abonnement iBood bol.com Vodafone Ziggo Coolblue
  Moderator dinsdag 27 oktober 2020 @ 02:17:40 #1
198822 crew  Rellende_Rotscholier
Robbertje matten met de wouten
pi_195877151
Etapa 7: Vitoria-Gasteiz - Villanueva de Valgedovia, 159,7 km

Veel mensen hadden het niet in de gaten, maar tijdens de laatste week van de Giro is de Vuelta al begonnen. Die Giro werd overigens gewonnen door Tao Geoghegan Hart, in de slottijdrit die spannend had moeten zijn maar het niet was rekende hij af met Hindley, waardoor we eigenlijk weer terug bij af zijn. Wordt de Tour een keer niet gewonnen door iemand van Ineos, lukt het ze wel voor het eerst in de Giro. Met een renner van de tweede rij ook nog eens, we zijn nog lang niet van die ploeg af. Ook in de Vuelta zijn we nog lang niet van de Grenadiertjes af. De eerste rit, in het fantastische Baskenland, eindigde boven op Arrate. Een lastige aankomst, heel veel renners verloren meteen een hoop tijd. Na een slimme aanval in de laatste kilometer won Primoz Roglic de eerste rit, de gedachte was toen toch wel dat hij van de eerste tot de laatste dag het rood zou dragen. De tweede rit, in het fantastische Navarra, werd dan weer gewonnen door Marc Soler. De altijd wisselvallige Marco had een wonderdag. Bergop reed hij lang op kop van de groep der favorieten, die steeds kleiner werd. Knechten voor Valverde en Mas, dat was eigenlijk het idee. Maar toen hij in de afdaling richting Lekunberri de aansluiting vond bij de groep ging hij meteen in de aanval. Want ja, voor je eigen kansen gaan is nu eenmaal veel leuker. Ondanks werk van de mannen van Jumbo zagen ze hem niet meer terug, het was pas de tweede overwinning van het jaar voor Movistar. Op de derde dag werden we weer geconfronteerd met bergen, ditmaal een aankomst bergop bij Laguna Negra. Het werd een sprintje bergop tussen de favorieten, gewonnen door een bijzonder sterke Dan Martin. Hij was Roglic en Carapaz net te snel af, na drie dagen konden we wel concluderen dat die drie ook wel de sterkste renners in koers waren. Op de vierde dag gingen we voor het eerst sprinten. In de slotkilometer deed Philipsen z'n best om de rest te verrassen, maar Sam Bennett liet dat niet gebeuren. Een overwinning voor Quick Step, uiteraard. De vijfde rit was dan weer de eerste rit voor de vluchters. Wellens had het al een aantal keer geprobeerd en nu lukte het uiteindelijk, tot grote vreugde van Renaat en José. In het peloton zagen we in de laatste kilometer een klein valpartijtje met Dan Martin als grootste slachtoffer, maar daar leek hij een dag later niet veel last van te hebben.

Voor de rustdag trokken we niet naar de Tourmalet, zoals oorspronkelijk de bedoeling was. In plaats daarvan gingen we naar Aramon Formigal. Op papier een enorme kutklim, maar om een of andere reden gebeuren er altijd gekke dingen in Formigal. Dat was eergisteren niet anders. Het werd een verregende, koude rit. Een grote kopgroep reed vrij snel weg, met in die kopgroep onder meer de broertjes Izagirre. Gorka en Ion waren goed voorbereid, enige terreinkennis is geen overbodige luxe. Als het regent in de Pyreneeën is het automatisch koud, zo wist Ion te vertellen. Ze lieten zich dus niet verrassen, in tegenstelling tot sommige andere renners. Lang leek er niets te gebeuren. Kopgroepje reed gezellig samen, in het peloton zagen we ook niet veel actie. De voorlaatste klim van de dag, de Cotefablo, zorgde ook niet voor veel spanning en sensatie. Roglic had het wel bijzonder koud op de klim, hij besloot maar eens een jasje aan te trekken. Dat lukte alleen niet zo goed. In de afdaling van de Cotefablo ging in de kopgroep Gorka Izagirre in de aanval. Als veldrijder is Gorka natuurlijk bestand tegen de koude temperaturen, bovendien kan hij wel omgaan met regen. Een van de betere dalers van het peloton, liet hij maar weer eens zien. Pakte bijna een minuut voorsprong op de achtervolgers in de afdaling alleen al en besloot toen het lange stuk vals plat richting Formigal in z'n eentje af te werken. De beelden van het peloton waren onduidelijk. We zagen een paar mannetjes van Ineos hard op kop rijden in de natte en bochtige afdaling. Op een gegeven moment zagen we geen mannetjes van Jumbo meer, al was het sowieso moeilijk te zien door alle regenjasjes. De regie was ook niet echt mee, het duurde een eeuwigheid voordat duidelijk werd dat Roglic daadwerkelijk de slag gemist had. Door het gekloot met het jasje was hij in de afdaling steeds verder afgezakt in het peloton, toen er door het hoge tempo van Ineos breuken ontstonden was hij de lul. De hele ploeg werd opgerookt om hem terug te brengen, wat amper lukte. Het laatste gat moest hij zelf dichtrijden, wat hem de nodige energie heeft gekost. Zodra Movistar in de gaten had dat Roglic foetsie was reden ze lekker hard op kop, het blijft toch een harde sport hè.

De weg naar Formigal blijft eindeloos vals plat omhoog lopen. Op dat eindeloze vals plat kwamen de achtervolgers steeds iets dichter bij Gorka Izagirre, maar hij liet zich niet inlopen. Een ideale situatie voor broer Ion. Die kon een beetje in de wielen hangen, af en toe de achtervolging verstoren en verder vooral z'n krachten sparen. Toen Gorka uiteindelijk toch werd teruggepakt door de achtervolgers, onder meer Rui Costa, Michael Woods, Michael Valgren en Guillaume Martin, zette hij zich op kop van dat groepje. Alles voor Ion, broederliefde kan mooi zijn. Op drie kilometer van het eind besloot Ion Izagirre aan te vallen, hij sloeg meteen een groot gat. Ze zagen hem niet meer terug. Een prachtige Baskische overwinning, door de regen en de mist. Ion voegt zich daarme ook in een illuster rijtje. Er is wat discussie over het exacte aantal, maar hij is de 100e of de 101e renner die in alle grote rondes minstens één rit weet te winnen. In 2012 won hij een rit in de Giro, in 2016 een in de Tour en nu in de Vuelta, hij moet nog even doorgaan tot 2024 dus. In de Tour won hij overigens ook al in de stromende regen, specialiteit van het huis. Na een mislukte Tour door een valpartij een mooie opsteker. Achter de koplopers gebeurde er ook een boel. Op het steilere deel van Formigal gingen allerlei renners in de aanval. Roglic had alleen nog Bennett bij zich, de rest van de ploeg was eerder al opgerookt. Bennett kon niet overal op reageren, en ook Roglic had niet veel meer in de tank. De meeste aanvallen vonden buiten beeld plaats, maar vooral Soler, Carapaz en Carthy maakten een sterke indruk. Carapaz is ook wel gewend om in de regen en de kou te fietsen, maar vooral Carthy was verrassend sterk. Met dat uitgemergelde lichaampje de sterkste zijn in een koude en natte rit, we moeten serieus rekening gaan houden met de volgende Britse overwinning. Al staat Carapaz voorlopig in het rood, hij neemt de leiderstrui over van een bevroren Roglic. De Sloveen moest bijna iedereen laten gaan, alleen Mas kon hij achter zich houden, van de heren van betekenis. Mas sprak dan weer van een van zijn koudste dagen ooit op de fiets, een dag die hij en waarschijnlijk de rest van het peloton niet snel gaat vergeten. Het had beter in beeld gebracht kunnen worden, maar vermakelijk was het alsnog. Ook een sterke prestatie van Gaudu, terwijl Martin gelukkig liet zien niet veel last te hebben van die valpartij. Toch opvallend dat zo'n matige klim weer voor koers weet te zorgen, al hadden we daar in dit geval vooral het weer en een klungelende Roglic voor nodig.

Mede door een nieuwe memorabele aankomst boven op Aramon Formigal is de Vuelta extra spannend geworden. Carapaz staat aan de leiding, 18 seconden voor Hugh Carthy en 20 seconden voor Dan Martin. Roglic volgt nu op een halve minuut, Jumbo moet na een kapitale blunder uit een ander vaatje gaan tappen. Kuss is helemaal weggevallen uit het klassement. Wat voor de rustdag gebeurde mag volgens Niermann nooit gebeuren, maar dit soort amateuristisch geneuzel komt toch verrassend vaak voor bij Jumbo. Blijft toch ONZE boerenkoolploeg, voor de rustdag zonder jus. Wel met azijn. Na de rustdag gaan we beginnen aan de tweede week, hopen we in ieder geval. Altijd maar afwachten hoe het coronatechnisch zit. Als alles goed gaat bevinden we ons direct na de rustdag in het altijd fantastische Baskenland, terug waar alles begon. De dag daarna krijgen we weer te maken met een aankomst bergop, we gaan voor het eerst naar Moncalvillo. Daarna gaan we naar Aguilar de Campoo, waar de sprinters weer eens aan zet zijn. De volgen rit, met aankomst in Suances, is weer meer wat voor de vluchters, of de puncheurs. Daarna gaan we naar Asturië, waar we zo ongeveer alle bekende beklimmingen af gaan werken. Eerst naar La Farrapona, met onderweg onder meer de Cobertoria en San Lorenzo. Daarna sluiten we de tweede week af met de Angliru, de naam van de steeds beter fietsende Wout Poels heb ik al een tijd genoteerd. Voor we daar zijn dus eerst weer een rit in het Baskenland. Van Vitoria-Gasteiz over de legendarische Puerto de Orduña naar een klein dorpje met 150 inwoners. Een rit voor de vluchters, naar wij denken.






Het vlaggetje mag niet ontbreken. Een Baskische ritzege voor de rustdag, na de rustdag bevinden we ons in de Baskische hoofdstad. Na Bilbao is Vitoria-Gasteiz met 230.000 inwoners de grootste stad van Baskenland. Het is tevens de hoofdstad van de provincie Álava, die we in het Baskisch Araba noemen. Vitoria is de Spaanse naam van de stad, Gasteiz de Baskische. Het is een stad waar veel bekende renners geboren zijn, sympathiek en minder sympathiek. Met Igor Gonzalaz de Galdeano en Victor De la Parte heb ik bijvoorbeeld niet zo gek veel. Ook voormalig brokkenpiloot Koldo Fernandez is van Gasteiz. Tegenwoordig is hij de rechterhand van Giuseppe Acquadro in Spanje, Eus en ik zijn dus geen fan. Nee, dan liever Jon Aberasturi, Oier Lazkano en Mikel Landa. Hoewel het eigenlijk niet goed is om Landa toe te schrijven aan Gasteiz, we gaan tijdens deze rit zijn daadwerkelijke woonplaats nader inspecteren. Jon Aberasturi is aanwezig in de Vuelta, het wordt dus een prachtig begin van de rit voor hem. Ibon Ruiz is ook een jongen uit Vitoria-Gasteiz die we in de gaten moeten houden, misschien zien we hem volgend jaar wel in de Vuelta namens Kern Pharma. Vorig jaar reden we al door Gasteiz, toen we op weg waren van het Circuito de Navarra naar Bilbao. Een laatste vertrek in de stad dateert van 2015, toen gingen we naar Alto Campoo, ver buiten het Baskenland. In het verleden kwam de stad vaker voor in de Vuelta, zoals alle grote Baskische steden bijna jaarlijks figureerden in die tijd. In 1972 kwam er een rit aan, die werd gewonnen door Agustín Tamames, een renner die ooit nog de Vuelta heeft gewonnen. Ook een renner die ooit in Formigal wist te winnen, die klim speelde zelfs in de jaren '70 wel eens een grote rol. In 1970 was er een overwinning voor de Belg Willy In 't Ven, goed nieuws voor Renaat en José. Een jaar eerder won de Spanjaard Gregorio San Miguel dan weer. Dezelfde San Miguel won twee jaar daarvoor ook al in Vitoria. In die tijd kwam de stad ieder jaar voor in de Vuelta. Andere winnaars hier zijn Raymond Poulidor en Rik Van Looy, om er maar een paar te noemen. Zo kan een mens wel even doorgaan, als je alle passages in de Itzulia meeneemt ben je helemaal een eeuwigheid bezig. Vorig jaar ging er in die koers ook nog een rit van start in de stad, dit jaar ging het feest helaas niet door.



Wie op een spannende manier iets wil leren over Vitoria-Gasteiz doet er goed aan de boeken van Eva Garcia Saenz de Urturi te lezen. Zij werd geboren in de stad, maar verhuisde later naar Alicante. Uit een soort van heimwee of misschien wel weemoed besloot ze een drietal boeken te schrijven over haar geboortestad, een heuse trilogie. Die trilogie begint met De stilste van de witte stad, een boek dat omschreven zou kunnen worden als een toeristische thriller, wat sowieso een beetje het favoriete thema lijkt te zijn van de meeste Baskische schrijvers. Alle hoogtepunten van de stad komen voorbij, verweven met allerlei tradities en gebruiken, terwijl ondertussen de ene na de andere moord wordt gepleegd. Een aanrader, zonder meer. De andere twee boeken staan ook in de kast, maar moeten nog gelezen worden. Vast ook de moeite waard, twijfel ik geen moment aan. Dankzij het eerste boek ken ik toch maar mooi allerlei leuke barretjes en restaurantjes in de stad en weet ik precies welke plekjes ooit vereerd moeten worden met een bezoekje. Ik ben trouwens niet de enige met dat idee, sinds het boek is verschenen schijnen er veel meer toeristen naar de stad te komen. Eva bedankt. Het boek is een aanrader, de gelijknamige film dan weer totaal niet. El silencio de la ciudad blanca is te vinden op Netflix en het is denk ik met afstand de allerslechtste verfilming die ik ooit heb gezien. Razende apenaids van begin tot eind, werkelijk een belediging voor de auteur van het boek. Dit geheel terzijde natuurlijk. Het boek draait voor een groot deel rond het belangrijkste evenement van het jaar in Gasteiz, de feesten van de Witte Maagd. Op het plein van de Witte Maagd gaat men in augustus altijd los, erg gezellig. Deportivo Alaves is de lokale voetbalclub, een van de vijf Baskische clubs die momenteel actief is in La Liga. Toch een prestatie waarvan het belang niet onderschat mag worden. Gasteiz is een belangrijk industrieel centrum, tegelijkertijd schijnt het een van de hoogste levensstandaarden van Spanje te hebben. Dat kan te maken hebben met het feit dat het een enorm groene stad is, met talloze parkjes. Al is dat niet de enige interpratie die we aan het woord groen moeten hangen, zo won Gasteiz vorig jaar de Global Green City Award. Vooral omdat ze zich hier inzetten voor duurzaamheid. Nadat ze al eens European Green Capital waren weer een mooie titel erbij, de zaken gaan goed in Gasteiz. Cultureel gezien schijnen ze hier ook hun best te doen, er zijn talloze culturele centra en volgens Wiki kun je hier gratis een fiets huren en gratis naar de musea. Klinkt goed, het Casa del Cordón schijnt wel een aanrader te zijn bijvoorbeeld.



In de stad komen we maar liefst twee kathedralen tegen, aan een hadden ze niet genoeg. In het middeleeuwse centrum zijn de restanten van een oude ommuring te vinden, voor de mensen die wat moderner ingesteld zijn hebben ze hier dan weer allerlei fraaie murals, met zelfs een speciale route zodat je ze allemaal kunt zien. Ze zijn redelijk vooruitstrevend en innovatief in de stad, dat valt ook wel te merken aan de muziek die hier vandaan komt. Net wat minder traditioneel dan in de rest van het Baskenland. Zo ga ik hierna gewoon even wat Baskische reggaeton droppen, afkomstig uit Gasteiz! Lekker man, niks mis mee, laat gaan man. Over laten gaan gesproken, laten we maar eens gaan beginnen met de rit zelf. Eigenlijk vermoeiend, iets schrijven over het Baskenland. Baskische obsessie loopt een beetje uit de hand. Boekjes, muziek, wielrennen, het houdt niet op.



De rit begint in het zuiden van Gasteiz, niet ver van Mendizorrotza, het stadion van Deportivo Alaves. Na de start rijden we dwars door de stad. We passeren onder meer langs de lokale universiteit en komen ook een aantal parkjes tegen, het is inderdaad een behoorlijk groene stad. Na een tijd rijden we door Betoño, een van de buitenwijken van de stad. Betoño is volledig omgeven door industrieterrein, dat gebied neemt onderhand meer ruimte in dan de stad Gasteiz zelf. We fietsen net niet door Abetxuko, maar het is wel dichtbij. Daarom bij dezen toch ook maar de aansporing richting Caja Rural om Andoni Lopez de Abetxuko snel een contract aan te bieden, ik weet dat jullie meelezen. Die jongen komt ook uit Gasteiz en fietst nu nog voor de opleidingsploeg van Caja Rural, maar hij verdient meer. Enfin, buiten de stad begint de rit officieel en dan komen we terecht op bekende wegen. Vorig jaar reden we ook al door Vitoria-Gasteiz op weg naar Bilbao, de eerste 20 kilometer van deze rit werken we hetzelfde parcours af. Buiten Vitoria gaat het zes kilometer rechtdoor over een brede weg die zo goed als vlak is. We passeren wat dorpjes, zoals Durana en Mendibil. Verder maken we voorlopig weinig mee, maar daar komt na de doortocht in Arroyabe verandering in. Leuk nutteloos feitje erbij, nu we toch bezig zijn: het jonge Colombiaantje Daniel Arroyave zou volgend jaar voor Astana moeten rijden. Die naam, da's geen toeval. Heel veel Colombiaantjes en Zuid-Amerikaantjes in het algemeen hebben Baskische namen. Gaviria bijvoorbeeld, Baskische naam. Aguirre, Ochoa, ga zo maar door. Toch net wat beter dan een willekeurige Spaanse naam, maar afijn. De weg buiten Arroyabe wordt plots een stuk bochtiger, terwijl het ook nog eens twee kilometer aan 3% zal stijgen. Daarna gaat het kort naar beneden, voor de weg weer vlak wordt. We fietsen inmiddels in de buurt van Ullíbarri-Gamboa, langs het gelijknamige stuwmeer. Een buitengewoon fraai gebied, uitermate geschikt voor een fietstochtje. In totaal fietsen we een kilometer of vijf langs het meer, over de bochtige en licht glooiende weg. Halverwege komen we door Uribarri-Ganboa, een klein dorpje dat een vrij tactische ligging heeft. Al kun je hier sowieso weinig verkeerd doen, prima stuwmeertje. Even verderop in Landa ligt er ook een park met een strandje, populaire plaats voor de lokale bevolking.




Voorbij Uribarri-Ganboa rijden we dus nog een tijd langs het meer, waarna we voorbij het meer na 12 kilometer uitkomen in Landa. Prachtige naam voor een dorp natuurlijk, onze Mikel woont alleen een paar kilometer verderop. In Landa, waar liefst 38 mensen wonen, slaan de renners scherp linksaf. Ze zouden hier ook rechtdoor kunnen rijden, dan fietsen ze zo Leintz-Gatzaga binnen. Dat staat zo'n beetje de Madonna del Ghisallo van het Baskische wielrennen, de beschermheilige van de fietsers. Virgen de Dorleta, in tweeën verdeeld. Een standbeeld aan de grote weg, waar ook ruimte is voor allerlei bloemen en kaarsjes. Boven op de heuvel in de kerk hangen dan weer allerlei wielershirts van bekedende renners. We fietsen er net niet langs, maar toch verdacht dicht in de buurt bij weer een heilige plek van het Baskische wielrennen. Na de bocht in Landa rijden de renners zes kilometer verder over licht geaccidenteerd terrein, richting het volgende stuwmeer. Halverwege deze weg slaan we een keer rechtsaf, waarna we een kilometer over een wat smallere weg rijden. Na een nieuwe bocht naar rechts rijden we vervolgens over de snelweg verder richting Legutio, een dorpje langs het stuwmeer van Urruanaga. Voorbij Legutio sloegen we vorig jaar rechtsaf, nu gaan we juist naar links. Hierna rijden de renners vier kilometer over een rechte, brede en vlakke weg. Een bocht naar links volgt, waarna we over een iets smallere weg verder moeten fietsen. Deze weg door het bos is behoorlijk bochtig, het gaat zo nu en dan ook omhoog. Vier kilometer aan 2% gemiddeld, wat vrij weinig zegt aangezien het tussendoor ook een paar keer naar beneden gaat. Zitten een paar steilere stroken tussen, veel stelt het evenwel nog niet voor. We rijden na een tijd door Etxaguen, waar het tijdelijk wat smaller wordt. Vervolgens gaat het vooral rechtdoor over een vlakke en brede weg verder richting Gopegi, waar dan weer een bocht naar rechts volgt. Na deze bocht duiken we kort naar beneden, terwijl we verderop Manurga zien liggen. Richting dit dorp gaat het een kilometer aan 5% omhoog, daarna loopt het drie kilometer verder vals plat omhoog richting Zarate. Een fraaie weg door het bos, prima fietsen hier. Nadat we Zarate zijn gepasseerd dalen we een kilometer of vier af richting Murgia. Het gaat twee kilometer serieus naar beneden, maar de weg is breed, het asfalt goed en lastige bochten zijn er niet echt. Daarna is het twee kilometer zo goed als vlak en vrij recht tot in Murgia, waar ze twee bekende inwoners hebben. Laten we om de spanning op te bouwen beginnen met de minst relevante voor de koers. Unai Simon! Keeper van Athletic Bilbao. Toch wel een bijzonder verhaal. Athletic had een goede keeper, Kepa. Die verkochten ze voor 80 miljoen. Leuk, dat geld, maar wie moet er dan in de goal? Dat bleek Unai Simon te zijn, uit de eigen jeugd. Ondertussen blijkt dat Kepa er niets van kan terwijl Unai Simon een fenomeen is. Voetbal, geen sport natuurlijk. Goed, dan door met de belangrijkste inwoner van het dorp. Mikel Landa, jawel. Net reden we al door het dorp Landa, nu rijden we daadwerkelijk door zijn woonplaats. Landa heeft al sinds 2015 de Vuelta niet meer gereden, wat toch vrij merkwaardig is. Misschien daarom dat ze de route zo hebben uitgetekend dat we door Murgia zouden komen. Mocht niet baten, Landa is er weer niet bij. Raar, maar niets aan te doen. Na de vierde plaats in de Tour had hij nu voor de winst kunnen gaan in de Vuelta, dat had ik erg leuk gevonden. Al vind ik Landa wel een beetje een lullo omdat het toch ook voor een deel zijn verantwoordelijkheid is dat het nieuwe Euskaltel-Euskadi een lachwekkende ploeg is. Samen met Jesus Ezkurdia en Jorge Azanza, de tridente van de onkunde. Desalniettemin staan we volledig achter de renner Landa. Het Landismo is nog steeds springlevend, ik stel voor dat de renners na 39 kilometer koers allemaal met de guidon van onder door Murgia rijden als een ode aan Landani.



Fascinerend hoeveel lullige foto's een mens kan vinden als je zoekt op 'Mikel Landa Murgia'. Dit is mijn favoriet, denk ik. Die arme jongen heeft op zo ongeveer ieder bankje in het dorp al geposeerd, na een tijd kom je dan blijkbaar uit bij dit soort quasi-nonchelante poses op het dorpsplein, met de speeltoestellen op de achtergrond. Enfin, Murgia is niet echt een groot dorp dus we bevinden ons snel weer op het platteland. De eerste 13 kilometer na Murgia is het vrij vlak, maar nooit helemaal. Baskenland, hè? Toch een paar keer op en af, maar nooit heel lang. Wel weer ouderwets hoogtemeters verzamelen. In de eerste vier kilometer buiten Landaland komen we flink wat bochten tegen. We rijden kort de snelweg op, maar verlaten die heel snel weer. Toch een paar keer de oprit op, de afrit af. Als we de snelweg hebben verlaten gaat het vooral rechtdoor verder over een brede weg, het grootste deel van de tijd door een bos. Een prima tocht door het toch iets legere Araba, in vergelijking met Bizkaia en Gipuzkoa. Ook minder groene heuvels hier, het is wat meer uitgestrekt en afgevlakt hier. Al fietsen we wel min of meer langs het natuurreservaat Gorbeia, komt alleen niet echt optimaal in beeld. Gelukkig gaan andere mooie dingen binnenkort wel in beeld komen, we rijden min of meer over een hoogvlakte en gaan binnenkort het einde van dat plateau bereiken. We komen uit bij de top van de Puerto de la Barrarilla, langs de kant van de weg treffen we een bord aan met de mededeling dat het aan 8% naar beneden zal gaan. Vijf kilometer dalen we af, over een behoorlijk bochtige weg. Het gaat gemiddeld aan 6% naar beneden, dankzij een aantal bochten en zelfs een paar haarspeldbochten wordt het toch even opletten. Tijdens de afdaling, in de buurt van de eerste haarspeldbochten, verlaten we de provincie Araba en rijden we Bizkaia binnen. We fietsen richting Orduña, Urduña in het Baskisch, een Bizkaaise enclave. Door de brede weg en het goede asfalt zou deze afdaling toch geen probleem mogen vormen. Eenmaal beneden gaat het een kilometer rechtdoor tot in het centrum van Urduña, waar we na 59,5 kilometer aankomen. In dit plaatsje organiseren ze wel eens een veldrit, vroeger kwam de Emakumeen Euskal Bira hier ook jaarlijks langs, een koers voor de meisjes. In de middeleeuwen was Urduña blijkbaar een belangrijke plaats, mede daardoor zouden ze hier nog steeds het grootste middeleeuwse plein van heel Bizkaia moeten hebben. Verder valt vooral op dat Urduña is omgeven door bergen, overal waar je kijkt zie je ze liggen. Daarom was Urduña ook zo belangrijk, van welke kant je ook kwam, je kwam uiteindelijk wel in deze vallei uit.



Voor we Urduña binnen zouden fietsen slaan we bij een rotonde linksaf, daarna rijden we ongeveer twee kilometer rechtdoor over een brede en vlakke weg die van een aantal rotondes is voorzien. Aan het eind van deze weg ligt de voet van de enige gecategoriseerde klim van de dag, een beklimming die vandaag twee keer de revue gaat passeren. Een berg met een behoorlijke historische significantie, ik heb het over de Puerto de Orduña. Laten we beginnen met de droge cijfers: 7,8 kilometer aan 7,7% gemiddeld. Eerste categorie, alleen al vanwege het verleden. We kijken tegen imponerende rotsen aan, onderweg naar de klim. Even een willekeurige kanttekening tussendoor weer hoor: de profielen van de Vuelta waren in voorgaande jaren altijd dramatisch. Geen touw aan vast te knopen, de kaartjes die een klim moesten omschrijven. Dit jaar zijn ze een stuk beter, het komt zelfs voor een groot deel overeen met de kaartjes van de AltimetriasGoden. Applaus, driewerf hulde en genot. Zodra de weg omhoog begint te lopen komen we meteen in een bochtige fase terecht. De brede weg stijgt direct aan 7%, in de kilometer daarna gaat het zelfs aan 8% omhoog. Het zicht op de formidabele bergtoppen wordt ons tijdelijk ontnomen door de bomen, maar het blijft een fabelachtig mooie klim. Via zeven haarspeldbochten werken we ons verder omhoog, we komen na een kilometer aan 8,5% een kilometer aan 7,5% tegen. Daarna wordt het alleen maar lastiger richting de top, in de laatste vier kilometer wordt het helemaal lastig. Van 8,5% gaan we naar 9%, daarna zelfs naar 9,2%. We bereiken dan eigenlijk al de top van de Puerto de Orduña, we verlaten nu zowaar tijdelijk het Baskenland. Op de top zijn we in Castilië en Leon, provincie Burgos. In de provincie Burgos loopt het nog een kilometer slapjes verder omhoog aan 4%, nadat we aan het eind van het steile deel nog een paar haarspeldbochten tegenkwamen. Daar konden we ook het mooiste uitzicht tot nu toe meepakken, de bomen verdwenen en het zicht op Urduña en omstreken strekte kilometers ver. Na 67 kilometer koers hebben we voor het eerst de top van deze iconische klim bereikt, een klim die dankzij het brede wegdek niet echt Baskisch aandoet. Het is vooral een populaire pas, eentje met een lange geschiedenis in de wielersport.




Over de geschiedenis van de Puerto de Orduña valt veel te zeggen. Er zijn ook mensen die dat al hebben gedaan, nóg uitgebreider dan ik het zou doen. Voor de liefhebber is hier het hele artikel, ik zal het zelf iets beknopter proberen te omschrijven. Cyclingnews heeft voor de gelegenheid ook een artikeltje gepubliceerd, om het belang van deze klim nog maar eens te onderstrepen. Recentelijk wat in de vergetelheid geraakt, voordat we de geitenpaden op gingen zoeken was dit een echte klassieker. Meer dan 250 jaar geleden besloot men hier al een weg aan te leggen, in de vallei van Arrastaria. De klim droeg meteen de naam Puerto de Orduña, om die toen belangrijke stad nog net wat belangrijker te maken. Eeuwenlang een belangrijke pas, tot er een nieuwe spoorlijn kwam en later ook een nieuwe snelweg. Relevantie behield de weg door het wielrennen. Het wordt de 14e keer dat de Puerto de Orduña is opgenomen in de Vuelta. Debuteren deed de klim in 1956, maar het duurde tot de jaren van de jaren '60 voor de klim echt aan waarde begon te winnen. In de Vuelta van 1968 pleegde Felice Gimondi een staatsgreep op de flanken van de Orduña, hij reed leider José Perez Frances uit de leiderstrui. De rit won hij evenwel niet, het was nog vrij ver fietsen na de Puerto de Orduña en een vroege vluchter bleef voorop. Sowieso zijn we nog nooit aangekomen op deze berg, het is meestal een klim geweest die als tussendoortje dient, nu zit ie nog redelijk ver in de finale, bij de tweede passage althans. Gimondi zou de leiderstrui in 1968 niet meer afstaan, onder meer omdat de volgende rit werd geannuleerd. Die rit leidde over de Sierra de Urbasa, waar de renners vorige week ook waren. Daar hadden de vriendelijke jongens van de ETA een bommetje neergelegd, waardoor een deel van het wegdek ribbedebie was. Dat detail was ik vorige week even vergeten, wel een goed verhaal op zich. De Bask Juan Mari Uribezubia reed toen op kop, maar door toedoen van zijn streekgenoten kon hij niet winnen, fraaie boel. Toch was dat nog niet genoeg reden voor de organisatie om het Baskenland te ontwijken, in de jaren daarna zouden we nog veel vaker in deze contreien fietsen. Liever niet in de Sierra de Urbasa, maar wel op de Puerto de Orduña. De klim werd tot 1978 eigenlijk ieder jaar opgenomen in het parcours, met memorabele tochten tot gevolg. Zo reed Luis Ocaña op de flanken van deze berg in 1971 iedereen de vernieling in. Onderweg naar Gasteiz droeg Miguel Maria Lasa de leiderstrui, maar nadat hij alleen al op de Orduña anderhalve minuten verloor op Ocaña kon hij het wel schudden. Hoewel Ocaña de leiderstrui niet overnam, die eer was weggelegd voor de Belg Ferdinand Bracke, die twee minuten na Ocaña aankwam in Gasteiz. In 1972 liet José Manuel Fuente dan weer zien de sterkste klimmer te zijn op deze berg. Alleen dat feit vond hij wel voldoende, dus liet hij zich naderhand weer inlopen. Even imponeren en dan achterom kijken, vernederend. Hij won die Vuelta, uiteraard, voorsprong genoeg op de rest.



In 1973 deed Ocaña weer mee, en weer vernederde hij de tegenstand. Onder die tegenstand bevond zich ene Merckx. Ocaña reed Merckx vierkant de vernieling in, iets wat in die jaren amper gebeurde. Uiteindelijk werd Ocaña in de afdaling en het vlakke stuk daarna teruggepakt door de achtervolgende groep, maar Merckx zou achteraf toegeven dat hij Ocaña nog nooit zo sterk had zien fietsen en dat er bergop niets aan te doen was. De jaren daarna waren wat rustiger, de volgende memorabele beklimming van deze berg volgde in 1978. Een jonge Bernard Hinault nam deel aan zijn eerste grote ronde. Voor we de Puerto de Orduña moesten bedwingen had hij al vier ritten gewonnen en reed hij in de leiderstrui, maar daar werd een beetje badinerend over gedaan. Hij werd een beetje gezien als een Geoghegan Hart, of een Hindley. Winnen bij gebrek aan beter. Dat was niet naar de zin van Hinault, dus ging hij op de Orduña in de aanval, op 90 kilometer van het eind. In de afdaling beende hij de vroege vluchters bij, die hij op de volgende klim achterliet. Solo naar Amurrio, waar hij met twee minuten voorsprong op de achtervolgers won. Voor de lol, zoals hij het zelf zei. En om een statement te maken natuurlijk. De rest was ook wel geschiedenis, een paar maanden later won hij ook meteen zijn eerste Tour. De dag daarna ging het wel definitief mis in Baskenland. Sabotage van Basken die niets meer van een Spaanse ronde wilden weten. Na het incident van 1968 was dat de druppel voor de organiserende krant, El Correo. Ze droegen de organisatie over aan een andere partij en de Vuelta keerde 33 jaar niet meer terug in Baskenland. We moeten wachten tot 2011, maar dat was het wachten wel waard. Bilbao, Igor Anton, etc. Eén jaar later keerde de koers terug naar de Puerto de Orduña, het was de eerste klim in een rit van Barakaldo naar Valdezcaray. Luis Angel Mate kwam als eerste boven, bepaald geen herhaling van het verleden. Dat is de geschiedenis van deze berg, die in andere koerswel wel nog heeft gefigureerd in de tussentijd, maar zo belangrijk als in de jaren '70 werd de klim nooit meer. We kennen nu alle Baskische muurtjes, een snelweg omhoog met weinig andere grote beklimmingen in de buurt valt minder in de smaak. Hoewel je hier alleen al voor de plaatjes zou moeten komen. Natuurlijk is de klim zelf mooi, maar in de omgeving hebben we nog meer in de aanbieding. Wat dacht u van de bron van de Nervion, de rivier die uitmondt in zee voorbij Bilbao? Is hier gewoon. Salto del Nervion, enkele dagen per jaar de mooiste waterval op aarde. Moet het wel goed geregend hebben, of er moet wat smeltwater aanwezig zijn. Ja maar dan, ja maar dan.



Zoals op de foto te zien valt is het ook zonder water een buitengewoon pittoreske plek. Als het draait is dit de hoogste waterval van het Iberische schiereiland, maar het draait dus vaak niet. Hoeft ook niet, zoveel natuurschoon kan een mens amper aan. Hemelsbreed niet ver van de weg waar de renners rijden, maar het komt niet direct in beeld. Daarom hopen dat de helikopter een keer bij de zaak is. Tijd om maar eens door te gaan met de koers. Op de top van de Orduña komen we terecht in een open landschap, het is te merken dat we hier in een andere regio zijn. De wind kan hier eventueel een rol spelen, verder gaat het een eenvoudige finale zijn. Ook al is deze rit nog lang niet voorbij, we rijden nu wel alvast over wegen waar we later nog eens gaan komen. Het gaat vijf kilometer naar beneden, in eerste instantie vooral rechtdoor. De eerste drie kilometer komen we eigenlijk geen bocht tegen, in de kilometer daarna een paar flauwe. De weg is nog steeds enorm breed, dus dat is geen probleem. Pas in de vijfde kilometer van de afdaling, als we Berberana binnenfietsen, komen we twee lastigere bochten tegen. Stelt al bij al ook niet veel voor, vervolgens rijden we een kilometer of tien praktisch rechtdoor over zo goed als vlakke wegen. Nooit helemaal vlak uiteraard, het gaat nog eens drie kilometer wat vals plat omhoog. Tijdens het fietsen over deze weg verlaten we Castilië en Leon weer en betreden we opnieuw het legendarische Baskenland. Ook een paar bochtjes hier, maar door die brede weg mag je alles net zo goed recht noemen. We komen uiteindelijk uit bij een kruising, waar we over een paar kilometer rechtsaf slaan. Dan zijn we bijna klaar, nu rijden we rechtdoor en zijn we nog lang niet klaar. Na het vals platte stuk omhoog gaat het ook nog eens een kilometer of twee licht naar beneden, paar flauwe bochten onderweg. Bij de kruising gaan we rechtdoor richting Espejo, Spaans voor spiegel. Nouja, zo goed als rechtdoor. De weg is de komende vier kilometer een beetje glooiend, terwijl we vooral veel velden vol graan of iets soortgelijks zien langs de kant van de weg. Voorbij Espejo slaan we linksaf, we rijden daarna vier kilometer rechtdoor vals plat omhoog verder richting de volgende toeristische trekpleister van de dag. Na 90 kilometer rijdt het peloton dwars door Gesaltza Añana, beter bekend als Salinas de Añana. Aan de rechterkant van de weg liggen ze, de overbekende zoutpannetjes van Añana.



Een zoutpan, ook wel zoutwerk genoemd, is een kunstmatig bekken dat is aangelegd om zouten te winnen uit zeewater of uit andere pekels. Zeewater of pekel wordt in grote bekkens geleid, waar het water door natuurlijke verdamping verdwijnt en het zout achterblijft, waarna het kan worden gewonnen. Sinds de tijd van de Romeinen hebben ze er hier in Añana meer dan 5000 aangelegd. De zoutvlakte hier is gevormd ten tijde van het Trias, da's even geleden. Heden ten dage wordt er nog steeds zout gewonnen, al hebben ze zich in Añana ook meer toegelegd op het zijn van een kuuroord. Toeristen zijn linksom of rechtsom altijd welkom, je kan een gezellig rondje lopen tussen de zoutbekkens terwijl je ziet hoe het zout op ambachtelijke wijze gewonnen wordt, maar je kan natuurlijk ook het zout kopen. Het beste zout van de wereld, zeggen ze hier. Valle Salado de Añana, kandidaat om UNESCO werelderfgoed te worden. Zoals het hele Baskenland natuurlijk werelderfgoed hoort te zijn. Goed, dit weer even terzijde. In Salinas de Añana wordt het even iets smaller, terwijl de weg ook wat steviger omhoog gaat. Buiten het dorp en voorbij het zout wordt de weg weer breed, maar we gaan wel even serieus klimmen. Drie kilometer aan 5,5%, het is de moeite. Tussen de akkers door slingert de brede weg omhoog, erg steil lijkt het niet maar verschillende bronnen zijn het met elkaar eens. Dan moet het wel kloppen dus. Na de klim dalen we drie kilometer af, vooral in het begin komen we nog wel een aantal bochtjes tegen. Zodra we door het dorpje Paul fietsen wordt het weer wat rechter, langzaam ook steeds wat vlakker. Nog steeds veel akkers hier, maar ook steeds meer bomen en uitzicht op de bergen. Aan het eind van de afdaling komen we uit in Pobes, waar we na een paar bochtjes over het spoor en direct daarna een brug fietsen. Die brug brengt ons over de Baia, aan de andere kant van dit beekje slaan we linksaf en gaan we het water een tijd volgen. We volgen ook de nieuwe snelweg, de weg die er mede voor heeft gezorgd dat de Puerto de Orduña tegenwoordig aan belang heeft verloren. Twintig kilometer rijden we langs de snelweg, tot in Izarra. In dit dorpje gaat na 117,3 kilometer de tussensprint van de dag volgen. Niet ver buiten Izarra ligt nog een waterval, die van Goiuri. Of Gujuli, als je niet bij het selecte gezelschap van twee miljoen hoort dat de Baskische taal in meer of mindere mate machtig is.



De weg naar Izarra is altijd breed, een tijd lang behoorlijk recht, maar kent ook bochtige passages. We rijden een paar keer door een dorpje, toch weten we de meeste dorpjes te ontwijken. Het is geen volkomen vlakke weg, we komen een aantal keer wat hoogteverschil tegen. Een tunneltje tussendoor, dat ook nog eens. Vooral het begin van de weg is mooi, we zien het riviertje en we zien de nodige rotsen, verderop wordt het weer wat meer boerenland. Izarra zelf zou je ook het beste kunnen omschrijven als een boerendorpje. In het verleden hebben ze hier ooit een bekende inwoner gehad, de eerste Spanjaard die een medaille wist te winnen op de Olympische Spelen. In 1900, tijdens de tweede OS in Parijs, wist hij goud te winnen bij het onderdeel pelota. Pelota was dus ooit olympisch, je leert iedere dag weer wat bij. De derde sport van het Baskenland, na wielrennen en voetbal, is alleen tijdens die ene editie olympisch geweest. Er was ook maar één wedstrijd, Frankrijk tegen Spanje, gewonnen door Spanje dus. Het was een dubbelspel, de deelnemer uit Izarra luisterde naar de naam José de Amézola y Aspizúa. Zo. Blijft toch een merkwaardig evenement hè, die Olympische Spelen? Goed, na de tussensprint in Izarra rijden we twee kilometer rechtdoor over een iets minder brede weg door een bos. Aan het eind van deze weg slaan we linksaf, we bereiken dan een weg die we al kennen. Het is de weg die van Murgia naar Urduña leidde. Die gaan we nu weer deels afwerken. Zes kilometer rijden we over een soort van plateau, waar het lichtelijk op en af gaat. We bereiken weer de top van de Barrerilla, een tweede afdaling van deze berg volgt. Prima afdaling, zoals eerder vermeldt. Het gaat wel vrij stevig naar beneden en we komen redelijk wat bochten tegen, maar de weg is breed en het parcours is inmiddels bekend. Sowieso geen onbekende weg, in de Itzulia van 2018 gingen we hier nog omhoog. Toen zouden we finishen op de plek waar we nu ook gaan finishen.



Na de inmiddels bekende afdaling fietsen we rechtdoor verder naar Urduña, waar weer een bocht naar links volgt bij een rotonde. Na een paar nieuwe rotondes en een weg die tijdelijk recht en vlak is beginnen we dan voor de tweede keer aan de Puerto de Orduña. Urduña had overigens ook nog wel een bekende bewoner, een toreador. Ivan Fandino. Hij was er blijkbaar nog goed in ook, maar in 2017 ging het mis. Hij struikelde en daar wist de stier wel raad mee. RIP aan de nabestaanden. In deze regio sneuvelt wel meer, in het verleden vooral de versnellingsbakken van de vrachtwagens die over de berg moesten omdat er vroeger nog geen snelweg was. De Orduña was een regelrechte bitch, vanwege alle haarspeldbochten en de snel veranderende percentages. Het was een uitdaging om heelhuids boven of beneden te komen volgens de overlevering. Even de cijfers terughalen: het gaat 7,8 kilometer omhoog aan 7,7%. Dat is alleen niet het hele verhaal, vooral in die haarspeldbochten wil het nog wel een stuk steiler zijn. Stukken tot 14%, amper vlakke stroken tussendoor. Een lastige klim dus, volgens de locals. Na 140,6 kilometer komen we voor de tweede keer boven op deze historische klim. Voor de liefhebber ook nog even het profiel van altimetrias, en nog wat foto's omdat het best wel kan, in principe.






Op de top fietsen we weer Castilië en Leon binnen, het is nog 19 kilometer fietsen tot de finish. De eerste 14 kennen we. Weer vijf kilometer naar beneden, eerst drie kilometer door een kaal gebied, daarna twee meer bochtige kilometers. Vooral in Berberana een paar stevige bochtjes. Daarna rijden we tien kilometer behoorlijk rechtdoor, terwijl we na een paar kilometer het Baskenland weer betreden. Voorbij Osma gaat het weer wat op en af. We rijden nog steeds door een vrij leeg gebied, al is er in de verte genoeg moois te zien. Richting het eind van de weg gaat het drie kilometer vals plat omhoog, al moet je goed kijken om dat waar te kunnen nemen. Even later gaat het ook drie kilometer vals plat naar beneden, daar geldt hetzelfde voor. In dat stuk in dalende lijn pakken we wel wat bochten mee, er zitten zelfs twee bochten tussen die zijn voorzien van een waarschuwingsbord. Wat schromelijk overdreven is, mede door de brede weg stelt het bijzonder weinig voor. Op minder dan vijf kilometer van het eind komen we uit bij de kruising waar we heel wat kilometers geleden rechtdoor gingen. Nu slaan we scherp linksaf, een brede bocht. De weg na de bocht is ook breed en loopt in eerste instantie een beetje naar beneden. Daarna begint ie toch wat vals plat omhoog te lopen, dit gaat zo blijven tot aan de finish. In de eerste twee kilometer na de bocht komen we 30 meter hoger uit, dan weet je het wel ongeveer. Op drie kilometer van het eind fietsen we door Villanañe, waarover later meer. Het gaat voorbij dit dorp een kilometer rechtdoor langs open velden. Pas op twee kilometer van het eind komen we weer wat bochten tegen, een flauwe bocht naar rechts en later een flauwe bocht naar links. Na nog een flauwe naar links rijden we de laatste kilometer binnen, we betreden Villanueva de Valdegovia. Tot op een paar meter van de finish blijft het heel lichtjes vals plat omhoog lopen, terwijl we rechtdoor blijven rijden over een vlakke weg. Pas in de laatste meters van de rit wordt het helemaal vlak, het gaat zelfs licht naar beneden. We eindigen vervolgens bij de lokale basisschool voor de deur.



De renners finishen in Uribarri Gaubea, zo noemen we het hier in het Baskisch. De Spanjolen houden het op Villanueva de Valdegovia, dat deel uitmaakt van de gemeente Valdegovia. Villanueva de Valgedovia is de hoofdplaats van deze gemeente, ofschoon er in 2017 slechts 124 mensen woonden. In de hele gemeente komen we aan 996, het is knap dat ze hier überhaupt een basisschool hebben. Ze hebben zelfs meer, te weten: gemeentehuis, postkantoor, school, apotheek, medisch centrum, gemeentelijke biotheek, VVV-kantoor, zwembad, diverse hotelvestigingen. Boh, plaats van belang. Op het grondgebied van Gaubea komen we enkele opmerkelijke bouwwerken tegen. La Sebe is een voorbeeld, dat is een oude houten dam in de rivier Omecillo. Ziet er niet direct heel imponerend uit, toch cultureel erfgoed. In het dorp zelf staat een oude fontein uit 1860, ook erg gaaf natuurlijk. Er is een oude molen te vinden ergens in de gemeente, in Uribarri Gaubea zelf staat dan weer een paleisje uit de 16e eeuw. Het stadhuis mag er ook nog wel zijn. Combinatie van een oud gebouw met wat nieuwerwetse toevoegingen. Uiteraard is er ook een kerk, kan niet missen natuurlijk. De opvallendste gebouwen vinden we alleen in Villanañe, daar waar we op drie kilometer van de finish passeerden. Aan de ene kant van het dorp is een santuario te vinden, een heiligdom. Paar kicken gebouwtjes bij elkaar, moet kunnen. Aan de andere kant van het dorp staat alleen een nóg opvallender bouwwerk. Baronatarren dorretxea, om het Baskisch te houden. We kunnen ook gewoon spreken over Torre de los Varona, een toren die is ontstaan ergens in de 14e of 14e eeuw. De naam Varona voert terug tot de 7e eeuw, blijkbaar. Een van de telgen van die familie kwam uiteindelijk in de toren te wonen, sindsdien is de toren altijd bewoond geweest door dezelfde familie. Allemaal afstammelingen van Doña María Ruiz Pérez, als we Wikipedia mogen geloven. De boel is dan wel weer door de lokale overheid opgeknapt, dat kon de familie dan weer niet blijkbaar. De foto die Wikipedia toont laat zien dat de binnenkant minstens zo imponerend is als de buitenkant. De koers is al eens eerder in deze gemeente geweest, daar heb ik het eerder al over gehad. De derde rit van de Ronde van het Baskenland van 2018 eindigde in de gemeente Valdegovia. Die rit zou eindigen in een sprint, gewonnen door Jay McCarthy of all places. Schokkend, dat die jongen blijkbaar ooit iets heeft gewonnen. Vorig jaar werden tijdens werkzaamheden dan weer oude Romeinse overblijfselen gevonden. Aardewerk, maar ook enkele constructies die nader onderzoek behoefden. In ieder geval een gebied dat al lang bewoond is, zoveel is duidelijk. In de wijdere omgeving van Valdegovia komen we in de bossen ook wat opvallende rotswanden tegen, waar de mensen tegenwoordig graag mogen klimmen. Of ze maken er een grot in, doen ze hier ook wel graag.



In Vitoria-Gasteiz wordt het vandaag 14 graden. Het zou droog moeten blijven, maar er staat wel flink veel wind vanuit het zuiden/zuidwesten. Dat wil zeggen dat we in de eerste kilometers van de rit de wind in de rug hebben, daarna staat ie het grootste gedeelte van de dag tegen. De periode na de eerste beklimming van de Puerto de Orduña kan interessant worden. Als we door Espejo rijden en naar Salinas de Añana gaan krijgen we een tijd wind in de rug, misschien zelfs schuin in de rug. Richting de tussensprint in Izarra zal de wind ook schuin in de rug staan. Terrein is niet overal open en we fietsen deels tussen de bergen door, maar daar zou ik als ploeg toch even opletten. Voor de rest dus tegenwind, zeker in de laatste kilometers. Kan voor een gesloten koers zorgen. In Villanueva de Valgedovia wordt het ook 14 graden. Kleine kans op regen gedurende de dag, maar het zou droog moeten blijven. Hoewel, blijft het Baskenland hè. Een dag zonder regen is een dag niet geleefd. Stevige wind hier. Rond de 26 km/u in de middag, al zwakt het richting 17:00 af naar 21 km/u. Is alsnog flink, niet ideaal voor een solist. De prachtige tocht door het Baskenland begint om 13:22. Sporza is erbij om 14:35, iedereen moet natuurlijk verplicht meteen inschakelen om zoveel mogelijk Baskenland mee te pakken. Aankomst wordt verwacht tussen 17:04 en 17:27. Een van de Baskjes die ik met veel plezier volg heeft het overigens nog beter uitgezocht, zou zonde zijn om zijn arbeid niet te belonen:

twitter



Dan rest ons nog de voorspelling. In principe een rit voor de vluchters, zou je zeggen. De Puerto de Orduña is natuurlijk behoorlijk zwaar, maar ook vrij ver van de finish. Nodigt niet direct uit tot actie. Zeker niet als je bedenkt dat we morgen een zware aankomst bergop krijgen, waar fiets je bovendien naartoe met die tegenwind aan het eind? De klim is wel zo zwaar dat er verschillen gaan ontstaan, maar als er geen gekke dingen gebeuren gaat het allemaal vrij braaf blijven. Gekke dingen kunnen wel gebeuren, als de wind goed staat in dat ene stuk krijgen we misschien wel waaiergenot. Dan wordt het plots een ander verhaal, maar het gaat vaak mis als je het verwacht. Houden we dus geen rekening mee, nee, absoluut geen enkele sprake van. Tegenwind is nadelig voor de vluchters, maar ik ga toch maar eventjes vijf vluchtertjes noemen. Toch het meest logische scenario.
1. Aranburu. Alex ging toen de Itzulia hier in 2018 aankwam in de slotkilometer in de aanval. Hij was toen nog behoorlijk onbekend, zo onbekend dat niemand hem herkende. Behalve deze jongen natuurlijk, hoppa. Maar goed, die aanval slaagde niet. Hij werd weer ingerekend, maar sinds dat moment heeft hij zich vaker getoond natuurlijk. Als hij in de vlucht zit is hij een gevaarlijke klant vanwege zijn sprint. Moet hij wel eerst over de Orduña zien te geraken, zijn klimmersbenen lijkt hij voorlopig thuis te hebben gelaten. Voordeel is dan weer dat hij hier praktisch thuis is, dus als hij ze tijdens de rustdag even is gaan halen komt alles goed. Weer een vlaggetjesdag, ik heb er zin in.
2. Bagioli. Flink door het ijs gezakt richting Formigal, maar dat biedt hem dan wel weer de vrijheid om de rest van de Vuelta in de aanval te gaan. Dan behoort een ritzege ook meteen tot de mogelijkheden. Hopelijk vandaag niet, want er moet een Bask winnen.
3. Costa. Ik kom nu al uit bij het herhalen van namen, zo ongeveer. Wel weer een logische naam om te noemen. Vrij sterk op Aramon Formigal, dat moet hem motiveren om vaker in de aanval te gaan. Vervolgens natuurlijk de hele dag in laatste wiel hangen en nul initiatief nemen. Als een ander aanvalt ook lekker niet reageren, zodat je in ieder geval zeker niet wint. Lekker, Rui!
4. Wellens. Nietens. Een ritzege is eigenlijk wel genoeg, maar hij zal vast de aanval blijven zoeken.
5. Amezqueta. De Caja omdat het moet. Kan ook een van de andere Caja's zijn, één ding is in ieder geval altijd zeker: winnen doen ze niet.

Om het geheel af te sluiten nog een lekker muziekje van een band uit Azkoitia, waar we vorige week tijdens de eerste rit nog doorheen fietsten. Dat heb ik toen helemaal over het hoofd gezien, een pijnlijke fout natuurlijk. Zoals Niermann zou zeggen: mag gewoon niet gebeuren. Bij dezen een rectificatie. Een van de populairste bandjes van het moment ook nog eens. BULEGO uit Azkoitia, take it away:

Het blijft toch een merkwaardige sport hè, dat wielrennen.
pi_195878376
Fijne beknopte voorbeschouwing weer.
pi_195878606
quote:
Maar zijn uitgangspositie om de tweede week aan te vatten, vindt hij zelf wel interessant. “Ik sta 25ste, dus ik zou graag proberen dat goede klassement te behouden. Maar omdat ik in die positie toch al op bijna een kwartier van de leider sta, zal ik wellicht ook wel de vrijheid krijgen om mee te gaan in ontsnappingen. Dat biedt toch opties. Het ideale scenario zou zijn dat ik samen met een ploegmaat vooruit geraak in een interessante ontsnapping…”

“Ik kan tijd op die manier nog wat tijd terugpakken en in de finale die ploegmaat helpen om voor ritwinst te gaan”, redeneert hij. “Zo’n ritzege voor mezelf is wellicht nog te hoog gegrepen. Omdat ik voor dat klassement blijf gaan, zal ik ook nooit de meest frisse zijn in zo’n kopgroep.”
Aldus Kobe Goossens. Ik vind dit toch zo'n leuke rubriek jongens.
Demain, on roule
pi_195878627
Overigens heb ik er erg zin. Het is de laatste ronde van het jaar en tot nu ook nog de mooiste vind ik. Mooi etappes gezien met als hoogtepunt afgelopen zondag. De strijd ligt ook nog helemaal open. Misschien doen renners nog wel een comeback al la Hart of Hindley.

De tweede week ziet er qua profielen ook erg interessant uit :s)
pi_195878648
Misschien tussen het werk door kijken :)
Op zondag 14 november 2010 18:11 schreef liesje1979 het volgende:
Zo is daar Godshand, met zijn sarcastische toon,
Die regelmatig een topic voorziet van spot en hoon.
  dinsdag 27 oktober 2020 @ 08:47:41 #6
470661 maxi-mus
are you not entertained?
pi_195878767
quote:
0s.gif Op dinsdag 27 oktober 2020 08:34 schreef Mykonos het volgende:

[..]

Aldus Kobe Goossens. Ik vind dit toch zo'n leuke rubriek jongens.
Fascinerend toch dit soort figuren. Alsof er iemand een neuk geeft om hun 18e plek, die je ook via ontsnappingen kunt halen.
pi_195878788
Jullie hebben het over een veldrijder met niet heel veel ervaring op de weg voor iemand van 24. Het is toch logisch dat zo'n iemand graag ziet waar zijn limieten liggen en of hij een toekomst heeft in het rijden van klassementen bij de profs?
  dinsdag 27 oktober 2020 @ 08:54:19 #8
470661 maxi-mus
are you not entertained?
pi_195878861
quote:
0s.gif Op dinsdag 27 oktober 2020 08:49 schreef Koffieplanter het volgende:
Jullie hebben het over een veldrijder met niet heel veel ervaring op de weg voor iemand van 24. Het is toch logisch dat zo'n iemand graag ziet waar zijn limieten liggen en of hij een toekomst heeft in het rijden van klassementen bij de profs?
Nee, hij zoekt zijn limieten maar mooi uit in ontsnappingen.
pi_195878986
quote:
0s.gif Op dinsdag 27 oktober 2020 08:49 schreef Koffieplanter het volgende:
Jullie hebben het over een veldrijder met niet heel veel ervaring op de weg voor iemand van 24. Het is toch logisch dat zo'n iemand graag ziet waar zijn limieten liggen en of hij een toekomst heeft in het rijden van klassementen bij de profs?
Dat zeg ik toch ook niet? Doen of plek 25 een klassement is vind ik een beetje bijzonder. Hij vertelt in het interview ook over allerlei blessures, dus logisch dat hij zich nu wil testen. Maar dan een of twee keer aanklampen bergop lijkt me voldoende.

Het is wel weer heel stereotiep Lotto om alles buiten de top-10 nog als interessant klassement te zien.
Demain, on roule
pi_195879387
Nans Peters.
♫ ~ Je kunt de massa niet beteugelen; het is een monster ~ Marcel van Roosmalen
pi_195879965
Duurt wel lang met de testuitslagen :o
pi_195880325
PlaatjesGenot. Mooie klim en die waterval mag er ook zijn.

Hopelijk ook - zoals gewoon naar Vuelta-begrippen - koers op de klim.
pi_195881322
quote:
0s.gif Op dinsdag 27 oktober 2020 10:03 schreef Marcoss het volgende:
Duurt wel lang met de testuitslagen :o
twitter
♫ ~ Je kunt de massa niet beteugelen; het is een monster ~ Marcel van Roosmalen
pi_195881335
Hoe draaien de hAleN wE mArDrId?!-roepers dit om?
pi_195881376
quote:
1s.gif Op dinsdag 27 oktober 2020 11:28 schreef Koffieplanter het volgende:
Hoe draaien de hAleN wE mArDrId?!-roepers dit om?
twitter
♫ ~ Je kunt de massa niet beteugelen; het is een monster ~ Marcel van Roosmalen
pi_195881417
quote:
0s.gif Op dinsdag 27 oktober 2020 11:32 schreef El-Stinho het volgende:

[..]

[ twitter ]
Guillengod. Unipublicgoden.
  Moderator dinsdag 27 oktober 2020 @ 11:40:52 #17
213134 crew  Momo
WLR en ESF hooligan
pi_195881501
quote:
0s.gif Op dinsdag 27 oktober 2020 11:27 schreef El-Stinho het volgende:

[..]

[ twitter ]
Mooi
pi_195881643
quote:
0s.gif Op dinsdag 27 oktober 2020 08:34 schreef Mykonos het volgende:

[..]

Aldus Kobe Goossens. Ik vind dit toch zo'n leuke rubriek jongens.
Die arme Belgen, die worden door de nationale journalisten zodra ze een heuvel overkomen direct veel te serieus genomen. Dan voelen ze zich opeens genoodzaakt om dit soort bespiegelingen met ons te delen.
  dinsdag 27 oktober 2020 @ 11:53:31 #19
187810 Szura
Kijk eens aan!
pi_195881689
quote:
0s.gif Op dinsdag 27 oktober 2020 11:51 schreef VoMy het volgende:

[..]

Die arme Belgen, die worden door de nationale journalisten zodra ze een heuvel overkomen direct veel te serieus genomen. Dan voelen ze zich opeens genoodzaakt om dit soort bespiegelingen met ons te delen.
Ach ja, dat hadden wij ook tien jaar geleden na decennia van grote droogte
Lekker zuipen, lekker dansen en daarna lekker neuken.
pi_195881800
quote:
0s.gif Op dinsdag 27 oktober 2020 11:53 schreef Szura het volgende:

[..]

Ach ja, dat hadden wij ook tien jaar geleden na decennia van grote droogte
Thomas Dekker kon die druk prima aan. Hahaha.
  dinsdag 27 oktober 2020 @ 12:06:44 #21
43584 Beregd
absolutely inch perfect
pi_195881883
quote:
0s.gif Op dinsdag 27 oktober 2020 11:32 schreef El-Stinho het volgende:

[..]

[ twitter ]
Balletje terug naar Vegni
  dinsdag 27 oktober 2020 @ 12:13:16 #22
43584 Beregd
absolutely inch perfect
pi_195882005
quote:
0s.gif Op dinsdag 27 oktober 2020 11:51 schreef VoMy het volgende:

[..]

Die arme Belgen, die worden door de nationale journalisten zodra ze een heuvel overkomen direct veel te serieus genomen. Dan voelen ze zich opeens genoodzaakt om dit soort bespiegelingen met ons te delen.
Toch leuk dat zo'n renner wat aandacht krijgt?

Het is eerder aan Lotto om zo'n renner beter te coachen. Ik weet niet wat ik als jonge renner zou doen. Lijkt me wel leuk om dagelijks alles eruit te halen. Maar slimmer is het om ritten te kiezen. Harm maakte net dezelfde fout.
  Eindredactie Sport / Forummod dinsdag 27 oktober 2020 @ 12:19:02 #23
284411 crew  heywoodu
heywoodu
pi_195882110
quote:
0s.gif Op dinsdag 27 oktober 2020 08:34 schreef Mykonos het volgende:

[..]

Aldus Kobe Goossens.
Die dus blijkbaar 25e staat, wtf is dit. Nooit van gehoord.
Noriaki Kasai _O_
Laura Dahlmeier O+
Bruna Moura _O_ O+
pi_195882219
De NTT-predictor voorspelt Vlasov voor de zesde keer in zeven etappes bij de 3 favorieten _O_
  Moderator dinsdag 27 oktober 2020 @ 13:41:16 #25
198822 crew  Rellende_Rotscholier
Robbertje matten met de wouten
pi_195883882
twitter


Nu al een topdag voor Sjon.
Het blijft toch een merkwaardige sport hè, dat wielrennen.
  Moderator dinsdag 27 oktober 2020 @ 13:47:49 #26
213134 crew  Momo
WLR en ESF hooligan
pi_195883999
quote:
0s.gif Op dinsdag 27 oktober 2020 13:41 schreef Rellende_Rotscholier het volgende:
[ twitter ]

Nu al een topdag voor Sjon.
Hij heeft wel de paspop gesloopt waar het shirt op zat :D


Fashion icon Primoz weer _O_
  Redactie Sport / Supervogel dinsdag 27 oktober 2020 @ 13:51:30 #27
270182 crew  Pino112
Pino van Luna O+
pi_195884079
❤ DeLuna ❤
-------
De FOK! Custom CSS-tool - Top 2000 Stats
  Moderator dinsdag 27 oktober 2020 @ 14:00:28 #28
198822 crew  Rellende_Rotscholier
Robbertje matten met de wouten
pi_195884233
De MAX vakantieman fietst momenteel in z'n eentje op kop.
Het blijft toch een merkwaardige sport hè, dat wielrennen.
pi_195884296
quote:
0s.gif Op dinsdag 27 oktober 2020 14:00 schreef Rellende_Rotscholier het volgende:
De MAX vakantieman fietst momenteel in z'n eentje op kop.
Fenomeen
pi_195884430
TGV Remi is ingerekend.
  Moderator dinsdag 27 oktober 2020 @ 14:16:45 #31
198822 crew  Rellende_Rotscholier
Robbertje matten met de wouten
pi_195884471
Ik zou het erg waarderen als het ontstaan van de vlucht nog minstens een half uur duurt.
Het blijft toch een merkwaardige sport hè, dat wielrennen.
  dinsdag 27 oktober 2020 @ 14:23:16 #32
49501 4-elements
Arrectis Auribus
pi_195884601
quote:
0s.gif Op dinsdag 27 oktober 2020 09:02 schreef Mykonos het volgende:

[..]

Dat zeg ik toch ook niet? Doen of plek 25 een klassement is vind ik een beetje bijzonder. Hij vertelt in het interview ook over allerlei blessures, dus logisch dat hij zich nu wil testen. Maar dan een of twee keer aanklampen bergop lijkt me voldoende.

Het is wel weer heel stereotiep Lotto om alles buiten de top-10 nog als interessant klassement te zien.
Dus we hebben een nieuwe Kurt van de Wouwer (volgens Belgen de laatste Belgische Tourwinnaar)? Of een Maxime Monfort?
That's history. I say history because it happened in the past.
Murray Walker
pi_195884782
quote:
0s.gif Op dinsdag 27 oktober 2020 14:16 schreef Rellende_Rotscholier het volgende:
Ik zou het erg waarderen als het ontstaan van de vlucht nog minstens een half uur duurt.
Helaas
  Moderator dinsdag 27 oktober 2020 @ 14:34:57 #34
198822 crew  Rellende_Rotscholier
Robbertje matten met de wouten
pi_195884810
quote:
0s.gif Op dinsdag 27 oktober 2020 14:33 schreef showtimer het volgende:

[..]

Helaas
Altijd tegen ons.
Het blijft toch een merkwaardige sport hè, dat wielrennen.
  Moderator dinsdag 27 oktober 2020 @ 14:36:12 #35
198822 crew  Rellende_Rotscholier
Robbertje matten met de wouten
pi_195884827
Renaat is daar.
Het blijft toch een merkwaardige sport hè, dat wielrennen.
pi_195884852
De vlucht lijkt weg.

Terpstra

+ Kuss, Rojas, Costa, Eg, Godon, Lastra, Schelling, Aranburu, Ladagnous, Steimle, De Bod, Lafay, Dewulf, Cort en Perichon.
  Moderator dinsdag 27 oktober 2020 @ 14:38:38 #37
198822 crew  Rellende_Rotscholier
Robbertje matten met de wouten
pi_195884879
Dit rare dansje met die valse fluit is wat ik het minst snap aan het Baskenland.
Het blijft toch een merkwaardige sport hè, dat wielrennen.
  Moderator dinsdag 27 oktober 2020 @ 14:39:16 #38
198822 crew  Rellende_Rotscholier
Robbertje matten met de wouten
pi_195884886
Overigens sta ik volledig achter Alex, Jonny en De God.
Het blijft toch een merkwaardige sport hè, dat wielrennen.
pi_195884906
Zep of Aranburu.
♫ ~ Je kunt de massa niet beteugelen; het is een monster ~ Marcel van Roosmalen
pi_195884920
Steimle krijgt mijn support.
  Moderator dinsdag 27 oktober 2020 @ 14:41:26 #41
198822 crew  Rellende_Rotscholier
Robbertje matten met de wouten
pi_195884930
Daar werd een statement gemaakt.

Regie schakelt snel weg. _O-
Het blijft toch een merkwaardige sport hè, dat wielrennen.
  Moderator dinsdag 27 oktober 2020 @ 14:42:18 #42
198822 crew  Rellende_Rotscholier
Robbertje matten met de wouten
pi_195884947
Angel in de sjas, dat is toch genieten.
Het blijft toch een merkwaardige sport hè, dat wielrennen.
  Moderator dinsdag 27 oktober 2020 @ 14:43:21 #43
144336 crew  Leonos
AFCA
pi_195884964
nog 100km _O_
Some things should be simple; even an end has a start
  Moderator dinsdag 27 oktober 2020 @ 14:44:29 #44
198822 crew  Rellende_Rotscholier
Robbertje matten met de wouten
pi_195884988
De sjas wordt groter.
Het blijft toch een merkwaardige sport hè, dat wielrennen.
pi_195884997
Veel woei
pi_195885027
Op deze manier gaat de vlucht wel weer gegrepen worden.
pi_195885054
Tis kuurs
pi_195885055
Soler?
  Moderator dinsdag 27 oktober 2020 @ 14:48:58 #49
198822 crew  Rellende_Rotscholier
Robbertje matten met de wouten
pi_195885057
Iedereen wil in de aanval vandaag.
Het blijft toch een merkwaardige sport hè, dat wielrennen.
  Moderator dinsdag 27 oktober 2020 @ 14:51:21 #50
198822 crew  Rellende_Rotscholier
Robbertje matten met de wouten
pi_195885093
Omar heeft ineens benen, amai.

Sjors is ook mee, zo te zien.
Het blijft toch een merkwaardige sport hè, dat wielrennen.
abonnement iBood bol.com Vodafone Ziggo Coolblue
Forum Opties
Forumhop:
Hop naar:
(afkorting, bv 'KLB')