Voor de liefhebbers:
quote:
ELASTICITEITEN
Ev = procentuele verandering van de hoeveelheid/ procentuele verandering van de prijs
Ev = DELTAq/DELTAp x p1/q1
Als Ev < -1 --> elastische vraag
Als Ev > -1 --> inelastische vraag
Elastische vraag--> als er een prijsdaling is, zal de totale opbrengst groter worden, en is er een prijsstijging dan zal de totale opbrengst kleiner worden.
Inelastische vraag--> als er een prijsdaling is, zal de totale opbrengst dalen, en is er een prijsstijging dan zal de totale opbrengst stijgen.
OVER WERKLOOSHEID
Er zijn grofweg 2 soorten werkloosheid te onderscheiden, namelijk conjuncturele
werkloosheid, die ontstaat door onderbesteding en werkloosheid, die ontstaat ongeacht de
stand van de conjunctuur, namelijk werkloosheid die te maken heeft met de inrichting van de
productiestructuur en veranderingen daarin, de zogenaamde structurele werkloosheid. Van
deze laatste zijn diverse soorten te onderscheiden, b.v. frictiewerkloosheid.
Soort werkloosheid; oorzaak; mogelijke oplossing
1. Conjunctuurwerkloosheid; onderbesteding; bestedingen opvoeren, b.v. belastingverlaging (C omhoog), renteverlaging (I omhoog), overheidsbestedingen omhoog (Oo omhoog), stimuleren export (E omhoog).
2. Structuurwerkloosheid; divers; zie hieronder
a. Frictiewerkloosheid; ondoorzichtigheid arbeidsmarkt; snellere sollicitatieprocedures, betere arbeidsbemiddeling door arbeidsburo’s
b. Seizoenswerkloosheid; seizoensgebonden producties; bijscholing, technische ontwikkeling
c. Kwalitatieve structuurwerkloosheid (kwaliteit arbeider te gering); onvoldoende scholing, regionale verschillen, te geringe mobiliteit; her-, om - en bijscholing, reiskostensubsidies, verhuiskostensubsidies
d. Kwantitatieve structuurwerkloosheid (hoeveelheid arbeidsplaatsen te gering); onvoldoende kapitaalvorming, te kleine capaciteit, te groot arbeidsaanbod, fusies, internationale concurrentie, automatisering; meer economische groei, arbeidstijdverkorting, afremmen arbeidsaanbod, verkleinen van de wig, meer overheidsbanen maken, loonkostensubsidies
e. Werkloosheid minder geschikten; minder validen; meer sociale werkplaatsen, meer aangepast werk maken.
BETALINGSBALANS
1. Goederenrekening -->in- en uitvoer van goederen
2. Dienstenrekening -->in- en uitvoer van diensten
3. Inkomensrekening(Kapitaalopbrengstenbalans) --> Inkomensoverdrachten, betaalde en ontvangen rente en arbeidsinkomen.
4. Kapitaalbalans --> kredieten, effecten transacties en schenkingen
5. Goud en deviezenbalans(Salderingsrekening) --> officiele reserves: bijv. goud
1,2,3= Lopende rekening
1,2,3,4=totale rekening
Salderingrekening wordt gebruikt om boekhoudkundig evenwicht te vormen.
FUNCTIES OVERHEID
-allocatiefunctie --> gaat over de verdeling van de productiefactoren in de economie. Zodanig afstemmen op voorkeuren van de consument. invloed d.m.v. begroting en wetten.
-herverdelingsfunctie --> overheid verdeelt macht, inkomen en kennis op een rechtvaardige manier, d.m.v. belastingen en premies.
-stabilisatiefunctie --> zorgen dat conjunctuur en structuur zoveel mogelijk op elkaar worden afgestemd
ECONOMISCHE POLITIEK
doeleinden:
1. volledige werkgelegenheid
2. stabiel prijspeil
3. evenwichtige betalingsbalans
4. evenwichtige groei
5. rechtvaardige inkomensverdeling.
CONSUMENTENGEDRAG
factoren:
1. behoefteschema
2. inkomen
3. prijs van het goed
4. prijs van andere goederen
5. aantal consumenten