abonnement Unibet Coolblue Bitvavo
  dinsdag 14 juli 2026 @ 17:17:44 #1
311468 Van_Poppel
Voormalig kopman van Gertje
pi_221333054
Etappe 10: Aurillac - Le Lioran, 166,6 km

Goh, we hebben alweer een volle Tourweek achter de rug. Meer dan een week geleden begon de 113e Ronde van Frankrijk in Barcelona, alwaar we aftrapten met een individuele ploegentijdrit. Die dag waren we zowaar getuige van een verrassing, UAE werd verslagen! Visma ging in de vorm van Vingegaard met de zege aan de haal, al had dat zonder een lekke band voor Vauquelin ook voor Ineos kunnen zijn. Het was in ieder geval niet voor UAE, ze werden slechts derde. Een valse start, maar ze sloegen snel terug. Op de tweede dag in Barcelona reden we rondjes over het circuit van Montjuïc en daar gebeurde relatief weinig. Eigenlijk geen aanval gezien, maar dat bleek ook niet nodig voor UAE om de koers alsnog te winnen. Del Toro smeet zich als een kamikaze door de laatste bocht en begon daarna aan een sprint van 600 meter richting het olympisch stadion van Barcelona. Gekkenwerk, behalve als je voor UAE rijdt, dan is het de normaalste zaak van de wereld. Pogacar keek even naar Vingegaard, zag dat de Deen het gat op Del Toro niet kon dichten, en reed toen zelf naar Del Toro toe. Hij kwam ernaast, om te wijzen naar Del Toro. Kijk eens, er doet er eentje mee die nog lachwekkender is. 't Scheelt niet veel, in ieder geval. Na deze flagrante vertoning, in een Tourrit op een aankomst heuvelop even lachend eerste en tweede worden, werd het op de derde dag niet veel beter. Onderweg naar Les Angles, terug naar Frankrijk, besloot UAE de rit maar weer eens te controleren. De koplopers kregen geen kans, nadat Pogacar een dag eerder de zege had weggegeven wilde hij nu z'n eigen ritzege. En zo geschiedde. Op het klimmetje aan het eind in Les Angles reed hij lachend weg van de rest, zo simpel kan wielrennen ook zijn. Gelukkig volgde er nadien een dag voor de vluchters, die rit zou vast wel leuk worden. Of nee, toch niet. Wel een rit voor de vlucht, maar in de kopgroep zaten drie renners van Lidl-Trek. Vacek en Simmons controleerde alles voor Pedersen, die vervolgens de sprint overtuigend wist te winnen. Zelfs de vluchtersrit bleek voorspelbaar en saai, het zat ons niet mee. En dan gingen we een dag later ook nog eens voor het eerst sprinten. Dat leverde dan weer een zege op voor Olav Kooij, in zijn eerste Tour pakte hij meteen een ritzege mee. Mag hij blij mee zijn, want nadien is een Belg op gang gekomen!

Op dag zes van de Tour trokken we echt de Pyreneeën binnen, en daar gebeurde precies wat iedereen behalve Gouvenou had verwacht. Een bergrit met de Tourmalet onderweg en dan een vlakke klim daarna? Ja, wij konden het wel uittekenen. Het genie dat het voor het zeggen heeft niet. Dat genie had bedacht dat de verschillen wel beperkt zouden blijven. Ja, niet dus. Op de Tourmalet deed UAE precies wat wij allemaal al verwacht hadden. Eerst hadden ze op de Aspin al flink doorgetrokken, daarna werd het hele treintje op de rails gezet op de Tourmalet. Een paar kilometer voor de top werd Pogacar gelanceerd door Vingegaard en poef, weg was hij. Del Toro dreigde nog even mee te gaan met Pogacar, om het helemaal beledigend te maken, maar de Mexicaan kwam zichzelf een beetje tegen. Pogacar niet, nee, natuurlijk niet. Richting de top van de Tourmalet bleef Vingegaard lang dichtbij, maar richting de top verloor hij uiteindelijk toch tijd. Zo gaat dat altijd, we volgden weer het vaste stramien. In de afdaling liep Pogacar daarna natuurlijk ook uit, precies zoals we hadden gedacht. En in de vals platte slotklim? Daar liep het verschil op richting drie minuten, zoals in iedere voorbeschouwing, niet alleen die van mij, al te lezen viel. Soms is wielrennen een heel voorspelbare sport. Heel jammer, in dit geval. De Tour is meteen beslist, al hadden we ook niet echt iets anders verwacht. Wel een tragisch dagje voor Torstein Traeen ook, de Noor had een paar dagen eerder dankzij een succesvolle vlucht het geel veroverd, maar op de Tourmalet ging hij overboord en daarna kwam hij ook nog eens in de afdaling ten val. Hij raakte daardoor niet alleen het geel kwijt, nee, hij moest de Tour verlaten. Zoals inmiddels Arnaud De Lie en Cian Uijtdebroeks ook al uit koers verdwenen waren, ziek rondrijden schijnt dan toch niet zo'n briljant idee te zijn. Zeker niet als het warm is, en warm is het geweest tijdens de eerste Tourweek. We kregen het niet warm van de koersontwikkelingen, maar verder was het wel obsceen heet. Met Pogacar in het geel, heel comfortabel, veel te comfortabel, trokken we naar de volgende ritten. Twee vlakke ritten achter elkaar. De eerste van de twee was heel simpel en saai, er gebeurde weinig en aan het eind was het Tim Merlier die een redelijk chaotische sprint naar zich toe wist te trekken. Een keer niet chaotisch wegens valpartijen, eerder chaotisch omdat de meeste treintjes niet op punt stonden. Alpecin waagde een poging, maar de benen van Philipsen weigerden dienst. De tweede sprintrit was iets leuker, vooral omdat het peloton alle moeite van de wereld had om Liam Slock tot de orde te roepen. De Belg hield lang stand, maar uiteindelijk plooide hij toch. We zagen daarna in de straten van Bergerac weer een chaotische sprint, maar nu omdat er een paar linke bochten in de laatste kilometer te vinden waren. Vooral de laatste bocht op 500 meter van het eind bleek bepalend. Op een andere manier dan verwacht. Door een botsing met Waerenskjold kwam Bini niet echt lekker door de laatste bocht en daardoor zat hij op een gat van de voorste renners. Merlier zat zelfs nog achter hem, op een groter gat. Dat gat leek onoverbrugbaar, met nog maar een meter of 400 te gaan. Het werd dan maar alles of niets, zowel Bini als Merlier gingen aan en ze wisten het gat te dichten. Merlier besloot daarna zijn inspanning door te trekken en hij vloog iedereen voorbij. Van der Poel deed een lead-out voor Philipsen, maar in vergelijking met Merlier stond Philipsen stil. Kooij zat ook in een geweldige positie, maar ook hij kon geen versnelling meer plaatsen. Het was Merlier, van achteruit, die zijn tweede op rij boekte. Deze keer leek hij vanuit geslagen positie te komen, maar soms is een Leeroy Jenkins doen zo slecht nog niet. Alles of niets, het werd alles.

Een matige week, al bij al. Veel voorspelbare ritten, weinig onverwachte wendingen. Gelukkig maakte de laatste rit van de eerste week veel goed. De negende rit was er eentje om in te kaderen. Het was de hele dag koers, tijdens de ingekorte rit. We hadden wegens het warme weer, graadje of 40, een kilometer of 30 van de rit geschraapt. Daardoor lag de tussensprint ineens heel vroeg op de dag, Lidl-Trek besloot dan maar te controleren voor die tussensprint. Niet zonder succes, Pedersen won dat sprintje voor Girmay. Na de tussensprint kwam het gevecht om in de vlucht van de dag terecht te komen op gang, en dat werd een interessant gevecht. We zagen een miljoen aanvalspogingen, vooral Alaphilippe was heel actief. Toch maar mooi de uitzending gehaald, en dat zelfs zonder benen. Ook Van der Poel was actief, hij toonde aanvalslust terwijl hij eerder niet vooruit te branden was. Een goed signaal, eindelijk gewend aan de warmte. Na vele vruchteloze pogingen reed er zo'n beetje halverwege de rit pas voor het eerst echt een kansrijke kopgroep weg. Van der Poel was een van de laatste renners die de oversteek wist te maken, even later sloot ook Pidcock nog aan. Die kopgroep kreeg ondertussen weinig voorsprong, want in het peloton had UAE besloten dat ze keihard op kop gingen rijden. Daar hadden ze een miljoen redenen voor, de verklaringen waren niet echt goed op elkaar afgestemd. Wat de reden ook was, Tim Wellens reed als een bezetene rond en daardoor kreeg de kopgroep nooit meer dan een minuut voorsprong. In de kopgroep ontstond er meteen onenigheid, waarna Tobias Johannessen en Quinn Simmons in aanloop naar de beklimming van Suc au May demarreerden. Op die klim maakte Pidcock de oversteek, waarna we even later Van der Poel in beeld zagen verschijnen. Hij leek slecht in vorm, maar voor de rustdag had hij ineens wonderbenen. Op een klimmetje van twee kilometer aan 10% reed hij naar de kop van de koers, dat moet meteen een van zijn beste klimprestaties zijn geweest.

Met een kopgroepje van acht reden we verder na de beklimming van Suc au May. De helft van de kopgroep was alweer gelost, voor sommige renners was het een kort dagje in de vlucht. Wellens bleef ondertussen brommeren, nog steeds weet niemand waarom. Het had een dag voor de vlucht moeten zijn, het groepje had makkelijk een tiental minuten voorsprong moeten krijgen, maar UAE koos ervoor om iedereen in de weg te rijden. Al zorgde de tactiek er uiteindelijk vooral voor dat Van der Poel in het voordeel was. We reden verder over de volgende klim en reden daarna kilometers en kilometers over glooiend terrein, terwijl UAE gas bleef geven. De koplopers hielden een voorsprong van een minuut, erg weinig. Na verloop van tijd kreeg UAE steun, Ineos kwam helpen omdat Johannessen een gevaar vormde voor het anonieme klassement van Bernal. Bij Lidl-Trek konden ze ondertussen niet kiezen, met Simmons en Gee hadden ze twee renners vooraan, maar in het ferm uitgedunde pelotonnetje zat ook nog Mads Pedersen. Na een tijd besloten Simmons en Gee dan maar om vooraan niet meer mee te draaien en dat leek het einde van de kopgroep. De voorsprong liep ineens snel terug naar een halve minuut. Maar toen kwam de redding, het korte klimmetje van Mont Bessou was aanstaande. Daar speelde Van der Poel zijn kaarten perfect, vlak voor dat korte klimmetje zat er een stukje in dalende lijn en hij nam dat stukje in dalende lijn op kop. Met de vaart van de afdaling knalde hij vervolgens vol het klimmetje op en hij wist het kaf van het koren te scheiden. Hij kreeg Johannessen mee, daarna sloot Pidcock aan en even later volgde Baudin. Pidcock haakte bijna weer af, schakelproblemen, maar na een ferme trap tegen zijn derailleur reed hij toch maar weer naar zijn vluchtgenoten toe. Het duo van Lidl-Trek werd gelost, zij vielen terug naar het pelotonnetje en daar mochten zij nog wat kopwerk verrichten. Een beetje te laat, bij Lidl-Trek ging het tactisch niet perfect. Vooraan ging het ondertussen wel goed, door de versnelling van Van der Poel was de voorsprong weer flink toegenomen en op de weg naar Ussel verloren de vier weinig tijd. Van der Poel had zo'n dag, hij bleef enorme beurten doen en dat zorgde ervoor dat het peloton onder aanvoering van Lidl-Trek en Ineos niet echt dichterbij kwam. Cofidis stak even later nog een handje toe, ook lekker op tijd. Het blijft altijd fascinerend, hoe je met een beetje een goede samenwerking en opofferingsgezindheid zo'n kopgroepje makkelijk bij zou kunnen halen, maar in de praktijk lukt dat dan toch niet. Het begon er steeds beter uit te zien voor de vier koplopers, al moesten ze nog wel het sprintje heuvelop in Ussel zien te overleven. Terwijl Johannessen en Baudin wel eens een beurtje oversloegen bleven Pidcock en Van der Poel vol gaan. Met een paar kilometer te gaan hadden ze nog steeds een halve minuut voorsprong, dat begon er steeds kansrijker uit te zien.

Bij het ingaan van de slotkilometer kreeg Van der Poel de kop opgedrongen, maar daar heeft hij inmiddels ervaring mee. Hij pakte het rustig en verstandig aan, hij durfde het tempo te laten lakken en hij was niet bang voor een eventueel aanstormend peloton. Hij wist dat ze te laat zouden komen, hij wist dat het tussen de vier vooraan zou gaan. Met Pidcock in het wiel begon hij op een meter of 250 van het eind aan zijn sprint. Pidcock vergat even dat hij schakelproblemen had, de intelligente Brit haakte meteen af. Ook Baudin kon niet mee met de krachtige aanzet van Van der Poel. Johannessen kwam nog wel even sterk opzetten, maar hij moest uiteindelijk toch gaan zitten en zijn meerdere erkennen in de Nederlander. Een ritzege voor Van der Poel, na een matig begin van de Tour voor hem en de ploeg zag de wereld er plotseling heel anders uit. Hij had zo'n befaamde dag, er was simpelweg niets tegen te beginnen. Slim gereden, maar toch ook wel geluk gehad. Doordat de kopgroep nooit een grote voorsprong had was er ook nooit ruimte voor tactische spelletjes. Zijn vluchtgenoten konden hem niet aanvallen, ze moesten samen blijven werken om überhaupt vooruit te blijven. Dat was enorm in het voordeel van Van der Poel, als ze 10 minuten voorsprong hadden gekregen had hij waarschijnlijk op de ene na de andere demarrage moeten reageren en dan was het moeilijk geworden. Hij zal hebben gevloekt onderweg, maar eigenlijk kwam het werk van UAE en later Ineos en Lidl-Trek hem niet slecht uit. Met dank aan het onnavolgbare UAE, leg maar uit waarom ze reden, pakte hij zijn eerste ritzege in deze Tour en zijn derde in totaal. Dat begint ergens op te lijken. We moesten negen dagen wachten, maar eindelijk was er een spannende en onvoorspelbare rit. Tot in de laatste kilometer had je het gevoel dat de achtervolgende groep nog terug kon komen, doordat de voorsprong nooit veel groter werd dan een minuut bleef het de hele rit spannend. In de sprint was Van der Poel wel de favoriet, maar hij had het meeste werk gedaan, dus het had ook zomaar een slechte sprint kunnen zijn. De winnaar stond niet vooraf al vast, en dat was wel een keer lekker. Uiteindelijk een machtige sprint van Mathieu, de oververdiende winnaar van rit 9. Eindelijk een keer koers zoals koers hoort te zijn, al blijft het rijden van UAE iets heel lelijks houden. Het kwam voor de spanning goed uit, maar het was echt onnodig. Ik kan nog veel meer over die ploeg zeggen, misschien moet ik dat maar doen ook. Zelfs met al mijn cynisme had ik niet verwacht dat ze zo zouden rijden in wat normaal een vluchtersrit had moeten zijn. Dat zo'n ploeg je nog negatief kan verrassen, ergens ook wel weer respect voor.

Na negen zware dagen, met een soms saai, voorspelbaar en tegenvallend koersverloop, sloten we gelukkig op een positieve manier af. Hopelijk kunnen we die positieve vibe meenemen naar de tweede week, al vrees ik er een beetje voor. Het is een week die er op papier niet heel geweldig uitziet. We beginnen met een mooie heuvelrit, al wordt die heuvelrit uiteindelijk waarschijnlijk niet zo mooi. We keren twee jaar later terug naar Le Lioran, daar heeft Pogacar iets recht te zetten. Nadien zien we twee volledig vlakke ritten, en dan volgt er een gekke rit die grotendeels vlak is, op de finale na. Zou een rit voor de vluchters moeten zijn, maar dat soort uitspraken durf ik nu niet meer te doen. Drie ritten op rij waar de klassementsrenners waarschijnlijk niets hoeven te doen. Gelukkig duiken we daarna het volgende weekend in, in dat weekend krijgen we met twee bergritten te maken. Een leuke bergrit in de Vogezen, en daarna een leuke bergrit in de Alpen. We moeten deze week geduld hebben. Eerst een demonstratie van Pogacar, dan twee vlakke dagen, dan hopelijk iets van een vlucht, en dan eindelijk weer de echte bergen. Een te moeilijk parcours? Ammehoela. Pogacar staat dan wel al een straatlengte voor, maar dat zou op ieder parcours kunnen gebeuren. Vandaag gaat ie ook gewoon weer een minuut toevoegen aan zijn voorsprong. We gaan opnieuw naar Le Lioran, daar waar Vingegaard Pogacar ooit in zijn kraag vatte en daarna over de knie legde. Dat kan dat Sloveense gedrocht met zijn opgezwollen ego niet tegen, we gaan vandaag wat beleven. Ik heb er geen zin in, maar goed, daar gaan we, met frisse tegenzin, zonder frisse moed.




Nadat de renners de rustdag hebben doorgebracht in de Cantal gaan de renners van start in de grootste stad van dit departement, Aurillac. Op de Franse nationale feestdag, hartelijk quatorze juillet, beginnen we aan de tweede week in deze stad met 26.000 inwoners. Aurillac is de historische paraplu-hoofdstad van Frankrijk. Nog steeds wordt hier de meerderheid van de in Frankrijk gemaakte paraplu's gemaakt. In 1999 waren dit 250.000 exemplaren. Dat is een leuk feitje om mee te beginnen, met al die zon van de afgelopen dagen is een paraplu geen overbodige luxe. Multifunctioneel instrument, heel goed. Dit stadje aan de rivier de Jordanne kent een lange geschiedenis, Aurillac was al bewoond in de Gallo-Romeinse tijd en de naam van de stad gaat terug op Aureliacum, de plaats waar ene Aurelius zich had gevestigd. Maar de plaats ontwikkelde zich pas in de 9e eeuw, toen een versterkt kasteel werd gebouwd. Rond 895 stichtte Geraldus van Aurillac (Géraud) er een kerk en een benedictijner abdij. Hij werd begraven in de door hem gestichte kerk, die toen ook aan hem gewijd werd. Het graf van de heilige Geraldus werd een belangrijk bedevaartsoord. Gerbert van Aurillac, de latere paus Silvester II, was een monnik afkomstig uit de Abdij Saint-Géraud van Aurillac. De abdij met haar school en haar bibliotheek had in de middeleeuwen een grote intellectuele uitstraling. Van die uitstraling is weinig over, als je het tegenwoordig van paraplu's moet hebben. In 1233 werd het kasteel verwoest tijdens de oorlog met de albigenzen. Tijdens de latere oorlogen met de Engelsen hield de stad Aurillac stand vanwege zijn omwalling. Tijdens de godsdienstoorlogen in de 16e eeuw werd de abdij verwoest door de hugenoten. In 1569 werd de stad ingenomen door een protestants leger en veel katholieke inwoners van Aurillac werden gedood. Het zat ze niet mee, daar, in Aurillac. Nadien werd Aurillac de hoofdstad van de Cantal, kreeg het een belangrijke regionale functie en nam de welvaart onder meer toe dankzij de komst van een treinstation en dus de productie van paraplu's. Die industrie ligt nu evenwel op z'n gat, dankzij concurrentie uit het buitenland. Onder het kopje bezienswaardigheden gaat het vooral over de kerk Saint-Géraud, gebouwd tussen de 15e en 17e eeuw, met enkele romaanse fragmenten! De Chapelle d'Aurinques is gebouwd na een overwinning van de katholieken tijdens de godsdienstoorlogen in de 16e eeuw. De kapel heeft glas-in-loodramen uit de 17e eeuw. De Notre-Dame-aux-Neiges bezit een zeer vereerde zwarte madonna uit de 17e eeuw. Het gebouw dateert uit de 14e eeuw en werd gerestaureerd in de 17e eeuw. Het lokale stadhuis ziet er ook wel uit alsof het de moeite waard is, terwijl ze in Aurillac hun eigen kasteel hebben, het Château Saint-Étienne. Even buiten de stad zelfs een tweede kasteel, Château de La Moissetie. Langs het lokale riviertje staan wat mooie huisjes die half in het water hangen, ook niet onbelangrijk. Veel meer hoogtepunten heeft Aurillac nu ook weer niet, al moeten we nog even benadrukken dat ze hier sinds 1985 jaarlijks in augustus het straattheaterfestival Festival d'Aurillac organiseren. 't Zou de moeite moeten zijn. De lokale toeristische site heeft het over een charmant stadje in het hart van de Auvergne, een toeristisch juweeltje dat historisch erfgoed combineert met ongerepte natuur! De stad ligt in het departement Cantal en staat bekend om zijn weelderige groene omgeving en adembenemende berglandschap. Het stadscentrum van Aurillac is een architectonische schatkamer, met geplaveide straten en historische gebouwen. Bezoekers kunnen door de pittoreske steegjes slenteren en ambachtelijke winkeltjes en gezellige cafés ontdekken. Mis een bezoek aan de kathedraal Saint-Géraud niet, een meesterwerk van gotische architectuur, en het Museum voor Kunst en Archeologie, dat een reis door de geschiedenis van de mensen en het land biedt. Aurillac is een ideale bestemming voor wie cultuur, geschiedenis en natuur wil combineren. Genoteerd.



Aurillac is een plaats met veel koersgeschiedenis, we waren hier zelfs nog vrij recent. In de Tour van 2024 ging hier de 12e rit van start. Van Aurillac reden we naar Villeneuve-sur-Lot en daar won... Bini! In het groen pakte hij zijn derde ritzege van die Tour, wat een geweldige weken waren dat. Het zou mooi zijn als hij die benen deze week nog eens kan tonen. In 2019 kwam de Dauphiné hier eens op bezoek voor een start, terwijl er ook in de Tour van 2011 een rit van start ging in Aurillac. Toen reden we naar Carmaux, waar met Andre Greipel een andere sprinter zou winnen. In Parijs-Nice eindigde er in 2010 een wegens sneeuw ingekorte rit in Aurillac, in de straten van deze stad wist Peter Sagan Joaquim Rodriguez te vloeren in een sprintje. De laatste aankomst in de Tour de France dateert dan weer van 2008, bij die gelegenheid ging Luis Leon Sanchez met de zege aan de haal. Vanuit het Brioude van Romain Bardet reden we door de heuvels naar Aurillac toe, we passeerden met de Côte d'Entremont en de Pas de Peyrol twee beklimmingen die we vandaag ook gaan zien. Daarna volgde er in de finale een muur, vanuit Saint-Simon ging het twee kilomeer aan 9% omhoog en daarna was de finish bijna meteen in zicht. Korte afdaling en dan een paar vlakke kilometers, en dan de aankomst. In de finale van die rit reed Luis Leon Sanchez weg uit het peloton, de sluwe Sanchez kreeg het weer eens voor elkaar. Ze lieten hem gaan en hij was gevlogen. Zes seconden later kwam Stefan Schumacher als tweede over de streep, voor Pozzato, Kirchen en Valverde. Een indrukwekkend rijtje pakhazen, gelukkig leven we nu in andere tijden! De eerste ritzege voor Luis Leon Sanchez in de Tour, er zouden er nog een paar volgen. Dat klimmetje in de finale was een goede geweest om aan het parcours van vandaag toe te voegen, gemiste kans. Nu krijgen we een vrij vlakke aanloop, dat had makkelijk verholpen kunnen worden. Enfin, andere winnaars in Aurillac luisteren naar namen als Eduardo Chozas, Henk Lubberding, Rik Van Looy en Franco Bitossi, een eclectisch gezelschap. Aurillac zit voor de tiende keer in de Tour, we voegen weer een hoofdstuk toe aan een mooie geschiedenis. Aurillac is ook bij uitstek een wielerstad, kijk alleen al maar naar de renners die hier geboren zijn. Wat dacht u van Dilyxine Miermont? De renster van Picnic-PostNL, met de naam alsof ze een experimenteel medicijn uit de voorraad van Gianetti is, reed vorig jaar nog de Tour. Een andere renner geboren in Aurillac is Tom Donnenwirth, de voormalig triatleet die op dit moment prof is bij Groupama-FDJ. Daar laat hij twee keer per jaar snelle benen zien, om dan weer maanden uit beeld te verdwijnen. Met Kilian Verschuren komt er ook zowaar een renner van Unibet Rose Rockets uit deze stad, maar Kilian kent u niet. Uit een verder verleden kan men bogen op David Delrieu, die twee keer de Tour reed. Nog verder terug in de tijd en we komen uit bij Guy Lintilhac, misschien valt het wel mee met het aantal wielrenners uit deze stad. Boerenzoon Francois Bidard, voormalig prof van AG2R, verliet zijn boerderij zo nu en dan om wat koersjes te rijden voor de lokale wielerclub hier. Oké, als we dit soort verhalen moeten aandragen valt het inderdaad wel mee. Alhoewel, ze organiseren hier wel mooi de Souvenir Antonin Magne. Een wedstrijd ter ere van de tweevoudig Tourwinnaar (1931 en 1934), die hier uit de buurt kwam. En dan won Bradley Wiggins hier in de Tour de l'Avenir van 2005 nog een rit ook. Tijd om te beginnen.




De renners gaan van start op een plein centraal in de stad, in de buurt van de Jordanne, en uiteraard ook in de buurt van een grote parkeerplaats. Tijdens de neutralisatie rijden ze natuurlijk een rondje door de stad, ze rijden tijdens dat rondje onder meer langs de kerk van Notre-Dame-Aux-Neiges en het lokale Musée d'Art et d'Archéologie. Via wat buitenwijken verlaten we de stad, maar dan duurt het eigenlijk nog steeds lang voor de rit echt begint. Een vrij lange neutralisatie, om onduidelijke redenen. Zoals het ook onduidelijk is waarom we Aurillac richting het zuiden verlaten, ga wat meer naar het noorden of het oosten en je kunt direct vanaf kilometer 0 aan allerhande leuke klimmetjes beginnen. Op zich ziet deze rit er prima uit, toch zijn er twee dingen die een beetje jammer zijn. We missen een klimmetje in de eerste kilometers, ze lagen hier echt voor het oprapen. En binnen twee jaar terug naar Le Lioran, dat is toch ook wel iets te snel. Hoe dan ook, een heel eind buiten Aurillac rijden we over de Cère en voorbij dit riviertje begint de rit echt. In de eerste drie kilometer van de rit rijden de renners over een brede weg vals plat omhoog naar het dorpje Roannes-Saint-Mary. Ze rijden door een groene omgeving, waar we mogen verwachten dat er nog niet veel gaat gebeuren. Het is weer zo'n dag dat de tussensprint vroeg in de rit zal plaatsvinden, het ligt voor de hand dat Lidl-Trek het eerste deel van deze rit gaat controleren. Het is 14 juli, de nationale feestdag, alle Fransen zitten te popelen, Julian Alaphilippe is aan het kwispelen, hij wil in beeld, maar alle Fransen gaan geduld moeten hebben. Zodra we Roannes-Saint-Mary bereiken wordt de weg iets smaller, we zien wat vluchtheuvels verschijnen en de eerste bochten komen in beeld. In licht dalende lijn rijden we door dit dorpje heen, zodra de huizen achter ons liggen rijden we een bos binnen en hier loopt de weg weer een tijd vals plat omhoog. In het bos komen we de nodige bochten tegen, dat kan de aanvalslust wat aanwakkeren, maar ik denk echt dat Lidl-Trek niemand gaat laten rijden. De tussensprint is echt weer ideaal voor Pedersen, deze punten moet hij pakken als hij groen wil winnen. De strook vals plat loopt een paar kilometer door, alleen is het op het laatste kilometertje na vooral plat en niet echt vals. Na 10 kilometer koers zijn we boven, we slaan linksaf een andere weg in en deze weg loopt enkele kilomeers omlaag. Vals plat omlaag wel, grotendeels rechtdoor ook nog eens. Zodra de renners uit het niets ineens een rotswand zien verschijnen houdt dit dalende deel op, ze duiken een iets smaller weggetje in en deze weg loopt 900 meter aan 9% omhoog naar het dorp Marcolès. Eindelijk het eerste klimmetje van de dag, al hadden we zonder enige moeite betere klimmetjes kunnen vinden. Alsnog, een mooi hupje. In een groene omgeving loopt een weg ineens steil omhoog, leuk. Een kans voor Lidl-Trek om de sprinters overboord te gooien, dat lijkt me hier vooral van belang. Na 15 kilometer koers komen de renners uit in Marcolès, waar de weg in het centrum steil omhoog blijft lopen. Een echt muurtje, eentje die je niet eens opmerkt als je naar het kaartje van de organisatie kijkt. Prima dorpje overigens, dat Marcolès. De renners krijgen er niet heel veel van mee, maar er liggen wel wat fraaie straatjes verstopt hier.




In Marcolès, een dorpje met karakter, komen we in het centrumpje meerdere bochten tegen, waarna we buiten het dorp merken dat het niet vlak wil worden. Om het graf van de pure sprinters nog wat verder aan te stampen loopt de weg buiten het dorp een tijdje verder vals plat omhoog. Heel veel stelt dat niet voor, zeker niet in vergelijking met die muur van net, maar je moet wel echt even diep gaan als je hier punten wil scoren. Net buiten het fraaie dorpje slaan we linksaf een andere weg in, een smallere weg. Deze weg volgen we een kilometer of zes, in deze zes kilometer rijden we vooral over een plateau heen. Een beetje scheuren langs wat weilanden en akkers, soms tussen de bomen door, paar bochten erbij, beetje op en af, maar toch vooral wat zeurend vals plat omhoog. Aan het eind van deze weg rijden we een bos in, hier komen we dan weer in licht dalende lijn een S-bocht tegen, waarna we even verderop linksaf een nieuwe weg inslaan. Deze weg is weer een stuk breder, we rijden nu Lacapelle-del-Fraisse tegemoet, daar gaat over vier kilometer de tussensprint volgen. De komende twee kilometer loopt de weg vals plat omlaag, met een ziedende vaart werken we naar de tussensprint toe. Deze weg begint twee kilometer voor de tussensprint plotseling weer omhoog te lopen, tot aan de tussensprint klimmen we aan 3%. Dat is minder zwaar dan het sprintje dat we voor de rustdag zagen, maar alsnog, als je de hele tijd je ploeg vol laat rijden trappen de sprinters hier geheid op hun adem. In de kilometer voor de sprint rijden de renners Lacapelle-del-Fraisse binnen, hier gaat het dus vooral vals plat omhoog, terwijl de weg de nodige krommingen kent. We slingeren door het dorp heen, langs de kerk af onder andere. Het blijft bochtig, tot een paar meter voor de sprint. Hier kun je dus ook weer mooi tactisch de deur dicht gaan gooien voor de tegenstand. Laat dat maar aan Pedersen over. Na 25,5 kilometer gaan we sprinten in Lacapelle-del-Fraisse. Een dorpje met een landbouwmuseum als hoogtepunt, dan weet je ongeveer in wat voor regio we rijden. Weer een tussensprint vroeg op de dag, je mag er op rekenen dat de rit voor de rest van de renners na deze sprint pas gaat beginnen. Benieuwd wat ze op dat muurtje doen, maar vermoedelijk is het hier gewoon Pedersen tegen Bini. En daarna mogen de Fransen massaal gaan aanvallen, niet wetende dat vandaag een Pogacardag is.




Direct na de tussensprint loopt een brede weg door de bossen twee kilometer omlaag richting Lafeuillade-en-Vézie, in dit korte stukje komen we eigenlijk geen bochten van belang tegen. In Lafeuillade-en-Vézie komen we dan wel weer wat bochtenwerk tegen, na een soort van chicane rijden we tegen een rotonde aan en hier gaan we schuin naar links. Na deze bocht rijden we een kilometer of zes over dezelfde weg, een brede en keurige baan. De weg is nu een tijd hooguit licht glooiend, van echt klimwerk is nu even geen sprake. We rijden door Lafeuillade-en-Vézie heen en buiten dit weinig inspirerende dorpje rijden we een tijd verder langs wat akkers. Het kunnen direct na de tussensprint enkele interessante kilometers worden, misschien gaat hier de vlucht van de dag pas ontstaan, maar het zijn lastige wegen om weg te rijden. Wat minimale stukjes op en af terwijl we via wat brede bochten door een agrarisch decor slingeren. Je bent een eeuwigheid in zicht, maarja, je kunt als vluchter met plannen ook niet eeuwig blijven wachten, het duurt nog wel een tijd voor de volgende serieuze klim in beeld verschijnt. Al gaat UAE deze rit sowieso controleren, dat geef ik je op een briefje. Na een aantal kilometer over deze weg gereden te hebben slaan we plotseling in het eerste het beste gehucht dat we tegenkomen rechtsaf, om vervolgens een kilometer of 12 verder te rijden over een weg die iets minder breed is. Een weg voorzien van gevlekt asfalt, op dat soort wegen krijg je het echte Tourgevoel. Klikkend door Streetview zie ik een paar tractoren passeren, zo'n weg in zo'n omgeving is het ook echt. Vooral akkers om ons heen, paar weilanden, en dan wat verdwaalde bomen. Door dat decor slingeren we over die minder brede weg die in het dagelijks leven vooral wordt gebruikt door trekkers dus. De weg hier loopt een kilometer of zes vals plat omhoog, maar dat stelt echt heel weinig voor. We rijden vooral over een plateau, waar je alle typische plateautoestanden aantreft. Na de strook vals plat omhoog, amper merkbaar, is het nog eens een kilometer of vier zo goed als helemaal vlak. We rijden onderweg een keer door een gehucht, daar liggen wat bochten, verder komen we ook een keer uit in een bos waar het iets bochtiger wordt, maar dit is toch vooral een tergend tragische route. Er is in de Cantal genoeg klimwerk te vinden, voorlopig slagen we er alleen heel goed in om het Centraal Massief er niet bepaald massief uit te laten zien. Aan het eind van deze lange en saaie weg rijden we na weer een hoop weilanden te hebben gezien een nieuw bos in, hier gaat de smalle weg via meerdere bochten een kilometer of drie omlaag. Niet heel steil, maar dankzij de vele bochten die elkaar snel opvolgen wordt het toch even technisch. Een mooi moment voor Alaphilippe om nog eens de uitzending te halen, met uiteindelijk een zachte landing in het skoekeloen. Beneden slaan we rechtsaf een brede weg in en na die bocht loopt de weg een aantal kilometer vals plat omhoog richting Carlat. Door een omgeving waar je je ook zomaar in Zuid-Limburg waant rijden we via een aantal bochten langs een aantal weilanden af, waarna we na een paar kilometer waarin het aan een procent of twee omhoog is gegaan Carlat bereiken. Hier, na 48 kilometer koers, rijden we langs de Rocher de Carlat. Een basaltrots van 40 meter hoog, indrukwekkend. Boven op die rots stond vroeger een kasteel, maar dat hebben ze helaas afgebroken. Wel staat er nog een beeld op de top, een beeld met een prachtig uitzicht over de omgeving. Tegenwoordig is de rots eigendom van het prinsendom van Monaco, die lelijke Albert met zijn pastinaakhoofd is hier ook wel eens gesignaleerd. In het dorpje onder de rots vinden we ook enkele mooie gebouwen, zo is er een fraaie kerk te vinden. De renners rijden langs de rots af, door het dorp heen en vervolgen hun weg.



Voorbij Carlat gaat de rit bijna leuk worden, na een wat smallere passage in dit dorp wordt de weg buiten het dorp weer breed en hier gaan we nog even een kilometer aan een procent of twee omhoog. Dit is een weg waar je volgens een bord langs de kant 90 mag rijden, ik moet er toch niet aan denken. Die Fransen hebben een doodswens, lijkt het op. In ieder geval, na het stukje vals plat komen we vijf kilometer lang op glooiend terrein terecht. De brede weg kent zo nu en dan wat bochten terwijl we weer langs de weilanden en soms door wat bossen rijden. Nog steeds een vrij saaie route, een vrij simpele route ook. Beetje op en af, maar niets in vergelijking met al het klimwerk dat later op de dag nog gaat volgen. Na het glooiende stuk van vijf kilometer volgt er een stuk van vier kilometer waarin we vals plat naar beneden rijden, dit doen we eerst rechtdoor maar naderhand wordt het wel iets bochtiger. Geen bochten om wakker van te liggen, alleen beneden volgt er even een wat scherpere bocht naar rechts over een bruggetje heen. Een aantal meter voorbij deze brug slaan we linksaf een smaller weggetje in en dit weggetje loopt dan weer vier kilometer vals plat omhoog richting Jou-sous-Monjou. Dit weggetje stelt weinig voor, maar, even volhouden, we komen nu bijna uit op het punt dat de rit echt gaat beginnen. Na een paar kilometer over een smalle bosweg heel minimaal omhoog te hebben gereden bereiken we na 63 kilometer Jou-sous-Monjou. Hier begint bijna de eerste gecategoriseerde klim van de dag, we slaan in het dorp linksaf en daarna is het nog twee kilometer fietsen tot de voet van die eerste echte klim van de dag. Twee vals platte kilometers, het gaat over een relatief smalle weg door de bossen aan iets van 2,5% omhoog. We rijden eerst door Jou heen, waar een châteautje te vinden is, daarna komen we weer in het groen terecht. Na twee kilometer over een bochtig weggetje gereden te hebben slaan we ineens scherp rechtsaf. Na een mooie terugdraaiende bocht beginnen we meteen aan de Côte de Pailherols. Dit is een klimmetje van de derde categorie, de komende drie kilometer gaat het aan 7% omhoog. Hier gaat de rit eindelijk echt beginnen. Over een redelijk smalle weg rijden we door een bos omhoog, we komen hier het nodige bochtenwerk tegen. Na een tijd rijden we door een gehuchtje heen, daarna komen we ook wat meer open terrein tegen. Het is vooral een boerenlandschap, op een paar verdwaalde boeren na woont er in deze regio echt geen hond. In de eerste kilometer van de klim gaat het stevig omhoog, we noteren een kilometer aan 8% met stroken rond de 9%. Na de eerste kilometer zwakt het af naar 7%, vervolgens komen we een kilometer aan 6% tegen en als we langs wat weides affietsen komen we na een paar laatste stroken aan 5% na 68 kilometer boven op deze klim. Een leuke eerste kilometer, daar moeten de renners elkaar dan maar gaan bestoken, als er tegen deze tijd nog geen vlucht vertrokken is, en als UAE geen kannibalistische taferelen in gedachten heeft. Drie kilometer aan 7%, eindelijk een goede klim. Met al het vals plat voorafgaand aan de klim komen we overigens aan bijna negen kilometer aan 4%, we kunnen stellen dat het moment dat deze rit het profiel van een reep Toblerone aanneemt bereikt is.




De top van deze Côte de Pailherols bereiken we vlak voor we het gelijknamige dorp bereiken. Voorbij de klim gaan we zes kilometer over een plateau rijden, net na de top is het alvast even een aantal meter zo goed als vlak. We rijden al snel het dorpje Pailherols binnen, waar Olivier Bertrand vandaan komt. Dit is blijkbaar een Franse zakenman die vooral actief is in de horeca. Als je ergens in een Parijs bij een brasserie gaat zitten is de kans aanwezig dat die zaak van hem is. Daarnaast de eigenaar van de Franse tak van Burger King, kortom, een lul. Wel ver geschopt als je uit een nietig dorpje als Pailherols komt, fastfood is niet het eerste waar je aan denkt als je over het prachtige plateau rijdt alhier. Zes kilometer rijden de renners over een plateau vol bergweides, maar soms ook een soort heide. De renners slingeren over een smalle weg door het aansprekende decor heen, terwijl de weg lichtjes glooit. Buiten Pailherols gaat het even een paar meter naar beneden, daarna loopt het dan weer een tijdje vals plat omhoog, maar grosso modo kunnen we stellen dat het nu vlak is. In deze omgeving zijn we voor zover ik kan vinden nog nooit geweest, we verkennen deze Tour zo nu en dan toch ook weer nieuwe wegen. Al 113 edities ondertussen, maar er zijn nog onbekende stukjes Frankrijk over. De weg op het plateau is wel redelijk smal, als je hier als automobilist een tegenligger tegenkomt moet je sowieso de berm in. Na zes zo goed als vlakke kilometers over dit fraaie plateau gereden te hebben komen we uit in Lacapelle-Barrès, hier volgt een scherpe bocht naar links. Na deze bocht verlaten we dit kleine dorpje meteen weer, om vervolgens tijdelijk het departement Cantal voor het departement Aveyron in te ruilen. Heel tijdelijk, we rijden echt maar twee kilometer door dit departement heen, waarna we weer in de Cantal terechtkomen. Maakt niet uit, toch weer een departement afgevinkt. Buiten Lacapelle-Barrès loopt een bredere weg een kilometer omlaag, zonder veel obstakels. Alleen even opletten voor twee smallere bruggen. Na die tweede brug komen we in het volgende dorp terecht, Narnhac. Hier slaan we linksaf weer een smallere weg in, een weg die daarna een kilometer aan 4% omhoog zal lopen. Een klein knikje, waarna we in de volgende vier kilometer op een vrijwel volledig vlakke manier verder zullen rijden. Nog steeds over een plateau, tussen talloze weilanden en een paar verdwaalde bomen in rijden we door dit uitgestorven land. Na 81 kilometer eindigt deze plateauweg in Saint-Martin-sous-Vigouroux. Vlak voor Saint-Martin-sous-Vigouroux gaat het even een paar meter omlaag, paar snelle bochtjes erbij, en daarna weer een paar meter omhoog. Daarna rijden we het dorp binnen, waar we het plateau gaan verlaten. Dat verlaten van het plateau begint met een in het dorp zelf, de renners beginnen tussen de oude huisjes in aan een afdaling van vier kilometer richting Brezons. In Vigouroux worden ze afgeleid door een fraai kasteel dat direct langs het parcours staat, terwijl ze hier hun aandacht toch op de weg moeten houden wegens de aanwezigheid van enkele bochtjes. Voorbij het kasteel duiken we een donker bos in en hier loopt een nog steeds vrij smalle weg steevast aan een procent of zes omlaag. De afdaling kent vooral een hoop snelle en korte bochtjes, maar ik kom toch ook een paar scherpere verdekt opgestelde bochten tegen. Even verderop rijden we langs wat rotswanden af, basaltrotsen! Je hebt er hier in de omgeving genoeg, ook Vigouroux is omgeven door een hoge basaltrots. Ter hoogte van de rotswanden volgt er een wat scherper bochtje naar rechts, als we bijna beneden zijn volgt er een haarspeldbocht en daarna slaan we na 85 kilometer in Brezons linksaf.





Als we in Brezons linksaf zijn geslagen zien we langs de kant van de weg een bord staan: Col de la Griffoul OUVERT. De Col de la Griffoul is open, en dat komt goed uit, daar moeten we naartoe. Door de vallei van Brezons rijden we naar de voet van deze klim, het is een schitterende vallei. In de vorm van een trog, aldus de site van de Tour. Ik weet dat het hier een agrarische omgeving is, maar je kunt ook overdrijven. Het is in ieder geval een gletsjervallei, waar het stikt van de watervalletjes. Een kasteeltje ook her en der, terwijl het verder toch vooral godsgruwelijk groen is. Het is hier fantastisch, ze hebben hier ook speciaal een paar mooie hutjes neer laten zetten op de beste uitzichtpunten. De renners rijden een kilometer of zes dwars door deze schitterende vallei, waar de weg steevast een beetje omhoog zal lopen. We volgen een klein stroompje, de Brezons, en tussendoor rijden we langs wat gehuchten af. Château de La Boyle is zo'n gehucht, hier staat - je verwacht het niet - een kasteel. Verdekt opgesteld tussen de bomen, een taak voor de helikopter om dit ding te ontwaren. De basaltrots boven het kasteel grijpt eerder de aandacht, de komende vier kilometer rijden we aan een procent of twee omhoog door dit gebied met een vulkanisch verleden. Na dit stuk vals plat omhoog wordt de weg even helemaal vlak, terwijl we ook een kort stukje in dalende lijn tegenkomen. Aan het eind van onze tocht door de wonderbaarlijk mooie vallei komen we uit in het gehucht Lustrande, eerlijk gezegd een schitterend gehucht. Authentiek, dat lijkt me een mooie omschrijving. Via Lustrande rijden we direct naar het volgende gehucht, Le Bourguet, waar we langs een kicken kerkje fietsen. Ze hebben hier grote stenen gebruikt om hun gebouwen vorm te geven, dat valt op. Het valt ook op dat we voorbij de kerk in Le Bourguet een lange bocht naar rechts nemen, in die bocht begint de weg omhoog te lopen. Een bord langs de kant van de weg geeft aan dat de Col de la Griffoul hier begint, de komende 5,9 kilometer klimmen de renners aan 6,7% omhoog naar deze klim van tweede categorie die debuteert in de Tour. Thierry heeft nog een nieuwe klim gevonden, hoezee! De klim zit wel jaarlijks in de Étape Sanfloraine, de lokale cyclosportive met start en eind in Saint-Flour. Een van de vier hoogste bergpassen van de Cantal, en Thierry heeft 'm nu pas ontdekt. Over een tamelijk smalle weg gaan we omhoog, in de eerste twee kilometer steady aan een procent of zes. Het ziet er eerlijk gezegd steiler uit, maar ik heb inmiddels drie profielen bekeken en geen enkele wil verder gaan dan 7%. Nouja, hoe dan ook, alsnog best lastig natuurlijk. De renners klimmen in het begin behoorlijk rechtdoor omhoog en vrij snel krijgen ze een prachtig uitzicht aangeboden over de vallei van de Brezons. De weg naar de klim toe komt in beeld, men kan de sprinters in de diepte zien ploeteren. Zodra we wegdraaien van de vallei, de bossen in, krijgen we met de steilste kilometer van de klim te maken. We noteren een kilometer aan 8%, toch even leuk. In het restant van de klim gaat het eigenlijk heel stabiel tussen zes en zeven procent omhoog, richting de top komen de renners in wat meer open terrein terecht. Bergweides om ons heen, terwijl verder opvalt dat de weg in 2021 niet al te florissant was. Paar scheuren in het wegdek, maar speciaal voor de Tour zal er ongetwijfeld een verse laag liggen. Het lijkt weer een windstille dag te worden, jammer, het stuk richting de top had potentie voor waaiers bergop. Je begint met zicht op een wonderschone vallei en je eindigt op een plateau met de allure van een polder, het kan verkeren. Na 97 kilometer zijn we boven op deze debuterende Col de la Griffoul. Voorbij de top van de Griffoul begint niet direct een afdaling, we plakken er eerst nog een kilometertje vals plat met een kudde koeien als onze enige toeschouwers.







Oei, ik strook met fake news. Net op tijd nog een artikeltje in een lokale krant gevonden: Het is een onbekende factor in de Ronde van Frankrijk. Of beter gezegd, een weinig bekende. Tijdens zijn enige deelname aan de Grande Boucle, in 1975, doopten de organisatoren hem de Col du Plomb du Cantal. Toegegeven, het uitzicht vanaf de top is prachtig, met zicht op het hoogste punt van het departement, maar de Col de la Griffoul verdiende het om zijn oude naam terug te krijgen. We zijn hier dus één keer eerder geweest, maar toen kreeg de klim een andere naam, vernoemd naar het hoogste punt van de Cantal. Nou, laten we dat hoogste punt van de Cantal dan ook maar meteen afhandelen, we zijn nu toch in de buurt: De Plomb du Cantal is met 1855 meter het hoogste punt van de Monts du Cantal in Regionaal natuurpark Volcans d'Auvergne in het departement Cantal, en na de Puy de Sancy de op een na hoogste berg van het Centraal Massief in Frankrijk. Aan de voet van de berg ligt het skistation Super Lioran, met 60 kilometer aan skipistes. Hmm, Super Lioran, kennen we dat ergens van? Oja, daar ligt d'n aankomst. De berg is te beklimmen met een kabelbaan, waarmee men bovenaan de skipistes komt. De GR-paden GR4 en GR400 voeren over de top. Vanaf de top heeft men uitzicht over het omliggende berggebied. Tegen dat soort info kan ik niet op. Onder meer uitzicht op het keteldal van Grandval, straffen toebak. Al hebben de renners andere zaken aan hun hoofd, ze beginnen voorbij de wispelturige Griffoul aan een korte afdaling richting La Sagnette. Voorbij de klim rijden we eerst nog even door een open omgeving wat meer rechtdoor omlaag, maar als we een bos betreden komen we ineens een stevige bocht naar links tegen. Na deze pittige bocht gaat het nog anderhalve kilometer verder omlaag, maar we komen in dit stuk bijna geen bocht tegen. Een flauw bochtje, meer niet. Wel steil omlaag, dus knallen we met hoge snelheid La Sagnette binnen. Terwijl we voor Tourbegrippen nog steeds over redelijk smalle wegen rijden betreden we na 101 kilometer dit dorp. De weg loopt in La Sagnette direct omhoog, we beginnen gelijk aan de volgende klim van de dag.




Op het grondgebied van de gemeente Paulhac, waar een kasteel staat en waar de man die de naar hem genoemde grotten van Chauvet in de Ardèche heeft ontdekt vandaan komt (bij die grot won ONZE Tom Dumoulin overigens een tijdrit in de Tour), rijden we met uitzicht op Plomb du Cantal drie kilometer aan 6,5% omhoog naar de top van de Col de Prat de Bouc. Een merkwaardig klimmetje, in de zin dat de weg bijna continu rechtdoor omhoog zal lopen. Een redelijk lege omgeving, dus hebben we een ongerept uitzicht op de hoogste top van de Cantal. Weer niet de breedste weg, al is het wel een weg die voorzien is van goed asfalt. Het wegdek wordt ook goed onderhouden, want als we na 104 kilometer aankomen op de top zien we dat hier een wintersportcentrum te vinden is. Prat de Bouc is een van de toegangspoorten tot het skigebied van Le Lioran, gelegen aan de andere kant van de berg Plomb du Cantal. Het beschikt over eigen skiliften voor alpineskiën: 1 stoellift en 5 sleepliften voor 14 pistes, die toegang bieden tot de Plomb du Cantal en de rest van het skigebied van Le Lioran, dit zijn altijd de dingen die we willen weten. Maar, ze doen in Prat de Bouc niet alleen aan wintersport. Nee, ben je mal, je kunt hier ook wandelen, mountainbiken, trailrunnen en klimmen, om maar een paar dwarsstraten te noemen. De Col de Prat de Bouc is een belangrijke plek voor vogelmigratie in de Auvergne. Duizenden vogels vliegen er in de herfst overheen. Sinds 1972 zijn er 163 vogelsoorten waargenomen. In 2011 zagen we een vreemde vogel bovenkomen op deze klim, tijdens de laatste passage van Prat de Bouc in de Tour. Al reden we toen wel van de andere kant omhoog, de kant die zo als afdaling gaat dienen. In de Tour van 2011 reden we tijdens de 9e rit van Issoire naar Saint-Flour. Onderweg reden we over alle bekende beklimming van de Cantal heen, we gingen via Puy Mary naar de Col de Pertus en via de Col de Cère reden we langs Le Lioran af om uiteindelijk via Prat de Bouc uit te komen in Saint-Flour. Dit werd om meerdere redenen een buitengewoon memorabele dag, al kan ik nu nog niet alles weggeven. Op Puy Mary en de Pertus gebeurde er ook het een en ander, maar daar gaan we zometeen nog naartoe. Op de beklimming van Prat de Bouc gebeurde er op zich niet veel, maar na die klim gebeurde er wel iets. Op de Col de Prat de Bouc was Johnny Hoogerland als eerste boven, hij zat in de vlucht van de dag en hij sprokkelde onderweg dusdanig veel punten dat hij aan de finish de bergtrui zou mogen aantrekken. De rit kon hij eventueel ook nog winnen, want de vlucht zou het sowieso gaan halen. Maar nee, toen gebeurde het, dát moment. Voorbij Prat de Bouc daalden we af over de weg die nu als klim dient, na de afdaling reden we een andere kant op. Over glooiende wegen ging het verder naar Saint-Flour en daar ging het, zoals wij allemaal nog heel goed weten, volledig mis. EEN OTO NEE. Een stukje Nederlands cultureel erfgoed. Een auto die op een totaal verkeerd moment probeerde in te halen, opeens moest uitwijken omdat er een boom in de berm stond, Flecha raakte, Flecha raakte vervolgens Hoogerland en Hoogerland vloog in het prikkeldraad. Dat gebeurde allemaal een paar kilometer voorbij Prat de Bouc. De klim keerde sindsdien niet terug in de Tour, nu we Prat de Bouc weer zien verschijnen mag deze anekdote natuurlijk niet ontbreken. De vierde keer overigens dat de Tour hier is, in totaal. In 1975 volgden we dezelfde weg als nu, over de Griffoul naar Prat de Bouc, niemand minder dan Eddy Merckx was toen als eerste boven. We gingen toen ook naar Le Lioran, wat een toeval. Tussendoor kwamen we hier ook in 2004 nog een keer voorbij, weer onderweg naar Saint-Flour. Het was zo'n typische dag van Richard Virenque, hij ging in de aanval en nouja, dat was dan de rit. Een solo van meer dan 60 kilometer, als eerste boven op Prat de Bouc en met vijf minuten voorsprong gewonnen aan de finish. Dat was dus weer een klim van de andere kant, de langere en lastigere kant. De kant die we nu gaan zien is dus slechts drie kilometer lang, het gaat heel stabiel aan 6% omhoog met een klein piekje richting 7,5%. Mag op zichzelf geen naam hebben, maar het volgt wel snel na de volgende klim. Weinig respijt voor de renners, we gaan omhoog danwel omlaag.

Bekijk deze YouTube-video




Dat Prat de Bouc ook in de zomer een populaire toeristische bestemming is valt te zien via Streetview. In de omgeving van de top vinden we meerdere parkeerplaatsen, allemaal zijn ze afgeladen vol. Het is hier dan ook best mooi, maar alle pracht en praal van Plomb du Cantal laten we voorlpig even achter ons. We slingeren op de top langs de parkeerplaatsen af en daarna duiken we een bos in. Hier begint een afdaling van dik acht kilometer richting Murat. Het gaat gemiddeld aan een procent of zes omlaag, in eerste instantie vooral rechtdoor. In de eerste helft van de afdaling komen we een stuk of twee brede bochten tegen, meer niet. De weg omlaag is iets breder, dat helpt ook nog eens. Dit is de populairste weg omhoog naar Prat de Bouc, dat blijkt wel. Na vier kilometer dalen komen we uit in Albepierre-Bredons, hier wordt de weg tijdelijk iets smaller terwijl we in dit dorpje ook een paar vervelendere bochten tegenkomen. Eén scherpe naar rechts, tussen wat huizen in. Daarna slaan we linksaf en dan dalen we nog eens een kilometer of vier verder richting Murat. Het wordt weer recht, terwijl het ook nog eens minder steil naar beneden gaat. Vlak voor Albepierre-Bredons werd het wel even steil, de paar bochten hier zijn nog wel enigszins de moeite. Voorbij dat dorp kun je met je ogen dicht naar Murat toe, niets aan de hand. De weg wordt weer breder en het loopt dus vals plat omlaag, dat wordt bijtrappen. In de laatste kilometer voor we Murat bereiken wordt het wel weer wat steiler, we pakken hier ook nog even een stevige bocht naar rechts over een brug mee. Nog enkele flauwere bochtjes hierna en dan zijn we plotseling in Murat. In Murat komen we na een bocht vol vluchtheuvels op een enorm brede weg terecht, dat zijn we bijna niet meer gewend. Deze weg loopt direct omhoog, de volgende klim van de dag staat meteen al voor de deur. We rijden een aantal meter omhoog over de brede weg, om vervolgens ineens rechtsaf te slaan. We zouden prima de doorgaande weg kunnen volgen, helemaal om Murat heen, maar de organisatie heeft gekozen voor een kleine omleiding dwars door de stad. Dat heeft wel een reden, voornamelijk een toeristische. Dankzij de omweg door Murat heen krijgen we ineens een prachtig zicht over de omgeving aangeboden. De weg in Murat zelf loopt ook omhoog, we komen steeds hoger en we zien alle groene bergen van de Cantal in de verte liggen, terwijl we ook onder ons het centrum van het gezellige Murat zien liggen. Ze weten wel hoe ze Frankrijk moeten verkopen. In Murat loopt de weg vrij steil omhoog, het steilste stuk van de volgende klim vinden we hier. Een kilometer aan 6%, met een paar wat steilere stroken. Als de renners hier naar boven ploeteren krijgen de commentatoren de tijd om het een en ander te vertellen over Murat, bijvoorbeeld dat dit vroeger best een belangrijke stad was. De familie Murat bezat een kasteel boven op een basaltrots die uittorent boven de stad. Dat kasteel werd later afgebroken, maar de rots is natuurlijk gebleven. Murat was gelegen op een kruispunt van wegen en werd een marktplaats waar graan, vee en kaas werden verhandeld. Dat zorgde ervoor dat het ze hier lang voor de wind ging, al hebben ze hier ook hun minder zonnige episode gehad. Op 12 juni 1944 doodden in Murat verzetslui Duitse SS'ers en Franse collaborateurs in een hinderlaag. Als represaille werden op 24 juni 103 mannelijke inwoners opgepakt en gedeporteerd naar Duitse concentratiekampen. 75 mannen uit Murat overleefden dit niet. Die Duitsers hebben weinig humor, blijkt wel weer. In het centrum van Murat vinden we enkele oude gebouwen die zijn opgetrokken uit basalt en trachiet, en fonoliet voor de dakbedekking. Deze gesteenten werden lokaal gedolven. Bezienswaardigheden zijn onder meer Kerk Notre-Dame-des-Oliviers, een kerk met een klokvormige torenspits, de lokale markthal en dan een stuk of wat maisons. Het voormalige gerechtsgebouw ziet er ook leuk uit, terwijl ze op een van de basaltrotsen hier voor de leuk een kapelletje hebben geplaatst. Na onze omleiding dwars door de stad heen komen we via de Rue de Bonnevie, de weg van het goede leven, weer uit op de grote doorgaande weg. Bij een rotonde gaan we naar rechts en dan verlaten we de stad waar in 1995 een rit in Parijs tegen Nice van start ging (finish in Saint-Etienne, winst voor ene Lance Armstrong) om nog eens vier kilometer verder te klimmen. Zodra we de doorgaande weg bereiken is het wel klaar met de leuke percentages, tot de top moet er vooral zo rond de 5% geklommen worden, met soms wat stroken aan slechts 4%.






Na 119 kilometer komen we boven op deze Côte de Murat, een beklimming van de derde categorie. De eigenlijke naam van deze klim is Col d'Entremont, de klim tussen de bergen in. Dat komt wel overeen met ons gevoel, dit is echt een beklimming tussen belangrijkere beklimmingen in. Dit is even een moment van rust, een moment van verpozing. Omhoog aan 4 à 5% over een van de hoofdwegen door dit departement. Een perfect geasfalteerde snelweg, dit zijn de stroken waar Tim Wellens eindeloos op kop kan beuken in het peloton. We rijden deels door de bossen, maar verder omhoog komen we weer in een wat meer open gebied terecht en hier zien we in de verte de volgende klim al liggen. In de verte valt Puy Mary te zien, de plek die we de laatste jaren met enige regelmaat in de Tour hebben gezien. De Col d'Entremont hebben we dan weer minder vaak gezien de afgelopen jaren, in 2008 voor het laatst. Toen figureerde de klim in een rit die zou eindigen in Aurillac, onze startplaats van vandaag. David de la Fuente was toen als eerste boven, hartelijk Saunier Duval allen. In 2004 was Virenque hier dan weer als eerste boven tijdens zijn monstersolo richting Saint-Flour en in 1985 was Eduardo Chozas als eerste boven, weer in een rit met aankomst in Aurillac. Voorbij de top van de Côte de Murat loopt de weg nog anderhalve kilometer vals plat omhoog verder, daarna bereiken we pas echt de top van de Col d'Entremont. Vandaar de andere naam, de organisatie heeft besloten om dat laatste stuk vals plat te schrappen. Wij niet, dit is gewoon de Col d'Entremont. Er lag hier overigens een leukere optie voor het grijpen. Vanuit Murat hadden we koers kunnen zetten richting Le Lioran, de finish is hier eigenlijk godsgruwelijk dichtbij. We nemen een omweg van jewelste, om maar zoveel mogelijk extra klimwerk toe te voegen. Al laten we dus een kans liggen, halverwege de weg richting Le Lioran hadden we rechtsaf kunnen slaan voor een klimmetje van drie kilometer aan 7,5%, om daarna vlak voor de top van de Col d'Entremont aan te sluiten op de weg waar we nu ook rijden. Niet eens een onbekende weg, dat klimmetje zat ook in de Tourrit van 2011 waar Hoogerland dus uiteindelijk in het prikkeldraad eindigde. Met tranen in de bollentrui op het podium, dat vergeten we nooit weer. Goed, blijkbaar heeft Thierry besloten om de renners enige adempauze te geven, hij heeft gekozen voor een makkelijkere klim tussendoor. We bevinden ons inmiddels op 47 kilometer van de finish, Thierry laat de finale liever iets later beginnen.

pi_221333057
Morele winnaar, ja!
  dinsdag 14 juli 2026 @ 17:18:02 #3
311468 Van_Poppel
Voormalig kopman van Gertje
pi_221333058
Remco is de morele winnaar _O-
pi_221333059
Vingegaard gewoon een mindere dag dus
  Moderator dinsdag 14 juli 2026 @ 17:18:04 #5
198822 crew  Rellende_Rotscholier
Robbertje matten met de wouten
pi_221333061
Remco is de morele winnaar aldus Renaat. _O_
Het blijft toch een merkwaardige sport hè, dat wielrennen.
pi_221333062
Vingegaard heeft het wel echt opgegeven he? Jullie niet rijden dan stop ik ermee.
pi_221333063
quote:
0s.gif Op dinsdag 14 juli 2026 17:17 schreef Faraday01 het volgende:

[..]
Wat moest hij dan?
Sneller fietsen.
You don't need a weatherman to know which way the wind blows.
---------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------
Album top 100 2024
pi_221333064
Renaat, stop eens.
sig verwijderd door FA
  dinsdag 14 juli 2026 @ 17:18:21 #9
458878 -XOR-
highbrow marxist
pi_221333066
Morele winnaarGod _O- _O-
Il mondo apre le porte
Pace totalitaria
Solo l'odore della morte.
pi_221333068
Del Toro met gekke bekken
[b] Op zondag 14 november 2010 18:11 schreef liesje1979 het volgende:[/b]
Zo is daar Godshand, met zijn sarcastische toon,
Die regelmatig een topic voorziet van spot en hoon.
pi_221333069
Remco :D
pi_221333070
Zonder Pogacar hadden we een hele spannende Tour gehad
pi_221333071
Wel dom gekoerst van Vingegaard.
Jammer.
Knap teruggekomen van Evenepoel.
pi_221333072
Dopi Pogi. We zien de doping in absolute topvorm! _O_ _O_
pi_221333074
Trek niet slecht voor het ploegenklassement na 2 van de 3 binnen
  Moderator dinsdag 14 juli 2026 @ 17:19:26 #16
198822 crew  Rellende_Rotscholier
Robbertje matten met de wouten
pi_221333078
quote:
0s.gif Op dinsdag 14 juli 2026 17:18 schreef Makamba_ het volgende:
Vingegaard heeft het wel echt opgegeven he? Jullie niet rijden dan stop ik ermee.
De rest zat lekker in het zog terwijl hij al het kopwerk aan het doen was, dat hij hier aan het eind voorbij wordt gereden door de jongens die op zijn wiel zaten vind ik nu net een normale ontwikkeling.

Alleen de remonte van Evenepoel is enigszins opmerkelijk.
Het blijft toch een merkwaardige sport hè, dat wielrennen.
pi_221333079
Dan weten we alvast de modus waar Karrel zich vanavond in gaat begeven.
  dinsdag 14 juli 2026 @ 17:19:33 #18
31936 Dr_Flash
CoinMeister
pi_221333081
quote:
0s.gif Op dinsdag 14 juli 2026 17:13 schreef Marcoss het volgende:

[..]
Dat doe je enkel als iemand ook echt bij de topfavorieten hoort, lijkt me. Evenepoel en Lipowitz zijn allebei kandidaten voor plek 3-5, dan is het niet zo raar dat ze beiden hun eigen koers mogen rijden
Dan moet je ze niet in dezelfde ploeg zetten.
Salivili hipput tupput tapput äppyt tipput hilijalleen
pi_221333084
quote:
0s.gif Op dinsdag 14 juli 2026 17:19 schreef Faraday01 het volgende:
Trek niet slecht voor het ploegenklassement na 2 van de 3 binnen
En Verona zou niet ver achter Yates zitten als nummer 3 van de ploeg
  dinsdag 14 juli 2026 @ 17:19:46 #20
328924 Frozen-assassin
STAY STRONG APPIE
pi_221333085
quote:
0s.gif Op dinsdag 14 juli 2026 17:18 schreef Dale__Cooper het volgende:
Zonder Pogacar hadden we een hele spannende Tour gehad
Dit is inderdaad wat we hieruit moeten opmaken. Menselijke trekjes bij anderen. Een betere dag, mindere dag, tactische spelletjes.
pi_221333086
quote:
5s.gif Op dinsdag 14 juli 2026 17:09 schreef Godshand het volgende:
Wordt het niet zelf saai voor Pogacar? Hij kan beter golf gaan spelen met Matthieu, dat is lastiger winnen...
Bekijk deze YouTube-video
  dinsdag 14 juli 2026 @ 17:20:12 #22
31936 Dr_Flash
CoinMeister
pi_221333088
Nou, mooi. Ik zie de tweets met de nucleaire stijgcijfers wel weer verschijnen :O
Salivili hipput tupput tapput äppyt tipput hilijalleen
pi_221333089
Hulde Richie! Verdiende strijdlust
pi_221333090
Een man die iedere koers in topvorm is. En mensen nemen dit nog serieus. Dopi Pogi is een grap _O-
  dinsdag 14 juli 2026 @ 17:20:32 #25
393893 Hyaenidae
Haaien-idee
pi_221333091
quote:
0s.gif Op dinsdag 14 juli 2026 17:18 schreef Klaverblauwtje het volgende:
Wel dom gekoerst van Vingegaard.
Jammer.
Waarom jammer, wat boeit die tengere Deen.
pindazakje
  Moderator dinsdag 14 juli 2026 @ 17:20:32 #26
198822 crew  Rellende_Rotscholier
Robbertje matten met de wouten
pi_221333092
quote:
0s.gif Op dinsdag 14 juli 2026 17:19 schreef Dutch_view het volgende:
Dan weten we alvast de modus waar Karrel zich vanavond in gaat begeven.
Van de hel naar de hemel. Karrel mag in de overdrive.
Het blijft toch een merkwaardige sport hè, dat wielrennen.
pi_221333093
quote:
0s.gif Op dinsdag 14 juli 2026 15:26 schreef Marcoss het volgende:
Armirail moet in week 3 ook maar weer de aanvaller worden die hij de afgelopen jaren was
Die was echt goed in orde, maar die val heeft er wel zwaar ingehakt zo te zien.
  dinsdag 14 juli 2026 @ 17:20:42 #28
31936 Dr_Flash
CoinMeister
pi_221333095
quote:
0s.gif Op dinsdag 14 juli 2026 17:18 schreef Dale__Cooper het volgende:
Zonder Pogacar hadden we een hele spannende Tour gehad
Absoluut! Daarom is dit zo jammer.
Salivili hipput tupput tapput äppyt tipput hilijalleen
pi_221333096
quote:
0s.gif Op dinsdag 14 juli 2026 17:18 schreef Dale__Cooper het volgende:
Zonder Pogacar hadden we een hele spannende Tour gehad
Dan had Vingego aan de start gestaan zonder Sjiero in de benen en is het ook van dit.
  dinsdag 14 juli 2026 @ 17:21:02 #30
31936 Dr_Flash
CoinMeister
pi_221333099
quote:
0s.gif Op dinsdag 14 juli 2026 17:20 schreef Ploplap het volgende:
Een man die iedere koers in topvorm is. En mensen nemen dit nog serieus. Dopi Pogi is een grap _O-
Nou ik vind het niks om te lachen.
Salivili hipput tupput tapput äppyt tipput hilijalleen
  Moderator dinsdag 14 juli 2026 @ 17:21:05 #31
198822 crew  Rellende_Rotscholier
Robbertje matten met de wouten
pi_221333101
Voldemort meteen in beeld.

Pogacar begint meteen over twee jaar geleden, maar verder wilde hij geen revanche.
Het blijft toch een merkwaardige sport hè, dat wielrennen.
pi_221333102
quote:
0s.gif Op dinsdag 14 juli 2026 17:20 schreef WAvanBuren het volgende:

[..]
Dan had Vingego aan de start gestaan zonder Sjiero in de benen en is het ook van dit.
Nee nee, hij haalt z'n beste waarden in z'n 2e grote ronde!

Denk overigens dat dat in de praktijk ook niet zoveel uitmaakt, zeker niet met de manier waarop hij de Giro reed
pi_221333103
quote:
0s.gif Op dinsdag 14 juli 2026 15:31 schreef Marcoss het volgende:

[..]
Ik verwacht dat Karten in de komende 2 weken nog wel een keer een liedje gaat zingen in de uitzending
  dinsdag 14 juli 2026 @ 17:22:12 #34
393893 Hyaenidae
Haaien-idee
pi_221333107
Pogacar lijkt wel een pot met dat kapsel, ziet er niet uit.
Jammer, want voordat hij dit witte kapsel had vond ik het nog best wel een baas.
pindazakje
pi_221333110
quote:
0s.gif Op dinsdag 14 juli 2026 17:19 schreef Dr_Flash het volgende:

[..]
Dan moet je ze niet in dezelfde ploeg zetten.
Dat is wat anders. Als je ze allebei naar de Tour stuurt, vind ik het niet zo raar om niet vooraf al een keuze te maken voor 1 van de 2, terwijl je niet weet hoe de koers zich ontwikkelt
pi_221333111
Remco haalt zijn gram!
pi_221333113
quote:
0s.gif Op dinsdag 14 juli 2026 17:23 schreef Dutch_view het volgende:
Remco haalt zijn gram!
En hij stond al zo scherp...
pi_221333114
Pogacar volgend jaar lekker met pensioen laten gaan op de weg. Laat hem maar strijden tegen Pidcock op de MTB of tegen MVDP in veldrijden.

Of in de Formule 1 rijden, wie weet kan hij ook Verstappen aan
[b] Op zondag 14 november 2010 18:11 schreef liesje1979 het volgende:[/b]
Zo is daar Godshand, met zijn sarcastische toon,
Die regelmatig een topic voorziet van spot en hoon.
pi_221333115
Uiteindelijk rijdt Pogacar slechts een halve minuut weg van figuren als Skjelmose en Evenepoel. Daar rijdt Vingegaard normaalgesproken ook rondjes omheen.

Ik denk niet dat we Jonas volgend jaar weer in de Giro gaan zien.
pi_221333116
quote:
0s.gif Op dinsdag 14 juli 2026 17:22 schreef Hyaenidae het volgende:
Pogacar lijkt wel een pot met dat kapsel, ziet er niet uit.
Jammer, want voordat hij dit witte kapsel had vond ik het nog best wel een baas.
Ja? Zou je hem doen als hij normaal kapsel heeft?
  dinsdag 14 juli 2026 @ 17:24:05 #41
458878 -XOR-
highbrow marxist
pi_221333118
quote:
0s.gif Op dinsdag 14 juli 2026 17:22 schreef Hyaenidae het volgende:
Pogacar lijkt wel een pot met dat kapsel, ziet er niet uit.
Jammer, want voordat hij dit witte kapsel had vond ik het nog best wel een baas.
Il mondo apre le porte
Pace totalitaria
Solo l'odore della morte.
pi_221333120
Karsten ziet er kleurrijk uit
pi_221333121
quote:
1s.gif Op dinsdag 14 juli 2026 17:23 schreef Godshand het volgende:
Pogacar volgend jaar lekker met pensioen laten gaan op de weg. Laat hem maar strijden tegen Pidcock op de MTB of tegen MVDP in veldrijden.

Of in de Formule 1 rijden, wie weet kan hij ook Verstappen aan
Als UAE maar met het geld komt, dan wint Dopi Pogi alles.
pi_221333124
quote:
0s.gif Op dinsdag 14 juli 2026 17:23 schreef wimderon het volgende:
Uiteindelijk rijdt Pogacar slechts een halve minuut weg van figuren als Skjelmose en Evenepoel. Daar rijdt Vingegaard normaalgesproken ook rondjes omheen.

Ik denk niet dat we Jonas volgend jaar weer in de Giro gaan zien.
Heb wel het idee dat Lidl Trek ineens weer volledig op punt staat na een heel zwak jaar tot dusver.
  dinsdag 14 juli 2026 @ 17:24:52 #45
393893 Hyaenidae
Haaien-idee
pi_221333125
quote:
1s.gif Op dinsdag 14 juli 2026 17:23 schreef Godshand het volgende:
Pogacar volgend jaar lekker met pensioen laten gaan op de weg. Laat hem maar strijden tegen Pidcock op de MTB of tegen MVDP in veldrijden.

Of in de Formule 1 rijden, wie weet kan hij ook Verstappen aan
Gewoon in het reglement opnemen dat je niet meer mee mag doen na 3x winst.
pindazakje
pi_221333126
Ramses veertiendes.
  dinsdag 14 juli 2026 @ 17:24:54 #47
187810 Szura
Kijk eens aan!
pi_221333127
quote:
0s.gif Op dinsdag 14 juli 2026 17:23 schreef Dutch_view het volgende:
Remco haalt zijn gram!
Tom Boonen ook
Lekker zuipen, lekker dansen en daarna lekker neuken.
pi_221333128
quote:
0s.gif Op dinsdag 14 juli 2026 17:23 schreef wimderon het volgende:
Uiteindelijk rijdt Pogacar slechts een halve minuut weg van figuren als Skjelmose en Evenepoel. Daar rijdt Vingegaard normaalgesproken ook rondjes omheen.

Ik denk niet dat we Jonas volgend jaar weer in de Giro gaan zien.
Maar zou dat door de Giro komen? Op de Tourmalet ging hij nog best hard
  dinsdag 14 juli 2026 @ 17:25:17 #49
393893 Hyaenidae
Haaien-idee
pi_221333129
quote:
0s.gif Op dinsdag 14 juli 2026 17:24 schreef -XOR- het volgende:

[..]
[ afbeelding ]
Jaaaaa idd :D
pindazakje
  Moderator dinsdag 14 juli 2026 @ 17:25:41 #50
198822 crew  Rellende_Rotscholier
Robbertje matten met de wouten
pi_221333131
quote:
0s.gif Op dinsdag 14 juli 2026 17:24 schreef Dale__Cooper het volgende:

[..]
Heb wel het idee dat Lidl Trek ineens weer volledig op punt staat na een heel zwak jaar tot dusver.
Andy Schleck is een fenomeen?
Het blijft toch een merkwaardige sport hè, dat wielrennen.



quote quotesplits me

Omdat je een nieuwe gebruiker bent willen we je erop wijzen dat het niet is toegestaan reclame te maken of FOK! te gebruiken voor commerciële doeleinden. Blijf ontopic en wees aardig voor je medeFOK!kers.
smilie   Pagina 1 / 3
Let op: Met het plaatsen van een bericht verklaar je akkoord te gaan met onze algemene voorwaarden van 27-05-2020, privacy policy van 27-05-2020 en Policy
abonnement Unibet Coolblue Bitvavo
Forum Opties
Forumhop:
Hop naar:
(afkorting, bv 'KLB')