Dit moest ik even met jullie delen
![]()
!
quote:
Mozes en de herder
''Onderweg hoorde Mozes het gebed van een herder:
"O God, waar ben je ?
Laat mij je dienaar zijn zodat ik je schoenen kan strikken,
Je haar kammen, je kleren wassen, je ontluizen,
Je melk brengen en je handjes kussen
Als het bedtijd voor je is.
Ik zal je kamer vegen en alles schoonhouden.
O God, mijn schapen en mijn geiten , van jou zijn ze".
Mozes had het niet meer:
"Tegen wie denk je dat je het hebt?" De herder:
"Ik heb het tegen degene die ons, de aarde en de hemel gemaakt heeft".
Waarop Mozes zei:
"Wat praat je dan over sokken en schoenen!
Hoe durf je het te hebben over handjes!
Wat een godlasterende taal!
Bewaar dat voor je familie.
Heeft God voeten om te lopen?
Hou je schoenen en sokken voor jezelf,
Melk is voor een zuigeling,
Niet voor God die als een Zon in ons midden staat."
Waarop de herder in berouw verzonk,
Zijn kleren scheurde en zonder een woord
De woestijn in trok
Daar sprak een stem in Mozes, de stem van God:
"Dienaar van me, waarom heb je mij verlaten?
Kwam je als profeet om bijeen te brengen,
Of om uit elkaar te halen?
Zet geen stap richting scheiding,
Want dat is hetgeen ik het meest veracht.
Ieder kreeg een eigen manier
Om zich uit te drukken
Wat slecht is voor de een,
Is goed voor de ander.
Onreinheid, onzuiverheid?
Ik sta er boven.
Bidden?
De een loopt de kantjes er vanaf,
De ander draaft te ver door.
Wat zou ik me eraan storen?
Je denkt toch niet dat ik de mens
Eredienst en gebed gaf
Om er zelf beter van te worden?
Nee, ik gaf het als geschenk.
Laat hindoe, moslim, sikh of christen
Bidden naar eigen god en gebod.
Niet ik word er beter van,
Maar zij die bidden.
Stralen zullen ze.
Niet hun woorden zijn het gebed,
Maar hun nederigheid.
Laat die taal toch zitten,
Het gaat immers om het hart!
Wrijf het de minnaar niet aan.
Zijn 'foute' taal is honderd maal beter
Dan de 'correcte' taal van anderen.
Als je in de Ka’aba bent,
Maakt het niet uit in welke richting
Je gebedskleed ligt!
De religie van de liefde heeft geen wetten of geboden,
Slechts God."''
Rumi