Het idee dat daten werkt als een “markt”, waarin mensen een vaste waarde hebben en waarin vooral mannen uiteindelijk “kiezen”, wordt vaak gepresenteerd als realistisch. In werkelijkheid is dit geen neutrale beschrijving van hoe daten werkt, maar een gedragsmatig conditioneringsscript.
Dat script leert vooral vrouwen het volgende:
verlaag je standaarden
verhoog je tolerantie
accepteer instabiliteit als volwassenheid
stop met evalueren en begin met aanpassen
zie afwijzing als bewijs dat jij tekortschiet
Gedragswetenschappelijk gezien is dit geen gezonde datingdynamiek, maar overlevingsgedrag. Het traint mensen om onzekerheid te verdragen in plaats van wederkerigheid te eisen.
Waarom dit problematisch is (gedragskundig gezien)
Dit narratief verschuift de focus structureel:
van onderscheidingsvermogen naar zelfverwijt
van grenzen naar over-tolerantie
van wederzijdse selectie naar eenzijdige beoordeling
van heldere verwachtingen naar ambiguïteit
Zinnen als “soms voldoe je gewoon niet” lijken objectief, maar functioneren als schaamte-prikkels: ze sturen mensen aan om zichzelf te corrigeren in plaats van de dynamiek te beoordelen.
Als iets niet werkt, wordt impliciet aangenomen dat jij je moet aanpassen, niet dat er sprake is van mismatch, vermijding of gebrek aan inzet. Dat is geen evidence-based benadering, maar compliance-training.
Mensen hebben geen vaste “marktwaarde”
Vanuit gedragswetenschap klopt het idee van een vaste datingwaarde niet. Mensen zijn geen producten met een statische ranking. Aantrekking en binding zijn contextueel en contingent. Mensen reageren op:
consistent gedrag
emotionele beschikbaarheid
gedeelde waarden
betrouwbaarheid over tijd
levensfase en bereidheid
Afwijzing is simpelweg geen bekrachtiging in die specifieke context, geen oordeel over iemands waarde.
Hoe vermijding wordt vermomd als autoriteit:
Door mannen neer te zetten als “de markt” en vrouwen als “aanvragers”, wordt vermijdend gedrag herverpakt als macht:
degene die vaag blijft, lijkt de beoordelaar
degene die duidelijkheid vraagt, wordt “te veel” genoemd
Ambiguïteit is hierbij geen toeval, maar functioneel:
verwachtingen blijven vaag
normen worden rekbaar
duidelijkheid wordt als druk geframed
gebrek aan commitment wordt “realistisch” genoemd
Zo blijft één persoon toegang houden zonder verantwoordelijkheid te nemen, terwijl de ander wordt aangespoord om te blijven investeren.
Wanneer iemand meer wil, verschuift de norm:
“je gaat te snel”
“zo werkt daten nu eenmaal”
“wees blij met wat er is”
“commitment komt later”
Toekomstbeloftes (“dit zou ergens heen kunnen”) fungeren als emotionele beloning zonder huidige inzet. Dat houdt het systeem in stand: ambiguïteit + geruststelling + schuldverschuiving.
Lage inzet is geen tijdgebrek, maar prioriteit
Mensen die wel energie hebben voor vrienden, hobby’s en ontspanning, maar niet voor duidelijkheid of follow-through in daten, missen geen capaciteit, ze maken een selectieve keuze.
Gezond daten is wederzijdse selectie
Gezonde paarvorming vraagt:
wederkerigheid
duidelijke verwachtingen
consistent gedrag
emotionele beschikbaarheid
inzet over tijd
Elk model dat één groep aanleert om standaarden te verlagen en tolerantie te verhogen in reactie op inconsistentie, beschrijft geen realiteit — het conditioneert mensen om in slechte dynamieken te blijven.
Conclusie:
Je vraagt niet te veel.
Je vraagt het misschien van de verkeerde persoon.
Ambiguïteit, vermijding en gebrek aan inzet zijn geen tekenen van volwassen daten. Ze zijn signalen van misalignment of onbereidheid.
Vrouwen (en mannen) hoeven zichzelf niet kleiner te maken om aantrekkelijker te zijn. Ze mogen evalueren, afwijzen en doorgaan zonder hun eigenwaarde ter discussie te stellen.
Hetzelfde zie je ook bij toxische werkgevers die je behandelen alsof jij dankbaar moet zijn, terwijl zij ondertussen profiteren van je werk.