Voor degenen die zowel ervaring hebben met katers als poezen, welke verschillen merken jullie op?
Ik heb nu zowel een kater als een poes. Het poesje is wat kleiner, maar verder lijken ze qua uiterlijk zo op elkaar dat ik moeite heb om ze uit elkaar te houden.
Qua gedrag zijn ze wel heel anders. De ene is duidelijk een jongetje en de ander een meisje. De kater is heel vocaal en wilt continu aandacht (zeurt vooral om eten

) Hij was relatief snel aan mij gewend, is heel aanhalig en heeft er geen enkele moeite mee als ik hem optil. Hij is heel speels en haalt dan acrobatische toeren uit met hoge lenige sprongen, dus ik verwacht dat hij goed kan jagen en dan ook op vogels jaagt.
Het poesje is meer timide en had veel langer de tijd nodig om aan mij te wennen. Opmerkelijk is wel dat als ze zag dat de kater zich bij mij vertrouwd voelt, zij ging spinnen en mij vervolgens meer durfde te benaderen. Wat betreft het verkennen van de omgeving neemt zij veel meer het initiatief.
Qua spelen was ze ook veel meer timide, totdat ik het rode laserlampje ging proberen. Dat vindt ze helemaal geweldig en dan wordt ze net Roadrunner die als een speer achter dat lichtje gaat. De kater wordt vervolgens weer getriggerd als hij zijn zusje zo snel ziet rennen en dan jaagt hij op haar. Het is maar een spel en ze kan goed van zich afbijten als bovenop haar springt (ze zijn wel allebei gesteriliseerd). Voor haar een goede oefening om zich als klein poesje te leren verdedigen tegen andere katten.
Ze vertrouwt mij inmiddels wel. Komt graag knuffelen als ik op de bank zit. Het katertje wilt dan ook knuffelen, echter het poesje is dan een diva die de meeste aandacht claimt. Ik word dan door haar gelikt. Wat zij wel doet en het katertje niet, is mij voorzichtig bijten.
Volgens mij zijn het wel redelijk slimme katten. Het ziet er wel maf uit als de kater tegen zijn reflectie miauwt en niet snapt dat hij dat zelf is, maar als ik het goed begrijp is het wel een teken van intelligentie als hij reageert op zijn spiegelbeeld. Het poesje doet dat niet, maar als ik het laserlampje in mijn handen heb maar nog niet heb aangezet, snapt zij wel dat ik degene ben die dat lichtje aanzet en dat ik dus met haar speel. Daardoor is zij aanhankelijker geworden. Ik praat vaak tegen de katten en het poesje die normaal eigenlijk helemaal niet zo vocaal is, miauwt wel steeds vaker tegen me.