quote:
Enorme zedenzaken komen aan het licht: 'Alsof we doos van Pandora openen'
Online seksueel misbruik van minderjarigen was in 2025 een urgent en almaar groeiend probleem. De omvang van sommige zedenzaken is zo groot dat er in Nederland veel ouders rondlopen die niet weten dat hun kinderen slachtoffer zijn.
Het is 24 maart 2024 als de politie aanklopt bij een huis in Enkhuizen. Het stadje aan het IJsselmeer heeft nog geen 20.000 inwoners en iedereen kent elkaar. Zo ook Winston A., de dan 26-jarige vrijwilliger bij lokale voetbalclub S.V. Enkhuizen. Hij weet direct waarom de agenten aan zijn deur staan. A. leidt ze naar zijn slaapkamer, waar de agenten zijn gegevensdragers in beslag nemen.
Als de politie het wachtwoord van A. invoert, ontvouwt zich een netwerk van mapjes met de namen van de bijna vijfhonderd slachtoffers die A. heeft gemaakt. Het gaat om jonge jongens die in contact dachten te staan met een meisje. Het aantal afbeeldingen dat A. heeft opgeslagen overstijgt de miljoen.
De zaak is geen uitzondering, weet Lidewijde van Lier. Zij is zedenspecialist bij de politie. "Het begint soms met één melding en als we dan gegevensdragers doorzoeken, is het alsof we de doos van Pandora openen."
Exacte cijfers over het aantal zaken van online seksueel misbruik dit jaar ten opzichte van eerdere jaren zijn niet bekend. Toch leeft er bij de zedenpolitie geen twijfel dat het er meer geworden zijn. En als het gaat om seksueel geweld, is wat ze zien nog maar het topje van de ijsberg.
Twijfel over het wel of niet benaderen van slachtoffers
De omvang van dit soort zedenzaken en de beschikbaarheid van zedenrechercheurs zorgt ervoor dat de rechercheurs voor het dilemma komen te staan wie van de slachtoffers ze wel en niet gaan identificeren en benaderen.
"We weten ook niet wat beter is", vervolgt Van Lier. "Het kind en de ouders informeren dat ze slachtoffer zijn, of juist niet. Het kan heel veel teweegbrengen als er plots politie aan de deur staat."
A. werd in december van dit jaar veroordeeld tot vijf jaar cel en tbs. Een maand voor zijn veroordeling dient zich een soortgelijke zaak aan. Kevin B. wordt ervan verdacht 195 meisjes seksueel te hebben misbruikt en afgeperst, sommigen van hen niet ouder dan tien jaar. De handelingen waartoe ze zijn gedwongen zijn schokkend.
De trieste conclusie is dat ook dit soort zaken geen uitzondering meer zijn. "De ernst van de zaken zien we echt toenemen", aldus Van Lier. "Als je kijkt naar de aard van het beeldmateriaal dat we tegenkomen, gaat dat ons voorstellingsvermogen echt te boven." In deze specifieke zaken, waarin ook sprake is van sadistisch materiaal, blijken de daders vaker leeftijdsgenoten van hun slachtoffers te zijn.
Verder lezen op:
NU.nl"
Kevin B. wordt ervan verdacht 195 meisjes seksueel te hebben misbruikt en afgeperst, sommigen van hen niet ouder dan tien jaar. De handelingen waartoe ze zijn gedwongen zijn schokkend."
Met het oog op de laatste paragraaf van het volledige artikel, vraag ik me af of we misschien iets te hard zijn geweest voor de pedojagers. Maar goed, je mag niet voor eigen rechter spelen, maar hoe kunnen we dit anders oplossen? Hardere straffen voor de plegers? Digitale opvoeding op scholen om dit soort zaken te voorkomen en ouders beter informeren over online risico's? Meer internationale samenwerking? Een combinatie van maatregelen?