quote:
‘Gepassioneerd? Ik heb nog nooit een rode kaart gehad’
Marcos Senesi (22) blijkt bij Feyenoord niet de spijkerharde Argentijnse verdediger, maar de man van voetballende oplossing. Het centrale verdedigingsduo staat bij Feyenoord inmiddels vast. De rustige Braziliaan Eric Botteghin en de nog rustigere Senesi. ,,Wennen? Deze club heeft al een vleugje Argentinië in zich’’, zegt hij.
Het lijkt een begin van ouderwetse mop. Er komen een Argentijn, een Peruaan en een Colombiaan aangelopen. Bij Feyenoord is het aan de orde van de dag. De Argentijn Marcos Senesi, de Peruaan Renato Tapia en de Colombiaan Luis Sinisterra. De Zuid-Amerikanen van Feyenoord kunnen het goed met elkaar vinden. ,,We helpen elkaar waar het kan’’, zegt Marcos Senesi. ,,We volgen samen Engelse les. En als de trainer iets gedetailleerds duidelijk wil maken aan ons, dan zorgt Renato Tapia voor de vertaling.’’
In Marbella is het dan weer andersom. Senesi verstaat de werknemers van hotel Los Monteros, al sinds jaar en dag de uitvalsbasis van Feyenoord kort na de jaarwisseling. De Argentijn kan zijn medespelers helpen, zoals ze ook op het veld inmiddels volop vertrouwen in de aankoop van zes miljoen euro hebben. ,,Ik zou best gitaar willen leren spelen’’, zegt Marcos Senesi. Het is zoals ze hem inmiddels kennen in de Kuip. Een leergierige jongen die al meteen vroeg om extra Engelse lessen om zich snel verstaanbaar te kunnen maken in zijn nieuwe omgeving. ,,Ik woon op de Kop van Zuid, soms zit ik bij het Argentijnse restaurant Gauchos. Maar ik probeer snel te integreren, sta overal voor open.’’
Emotionele middag in de Kuip
Senesi vertelt het op rustige toon. Voortdurend met een glimlach, maar geen woord teveel. ,,Ik ben erg rustig. Maar eenmaal op het veld ben ik een ander iemand. Dan gaat de knop om. In Argentinië wordt het voetballen op een zeer gepassioneerde manier beleefd. Door de supporters maar ook door de spelers. Toch probeer ik altijd rustig te blijven. Misschien dachten de fans van Feyenoord dat er een spijkerharde verdediger naar Rotterdam was gehaald, maar ik kreeg in mijn hele leven nog nooit een rode kaart. Natuurlijk kan ik de duels best stevig ingaan. Maar dat hebben mijn landgenoten Lisandro Martínez en Nicolás Tagliafico van Ajax meer. Ik ben iemand die van achteruit wil voetballen, die het van een inspeelpass moet hebben. Dat gepassioneerde komt vooral boven na een doelpunt. Toen ik mijn eerste goal maakte in de thuiswedstrijd tegen RKC. We stonden 0-2 achter en we moesten winnen. Vlak voor tijd maakte ik 3-2 en het stadion ontplofte van vreugde. Ik voelde de adrenaline. En op de tribune zaten mijn ouders. Ze vertelden dat ze moesten huilen, zo blij waren ze. Het was een emotionele middag. Eerst die belangrijke goal, daarna brak ik nog een bot in mijn hand. Ik heb elf jaar bij San Lorenzo gespeeld en dan opeens komt het moment dat je naar Europa vertrekt. Dat is schitterend, maar ook best moeilijk als je iedereen moet achterlaten. Dan is het fijn als je een belangrijke goal maakt. De supporters scandeerden mijn naam en dat voelde enorm goed. Vlak voor de winterstop maakte ik mijn tweede doelpunt tegen Cambuur in het bekertoernooi. Ik voelde vlak voor tijd dat ik mee naar voren moest gaan en uiteindelijk kon ik het laatste tikje geven. Ook dat gaf een schitterend gevoel.’’
Opluchting
Die treffers waren ook een opluchting voor de beleidsbepalers die Senesi naar de Kuip haalden. President-commissaris Toon van Bodegom en interim technisch directeur Sjaak Troost hadden er afgelopen zomer bijna een dagtaak aan om met de onmisbare hulp van de zaakwaarnemers Henk van Ginkel en Henk Timmer de deal in orde te maken. Senesi kwam naar Rotterdam en tekende, maar vloog meteen weer terug naar zijn vaderland om uit te kunnen komen voor Jong Argentinië. ,,Het ging allemaal snel. Trainer Jaap Stam sprak veel met mij, maar ik moest wachten op een kans. Tegen Emmen viel ik in op kunstgras. Dat ging niet heel erg goed, het was wennen. Toch voelde ik later, bijvoorbeeld tegen Cambuur al, dat die ondergrond geen probleem hoeft te zijn. Ik voelde met de week dat het beter ging. Al was de periode dat ik aansloot ook lastig omdat de resultaten tegenvielen. Opeens werd de spelersbus tegengehouden na de 4-0 nederlaag tegen Ajax. Dat was niet nieuw voor mij, in Argentinië gebeurt dat regelmatig. Gelukkig zijn de resultaten de laatste maanden veel beter en krijgen de mensen er weer vertrouwen in. Als je in de Kuip het veld op wandelt en je ziet al die mensen op de tribunes, dan doet dat iets. De supporters zijn fanatiek. Fanaticos. Ze zitten dicht op het elftal zoals dat in Argentinië ook bij veel clubs het geval is. Feyenoord heeft in mijn ogen dus wel een vleugje Argentinië in zich, ik wist dat ik mij snel thuis zou voelen. Zoals Julio Ricardo Cruz dat vroeger in Rotterdam had. En middenvelder Pablo Sanchez. Patricio Graff? Die ken ik niet. Noemden de fans in Rotterdam Pablo Sanchez destijds Vitamina? Ik heb nog geen bijnaam.’’
Olympische Spelen
‘Tranquillo’ wordt er in Marbella meteen geopperd. Rustig, kalm. Senesi grinnikt. Bij San Lorenzo, waar in het verleden grote trainers als Carlos Bilardo, Manuel Pellegrini, Bora Milutinovic en Diego Simeone aan het roer stonden, was hij al zo. ,,Zo ben ik eigenlijk altijd geweest’’, zegt hij. Hij groeide op in Concordia. ,,We waren niet arm, maar mijn ouders hebben hard moeten werken om te zorgen dat we het goed hadden. Natuurlijk wil je dan op het veld laten zien dat het niet voor niets is geweest. Ik wil slagen als voetballer, bij Feyenoord en bij Jong Argentinië waar ik komende zomer op de Olympische Spelen mee te spelen. De kwalificatie is deze maand in Colombia, maar het is gepland buiten de FIFA-kalender en Feyenoord hoeft mij dan niet af te staan. Hier staan er ook belangrijke weken voor de boeg. Spelen voor mijn vaderland is wel belangrijk voor mij. Het hoogst haalbare.’’
Tussen zijn illustere landgenoten Messi en Maradona kan en wil hij niet kiezen. ,,Allebei fenomenen. Al heb ik Maradona zelf natuurlijk nooit live aan het werk gezien, alleen op videobeelden. Messi natuurlijk wel. Wij zijn er trots op dat hij een Argentijn is. En natuurlijk weet ik dat jullie koningin uit Argentinië komt. Natuurlijk. Maxima. Nee, ik heb er nooit ontmoet. Misschien als we met Feyenoord een prijs winnen. Laten we daar maar aan gaan werken dan.’’