abonnementen ibood.com bol.com Coolblue
pi_176879142
registreer om deze reclame te verbergen
FOK!toen: 01-02-1953 de Watersnoodramp

Sint-Ignatiusvloed, Beatrixvloed, de stormramp, de watersnoodramp, de watersnood van 1953. Verschillende namen voor dezelfde ramp. De ramp die zich voltrok in de vroege uren van zondag 1 februari 1953 en die alleen al in Nederland het leven kostte aan 1836 mensen.

Uitzonderlijke omstandigheden
Een zware noordwester storm met orkaankracht boven Schotland ontwikkelde zich op 31 januari over de volle lengte van de Noordzee en stuwde het water door de trechtervorm van de zee op tot enorme hoogte. De lange duur van deze storm (In Den Helder mat men op 31 januari en 1 februari een gemiddelde windsnelheid van windkracht 8) in combinatie met een springvloed bleek funest voor veel slecht onderhouden dijken in Zeeland, Zuid-Holland en Noord-Brabant. In totaal zou bijna 18 kilometer dijk bezwijken en 165.000 hectare land onderlopen.

180130_168091_watersnoodramp2.gif
Weerkaart 31 januari 1953

Zaterdag 31 januari
Vanaf zaterdagmorgen maakte de Stormvloedseindienst, nu nog bestaand als Stormvloedwaarschuwingsdienst in opdracht van het KNMI , bij geabonneerde dijkbeheerders, waterkeringbeheerders en gemeentes melding van een opkomende 'zeer zware noordwesterstorm'. Het waterpeil tijdens laagwater in de avond beloofde niet veel goeds. Het peil stond op dat moment ongeveer even hoog als normaal bij hoogwater. In de weersverwachting van het KNMI van die avond waarschuwde men voor 'gevaarlijk hoogwater', op dat moment de hoogst mogelijk staat van alarm. Deze waarschuwing werd door velen niet op de juiste waarde geschat. Hierdoor mislukte een poging van de Stormvloedseindienst en KNMI om de radiozenders Hilversum 1 en 2 gedurende de nacht in de lucht te houden. Deze sloten, als normaal, na het laten horen van het Wilhelmus om middernacht. Ook de bemande telefooncentrales sloten op de voor hen normale tijd.

Het weerbericht van 31 januari met daarin de waarschuwing van de Stormvloedseindienst:

Veel waterschappen en gemeentes waren echter niet geabonneerd op meldingen van de Stormvloedseindienst en ontvingen hierdoor de waarschuwing niet. Ondanks dat de ernst van de situatie goed was ingeschat gingen honderdduizenden mensen hierdoor ongewis de nacht in en zouden door het water worden verrast.
In the fell clutch of circumstance
I have not winced nor cried aloud.
Under the bludgeoning of chance
My head is bloody, but unbowed.
pi_176879147
Zondag 1 februari

Tussen 04.00 en 06.00 uur braken overal in het getroffen gebied dijken door. Tijdens deze eerste vloed stroomde het water op sommige plaatsen zo hard de polders in, dat bijvoorbeeld dorpen als Oude- en Nieuwe-Tonge binnen een half uur twee tot drie meter onder water stonden. Op andere plekken verliep de overstroming geleidelijker. Zo bereikte het water Ooltgensplaat, 8 km bij Oude- en Nieuwe-Tonge vandaan, pas rond 07.00 uur, en steeg het water daar tot een hoogte van zo'n twee meter. Op Duiveland werd de hoogste waterstand zelfs pas in de loop van de zondagmiddag bereikt. Door de snelheid van het water werden veel mensen verrast in hun slaap. Honderden konden niet op tijd een veilig onderkomen vinden en verdronken. Sommigen na uren aan een dakgoot of in de kruin van een boom te hebben gehangen. Anderen wisten nog net naar hun zolders of daken te vluchten. Mensen die naar de dijken waren gevlucht en daar veilig dachten te zijn hadden soms geen geluk. Veel stukken dijk met daarop vluchtelingen bezweken later alsnog.

180130_168091_1953disaster2.jpg
Dijkdoorbraak

Het grootste deel van de dodelijke slachtoffers viel niet gedurende de eerste uren na de dijkdoorbraken maar tijdens de tweede vloed op die dag. Deze vond plaats in de middag. Doordat het water nu vrij spel had kon het nu, mede door de nog zeer harde wind, op veel plaatsen sneller en hoger komen dan in de ochtend. Veel huizen, waar nu mensen op de daken of zolders zaten, bezweken door de sterke stroming.

Veel hulp was er nog niet onderweg van buitenaf. Door uitgevallen telefoon- en telegraaf verbindingen wist men buiten de getroffen gebieden in Nederland nog weinig tot niets over de enorme ramp die zich in eigen land had voltrokken. In de eerste nieuwsberichten op de radio die dag was nog niet duidelijk hoe ernstig alles was.


Zendamateurs uit de getroffen gebieden brachten hier echter verandering in. Vroeg in de ochtend begon men met het opzetten van hun apparatuur waardoor men met de omliggende dorpen contact wist te leggen. Het lukte hen om contact te leggen met zendamateurs buiten het getroffen gebied en de omvang van de ramp duidelijk te maken.

De omroepverenigingen van Hilversum 1 en 2 stuurden meteen verslaggevers naar de getroffen gebieden. Deze konden echter alleen verbinding met Hilversum krijgen via PTT lijnverbindingen net buiten het rampgebied. Hun eerste verslagen kwamen dan ook van buiten het rampgebied. Een verslaggever van de Volkskrant, Carel Enkelaar, huurde meteen een Dakota. Met de piloot en een fotograaf vloog hij een ronde boven de ondergelopen gebieden. Mede op basis van hun verslag en foto's begon de nationale- en internationale hulp op gang te komen.

180130_168091_Serooskerke_op_Schouwen-Duiveland_tijdens_de_Watersnoodramp_van_1953.jpeg1432281024
Serooskerke (Foto: KNMI)
In the fell clutch of circumstance
I have not winced nor cried aloud.
Under the bludgeoning of chance
My head is bloody, but unbowed.
pi_176879154
Heldendaden en getuigenverslagen

Bij Nieuwerkerk aan den IJssel dreigde een grote dijkdoorbraak van Schielands Hoge Zeedijk. Dit kon ternauwernood voorkomen worden door heldhaftig optreden van de toen 21-jarige Cor Heuvelman en de 28-jarige Hannes van Vliet. Zij voeren het 18 meter lange schip "Twee Gebroeders" op last van burgemeester Jaap Vogelaar dwars voor het gat in de dijk en dichtten zo het gat. Het overstromen van grote delen van Zuid-Holland werd hierdoor voorkomen. Het is erg opmerkelijk dat in hetzelfde Nieuwerkerk aan den IJssel in 1682 en 1717 ook bressen in Schielands Hoge Zeedijk gedicht werden door er een schip tegen te plaatsen. Goed voorbeeld doet volgen.

Kees Bovee uit Halsteren zal watersnoodramp ook nooit kunnen vergeten. Zijn vader stuurde hem even na 04.00 uur op de fiets richting de dijk bij Tholen om te zien hoe erg de situatie met het water was. Bovee in BN De Stem: "De sirene in het dorp loeide al een tijd, maar door de hevige storm droeg het geluid niet ver. Wij woonden naast de burgemeester. Van zijn vrouw hoorde ik dat in Bergen op Zoom ijzerfabriek De Holland onder water stond en dat de Kop van 't Hoofd al half was weggeslagen. Vader stelde voor dat ik naar 't Veer in Tholen zou fietsen om te kijken hoe het gesteld was met de dijk en het water. Dus ik snel dikke kleren over mijn pyjama heengetrokken. Stikdonker, was het. Het waaide zo verschrikkelijk hard. De Tholenseweg was glibberig en lag bezaaid met dikke takken waar ik overheen viel. Toen was daar ineens een auto met daarin de burgemeester en de wachtcommandant die vroegen waar ik in hemelsnaam naar toe ging. Het water steeg snel, verderop stroomde het de Tholenseweg al over. De burgemeester vroeg of ik de mensen in de polder wilde waarschuwen.''

Bovee fietste daarop richting Beijmoersedijk. Een tocht die hem bijna zelf het leven kostte. "Ik bonkte op deuren om de mensen wakker te krijgen, zei dat ze naar zolder moesten gaan, dat de dijk het had begeven. Toen ik bij het derde, vierde huisje kwam, stond ik al 25 centimeter diep in het water.'' Bovee liet daar zijn fiets tegen de dijk vallen, en strompelde in de modder verder over de dijk. Daar zag hij hoe een man met twee kinderen op z'n arm door de golven werd meegesleurd. De deur van het huisje was al weggeslagen. "Die beelden vergeet ik nooit.''

180130_168091_ps_Watersnoodramp_1953_1435056075.jpg
Zuid-Beveland (Foto: US Army)

Een getuigenis waarvan de naam van de getuige verloren is gegaan: "Op 31 januari 1953 was onze opa bij ons in Nieuwerkerk op visite om naar de nieuwe kachel te kijken. Het stormde heel erg en onze ouders wilden niet dat opa door de storm naar huis ging en vroegen hem te blijven slapen. Maar opa wilde per se naar huis.

Dezelfde nacht konden de dijken het beukende water niet meer aan. Vader dacht dat wij, de drie kinderen, met water aan het spelen waren. Hij ging kijken, deed zijn slaapkamerdeur open en sloeg door het water achterover. Zij sliepen altijd beneden, wij boven. Vader en moeder vluchtten naar boven. Het water kwam steeds hoger, het was heel angstig. Op den duur kwam het tegen het zolderluik. Ten einde raad vluchtten we door het kleine dakvenster naar het dak. Zelfs onze behoorlijk dikke moeder is erdoor geklommen.

Gelukkig zag vader een groot vlot aan komen drijven, dat hij nog net heeft kunnen vastgrijpen. We klommen er met z'n vijven op, allen in ons nachtgoed, in de barre kou. Wat wij toen niet allemaal hebben meegemaakt: schreeuwende mensen, overleden baby's die voorbijdreven, loeiende koeien, paarden die op ons vlot wilden kruipen, met angstige ogen keken ze ons aan. We moesten ze wegduwen om ons eigen leven te redden. We hadden kou en raakten uitgeput, waardoor vader van het vlot af viel. Maar hij klampte zich vast aan een boom en klom terug op het vlot.

Onze buurjongen, die mongoloīde was en heel bang van water, gilde alles bij elkaar. Het ging ons door merg en been. Op een gegeven moment verstomde het gegil en is hij samen met zijn vader verdronken. Zo hebben wij twee dagen en drie nachten doorgebracht op het vlot, in de kou, zonder eten of drinken. Wij werden als één van de laatsten gered met een roeiboot en naar een hoger gelegen huis gebracht. Van daaruit zijn we per helikopter naar de Ahoyhal in Rotterdam gebracht, waar een noodziekenhuis was ingericht. Moeder en ons zusje van zes jaar waren er slecht aan toe.

Onze opa, die niet wilde blijven slapen en naar huis ging, is verdronken."
In the fell clutch of circumstance
I have not winced nor cried aloud.
Under the bludgeoning of chance
My head is bloody, but unbowed.
pi_176879161
registreer om deze reclame te verbergen
(Inter)nationale hulp

Nadat zendamateurs vanuit het rampgebied contact hadden weten te maken met mensen buiten het rampgebied en informatie over de ernst van de situatie doorgaven begon de overheid zich een beeld te vormen van de ramp. De eerste verslagen waren op Hilversum 1 en 2 te horen en vanaf dat moment zat men in Nederland aan de radio gekluisterd om het nieuws te volgen.

Professionele hulp begon langzaam op gang te komen. Duizenden militairen werden opgeroepen en haasten zich met spoed van huis naar hun onderdelen om zich van daaruit met voer- en vaartuigen naar de getroffen gebieden te verplaatsen. Door gebrekkige informatie over de situatie ter plekke kon men in de laatste uren van 1 februari, op een enkele reddingsactie na, niet veel meer doen dan langs het getroffen gebied beginnen met herstellen of versterken van dijken met zandzakken. Mariniers die vanuit hun kazerne in Rotterdam naar het rampgebied waren vertrokken hebben op 1 februari een aantal levens weten te redden. Dit m.b.v. bootjes, maar ook zwemmend. Er zijn boven het rampgebied bootjes afgeworpen door vliegtuigen van de Marine Luchtvaart Dienst. De Luchtmacht voerde zo'n 15 verkenningsvluchten uit. Verdere hulp van de overheid of van organisaties als het Rode Kruis kon op 1 februari ook alleen aan de rand van het rampgebied geboden worden. Dit betrof dan vooral opvang van vluchtelingen. Mensen in het rampgebied waren verder nog op zichzelf aangewezen.

180130_168091_2cf2c89c5026f5a5cd380522a749e600.jpg
Franse en Nederlandse militairen leggen zandzakken (Foto: ANP)

In het rampgebied waren bewoners al uren met man en macht aan het werk om mensen en vee van de verdrinkingsdood te redden. Met roeibootjes werden heel wat mensen van zolders en daken gered. Ook uit menig boom werden mensen geplukt. Vee bracht men, indien mogelijk, naar hoger gelegen gebieden zoals dijken. Desnoods zwemmend achter een roeiboot aan. Vissers uit Zeeland en Zuid-Holland voeren met hun vissersschepen door de gaten in de dijken heen om te redden wat er te redden viel.

Ook vissers uit bijvoorbeeld Urk zetten met hun complete vloot koers naar de getroffen gebieden om te helpen bij het redden van mens en dier.

Maandag 2 februari

Het nieuws van de ramp was nu ook in het buitenland doorgedrongen. Frankrijk stuurde direct genietroepen naar Nederland. Ook Duitsland, België, Groot-Brittannië, Zwitserland, Canada, Noorwegen en de Verenigde Staten stuurden meteen troepen en/of materiaal. Dit vaak in de vorm van vaartuigen, vliegtuigen, amfibievoertuigen en, toen redelijk nieuw, helikopters. Hulpgoederen werden met vliegtuigen afgeworpen boven geīsoleerde dorpen. Men begon met helikopters mensen van daken en uit bomen te redden. Bootjes en amfibievoertuigen voeren mondjesmaat door de dorpen om mensen uit hun huizen te halen. Tevens bewezen helikopters uitstekende diensten tijdens het verkennen van de ondergelopen gebieden en het zo in kaart brengen van de locaties van te redden mensen en de schade aan dijken.


Een vergeten eiland

Van het eiland Schouwen-Duiveland heeft de buitenwereld lange tijd niet geweten hoe erg het was. Pas maandagmiddag 2 februari vloog het eerste verkenningsvliegtuig over het eiland. Veel mensen verkeerden er nog steeds in hachelijke situaties. Dat was ook het geval op Goeree-Overflakkee. Veel bewoners van de beide eilanden gingen die avond in of op geīsoleerde huizen, kerken, boerderijen hun derde nacht en daarmee vijfde vloed tegemoet.

Dinsdag 3 februari

Deze dag kwam de redding pas echt goed op gang. Hulpverleners kwamen op honderden schepen het rampgebied binnen. Mensen werden uit hun benarde posities bevrijd en in veiligheid gebracht. Een zeilvereniging uit Doesburg wist deze dag meer dan 250 mensen te redden. De grootste nood was dinsdagavond voorbij. Er zaten her en der nog wel mensen geīsoleerd maar er vielen geen slachtoffers meer. Het Rode Kruis startte een inzamelingsactie voor kleding, schoenen, bedden, dekens, enzovoorts. Aan de oproep om spullen werd zo massaal gehoor gegeven dat er al snel veel meer materiaal beschikbaar was dan direct nodig was. Vanaf dit moment werd er volop ingezet op het dichten van de gaten in de dijken.

180130_168091_resolveurnurngvnNFA01akl-530202-113sizelarge.jpeg
Gered door helikopter (Foto: Koninklijke Bibliotheek)

het leden van het Vrouwenhulpkorps, padvind(st)ers, scholieren, artsen en verpleegkundigen die uit het hele land afkomstig waren.

Na een kort verblijf in een opvangcentrum werden de vluchtelingen verdeeld over gastgezinnen in het hele land. Ook hier was het aanbod zo groot dat de inschrijving hiervoor stop werd gezet.

In totaal werden er meer dan 100.000 inwoners van de rampgebieden tijdelijk elders ondergebracht.

Hulpgoederen

Landen over de hele wereld stuurden hulpgoederen naar de getroffen gebieden. Argentinië zond 680 dekens en 500 lakens, uit Duitsland kwamen 1.200 rubber laarzen, Scandinavische landen stuurden sponzen en honderden houten prefabwoningen, Engeland schonk snoepgoed, uit Griekenland kwam een vliegtuig met levensmiddelen, waaronder 45 kisten krenten, India zond 5 ton jute zakken, uit Italië kwam een trein met 1.000.000 zandzakken, de Nederlandse Antillen gaven 300 zaklantaarns, Nigeria zond 500 dekens, Zwitserland schonk 2.000 paar sokken, en nog veel meer. Een eindeloze stoom goederen kwam Nederland binnen. Het Rode Kruis zorgde voor de distributie. Door de goede organisatie was de enorme voorraad hulpgoederen binnen vier maanden verwerkt en uitgereikt. Het was echter zo enorm veel dat een deel niet benodigd was en later is verscheept naar rampgebieden elders op de wereld.

Ook IJsland hielp. Zij deden dit door elke verkochte postzegel 25 aurar duurder te maken.

180130_168091_9d8389b22D2d002D4a142D92ea2D430ffb656ce7Islan6.jpg
Postzegels Hollandshjalp
In the fell clutch of circumstance
I have not winced nor cried aloud.
Under the bludgeoning of chance
My head is bloody, but unbowed.
pi_176879163
De nasleep

In de dagen, weken en maanden na de ramp bleef de Nederlandse bevolking zich inzetten om steun te leveren aan de getroffen mensen.

Het Nationaal Rampenfonds werd weer nieuw leven ingeblazen. Prins Bernhard nam het voorzitterschap op zich. Het fonds hield zich bezig met de inzameling van gelden ten behoeve van slachtoffers van de ramp.

Nederlanders verzonnen acties om geld in te zamelen: lege-flessenacties, waardebonnenacties, heitje voor een karweitje, sportwedstrijden, de 'Snertveldslag’ (soldaten verkochten erwtensoep), fancy fairs, loterijen, modeshows, concerten, kunstexposities. Al het geld kwam ten goede van de slachtoffers van de ramp. Ook veel eenmansacties van mensen die zelf geen geld hadden maar wel een donatie wilden doen. Zo poetste een bejaarde man in een postkantoor tegen een kleine vergoeding de schoenen van klanten. Vier Nederlandse omroepen werkten samen voor de actie "Beurzen open, dijken dicht", die vanaf 7 februari elke week via de radio werd uitgezonden en er werd een boek getiteld 'De Ramp’ uitgegeven. De opbrengst kwam ten goede aan de slachtoffers van de Watersnoodramp.

Eind 1953 was een bedrag van ƒ 133.518.775,00 aan giften ontvangen uit binnen- en buitenland.

180130_168091_Overstromingsgebied_nederland_1953.png
165.000 hectare ondergelopen gebied (Wikimedia Commons)

De schoonmaak

Nadat het water was gezakt werd de puinhoop pas goed zichtbaar. Overal lag wrakhout, kapotte meubels, puin van ingestorte huizen, kadavers van dode dieren en alles was bedekt met een dikke laag modder. De Nederlandse Federatie voor Vrouwelijke Vrijwillige Hulpverlening nam het schoonmaakwerk ter hand. Ook kwamen er "slik- en sopploegen" helpen. Dat waren vrouwen uit Friesland, Gorinchem, Lekkerkerk, Twello en Waddinxveen. Andere groepen vrouwen uit Nederland kwamen voor de schoonmaakploegen en andere werkers koken.

In het voorjaar en in de zomer van 1953 hielpen ook veel padvinders en huishoudschoolleerlingen met opruimen. Het akeligste werk was het opruimen van de kadavers van dode beesten. Dat werd voornamelijk gedaan door mannen uit de getroffen gebieden zelf, de "kadaverploegen". De kadavers werden met karren, wagens en schepen afgevoerd naar destructiebedrijven. Soms troffen de mannen van de "kadaverploegen" ook nog resten van verdronken mensen aan.

131 inwoners van de getroffen gebieden bleven vermist. Men denkt dat hun lichamen met laag tij de zee in zijn gespoeld.

180130_168091_59082274770d17c96645ce414439ba7b.jpg
Nadat het water was gezakt (Foto: pinterest)


Deltawerken

Na jaren lange verloedering van de dijken doordat er geen geld voor was door de eerste wereldoorlog, de crisisjaren, de tweede wereldoorlog en de wederopbouw was nu de maat vol. Binnen 5 jaar werden de plannen voor de Deltawet opgesteld, werden er miljarden guldens voor vrijgemaakt en werd de Deltawet sneller dan normaal door de tweede en eerste kamer geloodst. Op 8 mei 1958 ondertekende Koningin Juliana de wet en was de wet een feit.

Men was echter al in 1954 begonnen met werkzaamheden die ook onder de Deltawet zouden komen te vallen. Dit betrof de stormvloedkering in de Hollandse IJssel.

Decennia lang is er aan gewerkt. De werken werden in 2010 als compleet verklaard. Niet na afronding van een werk in Zeeland of Zuid-Holland. Het afwerken van de Harlingse Keerdam was de afrondende klus.
In the fell clutch of circumstance
I have not winced nor cried aloud.
Under the bludgeoning of chance
My head is bloody, but unbowed.
pi_176879168
De kranten

180131_168091_19530202_Volkskrant.jpg
Volkskrant 2 februari 1953

180131_168091_19530202_Leeuwarder_Courant.jpg
Leeuwarder Courant 2 februari 1953

180131_168091_19530202_Nieuwsblad_van_het_Noorden.jpg
Dagblad van het Noorden 2 februari 1953

180131_168091_19530202_Nieuwsblad_voor_Sumatra.jpg
Het Nieuwsblad voor Sumatra 2 februari 1953

180131_168091_19530202_Amigoe_di_Curacao.jpg
Amigoe di Curacao 2 februari 1953

Een deel van de kranten met dank aan dekatophetspek.
In the fell clutch of circumstance
I have not winced nor cried aloud.
Under the bludgeoning of chance
My head is bloody, but unbowed.
pi_176881091
registreer om deze reclame te verbergen
quote:
Bijna tweeduizend doden en grote delen van Zuidwest-Nederland onder water: 65 jaar geleden vond de grootste ramp uit de naoorlogse geschiedenis van Nederland plaats. Direct na de Watersnoodramp van 1 februari 1953 schreef de burgemeester van Battenoord op Goeree-Overflakkee een verslag,
https://historiek.net/ooggetuigen-van-de-watersnood-1953/74969/

en dit:
https://npofocus.nl/artik(...)e-nederland-in-1953-
pi_176882338
IJsselkering sluit op herdenking Watersnood

De Hollandsche IJsselkering is vanochtend gesloten. De waterstand bij Krimpen aan den IJssel lag door hoog springtij op dat moment ongeveer 2,10 meter boven NAP. Volgens Rijkswaterstaat is het een "historisch toeval dat tijdens de nationale herdenking van 65 jaar Watersnoodramp de kering sluit".

Na de Watersnoodramp in 1953 begon de overheid met het bouwen van de dertien Deltawerken die Nederland moeten beschermen tegen water. De Hollandsche IJsselkering was als eerste van de Deltawerken klaar en beschermt het laagst gelegen deel van Nederland, dat 6,76 meter onder NAP ligt.

Rijkswaterstaat noemt het "een eer dat we juist op deze dag met deze sluiting de slachtoffers van de grootste Nederlandse natuurramp uit de twintigste eeuw kunnen gedenken".

(Frontpage)
In the fell clutch of circumstance
I have not winced nor cried aloud.
Under the bludgeoning of chance
My head is bloody, but unbowed.
pi_176903634
Herdenking Watersnoodramp: "De onmacht die ik voelde"

Meer dan 20.000 militairen werden 65 jaar geleden ingezet om mensen en dieren van de watersnoodramp te redden. Het waren vooral genisten en ze kwamen uit verschillende landen. “De onmacht die ik voelde tegen dat natuurgeweld herinner ik mij nog goed”, vertelt de inmiddels 84-jarige genist Koos de Vos. De generaal-majoor buiten dienst was gisteren als enige van zijn lichting aanwezig bij de nationale herdenking bij het Watersnoodmuseum in Ouwerkerk.

Als 19-jarige cadet werd hij in de nacht van zaterdag 31 januari op zondag 1 februari 1953 op een slaapzaal van de Koninklijke Militaire Academie wakker geschud door het alarm. ‘Vast weer een oefening’, was de gedachte van De Vos en zijn kameraden. Helaas bleek het dit keer menens. Niet veel later stond de militair met tientallen collega’s in het ijskoude water. Mensen en dieren redden en evacueren luidde de opdracht. Later werd het leger ingezet voor het dichten en versterken van dijken, het herstellen van wegen en het bergen van slachtoffers.

Overlevenden en nabestaanden herdenken
Gisteren woonden zo’n 500 mensen de herdenking bij. Onder hen overlevenden, nabestaanden en vertegenwoordigers van onder meer het Rode Kruis, het ministerie van Defensie, de Unie van Waterschappen en diverse gemeenten van het destijds getroffen gebied. Namens het Koningshuis en als erevoorzitter van het Rode Kruis was ook prinses Margriet aanwezig.

Slachtoffers en schade
In Nederland kostte de ramp aan 1.836 mensen het leven, onder wie 8 landmachtmilitairen. Daarnaast veroorzaakte de vloed in Zuidwest-Nederland grote schade aan de veestapel, woningen, gebouwen en infrastructuur. Zo'n 100.000 mensen verloren hun huis en bezittingen. Tienduizenden dieren verdronken, 4.500 huizen en gebouwen werden verwoest en 200.000 hectare grond kwam onder water te staan. Ook in Engeland, België en Duitsland vonden overstromingen plaats en vielen honderden slachtoffers. Op zee verloren bij schipbreuken velen het leven.

Interview met De Vos
Benieuwd naar het persoonlijke verhaal van voormalig genist Koos de Vos? Beluister dan het interview in het eerstvolgende nummer van de Defensiekrant (verschijning: 9 februari).

180202_168091_d180201ek1008.jpg
Generaal-majoor b.d. De Vos was een 1 van de eerste militairen ter plaatse om hulp te verlenen. (Foto: Ministerie van Defensie)

180202_168091_d180201ek1222.jpg
Ooggetuigen en kinderen legden bloemen bij het monument. (Foto: Ministerie van Defensie)

(Frontpage)
In the fell clutch of circumstance
I have not winced nor cried aloud.
Under the bludgeoning of chance
My head is bloody, but unbowed.
pi_176904024
Watersnoodramp: “Met eerste heli ruim 100 levens gered”

“De ellende die ik destijds gezien heb, staat in mijn geheugen gegrift”, vertelt de 89-jarige marineveteraan Rudolf Idzerda over de Watersnoodramp van 1953. Inmiddels is het 60 jaar geleden dat Nederland getroffen werd door een vreselijke storm en de dijken doorbraken. Helikoptervlieger Idzerda schoot samen met duizenden militairen de slachtoffers te hulp.“Met trots krijg ik terug op onze reddingsacties, maar toch blijft het ook een pijnlijke herinnering.”

Idzerda krijgt op 1 februari 1953 het bevel om zich per direct te melden op zijn basis. Hij was niet de enige. Vanuit heel het land stuurde Defensie haar militairen naar het rampgebied. “We wisten wel dat er iets mis was in het land, maar niet precies wat”, vertelt Idzerda. Binnen zijn krijgsmachtdeel was hij een van de 2 militairen die een helikopter kon besturen.

Defensie maakte destijds gebruik van de allereerste Nederlandse militaire helikopter, de Sikorsky S-51 ('Jezebel'). Deze kon slechts 100 kilo torsen. Hoewel de huidige reddingstoestellen van de luchtmacht met gemak het dubbele hijsen, blikt de oud-marineman die als schout-bij-nacht de dienst uitging tevreden terug. “Voor die tijd was het een geweldig ding en konden we toch snel het gebied in komen.”

Ongeloof
Eenmaal over het gebied vliegend, drong de omvang van de ramp pas goed tot Idzerda en zijn hulpteam door. “We konden onze ogen niet geloven. Alles lag onder water. Je zag alleen nog boomtoppen en daken. Al snel zagen we mensen om hulp roepen en gingen tot actie over.” Uiteindelijk lukte het de marinevlieger om ruim 100 mensen te redden.

“Voor sommigen waren we op tijd, voor anderen net te laat. Als mens doet dit veel met je. Ik weet nog dat ik 2 kinderen op de dijk tot hun kin in het water zag staan. Zonder iets te zeggen sprong een van de mannen uit mijn team de helikopter uit. Hij redde de kinderen, maar die blikken van angst vergeet je nooit meer. Als militair heb ik oorlogservaring, maar toch heeft deze natuurramp mij diep geraakt. Het is iets dat ik mijn hele leven bij me zal dragen.”

De ramp kostte aan ruim 1830 mensen het leven, onder wie 8 landmachtmilitairen. Tijdens jaarlijkse herdenkingen kwam Idzerda in contact met de overlevenden die hij redde. “De ontmoetingen waren zeer aangrijpend, maar wel bijzonder mooi. Het geeft je ondanks alle nare herinneringen een positief gevoel.”

Inzet krijgsmacht
Defensie zette 15.000 militairen in tijdens de Watersnoodramp. De werkzaamheden bestonden uit het dichten en versterken van de dijken, het redden en evacueren van mensen en vee, het herstellen van wegen en het bergen van de slachtoffers. Ook bij latere overstromingen toonde de krijgsmacht toegevoegde waarde, zoals januari 2012 in Groningen.

Gisteren werd op verschillende locaties stilgestaan bij de ramp van 1953. Militairen droegen hier op diverse manieren aan bij.

Bijzondere videobeelden
Vlieger luitenant-ter-zee Rudolf 'Ids' Idzerda en helper Taco Mulder redden meer dan 100 mensen. Amateurfilmer Wim Bom uit Haamstede legde de Sikorsky en zijn bemanningsleden vast. Beiden zijn te herkennen aan hun reddingsvest.


(Defensie)
In the fell clutch of circumstance
I have not winced nor cried aloud.
Under the bludgeoning of chance
My head is bloody, but unbowed.
pi_176909297
Opnieuw onderzoek onbekende doden watersnoodramp

Van de 1835 slachtoffers van de watersnoodramp in 1953 zijn er 106 nog niet geīdentificeerd. Zij kregen een naamloos graf (Nomen Nescio). In 2011 startte het Landelijk Bureau Vermiste Personen een grootschalig DNA-onderzoek, wat al diverse matches opleverde. Het identificatie-onderzoek naar NN’ers in Zeeland startte in 2013. Nu, 65 jaar na de ramp, krijgt het DNA-onderzoek een vervolg.

Voor velen is dit onderzoek de laatste kans om familie terug te vinden, weet Hans Geldof, forensisch onderzoeker bij de politie Zeeland-West-Brabant, Hij coördineert het DNA-verwantschapsonderzoek in Zeeland. ‘Daar zijn nog 28 slachtoffers – van de 31 NN-graven van de watersnoodramp – van wie de identiteit nog niet is vastgesteld. Om de identiteit te achterhalen, is het DNA nodig van de eerste en tweede generatie overlevenden van de ramp. De kans op een match is bij die groep het grootst. Maar die mensen zijn tussen de zeventig en honderd jaar oud, dus heel veel tijd is er niet meer.’

Burgemeesters verantwoordelijk.
Aan de oproep om een wangslijmvliesmonster te geven, gaven 84 personen gehoor. Hun DNA wordt gekoppeld aan dat van de onbekende doden, wat hopelijk leidt tot een match met DNA in de Landelijke databank vermiste personen. Geldof: ‘In 2010 veranderde de Wet op lijkbezorging en werden burgemeesters verantwoordelijk voor de onbekende doden in hun gemeente. Het Landelijk Bureau Vermiste Personen deed alle burgemeesters toen het aanbod om te helpen de identiteit van die NN’ers te achterhalen. Helaas wilde niet elke gemeente meewerken, om administratieve of financiële redenen, of omdat men de grafrust wilde eerbiedigen.’

Ook op Schouwen-Duiveland was het openen van graven voor DNA-afname lang taboe, weet de forensisch onderzoeker, maar de nieuwe burgemeester “zit er anders in”. ‘Die heeft zelfs een klankbordgroep opgezet voor mensen die aan het onderzoek (willen) meedoen. Ook zei hij dat als een burgemeester twijfelt over dit project, hij wel even belt. De ramp zit merkbaar diep. Ik ken families waar er nog nooit over is gesproken. Voor menig oudere is de ramp nog steeds een traumatische ervaring. Dat geldt niet voor de nieuwe generatie, merk ik. Die stelt vragen, wil weten wat er met ooms en tantes is gebeurd.’

Kwalitieit onderzoek
Doel van het nieuwe onderzoek is zo veel mogelijk DNA verzamelen, van zowel de levenden als de onbekende doden. Dat gebeurt volgens drie methodieken. ‘De kans op een match is tegenwoordig groter dan vier jaar geleden. De kwaliteit van DNA-onderzoek is flink verbeterd. Zodanig zelfs dat we oude zaken heropenen, zoals onlangs de zaak Nicky Verstappen.’

De kans op een DNA-overeenkomst mag groter zijn dan ooit, echte matches zijn zeldzaam. Sinds het onderzoek in 2013 waren er drie. Geldof: ‘Maar zelfs al is er maar één match, dan geeft dat al enorm veel voldoening. Ik sprak een oude vrouw van wie we de zus na tientallen jaren hebben gevonden. Ik kan niet beschrijven gelukkig zij daarmee was. Dit had ze, zo sprak ze, op het einde van haar leeftijd niet durven dromen.’

Uitzending Omroep Max
Vandaag, 2 februari 2018, zendt Omroep MAX om 19.25 uur op NPO 2 de documentaire "De onbekende slachtoffers van de Watersnoodramp" uit, waaraan de politie meewerkte.

(Frontpage)
In the fell clutch of circumstance
I have not winced nor cried aloud.
Under the bludgeoning of chance
My head is bloody, but unbowed.
pi_178994684
Overleden: Koosje Koetsenruyter van het aangrijpende watersnoodverhaal

Kort vķķr de 65e herdenking van de Watersnoodramp wilde Koosje Koetsenruyter nog één maal haar schokkende verhaal doen. In haar 98e levensjaar herinnerde ze zich nog haarfijn de tragische gebeurtenissen van die februarinacht, waarin ze haar twee kinderen verloor. Dinsdag, de eerste dag in mei, blies ze haar laatste adem uit.

https://www.bndestem.nl/r(...)oodverhaal~ac826e1e/
In the fell clutch of circumstance
I have not winced nor cried aloud.
Under the bludgeoning of chance
My head is bloody, but unbowed.
abonnementen ibood.com bol.com Coolblue
Forum Opties
Forumhop:
Hop naar:
(afkorting, bv 'KLB')