Nog een 'alledaagse' droom die mij zojuist te binnenschiet...
Ik herinner mij nog levendig dat ik als kleine jongen van een jaar of zes, gedurende een periode van ongeveer een half jaar, vrijwel dagelijks dezelfde droom had. De droom begint wanneer ik ontwaak in de donkere kelders van een groot kasteel. Er hangen ketenen aan de muren en door scheuren in het plafond lopen druppels water via de muren naar grote plassen op de betonnen vloer.
Versuft kijk ik om me heen en merk op dat ik in een plas water zit. Terwijl ik mij probeer te herinneren hoe ik hier terecht gekomen ben, bekruipt mij het gevoel dat ik door iets of iemand ik in de gaten gehouden, of zelfs bespied word. Ik kijk vluchtig om me heen, maar zie nergens schilderijen met bewegende ogen hangen, en kom tot de conclusie dat het mijn verbeelding moet zijn.
Enkele minutenlang probeer ik verwoed mijn geheugen weer te activeren, maar tevergeefs. Totdat ik in mijn ooghoek iets zie bewegen... Verschikt spring ik op, klaar om het monster dat mij op (s)linkse wijze probeert te besluipen, het hart uit te rukken.
Om een of andere mysterieuze reden ben ik echter totaal niet verbaasd wanneer ik mijn belager in zijn volle glorie gewaar word. Het blijkt een klein donzig geel eendenkuikentje te zijn. Alsof hij langs de oever van een met gras omzoomd Hollands slootje achter zijn moeder, broertjes en zusjes aanloopt om weldra zijn eerste zwemles te krijgen, waggelt hij rustig voort.
Plots komt mijn geheugen (gedeeltelijk) weer terug... ik was met een wonderschoon meisje in een met bloembedden bedekt heuvellandschap aan het rondrennen (ja, ik was nog erg jong, onschuldig en volstrekt onbekend met die geneugten van het leven, dewelke mijn droom nu tot een - aangezien het hier erg jonge kinderen betreft - voor pedoseksuelen, danwel -fielen, ware traktatie zouden kunnen maken)
Wij renden dus vrolijk door de heuvels, zij al bloemenplukkend en met een schaterlach, ik stoer en enigszins verliefd, wanneer een enorme dreun op mijn hoofd plotseling het licht uit doet gaan.
Ik moet haar redden, denk ik heldhaftig. Wie weet wat een gruwelheden haar te wachten staan, of zelfs op dit moment reeds te beurt vallen. Paniekerig begin ik door de kelders te rennen, en roep ik haar naam (die mij nu even onschoten is :') ).
Ik blijf rennen en roepen, maar alles tevergeefs. De kelders lijken een doolhof, en ik kom almaar terug op de plaats waarvan ik vertrokken was. De moed zinkt mij in de schoenen en tranen springen in mijn ogen. Mijn prinses!
Dan komt daar Mickey Mouse de hoek om rennen. Terwijl hij rent kijkt hij angstig achterom, waardoor hij mij niet ziet staan en in volle vaart tegen mij aan rent. Mickey schrikt zich dood en schreeuwt het uit. Nadat ik hem met veel moeite tot bedaren heb weten te brengen, vertelt hij zijn verhaal.
We blijken ons in het kasteel van een reus te bevinden. (Het kasteel van Jaap en de bonenstaak
![]()
). Mickey is op de vlucht voor de reus die hem op wil eten. Ik vertel hem over mijn prinses, die naar alle waarschijnlijkheid in de handen van de reus is gevallen, en na veel wikken en wegen blijkt Mickey bereid mij te helpen haar te vinden.
Via een luik in het plafond komen wij in het woongedeelte van het kasteel. Wat we hier allemaal tegenkomen, en hoe het eruit ziet zal ik jullie besparen, aangezien ik ervan uitga dat jullie redelijk bekend zijn met dit verhaal.
Het loopt als volgt af... Al snel ziet de reus ons lopen, en komt op ons af. Wij proberen weg te rennen, maar hij is uiteraard veel sneller. Op het moment dat hij met zijn enorme (stink)voet op het punt staat ons (of in ieder geval mijn) leven voortijdig te beeindigen, kom ik met de schrik vrij en ben ik gelukkig wakker..
[ Bericht 0% gewijzigd door kLowJow op 16-05-2004 03:20:01 ]