FOK!forum / Cultuur & Historie / Rechtsarcheologie
Lunatiekvrijdag 22 december 2017 @ 18:25
Waar mensen leven worden sporen nagelaten. Die sporen vinden we via archeologie. Waar het sporen zijn van de rechtspraak in het verleden, spreken we van rechtsarcheologie.
De sporen die de rechtsarcheologie bestudeert, kunnen heel verschillend zijn. Ze behelzen het gehele juridische apparaat. Veel dingen zullen bekend zijn, zoals gevangenissen, gerechtsgebouwen en de plaats waar vroeger de galg stond (op veel historische kaarten ingetekend).

Omdat de rechtspraak vroeger heel anders was dan nu, zijn er ook obscuurdere restanten van de vroegere rechtspraak.

Zo was het vaak verplicht dat de hele bevolking aanwezig moest zijn om het vonnis aan te horen en de uitvoering (executie) ervan te aanschouwen.
De rechtspraak vond daarom aanvankelijk buiten plaats, in etstoelen, vierscharen en wat al niet meer. Elke streek heeft er zijn eigen naam voor. Bij enkele objecten vermoed men dat de oorsprong ervan in heidense tijden ligt. Zoals de Dingspelerberg bij Markelo.

Uiteindelijk wilde men toch naar binnen. Daar waren de meeste gebouwen niet groot genoeg voor en de kerkbesturen hadden er geen zin in dat het kerkgebouw voor rechtspraak werd misbruikt.
Een oplossing was het raadhuis, waarbij het volk buiten stond en door geopende ramen de gang van zaken kon volgen. Voor de bekendmaking van het vonnis was er vaak een bordes, een balkon of een zogenaamde roepstoel of roepsteen. Daarvandaan werden ook andere belangrijke mededelingen gedaan.

Het halsrecht -het recht van de burgerij om de doodstraf te mogen uitspreken- betekende vaak een deling van de plaatsen van actie.
1. De rechtszaak in de vierschaar, waarbij getuigen werden gehoord, de benadeelden, de verdediging. Hieruit kwam het vonnis voort.
2. Het uitspreken van het vonnis, meestal buiten. Hiervoor werd een gerechtssteen gebruikt in sommige plaatsen. De betekenis van deze stenen is niet geheel duidelijk, omdat dit per plaats lijkt te verschillen.
3. Het uitvoeren van het vonnis (het ter dood brengen van de veroordeelde). Dat was vaak in de stad, hoewel in andere plaatsen een bepaalde grenssteen daarvoor werd gebruikt.
4. Het te kijk zetten van het lijk van de misdadiger, aan de galg of op een rad in de nabijheid van een verkeersweg of rivier.

De grensstenen (van een ban, een stad, een baljuwschap, etc) zijn belangrijk in de rechtspraak, omdat die duidelijk aangaven tot waar het recht gold. Er zijn verschillende juridische rituelen rond de grensstenen bekend uit het verleden.

Gerechtsstenen kunnen ook inhuldigingsstenen zijn, waarop een rechter of bestuurder werd geïnstalleerd/ingewijd en waarvandaan hij zijn eden moest zweren. Eedstenen.

Vooral in het buitenland zijn er enkele heel bekende stenen die als gerechtssteen te betitelen zijn. Neem bijvoorbeeld The Stone of Scone. Of London Stone.

Nederland kent ook dergelijke rechtsarcheologische objecten. De Blauwe Stenen van Leiden en Nijmegen zijn daar voorbeelden van.

Hebben jullie hier voorbeelden van uit je eigen woonomgeving? Eventueel objecten waarvan je het een en ander vermoed, maar wat niet is bewezen, bestudeert of beschreven.
Het zoeken naar die voorwerpen kan lastig zijn. Een paar hints:

• Er moet enige vorm van zelfstandige rechtspraak zijn geweest in het gebied als het gaat om de "burgerlijke rechtspraak", dus niet die van de leenmannen of de leenheer (die hadden de rechtspraak in hun kastelen bij mijn weten). Je denkt dan aan een stadsbestuur, een baljuw, een asega, etc.

• Voor objecten die samenhangen met de doodstraf moet het halsrecht bij dat gebied van toepassing zijn geweest.

• Er is vaak een soort ruimtelijke samenhang tussen verschillende objecten. De plaats van gerechtssteen is vaak bij water, op een verhoging (heuvel) en/of bij het raadhuis.

• Galgen staan gewoonlijk gunstig ten opzichte van de wind, dat bij de gebruikelijke windrichting de lijkenlucht niet over de stad waait. Ook moeten ze vanaf drukke (water)wegen goed zichtbaar zijn.

• Bepaalde objecten lijken aan de rand van de beschaafde wereld te liggen, niet ver van moerassen die "het andere rijk" zijn.

• Er bestaan verschillende overheden die elkaar kunnen overlappen. Denk aan de waterschappen. Natuurlijk veranderden de grenzen ook, waardoor je goed moet kijken naar de periode waarin je wilt zoeken naar aanwijzingen.

TS begint in Culemborg/Kuilenburg:
Idp2ZhM.png

Veel raadhuizen met een vierschaar hebben een gevel die een driebeukig gebouw doet vermoeden. Er staan dus vier "pilaren" in de gevel, die in de meeste gevallen geen functie hebben voor de draagconstructie van het gebouw (het is versiersel). Zo ook in Culemborg.

Er is een bordes dat als roepstoel/roepsteen kan dienen om het volk toe te spreken.

Er is een gerechtssteen in het mozaïek voor het bordes. Er wordt verteld dat hier vroeger de vierschaar werd gespannen, buiten dus.

Aan de gevel van het stadhuis is een schandpaal of kaak te zien, waar veroordeelden ten toon werden gesteld.

Niet ver van het raadhuis is een kruising met de naam "de vier hoeken". Er wordt verteld dat daar mensen werden geëxecuteerd. Mogelijk was hier vroeger de vierschaar. Merk op dat deze plek iets hoger ligt en niet ver van het water is.
Cobra4vrijdag 22 december 2017 @ 18:38
The Stone of Scone was toch alleen voor kroningen? Of zit ik er naast?

Interessant onderwerp wel. ^O^
Lunatiekvrijdag 22 december 2017 @ 19:21
De kroning kun je opvatten als een officiéle en dus rechtsgeldige aanvaarding van het koningsambt, met de daaruit voortvloeiende rechten en plichten ten opzichte van het volk (en God waar van toepassing). Dat het wel meer is dan een steentje blijkt natuurlijk uit de controverse rondom de steen, die naar Engeland was meegenomen vanuit Schotland, en nu weer terug in Schotland is, maar naar Westminster moet als er een kroning moet plaatsvinden. Er zijn talloze legenden rondom die steen en sommige schijnen naar andere landen te zijn doorgesijpeld.

Stenen die geluid maken als de rechtmatige troonopvolger erop gaat zitten, bijvoorbeeld.

Dat het de steen Bethel uit de Bijbel is (Jacobs hoofdkussen).
Rewimovrijdag 22 december 2017 @ 19:32
De ketel in Deventer is zo'n stukje geschiedenis volgens mij. In de ketel werden volgens de overlevering valsemunters levend gekookt.

?appId=21791a8992982cd8da851550a453bd7f&quality=0.9
Lunatiekzaterdag 23 december 2017 @ 02:08
De ketel aan de gevel lijkt eenzelfde soort symboliek als de kaak in Culemborg, en veel schandstenen (soms gerechtsstenen genoemd) elders: benadrukken dat de stad het recht heeft zelf recht te spreken.

Schandstenen aan de gevel van het raadhuis in Veere:
4d74ba2097434a303b837e6aaf5de2e6.jpg
Rewimozaterdag 23 december 2017 @ 10:07
Als ik het zo bekijk heeft het stadhuis van Haarlem ook een vierschaar (met Vrouwe Justitia zelfs):

19197002.jpg

En dat sluit ook wel aan bij deze tekst:
quote:
De beul van Haarlem
Onder het stadhuis bevinden zich nog steeds de kerkers, die herinneren aan de tijd dat het gebouw ook een gerechtsgebouw was. De beulen van Haarlem hadden een reputatie die ver voorbij de stadsgrenzen reikte. De beul werd zelfs tegen betaling verhuurd aan andere steden. Het gezegde ‘zo brutaal als de beul van Haarlem’ wordt vandaag de dag nog steeds gebruikt om brutale mensen aan te duiden.
Edit: volgens deze link zijn er zelfs een grote en een kleine vierschaar :)
Elvizaterdag 23 december 2017 @ 10:10
Het Goudse stadhuis heeft een schavot waar mensen opgehangen werden.

En in het museum staan martelwerktuigen die oorspronkelijk in de kelder van het stadhuis stonden.
Lunatiekzaterdag 23 december 2017 @ 10:31
quote:
0s.gif Op zaterdag 23 december 2017 10:07 schreef Rewimo het volgende:
Als ik het zo bekijk heeft het stadhuis van Haarlem ook een vierschaar (met Vrouwe Justitia zelfs):

[ afbeelding ]

En dat sluit ook wel aan bij deze tekst:

[..]

Edit: volgens deze link zijn er zelfs een grote en een kleine vierschaar :)
Hoge en lage vierschaar waarschijnlijk. De hoge had het halsrecht, de lage niet.

Het zou kunnen dat Haarlem een gerechtssteen had op dat plein voor het stadhuis (heet meen ik Het Zand?). Er is nu wel een steen in het kompas-mozaïek maar het is onduidelijk of dat ooit een gerechtssteen was. Op oude kaarten staat daar wel "iets".
Lunatiekzaterdag 23 december 2017 @ 10:37
quote:
0s.gif Op zaterdag 23 december 2017 10:10 schreef Elvi het volgende:
Het Goudse stadhuis heeft een schavot waar mensen opgehangen werden.

En in het museum staan martelwerktuigen die oorspronkelijk in de kelder van het stadhuis stonden.
Er staat me iets van bij dat de executies ook wel plaatsvonden iets verderop, aan de Gouwe.

Gouda heeft natuurlijk een lange historie als het gaat om de doodstraf, omdat de een na laatste er in vredestijd is uitgevoerd (in hetzelfde jaar als de allerlaatste).
Het Goudse stadhuis staat vrijstaand op het marktplein, om te voorkomen dat stadsbranden de archieven vernietigen. Dat is vrij uniek en lijkt dus van later datum (geleerd van een eerdere ramp). Waar was dan het oudere raadhuis (of vierschaar) gevestigd?
Elvizaterdag 23 december 2017 @ 12:32
quote:
1s.gif Op zaterdag 23 december 2017 10:37 schreef Lunatiek het volgende:

[..]

Er staat me iets van bij dat de executies ook wel plaatsvonden iets verderop, aan de Gouwe.

Gouda heeft natuurlijk een lange historie als het gaat om de doodstraf, omdat de een na laatste er in vredestijd is uitgevoerd (in hetzelfde jaar als de allerlaatste).
Het Goudse stadhuis staat vrijstaand op het marktplein, om te voorkomen dat stadsbranden de archieven vernietigen. Dat is vrij uniek en lijkt dus van later datum (geleerd van een eerdere ramp). Waar was dan het oudere raadhuis (of vierschaar) gevestigd?
Ja het stadhuis is een aantal keer afgebrand voordat deze er stond. Hetzelfde met de Sint janskerk.

Het oude raadhuis weet ik eigenlijk niet. Misschien in de Waag?
Rewimozaterdag 23 december 2017 @ 13:18
quote:
1s.gif Op zaterdag 23 december 2017 10:31 schreef Lunatiek het volgende:

Hoge en lage vierschaar waarschijnlijk. De hoge had het halsrecht, de lage niet.

Het zou kunnen dat Haarlem een gerechtssteen had op dat plein voor het stadhuis (heet meen ik Het Zand?). Er is nu wel een steen in het kompas-mozaïek maar het is onduidelijk of dat ooit een gerechtssteen was. Op oude kaarten staat daar wel "iets".
Nu de Grote Markt, voordat het geplaveid werd 't Sant inderdaad :)
Nibb-itdinsdag 9 januari 2018 @ 16:30
Leuk topic!

Van middeleeuwse architectuur weet ik niet zo veel, maar voor plaatjes kijken heb ik wel gestudeerd, en via die weg kwam ik recent langs het fenomeen van de gerechtshand of -vuist. Dergelijke voorwerpen zijn een uitstekend voorbeeld van profane symbolen die de christelijke iconografie en schilderkunst insluipen, tenminste in de Duitse gebieden en de Lage Landen. Zie bijvoorbeeld het exemplaar onder de riem van de beul (detail van het kruisigingsretabel van Dirk Baegert in Dortmund):

5642402833_ffdb6211af_o.jpeg

Voor de eigentijdse kijker was de betekenis van het attribuut volstrekt duidelijk, voor ons wat minder. De gerechtshand (in de Duitse gebieden ‘gerichtshand’ of ‘fausthammer’) was doorgaans een van brons of tin gegoten gebalde vuist op een houten staf of steel, en diende als symbool van de macht van de schout, schepen, of soortgelijke gerechtsdienaar, die de betrokkene verplicht bij zich diende te dragen tijdens het uitvoeren van zijn taak. Voor zo ver ik kon vinden was de staf niet bedoeld als wapen.

Uit Nederland kennen we momenteel slechts vier bewaard gebleven gerechtshanden, de twee oudste exemplaren komen uit Hoorn en Haarlem en dateren uit de vroege vijftiende eeuw.

afb-4.jpeg
img_4330.jpeg

Anderzijds kennen we ijzeren handen (in Vlaanderen soms ook koppen of maskers) die door veroordeelden als onderdeel van hun straf aan het gerechtsgebouw moesten worden geschonken. Deze koppen of vuisten werden vervolgens met vermelding van naam en misdrijf op de gevel van het schepen- of stadhuis geplaatst. Het beroemdste exemplaar is vermoedelijk de zilveren gerechtigheidsbuste (1464) in het Gruuthusemuseum in Brugge. Uit de bronnen blijkt dat in de Brugse vierschaar verscheidene koppen hingen waarvan de tongen met een ijzeren punt doorstoken waren.

SPOILER: literatuur
Otto Laufer, Dolchstreitkolben oder Gerichtshand, Waffe oder Amtszeichen? Ein Beitrag zur Geschichte der deutschen Rechtsaltertümer (Hamburg 1939);
Louis Carlen, ‘Der Gerichtsstab in Bern’, Berner Zeitschrift für Geschichte und Heimatkunde 31 (1969) 107–117;
J. Schimmer, ‘Een merkwaardig rechtsgebruik. Middeleeuwse Gerechtshanden’, Spiegel Historiael 9 (1974) 294–299;
Frans van Molle, ‘Koperen koppen en vuisten in het oude Vlaamse strafrecht’, Antiek 9 (1974) 141–166;
Jos Koldeweij, ‘De hand der gerechtigheid en particuliere archeologische vondsten’, in: Ronald van Genebeek e.a. (ed.), Putten uit het Bossche verleden. Vriendenbundel voor Hans Janssen ter gelegenheid van zijn afscheid als stadsarcheoloog van ’s-Hertogenbosch (Alphen 2012) 207–220;
Jos Koldeweij, 'Hoe men in 1500 een vuist maakte. Over gerechtshanden in kunst en gietwerk', Vind 18 (2015) 38–45;
Jos Koldeweij, 'Schuld, boete & eeuwige schande. De gerechtigheidsvuist als straf', Vind 19 (2015) 120–123.
Nibb-itdinsdag 9 januari 2018 @ 16:40
quote:
header_2_vuist_van_adriaan_raze-277a-01.jpg

De vuist van Adriaan
De vuist van Adriaan Bra hangt tot op de dag van vandaag boven de schouw in het oude stadhuis van Veere, nu museum De Vierschaar. Het is een bronzen vuist die hij als boetedoening in 1546 heeft moeten laten maken en betalen. Samen met twee andere handen getuigt de vuist van het recht dat ooit hier gesproken werd.

Behalve de gerechtsvuist van Adriaen Bra hangen ook die van Huebrecht Bremboes en Jacop Pieterssone boven de schouw van het stadhuis. Op deze plek was vroeger de vierschaar. Hier werden de drie 'heren’ tussen 1546 en 1550 veroordeeld. Adriaen Bra was 9 oktober 1546 aan de beurt.

plaatje_450br_vuist_de_bra.jpg

Adriaenken Bra was visser van beroep. Hij werd veroordeeld voor het aanvallen van de baljuw met een mes. Dat mes had hij gewonnen bij een potje dobbelen (of teerling werpen). Cafébaas Pieter Ritssaerss. had het mes ter beschikking gesteld, op voorwaarde dat de winnaar de baljuw en zijn dienaren ermee zou ‘cloppen’. Ritssaerss. had nog een rekening te vereffenen.

Bra was de ‘gelukkige’ (en vast ook dronken) winnaar. Hij hield woord en ging een week later met het mes een dienaar van de baljuw te lijf. Hij werd gepakt en veroordeeld tot het laten maken van de vuist, maar dat was niet de enige straf. Daarnaast werd hij van Walcheren gebannen voor ‘den tijt van 50 jaeren ende eenen dach’. Kwam hij eerder terug dan betaalde hij daarvoor met ‘zijnen hals’.

Vonnis van Adriaen Bra
Het vonnis van Adriaen Bra is bewaard gebleven in het archief van de vierschaar van de stad Veere, rol van criminele zaken 1514-1552. (Rechterlijke archieven Zeeuwse eilanden (RAZE), inv.nr. 277A). De transcriptie van het vonnis luidt:

Ban van Adriaen Bra
Om dieswille dat onlancx leden Adriaenken Bra vischer tot versoucke van Pieter Ritsaerss[oon] weert was in S[in]te Marten, o[m]me den zelven weert te helpen wreken zijnen leet tegens den bailliu.

Heeft tot versoucke van den zelven weert met sekere ander geselscap gespeelt met terlingen wye het lanck mes hebben zoude d’welck de weert daer p[rese]nteerde met condicie dat die ‘t wonne zoude den bailliu ende zijn[en] dienaers daermede cloppen. Welcke cause de voors[chreven] Adriaenken Bra gewonnen ende ’t mes ontfangen hebbende.
Heeft omtrent 8 dagen daer na seker gevecht gehadt hier inde stadt jegens des baillius dienaers.

D’welck de voors[chreven] bailliu hem te laste leggende was ’t selve gedaen te hebben ter oirsake voors[chreven]ende om[m]e den voors[chreven] weerdt te helpen wreken zijn[en] leet tegens den voors[chreven] bailliu zoe voors[chreven] staet. Daer jegens de voors[chreven] Brayken gesustineert heeft ter contrarie ende dat hij ’t gevecht te die oirsaecke noyt en hadde begon[n]en, mar dat hij ’t principalick hadde jegens eenen anderen persoen die hem zijn[en] cause t’ongelijcke strijken wilde.

Ende nadien seker getugen daerop beleet zijn[de] geweest, ende geconcludeert was over beede zijden in rechte, soe hebben burghm[eeste]rs ende scepenen ter maninge van mijn[en] heere de bailliu met hueren von[n]esse den voors[chreven] Adriaenken Bra gecondempneert dat hij sal hangen of doen hangen, tot een eeuwege memorie hier op ter stadthuys inder camere van justicie een metalen vust tot zijn[en] coste. Daerop sal gescreven staen zijn[en] naem ende datum tot exemple van anderen. Ende daer nae gebannen uuten eylande van Walcheren, den tijt van 50 jaeren ende eenen dach te rumen de stede ende heerlicheyt binnen zonneschijn ende het eylant binnen 3 dagen ende nyet eer weder inne te com[m]en op zijn[en] hals.

Aldus gepronuncheert ende gepubliceert den 9 october an[n]o 1546.


Bijlslingerende schrijnwerker
Onder de vuisten in Veere is er één die een kleine bijl vasthoudt, – de boetedoening van Hubrecht Bremboes. Dankzij aantekeningen van de geschiedschrijver Jacobus Ermerins uit 1791 weten we iets meer over het misdrijf van deze heetgebakerde Veerse schrijnwerker. Toen een stadsbode Bremboes een vonnis van de vierschaar kwam brengen, ontstak hij in woede en slingerde de bode een kleine bijl toe.

plaatje_450br_vuist_met_bijl.jpg

De baljuw van Veere veroordeelde Bremboes tot een boete van zestig Parijse ponden (dertig gulden) en de ‘afzettinge van des voorsz. Hubrechten rechter vuyst’. Bremboes verzocht om ‘gracie voor rigeur van justitie’ en beloofde het nooit meer te doen.
Burgemeester en schepenen velden 30 januari 1550 hun vonnis: de betaling van een wassen toorts (kaars) van twee pond waaraan een metalen vuist hing ‘met zynen naam daer op’. Bremboes diende blootshoofds met in beide handen de brandende kaars, waaraan de vuist hing, van de vierschaar naar de kerk te dragen. Daar moest hij op zijn knieën bidden voor het Heilig Sacrament. De kaars bleef in de kerk, maar de vuist moest hij daarna naar de vierschaar brengen, waar zij opgehangen zou worden. (Deze vuist is niet bewaard gebleven.)

Daarnaast werd Bremboes veroordeeld om binnen zeventien weken ‘een metale vuyst met een metale bylken daerin’ te laten gieten, en er zijn naam in te ‘sculperen’. Het object was eveneens bestemd voor de vierschaar ‘ten aenziene van eenen yegelyken tot een eeuwige memorie’. Bremboes maakte geen gebruik van de mogelijkheid deze straf af te kopen met de som van vier ponden Vlaams (deels bestemd voor herstellingswerken aan de Veerse Kaai en deels voor de versiering van de rechtzaal).

Vissersman Bra en schrijnwerker Bremboes werden dus in respectievelijk 1546 en 1550 veroordeeld wegens mishandeling van ambtenaren in functie. Van Pieterssone, wiens hand op circa 1550 kan worden gedateerd, is onbekend welk misdrijf hij beging. Met de gerechtsvuisten kocht het trio een lijfstraf, het afhakken van hun hand, af. Zo leverde rechtspraak geld op in plaats van bloed.

Veere is de meest noordelijke plaats waar objecten zoals deze vuisten voorkomen. In plaats van een vuist werd ook wel een hoofd (van de misdadiger) afgebeeld. Veelal uitgevoerd in brons of geelkoper, soms in ijzer of zelfs in zilver, komen ze het vaakst voor in West-Vlaanderen. Met uitzondering van Veere gaan de objecten vergezeld van een koperen plaat waarop de naam het misdrijf gemeld worden.

plaatje_450br_vuist_pieterssone.jpg

Naamsvermelding
De Veerse vuisten zijn gegoten. De exemplaren van J. Pieterssone en A. Bra hebben beiden een manchet, waarop de naam is gegraveerd en in het geval van Bra ook het jaartal van het misdrijf. De derde ‘hand’ houdt een kleine bijl vast. Op het blad van het bijltje is de naam van Huebrecht Bremboes gegraveerd.

De vermelding van de naam was belangrijk. De veroordeling tot het laten maken van een vuist of hoofd betekende namelijk niet alleen een geldboete. Door de naam van de veroordeelde te vermelden werd hij onteerd; ontheven van zijn goede naam. Zo werd een voorbeeld gesteld. Er ging een afschrikwekkende werking vanuit en tegelijkertijd werd er eerbied voor de wet afgedwongen.

De gerechtsvuisten maken deel uit van de stadhuiscollectie Veere. Naast archieven beheert het Zeeuws Archief de stadhuiscollecties van Middelburg en Veere, bestaande uit enkele duizenden museale objecten, die tentoongesteld worden op voor het publiek toegankelijke plaatsen. (Zeeuws Archief).
Lunatiekdinsdag 9 januari 2018 @ 16:45
Interessant! Je spreekt van staf of steel, maar die van de beul is niet zo heel lang.

Ik heb wel ergens gelezen dat in Leiden de rechter om het vonnis te bekrachtigen met een staf op de Blauwe Steen (die in de Breestraat) sloeg. Zou dat een staf met een handje geweest kunnen zijn?

Volgens mij heb ik nog ergens iets over de symboliek van die hand gelezen, dat het net als "met de handschoen trouwen" een symbool van een persoon is en in het geval van de rechtspraak de persoon van de leenheer (de keizer of koning).
Nibb-itdinsdag 9 januari 2018 @ 16:50
quote:
1s.gif Op dinsdag 9 januari 2018 16:45 schreef Lunatiek het volgende:
Interessant! Je spreekt van staf of steel, maar die van de beul is niet zo heel lang.
Bij gebrek aan een beter woord, misschien handvat? Ik ken ze van schilderijen tot de lengte van een hellebaard.
Nibb-itdinsdag 9 januari 2018 @ 16:52
Weet je trouwens nog waar je dat gelezen hebt? Klinkt mij in elk geval aannemelijk in de oren.
Nibb-itdinsdag 9 januari 2018 @ 17:35
Een mooie recente studie (en tentoonstelling): https://www.lannoo.be/nl/de-kunst-van-het-recht zie ook: https://issuu.com/museabrugge/docs/kvhr-a6_nl/

Edit - vanaf maart in Museum Hof van Busleyden in Mechelen: https://muse.mechelen.be/roep-om-rechtvaardigheid

[ Bericht 12% gewijzigd door Nibb-it op 09-01-2018 19:15:21 ]
Lunatiekdonderdag 18 januari 2018 @ 22:23
quote:
0s.gif Op dinsdag 9 januari 2018 16:52 schreef Nibb-it het volgende:
Weet je trouwens nog waar je dat gelezen hebt? Klinkt mij in elk geval aannemelijk in de oren.
Het was een tekst over de terechtstelling van Musius. Voorafgaand aan het executeren werd de veroordeelde ontpoorterd, waarbij met de staf op de steen werd geslagen. Dat lijkt wat op het idee van de voorzittershamer.

Dat ontpoorteren lijkt mij nodig te zijn geweest omdat de stad zijn poorters moest beschermen. Dat valt niet te rijmen met ze executeren. Dus eerst ontpoorteren, dan de straf uitvoeren.

Ik zoek nog naar de bron maar heb wat hardwareproblemen.
Lunatiekvrijdag 19 januari 2018 @ 17:47
Ik vond nog wel het stuk over de bodestaf, die blijkbaar ook door rechters werd gebruikt:

quote:
Het was gebruik dat de richter bij het breken van de
staf, boven het hoofd van de terdoodveroordeel de, de vol - gende zinnen uitsprak:" Zoals ik deze staf breek, zo verbreek
ik alle banden tussen u en de rest van de mensheid,
Nu helpe u God, want ik kan u niet meer helpen"(4)
Bron: http://www.oud-gorcum.nl/ogv/ogv-010.pdf