Hij reed nog tegen Lance Armstrong en deed ooit beter dan Nibali, nu gaat hij op pensioen: the best of Maxime Monfort
Hij reed zijn eerste grote ronde toen Jasper Philipsen nog in het tweede studiejaar zat. Hij reed als enige actieve Tourbelg twee Rondes van Frankrijk tegen Lance Armstrong. In totaal bracht Maxime Monfort één jaar en twee maanden van zijn leven door in een grote ronde. Afgelopen zomer reed hij met de Tour zijn twintigste grote ronde. Een uitgelezen kans voor de 36-jarige Waal van Soudal-Lotto om zijn tien beste verhalen op t ediepen.
Dit stuk verscheen voor het eerst op 18 juli 2019
Giro 2006: een vijs los
“De eerste. Bijna was ik niet gestart. Eén maand voor de start in Seraing brak ik mijn sleutelbeen in de Ronde van het Baskenland. Omdat ik nadien de Ronde van Romandië overleefde, kreeg ik toch groen licht van de ploegdokter van Cofidis. Een risico, achteraf bekeken niet geoorloofd. In de laatste ritten is één van de vijzen, die in mijn schouder werden gestoken tijdens de operatie, losgekomen. De titanium bout stak door de huid van mijn schouder. Na elke rit was mijn truitje dus gescheurd. Nu klinkt dat grappig, maar ik had echt schrik toen. Daags na de Giro ben ik opnieuw geopereerd.”
Tour 2009: de Rolex van Cav
“Mijn eerste grote ronde met Team Columbia. Een vedettenploeg: Hincapie, Cavendish, Martin, Rogers en mijn kamergenoot Kim Kirchen. Cav won zes ritten. Alles lukte. Het was alsof we
PlayStation speelden tijdens de sprints. Mijn taak was om op drie kilometer van de streep de sprinttrein af te zetten. Een hachelijke onderneming. Vandaag begrijp ik niet dat ik dat ooit heb gekund. Mocht de ploegleiding mij dat nu vragen, ik zou denken dat ze op hun kop gevallen zijn.”
“Cav was een gulle kopman. Na die Tour bedankte hij elke ploegmaat met een Rolex-horloge. Vandaag kan ik het nog steeds goed vinden met Cav, tenminste als hij in zijn dagje is. Als hij slechtgezind is, bestaat de kans dat hij doet alsof hij mij nog nooit heeft gezien. Het probleem is dat hij al op zeer jonge leeftijd kopman was. Hij heeft nooit een normaal rennersleven gekend. Greipel was helemaal anders. Elke kopman heeft een sterk karakter en is egoïstisch ingesteld, maar André was de vriendelijkste en makkelijkste kopman met wie ik ooit heb gekoerst.”
Tour 2010: helikopter van 1.500 euro
“Opnieuw vijf zeges met Cav, maar die werden door de geboorte van mijn dochter Lou naar de achtergrond verwezen. Normaal zou Laure pas na de Tour bevallen, maar ze was een maand te vroeg. Dinsdag was ze nog komen kijken naar de kasseienrit, vrijdag was de baby er. Ik stapte na de rit nietsvermoedend in de ploegbus en zag op mijn gsm een foto van een baby. Foto’s via de gsm versturen was toen nog ongebruikelijk. Mijn vrouw zei dat ik in de Tour moest blijven. Dat heb ik ook gedaan, maar zondagavond was er een mogelijkheid om met een helikopter naar Luik te vliegen om dan tijdens de rustdag bij mijn vrouw en dochter te zijn. De ploegmaats hebben toen een collecte gedaan en 2.000 euro samen gelegd. De helikoptervlucht kostte 10.500 euro. Een immens bedrag, maar ik wist dat Cav nog wel een paar ritten zou winnen en er nog wat prijzengeld op komst was. Vanaf aankomstplaats Avoriaz had de Tourorganisatie een helikopter geregeld naar Genève, waar ik dan die dure helikopter nam richting het ziekenhuis. Die nacht deed ik geen oog dicht, maar ik ben wel zeventien uur bij mijn dochter kunnen blijven. Ik ben blij dat ik een paar jaar later wel aanwezig was bij de geboorte van mijn zoon. Anders had ik mij dat voor altijd beklaagd. Mocht er een jonge ploegmaat nu hetzelfde overkomen, ik zou hem verplichten om naar huis te gaan.”
Tour 2011: de Hublot van Andy
“Andy Schleck was onze kopman, maar in de eerste twee weken was hij nog niet op niveau. Hij had al veel tijd verloren, dus moesten we een coup plegen. Die kwam er in de rit over de Izoard, de Lautaret en de Galibier. Posthuma en ik moesten mee in de vroege vlucht en zouden Andy opwachten. Vandaag passen Movistar en Astana die tactiek vaak toe, maar toen was dat exceptioneel. Iedereen keek verbaasd op toen Andy al aanviel op de Izoard. Het plan was dat ik hem op de top zou opwachten, maar ik was te rap. Ik moest wachten. Over de laatste honderd meter van de Izoard heb ik meer dan een minuut gedaan. Nadien heb ik mij volledig leeg gereden. Andy won, maar het was niet genoeg voor de Tourzege. Hij heeft ons nadien wel allemaal bedankt met een Hublot-horloge. Ik heb nog steeds een goeie band met Andy. Een topkerel, maar niet stabiel en professioneel genoeg om een topcarrière uit te bouwen. Hij was een enorm talent, maar ook een enorm feestbeest in de winter.”
Vuelta 2011: beter dan Nibali
“Zesde in de eindstand, eigenlijk vijfde, want Cobo werd onlangs geschrapt voor dopinggebruik. Het was absurd. Bergop was ik de op drie na beste. Enkel Cobo, Froome en Wiggins klommen beter. In de eindstand eindig ik zelfs voor Nibali. Toen Bjorg Lambrecht vorig jaar mijn uitslagen googelde, trok hij grote ogen: Een Belg die zesde wordt in een grote ronde, daar kunnen we nu alleen van dromen.”
Tour 2012: naar de rechtbank voor Fränk
“De start was in Luik en tijdens de tweede etappe kon ik mijn familie groeten op de Baraque Fraiture. Die Tour eindigde wel in mineur, omdat mijn kamergenoot Fränk Schleck op de rustdag in Pau uit de Tour werd gezet na een positieve dopingcontrole. Ik snap nog steeds niet hoe dat is kunnen gebeuren. Ik weet niet wat Fränk op andere momenten in zijn carrière heeft uitgespookt, maar in die Tour ben ik zeker dat hij niks mispeuterd heeft. Ik ben nadien dan ook uit vrije wil in de rechtbank van Luxemburg gaan getuigen te zijner verdediging.”
Tour 2013: Fuglsang leren kennen
“Het was mijn droom om ooit top 15 te rijden in de Tour. Na zes keer proberen is het gelukt, ik werd 14de in 2013. Het was toen ook de doorbraak van mijn ex-ploegmaat Jakob Fuglsang. Hij eindigde zevende. Toen ik in de Vuelta van 2012 zesde werd, was hij eigenlijk de kopman. Hij werd toen elfde en de mensen begrepen niet waarom hij de kopman was. Ik heb toen al gezegd dat het terecht was. Jakob was toen al beter dan ik. Het potentieel van een topper heeft hij altijd gehad, al heeft het wel lang geduurd om zijn allerbeste niveau te halen.”
Giro 2015: tranen van Jurgen
“De ploegleiding van Lotto had Jurgen Van den Broeck en mij aangeduid als de klassementsmannen. Hij eindigde twaalfde, ik elfde. Ik was zeker goed genoeg voor de top tien, maar de slechte verstandhouding met Jurgen heeft daar anders over beslist. Ik was toen beter en Jurgen kon dat blijkbaar niet verkroppen. Eerst zei hij tegen de Vlaamse media dat ik hem in een etappe had doen vallen, wat totaal niet waar was. Toen we tijdens de rit van de Mortirolo samen werden gelost, weigerde hij in de laatste 10 kilometer een kopbeurt te doen. Had hij een beetje meegewerkt, dan hadden we in die rit geen zes, maar vier minuten verloren. Op het einde van die Giro heeft Jurgen zich geëxcuseerd en begon hij zelfs te wenen, maar ik ben dat niet vergeten. Er is toen iets gebroken tussen Jurgen en mij.”
Vuelta 2017: 39 graden koorts
“Mijn enige opgave in een grote ronde. Er was niks aan te doen. De dag dat mijn kamergenoot Sander Armée de rit won, werd ik wakker met 39 graden koorts. Doodziek. Het ergste was de vlucht naar huis: barstende koppijn en zweten als een rund. De zwaarste dag uit mijn leven. Het is jammer dat ik geen clean sheet heb gehaald, maar die dag was er pas de question. Qua valpartijen ben ik vrij gespaard gebleven. De zotste was in de Tour 2011. Ik was bidons gaan halen en in de afdaling gebeurde er voor mij een valpartij. Ik ging vol in de remmen, maar door die vijf kilo extra op mijn rug schatte ik mijn remafstand te kort in. Ik knalde tegen zeven stilstaande renners aan. Zes, onder wie Thomas De Gendt, gingen neer. Strike.”
Tour 2019: slaapkamergenoot van Tiesj
“Nummer twintig en gek genoeg mijn eerste Tour voor Soudal-Lotto. De eerste jaren waren we overeengekomen dat ik telkens Giro-Vuelta zou rijden, maar de voorbije twee jaar wou ik graag naar de Tour. Ik viel echter telkens net naast de selectie. Dit jaar wou ik er absoluut bij zijn en ik ben het ook waard. Ik heb een louter dienende rol. In de vlakke ritten rijd ik op kop van het peloton. In de bergritten moet ik Caleb Ewan binnen de tijdslimiet naar de finish loodsen. Ik deel net als in de Vuelta de kamer met Tiesj. Ik geef hem soms wat tips, maar ik weet niet of hij ook echt luistert. (lacht) Hij heeft een eigenwijs karakter.”
“Of dit mijn laatste grote ronde is, weet ik niet. Ik zou er eerlijk gezegd nog graag één profjaar bij doen.”