1.Zo overkwam het me een keer dat ik samen met een vriend van me in het centrum van Amsterdam een pand had gekraakt. Het was werkelijk een onwijs groot pand. Drie verdiepingen, acht kamers. Nadat we een woonkamer en twee slaapkamers hadden ingericht op de eerste verdieping zaten we een keer voetbal te kijken op TV toen die vriend van me zei: 'Hey man, wat gaan we eigenlijk met al die andere kamers doen? Ik bedoel, 't Is zonde van de ruimte als we daar niks mee doen, ja toch?' Ik sloot me bij hem aan. Dat niet alleen, ik had een goed idee.
Het begon allemaal met een advertentie op internet die las: 'Gezocht, vrouwelijke huisgenote, etc. etc. Bel;' Binnen een week hadden we zevenentwintig reacties. Bij de eerste was het gelijk raak. Dit meisje heette Sarah, was 17 jaar oud en kwam uit Vucht. Ik had op een dag met haar afgesproken bij de dichtsbijzijnde tramhalte om haar het huis te laten zien en even te praten met haar en die gozer waarmee ik dat pand had gekraakt of dit was wat we allemaal zochten.
Ik werd die dag wakker om elf uur, ik had om half twaalf met haar afgesproken. De gozer waarmee ik het pand had gekraakt lag nog te slapen. Ik liep naar zijn slaapkamer, klopte op de deur en zei: 'Hey man, ik ga dat meisje even ophalen. Zet jij alvast alles klaar?'
'OK', zei hij.
Bij de tramhalte stond een mollig meisje, met een vriendelijk gezicht. Ik liep naar haar toen en zei: 'Hey, ben jij Sarah?'
'Ja.', zei zei.
'OK. Prettig kennis te maken, ik ben Xander.', zei ik en ik schudde haar de hand.
'Nu ja, luister,', ging ik verder, 'ik zal eerlijk met je zijn. Die gozer van wie het pand is, is een volkomen idioot. Ik heb geen flauw idee hoe hij er ooit in geslaagd is om aan dat huis te komen, hij waarschijnlijk zelf ook niet, maar feit is; het huis is van hem.'
'OK.', zei ze.
'Dus dit is wat we gaan doen. We gaan er zo naar toe en dan heb je even een gesprekje met hem. Ik zit daar wel bij en zal ook zo nu en dan wel iets zeggen, maar heb eigenlijk niets te vertellen. Uiteindelijk beslist hij of je de kamer kan krijgen of niet, hebbie'em?'
'Jaja, ik heb 'm.'
'Kijk, het zit zo, als je hier alleen wil komen wonen omdat je een dak boven je hoofd nodig hebt, OK, maar zo zijn er nog duizenden dus dan is er geen enkele reden waarom perse jij die kamer moet krijgen in plaats van iemand anders. Om ervoor in aanmerking te komen moet je hem er op de een of andere manier van overtuigen dat je een toevoeging bent of kan zijn aan het geheel, aan wat we daar gaande hebben. Daar is dat gesprekje dus voor, daarmee geven we jou de mogelijkheid om ons daarvan te overtuigen, OK?'
'OK.'
'Er staat natuurlijk wel iets tegenover. De kamer is iets minder dan dertig vierkante meter, keurig onderhouden, je hoeft niets aan verf of vloerbedikking te doen, je hebt je eigen WC, er ligt al een matras wat je zo mag hebben - als je 'm niet wil hebben gooien we het gewoon voor je naar buiten, en voor dit deel van de stad is het echt stront- en strontgoedkoop.'
'Ik weet 't.'
'Ik zeg je een ding; er zitten alleen geen ramen in.'
'Hoe bedoel je, er zitten geen ramen in?'
'Nu ja; er zitten wel ramen in, maar die zijn op last van de gemeente dichtgetimmerd. Het is eigenlijk een slooppand, maar maak je geen zorgen. We hebben een dikke procedure lopen en met hoe die dingen hier tegenwoordig gaan kunnen we hier zeker de komende vijf a zeven jaar nog wonen. Daarom is het ook zo goedkoop.'
'OK, als jij het zegt.'
'Even denken of er iets is wat ik nog niet heb gehad...Heb jij nog vragen?'
'Nee. Niet zo snel in ieder geval.'
'Weet je wat, je ziet het zo wel.', zei ik.
2.Het was ongeveer een minuut of drie lopen van de tramhalte naar het huis. We liepen, zwijgend, en onderwijl rookte ik een sigaret. Toen we aankwamen zei ik: 'Dit is het', en het meisje knikte. Ik deed de deur open, liep met haar een trap op, nog een trap op, een gang door en stond stil voor de kamer die wellicht de hare zou kunnen worden. Ik zei: 'OK, luister. Die vent van die dat pand is wacht hier binnen. Voor we naar binnen gaan zeg ik je nog een ding. Het is, zoals ik al eerder zei, een volslagen idioot. Laat je niet opnaaien door die vent, OK?'
'OK', zei ze en we gingen naar binnen.
Aan de andere kant van de kamer dan waar het matras lag had hij drie stoelen en een tafel en een staande lamp neergezet. Als die lamp er niet had gestaan, zou het stik- en stikdonker zijn geweest met die dichtgetimmerde ramen. Buiten dat om was het werkelijk een hele mooie kamer. We kwamen binnen, die de vent waarmee ik het pand had gekraakt zat op een van de stoelen achter de tafel, keek ons aan, stond op en zei: 'Oh ja?! Wat is dit voor een baggersloot dan?'
'Wat dan?', vroeg ik.
'Gozer, dit kan je toch gewoon niet menen?', zei hij.
'Wat kan ik niet menen?'
'Ik heb je nog zo gezegd gozer, geen dikke wijven. Ik knijs het niet hoor!'
'Luister,', zei ik, 'wil je dit doen of niet?'
'Wil ik dit doen. Jezus. Nou ja, het moet maar.', zei hij. Hij ging weer zitten. Ik keek naar het meisje en wees een stoel aan, zei ging ook zitten. Ik nam plaats naast de gozer waarmee ik het pand had gekraakt.
'Laten we dit dan maar zo snel mogelijk afhandelen.', zei hij, 'Xander, zoals je ziet ligt er een blocnote en een pen op de tafel en ik wil dat jij alles opschrijft zoals het hier gezegd en verzwegen is want zoals je weet ben ik nogal vergeetachtig van natuur en ik wil niet hebben dat als ik mijn beslissing ga nemen over of we dit meisje deze kamer waar wij hier nu allen aanwezig zijn geven dat ik dan niet eens meer weet dat er een meisje is geweest dus schrijf maar op 'Amsterdam, 17 juli 2004, er kwam een meisje naar de kamer kijken.' Nu ja; heb je dat staan Xander?'
Ik schreef het snel op en zei: 'Ja.'
'OK. OK. OK. Ik denk dat het in de interesse is van de betrokken partijen alhier dat we dit zo snel mogelijk af handelen zodat we weer de dingen kunnen die het leven daadwerkelijk leefbaar maken zoals sigaretten roken en voetbal kijken op de TV. A-hum, ja, ja. Uhm. Ik zou je willen vragen zo kort mogelijk te antwoorden, het liefste altijd met een woord tenzij de vraag er toe dwingt meer te gebruiken maar als je dat doet terwijl het daadwerkelijk niet nodig was geweest - dat wil zeggen; meer woorden dan een gebruiken - zal ik je alvast vertellen dat je dan elders op zoek kan naar woonruimte, is dat begregen?', vroeg hij.
'Ja.', zei het meisje.
'OK. OK. Mooi zo, dat is heel goed. Hoe heet je?'
'Sarah.'
Van achteren?'
'De Waal.'
'Hoe oud ben je?'
'Zeventien.'
'Waar kom je vandaan?'
'Vucht.'
'Wat doe je in Amsterdam?'
'Studeren.'
'Wat?'
'Ik ga hier in september beginnen met studeren.'
'Ja, godverdomme, wat ga je studeren?'
'Psychologie.'
'OK. Xander heb je dat allemaal staan, thans de grote lijnen?'
'Ja.', zei ik.
'Mooi zo, klijk, kijk - hoe heette dat meisje ook alweer Xander?', vroeg hij.
'Sarah.', zei ik.
'OK. Sarah, kijk, dat hebben we nu gehad. Dat was allemaal leuk en aardig zo'n kennismaking maar het zal ons werkelijk niets interesseren hoe oud je bent, waar je vandaan komt, wat je gaat doen. etc. etc. want we zijn hier niet om statistieken te verzamelen immers, waren wij dat wel geweest dan had ik wel naar je schoenmaat gevraagd. Ben je vruchtbaar?'
'Vruchtbaar?', vroeg het meisje.
'Ja, vruchtbaar. Kan je klaven?'
'Kalven?'
'Ja, kalven, kalven. Jij bent een koe en koien krijgen kalfjes. Kan je kalven?'
'Ik zou het niet weten.'
'Wat denk je, wat denk je?'
'Wat, of ik zwanger kan worden?'
'Ja, ja. Of je kan kalven of niet.'
'Ik zou niet weten waarom niet.'
'Een spiraaltje.'
'Een spiraaltje?'
'Heb je een spiraaltje?'
'Nee.'
'Mooi zo, dat is heel mooi. Dat vinden wij fijn om te horen. Nu ja; zou je gemist worden?'
'Gemist?'
'Ja, als je zou verdwijnen, zou je dan gemist worden?'
'Ik neem aan van wel.'
'Wie zou je komen zoeken?'
'Ik denk m'n moeder.'
'OK. OK. OK. Nog anderen?'
'Nou, als ik zomaar zou verdwijnen dan zou iemand me wel komen zoeken mag ik hopen.'
'Heb je veel vrienden, veel vriendinnen, Sarah?'
'Niet zo veel. Wel hele goede.'
'Zouden die je komen zoeken?'
'Ik neem aan van wel ja.'
'Wat nu als iedereen denkt dat je in Amsterdam woont en je allemaal nieuwe vrienden hebt gemaakt en het heel druk hebt met je studie en alles geweldig is en we werkelijk geen ene reden hebben om ons zorgen te maken over wat dan ook want de zon komt iedere dag op en gaat dan ook weer onder en het is
so fab, the big city etc. etc. en je studie en blablablabla?'
'Dan is het een heel ander verhaal natuurlijk.'
'Zouden ze je dan komen zoeken?'
'Nee, maar dan ben ik toch ook niet verdwenen?'
'OK. OK. OK. Dan houden we het daarop. Luister, wil je deze kamer hebben?'
Ze dacht even na, keek nog even rond en zei toen: 'Ja, heel graag.'
'OK. OK. OK. Dat was genoeg, ik kan niet nog meer horen. Xander, ik hoop dat je het allemaal met de hand hebt uitgeprint op de blocnote en je nu de goedheid in je hart kan vinden om haar met spoed, hop hop hop, geen tijd te verliezen, zo snel mogelijk doch heel vriendelijk de deur kan wijzen en dan laten we haar zo snel mogelijk weten of ze voortaan naar een Amsterdams in plaats van een Vuchts plafond kan staren terwijl ze haarzelf in slaap huilt en dan komt het allemaal goed of denk je er heel anders over?', vroeg hij.
'Ik laat haar wel even uit.', zei ik.
We liepen de kamer uit, de gang door en de twee trappen af. Ik deed de deur voor haar open. Ze stond in de deuropening en vroeg me: 'En, wat denk je?'
'Ik weet het niet. Wat denk je er zelf over?'
'Nou ja, ik vond het wel een beetje vreemd hoor, dat gesprekje. Wat hij allemaal vroeg en zei. Het is wel een hele mooie kamer, zonde van de ramen alleen maar daar kan ik wel iets op verzinnen denk ik.'
'Ja, trek je niet zoveel aan van die vent. Hij probeert je gewoon een beetje op te naaien, als je hem eenmaal een beetje beter leert kennen prik je daar wel door heen. In ieder geval; je wil die kamer nog wel hebben?'
'Ja, heel graag.'
'Ik zal m'n best voor je doen, van mijn part kan je er zo in.', zei ik.
'Dank je wel.', zei ze.
'OK. Kan je zelf de tramhalte weer vinden of moet ik even met je meelopen?', vroeg ik.
'Nee, dat lukt wel hoor, dank je.', zei ze.
3.'Ze is te dik.', zei de gozer waarmee ik het pand had gekraakt.
'Wat nou te dik?', vroeg ik.
'Ik vind haar te dik.'
'Luister, alles goed en wel maar daar gaat het helemaal niet om. Het gaat erom wat de klanten vinden en de klanten zijn alleen geinteresseerd of het ademt en of er een kut op zit en dat kan ze eigenlijk ook niet zoveel schelen. Nu vraag ik je; ademt het en zit er een kut op? Zo ja, dan is het OK.'
'Vertel me een ding; welke kok proeft er nu niet van zijn eigen eten?'
'Nee echt, dat meen je toch niet? Wou jij er ook nog op?'
'Nou ja, als het even zou kunnen.'
'Wat ben jij een smeerpijp zeg.', zei ik. Hij lachtte en zei: 'In ieder geval, laten we het allemaal nog een keertje doornemen, gewoon voor de zekerheid.'
'OK, als jij dat wilt, als jij dat wilt.'
'Al met al zijn we dus zo'n honderdvijfitg euro per maand kwijt aan haar eten, drinken en eventuele acute medische zorg die ze nodig heeft, gewoon om haar levend en gezond te houden. Daar staat dus tegenover dat we, als ik jou moet geloven, twintig a dertig klanten per maand kunnen krijgen die bereid zijn daar tweehonderd euro voor neer te leggen, ja toch?'
'Ja.'
'Weet je het zeker?'
'Luister. Ze is zeventien. Ze mogen ermee doen wat ze willen. Je hebt geen idee wat hier allemaal aan gekken rondloopt in Amsterdam. Twintig a dertig is nog aan de magere kant.'
'OK. Dan nog iets. Als ze zwanger raakt heb je ook een adresje voor dat kind, toch?'
'Ja. Die mensen lappen er tienduizend euro voor, maakt niet uit hoe dat kind eruit ziet, als het maar redelijk gezond is. Ik heb ze verteld dat ik binnen een jaar een baby voor ze regel.'
'En dat gaat lukken?'
'Nou ja, als er elke maand dertig man overheen gaat.'
'OK, nog een ding dan. Is de kamer in orde?'
'Yep.'
'Ramen zijn goed afgesloten?'
'Ja.'
'Slot zit op de deur?'
'Ja.'
'Niks van scherpe of zware dingen waarmee ze zichzelf iets aan zou kunnen doen? Geen ijzeren veren in het matras?'
'Het enige wat ze kan doen is met haar hoofd tegen de muur slaan. Ten eerste zijn dat gipsplaten, dus die begeven het eerder dan dat haar hoofd dat doet en ten tweede zouden we dat moeten horen.'
'Perfect. Nou ja, is er nog iets wat jij kwijt wilt, want anders denk ik dat we wel klaar zijn.'
'Nee hoor. Het is me allemaal kraakhelder.'
'OK, mooi zo, mooi zo. Wat mij betreft kan je haar dan bellen.'
'Ja, zal ik dat dan maar gelijk doen?'
'Ga je gang.'
Ik pakte mijn mobiel uit mijn zak en belde haar op. Na drie keer overgaan nam ze op met: 'Hallo?'
'Hey, met Xander.', zei ik.
'Oh, hoi Xander!', zei ze.
Ik zei: 'Gefeliciteerd. Je hebt de kamer.'
![]()
.
U wordt van allen hartelijk uitgenodigd een titel te verzinnen. Andere reacties zijn ook welkom.
"The world will note that the first atomic bomb was dropped on Hiroshima, a military base."