Jarenlang hebben de Verenigde Staten geprobeerd democratie te positioneren als exportproduct. Dit gebeurde ondanks voortdurende twijfels over de effectiviteit van dergelijke initiatieven en de vraag of externe inmenging de politieke cultuur van andere landen daadwerkelijk en duurzaam kan veranderen.
Recente ontwikkelingen maken duidelijk dat het Amerikaanse beleid niet langer primair gericht is op de export van democratie, maar op het behartigen van nationale belangen. President Trump is hierin opvallend transparant: hij erkent openlijk dat het buitenlandse beleid onder het motto “America First” wordt gevoerd, zonder zich te verschuilen achter abstracte formuleringen of transnationale instituties.
Tegen deze achtergrond rijst de vraag of ook de Europese Unie er niet verstandig aan doet de huidige realiteit onder ogen te zien. Een mogelijke consequentie zou kunnen zijn het schrappen van fondsen zoals:
- NDICI – Global Europe;
- IPA III;
- European Endowment for Democracy.
Dit zou niet alleen leiden tot directe besparingen op het steeds verder stijgende budget, maar ook tot de noodzaak om het Europese buitenlandse beleid grondig te herdefiniėren. In plaats van morele verhevenheid zou een nuchtere kosten-batenanalyse de leidraad moeten vormen voor uitgaven op het gebied van buitenlandse betrekkingen.