quote:
Martin Bril meldt dat Freek de Jonge per 1 Januari 2000 vertrekt van de voor pagina van Het Parool. Freek kan veel, maar stukjes schrijven is niet zijn grote kracht, want of de lezer nu getracteerd werd op rijmpjes over Kosovo of verontschuldigend gebabbel over Henk van der Meijden bij wie de volgende dag een onderhoud in de Telegraaf verscheen, de grote Moraalridder is een karikatuur van zichzelf geworden. 't Is de vraag of de hoofdredactie van Het Parool opgelucht adem haalt of inderdaad het aanstaande vertrek betreurt. Mijn zwerende ekster oog vreest het laatste.
Ik heb me soms gek gelachen om De Jonge, die wat mij betreft veruit de snelste en de geestigste was op de planken. En 't is met enige plaatsvervangende schaam te dat ik nu moet lezen hoe De Jonge tegen zijn natuurlijke vijand Henk praat over het contact met 'het publiek' dat hersteld dient te worden in kleine zalen.
Freek trekt geen publiek meer omdat 'ie vertegenwoordiger van een voorbije tijd is geworden. God is een wrede grappenmaker.
Namens het Rotterdamse sufferdje Het Algemeen Dagblad bereikte mij een telefoontje van filmrecensent Ab Zagt. Lang geleden heb ik de Rotterdamse Kunststichting nog eens voorgesteld de Ab Zagt-bokaal in het leven te roepen 'voor de domste bespreking van het jaar', waarbij ik garandeerde dat deze onderscheiding tenminste drie van de vijf jaar bij het AD terecht zou komen. De Rotterdamse Kunststichting deed niet aan 'incidentele projecten', liet zij per ommegaande weten.
Ondank is 's werelds loon.
Enfin, nu belde meneer Zagt met de mededeling dat 'ie mij vijf 'ondeugende' vragen voor wilde leggen. Ik legde hem uit dat ik onlangs nog twee uur van mijn leven had uitgetrokken om met AD-medewerker Hugo Borst van gedachten te wisselen over de vaderlandse televisiewereld en dat de chef van Hugo mijn woorden vervolgens 'te onfatsoenlijk' vond voor de Rotterdamse lezertjes. En dat ik een jaar geleden nog op verzoek van het AD een stukje had geschreven over hoe 't is om dik te zijn, dat eindigde met: "Maar er zijn erger dingen. Zo zal je bijvoorbeeld in Rotterdam wonen en iedere morgen het AD op de mat moeten vinden." Dat stukje werd niet geplaatst, 'want onze lezers zullen dit niet begrijpen', en ik kreeg niet betaald voor de moeite.
Kortom, ik zag geen reden mijn medewerking te verlenen aan de geweldige Ab Zagt, die meteen reageerde met: "Zullen wij dan maar niet meer schrijven over jouw films, als er nog een komt trouwens, ha, ha, ha!"
Ik was natuurlijk diep onder de indruk en hing sidderend op, want stel je voor dat het ALGEMEEN DAGBLAD niet meer over je geesteskinderen zou schrijven... Nu ja, ik deed nog wel even de hartelijke groeten aan de hoofdredactie van het AD, die parel onder de Nederlandse dagbladen.
Soms, heel soms, ben ik dankbaar in Amsterdam te wonen.
Ik zweette me een ongeluk, de afgelopen dagen, en er waren momenten dat ik de zinderende zomer vervloekte, al was 't maar omdat ik droog sta. Zijn er lezers die zich ooit prettig hebben gevonden bij onthouding van Koning Alcohol? Te vrezen valt dat ik de enige ben op de hele wereld die zich afvraagt waarom uitgerekend hij gestraft wordt met weemoed als de drank uit zijn lijf is verdwenen.
Drank is de trouwste partner die men zich wensen kan en, moet ik toegeven, 't is een heel gemis als een zo vertrouwde huisvriend verbannen is. Ik leef maar kéér en vraag me af; waarom?
Was getekend, Theo van Gogh.