quote:
Amsterdam die grote stad, die is gebouwd op palen. Als die stad eens ommeviel, wie zou dat dan betalen’. In heel Mokum is het rijmelarijtje deze dagen op ieders lippen. ’Uit moeras komen we, en tot moeras zullen we wederkeren’, varieerde een godsvruchtige Amsterdammer vrijelijk. De Noord/Zuidlijn laat de grondvesten schudden en beven. Funderingsdeskundige Victor de Waal ziet zichzelf nog staan TA3 voor de tv-camera’s, in de maanden voor de beslissing viel. Bezemsteel bij wijze van heipaal in de hand om te laten zien wat er zou gebeuren als die Noord/Zuidlijn zou worden aangelegd. Nog voor de tunnelboor daadwerkelijk de grond inging, kreeg hij gelijk. „Maar een weg terug is er niet. Het is duurder om dit nu af te blazen, dan om door te zetten.”
Funderingsdeskundige Victor de Waal voorspelde 10 jaar geleden al dat het mis zou gaan bij Noord/Zuidlijn
„Het is duurder ombouw nu af te blazen, dan door te zetten”
„VERKEERD VOORGELICHT”
„Waarom geven bestuurders van toen niet toe dat ze fout zaten?”
door MARIE-THÉRÈSE ROOSENDAAL
AMSTERDAM, zaterdag
Victor de Waal was allerminst verbaasd over de verzakkingen van de panden aan de Amsterdamse Vijzelgracht. Al toen de Noord/Zuidlijn nog slechts een wild plan was, waarschuwde hij voor het verzakken van panden en scheuren in muren. „Dat is onvermijdelijk naast een bouwput van deze grootte.”
De Waal, directeur van het Amsterdamse funderingsbedrijf Walinco, is ervaringsdeskundige. Hij leeft ervan: „Als het misgaat, worden wij gebeld. Uit het hele land trouwens, niet alleen Amsterdam. Naast een bouwput, groot of klein, als mensen de grond ingaan, gaat het vaak fout. Ik weet niet beter, heb van jongs af aan niet anders gehoord. Mijn grootvader deed dit al, mijn vader nam het over, en ik zit al zo’n 25 jaar in het vak. Voor hen waren ondergrondse activiteiten nabij oude funderingen al vrijwel synoniem met schade aan belendende percelen. Sommige mensen willen details zien, heel precies weten waar er wat mis kan gaan. Als ze dáár graven, dan verzakt het dáár… Maar eerlijk gezegd kan ik dat niet uitputtend weergeven, er kan zoveel gebeuren…”
Hij is voor ondergronds bouwen, maar dan op een minder risicovolle manier.
Bezemsteel
Maar dat het met die Noord/ Zuidlijn fout zou gaan, voelde De Waal op zijn klompen aan. „Eind 1996, begin 1997, vóór het referendum, waarschuwde ik daarvoor.” Grinnikend: „Ik zie me nog staan, voor de camera van AT5 (de lokale tv, red.). Bezemsteel bij wijze van heipaal in mijn hand om te demonstreren wat er zou kunnen gebeuren als die tunnelboor de grond in ging.”
Bij dat referendum in 1997 stemde overigens de meerderheid tegen de Noord/Zuidlijn, maar de uitslag was niet geldig omdat er, volgens een ingewikkelde regeling, niet genoeg stemmers kwamen opdagen. Er waren 123.198 kiezers, van wie er 79.861 tegen waren. Maar voor een succesvol referendum moest het aantal neestemmers groter zijn dan de helft plus één van het aantal stemmers bij de laatste gemeenteraadsverkiezing. Dan hadden er 154.935 tegenstemmers moeten zijn.
„Destijds heb ik gezegd dat het bij een groot project als dit, dat kilometers oude binnenstad beslaat, haast onvermijdelijk is dat er panden verzakken, dat mensen hun huis uit moeten. Dat wist iedere deskundige. Maar de woordvoerders garandeerden dat er niets zou gebeuren. ’Nee, als er ook maar één pand gesloopt zou moeten worden, dan zou de aanleg niet doorgaan’. Als de gemeenteraad dít had geweten, hadden de raadsleden tegen gestemd, dat weet ik zeker. Dan was die Noord/Zuidlijn er nooit gekomen. Dat die risico’s er zijn, is zo. Bij elke bouwput. Kwalijk vind ik dat ze werden verzwegen. Wij zijn verkeerd voorgelicht, misleid.”
De eerste verzakkingen zijn er en dan moet de zogeheten mol, de tunnelboor, nog de grond in. Heel Amsterdam mekkert: ’Welke idioot graaft dan ook in het moeras’. „Zo ongenuanceerd zit het nou ook weer niet, al gaat het wel om een slappe zandlaag onder die palen. Ik zeg niet dat het niet kan. Maar ik vind het onbegrijpelijk dat er niet eerst een proeftunnel ergens in de stad is geboord, om te kijken hoe dat uitpakt. Want deze grond is niet te vergelijken met een project in bijvoorbeeld Rotterdam of Brussel. ’t Zou me niks verbazen als uiteindelijk de grond helemaal open moet en het een kilometerslange open bouwput wordt.”
De Waal zoekt naar een voorbeeld: „Er zijn veel manieren waarop iets mis kan gaan. Als jij een schep zand weghaalt onder een boot op het strand, gebeurt er niets; die oppervlakte is zo groot. Maar haal één schep weg onder de poot van een strandstoel en je kantelt. Zo gaat dat ook met palen. Veel funderingen zijn met het oog op de aanleg van de Noord/Zuidlijn vernieuwd. Wij hebben het Franse instituut Maison Descartes nog gedaan.”
Op de achterkant van wat papiertjes schetst hij situaties. „Wat als die tunnelboor straks door de grond gaat. Dan kan een huis binnen een seconde scheuren en ’krak’ zeggen. Behoorlijk angstaanjagend, dat klinkt zo eng dat mensen meteen hun huis uitvluchten. Ik heb in mijn eigen huis, toen ik het vijzelde, ook van die kleine krakjes gehoord. Vaak is niet eens te zien wat er aan de hand is, want de scheuren zitten ondergronds of in de muur. Als ik een huis had aan de Vijzelgracht, zou ik daar ’s nachts gewoon lekker slapen hoor. De boel zal heus niet als een kaartenhuis instorten, de kans dat het dak op je hoofd valt, is heel erg klein.”
„Ik vind wel dat de gemeente moet betalen, mensen schadeloos moet stellen. En ze niet eerst twintig jaar laten procederen en laten bewijzen dat het door de aanleg van de metro komt, tot ze dood zijn en uiteindelijk de erfgenamen de strijd opgeven. Als adviseur ben ik wel betrokken geweest bij een dergelijke juridische strijd, afschuwelijk. Dan roept één professor dat het niet door die bouwput kan komen… Zo gaat dat vaak.”
Victor de Waal denkt dat de panden nog wel in de oude staat kunnen worden gebracht. „Ook het huis dat 23 centimeter is verzakt, is waarschijnlijk wel te herstellen. Een kostbare zaak, misschien is het goedkoper om het af te breken, en steen voor steen weer op te bouwen. Maar dan is het nieuwbouw en geen monument meer. En die wevershuisjes staan in elk architectuurboek, ze hebben ook een grote emotionele waarde. De gemeente moet gewoon betalen; voor het herstel, de waardevermindering, de hotelkosten, bedrijfsschade, emotionele schade, en doe die mensen als goedmakertje ook nog een vakantie cadeau. Dat ze straks juist blij zijn dat ze aan de Vijzelgracht wonen of woonden… Die kosten zijn peanuts vergeleken bij het totaal.”
Juist, en dan de stekker eruit, bouwputten dichtstorten met zand en nooit meer naar omzien?
„Een weg terug is er niet. Het is duurder om dit nu af te blazen, dan om door te zetten.” Hoofdrekent snel voor: „Het boren moet nog beginnen en ik zeg niet dát dat op chaos uitloopt, maar stel dat élk huis aan de route verzakt. Ze hebben al voorspeld dat ze hooguit drie centimeter verzakken, maar dat is nogal wat… Stel dat herstel – de een wat meer, de ander wat minder – per huis gemiddeld drie ton kost. Op een pandbreedte van vier meter komt dat neer op 75.000 euro per meter, maar er zijn twee straatkanten, dus dat is 150.000 euro de meter. Per kilometer komt dat neer op 150 miljoen euro; voor drie kilometer is dat, ruim genomen, dan 500 miljoen euro. Dat is minder duur dan stoppen met de bouw, want die kost al 2 miljard. Je gooit niet 2 miljard euro weg om 500 miljoen te besparen. Tenzij de burgerij in opstand komt met knotsen en bijlen, gaat de aanleg door….”
„De afweging is simpel: kosten tegen risico. Als bouwvakkers werkzaamheden uitvoeren op een steiger is de kans groot dat er een stuk steen naar beneden valt en dat die kei op het hoofd van een voorbijganger terechtkomt. Het leed is dan niet te overzien, maar het kan voorkomen worden door een stuk doek. Dat is heel goedkoop, dus dek je die steiger af.”
„Zo is zowat elk risico uit te bannen, maar dat kan ook heel duur zijn. Stel dat jij een kelder onder je huis laat graven. Dan is er een kans dat de muren van de buurman scheuren: een schade van honderdduizend euro. Nou is dat risico uit te bannen en te voorkomen door maatregelen te treffen, maar die kosten tweehonderdduizend euro. Dan moet je wel erg veel van je buurman houden om die twee ton te investeren. Dan kan je immers beter het risico van één ton lopen: dat is én de helft goedkoper én bovendien betaalt de verzekering dat.” Zo ontluisterend simpel werkt het dus, in het algemeen gesproken.
Parijs
Victor de Waal weet nog niet of hij ooit in de Noord/Zuidlijn stapt. „In die metrolijn in AmsterdamOost – daar woon ik toevallig – heb ik maar één keertje gezeten… Ik heb er niks te zoeken, de tram komt ook overal. We zijn geen Parijs waar er om de drie minuten eentje komt aanrijden…”
Waarom dan toch een metro?
„Ja, dat kwam zo: na de Deltawerken riep iemand in de jaren negentig ’we moeten ook ondergronds furore maken’. Gingen er commissies en werkgroepen naar Japan, politici werden voor karretjes gespannen, te mooie verwachtingen gewekt. De bestuurders van toen zitten nu elders op het pluche. Niemand maakt echter schoon schip, niemand geeft toe dat ze fout zaten. Ik vraag me af: waarom niet? Dat is toch gewoon normaal en zoals het hoort?”