 juni 2007 10:02 schreef Burakius het volgende:

[..]

Je zegt wel het stamt af van de rijke joodse christelijke traditie. Maar ik zie geen 1 atoompje bewijs of whatsoever vanuit jouw kant. Heb je niet het gevoel dat je nu precies hetzelfde doet als dat de Joden bij Jezus hebben gedaan. Hem niet erkennnen als profeet? Dat je dezelfde fout maakt. De angst is geen kenmerk van de Islam, dan heb jij er niets van begrepen.
Het bestaan van het Oude Testament als onderdeel van de bijbel is een zeer overtuigend bewijs van verwantschaptussen jodendom en christendom, dunkt mij.
Op dezelfde manier is de erfenis van de joods-christelijke traditie terug te vinden in de koran: vele bijbelse figuren worden genoemd: dat is bewijs, beste Burakius.

Off-topic ik krijg een foutmeling als ik mijn sig probeer te wijzigen, maar alvast bedankt!
"thats a pile of goatshit what you're saying mister master...and a large pile too" schreef Burakius die maandagmorgen
pi_50322681
quote:
Op maandag 11 juni 2007 10:10 schreef Masterix het volgende:

[..]

Off-topic ik krijg een foutmeling als ik mijn sig probeer te wijzigen, maar alvast bedankt!
Je moet je wachtwoord ook invullen.
pi_50323197
quote:
Op maandag 11 juni 2007 09:57 schreef Triggershot het volgende:

[..]

Je snapt het echt niet hé. probeer enigzins te begrijpen
wat breng je het toch altijd weer buitengewoon respectvol zeg
quote:
... wat er gezegd wordt Verhalen in de Koran zoals ze zijn opgesteld in de Koran zijn verhalen die veelal als je gelooft dat ze overeenkomen met de 'ware' verhalen. Verhalen die foundation van Christendom zouden schaden gezien de verhalen die ik je boven heb gegeven.
Schaden?
Het christendom is niet een pakket rigide eisen van zo-en-zo MOET er tegen die en die zaken aangekeken worden: ben je een beetje bekend met bijbelonderzoek, trigger?
De christenlijke samenlevingen hebben hun geloof onderzocht en er kritiek op geleverd op manieren die veel verder gaan dan je je als moslim kan voorstellen. (heh heh, geintje): men onderzoekt bijvoorbeeld de persoon Jezus met als doel waarheidsvinding, niet bevestiging van dogma's.
Dat is een fundamenteel andere benadering dan de islamitische wetenschap. Besef je het verschil wel?
quote:
1. Een Christelijke monnik zal niet zijn eigen geloof bashen in een nieuw boek genaamd de Koran.

Hoezo niet?
Noem eens één profeet die NIET het geloof van zijn tijdsgenoten bashde? Voor sommigen is het een taboe maar eigenlijk heeft iedereen wel kritiek op zijn/haar geloof.
quote:
2. De Koran bekritiseert Mohammed wel in zijn gedrag.

Amper... Hele kleine puntjes slechts. Daartegenover staan een enorme berg verheerlijkingen waar mensen als Kim Il Sung nog jaloers van zou worden.
...dat hij zich zo streng met "O profeet" en "O gezant van Allah" liet aanspreken bijvoorbeeld werkt bij mij op mijn lachspieren. Was bij de Mekkanen anders: die vonden het al gruwelijke zelfverheerlijking. terecht denk ik.
quote:
3. Koran bevat veel meer verhalen dan die alleen in de Bijbel terug te vinden zijn.
Jaja, steenaanbidding daar deden joods-christelijke mensen niet aan: de Ka'aba-verhalen bijvoorbeeld komen uit de Arabische cultuur.
Zo ook de verhalen van djinns en zo die in de zuiverdere joods-christelijke traditie tot bijgeloof worden gerekend.
quote:
4. Niet dat jij dat weet, maar helft van FOK! weet dat ik ben opgevoed, gegroeid met de Bijbel, dus praat nie over me als je niets weet.
Heb ik ergens gehoord ja. Daar zie ik werkelijk niets van terug in je posts of je inzichten.
Vergelijk dan eens de versies van bijbel(thora) en koran: dan kan je toch niet met droge ogen beweren wat jij erover zegt, daar dat duidelijk tegen elke logica ingaat?
Lees ze nog eens: de losse snippers over David in de koran, en de vele verhalen over hem in de bijbel (thora): hoe kom je dan in vredesnaam bij die uitspraken die je erover gedaan hebt?
Die zijn dan toch volkomen onbegrijpelijk?

Ik blijf zeggen: lees die verhalen dan eens een keer...
quote:
5. De 'fouten' 'onvolledigheden' die jij in de Koran noemt zijn niet zo, maar zijn afwijkingen die content veranderd.
Ik snap deze zin niet...
"thats a pile of goatshit what you're saying mister master...and a large pile too" schreef Burakius die maandagmorgen
pi_50323681
quote:
Op maandag 11 juni 2007 10:29 schreef Masterix het volgende:

[..]

wat breng je het toch altijd weer buitengewoon respectvol zeg
Toch hou ik van je.
quote:
Schaden?
Het christendom is niet een pakket rigide eisen van zo-en-zo MOET er tegen die en die zaken aangekeken worden: ben je een beetje bekend met bijbelonderzoek, trigger?
De christenlijke samenlevingen hebben hun geloof onderzocht en er kritiek op geleverd op manieren die veel verder gaan dan je je als moslim kan voorstellen. (heh heh, geintje): men onderzoekt bijvoorbeeld de persoon Jezus met als doel waarheidsvinding, niet bevestiging van dogma's.
Dat is een fundamenteel andere benadering dan de islamitische wetenschap. Besef je het verschil wel?
Ja, ik ben bekend met bijbelonderzoek, ben jij een beetje bekend met het functioneren van de Kerk, masterix? De Kerk, Het Vaticaan erkent Jezus juist al een rechtvaardiging voor religieuze dogma's en in sleutel voor vele beperkingen in naam van Christendom. Heb jij uberhaupt wel enig idee, hoeveel stromingen door het Christendom zwijgen is opgelegd? Eeuwenlang is er geen sprake geweest van onderzoeken in de Christelijke samenleving, integendeel alles kwam letterlijk en figuurlijk van het Vaticaan, als je dat al niet weet.
quote:
Hoezo niet?
Noem eens één profeet die NIET het geloof van zijn tijdsgenoten bashde? Voor sommigen is het een taboe maar eigenlijk heeft iedereen wel kritiek op zijn/haar geloof.
Maak nu eens een keus, is Mohammed wel of geen profeet, is Bahira wel of niet de auteur van de Koran, als Mohammed het is dan ok, dan is er geen discussie wat dit betreft. Erken je dat Mohammed het niet is Bahira de inhoudelijke inspiratie voor de Koran, prima ook je recht. Maar Als Bahira de Polytheisten aan het bekritiseren/bashen is verklaart het nog steeds niet waarom zijn inspiratie jegens Mohammed in tegenstrijd is met Christendom.

quote:
Amper... Hele kleine puntjes slechts. Daartegenover staan een enorme berg verheerlijkingen waar mensen als Kim Il Sung nog jaloers van zou worden.
...dat hij zich zo streng met "O profeet" en "O gezant van Allah" liet aanspreken bijvoorbeeld werkt bij mij op mijn lachspieren. Was bij de Mekkanen anders: die vonden het al gruwelijke zelfverheerlijking. terecht denk ik.
[..]
Kleine puntjes..
Heb je uberhaupt wel enig idee over welke passage ik het heb?
Zelfverheerlijking?
In het verdrag van Hudeybiyah gaat hij akkoord dat 'Gezant van Allah' wordt vervangen door 'Mohammed zoon van Abdoellah'. Alleen omdat de Mekkanen hem niet erkennen. Streng met zijn titel? Sure
quote:
Jaja, steenaanbidding daar deden joods-christelijke mensen niet aan: de Ka'aba-verhalen bijvoorbeeld komen uit de Arabische cultuur.
Ja hoi, en voor de steenaanbidding was er sprake van Kaaba, Hadjar, Ismael en Abraham.. Google eens naar wikipedia --> Hanif
quote:
Zo ook de verhalen van djinns en zo die in de zuiverdere joods-christelijke traditie tot bijgeloof worden gerekend.
Bijgeloof? Nee, verschil van interpretatie, Joden erkennen djins namelijk wel als demonen, gevallen engelen.. Wij zeggen dat ze nooit Engelen zijn geweest, Iblies bijvoorbeeld was een Djins onder de Engelen, met een verheven status.
quote:
Heb ik ergens gehoord ja. Daar zie ik werkelijk iets van terug in je posts of je inzichten.
Vergelijk dan eens de versies van bijbel(thora) en koran: dan kan je toch niet met droge ogen beweren dat watr jij erover zegt tegen elke logica ingaat kerel?
Lees ze mog eens: de losse snippers over david in de koran, en de vele verhalen over hem in de bijbel (thora): hoe kom je dan in vredesnaam bij die uitspraken die je erover gedaan hebt?
Die zijn dan toch volkomen onbegrijpelijk?

Ik blijf zeggen: lees die verhalen dan eens een keer...

[..]
Wellicht dat je iets beter moet opletten, ik zei niets inhoudelijks over content van de Bijbel, ik zei dat de inhoud van de Koran de bijbel in haar content tegenspreekt. Wat zonder enig rationeel twijfel ontkent kan worden. Mijn naam is trouwens Triggershot, geen kerel. Nogmaals, heel concreet. De uitspraken komen van de Koran, niet van de Bijbel. Als een Christenmonnik de Koran had voorbereid dat had hij wel aardig een hekel aan sommige doctrines van de Bijbel.
quote:
Ik snap deze zin niet...
Vervang jouw woorden maar met afwijking van Bijbelse leer.
pi_50324842
quote:
Op maandag 11 juni 2007 10:45 schreef Triggershot het volgende:

[..]

Toch hou ik van je.
[..]

Ja, ik ben bekend met bijbelonderzoek, ben jij een beetje bekend met het functioneren van de Kerk, masterix? De Kerk, Het Vaticaan erkent Jezus juist al een rechtvaardiging voor religieuze dogma's en in sleutel voor vele beperkingen in naam van Christendom. Heb jij uberhaupt wel enig idee, hoeveel stromingen door het Christendom zwijgen is opgelegd? Eeuwenlang is er geen sprake geweest van onderzoeken in de Christelijke samenleving, integendeel alles kwam letterlijk en figuurlijk van het Vaticaan, als je dat al niet weet.
Christendom is meer dan katholicisme: ik neem aan dat je, voor je moslim werd, katholiek was? Dat dan gezien je zeer geringe bijbelkennis...
quote:
Maak nu eens een keus, is Mohammed wel of geen profeet, is Bahira wel of niet de auteur van de Koran, als Mohammed het is dan ok, dan is er geen discussie wat dit betreft. Erken je dat Mohammed het niet is Bahira de inhoudelijke inspiratie voor de Koran, prima ook je recht. Maar Als Bahira de Polytheisten aan het bekritiseren/bashen is verklaart het nog steeds niet waarom zijn inspiratie jegens Mohammed in tegenstrijd is met Christendom.
Je hebt valse en ware profeten. Mo en Bahira waren of waanden zich profeten: ze leverden kritiek om verandering te bewerkstelligen.
Het "valse" zit hem in de motivatie.

[..]
quote:
Kleine puntjes..
Heb je uberhaupt wel enig idee over welke passage ik het heb?
Zelfverheerlijking?
In het verdrag van Hudeybiyah gaat hij akkoord dat 'Gezant van Allah' wordt vervangen door 'Mohammed zoon van Abdoellah'. Alleen omdat de Mekkanen hem niet erkennen. Streng met zijn titel? Sure
[..]
Natuurlijk erkenden de Mekkanen hem niet: zij kenden hem.

Maar goed, ik ben na veel studie ervan overtuigd dat de mens Mohammed niet spoorde.
Zoals veel mensen met dezelfde afwijking was hij met zijn ego bezig i.p.v. met God te zoeken. De sporen daarvan zitten door de hele koran verweven.
quote:
Ja hoi, en voor de steenaanbidding was er sprake van Kaaba, Hadjar, Ismael en Abraham.. Google eens naar wikipedia --> Hanif
[..]
...dan kom je wat islamitische dogma's tegen ja. Al zouden Abraham en Adam, als moslims nota bene, dat ding gebouwd hebben: in werkelijkheid was het een Arabisch polytheïstisch heiligdom en is het enige bewijs voor die rare islamitische aannames iets dat Mohammed gehoord zou hebben: daar waren geen getuigen bij dus is het niet betrouwbaar.

(tenzij je Mohammed kritiekloos gelooft natuurlijk)
quote:
Bijgeloof? Nee, verschil van interpretatie, Joden erkennen djins namelijk wel als demonen, gevallen engelen.. Wij zeggen dat ze nooit Engelen zijn geweest, Iblies bijvoorbeeld was een Djins onder de Engelen, met een verheven status.
[..]
Dus?
Het blijft pre-islamitisch bijgeloof, ook al maakt het nu deel uit van de islam. Net als veel meer bijgeloof en magie.
quote:
Wellicht dat je iets beter moet opletten, ik zei niets inhoudelijks over content van de Bijbel, ik zei dat de inhoud van de Koran de bijbel in haar content tegenspreekt. Wat zonder enig rationeel twijfel ontkent kan worden. Mijn naam is trouwens Triggershot, geen kerel. Nogmaals, heel concreet. De uitspraken komen van de Koran, niet van de Bijbel. Als een Christenmonnik de Koran had voorbereid dat had hij wel aardig een hekel aan sommige doctrines van de Bijbel.
[..]
Er is noot een moment geweest dat de christelijke doctrines niet ter discussie stonden.
Bahira had in die discusssie standpunten, Mohammed heeft enkelen daarvan overgenomen.
quote:
Vervang jouw woorden maar met afwijking van Bijbelse leer.
...dan snap ik er nog geen kut van.

Ook niet van de zin "Wat zonder enig rationeel twijfel ontkent kan worden." trouwens. Maar dat terzijde.

En ik braak van als die verheven en andere vormen van status in de islam steeds: zo organiseer je een leger, geen gemeenschap van gelovigen.
"thats a pile of goatshit what you're saying mister master...and a large pile too" schreef Burakius die maandagmorgen
pi_50325414
quote:
Op maandag 11 juni 2007 11:20 schreef Masterix het volgende:

[..]

Christendom is meer dan katholicisme: ik neem aan dat je, voor je moslim werd, katholiek was? Dat dan gezien je zeer geringe bijbelkennis...
Wederom een foute aanname.
quote:
Je hebt valse en ware profeten. Mo en Bahira waren of waanden zich profeten: ze leverden kritiek om verandering te bewerkstelligen.
Het "valse" zit hem in de motivatie.
Ja en valse profeten worden volgens de Bijbel Goddelijk gestraft. Kritiek is wat anders dan Christelijke foundation te verwerpen en voor ketterij uit te maken.
quote:
Natuurlijk erkenden de Mekkanen hem niet: zij kenden hem.
Ja, alleen is hij daar niet meer zo streng met de door jou gesuggereerde zelfverheerlijking hé. Je mist zo af en toe het punt een beetje.
quote:
Maar goed, ik ben na veel studie ervan overtuigd dat de mens Mohammed niet spoorde.
Zoals veel mensen met dezelfde afwijking was hij met zijn ego bezig i.p.v. met God te zoeken. De sporen daarvan zitten door de hele koran verweven.
Dat mag je, iedereen heeft recht om zijn eigen beeld en mening over te worden, ik snap je standpunt ook wel hoor, zou wellicht zelfde denken als ik je interpretatie deelde.
quote:
...dan kom je wat islamitische dogma's tegen ja. Al zouden Abraham en Adam, als moslims nota bene, dat ding gebouwd hebben: in werkelijkheid was het een Arabisch polytheïstisch heiligdom en is het enige bewijs voor die rare islamitische aannames iets dat Mohammed gehoord zou hebben: daar waren geen getuigen bij dus is het niet betrouwbaar.
Er is een verschil tussen een Mohammedaans moslim en een taalkundig moslim, moslim betekent letterlijk hij die zich over heeft gegeven aan wil van God, dus theoretisch als je het niet alleen zoals tegenwoordig tot Islam beperkt kan een Arabische Christen, Jood of wat dan ook moslim genoemd worden. 'Geen getuigen bij', concept van geloof dus
quote:
(tenzij je Mohammed kritiekloos gelooft natuurlijk)
Jup, kwestie van geloof dus.
[..]
quote:
Dus?
Het blijft pre-islamitisch bijgeloof, ook al maakt het nu deel uit van de islam. Net als veel meer bijgeloof en magie.
[..]
Nope, nogmaals het is een verschil van interpretatie, een verschil van definitie, een verschil van overtuiging, beide geloven erkennen het bestaan van Satan, voor een is hij een gevallen engel, voor de Islam is hij een gevallen dienaar die geen Engel was. Islam en Judaisme verzoenen zich in het onderwerp als ze beiden zeggen dat het om demonen gaat en dat erkennen ze ook, dat jij het niet doet maakt nie zo veel uit.
Er is noot een moment geweest dat de christelijke doctrines niet ter discussie stonden.
Bahira had in die discusssie standpunten, Mohammed heeft enkelen daarvan overgenomen.
[..]
quote:
...dan snap ik er nog geen kut van.
Eindelijk zeg je het eens een keer zelf.
quote:
Ook niet van de zin "Wat zonder enig rationeel twijfel ontkent kan worden." trouwens. Maar dat terzijde.

En ik braak van als die verheven en andere vormen van status in de islam steeds: zo organiseer je een leger, geen gemeenschap van gelovigen.
Zoals Cat Stevens het al zei, Islam is not a religion. Its everything.
pi_50325834
quote:
Op maandag 11 juni 2007 11:37 schreef Triggershot het volgende:

Eindelijk zeg je het eens een keer zelf.
Psss...: sommige zinnen van jou lopen gewoon niet TS. Dat is wat ik zeg: ze betekenen daardoor niets.
Vb: "Wat zonder enig rationeel twijfel ontkent kan worden." en "De 'fouten' 'onvolledigheden' die jij in de Koran noemt zijn niet zo, maar zijn afwijkingen die content veranderd".

Maar inderdaad: al wat jij doet is zeggen dat wat jij gelooft zo is Dit is een forum, dus zoek ik argumenten, in plaats daarvan herhaal jiij de bevelen uit de koran over wat geloofd moet worden. Zonder enige rationaliteit.
Geloven op authoriteit is geen kennis hebben: dat is dogma's vereren.

Normaal geloof je niet wat één persoon zegt, ook niet in de islam. tenzij er duidelijke agrumenten of getuigen zijn.

Ik snap werkelijk niet hoe Mohammed volgelingen kon krijgen vrijwel zonder kennis en argumenten, maar het veelvuldige gebruik van geweld verklaart het dan weer. Samen met het nivo van de Arabieren toen en de gedachte dat hij ergens hulp vandaan haalde, van iemand die wel kon lezen dan vooral.
"thats a pile of goatshit what you're saying mister master...and a large pile too" schreef Burakius die maandagmorgen
pi_50325913
quote:
Op maandag 11 juni 2007 11:50 schreef Masterix het volgende:

[..]

Psss...: sommige zinnen van jou lopen gewoon niet TS. Dat is wat ik zeg: ze betekenen daardoor niets.
Vb: "Wat zonder enig rationeel twijfel ontkent kan worden." en "De 'fouten' 'onvolledigheden' die jij in de Koran noemt zijn niet zo, maar zijn afwijkingen die content veranderd".

Maar inderdaad: al wat jij doet is zeggen dat wat jij gelooft zo is Dit is een forum, dus zoek ik argumenten, in plaats daarvan herhaal jiij de bevelen uit de koran over wat geloofd moet worden. Zonder enige rationaliteit.
Geloven op authoriteit is geen kennis hebben: dat is dogma's vereren.

Normaal geloof je niet wat één persoon zegt, ook niet in de islam. tenzij er duidelijke agrumenten of getuigen zijn.

Ik snap werkelijk niet hoe Mohammed volgelingen kon krijgen vrijwel zonder kennis en argumenten, maar het veelvuldige gebruik van geweld verklaart het dan weer. Samen met het nivo van de Arabieren toen en de gedachte dat hij ergens hulp vandaan haalde, van iemand die wel kon lezen dan vooral.
Goed hoor Master.
pi_50326245
quote:
Op maandag 11 juni 2007 11:53 schreef Triggershot het volgende:

[..]

Goed hoor Master.
Nee, niet goed: "Wat zonder enig rationeel twijfel ontkent kan worden." en "De 'fouten' 'onvolledigheden' die jij in de Koran noemt zijn niet zo, maar zijn afwijkingen die content veranderd" zeggen en dan doen alsof je gelijk hebt omdat dat onbegrijpelijk overkomt is niet goed.

Ik ga eens werken trouwens. Is ook lekker.
"thats a pile of goatshit what you're saying mister master...and a large pile too" schreef Burakius die maandagmorgen
pi_50326279
quote:
Op maandag 11 juni 2007 12:02 schreef Masterix het volgende:

Ik ga eens werken trouwens. Is ook lekker.
quote:
Op maandag 11 juni 2007 11:53 schreef Triggershot het volgende:

[..]

Goed hoor Master.
pi_50326472
- Edit - Wees een constructief -

[ Bericht 84% gewijzigd door #ANONIEM op 11-06-2007 12:16:58 ]
pi_50326488
quote:
Op maandag 11 juni 2007 11:53 schreef Triggershot het volgende:
Goed hoor Master.
en
quote:
Op maandag 11 juni 2007 10:45 schreef Triggershot het volgende:
Mijn naam is trouwens Triggershot, geen kerel.
Wat klopt er niet aan jouw manier van doen?
"thats a pile of goatshit what you're saying mister master...and a large pile too" schreef Burakius die maandagmorgen
pi_50326537
Edit - Niet happen -

[ Bericht 95% gewijzigd door #ANONIEM op 11-06-2007 12:17:29 ]
"thats a pile of goatshit what you're saying mister master...and a large pile too" schreef Burakius die maandagmorgen
pi_50326664
quote:
Op maandag 11 juni 2007 12:09 schreef Masterix het volgende:

[..]

en
[..]

Wat klopt er niet aan jouw manier van doen?
Werk ze.
pi_50326812
Edit - Nokken -

[ Bericht 89% gewijzigd door #ANONIEM op 11-06-2007 12:20:45 ]
pi_50338430
Kom op jongens... hou het een beetje op niveau
In fact, recent observations and simulations have suggested that a network of cosmic strings stretches across the entire universe.
pi_50340788
Dit topic begon nog zo mooi
pi_50346684
Kan ik het helpen dat hij de hersenen van een fruitvlieg heeft?
pi_50352428
quote:
Op maandag 11 juni 2007 20:52 schreef KirmiziBeyaz het volgende:
Kan ik het helpen dat hij de hersenen van een fruitvlieg heeft?
  zaterdag 16 juni 2007 @ 19:25:43 #84
60090 Akkersloot
pro-islam is extreem-rechts !
pi_50526334
quote:
Op vrijdag 8 juni 2007 19:41 schreef Triggershot het volgende:
De Heilige Geest is de vader en de vader is de zoon en de zoon is God in één.

Allah is de God, Mohammed en Jezus zijn profeten en Heilige Geest is Gabriel.
Waarom schrijf je er niet bij "volgens mij als moslim". Of moeten christenen ook in jouw verhaaltjes geloven?

Volgens het christendom is Jezus geen profeet (boodschapper) maar is hij de verlosser.

God van de bijbel en Allah van de koran zijn fictieve personen. Die kunnen dus niet de zelfde zijn.
"Christenen en joden zijn ongelovig geworden omdat ze verzonnen hebben dat ze maar een paar dagen zullen branden in de hel" .
Mein Koran 3:23.
  zaterdag 16 juni 2007 @ 19:31:07 #85
60090 Akkersloot
pro-islam is extreem-rechts !
pi_50526486
quote:
Op zondag 10 juni 2007 22:55 schreef Triggershot het volgende:
1. Mohammed is een tiener wanneer hij in contact komt met Bahira nabij Damascus.
12 jaar. Ook toevallig dat er van Jezus ook een verhaal was als 12 jarige (Jezus met zijn ouders in de tempel, waar ze hem even kwijt raakten en de jonge Jezus vonden tussen schriftgeleerden die "verwonderd waren van Zijn wijsheid".
"Christenen en joden zijn ongelovig geworden omdat ze verzonnen hebben dat ze maar een paar dagen zullen branden in de hel" .
Mein Koran 3:23.
  zaterdag 16 juni 2007 @ 19:33:09 #86
60090 Akkersloot
pro-islam is extreem-rechts !
pi_50526547
- wfl -FB -

[ Bericht 98% gewijzigd door #ANONIEM op 16-06-2007 19:46:14 ]
"Christenen en joden zijn ongelovig geworden omdat ze verzonnen hebben dat ze maar een paar dagen zullen branden in de hel" .
Mein Koran 3:23.
pi_50526685
Akkersloot..

loop je niet bij een psycholoog ofzo
  zaterdag 16 juni 2007 @ 21:34:35 #88
60090 Akkersloot
pro-islam is extreem-rechts !
pi_50530075
quote:
Op zaterdag 16 juni 2007 19:33 schreef Akkersloot het volgende:
- wfl -FB -
quote:
Op vrijdag 8 juni 2007 19:05 schreef aapje22 het volgende:
Er wordt vaak door mensen gezegd dat de God waar Islamieten in geloven dezelfde is als die van de Christenen.
Zou mijn niet-joodse, niet-christelijke en niet-islamitische God ook de zelfde zijn als "die waar christenen en die waar islamieten in geloven"?

(Nu echt iets zonder vermelding over een linkje)

[ Bericht 1% gewijzigd door Akkersloot op 17-06-2007 12:12:42 (waar x-en en islamieten in geloven is een stelling) ]
"Christenen en joden zijn ongelovig geworden omdat ze verzonnen hebben dat ze maar een paar dagen zullen branden in de hel" .
Mein Koran 3:23.
  zaterdag 16 juni 2007 @ 21:35:45 #89
60090 Akkersloot
pro-islam is extreem-rechts !
pi_50530119
quote:
Op zaterdag 16 juni 2007 19:38 schreef k3vil het volgende:
Akkersloot..

loop je niet bij een psycholoog ofzo
Misschien iets voor jou. Als je er al moeite mee hebt dat iemand in een God gelooft die niet van het jodendom, christendom of islam is.
"Christenen en joden zijn ongelovig geworden omdat ze verzonnen hebben dat ze maar een paar dagen zullen branden in de hel" .
Mein Koran 3:23.
pi_50563848
- wegwezen -

[ Bericht 97% gewijzigd door #ANONIEM op 18-06-2007 00:35:47 ]
In fact, recent observations and simulations have suggested that a network of cosmic strings stretches across the entire universe.
  maandag 18 juni 2007 @ 08:09:06 #91
8369 speknek
Another day another slay
pi_50567176
quote:
Op vrijdag 8 juni 2007 23:07 schreef k3vil het volgende:
Genesis

וַיִּרְאוּ בְנֵי-הָאֱלֹהִים אֶת-בְּנוֹת הָאָדָם, כִּי טֹבֹת הֵנָּה; וַיִּקְחוּ לָהֶם נָשִׁים, מִכֹּל אֲשֶׁר בָּחָרוּ.

1 And it came to pass, when men began to multiply on the face of the earth, and daughters were born unto them, 2 that the sons of God saw the daughters of men that they were fair;
Z0mG, sons of god were gay!
They told me all of my cages were mental, so I got wasted like all my potential.
  zondag 8 juli 2007 @ 13:44:44 #92
158555 Pius_XII
Pastor angelicus
pi_51258335
Nog een aardig stukje van Benedictus XVI over de Triniteit uit zijn boek 'De kern van ons geloof', hoofdstuk 15. Ik heb niet teveel en niet te weinig willen quoten, dus daar gaat 'ie:

Het geloof in de drie-enige God

Met wat we tot nu toe hebben gezien zijn we gekomen op een punt waar het christelijk geloof in de ene God met een soort innerlijke noodzakelijkheid overgaat in de belijdenis van de drie-enige God. Aan de andere kant kunnen wij niet overzien dat wij daarmee een gebied betreden waarop de christelijke theologie zich meer nog dan voorheen bewust moet zijn van haar begrensdheid, een gebied waarop elke valse beslistheid om een nauwkeurig antwoord te willen geven tot noodlottige dwaasheid wordt, een gebied waarop slechts de nederige overtuiging niets te weten echt weten is en slechts een verwonderd staan voor het onvatbare geheimenis het echte begrijpen van God kan zijn. Liefde is altijd 'mysterie', is meer dan men kan berekenen of berekenend kan begrijpen. De liefde zelf, de ongeschapen eeuwige God, moet daarom het diepste mysterie, het mysterie zelf zijn.
Ondanks de noodzakelijke informatie door het verstand, dat hier de enige wijze is waarop het denken trouw kan blijven aan zichzelf en zijn opdracht, moet de vraag gesteld worden, wat eigenlijk wordt bedoeld met het geloof in de drie- enige God. Het is onmogelijk - wat voor een afdoend antwoord eigenlijk vereist is - de afzonderlijke etappes na te gaan waarin dit antwoord is ontstaan, en evenmin de verschillende formules te ontleden waarin het geloof dit antwoord tegen een verkeerde uitleg heeft willen beschermen. Wij moeten met een paar verwijzingen volstaan.

1. OP ZOEK NAAR INZICHT

a) Het uitgangspunt van het geloof in de drie-enige God. De leer over de Drie-eenheid is niet uit een nadenken over God ontstaan, ook niet uit een poging van het filosofisch denken om te achterhalen hoe de oorsprong van alle zijn eigenlijk is, maar uit de zorg om de historische ervaring te bestuderen. Het geloof van de Bijbel richtte zich - in het Oude Testament - eerst tot God, die men zag als de Vader van Israël, als de Vader van de Volkeren, als Schepper en Heer van de wereld. In de begintijd van het Nieuwe Testament komt er een totaal onverwacht feit bij, doordat God zich op een tot dan toe onbekende wijze toont: in Jezus Christus treft men een mens aan die tevens de overtuiging heeft Gods Zoon te zijn en dit ook verkondigt. Men ontdekt God in de gestalte van iemand die gezonden is, die volledig God is, niet een of ander tussenwezen, en die toch samen met ons 'Va­der' zegt tot God. Daardoor ontstaat een heel eigen paradox: van de ene kant noemt deze mens God zijn Vader en spreekt Hij tot Hem als tot een 'U' dat te­genover Hem staat; als dit geen ijdel toneelspel is, maar waarheid overeenkom­stig Gods waardigheid, moet Hij iemand anders zijn dan die Vader tot wie Hij spreekt en tot wie wij spreken. Aan de andere kant echter is Hij zelf Gods werke­lijke nabijheid die ons tegemoet treedt, de middelaar tussen God en ons, en dit juist door het feit dat God zelf als mens, in de gestalte en de natuur van een mens, de God-met-ons (Emmanuel) is. Zijn bemiddelend optreden zou in wezen onmogelijk zijn en in plaats van bemiddeling scheiding betekenen, als Hij iemand anders was dan God, als Hij een tussenwezen zou zijn. Dan zou Hij ons niet bemiddelend naar God brengen, maar ons van God wegtrekken. Zo blijkt Hij als middelaar God zelf en 'mens zelf' te zijn, beiden even werkelijk en even totaal. Dit houdt echter in dat God hier niet als Vader naar mij toekomt, maar als Zoon en broer, waardoor er - onbegrijpelijk en tegelijk heel begrijpelijk - in God een tweeeheid aan de dag treedt: God is tegelijk Ik en U. Op deze nieuwe godserva­ring volgt ten slotte als derde de ervaring van de Geest, van Gods aanwezigheid in ons, in ons innerlijk. En opnieuw blijkt dat ook deze 'Geest' noch met de Va­der noch met de Zoon zonder meer identiek is en toch weer geen derde is tus­sen God en ons. Hij is enkel de manier waarop God zich aan ons geeft, waarop Hij in ons komt, zodat Hij in de mens aanwezig is en in die aanwezigheid toch weer eindeloos ver boven de mens uitgaat.
Wij stellen daarom vast dat het geloof in de loop van zijn historische ontwik­keling reeds in het begin zakelijk met God in deze drievoudige gestalte in aanra­king kwam. Vanzelfsprekend moest het zich er rekenschap van geven hoe deze uiteenlopende gegevens met elkaar verbonden konden worden. Het kwam noodzakelijk tot de vraag hoe deze drie historische verschijningsvormen van God zich eigenlijk tot Gods ware werkelijkheid verhouden. Is deze drievoudige vorm van godservaring een historisch masker waarmee God zich in verschil­lende functies toch altijd slechts als de Ene tot de mensen richt? Wijst deze drie­heid ons alleen op de wens en op de verschillende uitingen van zijn verbonden­heid met God? Of openbaart zij ons ook enigszins hoe God in zichzelf is? Wanneer wij tegenwoordig gemakkelijk geneigd zijn alleen het eerste te aanvaar­den en daarmee alle problemen als afgedaan beschouwen, moeten wij voor we onze toevlucht nemen tot zo'n uitweg ons eerst overtuigen van de omvang van de vraag. Het gaat er hier om of de mens in zijn betrekking tot God alleen met de reflectie van zijn eigen bewustzijn bezig is of dat hij boven zichzelf uitreikt en God werkelijk ontmoet. In beide gevallen komt men tot vergaande conclusies. Als het eerste het geval is, is het gebed ook slechts een bezig zijn van de mens met zichzelf; zowel voor de eigenlijke aanbidding als voor het smeekgebed is dan de basis weggevallen. Deze consequentie wordt dan ook al hoe langer hoe meer aan­vaard. Des te dringender is de vraag of dit niet uit gemakzuchtig denken voort­komt, of men niet de weg van de minste weerstand kiest en te weinig vragen stelt. Als namelijk het tweede antwoord juist is, zijn aanbidding en smeekgebed niet alleen mogelijk, maar ook vereist, dat wil zeggen een postulaat van het naar God gekeerde wezen dat mens heet.
Wie de diepte van deze vraag inziet, zal ook de hartstochtelijke strijd kunnen begrijpen die de vroege kerk juist om dit punt heeft geleverd. Hij zal begrijpen dat al het andere hierbij vergeleken slechts haarkloverij en muggenzifterij was, zoals de oppervlakkige toeschouwer gemakkelijk kan menen. Ja, hij zal ervan overtuigd raken dat de strijd van toen nu opnieuw oplaait en precies dezelfde is - steeds een strijd van de mens om God en om zichzelf - en dat wij geen chris­tenen kunnen zijn wanneer we denken dat we het ons nu gemakkelijker mogen maken dan vroeger. Laten we alvast het antwoord geven, waardoor men toen tot de scheiding kwam tussen de weg van het geloof en een weg die bij een louter schijngeloof zou moeten uitkomen: God is zoals Hij zich openbaart; God open­baart zich niet op een wijze zoals Hij niet is. Op deze uitspraak berust de verbon­denheid van de christen met God, daarop steunt de leer over de Drie-eenheid, meer nog: dit is de leer over de Drie-eenheid.
b) De voornaamste motieven. Hoe kwam men tot dit besluit? Drie fundamentele stellingen hebben hierbij een rol gespeeld. De eerste kan men weergeven met het geloof in het rechtstreekse contact van de mens met God. Het komt hierop neer dat de mens die met Christus in aanraking komt - in de medemens Jezus, die als medemens bereikbaar is en benaderd kan worden - God zelf ontmoet, geen tus­senwezen dat zich tussen beiden heeft geschoven. De bekommernis om het wer­kelijk God-zijn van Jezus heeft in de vroege kerk hetzelfde fundament als de be­kommernis om zijn werkelijk mens-zijn. Alleen door werkelijk mens te zijn zoals wij kan Hij onze middelaar zijn; en alleen door werkelijk God te zijn zoals God kan Hij als middelaar zijn doel bereiken. Het is niet moeilijk in te zien dat hier zonder meer de fundamentele beslissing van het monotheïsme, de al eerder behandelde gelijkstelling van de God van het geloof en de God van de filosofen, in het spel is en zijn hoogtepunt bereikt. Alleen de God die enerzijds het fundament van de wereld is en anderzijds ons volledig nabij is, kan het einddoel zijn van een vroomheid die aan de waarheid beantwoordt.
Daarmee is ook de tweede fundamentele stelling gegeven over het onwankel­baar vasthouden aan een streng monotheïstische opvatting, aan de uitspraak: Er is maar één God. In elk geval moet men voorkomen dat men langs de omweg van de middelaar weer geen hele reeks tussenwezens en tegelijk een reeks waardeloze afgoden tevoorschijn roept, in wie de mens aanbidt wat geen God is.
De derde fundamentele stelling kan men omschrijven als de bekommernis om Gods historisch handelen met de mensen serieus te blijven nemen. Dit houdt in: als God optreedt als de Zoon die U zegt tegen de Vader, dan is dit geen toneel­spel van Hem voor de mensen, geen gemaskerd bal op het toneel van de geschie­denis van het mensdom, maar weergave van de werkelijkheid. In de oude kerk hebben de monarchianen de gedachte van een goddelijk toneelspel naar voren gebracht. De drie personen zouden drie 'rollen' zijn waarin God zich in de loop der geschiedenis aan ons vertoont. We moeten hier even vermelden dat het woord persona en het Griekse equivalent prosopon tot de toneeltermen behoren. Men bedoelt daarmee het masker dat de toneelspeler in staat stelt een ander te belichamen. Op grond van deze gewoonte is het woord overgenomen in het ge­lovige taalgebruik en het is niet zonder zware strijd zo door het geloof omge­vormd, dat daaruit het in de oudheid onbekende begrip persoon is ontstaan.
Anderen, de zogenaamde modalisten, waren van mening dat de drie gestalten van God drie 'modi' waren, drie manieren waarop ons bewustzijn God waar­neemt en verklaart. Ofschoon het juist is dat wij God alleen maar in de reflectie van ons menselijk denken kunnen kennen, heeft het christelijk geloof er altijd aan vastgehouden dat wij in die reflectie toch Hem zelfkennen. Wanneer wij niet uitde beslotenheid van ons bewustzijn kunnen breken, kan God in dit bewust­zijn binnenbreken en daarin zichzelf openbaren. Daarbij hoeft volstrekt niet te worden ontkend dat de pogingen van monarchianen en modalisten het merk­waardige begin vormen van een juiste beschouwingswijze over God: in het theo­logisch taalgebruik is uiteindelijk de terminologie die zij hebben voorbereid aan­vaard en in de formulering van het geloof in de drie personen in God werkt zij tot op heden door. Dat het woord prosopon-persona niet onmiddellijk alles kon weergeven wat weergegeven moest worden, was tenslotte niet hun schuld. De verbreding van het menselijk denken die nodig was om de christelijke godserva­ring theologisch te kunnen vastleggen, is niet vanzelf gekomen. Er was een strijd
voor nodig, waarin ook de dwaling haar positieve bijdrage leverde. Een normaal verloop dus volgens de algemene wet, waaraan ook het verstand van de mens in zijn ontwikkelingsgang onderworpen is.
c) Uitwegen zonder uitweg. De hele wijdverbreide strijd van de eerste eeuwen kan men in aansluiting op wat we tot nu toe hebben gezegd, herleiden tot de onmogelijkheid van twee wegen waarvan men steeds weer moet zeggen dat zij niet de weg zijn: het subordinatianisme en het monarchianisme. Beide oplossingen schijnen logisch te zijn en toch ondermijnen beide met hun verleidelijke vereen­voudiging het geheel. De kerkelijke leer zoals die ons met de term drie-enige God wordt voorgehouden sluit eigenlijk een afwijzende houding tegenover deze op­lossing in en een berusten in het geheim dat de wens onmogelijk doorgronden kan. In werkelijkheid is deze belijdenis het enig juiste verweer tegen de aanma­tiging alles precies te willen weten, wat de vlotte oplossingen met hun blijkbaar zo bescheiden karakter verleidelijk maakt.
Het zogenaamde subordinatianisme ontwijkt het dilemma door te zeggen: God zelf is slechts één en alleen; Christus is geen God, maar slechts een wezen dat God zeer nabij is. Daarmee wordt de moeilijkheid weggenomen, maar het gevolg is - zoals we al eerder uitvoerig hebben gezien - dat de mens van God zelf is gescheiden en in het aardse blijft opgesloten. God wordt als het ware tot een constitutionele monarch; het geloof geeft geen contact met Hem, maar alleen met zijn ministers. Wie dit niet wenst, wie werkelijk gelooft in Gods heerschap­pij, in het 'grootste' dat tot het kleinste reikt, zal moeten blijven vasthouden aan het gegeven dat God mens is, dat het zijn van God en van de mens met elkaar in verbinding staan; aldus aanvaardt men met het geloof in Christus ook het uit­gangspunt van de leer over de Drie-eenheid.
Het monarchianisme zoekt de oplossing, zoals we al eerder hebben aangestipt, in een heel andere richting. Het houdt eveneens streng vast aan de eenheid van God, maar staat tegelijk in volle ernst tegenover de ontmoeting met God, die ons eerst als Schepper en Vader, daarna in Christus als Zoon en Verlosser, en ter slotte als Heilige Geest bezoekt. Deze drie gestalten worden echter gezien als maskers van God waarmee alleen iets wordt te kennen gegeven over onszelf en niet over God. Hoe verleidelijk zo'n oplossing ook mag schijnen, toch leidt zij er uiteindelijk toe dat de mens om zichzelf heen draait en niet tot het wezen van God doordringt. De verdere ontwikkeling van het monarchianisme, die doorloopt tot in ons moderne denken, heeft dit nog eens bevestigd. Hegel en Schelling hebben bij hun pogen het christendom filosofisch te verklaren en vanuit het christendom te filosoferen zich aangesloten bij deze oudchristelijke poging van een filosofie van het christendom, in de hoop daarmee de leer over de Drie-een­heid verstandelijk te kunnen doorlichten en bruikbaar te maken, ja, haar zelfs in de naar hun mening echt filosofische betekenis tot de ware sleutel te kunnen maken voor welk verstaan van het zijn ook. Vanzelfsprekend kunnen wij deze tot nu toe boeiendste poging het christelijke geloof filosofisch aan te passen in haar ge­heel grondig behandelen. Wij willen slechts aantonen hoe de onmogelijke oplos­sing die wij zo karakteristiek vonden voor het monarchianisme (modalisme), hier zakelijk terugkeert.
Als uitgangspunt van het geheel houdt men vast aan de opvatting dat de leer over de Drie-eenheid het historisch optreden van God weergeeft, dus de wijze laat zien waarop God zich in de geschiedenis openbaart. Doordat Hegel en op een andere manier ook Schelling deze gedachte radicaal doortrekken, komen zij er consequent toe dit proces, waarmee God zich in de geschiedenis presenteert, niet meer te onderscheiden van een God die daarachter in volledige rust zichzelf blijft; zij zien het historische proces als het proces van God zelf. De historische verschijningsvorm van God valt dan samen met het geleidelijk zichzelf worden van het goddelijke; geschiedenis valt dan samen met het proces van de logos; de logos bestaat echter alleen als historisch proces. Anders uitgedrukt wil dit zeg­gen dat de logos - de diepste zin van al het zijn - zichzelf pas geleidelijk in de ge­schiedenis geboren laat worden. Zoals men de leer over de Drie-eenheid in het monarchianisme tot een stuk geschiedenis maakt, zo maakt men nu God tot ge­schiedenis. Dit betekent ook, dat niet de diepere zin de schepper van de geschie­denis is, maar dat de geschiedenis tot schepper van de diepere zin wordt en de laatste tot schepsel van de geschiedenis. Karl Marx heeft resoluut verder gerede­neerd: als de diepere zin er niet eerder is dan de mens, ligt deze in de toekomst die de mens al strijdend naar zich toe moet halen.
Hieruit blijkt dat bij een consequent monarchiaans denken het geloof even­goed verloren gaat als in het subordinatianisme. Want in een dergelijke visie is geen plaats voor de vrijheid, die noodzakelijkerwijs met het geloof moet corres­ponderen, geen plaats ook voor de dialoog van de liefde, die in zich onbereken­baar is, geen plaats voor de persoonsstructuur van de diepere zin met het in el­kaar overgaan van grootste en kleinste, van een wereldomvattende diepere zin en een naar die zin uitziende schepping. Dit alles - het persoonlijke, de dialoog­vorm, de vrijheid, de liefde - gaat op in de noodzakelijkheid van het ene proces van de geest. Er komt echter nog iets meer aan het licht, namelijk dat het volle­dig willen begrijpen van de leer over de Drie-eenheid, het volledig herleiden van deze leer tot logica, wat ertoe leidt dat men de logos zelf tot geschiedenis maakt teneinde via het inzicht in God ook een nuchter inzicht in Gods geschiedenis te verwerven en deze volgens een zakelijke logica uit te bouwen, dat deze grootse poging de logica van de logos zelf volledig te beheersen uitkomt bij een mytho­logie van de geschiedenis, bij de mythe van de God die zichzelf voortbrengt. De poging een totale logica op te bouwen mondt uit in het onlogische, in het op­gaan van de logos in de mythe. De geschiedenis van het monarchianisme wijst nog op een ander aspect, dat minstens in het kort vermeld moet worden. Reeds in de oudchristelijke vorm en later in de nieuwe formuleringen van Hegel en Marx heeft het een sterk politiek accent: het is 'politiek ingestelde theologie'. In de oude kerk ondersteunde het de poging de monarchie van de keizer een theo­logisch fundament te geven; bij Hegel werd het tot sluitstuk van het Pruisische staatswezen; bij Marx het programma voor een betere toekomst. Omgekeerd laat het zien, hoe de overwinning van de leer der Drie-eenheid op het monarchia­nisme in de oude kerk een overwinning betekende op het misbruiken van de theologie ten dienste van de politiek. Het geloof van de kerk in de Drie-eenheid heeft de politiek bruikbare formuleringen getorpedeerd en daardoor een einde gemaakt aan de theologie als politieke mythe en het misbruik om met de leer een politieke toestand te verdedigen uitgeroeid.
d) De leer over de Drie-eenheid als negatieve theologie. Als men het geheel over­ziet, kan men constateren dat de kerkelijke formulering van de leer over de Drie­eenheid eerst en vooral een negatieve norm wil geven als bewijs dat andere ver­klaringen geen oplossing bieden. Misschien is dit wel het enige wat wij in deze materie werkelijk kunnen doen. De leer over de Drie-eenheid zou dan in wezen negatief moeten worden begrepen als de enige manier om nee te zeggen tegen het alles willen doorzien, als de ontbrekende factor voor het onoplosbare ge­heim dat God is. Deze leer wordt problematisch, als zij zou uitgroeien tot een eenvoudig verlangen naar een positief inzicht. Als het pijnlijke overzicht van de strijd van mensen en christenen om God ons van iets overtuigt, dan is het wel hiervan dat elke poging God met het be-grip van ons be-grijpen te omsluiten onmogelijk is. Wij kunnen alleen naar waarheid over Hem spreken, als wij af­zien van het verlangen Hem te begrijpen en Hem als de onbegrijpelijke met rust laten. De leer over de Drie-eenheid kan daarom niet de bedoeling hebben God in begrippen vast te leggen. Het is een uitspraak die over een grens heen reikt een verwijzend gebaar dat heen wijst naar hetgeen niet te noemen is, geen de­finitie die een onderwerp in de vakjes van het menselijk weten inpast, geen begrip dat de zaak aanbiedt aan het tastend zoeken van het menselijk verstand.
Deze wijze van weergeven, waarbij het begrip tot een louter verwijzen, het be­grijpen tot een louter reiken naar het ongrijpbare wordt, kan men aan de hand van de kerkelijke uitspraken en hun voorgeschiedenis nauwkeurig reconstru­eren. Elk belangrijk grondbegrip uit de leer over de Drie-eenheid is in het verle­den al eens veroordeeld; alle zijn pas aanvaard nadat ze door een veroordeling waren getroffen; ze zijn slechts geschikt, doordat ze als onbruikbaar gebrand­merkt zijn, om aldus als armzalig gestamel- en niets meer - te worden aange­nomen. Het begrip persana (prosopon) is, zoals we al zagen, ook eenmaal ver­oordeeld; het centrale woord dat in de vierde eeuw het embleem van de orthodoxie werd, het homousios ( één in wezen met de Vader) is in de derde eeuw veroordeeld; het begrip van het voortkomen uit heeft een veroordeling achter zich. En zo kan men doorgaan. Ik denk dat men zou moeten zeggen dat deze ver­oordelingen als een innerlijke noodzaak met de latere geloofsformules samen­gaan. Slechts door ontkenningen heen en met de eindeloze omweg die daar het gevolg van is, zijn ze bruikbaar; slechts met doorkruiste theologie kan men ko­men tot een leer over de Drie-eenheid.
Wij zouden hieraan nog een verdere beschouwing kunnen toevoegen. Wan­neer men in een hedendaags handboek voor theologie de geschiedenis nagaat van de dogma's over de Drie-eenheid, krijgt men de indruk van een kerkhof voor ketterijen; nog steeds loopt de theologie met hun vaandels als overwinningstro­feeën in de hand. Als men het zo ziet, heeft men de zaak niet goed begrepen. Alle pogingen die in de loop van een langdurige strijd ten slotte als onmogelijkheden en dus als ketterijen zijn afgewezen, zijn niet slechts grafmonumenten van vruchteloos, menselijk zoeken, zerken waarmee we kunnen narekenen hoe dik­wijls het denken is gestrand, en die wij nu met een nieuwsgierige terugblik - ver­geefse moeite - overzien. Elke ketterij is veeleer een motto voor een blijvende waarheid die we in het grote verband met andere, wel geldende uitspraken moe­ten opnemen; uit hun verband gerukt geven ze een onjuiste kijk. Anders gezegd: al deze uitspraken zijn veel minder grafmonumenten dan bouwstenen voor een kathedraal; ze doen echter alleen dienst, als ze niet afgezonderd blijven, maar op­genomen worden in een groot geheel; zoals ook de wel aanvaarde formulerin­gen slechts van kracht zijn, als we van hun ontoereikendheid overtuigd zijn.
De jansenist Saint-Cyran heeft eens de merkwaardige uitspraak gedaan: 'Het geloof bestaat uit een reeks tegenstellingen die door de genade worden bijeenge­houden.' Hij heeft daarmee op het terrein van de theologie een waarheid ver­kondigd die nu in de fysica als de wet van de complementariteit een onderdeel van het natuurwetenschappelijk denken uitmaakt. De natuurkundige wordt er zich tegenwoordig steeds meer van bewust dat we de gegeven realiteiten, zoals de structuur van het licht of die van de materie in het algemeen, niet met één soort experiment en dus niet met één wijze van formuleren volledig kunnen vatten, maar dat we veeleer van verschillende kanten telkens één aspect kunnen be­schouwen dat niet tot de andere te herleiden is. Beide samen, zoals de structuur van deeltje en golf, zouden we bij gemis aan iets waarmee we het geheel kunnen benaderen, eerder moeten zien als een voorlopig heenwijzen naar het geheel, dat we vanwege ons beperkte gezichtsveld niet in zijn totaliteit kunnen vatten. Wat hier op het gebied van de fysica als gevolg van ons beperkte waarnemingsvermo­gen voor normaal wordt gehouden, geldt in nog veel sterkere mate voor de gees­telijke werkelijkheid en voor God. Ook hier kunnen wij alles slechts van één kant benaderen en telkens een bepaald aspect waarnemen, waarvan een ander meent het te moeten ontkennen, en dat alleen in onderlinge samenhang een verwijzing is naar het geheel dat wij niet kunnen verwoorden of begrijpen. Slechts door er­omheen te cirkelen, door het beschouwen en verwoorden van verschillende schijnbaar tegengestelde aspecten komen we tot een heenwijzen in de richting van de waarheid, die we toch nooit helemaal kunnen doorgronden.
Misschien kan de hedendaagse fysica ons met haar opzet hierin meer hulp bie­den dan de aristotelische filosofie ons geboden heeft. De fysica laat ons zien dat we slechts bij benadering vanuit verschillende standpunten over de structuur van de materie kunnen spreken. Ze is ervan overtuigd dat het resultaat van elk natuurkundig onderzoek afhankelijk is van de plaats die de onderzoeker in­neemt. Waarom zouden wij met dit voor ogen niet opnieuw kunnen inzien dat we bij ons vragen naar God niet op aristotelische wijze naar een laatste begrip mogen zoeken om daarmee het geheel te vatten, maar bedacht moeten zijn op een aantal aspecten die van het standpunt van de onderzoeker afhangen en die we uiteindelijk niet kunnen overzien, maar alleen kunnen bundelen zonder het laatste woord erover te zeggen? We staan hier voor de onzichtbare wisselwerking tussen geloof en modern denken. Dat de hedendaagse fysica zo afwijkt van de aristotelische logica, is toch wel te danken aan de nieuwe dimensie die de chris­telijke theologie heeft opengegooid, aan de noodzaak om te redeneren volgens de wet van de complementariteiten.
In dit verband zou ik kort willen verwijzen naar twee hypothesen uit de fysica die tot een beter begrip kunnen bijdragen. E. Schrödinger heeft de structuur van de materie omschreven als een 'bundel golven' en daarmee de idee gelanceerd van een zijn dat niet op een substantie lijkt, maar uitsluitend actueel is: de schijnbare 'substantie' bestaat in werkelijkheid slechts uit een geheel van golven die zich in een voortdurende beweging opstapelen. Wat de materie betreft zou men een dergelijke voorstelling van zaken fysisch of in elk geval filosofisch gemakke­lijk kunnen betwijfelen. Het blijft echter een boeiende vergelijking met de actu­alitas divina, voor het zuivere akt-zijn van God, en toont aan dat het meest compacte zijn, God zelf, slechts uit een veelheid van verhoudingen bestaat, die geen substantie zijn maar 'golven', en dat men daarmee een volledig zijn, de hele volheid van het zijn kan weergeven. We zullen later uitvoerig ingaan op deze ge­dachte, die zakelijk al door Augustinus is geformuleerd bij de uitleg van de exis­tentie die zuiver akt is (van de bundel golven).
Voor we verder gaan nog een tweede verwijzing naar een eventuele bijdrage uit de natuurwetenschap. Wij weten tegenwoordig dat bij elk fysisch experiment de waarnemer zelf in dat experiment wordt opgenomen en zo alleen tot natuur­kundige waarneming kan komen. Dit betekent dat zelfs in de fysica zuivere ob­jectiviteit onmogelijk is; dat het resultaat van het experiment, het antwoord van de natuur, afhankelijk is van de gestelde vraag. In elk antwoord is een deel van de vraag en van de onderzoeker aanwezig; het is geen weerspiegeling van de na­tuur in haar eigen-zijn-op-zich, in haar echte objectiviteit, maar geeft ook iets weer van de mens, van onszelf, een stuk menselijkheid. Dit geldt met de nodige wijzigingen ook voor de vraag naar God. Er bestaat geen zuivere toeschouwer. Volledige objectiviteit is onmogelijk. Men zou zelfs kunnen zeggen: hoe hoger een object naar menselijk oordeel staat, hoe meer het tot in het middelpunt van de persoon doordringt en beslag legt op het wezen van de onderzoeker, des te moeilijker wordt het er afstand van te nemen, wat voor echte objectiviteit toch nodig is. Telkens als iemand beweert dat zijn antwoord nuchter en objectief is, dat het een uitspraak is die boven vooringenomenheid en eigenbelang uitgaat en de zaak zuiver wetenschappelijk belicht, moet men stellen dat degene die dit zegt, door zelfbedrog wordt misleid. Een dergelijke objectiviteit is ons mensen nu eenmaal niet gegeven. Men kan onmogelijk als zuiver toeschouwer vragen stellen; zuiver toeschouwer zijn is onmogelijk. Wie zuiver toeschouwer probeert te zijn ontdekt niets. Ook de werkelijkheid 'God' kan alleen worden benaderd door hem die door middel van het experiment naar God toe gaat, door middel van het experiment dat geloof heet. Alleen door erop in te gaan kan men iets waarnemen; alleen door te experimenteren stelt men vragen, en alleen als men naagt, krijgt men antwoord.
In zijn beroemde voorbeeld van de weddenschap heeft Pascal dit vastgelegd met een bijna beangstigende helderheid en met een scherpte die tot aan de grens van het geoorloofde gaat. Het dispuut met de ongelovige is uiteindelijk zover ge­komen dat deze toegeeft dat er met betrekking tot God een beslissing genomen moet worden. Hij wil deze stap echter ontwijken en een nauwkeuriger inzicht hebben: 'Is er dan geen middel om licht te brengen in de duisternis en om de on­zekerheid van dit spel weg te nemen?' 'Ja, er is een middel en zelfs meer dan een: de Heilige Schrift en alle andere getuigenissen van de godsdienst! 'Ja, maar mijn handen zijn geboeid, mijn mond is met stomheid geslagen ... Ik ben nu eenmaal zo dat ik niet kan geloven. Wat moet ik dan doen?' 'U geeft dus toe dat de onmo­gelijkheid om te geloven bij u niet van het verstand komt? Integendeel: het ver­stand brengt u tot het geloof; uw weigering komt dus uit iets anders voort. Daarom heeft het ook geen zin u met een opeenstapeling van godsbewijzen ver­der te willen overtuigen. U moet op de eerste plaats uw hartstochten beheersen. U wilt gaan geloven en weet de weg daarheen niet. U wilt worden genezen van uw ongeloof en kent het geneesmiddel niet. Leer van hen die vroeger juist zoals u door twijfels werden geplaagd ... Volg hun handelwijze na; doe alles wat het ge­loof van u vraagt wanneer u nu reeds zou geloven. Ga naar de mis, gebruik wij­water en dergelijke; dat zal u ongetwijfeld wat nederiger maken en tot het geloof brengen.'
In deze eigenaardige tekst is in elk geval dit juist: een zuiver neutraal verlangen kan geen inzicht geven aan degene die zich overal buiten wil houden; dit geldt tegenover mensen en meer nog tegenover God. Experimenteren ten overstaan van God is zonder medewerking van de mens onmogelijk.
Zoals in de fysica - en meer nog dan daar - geldt ook hier, dat hij die het ex­periment van het geloof aandurft, een antwoord krijgt waarin niet slechts God weerspiegeld wordt, maar het vragen zelf ons met en door de breking van het ei­gene heen iets van God laat kennen. Ook de dogmatische uitspraken - zoals 'één wezen in drie personen' - sluiten deze breking van het menselijke in; in ons ge­val weerspiegelen zij de mens uit de laatste eeuwen van de oudheid, die in de denkvormen van zijn eigentijdse filosofen vraagt en experimenteert en daardoor een standpunt inneemt van waaruit hij vragen stelt. We zouden nog een stap ver­der moeten gaan: dat we hier vragen kunnen stellen, dat we kunnen experimen­teren, danken we aan het feit dat God van zijn kant op het experiment is inge­gaan, het zelfs als mens is binnengetreden. Door de menselijke breking van deze ene mens kunnen wij meer waarnemen dan de mens alleen; in Hem die mens en God is, heeft God zich op een menselijke wijze laten zien en in de mens zichzelf aan onze waarneming aangeboden.

2. DE POSITIEVE ZINGEVING

Uit wat we tot nu toe hebben besproken blijkt dat de leer over de Drie-eenheid in de zin van een negatieve theologie door de gegevens zelf nauw begrensd is. Dit wil nog niet zeggen dat de formuleringen ondoordringbare, nietszeggende woordformaties moeten blijven. Ze kunnen en moeten gezien worden als zin­volle uitspraken, die werkelijk heenwijzen naar het onzegbare zonder het op te nemen in onze begrippenwereld. Dit verwijzende karakter van de geloofsformu­leringen willen we om onze beschouwingen over de Drie-eenheid af te ronden aan de hand van drie stellingen verduidelijken.

Eerste stelling: De paradox Una essentia tres personae: één wezen en drie personen, is afgestemd op de vraag naar de oorspronkelijke zin van eenheid en veelheid

Wat hiermee wordt bedoeld kan men het best verklaren door te letten op de ach­tergrond van het Griekse denken uit de tijd voor Christus, waartegen het geloof in de drie-enige God duidelijk afsteekt. Volgens de filosofie van de oudheid is al­leen de eenheid goddelijk; het vele staat daartegenover als het bijkomstige, als het uiteenvallen van de eenheid. Veelheid ontstaat door uiteenvallen en is daarop ook gericht. Het christelijk geloof in God als de drie-enige, als degene die tege­lijk monas en trias, enkelvoudige eenheid en volheid is, geeft de overtuiging weer dat de godheid buiten onze categorieën van één en veel valt. Zoals de godheid voor ons, voor wat niet God is, één en alleen is, het alleen goddelijke tegenover al het niet-goddelijke, zo is de eenheid in zichzelf toch waarachtig volheid en veelvoud, zodat de eenheid en de veelheid van het schepsel beide in gelijke mate uitbeelding en deelname aan het goddelijke zijn. Niet alleen de eenheid is god­delijk, ook de veelheid is iets dat aan de oorsprong van alles staat en heeft in God zelf haar diepste grond. De veelheid is geen louter uiteenvallen dat buiten de godheid ontstaat; ze wordt niet uitsluitend veroorzaakt doordat duas, de split­sing, zich ertussen wringt; ze is geen resultaat van een dualistische tegenstelling tussen twee machten, maar beantwoordt aan de scheppende volheid van God die zelf boven veelheid en eenheid staat en beide omvat. Het geloof in de Drie-een­heid dat het meervoud in Gods eenheid aanvaardt, is aldus in wezen het defini­tief afwijzen van het dualisme als beginsel om de veelheid naast de eenheid te kunnen verklaren. In dit geloof heeft de positieve waardering van het vele een definitief uitgangspunt gekregen. God staat boven enkelvoud en meervoud. Hij doorbreekt beide.
Dit heeft een verder belangrijk gevolg. Voor iemand die in God als drie in één gelooft, bestaat de hoogste eenheid niet in de eenheid van een starre eenvormig­heid. Het voorbeeld van de ideale eenheid is daarom niet de ondeelbaarheid van het atoom, de kleinste eenheid die men niet meer kan delen, maar het toonaan­gevende toppunt van eenheid is die eenheid welke door de liefde wordt voortge­bracht. De eenheid die tegelijk veel is en die in de liefde groeit, is radicaler en ech­ter dan de eenheid van het atoom.

Tweede stelling: De paradox Vna essentia tres personae is gericht op het begrip persoon en moet in nauwe samenhang met dat begrip worden verstaan

Doordat het christelijk geloof God, de scheppende zin, als persoon aanvaardt, aanvaardt het Hem ook als kennis, als woord en liefde. Het aanvaarden van God als persoon sluit daarom in dat men in God een mogelijkheid van zich verhou­den, van spreken en van vruchtbaarheid aanvaardt. Wat volledig alleen staat, zonder relatie, zonder mogelijke relaties, kan geen persoon zijn. In het absoluut ene bestaat geen persoon. Dat kan men al afleiden uit de woorden waardoor het begrip persoon is ontstaan: het Griekse woord prosopon betekent letterlijk 'ge­zicht'; met het voorzetsel pros = 'naar', 'in de richting van' sluit het een verhou­ding als noodzakelijk element in. Ongeveer hetzelfde ontdekt men in het Latijnse persona: het 'doorheen klinken'; ook het per = 'erdoorheen', 'naar' drukt een re­latie uit, deze keer via het vermogen tot spreken. Met andere woorden: als het ab­solute een persoon is, is het geen absoluut enkelvoud. In zoverre ligt er in het be­grip persoon per se een verder gaan dan het enkelvoud besloten. Tegelijk zullen we volmondig moeten toegeven dat de belijdenis: 'God is persoon op de wijze van een drievoudige persoonlijkheid', een naïef, antropomorf begrip van per­soon afwijst. In een cijfer uitgedrukt geeft het te kennen dat de mogelijkheid van Gods persoon-zijn het persoon-zijn van de mens oneindig ver overtreft, zodat het begrip persoon, hoeveel het ook mag verklaren, toch weer een gebrekkige vergelijking blijkt te zijn.

Derde stelling: De paradox Vna essentia tres personae is ondergeschikt aan het probleem van absoluut en relatief en bewijst dat het relatieve, het betrekkelijke, absoluut is

a) Dogma als overeenkomst in taal. Laten wij eens proberen in deze beschouwing af te tasten wat hiermee wordt bedoeld. Als het geloof al vanaf de vierde eeuw Gods Drie-eenheid met de formulering 'Eén wezen, drie personen' heeft vastge­legd, dan is een dergelijke opstelling van begrippen allereerst een 'overeenkomst in taal' zonder meer. Allereerst stond alleen maar vast dat het element één evenals het element drie en de volledige gelijkheid van beide in een allesover­heersende eenheid vastgelegd moesten worden. Dat men beide in feite over de begrippen substantie en persoon heeft verdeeld, is in zekere zin iets toevalligs. Het gaat er tenslotte slechts om dat beide worden vastgelegd en dat zij niet wor­den overgelaten aan de willekeur van een van beide, waardoor in feite met het woord ook de zaak zelf zou kunnen vervagen en zelfs totaal verdwijnen. Met het oog hierop zal men er niet gemakkelijk toe komen deze woorden ongeveer als de enig mogelijke te zien en er theoretisch uit af te leiden dat de zaak alleen op deze wijze en niet anders geformuleerd zou kunnen worden. Daardoor zou men het negatieve karakter van de theologische taal, het tastend karakter van het theolo­gisch formuleren, ontkennen.

b) Het begrip persoon. Aan de andere kant geldt echter ook dat deze overeen­komst in taal meer is dan het zich vastzetten op een of andere letter. Al strijdend yoor de woordkeus van de geloofsbelijdenis streed men ook voor de zaak zelf, zodat men in deze woorden, op wat voor inadequate wijze dan ook, de werke­lijkheid raakt. Vanuit de cultuurgeschiedenis kunnen we zeggen dat hier de wer­kelijkheid van 'persoon' pas echt uit de verf is gekomen. Het begrip en de ge­dachte van persoon zijn uitsluitend in de belangstelling gekomen door de strijd om het christelijke godsbeeld en de figuur van Jezus van Nazareth te verklaren. AIs we met dit voorbehoud onze formulering op haar innerlijke geschiktheid proberen te taxeren, kunnen we vaststellen dat er twee aanknopingspunten zijn die tot deze formulering hebben geleid. Allereerst was het duidelijk dat God ab­soluut gezien slechts één is, dat een meervoud van goddelijke beginselen onmo­gelijk is. Als dit zo is, is het verder duidelijk dat deze eenheid op het vlak van de substantie moet liggen, met het gevolg dat het drievoud waarover ook gespro­ken moet worden, daar niet te zoeken is. Zij moet dus op een ander vlak liggen, op dat van de relatie, van het 'relatieve'.
Tot deze conclusie is men vooral gedwongen door het contact met de Bijbel. Daar trof men het feit aan dat God met zichzelf in gesprek schijnt te zijn. Er is in God sprake van wij. De kerkvaders hebben dit al op de eerste bladzijde van de Bijbel aangetroffen, waar geschreven staat 'Laat ons de mens maken' (Gen. 1:26). Er is in God dus een Ik en een U. De vaders hebben het ook in de Psalmen ge­vonden ('De Heer sprak tot mijn Heer'; Ps. 110:1), evenals in het spreken van Je­zus tot de Vader. De ontdekking van de dialoog in het innerlijk van God leidde ertoe in God een Ik en een U aan te nemen, een element van zich verhouden, van onderscheid maken en van op elkaar gericht zijn. Hier drong het begrip 'per­soon' zich nadrukkelijk op, waardoor dit uitsteeg boven de betekenis die het had op het toneel en in de literatuur. Het kreeg een nieuw werkelijkheidsperspectief zonder ook maar iets te verliezen van het zwevende, waardoor het juist zo ge­schikt was voor deze toepassing.
Door het inzicht dat God één is in substantie, dat er in Hem echter ook plaats is voor een dialoog, voor een onderscheid en een onderling gesprek, kreeg de ca­tegorie van de relatie in het christelijk denken een geheel nieuwe verklaring. Voor Aristoteles viel de relatie onder de 'accidenten', onder de toevallige bijkomstig­heden van het zijn die men kan wegnemen van de substantie, omdat de substan­tie alleen de fundamentele werkelijkheid is. De kennismaking met de God die in samenspraak is, met de God die niet alleen logos is, maar dia-logos, niet alleen gedachte en diepere zin, maar ook gesprek en woord waardoor de sprekenden zich tot elkaar richten, deze kennismaking haalt een streep door de vroegere in­deling van de werkelijkheid in substantie als het eigenlijke en accidenten als het zuiver toevallige. Nu blijkt dat de dialoog, de relatie, als een even oorspronkelijke vorm van het zijn naast de substantie staat.
Daardoor was in wezen de woordkeus voor het dogma bepaald. Daarmee wordt weergegeven dat God als substantie, als 'wezen' eenvoudig een is. Als we echter ook in de categorie van het drievoud over Hem moeten spreken, dan be­doelen we daarmee geen vermenigvuldiging van de substantie, maar geven we te kennen dat in de ene ondeelbare God de dialoog als verschijnsel optreedt, het op elkaar gericht zijn door woord en liefde. Dit houdt weer in dat de 'drie personen' die in God bestaan, door hun innerlijk op elkaar gericht zijn en werkelijk woord en liefde zijn. Zij zijn geen substanties, geen persoonlijkheden in de moderne be­tekenis, maar een zich verhouden dat met zijn zuiver actueel zijn ('een bundel golven'!) de eenheid van het hoogste wezen niet opheft, maar juist veroorzaakt. Augustinus heeft deze gedachte eens als volgt weergegeven: 'Hij wordt geen Va­der genoemd met betrekking tot zichzelf, maar alleen met betrekking tot de Zoon; op zich gezien is Hij eenvoudig God. Hier komt het belangrijke al naar voren. 'Vader' is niets anders dan een begrip dat een relatie weergeeft. Alleen door het gericht zijn op de ander is Hij Vader, door het in zichzelf bestaan is Hij eenvoudig God. De persoon is de zuivere relatie van zich verhouden, niets an­ders. De relatie is niet iets dat aan de persoon wordt toegevoegd, zoals bij ons; ze bestaat geheel en al uit verhouding.
Met de uitdrukkingen van de christelijke overlevering weergegeven luidt dit als volgt: de eerste persoon brengt de Zoon niet zó voort alsof de daad van het voort­brengen iets aan de reeds volmaakte persoon zou toevoegen, maar is de daad van het voortbrengen, van het zichzelf meedelen en het doorgeven van een levens­stroom. De persoon is identiek met deze daad van zichzelf wegschenken. Alleen als deze daad is hij persoon, dus niet degene die zich wegschenkt, maar de daad van het zich wegschenken, 'golf', geen 'lichaam' ... Dankzij deze gedachte van zich verhouden in woord en liefde, los van het begrip substantie en niet ingedeeld on­der de accidenten, heeft het christelijke denken de kern ontdekt van het begrip persoon, dat iets anders en oneindig veel meer is dan het gewone begrip 'indi­vidu'. Laten we nog eens naar Augustinus luisteren: 'In God bestaan geen acci­denten, alleen substantie en relatie (verhouding). Daarin ligt een revolutionair wereldbeeld besloten: de alleenheerschappij van de filosofie der substanties wordt doorbroken; men heeft ontdekt dat de relatie een gelijkwaardige oervorm van de werkelijkheid is. Hierdoor is de mogelijkheid ontstaan om datgene te overwinnen wat tegenwoordig 'objectiverend denken' wordt genoemd; een nieuwe manier van zijn is bekend geworden. Waarschijnlijk zal men moeten zeg­gen dat de taak die door deze feiten de filosofie wordt toegewezen, nog lang niet ten einde is, hoezeer het hedendaagse denken ook afhankelijk is van deze nieuwe mogelijkheden en er niet meer los van te denken is.

c) De band met de Bijbel en de vraag naar de christelijke existentie. Keren we nu terug naar onze vraag. Naar aanleiding van de zojuist ontwikkelde gedachte kan men gemakkelijk de indruk krijgen dat hier de uiterste grens van de specula­tieve theologie is bereikt, waardoor men zich in het verwerken van de Bijbelse gegevens ver van de Bijbel verwijdert en in het zuiver filosofische denken ver­zeild is geraakt. Des te verrassender moet het zijn bij een nadere beschouwing te ontdekken dat de meest vergaande speculaties ons direct naar het Bijbelse denken terugbrengen. In wezen is immers het zojuist gebodene, zij het dan ook in andere begrippen en met een wat andere bedoeling, al uitvoerig in het den­ken van Johannes te vinden. Met een korte opmerking willen wij dit laten zien.
In het evangelie van Johannes zegt Jezus van zichzelf: 'De Zoon kan niets uit zichzelf' (Joh. 5:19, 30). Dit lijkt de uiterste machteloosheid van de Zoon te zijn; Hij heeft niets van zichzelf, maar juist omdat Hij de Zoon is, kan Hij slechts werken door toedoen van Hem, door wiens toedoen Hij eigenlijk bestaat. Daardoor wordt allereerst duidelijk dat het begrip 'zoon' een begrip van verhouding is.
Door de Heer Zoon te noemen geeft Johannes Hem een naam die in een ander richting wijst, die boven Hem uitwijst; Hij maakt aldus gebruik van een uil drukking die in wezen een verhouding bedoelt. Daardoor brengt hij zijn hele christologie onder bij de leer over de relatie. Formuleringen als deze bevestigen dit slechts; ze ontvouwen als het ware alleen datgene wat in het woord Zoon ligt opgesloten, de verhouding die er de inhoud van uitmaakt. Het lijkt hiermee in tegenspraak als dezelfde Christus bij Johannes van zichzelf zegt: 'Ik en de Vader zijn één' (Joh. 10:30). Bij nader toezien moet men echter onmiddellijk toegeven dat beide uitspraken in werkelijkheid evenredig zijn en evenredigheid eisen. Doordat Jezus Zoon wordt genoemd en daardoor 'relatief' wordt gemaakt met betrekking tot de Vader, doordat de christologie tot een leer over de relatie is geworden, is Christus' totale verbondenheid met de Vader zonder meer duidelijk. Juist omdat Hij niet in zichzelf bestaat, bestaat Hij in Hem en is Hij daardoor volledig één.
Wat dit over de christologie heen te betekenen heeft voor de zin en de doelstelling van het christen-zijn blijkt, als Johannes deze gedachte uitbreidt tot de christenen, die immers uit Christus voortkomen. Dan wordt duidelijk dat hij met de christologie datgene weergeeft, waar het bij de christen eigenlijk om gaat. Wij zien hier twee reeksen gezegden op dezelfde wijze in elkaar grijpen als boven. Parallel met de uitspraak: 'De Zoon kan niets uit zichzelf', die vanuit het begrip zoon een licht werpt op de christologie als leer over de verhoudingen wordt van hen die Christus toebehoren, de leerlingen, gezegd: 'Zonder Mij kun gij niets doen' (Joh. 15:5). Zo wordt christelijke existentie samen met Christus ondergebracht onder de categorie van de relatie. En parallel met de gevolgtrekking die Christus laat zeggen: 'Ik en de Vader zijn één', komt hier de bede naar voren: 'opdat zij één mogen zijn zoals Wij één zijn' (Joh. 17:11, 22). Het belangrijke verschil met de christologie komt aan het licht, doordat het een-zijn van de christenen niet in de aantonende wijs, maar in de vorm van een gebed word weergegeven.
Laten we proberen in het kort na te gaan, wat de waarde is van de grote lijn die hierdoor zichtbaar is geworden. De Zoon is als Zoon en in zoverre Hij Zoon is in geen enkel opzicht uit zichzelf en daarom volledig één met de Vader; omdat Hij in geen enkel opzicht iets naast de Vader is, niets eigens heeft wat alleen van Hem zou zijn, niets tegenover de Vader stelt wat Hem alleen toekomt, geen vrije marge voor het Hem eigene voorbehoudt, daarom is Hij volledig gelijk aan de Vader. De logica dwingt dan tot het volgende: als er niets is waardoor Hij uitslui­tend zichzelf is, geen omschreven persoonlijk iets, dan valt Hij met Hem samen, is Hij' één' met Hem. Juist dit geheel van samenvallen met elkaar ligt in het woord 'Zoon' uitgedrukt. Voor Johannes betekent 'Zoon' het zijn vanuit de ander; met dit woord omschrijft hij het zijn van deze wens dus als een zijn vanuit de ander en op de ander gericht, als een zijn dat naar beide zijden volledig openstaat, geen marge kent van enig voorbehoud voor het persoonlijke ik. Is aldus begrijpelijk dat het zijn van Jezus als Christus een totaal open zijn is, een zijn 'van-uit' en 'naar-toe' dat nergens aan zichzelf hecht en nergens op zichzelf staat, dan is te­gelijk duidelijk dat dit zijn louter verhouding is (niets van een substantie heeft) en als louter verhouding louter eenheid is. Wat hierdoor principieel van Chris­tus wordt gezegd, wordt, zoals wij zagen, tegelijk een verduidelijking van de christelijke existentie. Christen-zijn betekent voor Johannes: zijn als zoon, zoon worden, dus niet op zichzelf en niet in zichzelf bestaan, maar totaal open leven door het 'van-uit' en 'naar-toe'. In zoverre de christen christen is, geldt dat ook voor hem. En aan de hand van dergelijke uitspraken zal hij zich bewust worden, hoe weinig christen hij is.
Het oecumenische karakter van de tekst wordt daarvoor, lijkt mij, vanuit een heel onverwachte hoek belicht. Iedereen weet natuurlijk dat het 'hogepriesterlijk gebed' van Jezus (Joh. 17) dat wij op het oog hebben, het voornaamste document vormt bij elke inspanning om tot eenheid van de kerk te komen. Maar blijven wij daarbij dikwijls niet te veel aan de oppervlakte? Vanuit deze beschouwing is het duidelijk dat christelijk eerst eenheid met Christus is; en deze wordt pas mo­gelijk waar het roemen op het eigene ophoudt en daarvoor in de plaats het zijn komt dat geen voorbehoud maakt, het zijn 'van-uit' en 'naar-toe'. Uit zulk zijn met Christus, dat volledig opgaat in het openstaan van Hem die niets eigens wilde vasthouden (vgl. ook Fil. 2:6-7), volgt het volledig een-zijn: 'opdat zij één zijn, zoals Wij één zijn'. Elk niet-een-zijn, elk gescheiden-zijn berust op een ver­borgen tekort aan werkelijk christen-zijn, op het vasthouden aan het eigene, waardoor het opgaan in eenheid verdwijnt.
Het is, denk ik, niet zonder belang op te merken hoe de leer over de Drie-een­heid in een uitspraak over ons bestaan overgaat, hoe de theorie dat de relatie vol­ledige eenheid betekent, een perspectief opent in onze richting. Het persoon-zijn in de Drie-eenheid bestaat in wezen hierin, dat het zuivere relatie is en daarom de meest absolute eenheid. Dat dit geen tegenspraak inhoudt, kan men vanuit dit standpunt gemakkelijk inzien. En men kan nergens beter dan hier begrijpen dat niet het 'atoom' het kleinste, niet verder deelbare onderdeel, het toppunt van eenheid is, maar dat het zuivere één-zijn pas in de geest mogelijk is en dan een liefdesverhouding insluit. Het geloof in de eenheid van God is daarom in het christendom een even radicale eis als in welke andere monotheïstische gods­dienst ook, ja, in het christendom komt het pas volledig tot gelding. Het wezen van de christelijke existentie bestaat hierin, dat men het zijn als verhouding ziet en beleeft om zo tot die eenheid te komen die het fundament is waarop de wer­kelijkheid steunt. Hieruit blijkt hoe de leer over de Drie-eenheid bij een juist ver­staan het middelpunt kan worden van de theologie en van het christelijke den­ken in het algemeen; alle andere lijnen gaan uit van dit punt.
Laten we nu nog eenmaal terugkeren naar het evangelie van Johannes, dat in dit opzicht de belangrijkste hulp biedt. Men kan zeggen dat de beschreven lijn een dominerende rol speelt in zijn theologie. Behalve in het begrip Zoon komt ze bovenal aan het licht in twee andere theologische begrippen, waarnaar wij hier ter afronding van het geheel in het kort verwijzen: in het begrip 'zending' en in de benadering van Jezus als 'Woord' (logos) van God. De theologie over het zijn is weer een theologie over het zijn als relatie en over de relatie als vorm van eenheid. Bekend is de laat- Joodse uitspraak: 'De afgezant van een mens is als deze mens zelf:35 Jezus is bij Johannes de afgezant van de Vader, in wie werkelijk in vervulling gaat wat alle andere gezanten slechts bij benadering konden aange­ven. Hij gaat er werkelijk helemaal in op gezondene te zijn; Hij alleen is de ge­zondene die de plaats van de Andere inneemt zonder er iets van zichzelf tussen te plaatsen. Zo is Hij als de ware gezondene één met degene die Hem zendt. Weer geeft het begrip zending het zijn aan als zijn 'van-uit' en als zijn 'naar-toe'. Weer wordt zijn hier gezien als uitsluitend openstaan zonder enig voorbehoud. En weer volgt de uitweiding in de richting van de christelijke existentie, als er ge­zegd wordt: 'Zoals de Vader Mij gezonden heeft, zo zend Ik u' (Joh. 13:20; 17:18; 20:21). Door deze existentie onder de categorie van de zending te plaatsen wordt zij opnieuw omschreven als zijn 'van-uit' en 'naar-toe', als verhouding en dus als eenheid.
Ten slotte zouden wij nog een opmerking willen wijden aan het begrip logos.
Als Johannes de Heer als logos tekent, maakt hij gebruik van een woord dat zo­wel in de Griekse als in de Joodse gedachtewereld bekend was, en daardooI neemt hij een hele reeks daarmee samenhangende begrippen over die met dal woord op Christus worden overgedragen. Men zou misschien kunnen zeggen dat het nieuwe dat Johannes met het begrip logos naar voren brengt, vooral hierin bestaat, dat logos voor hem niet de waarde heeft van een eeuwige gedachte als grond van het zijn, zoals dit begrip in het Griekse denken werd uitgelegd. Door het begrip logos op Jezus van Nazareth toe te passen geeft Johannes het een nieuwe dimensie. Het vertolkt niet meer uitsluitend dat alle zijn van een diepere zin is doordrongen, maar geeft als karakteristiek van deze mens: Hij die hier is, is 'Woord'. Het begrip 'logos', dat voor de Grieken 'zin' (ratio) betekent, veran­dert hier werkelijk in 'Woord' (verbum). Hij die hier is, is Woord; Hij is dus 'ge­sproken-zijn' en daardoor de zuivere verhouding van de sprekende naar de aan­gesprokene. Aldus richt de logos-christologie als Woord-theologie het zijn nogmaals op de gedachte van de relatie. Want weer geldt hier: Woord is in wezen 'van iemand anders weg' en 'naar iemand anders toe', in een existentie die totaal weg is en openheid is.
We besluiten dit alles met een tekst van Augustinus die wat wij willen zeggen indrukwekkend naar voren brengt. Het staat in de commentaar op Johannes en sluit aan bij het vers uit het evangelie: 'Mea doctrina non est mea': 'Mijn leer is niet van Mij, maar van de Vader die Mij gezonden heeft' (Joh. 7:16). Augustinus heeft aan de hand van de paradox uit deze zin het paradoxale van het christelijke godsbeeld en van de christelijke existentie belicht. Hij stelt allereerst de vraag, of het geen duidelijke tegenspraak is en een aanslag op de meest elementaire regels van de logica zoiets te zeggen: 'Het mijne is niet van mij.' Maar, zo gaat hij er ver­der op in, wat is nu eigenlijk de leer van Jezus die tegelijk van Hem en niet van Hem is? Jezus is 'Woord', en daaruit blijkt dat Hijzelf zijn leer is. Als men met dit voor ogen de zin nog eens overleest, dan zegt Jezus: Ik ben niet zuiver mijzelf; ik ben helemaal niet van Mij, maar mijn Ik is van een ander. En daarmee zijn wij via de christologie bij onszelf beland: 'Quid tam tuum quam tu, quid tam non tuum quam tu': 'Wat is zozeer van u als gij zelf en wat is zo weinig van u als gij­zelf?' Het meest eigene, wat ons uiteindelijk echt alleen toebehoort, het eigen ik, is tegelijk het minst eigene, want juist ons ik hebben wij niet uit onszelf en niet voor onszelf. Dat ik is tegelijk datgene wat ik volledig bezit en wat mij het minst toebehoort. Zo wordt hier nog eens het begrip van de zuivere substantie (= van dat wat op zichzelf staat!) doorbroken en wordt duidelijk hoe het zijn dat zichzelf echt begrijpt, tegelijk inziet dat het in het zichzelf zijn zichzelf niet toe­behoort; dat het pas zichzelf nadert door van zichzelf weg te gaan en zich als ver­houding in zijn werkelijke oorspronkelijkheid terugvindt.
Door deze gedachte wordt de leer over de Drie-eenheid niet als mysterie ont­luisterd en tot een begrijpen herleid, maar toch wordt duidelijk, hoe wij daardoor een nieuw begrip krijgen van de realiteit, van wat de mens eigenlijk is en van wat God is. Waar men de meest uitgewerkte theorie verwacht, komen de meest praktische normen tevoorschijn. Bij het spreken over God komt aan het licht, wat de mens is: het meest paradoxale is tegelijk het meest sprekende en biedt de meeste hulp.
  zondag 8 juli 2007 @ 13:51:56 #93
158555 Pius_XII
Pastor angelicus
pi_51258507
quote:
Op vrijdag 8 juni 2007 19:46 schreef Haushofer het volgende:
Het idee van een 3-eenheid was vroeg-Christenen waarschijnlijk vreemd.
Dat ligt eraan, de preciese formuleringen zullen afgeweken hebben, maar b.v. Ignatius van Antiochië hanteert al termen die de Drie-eenheid verraden:
quote:
"[T]o the Church at Ephesus in Asia . . . chosen through true suffering by the will of the Father in Jesus Christ our God" (Letter to the Ephesians 1 [A.D. 110]).

"For our God, Jesus Christ, was conceived by Mary in accord with God’s plan: of the seed of David, it is true, but also of the Holy Spirit" (ibid., 18:2)
Of bij Justinus de Martelaar:
quote:
"We will prove that we worship him reasonably; for we have learned that he is the Son of the true God himself, that he holds a second place, and the Spirit of prophecy a third. For this they accuse us of madness, saying that we attribute to a crucified man a place second to the unchangeable and eternal God, the Creator of all things; but they are ignorant of the mystery which lies therein" (First Apology 13:5–6 [A.D. 151]).
pi_51296383
Moslims geloven veelal dat ze in dezelfde God als christenen en joden geloven. Andersom niet. Datzelfde verhaal geldt voor bahai's. Belangrijk is dus de vraag wie de laatste religie in het rijtje is...

Emed
pi_51371216
quote:
Op maandag 9 juli 2007 17:02 schreef Emed het volgende:
Moslims geloven veelal dat ze in dezelfde God als christenen en joden geloven. Andersom niet. Datzelfde verhaal geldt voor bahai's. Belangrijk is dus de vraag wie de laatste religie in het rijtje is...

Emed
Scientology
"thats a pile of goatshit what you're saying mister master...and a large pile too" schreef Burakius die maandagmorgen
pi_51440206
quote:
Op zondag 8 juli 2007 13:51 schreef Pius_XII het volgende:

[..]

Dat ligt eraan, de preciese formuleringen zullen afgeweken hebben, maar b.v. Ignatius van Antiochië hanteert al termen die de Drie-eenheid verraden:
[..]

Of bij Justinus de Martelaar:
[..]
Klopt, maar ik heb zelf het idee dat Jezus zichzelf wellicht helemaal niet als Goddelijk zag. Ook omdat Hij zelf de eenheid van God erkende. In de Bijbel worden voor God vaak antropomorfismes gebruikt, maar een Jood zal die beelden nooit gelijk aan God stellen. Christenen hebben het idee van "een Zoon van God" misschien wel te letterlijk genomen, en zijn Jezus gaan zien als God. Gedreven door de drang naar verlossing, en naar een andere wereld.
pi_51444037
quote:
Op vrijdag 13 juli 2007 19:42 schreef Haushofer het volgende:

[..]

Klopt, maar ik heb zelf het idee dat Jezus zichzelf wellicht helemaal niet als Goddelijk zag. Ook omdat Hij zelf de eenheid van God erkende. In de Bijbel worden voor God vaak antropomorfismes gebruikt, maar een Jood zal die beelden nooit gelijk aan God stellen. Christenen hebben het idee van "een Zoon van God" misschien wel te letterlijk genomen, en zijn Jezus gaan zien als God. Gedreven door de drang naar verlossing, en naar een andere wereld.
Heb je die artikelen die je van de week mij aanraadde, zelf wel gelezen?
Deze artikelen dus: http://www.markdroberts.com/htmfiles/resources/jesusdivine.htm

Ik ben er nu nog mee bezig, maar de schrijver geeft vrij goed aan waar Jezus 'Goddelijk' over zichzelf spreekt en waar niet.

Wel een aanrader.
"A little philosophy inclineth man's mind to atheism, but depth in philosophy bringeth man's minds about to religion." - Sir Francis Bacon
"Heb je vijanden lief, wees goed voor wie jullie haten." - Jezus
pi_51445158
quote:
Op vrijdag 13 juli 2007 21:48 schreef koningdavid het volgende:

[..]

Heb je die artikelen die je van de week mij aanraadde, zelf wel gelezen?
Deze artikelen dus: http://www.markdroberts.com/htmfiles/resources/jesusdivine.htm

Ik ben er nu nog mee bezig, maar de schrijver geeft vrij goed aan waar Jezus 'Goddelijk' over zichzelf spreekt en waar niet.

Wel een aanrader.
Klopt, ik vond het mooie stukken om te lezen, en ik stipte al aan dat hij wel pleit voor een vroege Goddelijke interpretatie van Jezus. Maar dat is alleen zijn mening, en daar vallen genoeg kanttekeningen bij te zetten
pi_51448027
quote:
Op vrijdag 13 juli 2007 19:42 schreef Haushofer het volgende:

[..]

Klopt, maar ik heb zelf het idee dat Jezus zichzelf wellicht helemaal niet als Goddelijk zag. Ook omdat Hij zelf de eenheid van God erkende. In de Bijbel worden voor God vaak antropomorfismes gebruikt, maar een Jood zal die beelden nooit gelijk aan God stellen. Christenen hebben het idee van "een Zoon van God" misschien wel te letterlijk genomen, en zijn Jezus gaan zien als God. Gedreven door de drang naar verlossing, en naar een andere wereld.
Grappig. In de qor'an wordt ergens gezegd, dat de christenen het evangelie verkeerd begrepen hebben en te veel zelf geïnterpreteerd hebben. Jouw betoog ondersteunt deze waarneming.
Daarom heeft Allah nu de qor'an gestuurd in de duidelijke Arabische taal.

(Waarna er weer prompt allerlei uitleggers kwamen, maar dat terzijde.)
Onderschat nooit de kracht van domme mensen in grote groepen!
Der Irrsinn ist bei Einzelnen etwas Seltenes - aber bei Gruppen, Parteien, Völkern, Zeiten die Regel. (Friedrich Nietzsche)
pi_51448601
quote:
Op vrijdag 13 juli 2007 22:26 schreef Haushofer het volgende:

[..]

Klopt, ik vond het mooie stukken om te lezen, en ik stipte al aan dat hij wel pleit voor een vroege Goddelijke interpretatie van Jezus. Maar dat is alleen zijn mening, en daar vallen genoeg kanttekeningen bij te zetten
Klopt het is zijn mening inderdaad. Desondanks onderbouwt hij het wel redelijk sterk, ik heb wel een aantal dingen gelezen die nieuw voor mij waren.
"A little philosophy inclineth man's mind to atheism, but depth in philosophy bringeth man's minds about to religion." - Sir Francis Bacon
"Heb je vijanden lief, wees goed voor wie jullie haten." - Jezus
abonnement Unibet Coolblue Bitvavo
Forum Opties
Forumhop:
Hop naar:
(afkorting, bv 'KLB')