Etappe 9: Milano Show 100 (163 km)We schrijven 13 mei 1909, in het holst van de nacht staan 127 wielerpioniers op de Piazzale Loreto in Milano klaar voor een helse tocht van 397 kilometer naar Bologna. De president van de Italiaanse wielerbond Carlo Cavenaghi schiet het peloton om 02:53 op gang, de Giro is geboren! 14 uur, 6 minuten en 15 seconden later maakt Dario Beni zich onsterfelijk door als eerste zijn naam in de annalen van de Giro d'Italia bij te schrijven. Vandaag, precies 36.530 dagen, oftewel honderd jaar en vijf etmalen later starten de 190 in deze Giro overgebleven renners wederom in de modestad voor de Milano Show.
Milano (Nederlands: Milaan, Lombardisch: Milan) is de hoofdstad van de gelijknamige provincie en de regio Lombardia (Nederlands: Lombardije, Lombardisch: Lumbardia). De stad heeft bijna 1.3 miljoen inwoners, de provincie ruim 3 miljoen en de regio 9.7 miljoen. De stad en de provincie zijn na de stad en provincie Roma de grootste van Italië, de regio Lombardia is zelfs dé grootste van het land. Lombardia bestaat uit twaalf provincies, in volgorde van groot naar klein: Milano, Brescia, Bergamo, Varese, Monza e Brianza, Como, Pavia, Mantova, Cremona, Lecco, Lodi en Sondrio. De grootste steden na Milano zijn Brescia (190.000), Monza (121.000), Bergamo (118.000), Como (84.000) en Varese (82.000), hiernaast zijn nog negen steden met meer dan 50.000 inwoners, waarvan vier in de uitgestrekte agglomeratie van Milano waar in totaal 4.8 miljoen mensen wonen, het grootste stedelijke gebied van Italië.
De stad werd rond 600 v.C. gesticht door de Keltische Insubri stam, zij werden in 222 v.C. verslagen door de Romeinen die de stad omdoopten in Mediolanum ("midden van de vlakte)", het zou vooral in de laatste periode van het Romeinse rijk een zeer belangrijke stad worden. In 286 werd het zelfs de eerste hoofdstad van het westelijke Romeinse rijk, terwijl Byzantium (het latere Constantinopel en huidige Istanbul) hoofdstad van het oosten zou worden. In 313 werd het edict van Milano uitgevaardigd die de vrijheid van goddienst waarborgde en de weg opende voor het christendom om definitief Europa te veroveren. In de vijfde eeuw had Mediolanum zwaar te lijden onder de invallen van barbaarse volken uit het noorden, de hoofdstad werd in 402 naar Ravenna verplaatst terwijl Mediolanum meerdere keren verwoest werd met als belangrijkste de plundering van Atilla's Hunnen in 452. Het bekendste Romeinse overblijfsel dat de eeuwen heeft doorstaan is de Colonne di San Lorenzo uit de 2e eeuw, een rij zuilen voor de Basilica di San Lorenzo uit 370, de oudste kerk van Milano is echter herbouwd in de 16e eeuw. Hetzelfde geldt voor de Basilica di Sant'Ambrogio uit 379, herbouwd in 1099.
De Colonne en Basilica di San LorenzoDe Ostrogoten stichtten nadat zij het west Romeinse rijk definitief ten val hadden gebracht in 476 het koninkrijk Italië, er volgde een lange oorlog tegen het oost Romeinse rijk waarin Milano in 539 weer voor een belangrijk deel werd verwoest. Veertien jaar later verloren de Ostrogoten echter de macht en zou Italië grotendeels Byzantijns worden, dit was echter van korte duur want in 569 werd het noorden van Italië overlopen door de oprukkende Longobarden, de Germaanse stam waarnaar Lombardije is vernoemd, zij stichtten er het Lombardische koninkrijk Italië met als hoofdstad Pavia. In 744 werden de Lombarden door de Frankische koning Pepijn de Korte (vader van de latere keizer Karel de Grote) verslagen die hierdoor de titel koning van Italië opeiste, een titel die via Karel de Grote werd doorgegeven aan latere keizers van de Heilige Roomse en Habsburgse Rijken. In 1167 werd Milano de belangrijkste stad van de Lombardische liga, een alliantie van noord Italiaanse steden (gesteund door de paus) die streden tegen de macht van de keizers van het Heilige Roomse Rijk. In 1176 kregen ze hun vrijheid na het winnen van de Slag van Legnano, een legendarische veldslag bij het stadje Legnano 25km ten noordwesten van Milano. De zege van de Lombardische liga maakte de opkomst van de Italiaanse stadstaten in de hierop volgende eeuwen mogelijk. De Lombardische liga werd tijdens de Risorgimento, de 19e eeuwse strijd voor een verenigd onafhankelijk Italië, als voorbeeld genomen voor de Italianen om de onderlinge conflicten aan de kant te schuiven en de Franse, Spaanse en Oostenrijkse elite het land uit te schoppen om een verenigd Italië van en voor Italianen te vormen. Daarom wordt in het volkslied dat in deze periode geschreven is gezongen: "Dall'Alpi a Sicilia, dovunque è Legnano", "van de Alpen tot Sicilië, Legnano is overal". Milano werd een onafhankelijke stadstaat onder eerst de Della Torre familie en vanaf 1277 de Visconti dynastie die het in 1395 onder Gian Galeazzo Visconti omvormden in een hertogdom, hij gaf een jaar later opdracht om te starten met de bouw van de beroemde Duomo di Milano waar eeuwen lang aan gebouwd zou worden en pas in de vorige eeuw definitief voltooid werd. De op één na grootste gotische kathedraal van de wereld, na die van Sevilla, is 157 lang, 92 meter breed, 65.5 meter hoog en telt maar liefst 135 pinakels, de vieringstoren is 106.5 meter hoog.
De wereldberoemde Duomo di MilanoIn 1447 overleed de laatste Visconti-hertog zonder erfgenaam, na een chaotische periode waarin Milano voor drie jaar de Aurea Repubblica Ambrosiana (Gouden Ambrosijnse Republiek) werd greep de militaire leider Francesco Sforza de macht, hij herstelde het hertogdom met zichzelf als eerste heerser van de Sforza dynastie, onder zijn bestuur werden de Castello Sforzesco en Santa Maria delle Grazie kerk gebouwd, die laatste is een UNESCO werelderfgoed waarin het beroemde schilderij "Het laatste avondmaal" van Leonardo da Vinci zich bevind. In 1540 kwam het hertogdom in handen van de Habsburgers, Milano behoorde tot de Spaanse tak van de familie tot deze uitstierf in 1706 en de Oostenrijkse tak het overnam. In 1796 veroverde Napoleon Bonaparte het noorden van Italië waar hij meerdere satellietstaten inrichtte waaronder de Cisalpijnse Republiek, met Milano als hoofdstad waar hij zich liet kronen tot Koning van Italië met dezelfde kroon als die van de Lombardische koningen, Heilig Roomse keizers en ook de Habsburgers voor en na Napoleon. De "Corona Ferrea" (IJzeren Kroon) is tegenwoordig in de kathedraal van Monza ten noorden van Milano te bewonderen. Nadat Napoleon viel kwamen de Oostenrijkers weer aan de macht, zij installeerden het koninkrijk Lombardo-Veneto met Milano als hoofdstad. In deze periode groeide het voor de oorlog in 1788 gebouwde "Teatro alla Scala" uit tot één van de belangrijkste operatheaters in de wereld. La Scala is gebouwd op de locatie van de afgebroken Santa Maria della Scala kerk, waarnaar het ook vernoemd is.
Het imposante La Scala biedt plaats aan 2200 toeschouwersIn 1848 brak in Milano de revolutie uit, de Cinque Giornate di Milano (vijf dagen van Milaan) was één van de opstanden die de Italiaanse Onafhankelijksoorlogen aanwakkerde. De opstand werd op bloedige wijze neergeslagen door de Oostenrijkers en de eerste revolutie mislukte, maar het was slechts een kwestie van tijd voor de Oostenrijkers het Italiaanse volk niet meer onder de duim konden houden. In 1859 viel het doek in de Slag bij Solferino, een leger van het Koninkrijk Sardinië (dat toen behalve het eiland ook o.a. Piemonte besloeg) gesteund door Frankrijk en de lokale bevolking viel de Oostenrijkse vazalstaat Lombardo-Veneto aan. De gigantische veldslag waarbij waar meer dan 200.000 troepen betrokken waren duurde van 24 juni tot 12 juli en eindigde in een beslissende zege van de Franco-Sardijnse alliantie, twee jaar later werd het moderne koninkrijk Italië gesticht met als hoofdstad Torino. Milano vierde de onafhankelijk met de bouw van de overdekte winkelstraat Galleria Vittorio Emanuele II in 1864, tussen de Duomo en la Scala.
Galleria Vittorio Emanuele II, de exclusieve en peperdure overdekte winkelstraat in hartje MilanoIn 1919 richtte Benito Mussolini in Milano de "Camicie Nere" (zwarthemden) op, waarmee hij in 1922 vanuit Milano de Mars op Roma begon, de staatsgreep waardoor "il Duce" aan de macht kwam in Italië. Italië werd als bondgenoot van Nazi-Duitsland in de Tweede Wereldoorlog meegesleurd waar het totaal niet klaar voor was, nederlaag na nederlaag werd geleden en de populariteit van Mussolini werd steeds minder. In 1943 capituleerde Italië, Mussolini werd afgezet en vluchtte naar Nazi-Duitsland, zijn pogingen om vanuit Duitsland de macht te herstellen mislukten terwijl Duitsland het noorden van Italië bezette. Milano werd dan ook het zwaarste getroffen tijdens de Duitse bezetting in 1944 door geallieerde bombardementen. Het volk schreeuwde om Mussolini's hoofd die probeerde te vluchten als Duitse soldaat naar Zwitserland, hij werd door het verzet gevonden en geëxecuteerd op 28 april 1945. Zijn stoffelijk overschat werd een dag later, samen met dat van zijn vriendin Clara Petacci en drie prominente fascisten, voor het oog van tienduizenden Milanesen aan een vleeshaak opgehangen aan een tankstation op de Piazzale Loreto. Het stoffelijke overschot van il Duce werd op verschillende (geheime) locaties in en rondom Milano begraven om uiteindelijk in 1957 zijn laatste rustplaats te vinden in zijn geboortedorp Predappio.
Het noorden van Italië is sinds de onafhankelijkheid uitgegroeid tot één van de belangrijkste industriële gebieden van Europa en het economische hart van Italië. Spoorwegen werden aangelegd, fabrieken de grond uitgestampt en honderdduizenden zuid Italianen trokken naar het noorden op zoek naar een beter bestaan. Milano, centraal gelegen tussen Torino en Veneto, werd de economische hoofdstad van Italië en groeide explosief, van 267.000 inwoners in 1861 tot maar liefst 1.7 miljoen in 1971, inmiddels is de bevolking van de stad terug gelopen omdat veel Milanesen zich vestigden in de tientallen voorsteden, de suburbanisatie heeft een enorm stedelijk gebied doen ontstaan met 4.8 miljoen inwoners.
Verder is Milano natuurlijk wereldberoemd al één van de vier belangrijkste modesteden in de wereld, naast Parijs, London en New York. Hiernaast is het een belangrijke studentenstad met maar liefst elf universiteiten die in totaal 39 instellingen hebben en 174.000 studenten herbergen. De oudste Universiteit is de Politecnico di Milano, gesticht in 1863 en met bijna 40.000 studenten de grootste technische universiteit van Italië. Er zijn twee grote internationale vliegvelden en drie metrolijnen.
De stad is hoofdzetel van veel grote bedrijven waaronder Pirelli, die met hun 127 meter hoge Pirelli-tower al sinds 1960 het hoogste gebouw van de stad hebben. In 2014 moet hier echter verandering in komen als het CityLife project voltooid is, een gedeelte van de stad wordt volledig opnieuw ingericht met als blikvangers drie wolkenkrabbers van respectievelijk 218, 185 en 170 meter.
Het CityLife projectIk zal geen poging wagen om een lijstje van beroemde Milanesi te maken, dan wordt dit verhaal veel te lang voor zover het dat nog niet is

De stad is op sportgebied vooral bekend om haar twee Europese voetbalgrootmachten: AC Milan (17x kampioen, 5x Coppa Italia, 7x EC1/CL en 2x ECII) en Internazionale dat gisteravond voor de vierde keer op rij en 17e keer in totaal (evenaring van Milan dus) kampioen van Italië werd, het won ook 5x de Coppa Italia, 2x de EC1 en 3x de UEFA Cup. Geen enkele andere stad heeft meerdere winnaars van de EC1 of CL geleverd. Beide clubs spelen in het Stadio Giuseppe Meazza waar plaats is voor ruim 80.000 mensen. Giuseppe Meazza was een Milanese voetballer die in de jaren '30 furore maakte bij Inter en wereldkampioen werd met Italië in 1932 en 1936, hij speelde ook even voor Milan maar is bovenal toch een Inter icoon, veel Milan fans refereren dan ook liever naar hun stadion als San Siro, naar de wijk waarin het ligt. Andere grote voetballers uit Milano zijn oa. Giuseppe Bergomi (jarenlang het icoon van Inter, de verdediger werd wereldkampioen in 1982), Walter Zenga (Inter doelman, tegenwoordig trainer van Serie A club Catania) en Paolo Maldini (hét icoon van Milan, de verdediger speelt al in het eerste sinds 1984 en is recordinternational met 126 interlands). De stad bracht vele Olympische kampioenen voort waaronder de succesvolste schermer aller tijden Edoardo Mangiarotti die maar liefst zes keer Olympisch goud won. De bekendste sporter, buiten de voetballers, is echter Alberto Ascari. Ascari was de eerste F1 piloot die het wereldkampioenschap binnenhaalde voor Ferrari in 1952, een jaar later won hij weer met het nog altijd bestaande record van negen opeenvolgende Grand Prix zeges, bovendien werd hij daarmee de eerste meervoudige wereldkampioen. In 1955 overleed Ascari twee weken na een zwaar ongeval in de GP van Monaco, inmiddels rijdend voor Lancia.
Op wielergebied is Milano vooral bekend als de stad waar de Giro d'Italia traditioneel eindigt, maar de grootste (Milano-Sanremo) en oudste (Milano-Torino) wielerklassiekers gaan ook van start in de modestad terwijl de Giro di Lombardia ook vaak hier gestart en gefinisht is.
Ondanks alles heeft deze enorme stad relatief weinig topwielrenners voortgebracht, zo kwam er nog nooit een Giro-winnaar uit Milano, wel uit de provincie: Carlo Galetti (1910,1911), Carlo Oriani (1913) en Gianni Motta (1966). Grootste namen uit de stad zijn de pistier Antonio Maspes (7-voudig wereldkampioen sprint, velodroom van Milano is naar hem vernoemd) en Cesare Brambilla (winnaar Giro di Lombardia 1906), de bekendste actieve renner is Luca Paolini (Aqua e Sapone) die niet mee mocht doen in deze Giro. Slechts één renner uit de provincie doet wel mee, het voormalige toptalent Marco Marzano van Lampre. Davide Vigano (Fuji-Servetto) komt uit de provincie Monza e Brianza, een provincie die zich onlangs heeft afgescheiden van Milano.
Inmiddels zijn er 81 aankomsten in Milano geweest, lang niet altijd als slotrit overigens. De Giro is al vaak in andere steden aangekomen en in 1975 kwam men zelfs aan op de Stelvio! De laatste keer dat Milano niet de slotrit mocht verwelkomen was in 1989, toen kreeg Firenze de eer die dit jaar aan de Italiaanse hoofdstad Roma is toebedeeld.
De succesvolste renner in Milano is Mario Cipollini met vijf zeges in de Lombardische hoofdstad, gevolgd door Alfredo Binda en Alessandro Petacchi die elk drie keer het zegegebaar mochten maken. Gerben Karstens (1973) is de enige Nederlander die hier won, vorig jaar was Marco Pinotti de beste in de afsluitende tijdrit.
![]()
![]()
De Milano Show 100 begint voor de deur van de Duomo om na 800 meter bij het Piazza Castello het lokale circuit op te draaien, waar de show voor het Castello Sforzesco officieel van start gaat om 13.35. Na 11.4km komt het peloton voor het eerst langs de traditionele finish op de Corso Venezia, waarna nog tien rondjes van 15.4 kilometer door het historische centrum van de Milano volgen.
Over de uitkomst valt weinig te speculeren, een Koninklijke massasprint met Alessandro Petacchi en Mark Cavendish als favorieten is zo goed als onvermijdelijk, wellicht dat Edvald Boasson Hagen na zijn bijzondere prestaties van de laatste dagen een vervolg kan geven op zijn 22e verjaardag.