23 november 2013
Maastricht-EnschedeHet was weer tijd om te liften. Naar een verjaardag dit keer, bij een kameraad die in Enschede woont. Randy. Ik was één keer eerder bij hem op bezoek, alweer zes jaar geleden. Toen woonde hij nog in Hengelo. Maastricht-Enschede, een goede 250 kilometer. Althans, via Venlo of Eindhoven. Er is een kortere route door Duitsland en over de Duitse A31. En er is een langere route, via Keulen en Bad Oeyenhausen, wat een flinke omweg is.
Bij het rustig ontwaken rond de tijd van de ochtendschemering had ik nog een scenario in gedachten, namelijk via de Afsluitdijk. Ja, ook dat is een flinke omweg. Maar ik ben nog nooit op of over de Afsluitdijk geweest. Niet per fiets, niet per auto of per bus, en liftend ook niet. Dus dat staat nog op mijn verlanglijstje. Misschien zelfs hoger, dan het bezoeken van landen waar ik nog nooit ben geweest. Maar ook dat is niet waar. Ik wil wel graag nieuwe landen bezoeken. Alleen heb ik daarbij geen voorkeur. Elk nieuw land is goed, gewoon, omdat het nieuw is. Maar, dan is de Afsluitdijk, op zo’n 300 kilometer vanaf Maastricht, toch dichterbij.
Enfin, er moet nog een en ander in huis gedaan worden. Maar wat is er beter dan al dagdromend wakker worden? En de gelukzalige wetenschap dat ik straks weer door de liefde van vriendelijke automobilisten wordt omgeven – of ik nu rechtstreeks naar Enschede reis of via een uitstap door Duitsland of Groningen?
Dan komt natuurlijk ook altijd de vraag op, waar begin ik met de reis. Wel, bij de voordeur natuurlijk!
Maar waar begin ik dat met liften?
Acht jaar lang had ik in Maastricht mijn vaste plek, een geeikte locatie, waar ik ruim zeventig keer ben vertrokken, waar ik misschien zes of acht keer op moest geven omdat ik geen lift kreeg, maar waar ik nooit en te nimmer meer dan eens door dezelfde chauffeur werd opgepikt.
Dat was de officieel aangwezen Maastrichter liftersplaats, maar de Maastrichter liftersplaats is niet meer. Ze heeft plaats gemaakt voor een groot project, waarbij de doorgaande weg door Maastricht een nieuwe plaats krijgt: ondergronds.
Voor mij als ervaren lifter is de verdwenen liftersplaats geen ramp. Voor potentiële lifters, en voor de beeldvorming rondom liften, vind ik het minder gunstig dat de liftersplaats weg is.
Daarna liftte ik regelmatig langs de Viaductweg nabij de kruising met de Meerssenerweg, als ik naar het noorden wilde liften. Of anders gezegd, als ik vanuit Maastricht ergens anders wilde zijn in Nederland. En bijna alles wat bij Nederland hoort, ligt boven Maastricht. Al wil ik Eijsden en de bovenwindse eilanden niet te kort doen.
Daar aan de Viaductweg kon ik ook goed liften. Recent is de situatie daar weer veranderd vanwege de wegwerkzaamheden. Daarmee is het niet perse slechter liften. Het is op dit moment erg makkelijk om bij de stoplichten bij de genoemde kruising om een lift te vragen, de A2 op.
Maar dit kruispunt is aan de andere kant van de stad, wat niet erg is. Ik ben er in één uur lopen, of één kwartier met de bus en één kwartier lopen, of een minuut of 20 fietsen. Maar ik heb op dit moment geen fiets die echt geschikt is.
Waarom moeilijk doen, er is ook een oprit op 15 minuten lopen van mijn woning. Alleen zijn we dan wel nog aan de zuidzijde van de stad. Er is minder verkeer. En passief met duim en karton op de oprit is daarom te passief. Ook is er minder ruimte om te stoppen. Maar de auto’s, een deel daarvan, stopt wel bij verkeerslichten vlak voor de oprit. Ik kan daar te voet komen, alleen mag dat volgens de verkeersregels niet. Maar precies één week geleden was dat wat ik deed. En zo had ik toen na drie keer vragen een lift de A2 op, tot de afrit Grathem, 40 kilometer boven Maastricht.
En zo begon de reis nu ook. Bij hetzelfde stoplicht als vorige week, bij de oprit van Maastricht Randwyck. Maar nu trof ik, bij de tweede of derde chauffeur die ik bevroeg, een agente, die meende dat het op de plek waar ik stond, ‘levensgevaarlijk’ was om te zijn als voetganger.
In contact met politie blijft het bij mij vrijwel altijd bij een kleine reprimande van hun kant. Meestal ga ik net even ergens anders staan. Nu liep ik de Oeslingerbaan af. Ik strekte de duim bij een invoegstrook. Wat later strekte ik de duim opnieuw bij de bushalte op de hoek met de Molensingel. Dat hield ik een kwartier vol ongeveer. Behalve twee heren die een eindje achter me stopten, en vervolgens weer weg reden toen ik het voertuig genaderd was. Na dat kwartier wachtte ik bij het verkeerslicht voor de kruising. Hier stond ik zelf op het troittoir, om chauffeurs aan te spreken, als het verkeerslicht rood was.
35 minuten
Iets meer dan een half uur duurde het vanaf mijn aankomst op het punt waar ik door de agente werd aangesproken, tot het verkrijgen van de 1e lift. De rit ging naar Sittard, A2-afrit Urmond. De man reed een op leeftijd zijnde Nissan.
Op de oprit van Urmond heb ik niet vaak gestaan, maar als ik daar stond, was ik altijd binnen een mum van tijd weer weg. Vandaag was het anders. Na een half uur op de oprit, had ik er genoeg van. Bij de stoplichten voor de oprit duurde het daarna niet lang, voor ik iemand vond, die me op het volgende tankstation kon brengen. Een paar kilometer verder. Maar op tankstations is het vaak goed liften.
Toen ik mijn kameraad in 2007 bezocht, was ik ook op dit tankstation. Swentibold. Toen ik vorige maand op Swentibold was, gebeurde mij iets, wat mij in tien jaar liften nooit is gebeurd. Ik werd door de uitbater van de pomp geordonneerd om zijn klanten niet aan te spreken. In 2007 kreeg ik hier, na een half uur, een lift naar Almelo. 246 kilometer volgens mijn liftlogboek. Het was een rit in een stoere Peugeot 309, waarin ik mijn Nederlandse lifttopsnelheid verbeterde naar 180 kmh.
Maar toen was toen en nu was nu.
Maar ook hier duurde het weer lang. Verbazingwekkend lang, want nog voor de eerstvolgende grote wegsplitsing ligt het volgende tankstation, zodat het hier peanuts moet zijn, om tenminste tot dat tankstation verder te gaan. En zo ging het ook, alleen duurde het een minuut of veertig voor de verlossende “ja” kwam op mijn “kan ik meerijden?”. Twee Limburgers die in Maasmechelen hadden gemountainbiked. Een lifter hadden ze nog nooit aan boord, en ze hadden erg veel plezier van het vernemen van mijn ervaringen en bedrevenheid met deze hobby. En ik reed mee naar Bosserhof. Dertien kilometer is het, geloof ik.
Al met al was de reis traag begonnen.
Op Bosserhof had ik na 10 minuten een chauffeur naar Venlo. Hoewel de snelweg boven Venlo gedeeltelijk afgesloten zou zijn, wilde ik toch over Venlo en niet over Eindhoven. Dit omdat het vanuit Eindhoven relatief lastig liften is naar Nijmegen. Ook op het tankstation voor Eindhoven, Grote Bleek bij Maarheeze, rijdt maar weinig verkeer die kant op. De meest logische routes waren daarom via Venlo, via ’s-Hertogenbosch-Oss, of via Utrecht-Amersfoort. Maar de A73 is leuker!
Maar voor Venlo is er op de A73 geen tankstation. Bij Roermond is wel ruimte gereserveerd voor de latere ontwikkeling van een tankstation. Maar op dit moment is het alleen maar een parkeerplaats langs de snelweg.
Mijn chauffeur reed bij Venlo-Zuid van de snelweg af. Daar is het slecht liften naar het noorden, naar mijn idee. Venlo-West (ofwel Blerick) moet al een stuk beter zijn. Wetend dat de snelweg boven Venlo dicht is, ga ik per bus door het stadje aan de Maas, tot bij het Van der Valk hotel aan de A67. Daar staan ook gele bordern met alternatieve routes richting Nijmegen. Ik had zelf ingeschat dat de N271 langs Velden en Gennep een goed alternatief was, maar de omleiding blijkt via de N277 te lopen. Ik meende, dat dat de zogeheten Middenpeelweg is. Wisten deed ik het alleen niet. Vandaag had ik geen kaart bij me – die was ik vergeten mee te nemen.
Op de bushalte reden de auto’s voorbij, maar de stoplichten bij de A67 staan lang op rood. De meeste chauffeurs wilden alleen het raampje niet open draaien. Op sommige plekken hebben mensen schrik van vreemden. De oprit van de A67 is hier niet erg geschikt om te liften, om niet te zeggen ongeschikt. Het moest dus gebeuren bij de stoplichten, maar ik zag nog een optie. De N271 dus – de oude Rijksweg van Venlo naar Nijmegen.
Na het kruispunt zag ik genoeg plek, hier kunnen ze wel stoppen. Dus gewoon de duim in de lucht zonder bordje, want het is gewoon meerijden over de provinciale weg, zo ver en zo lang als het gaat. Een militair die niet aan het werk was, stopte na een minuut of tien. Het had me weer een uur ongeveer gekost, om vijf-zes kilometer op te schieten.
Hij reed naar Nieuw-Bergen, wat al een aardig stukje de goede kant op is. Genoeg ook om weer verkeer te hebben dat naar de volgende grote stad rijdt. Mijn chafffeur reed naar Vierlingsbeek en daarmee kwam ik weer terug op de A73 en wel boven het deel dat afgesloten was. Ik stelde voor om bij oprit Venray-Noord uit te stappen, want daar was ik al eens vlot en goed weggekomen. Alleen bleek die afrit afgesloten, en daarom werd het de volgende afrit: Vierlingsbeek / Overloon. En daar was het stil.
Rustig.
Heerlijk.
De wind in mijn haren.
Maar…
…niet voor lang.
Want ik werd nu door de eerste passerende chauffeur opgepikt en die reed richting Utrecht, zodat ik meereed tot tankstation De Slenk ter hoogte van Wolfheze.
Het was de namiddag en het werd tijd om alleen nog tussen tankstations te liften. Want de donkere avond is niet altijd de grootste vriend van de lifter, maar op veel tankstations brand 24 uur per dag het licht. Dus ik begon te hoppen. Na 20 minuten een rit naar tankstation De Somp, daar na 20 minuten naar tankstation De Paal en vanaf daar na tien minuten naar de afrit Enschede-Centrum op de A35. In een Citroen DS3, de éérste keer dat ik in een DS zat!
Citroen DS3Dicht bij die afrit is een bushalte. De bus naar Enschede kwam snel, en de busrit kostte niets, want de kaartlezer werkte niet.
Al bij al ben ik ongeveer 7h45m onderweg geweest en heb ik 275 kilometer gereisd. Dat komt neer op een laag gemiddelde van ongeveer 35 kmh.
24 november 2013
Enschede-MaastrichtRandy reed mij naar de omgeving van de oprit Enschede-Centrum op de A35. Het was 15h30. Ik bereikte de oprit om 15h38. We hadden samen een vergelijking gemaakt van diverse opritten langs de A35. Beide vonden wij dat die van Enschede-Centrum het meest geschikt leek om te liften.
Alleen miste ik in mijn rugzak een paar liftbordjes met daarop de namen Eindhoven, Maastricht en Deventer. Van Nijmegen had ik nog wel een oud bordje. Ik had ook één blanco bordje en een stapeltje blanco A3-tjes bij me.
Het bordje Nijmegen maakte weinig gebaren los bij de chauffeurs. Tijd voor een bordje Deventer, waarbij ik alleen de eerste letter als hoofdletter deed, want dat schijnt makkelijker leesbaar te zijn - en vriendelijker en rustiger over te komen… Liften is psychologie en wat dat betreft wist ik dat ik één ding tegen me had, mijn zwarte jas. Waar denkt een gemiddeld mens aan bij het zien van een man met een zwarte jas en blauwe jeans aan?
Na een kwartier had ik een lift naar het tankstation tussen Deventer en Apeldoorn, langs de A1. Tankstation Vundelaar. Het begon wat te regenen, maar op een tankstation sta je droog. Het was makkelijk om een chauffeur naar Utrecht of Amsterdam te vinden. Ik wilde langs Nijmegen. Maar ik realiseerde me, dat de chauffeur die via Utrecht naar Breda reed, mij ook wel verder had kunnen helpen, maar wel via een omweg. Dus richting Breda was ook een mogelijkheid.
Ik had de tijd. Er stond een vrachtwagen van Gehlen en Schols. Die zitten in Kerkrade, dus niet ver van mijn bestemming. Maar het verschil tussen een stilstaande vrachtwagen en één waarvan de chauffeur aanstalten maakt om de weg op te gaan is enorm.
Er kwam een BMW X3 met een gepensioneerd koppel met Veldhoven onder de kentekenplaat. Ik kon mee. Ze reden naar Oirschot. Na een heerlijk rustige rit stapte ik uit op tankstation Sonse Heide op de A50, kort boven Eindhoven. Ik kon mee naar Veldhoven – waar het bij de stoplichten voor de oprit vrij gemakkelijk is om een lift naar Limburg te krijgen. Maar ik koos voor Sonse Heide en daarmee voor een onbekende, voor mij nieuwe plek. De snelweg en het tankstation bestonden zelfs nog niet toen ik actief werd als lifter.
BMW X3Van 18:07 tot 19:51 was ik op Sonse Heide. Toen kwam eindelijk de verlossende “ja”, deze keer niet in de vorm van een ja, maar simpelweg het maken van ruimte in het voertuig voor mij. En mijn nieuwe chauffeur reed naar Wittem, in het zuiden van Zuid-Limburg. Hoewel zijn Volkswagen Caddy met aanhanger beide zwaar beladen waren, reed hij een paar kilometer om, langs de windmolen die symbool is van de wijk waarin ik woon.
Zo duurde de terugreis 6u05m en 275 km ofwel 45 kmh.