Baby
Een baby is een kind tot ongeveer 1 jaar.
Een baby wordt geboren met enkele reflexen maar ontwikkelt zich na verloop van tijd lichamelijk en geestelijk. Een baby leert onder andere zitten, staan en lopen, dit zijn grove motorische ontwikkelingen. Doordat de baby veel in aanraking komt met zijn ouders leert hij reageren op andere mensen. Dit is een sociale ontwikkeling. Een baby ondergaat ook veel 'fijne motorische ontwikkelingen' hij leert met zijn voetjes spelen en blokjes oppakken. Een baby wordt zo'n drie maal zwaarder dan bij zijn geboorte en ongeveer anderhalf maal zo lang.
Dreumes
Een dreumes is een kind van ongeveer 1 tot 2 jaar. Een dreumes leert onder andere spelen, torentjes bouwen met blokjes, traplopen en tegen een bal schoppen. Vooral de taalverwerving gaat nu met reuzenschreden vooruit.
Peuters
Een kind tussen de 1,5 en de 4 jaar noemt men een peuter. De taalverwerving neemt explosief toe en ook cognitieve vaardigheden ontwikkelen zich snel. De groeisnelheid van het kind neemt af van ongeveer 25 centimeter per jaar naar ongeveer 8 centimeter per jaar. Een peuter leert zijn wereld kennen en komt belemmeringen tegen, zoals dingen die niet mogen van zijn ouders. Ook leert de peuter dat hij een individu is en leert zichzelf los te zien van zijn ouders. Dit kan leiden tot driftbuien, ook wel aangeduid met de "peuterpuberteit".
Kleuters
Een kleuter is een kind van ca 3 tot 6 jaar. Naarmate het kind ouder wordt is er meer invloed van buitenaf nodig om nieuwe functies te ontwikkelen. Een kleuter gaat voor het eerst naar de basisschool (Nederland) (ca 4 jaar) of naar de kleuterschool (Vlaanderen) (vanaf 2 jaar en half) waar hij veel kan leren. Kleuters leren onder andere kleuren, tekenen en de beginselen van het lezen, schrijven, knutselen, klimmen, fietsen, veters strikken en met andere kinderen spelen. Een kleuter groeit gemiddeld 8 centimeter per jaar.
Schoolkind
Een schoolkind is een kind van 6 tot 12 jaar. In Nederland zit een schoolkind in groep drie tot en met acht van de basisschool. In Vlaanderen volgt het kind het eerste tot het zesde leerjaar van de lagere school. Het kind leert daar onder andere schrijven, lezen en rekenen. Leren speelt hierbij een belangrijke rol. Motorische vaardigheden kunnen nu worden aangeleerd. Schoolkinderen gaan naar clubs en verenigingen, waar onder andere zwem- en muziekles gegeven wordt, of stappen naar het deeltijds kunstonderwijs. Over het algemeen is er een steeds grotere variatie in prestaties tussen individuele kinderen. Meisjes worden uiteindelijk sneller rijp dan jongens die wat later volgen. In deze leeftijd zullen de kinderen langzamerhand leren met geld om te gaan en krijgen ze zakgeld van hun ouders.
Het denken wordt nog steeds sterk beheerst door wat het kind waarneemt. Het kind ziet nog geen samenhangen, nog geen oorzaak-gevolg-verbanden. Dat betekent dat het nog niet denkt: als ik eerst dit doe, dan gebeurt er dit en vervolgens dat.
Puber
Een puber is een kind van 12 tot en met 17 jaar.
In de puberteit vinden snelle veranderingen plaats op biochemisch niveau met gevolgen voor lichamelijke kenmerken en emotionele en sociale ontwikkeling. Bij een puber beginnen de voortplantingsorganen te functioneren en komen onder invloed van hormonen de secundaire geslachtskenmerken tot ontwikkeling. Dit is de periode waarin de puber van alles ontdekt, qua seksualiteit, en naar een partner (vriendje) uitkijkt. Televisie, internet en leesbladen spelen in die zoektocht een belangrijke rol. Ook krijgen pubers een zogenaamde groeispurt waardoor zij veel sneller groeien dan voor de puberteit. In westerse landen volgen pubers meestal onderwijs aan een middelbare school (vmbo, havo, middenschool, ASO, TSO, BSO, KSO of vwo). Sommige pubers hebben voor het eerst een baan of vakantiewerk (bijvoorbeeld krantenbezorger, vakkenvuller in een supermarkt) om geld te verdienen.
Al die willen te kaap'ren varen, moeten mannen met baarden zijn.
Hoogachtend,
Erik.