De mini-Strade Bianchi zit er weer op en we hebben met Pelayo Sanchez de tweede winnaar uit de vlucht op rij. Ditmaal verrekende het peloton zich niet, het interesseerde ze gewoon wat minder. Toch was het verschil aan de meet nog steeds slechts een handjevol seconden.
Al bij al zagen we best een leuke heuvelrit, maar gezien de exploten van Pogacar in Luik en de echte Strade, zal niemand van de schaduwfavorieten gedacht hebben dat hier wat te halen viel (en waar eigenlijk wel?) en dus werd er niets ondernomen, behalve een strak tempo om voor de problemen uit te blijven. Al bij al was de rit een voetnoot in de geschiedenis voor het klassement, maar niet voor de dagwinnaar: Pelayo.
Hij klopte Alaphilippe in een sprint na een vermakelijke finale waarin een kopgroep van 7 werd gefilterd tot 3, met Plapp als derde wiel aan de wegen. Plapp kan niet sprinten, zoals we ook recent nog zagen in die rit die Nys won, dus moest hij het ergens anders vandaan halen. Dat leek te lukken toen Pelayo zichzelf als Juju bij een rotonde bijna uitschakelde, en hoewel die tweede zichzelf opblies om het gat met Plapp te dichten, wist Pelayo toch alles weer bij elkaar te brengen. Je hebt winnaarsbenen of je hebt ze niet, en hij had ze.
Een overtuigende zege in de sprint tegenover de man die nog niet zo heel veel jaren geleden Van Aert en Van der Poel er nog op kon leggen in sprintaankomsten. De tweevoudig wereldkampioen lijkt iets te missen de laatste jaren, erg mysterieus. Misschien komt het ooit nog terug, Cofidis heeft naar het schijnt een droomplan en een zak geld klaar kliggen.
Wat brengt de dag van vrijdag ons? Op de brugdag der brugdagen, schotelt de Giro-organisatie ons een tijdrit voor van maarliefst 40 kilometer. Bij de ASO verslikten ze zich in hun calvados toen ze dit zagen, maar de Giro doet het gewoon. Het is niet de supertijdrit zoals we die begin van het vorige decennium regelmatig zagen, waar de winnende tijd het uur aantikt, het is geen Treviso - Valdobbiadene, maar het is ook weer niet niks.
Foligno-Perugia (ITT) - 40,6km ![baBQpH9w9p7a9lT94kJD_240424-081521.jpg]()
![9WVVlgKCwSZlHHvvcbl8_240424-081442.jpg]()
Wat valt er te zeggen over deze tijdrit?
We rijden op het oog een beetje door een dalletje. Links en rechts van de weg liggen enkele duidelijke verhogingen in het landschap die we niet aan gaan doen, we rijden licht glooiend langs enkele onbeduidende plaatsjes richting het noord-westen - de enige uitzondering op hierop is rond kilometer 4-5 wanneer de renners even een stukje de andere kant op moeten fietsen, om vervolgens hun kompas weer dezelfde richting op te draaien.
In
Santa Maria Degli Anglia (18,6 km) ligt een meetpunt waar we verblijd kunnen worden met tussentijden. Als de voorbije dagen een indicatie geven, dan zullen de tijdswaarmeningen in Santa Maria ongeveer doorsijpelen wanneer de renner de finish passeert. Als schaatsfan ben ik natuurlijk groot fan van tussentijden en heb ik een natuurlijke afkeer van de live-teller die ook in beeld is. Zet gewoon elke 5 kilometer een klok neer en speel die tijden door. MyLaps kan dat in Nederland ook voor elke evenement waar kalende veertigers hun 5 kilometer hardlooprecord proberen te verbeteren, maar bij een van de grootste wielerevenementen zijn er 2 misschien 3 meetpunten mogelijk en als je pech hebt liggen die ook nog eens op de meest onlogische plekken.
Na wat lijkt een eeuwigheid over dezelfde wegen in dezelfde richting, doorbreken de renners na iets meer dan 30 kilometer met een bocht naar rechts de sleur. Even verderop ligt de waarneming op de
Ponte Valleceppi (34km), wat ook de voet markeert van de klim die komen gaat. We eindigen namelijk met een colletje van de vierde categorie, de klim naar Perugia; er zijn inderdaad bergpunten te verdienen, Rick Zabel zal balen dat hij hier niet aan de start staat.
Nu hoor ik je denken: Toe maar, een klim van 6 kilometer op het einde. Nou, ja, dat is dus niet echt het geval. Er is eigenlijk een klim van iets meer dan 1 kilometer waar een groot deel van de hoogtemeters worden gewonnen:
![DrtWRCNvWu8uDsWhpvt5_260424-090240.jpg]()
Maar ook aan het einde loopt het nog steeds wat op:
![RjUfCmhAywWqm2ICoSyI_170424-083434.jpg]()
Dubieus verhaal. De RCS heeft de GPM bij de finish gelegd, maar op de site van de Giro is de klim slechts 1,3 kilometer lang en zou het stuk daarna dus vooral een soort oplopende uitloper zijn. Hoe het ook zij, omdat er dus een klimmetje aan het einde is, is er bij het eerder genoemde tijdswaarnemingspunt ook ruimte gereserveerd voor de aller- aller- allerleukste gimmick van deze tijd in het wielrennen: De fietswissel. Ik verheug me al op de speculaties over wie er gaan wisselen en wie niet.
Nog even de weersverwachting. Een prachtig zonnetje en een heerlijke 20 graden natuurlijk. Hoe kan het ook anders in het land van goed eten, lekkere wijnen, dolce vita.
Wie wint dit spel?
1. Ganna. Is in uitstekende vorm en reed ook erg goed dat steile ding op in Etappe 1. Kan ook heel goed tijdrijden, hoewel het er dit jaar nog niet echt uitkwam zoals we van hem gewend zijn.
2. Pogacar. Kan ook heel goed tijdrijden. De vlakke aanloop zou hem op moeten breken ten opzichte van Ganna.
3. Thomas Geraint. Ja, ik zit er ook niet op te wachten.
4. Mikkel Bjerg. Zie Thomas.
5. Magnus Sheffield. 3x INEOS met 5 kanshebbers?! Is dat niet wat veel? Nou, ik had hier ook Arensman of plofkop Foss kunnen plaatsen, dus het is misschien zelfs nog weinig.
[ Bericht 1% gewijzigd door VoMy op 09-05-2024 19:09:44 ]