quote:
Op vrijdag 4 juni 2004 20:05 schreef TCT_Nexus het volgende:@Solitarias: ja de loafers zijn uiteraard ook alleen casual bedoeld. Bijv. onder een linnen broek en polo. Nonchalant en zonder sokken.
[..]
Precies! Vandaar mijn vraag
![]()
. Loafers lijken me zeer geschikt. Zie ook het boek van Laszlo Vass. Wellicht dat onze Brabantse merken (VL, VB) redelijke loafers hebben qua kwaliteit en prijs, zal binnenkort eens kijken.
Lees dit eens: (YvrA)
Zomervoeten
Reddeloos verloren lijken de meeste mannen als het vertrouwde pak en de zwarte veterschoen in het weekend of tijdens een hittegolf in de kledingkast kunnen blijven. Uit stilistische onmacht tooit een groot deel van mannelijk Nederland zich bij voorkeur met één soort schoen: de Timberland bootschoen, de goedkopere pendant van Lumberjack of een andere afgeleide van het oorspronkelijke Paul Sperry-model. Werp een blik op een zomerse barbecue in het Gooi, Kennemerland of Wassenaar en verbaas je over de eensgezinde keuze van de afgetrapte bootschoen.
Daar waar het pak zich maar met een beperkt aantal stijlen laat combineren, kan de vrijetijdsbroek met vrijwel alles wat een zool heeft worden samengevoegd. Maar naarmate de zon sterker schijnt en de vrije tijd verruimt, lijkt het inzicht in wat er onder het katoen moet komen te slinken. Als variant op die eeuwige beveterde bootschoen is er het nodige voorhanden. Engelse merken waaronder Hackett, Church’s en Cordings munten uit in casual suède modellen met slanke leest en goede pasvorm. Vaak bieden deze merken dezelfde modellen met de keuze tussen een leren- of rubberen zool. Vooral het halfhoge suède werk, de zogenaamde chukka-boots, van out-door specialist Cordings blinken uit in draagcomfort en afwerking.
Niet alleen de Engelsen weten wat zij moeten dragen als de dagen met paarden, tennisrackets en picknicks zich weer aandienen. Na de Tweede Wereldoorlog speelden ook de Italianen in op de toenemende belangstelling naar minder zware schoenen voor de vrijetijd. Naast binnenlandse en Zuid Europese vraag waren het vooral ook de Amerikanen die belangstelling hadden voor het soepele en lichte werk uit Italië. Al gauw belandde in Amerika de als vrijetijdsschoen bedoelde tasselloafer ook onder het pak. Meestal is dit soort schoenen afgewerkt met twee malle kwastjes en daar valt stilistisch zeker over te twisten. Een merk als Alden heeft het model al bijna een halve eeuw in productie. Evenals de schoenen van Mantellassi maakt het Amerikaanse Alden een groot deel van zijn instapcollectie ook in uitvoering van suède.
Oorspronkelijk werd suède primair gebruikt voor het maken van vrijetijdsschoenen, maar daarin bracht De Duke of Windsor verandering. Hij combineerde ooit bruin suède schoenen met een donkerblauw pak. Een kennis van de Duke werd door deze textiele misser fijntjes op de vingers getikt, maar die verweerde zich op onmiskenbaar Britse wijze: ’It would be wrong if it were a mistake. But the Duke knows better - so it’s alright.’ Vakidioten van het befaamde schoenenhuis Berlutti spreken overigens nooit over suède boots, maar altijd over reversed calf.
Amerika en Italië kibbelen over de vraag wie er het eerst is gekomen met de loafer. Lang voordat het beroemde suède model van Gucci de wereld veroverde was in Amerika al voor de Tweede Wereldoorlog de penny loafer in zwang. Ondanks trouwe pleitbezorgers van de felgekleurde Gucci-loafer, onder wie Andy Warholl en Tom Wolf, heeft deze klassieker terrein moeten prijsgeven aan het soepele loopwerk van Diego delle Valle. Met zijn snelgroeiende merken als Tod’s en Hogan heeft deze ondernemer niet alleen Italië veroverd maar ook plaatsen als Dubai, Tokio en New York. Naast het succes van de soms wat brave Tod’s-modellen lijkt ook de opmars van de geklede sportschoen niet te stoppen. Langzaam dringen de als sportschoen ogende exemplaren van Donna Karan, Prada en Gucci de reguliere klerenkast binnen. Zelfs mannen van boven de vijftig kunnen, ondanks de veelal vreemd gevormde zolen, een aankoopimpuls niet bedwingen. Daarmee zijn ze weliswaar gered van de bootschoen, maar dreigen ze nog steeds stilistisch te verdrinken.