quote:
Dartstalent Lennert Faes kwam dankzij Kim Huybrechts op één pijl van het profstatuut en matchen tegen de wereldtop: “Ik heb wel wat ogen geopend in België”
Geen enkele Belgische darter overleefde de ‘helse’ Q-School in de strijd om een tourkaart voor de PDC Pro Tour, de ‘eerste klasse’ van de pijlensport. Lennert Faes kwam er het dichtste bij, maar strandde op een zucht van het profstatuut. Zuur, maar de 24-jarige Kempenaar en poulain van topdarter Kim Huybrechts blikt vooral met veel trots terug op zijn avontuur in het Duitse Kalkar.
Met 506 begonnen ze eraan in Duitsland (tegenover 350 deelnemers aan de Britse Q-School). Er kwamen 63 Belgen opdagen voor de ‘First Stage’ en elf daarvan stootten door naar de vierdaagse ‘Final Stage’, waar de tourkaarten te verdienen waren: acht voor de twee beste darters van de dag en evenveel voor de top acht van de ranglijst (je kreeg 1 punt per overwinning). Andy Baetens was één van de grote favorieten en bij het begin van de laatste speeldag stonden drie Belgen in die top acht. En toch liep het nog mis.
Lennert Faes uit Nijlen strandde op de tiende plek - met evenveel punten maar een minder goed legsaldo dan nummer acht - en speelde als enige landgenoot een finalewedstrijd. Veel dichter bij de status van profdarter kon je bijna niet komen.
“Ik zit hier thuis niet te wenen”, aldus Faes aan de telefoon in een sappig Kempens accent. “Ik zit hier met een heel fier gevoel. Ik heb een fantastische week achter de rug. Nooit gedacht dat ik daar zou geraken, met toch wat namen achter mij en vlak voor mij. Ik kreeg wel een soort wauw-gevoel daardoor, dit smaakt naar meer. Ik heb hard getraind om nu te pieken. De finale van het BK halen, was al een mooi begin. En dan nu zover geraken op Q-School.... Ik kan niet anders dan tevreden zijn over mijn week.”
Faes stond op de derde speeldag bij de beste vier. Nog één zege was hij verwijderd van een tourkaart. Op de slotdag waren twee zeges voldoende geweest voor een plek bij de beste acht, maar de man met een diploma autotechniek op zak verloor in ronde twee met 6-5 tegen WK-ganger Matt Campbell.
“Ik was al vroeg wakker zondag, want ik had wel wat stress in aanloop naar het toernooi”, is de Kempenaar eerlijk. “Ik heb dan zoals gewoonlijk één croissant gegeten om daarna te vertrekken naar de zaal. Ik had veel zin om mijn pijlen te gooien en tijdens mijn drie uur opwarmen vlogen ze wel. De eerste match verliep goed, maar ook omdat mijn tegenstander minder was. Daarna kon ik tegen een landgenoot uitkomen, maar het werd Campbell. Het begon wel te kriebelen in mijn buik, want ik wist waarvoor ik speelde. Nog één zege was waarschijnlijk voldoende. Er stond heel wat volk achter mij te kijken, iedereen was zich bewust van de belangrijkheid. Ik kwam op 5-5 en toen kreeg ik in de beslissende leg een matchpijl op de bull voor een 129-finish. Toen kroop de stress in mijn lijf. Op dat moment dacht ik: ‘Als deze erin zit, ben ik prof’. Ik twijfelde nog of ik even moest pauzeren of meteen doorgooien. Ik heb dat laatste gedaan, maar de pijl zat er ver naast. Misschien had ik niet zo mogen nadenken... Ach, het mocht niet zijn. Net als tijdens die finale (tegen de Duitser Matthias Ehlers, red.). Wat een zotte dag. Ik heb toen wel wat ogen geopend in België, denk ik. Het is zonde dat ik die verloor want ik kreeg het eigenlijk een beetje cadeau omdat mijn tegenstander een van zijn minste wedstrijden gooide. Spijtig genoeg deed ik dat ook. De stress hé, het is een raar beestje. Het willen goed gooien, het te veel bezig zijn met erna, het een beetje dromen van... Zonde.”
Plan B
Zonde, maar misschien was het een geluk bij een ongeluk. Faes deed voor de eerste keer mee aan de Q-School, na een jaartje gooien op de Development Tour (de topcompetitie voor spelers tussen 16 en 24 jaar). Daar werd hij 51ste. Om dan meteen de grote stap naar de Pro Tour te maken...
“Het was misschien wel te vroeg geweest voor mij, profdarter worden. Het is niet leuk om elke week op uw kl*ten te krijgen. Dat zou mijn zelfvertrouwen helemaal naar beneden halen. Het zit er wel in, maar misschien volgend jaar dan. Ik plan nu een aantal weekends van de Challenge Tour (de competitie net onder de Pro Tour, red.) te doen, net als een aantal grotere WDF-toernooien. Als je het goed doet op de Challenge Tour kan je wel eens als reserve opgeroepen worden voor de vloertoernooien met de wereldtoppers, als die afzeggen. Dat zou al een enorme bonus zijn. Zeker voor die toernooien in Nederland, waarvoor de Engelsen al eens sneller afzeggen. Nu, de Challenge Tour is wel een kostelijke affaire. Maar je kan er wel beloond worden als je goed bent. Er zijn ook tourkaarten te verdienen via deze weg, en WK-tickets. Ik heb er dus mijn zinnen op gezet. Mijn vriendin gaat deze maand ook voor de eerste keer mee, ze steunt me volledig in mijn carrière. Qua werk is het soms moeilijker. Ik offer veel vakantiedagen op om te kunnen gaan darten, maar ik kan/mag ook meer uren werken om die dan in mijn sport te steken.”
Faes begon zo’n vier jaar geleden intensief pijlen te gooien. Hij had ooit een bord van zijn opa gekregen, dat initieel niet heel vaak gebruikt werd, maar op den duur zowat zijn beste vriend werd. Darts is intussen een bekende sport in ons land, maar toch blijft het moeilijk om de reizen naar het buitenland te bekostigen. Gelukkig heeft Faes enkele sponsors, waaronder Dartshop Hurricane. Dat is de bijverdienste van Belgische dartsicoon Kim Huybrechts.
“Het is in ons land nog altijd niet simpel om sponsors te vinden”, stelt Faes. “Als ze in Nederland merken dat je goed bent, zijn er sneller mensen die je ondersteunen. Hier moet je al echt iets gepresteerd hebben. Wat Kim voor mij doet? Hij is mijn materiaalsponsor, via zijn winkel in Nijlen. Als ik dus iets nodig heb, kan ik altijd bij hem terecht. We trainen ook samen. In essentie kan ik altijd op hem rekenen, als het pas in onze agenda natuurlijk. Ik heb altijd naar Kim opgekeken, nu nog altijd. Ik heb al enorm veel van hem geleerd. Het belangrijkste: vertrouwen hebben in mezelf. Dat is bij mij vrij laag. Ik ben een gewone gast, zeer bescheiden dus met de voetjes op de grond en altijd rustig. Als je dart, moet je echter ook eens je tegenstander kunnen ‘opeten’. Dat is iets waar hij mij enorm mee kan helpen, gezien zijn ongelooflijk palmares.”
Lennert heeft ogen geopend.