Dat stukje over die wikipost was op zich opvallend, het betreft deze pagina:
List of Psilocybin mushrooms, die op zich van bronnen is voorzien. Voor Wikipedia is dat niet eens zo’n slecht artikel. Echter, is sommige informatie naderhand verouderd en is het artikel van Wikipedia daarop gebaseerd (mede omdat de aangehaalde artikelen wat scheutig waren).
Eén van de auteurs naar wie verwezen wordt is J. Gartz, hij schrijft in zijn commentaar over die lijst:
quote:De informatie is niet juist, ik heb nooit een lijst voor het Ministerie van VWS opgesteld. Guzman en Allen hebben een uitvoerig artikel geschreven waaraan ik als derde auteur relatief weinig heb bijgedragen. Een deel van de in de AMvB genoemde soorten komt daar vandaan, de rest blijkt een mengsel van halve waarheden van het internet en een willekeurige waardering te zijn van sommige verkleuringen van paddenstoelen als druginhoud. Helaas hebben Guzman en Allen ook te snel veel soorten als psychoactief bestempeld, terwijl de werkzame stoffen nooit eenduidig wetenschappelijk zijn aangetoond.
Guzman, G., Allen,W.A.,Gartz, J.: A worldwide geographical distribution of the neurotropic fungi, an analysis and discussion. Ann.Musei Civic.Rovereto 14,189- 280 ( 2000 )
Bij de volgende paddenstoelsoorten, genoemd op de lijst van de Minister, werd met moderne wetenschappelijke methodes nooit Psilocybine of Psilocine aangetoond (!). Daaronder vallen paddenstoelsoorten waarvan reeds sinds lange tijd bekend is, dat zij niet in staat zijn alkaloïden te vormen en ook volledig nieuwe verzamelingen waarvan het soortbegrip vaak erg dubieus is en die in het algemeen nooit zijn onderzocht. Ook zijn sommige, in de lijst genoemde soorten niet aangeduid overeenkomstig de huidige stand van de wetenschap:
Ik heb zojuist de lijst in het AMvB met Wikipedia vergeleken, en ze zijn inderdaad nagenoeg identiek (alhoewel een Nieuw-Zeelandse paddestoel, de Weraroa novae-zelandiae lijkt te missen). Het lijkt dus heel erg op copy paste werk.
Wat me verder opviel, is dat de deskundige van de Universiteit van Wageningen in de reportage van één Vandaag Gartz een ‘obscure Oost-Duitse Wetenschapper’ noemt, terwijl De Wolff juist zegt:
quote:Bij de voorbereiding van het in 1998 verschenen achtergronddocument dat ik heb geschreven in opdracht van de Minister van VWS, en dat mede de basis vormde voor het CAM-rapport van 2000, heb ik behalve de Leidse farmacognost Prof. Dr J. Scheffer ook Dr Gartz geconsulteerd, met name over de chemische stabiliteit van psilocybine in paddestoelen. Hij wordt algemeen gezien als toonaangevende deskundige op dit gebied.
Dat spreekt elkaar toch wel tegen. Hoe dan ook, de samenstelling van de lijst lijkt nogal amateuristisch te zijn.