abonnementen ibood.com bol.com Gearbest
  zaterdag 5 juli 2014 @ 11:47:43 #1
84430 kanovinnie
Wie dit leest is gek!
pi_141924057
Omdat Rellende_Rotscholier ondanks zijn username toch een groot tourfan en kenner blijkt te zijn en daar geregeld flinke stukken over schrijft hebben wij besloten om deze in dit topic te plaatsen.

Zet deze dus in je myat, want hopelijk komt er elke dag een update!
Op dinsdag 25 augustus 2015 15:48 schreef Toekito het volgende:
de grootste schande van heel FOK! naast Fylax is Kano als mod.
  zaterdag 5 juli 2014 @ 11:49:08 #2
84430 kanovinnie
Wie dit leest is gek!
pi_141924089
TDF / Euskaltel-Euskadi - opdat wij niet vergeten
ob_87936f5023a2e1ff890dc4acd6f5617b_eus-eska-mad.jpg

Euskaltel-Euskadi, de Baskische trots, is sinds dit jaar niet meer. Meer dan 20 jaar bestond de ploeg en de laatste 13 jaar nam het iedere keer deel aan de Tour de France. Nooit de beste ploeg, wel altijd de leukste. De ploeg die altijd voor het spektakel moest zorgen.

Ploegentijdrit? Vul Euskaltel maar in als laatste.
Waaiers? Alle 9 in de laatste te vinden.
Valpartij? Ja hoor, daar liggen ze.
Kasseien? Iban. :'(

Dat was de ene kant van het vermaak, maar de andere kant van het vermaak was nog veel beter. Euskaltel ging altijd in de aanval. Vooral als de weg een beetje omhoog liep. In iedere kopgroep was wel een oranje man te vinden en zodra er een finish bergop was zag je tot het laatst wel ergens een oranje man tussen de belangrijkste renners fietsen.

Dat gaan we nu dus missen. Geen Euskaltel meer. Geen oranje mannen meer. Geen kansloze aanvallen. Geen volledig oranje gekleurde laatste waaier. Geen epische overwinningen in de bergen. Het is treurig.

Daarom dit topic. Om even terug te denken aan al het genot dat Euskaltel ons heeft geschonken. Het meest logische is dan om bij het begin te beginnen. De eerste deelname, in 2001.

vascoloco_27630_1.jpg

Die eerste deelname was meteen succesvol. Roberto Laiseka won de 14e rit, naar Luz Ardiden, door Jan Ullrich en Lance Armstrong meer dan een minuut voor te blijven. Daar horen natuurlijk beelden bij. Laiseka was eigenlijk de eerste kopman van de ploeg. Een pure klimmer, die voor zijn overwinning in de Tour al meerdere etappes in de Vuelta had gewonnen.


Al die mensen in het oranje die met een Baskische vlag staan te zwaaien. _O_

Goed, 2002 was een wat minder groot succes. Daarom snel door naar 2003, want dat was dus wel een groot succes. Kijkend naar het algemeen klassement zien we een vijfde plaats voor Haimar Zubeldia en een zesde voor Iban Mayo, maar zoals iemand Bauke Mollema eens zou moeten uitleggen heb je natuurlijk niets aan een zesde plaats zonder een legendarische overwinning. Een legendarische overwinning, die Iban Mayo in 2003 boekte. Winnen, op de Alpe d'Huez, door letterlijk weg te vliegen van Armstrong, Hamilton en co.

mayo.jpg

Met het truitje open vliegen naar de overwinning. Als Superman, zoals Hamilton het in z'n boekje mooi zou omschrijven. Heerlijk man. Sowieso een geniale beklimming van de Alpe d'Huez in 2003. US Postal dat de Alpe bestormt alsof het een massasprint betreft. GENOT. En dan Mayo die er nog meer dan een minuut van weg weet te fietsen. Zelden vertoond.


De jaren daarna wil het niet echt vlotten met Mayo in de Tour. In alle voorbereidingskoersen blaast hij iedereen weg, zelfs zo erg dat Armstrong er heel erg nerveus van wordt, maar zodra het dan moet gebeuren in de Tour, loopt hij vast. Of hij valt uit, of hij presteert ver onder zijn niveau. Het is altijd wat. In 2004 wint hij nog de klimtijdrit naar de Mont Ventoux in de Dauphiné, Lance Armstrong zet hij op bijna twee minuten. Nog altijd is de tijd die hij daar neerzette een record. Gaat - hopelijk - ook nooit meer verbroken worden, want dat zou een slecht teken zijn voor HET NIEUWE WIELRENNEN. De menselijke maat zou dan niet bepaald terug zijn.

In de Tour loopt het dus wat minder, want Laiseka loopt op z'n laatste benen, Mayo heeft problemen, Sanchez is nog jong en Zubeldia is fucking saai. In die jaren moet Euskaltel het dus vooral hebben van kansloze aanvallen. Maar dat is verder ook helemaal niet erg. Lekker in de aanval met een Iñigo Landaluze, een Iñaki Isasi, een Egoi Martínez, is ook mooi.

In 2007 krijgen we weer echt een mooi jaar. Amets Txurruka komt bij de ploeg. Wat ik mij van die Tour nog kan herinneren is dat Amets iedere dag in de aanval ging. Letterlijk iedere dag. Zelfs tijdens een tijdrit probeerde hij het nog. Het leverde hem de prijs van de strijdlust op. Dat bestond toen nog. Kreeg je gewoon een mooi shirtje. Niets mis mee.

amets.jpg

Ook in het klassement ging het goed. Mikel Astarloza brak ineens door als een klassementsrenner en werd 9e in het klassement. Haimar Zubeldia, de immer saaie Haimar, werd vijfde. Leuk.

In 2008 kregen we in de Tour weer hetzelfde te zien. Weer een Txurruka in de aanval en Rubén Pérez was ondertussen ook een vast onderdeel van de Tourploeg geworden. Rubén mogen we ook wel een cultheld worden, met zijn kansloze aanvallen en een stuk of 100 10e plaatsen in massasprints. Samuel Sanchez reed voor het eerst een goed klassement in de Tour, hij werd 7e.

2009 is het jaar van de derde etappeoverwinning. Ja, de derde pas. En dan nog een twijfelgeval ook. Euskaltel heeft nooit uitgeblonken in fantastisch tactisch inzicht. Gewoon aanvallen en dan zien waar het schip strandt. Dan win je niet zo gek veel.

mikel_astarloza_tour_et16_g_2009_sirotti.jpg

Hier zien we Mikel Astarloza de 16e etappe winnen, naar Bourg-Saint-Maurice. Hij werd dat jaar ook 11e in het klassement. Enige probleem, hij werd later betrapt op het gebruik van EPO. Een schorsing van twee jaar volgde en de overwinning in de Tour is eigenlijk wel een beetje verdwenen, maar goed, we hebben de beelden nog.


Oja, Amets ging ook weer veel in de aanval. Daar heeft deze fan een mooie compilatie van gemaakt.


2010 en 2011 zijn de jaren van Samuel Sanchez. In 2010 wordt hij derde in het algemeen klassement. Op het podium. GC-technisch het beste resultaat van Euskaltel in 13 jaar Tour de France. Een jaar later volgt eigenlijk een nog groter succes. Samuel wint een rit én de bergtrui. Zesde plaats in het algemeen klassement erbij.

samuel-sanchez-tour.jpg

10 jaar na de overwinning van Roberto Laiseka op Luz Ardiden, wint Samuel Sanchez ook op Luz Ardiden. Dan zou je kunnen zeggen dat het cirkeltje rond is. Dat zijn mooie dingen.


Uiteindelijk dus ook de bergtrui erbij.

SamuelSanchez-monta%C3%B1a.jpg

Nouja, 2012 en 2013 slaan we verder maar een beetje over. In 2012 viel Samuel samen met de halve ploeg geblesseerd uit. Lullige valpartij. Jorge Azanza die een man op een stoel raakt die te ver op de weg staat en daarmee de olympisch kampioen uitschakelt. Ook dat is Euskaltel.

1341769594_extras_mosaico_noticia_1_g_0.jpg

Goed, ja. In 2013 hadden we nog een mooie derde plaats van Mikel Nieve op de Mont Ventoux en heel hele hoop kansloze aanvallen. Lobato nog een dag in de bergtrui, maar dat was het verder wel. De ploeg was een beetje in het slop geraakt. Een einde zat er al een beetje aan te komen.

Dus, we kunnen concluderen dat Euskaltel in al die jaren niet veel heeft gewonnen, maar wel altijd de koers heeft geanimeerd. Zonder Euskaltel was het allemaal nog een stuk saaier geweest. Een van de weinige ploegen die altijd aanvallend heeft gekoerst. Een ploeg die alleen maar epische bergritten won. Ook dat is wat waard. Voor altijd mijn favoriete ploeg, in ieder geval.

Is er een ploeg die de rol van Euskaltel kan overnemen? En met rol bedoel ik de hele rol. Zowel het aanvallen in de bergen als het falen op alle andere gebieden. Ik denk niet dat we nog zo'n ploeg gaan krijgen.

Ik mis Euskaltel. ;(

969496_546624082039497_1493076904_n.jpg
Op dinsdag 25 augustus 2015 15:48 schreef Toekito het volgende:
de grootste schande van heel FOK! naast Fylax is Kano als mod.
  zaterdag 5 juli 2014 @ 11:51:39 #3
84430 kanovinnie
Wie dit leest is gek!
pi_141924143
Etappe 1: Leeds - Harrogate, 190 km

Ja, jongens! Het is zover. De Tour gaat weer beginnen. Allicht leeft het dit jaar wat minder, vanwege het WK, maar elkaar in de weg zit het ook weer niet. 's Middags koers kijken, 's avonds een potje voetbal. Lijkt mij gewoon genot.

Een Grand Départ in Engeland. Dat hadden we een paar jaar geleden ook. 2007, om precies te zijn. Toen in Londen, nu in Leeds. Wielrennen is in een paar jaar tijd enorm populair geworden in Engeland. Uiteraard, als je wint heb je vrienden. Dankzij Sky en met name Wiggins is wielrennen ineens een hele populaire sport. Daarom is het wel een beetje lullig dat Wiggins er nu niet bij is. Zonder hem was het misschien wel heel anders gelopen met het Engelse wielrennen. Hij is toch het boegbeeld. Bij Sky denken ze daar anders over en is de Keniaanse Brit, tevens konijnenkiller Chris Froome ineens de grote man. Dat doet ze in Engeland alleen een stuk minder, die hele Froome. Desondanks kunnen we alsnog heel veel publiek verwachten. Niet alleen veel publiek, ook een mooie omgeving om door te fietsen. We bevinden ons in een heuvelachtig deel van Engeland.

UtqG8t3.jpg
PROFIL.png

Leeds, dus. Grote stad, 750.000 inwoners. Vroeger vooral bekend vanwege de textielindustrie. Tegenwoordig nog steeds voornamelijk een arbeidersstad. Dat niet alleen, ook het financiële centrum van Noord-Engeland en een studentenstad. Genoeg te doen in Leeds.

Elland_Road_panarama.jpg

Leeds kennen we natuurlijk vooral vanwege de roemruchte club uit de stad, Leeds United. In een niet al te ver verleden nog een club om rekening mee te houden, tegenwoordig toch redelijk afgezakt. In 1992 nog kampioen geworden, in het laatste jaar voor de competitie de Premier League werd. Ook getroffen door financiële problemen en ver afgezakt. Tot de League One zelfs. Nu toch weer te vinden in de Championship, maar een promotie richting de PL is de laatste jaren geen optie geweest. Helaas ook in handen van buitenlandse investeerders. Een Italiaan heerst nu over Leeds, Massimo Cellino, die voorheen eigenaar was van Cagliari. Deze Italiaan heeft een beetje vreemde trekjes. Zo heeft hij de keeper weggestuurd omdat deze is geboren op de 17e van mei. 17 is voor hem een ongeluksgetal. De Championship is dus ook gewoon totaal verneukt. Watford in handen van Italianen, Leeds dus en Cardiff heeft natuurlijk oppermafkees Tan. Nee, prima, dat "Engelse" voetbal.

Leeds_Rathaus.jpg

De start is bij de town hall van Leeds. Prima gebouwtje, niets mis mee. Daar vinden dus alle officiële plichtplegingen plaats voor de Tour echt kan beginnen. Renners op een rijtje. Lintje ervoor. Prudhomme erbij die het lintje mag doorknippen. Applausje erbij en klaar om te vertrekken. Via The Headrow snel richting de grote weg om Leeds te verlaten voor het platteland.

Van West Yorkshire fietsen de renners richting North Yorkshire, over een glooiend parcours. Voor de eerste beklimming van de dag waar punten te verdienen zijn hebben de renners al een aantal heuveltjes gehad. Na 68 kilometer is het tijd voor de beklimming van de Kidstones Pass, of Côte de Cray, zoals de Fransen het noemen. Een korte beklimming van 1,6 kilometer, maar met een gemiddelde van 7,1% toch best pittig. Vierde categorie.

descent-great-view.jpg

Een enthousiaste wielerfan heeft alle klimmetjes bezocht en er een filmpje van gemaakt. Dus, voor de mensen die het graag al een keer willen beleven, een filmpje. Wel netjes even pauzeren als de eerste klim gedaan is he.


Daarna volgt een korte afdaling en fietsen de renners door richting de tussensprint van de dag. Deze is na 77 kilometer in het dorpje Newbiggin. Een klein dorpje waar verder niet veel te beleven is. Na deze tussensprint gaan de renners op weg richting de volgende klim. Een klim met een geweldige naam. Na 103 kilometer is het tijd voor de Buttertubs Pass. Of zoals de Fransen het voor de gelegenheid noemen, Côte de Buttertubs. Derde categorie. 4,5 kilometer, 6,8% gemiddeld. Dat is al best een behoorlijke uitdaging, zo tijdens de eerste etappe.

Butter-Tubs-Pass-1.jpg

Er zit nog best een leuk verhaal aan dit klimmetje vast. Buttertubs klinkt natuurlijk achterlijk, maar daar zit gewoon een logische gedachte achter. Kalkstenen rotsformaties zijn te vinden in de nabijheid van deze pas. Eigenlijk direct naast de weg. De overlevering leert ons dat de boeren, op weg naar de markt tijdens de beklimming van de Buttertubs Pass onderweg stopten. Deze boeren hadden vooral boter in manden bij. In de zomer, als het warm was, werd deze boter tussen de kalkstenen rotsformaties verstopt. Sommige kloven waren zo diep, tot wel 20 meter, dat de boter daar koel bleef. Derhalve, buttertubs.

1920px-Butttub1.JPG

Tussen de tweede en de derde beklimming van de dag zit niet veel tijd. Tussen deze twee klimmetjes passeren we het dorpje Gunnerside. Buiten dit dorp is een mooie vallei te vinden, die wel redelijk kenmerkend is voor dit gebied. Bij de Tour weten ze altijd wel hoe ze de omgeving goed in beeld moeten brengen, dus we kunnen ongetwijfeld op mooie plaatjes rekenen.

DSCF3854.JPG

Na 129 kilometer is het tijd voor de Côte de Grinton Moor, oftewel de Grinton Moor Climb. Wederom een beklimming van de derde categorie. 3 kilometer aan 6,6% gemiddeld. Allemaal toch heel behoorlijk voor een eerste etappe. In deze omgeving werd vroeger veel lood gemijnd. Lijkt mij goed om te weten.

BrEasDbCcAA6KFe.jpg:large

Na de afdaling van Grinton Moor zijn er 140 kilometers afgelegd en volgen er nog 50 tot de streep. Dat is uiteindelijk toch wel de doodsteek voor welke vlucht dan ook. In deze laatste 50 kilometer hebben de sprintploegen vrij spel om hard tempo te gaan rijden en iedereen terug te halen. De klimmetjes hebben we gehad en het is nu nog steeds veel draaien en keren over soms smalle wegen, maar de echte uitdagingen zijn al geweest.

P1220856.jpg

De laatste kilometers richting Harrogate spreken redelijk voor zich. Rechte, brede wegen voornamelijk. Na 190 kilometer komen de renners aan in Harrogate, een plaats met 73.000 inwoners. Een speciale stad voor Mark Cavendish. Zijn moeder komt hier vandaan en hij heeft er zelf ook gewoond. Harrogate is een prima stad om te vertoeven, het is een spa. Een enorm populaire bestemming voor toeristen. Harrogate is majestueus, zouden we wel kunnen zeggen.

Harrogate-England-2.jpg

De laatste kilometer is nog een vrij lastige. Volgens de organisatie zelf ziet het er ongeveer zo uit:

PROFILKMS.png

Ja, daar schieten we dus niet heel veel mee op. Een paar stukjes op en een paar stukjes af. Daarom bekijken we het ook nog maar even op deze manier.

tour-de-france-2014-stage-1-finish-harrogate-elevation-profile.png

Nog een stuk van 6% in de laatste kilometer. Je kan hier zomaar je treintje of jezelf opblazen. Het zou wel eens een chaotische, ongecontroleerde sprint kunnen worden. Een stuk afdaling helpt ook niet mee. Enkele valpartijen sluit ik niet uit. De streep ligt bij West Park in Harrogate, in de buurt van dit gebouwtje zo ongeveer. Brede weg, de laatste meters.

HarrogateCenotaph(DSPugh)Aug2005.jpg

Een extra factor om rekening mee te houden in de laatste kilometer is dat het oplopende stukje in de winkelstraat is, waar enkele wegversmallingen zijn aangebracht. Ook aan vluchtheuvels in Engeland geen gebrek. Als dat allemaal maar goed gaat.

Engeland. daar is het altijd slecht weer. Zo ook morgen. Jawel, regen! Om het allemaal nog wat gevaarlijker te maken. Er gaan gegarandeerd mensen vallen, daar is eigenlijk geen ontkomen aan. De temperatuur is verder wel prima. 20 graden, zo ongeveer. Weinig wind, dus waaiers hoeven we niet te verwachten.

Ik ga me wagen aan een voorspelling. Een beetje laten zien hoe weinig verstand je er eigenlijk van hebt, heel erg mooi.
1. Cavendish. Zoals gezegd, Cav heeft een bijzondere band met Harrogate. Hij is altijd gemotiveerd om te winnen, maar nu nog veel meer. Hij gaat ook gewoon winnen, want deze laatste kilometer is wel redelijk in zijn voordeel. Dat oplopende stukje kan hij prima aan en hij heeft een goede trein bij zich.
2. Greipel. André is in goede doen. Hij werd afgelopen week Duits kampioen, op een parcours met enkele hellingen. De hele dag zag je 'm niet, maar in de laatste kilometer van de laatste ronde werd hij door Sieberg naar voren gebracht en klopte hij Degenkolb.
3. Kittel. Iedereen gaat voor Kittel op 1, dus doe ik natuurlijk iets anders. Waar Greipel het Duitse kampioenschap won, haakte Kittel juist af. Enkele kilometers voor de streep was de tank leeg. Kramp. Hij kon geen meter meer fietsen. Kan een keer gebeuren. Hoeft niet direct iets te zeggen, maar voor morgen schrijf ik 'm niet gelijk op. Ik sluit ook niet eens uit dat Degenkolb zijn kans mag gaan, omdat dit toch niet helemaal de makkelijkste etappe is.
4. Sagan. In de echte massasprints is hij nog steeds niet de topfavoriet. Een vierde plaats is goed mogelijk, maar tegen die andere kleppers winnen is nog steeds teveel gevraagd.
5. Démare. Gaat voor het eerst zijn nieuwe trui laten zien. Afgelopen week Frans kampioen geworden. Kan wel aardig mee in de massasprints, maar ook voor hem is winnen erg moeilijk met alle toppers erbij.

Als Cav wint kan hij gelijk door naar de kroeg van z'n oom. Paar pints erin. Hoppa.
Brd1piUIgAEAsvv.jpg
Op dinsdag 25 augustus 2015 15:48 schreef Toekito het volgende:
de grootste schande van heel FOK! naast Fylax is Kano als mod.
pi_141963436
TDF / [Etappe 2] York-Sheffield #1 - Côte de Jenkin Road

Etappe 2: York - Sheffield, 201 km

Een gezapige etappe, met uiteindelijk toch nog een spannende laatste kilometers. Treintjes tegen elkaar, nog een aanval van Cancellara, de onvermijdelijke valpartij en de winst voor Kittel. Uiteindelijk viel het qua valpartijen nog mee, gelukkig. Cavendish schakelt zichzelf en mogelijk Gerrans uit, maar verder is er weinig gebeurd. Kittel wint, maar uiteindelijk viel zijn voorsprong op Navardauskas mij toch nog een beetje tegen, die moet hij normaal op grotere afstand zetten, maar de overwinning telt. Froome blijkt nog meer verborgen talenten te hebben, hij kan ook sprinten!

Morgen heeft het er alle schijn van dat het een spectaculaire etappe gaat worden. Negen gecatoriseerde beklimmingen. Drie van de vierde categorie, vijf van de derde categorie en eentje van de tweede categorie. Deze etappe zou je kunnen zien als een mini Luik-Bastenaken-Luik. Mini, want maar 200 kilometer en wel veel klimmen, maar uiteindelijk toch minder dan in een echte klassieker.

tour-de-france-2014-stage-2-route-map.png
PROFIL.png

De plaats van vertrek is dus York. Een stad met 200.000 inwoners, die bij mij vooral bekend is als studentenstad. Buiten dat is het een stad die enorm veel toeristen aantrekt. Meer dan 7 miljoen bezoekers per jaar. Is nogal wat. Het vertrek is bij de York Racecourse. Wel lekker, zijn de renners eens een keer niet de enige die paardenmiddelen krijgen.

lrg_15632_1200340274d51137a28799.jpg

York is verder een behoorlijk mooie stad. Eentje met veel verschillende invloeden. Van de Romeinse tijd tot nu. Dat levert een enorme variatie aan mooie gebouwen op, howeel de middeleeuwse gebouwen toch wel vrij overheersend aanwezig zijn. Stadspoortje, stadsmuur en de grootste gotische kathedraal in Noord-Europa. Alleen daarom al reden genoeg om deel uit te maken van het circus dat de Tour de France is.

york-1.jpg

York heeft nog meer bezienswaardigheden, zoals The Shambles, een enorm smal straatje met vakwerkhuisjes en Clifford's Tower, een overblijfsel van York Castle. Gebouwd door William I, ook wel William the Conquerer genoemd, om te heersten over de stad die toen nog Jorvik werd genoemd. In de handen van de Vikingen. Dat York heeft een boel meegemaakt.

cliffords-tower.jpg

Vanuit York fietsen de renners richting het westen. De finishplaats van vandaag, Harrogate, passeren we ook weer. Of nouja, bijna dan. Eigenlijk fietsen ze er meteen boog omheen. Na meer dan 40 kilometer fietsen is het tijd voor de eerste beklimming van de dag, Côte de Blubberhouses. Blubberhouses is een gehucht en de weg er naartoe loopt omhoog. Vierde categorie, 1,8 kilometer aan 6,1% gemiddeld. Een opwarmertje, zullen we maar zeggen.

blubberhouses.jpg

Al vrij vroeg in de etappe is het tijd voor de tussensprint. Na 68 kilometer, in de stad Keighley. Vanuit Keighley fietsen de renners richting het dorp Oxenhope. Buiten dit dorp begint de klim met de naam Côte d'Oxenhope Moor. 3,1 kilometer lang en een stijgingspercentage van 6,4%. Niet meteen heel schokkend, maar het gaat toch in de benen zitten.

image16.jpg

Na de Côte d'Oxenhope Moor volgt een afdaling en een nieuwe beklimming, die verder niet gecategoriseerd is. Dorpjes als Hebden Bridge, Mytholmroyd en Crag Vale worden gepasseerd. Deze klim start in Crag Vale en loopt door tot Blackstone Edge Reservoir. 8 kilometer, 3% gemiddeld. Zou dan eigenlijk toch wel vierde categorie mogen zijn, maar dat geheel terzijde.

Sign_for_Cragg_Vale_gradient_-_geograph.org.uk_-_1516646.jpg

Op de top slaan de renners linksaf, naar het oosten, richting de volgende klim van de dag, waar dan wel weer punten te verdienen zijn. De renners dalen af naar Rippondon, om te beginnen aan de Côte de Ripponden. 1,3 kilometer aan 8,6%, een flinke muur dus. Na deze muur volgt een korte afdaling om gelijk verder te gaan met de volgende muur, Côte de Greetland, 1,6 kilometer, 6,7%. Twee van zulke pukkels achter elkaar is toch tamelijk vervelend.

ripponden-2.jpg

Inmiddels hebben de renners 120 kilometer afgelegd en blijven er nog 80 over. Vier van de negen klimmetjes zijn gedaan. Van Greetland fietsen de renners richting Huddersfield. Een tamelijk grote stad, met 163.000 inwoners. Na Huddersfield maken de renners zich op voor een van de zwaarste klimmen van de dag, zeker qua categorie. De enige van de tweede categorie, Côte de Holme Moss. 4,7 kilometer en een gemiddeld stijgingspercentage van zeven procent. Er wordt hier heel veel publiek verwacht. Natuurlijk wordt er overal veel publiek verwacht, maar op deze pittige klim helemaal.

holme-moss-bridge-over-rake-dike.jpg

Als Holme Moss bedwongen is volgt een snelle afdaling, om daarna weer aan een klimmetje te beginnen. Ook weer eentje die niet officieel wordt erkend, maar je moet er alsnog over. Van het ene meertje naar het volgende. Van Woodhead Reservoir richting Langsett Reservoir. Toch ook weer een kilometer of 7 aan 3% gemiddeld.

Langsett_Reservoir_from_Hingcliff_Common.jpg

Na Langsett gepasseerd te hebben is het tijd voor de volgende beklimming, Côte de Midhopstones. Eentje van de derde categorie, 2,5 kilometer aan 6,4% gemiddeld. Dit is na 167 kilometer, er zijn nu nog maar een kilometer of 30 te fietsen en het blijft op en af gaan. Na Midhopstones is er een korte afdaling, is er weer een kort klimmetje, wederom een korte afdaling en dan komt de Côte de Bradfield, vierde categorie, 1 kilometer aan 7,4%.

Ewden-Bank-1.jpg

De volgende beklimming laat niet lang op zich wachten. Côte d'Oughtibrigde, ook wel bekend als Jawbone Hill. Boven in High Bradfield dalen de renners af naar Oughtibridge om daar weer naar boven te klimmen. Dit is de voorlaatste klim van de dag. Op deze top zijn er nog 19 kilometers te gaan tot de streep. De Jawbone Hill is er eentje van de derde categorie, 1,5 kilometer aan 9 procent! Tegen deze tijd moet het veld al aardig uit elkaar zijn geslagen, als er enkele ploegen zijn geweest die het aan hebben gedurfd om oorlog te maken.

Oughterbridge-Lane-Lower-Section.jpg

De renners komen boven in Grenoside en dalen weer kort af. Er volgt nog een pukkeltje en dan gaan de renners op weg naar Sheffield. Op 6 kilometer van de streep is het tijd voor de laatste helling van de dag. Eentje waar al veel over te doen is geweest, Jenkin Road. Een muur, van een kilometer lang, met percentages tot wel 33%, wordt gezegd. Of de 33% daadwerkelijk wordt gehaald is twijfelachtig, misschien net ergens een metertje, maar dat het enorm steil is mag geen twijfel lijden. 800 meter, 10,8% gemiddeld. Een flinke uitdaging, waar het veld nog een keer uit elkaar geslagen kan worden.

Wincobank-mid-section-bends-2.jpg

Na deze Jenkin Road volgt een korte afdaling en is het nog vier kilometer tot de streep. Vlakke kilometers. Nog best een aardig eind, dus als je eerder bent gelost heb je nog een kleine kans om terug te komen, maar een aanvaller die een flink gat krijgt op Jenkin Road zou dit, bij een gebrek aan organisatie daarachter, vol moeten kunnen houden.

PROFILKMS.png

De finish is dus in Sheffield. Een grote stad in het zuiden van Yorkshire met 550.000 inwoners. De snookerhoofdstad en plaats waar twee vrij bekende voetbalclubs zitten. Sheffield Wednesday en Sheffield United. Allebei actief in de marge van de Championship tegenwoordig. Vroeger was Sheffield het centrum van ijzer en staal. Een belangrijke Engelse arbeidersstad. De streep ligt op een brede straat in Sheffield. Totaal buiten het centrum, eigenlijk in the middle of nowhere. Helemaal niets te doen bij de streep. Ooit stond hier in de buurt een voetbalstadion, Don Vally Stadium, maar dat is niet al te lang geleden gesloopt.

DSC_0466_zpsab312e46.jpg

Sheffield is verder nog helemaal niet zo'n slechte stad, de finishplaats is naar mijn mening vrij raar gekozen. Het hele centrum van Sheffield wordt ontweken. Eigenlijk komt het peloton alleen door de buitenwijken. Veel bochten in de laatste kilometers, in principe vrij gevaarlijk, maar normaal gesproken ligt het hele peloton uit elkaar, dus in dit geval zal het gevaar vrij gering zijn. Wel allemaal brede wegen, de laatste kilometers, dus dat is geen probleem.

Sheffield_Square.JPG

Morgen weinig kans op regen. Hoewel dat niet altijd wat hoeft te zeggen, want vandaag was er juist weer veel kans op regen. Niets van gezien, uiteindelijk. We zien het vanzelf wel.

Een voorspelling voor morgen is vrij lastig. Het hangt er volledig vanaf hoe er gekoerst gaat worden. Nu is dat altijd zo, maar met een etappe met heel veel heuveltjes helemaal. Luik-Bastenaken-Luik werd dit jaar gewonnen door Gerrans. Een goede renner, maar als de koers hard wordt gemaakt kan hij dat parcours normaliter niet overleven. Nu kon hij wel overleven en hij was niet alleen. Een tamelijk grote groep bleef over. Als er morgen heel rustig wordt gekoerst, kan hij ook weer overleven. Als er morgen heel hard wordt gekoerst, wordt het een afvalrace en blijf je met heel weinig renners over. Het parcours is er naar om oorlog te maken, hopelijk doen de renners dat dan ook.
1. Lollerkowski. Gewoon in vorm hoor. Ben maar niet bang. Fietst van iedereen weg op Jenkin Road en wint met vijf minuten voorsprong. Een beetje zoals tijdens de Strade Bianche. Niets aan te doen.
2. Sagan. Kan net niet mee met z'n Loller en wint uiteindelijk het sprintje van het groepje overblijvers.
3. Valverde. Gaat aan op Jenkin Road, houdt na drie trappen de benen stil en maakt met z'n elleboog een gebaar dat de anderen moeten overnemen. Doen ze niet, dan gaat Kwiat er vandoor en blijft Valverde zitten. Wordt dan vervolgens tweede in de sprint. Lachen.
4. Slagter. Toch maar een Nederlander noemen. Heeft de laatste tijd niet echt laten zien over grootse vorm te beschikken, maar op papier is dit de perfecte etappe voor hem. Laten we hopen dat hij toch op tijd in vorm is.
5. Froome. Bleek vandaag te kunnen sprinten. Nou, dan kan dat morgen ook. Lekker man.

[ Bericht 4% gewijzigd door timmmmm op 06-07-2014 12:16:30 ]
pi_142001627
Etappe 3: Cambridge - London, 155 km

Op de tweede dag van een grote ronde al meteen de klassementsrenners aan het werk zien, dat is niet vaak. Zeker niet in de Tour. Een welkome afwisseling. Veel wijzer zijn we er alleen niet van geworden, want uiteindelijk was het toch net niet uitdagend genoeg om echte verschillen te creëren tussen de renners waarvan je verwacht dat ze mee gaan doen in het klassement. Positief is dat Nibali won, want nu hoeven we in ieder geval een aantal dagen niet meer naar die afzichtelijke trui van 'm te kijken.

Morgen wordt het een rit voor de sprinters. Kort, vlak. Een etappe waarvan je er meestal teveel hebt in de eerste week van de Tour.

125neb5.jpg
PROFIL.png
Cambridge. Studentenstad. Eigenlijk niet eens zo'n grote stad, met 126.000 inwoners. Van een stad die zo ontzettend bekend is verwacht je toch dat het allemaal wat groter is. De start is bij een park. Hoewel het eigenlijk niet eens de naam park mag hebben. Het is een uit de kluiten gewassen grasveld. Van dit punt fietsen de renners langs de universiteit. Zo'n beetje alle mooie gebouwen worden gepasseerd om vervolgens naar het zuiden te gaan, richting London.

kings-college-cambridge-cambrige.jpg

Cambrigdeshire wordt snel verruild voor Essex. Enkele hoogteverschillen zijn er nog wel in het begin van de etappe te vinden. Onder andere het pittoreske dorpje Saffron Walden is gesitueerd in enigszins geaccidenteerd terrein.

Saffron-Walden-001.jpg

Als echte wielervolger ben je het altijd uit principe oneens met het parcours. Er mist altijd wel wat aan. Deze Tour ook weer, een leuke bergetappe, maar dan de laatste 50 km vlak. Of überhaupt een overschot aan vlakke etappes. Is allemaal niets natuurlijk. Dat kun je zelf veel beter. Ik heb daarom voor de gein wel eens etappes in elkaar geflanst, met behulp van een site als tracks4bikers (RIP). Beetje op zoek naar mooie klimmetjes, of op een andere manier een uitdagend parcours. Soms probeerde je dan een hele grote ronde in elkaar te draaien en daar hoort natuurlijk ook wat werk op het vlakke bij. 21 keer een aankomst bergop kan ook niet, hoewel ze daar in Spanje anders over lijken te denken. Enfin, zo'n etappe op het vlakke is natuurlijk saai. Dan kies je een plek uit, klik je op het centrum, ga je naar de volgende plek en klik je daar op het centrum. De kortste weg tussen die twee plaatsen wordt voor je uitgerekend en je bent binnen een minuut klaar met je etappe. Dat is dus wat ze zo ongeveer bij deze etappe hebben gedaan. Het is bijna niet mogelijk om een snellere route tussen Cambridge en London te vinden. Ja, er is één mogelijkheid om nog een stuk af te snijden, maar dan is de rit niet lang genoeg. Dit is waarschijnlijk de etappe waar het minste werk in heeft gezeten. Deze is binnen drie minuten in elkaar gedraaid. Continu over de grote weg. Uiteindelijk passeer je dan enkele steden, zoals een Chelmsford. Daar staat een leuke kerk.

Chelmsfordcath.jpg

Na een hele tijd richting het zuiden te hebben gefietst gaan de renners nu richting het westen. Over het platteland richting de tussensprint van de dag, in Epping Forest. Hoewel de tussensprint gewoon midden in Epping is en dus helemaal niet in het bos. Verwarring alom. Na de tussensprint fietsen de renners nog wel door het bos, dus de natuurliefhebbers komen alsnog aan hun trekken. Wel een bijzonder bos, want Queen Elizabeth I zou hier nog gejaagd hebben! Althans, dat is het verhaal. Er is verder geen bewijs voor. Maakt niet uit, gewoon mooi. Jachthuis erbij, kan jou het schelen.

queenelizabethshuntinglodgeeppingforest2.jpg?m=1376345615

Na Epping Forest zijn we al bijna in London. De finale gaat dan al beginnen. Na 118 kilometer rijden we London binnen, er zijn dan nog 37 kilometer te gaan. Na 12 kilometer door de Londense buitenwijken gereden te hebben rijden we het olympische park in. De laatste kilometers kennen we eigenlijk allemaal al. De laatste jaren toch vrij vaak in London geweest. De Tour in 2007, Olympische Spelen in 2012 en dan is er sinds vorig jaar ook nog de Ride London Classic. De bekende trekpleisters worden allemaal weer gepasseerd. Daar hoef ik verder weinig woorden aan te besteden, kennen we allemaal we. Finish op The Mall, met Buckingham Palace op de achtergrond. Laatste rechte lijn is lang en breed, niets aan de hand.

Buckingham-Palace-Britain%E2%80%99s-Queen-Residence.jpg

Kleine kans op regen, graadje of 20, waarschijnlijk weinig wind. Nee, dit gaat gewoon een hele simpele sprintetappe worden. Het laatste uur gaat er waarschijnlijk belachelijk snel gekoerst worden. Het enige spektakel zal komen van de laatste kilometers en eventuele valpartijen. Verder vergeten we deze etappe waarschijnlijk snel weer.

Soms is een voorspelling moeilijk, maar nu spreekt het voor zich. De verhoudingen zijn vrij duidelijk. Kittel is niet eens meer buitencategorie, simpelweg van een andere planeet.
1. Kittel. Met vijf lengtes. Pakt eventueel nog een paar seconden ook.
2. Greipel. Met het wegvallen van Cavendish is hij de beste van de rest. Duidelijk beter dan de andere sprinters, maar helaas voor hem is er nog een andere Duitser.
3. Demare. Won de Ride London Classic in 2013. Kent de weg. Komt alleen wel flink tekort tegen Kittel en Greipel, dus meer dan een derde plaats zal het normaal gesproken niet worden.
4. Coquard. Is wel aardig rap, een vierde plaats dan maar.
5. Sagan. Het is breed en het is vlak, dus Sagan heeft hier eigenlijk helemaal niets te zoeken, maar hij gaat het wel proberen en dat kan dan een vijfde plaats opleveren. Of een zesde. Of een zestiende. Kan allemaal.

[ Bericht 0% gewijzigd door kanovinnie op 07-07-2014 12:57:10 ]
pi_142057333
b]Etappe 4: Le Touquet-Paris-Plage - Villeneuve-d'Ascq Lille Métropole, 163 km[/b]

Een demonstratie van Kittel en Giant verder gaan we op weg naar de volgende massasprint. Het enige verschil is dat we ondertussen in Frankrijk zijn aangekomen. Aan de kust, de Opaalkust. Dit zou een hele spannende etappe kunnen zijn als het hard zou waaien, maar dan moet ik jullie meteen teleurstellen. Men verwacht weinig wind. Helaas.

stage_04_map_670.jpg
PROFIL.png
Het zeer fraaie kustplaatsje Le Touquet-Paris-Plage is de vertrekplaats. Een dorpje eigenlijk, met maar 5600 inwoners. In de zomer is er wel veel volk, tot 250.000 bezoekers komen het strand hier bezoeken. We bevinden ons in de regio Nord-Pas-de-Calais, departement Pas-de-Calais. In Le Touquet is de Tour al enkele keren geweest. Lang, lang geleden. In 1971 bijvoorbeeld, toen Mauro Simonetti won. In 1976 was er een tijdrit naar Le Touquet, deze werd gewonnen door Freddy Maertens. D'n Freddy.

Typisch straatje in Le Touquet:
1704_l.jpg

Plage, daar waar de start van de etappe uiteraard is:
4229150.jpg

Bijzonder mooi stadhuisje:
642_l.jpg

Vanuit Le Touquet gaan de renners eerst naar het zuiden, om vervolgens toch maar snel naar het oosten te fietsen, wat wel nodig is als je in Lille wil uitkomen. Montreuil wordt aangedaan. Een dorp van helemaal niets, maar ze hebben er wel een oude vesting met een citadel, dus dit dorpje zullen we niet ongemerkt passeren. Staat ongetwijfeld in het kastelenboek van Herbert. In dit dorpje vinden we ook enkele straten met kasseien, die soms gemeen kunnen oplopen, maar dat slaan we dan wel weer over.

Montreuil-sur-mer24.jpg

Na Montreuil komt het eerste klimmetje van de dag er al bijna aan. Een simpel klimmetje van de vierde categorie, Côte de Campagnette. Eén kilometer aan een procent of 6, niet echt de moeite waard. De renners fietsen ondertussen richting het noorden. Enkele hoogteverschillen moeten overwonnen worden, maar eigenlijk mag het geen naam hebben. Na 71 kilometer komen de renners aan in Saint-Omer. Dit is nog redelijk noemenswaardig omdat hier enkele mooie gebouwen te vinden zijn, waaronder een ruïne van de abdij van Sint-Bertinus.

11495587.jpg

Het is nu nog twintig kilometer tot de tussensprint van de dag. Dit wordt alleen een wat vreemde tussensprint. De streep ligt namelijk boven op Mont Cassel. Hoewel misschien beter bekend als de Kasselberg. Een heuveltje in het Heuvelland, dat de afgelopen jaren deel heeft uitgemaakt van Gent-Wevelgem. Geen bijzonder zware klim, een kilometer of twee aan 5% gemiddeld. De top ligt net buiten het centrum van Cassel. In het centrum van Cassel liggen kasseien, wat in dit geval wil zeggen dat de renners over deze ondingen moeten afdalen. Ze liggen er verder wel redelijk bij, dus grote problemen hoeft dit niet op te leveren. Het stuk met kasseien is ook niet heel lang, de renners komen al snel weer op een geasfalteerde weg terecht.

Kassel-markt.jpg

Als de tussensprint geweest is fietsen de renners richting België. De grens wordt netjes gevolgd, maar België wordt niet echt betreden, dat bewaren we voor etappe 5. Hoewel we nu wel in Frans-Vlaanderen zijn, dit gebied heeft niet altijd deel uitgemaakt van Frankrijk. Vandaar ook de Nederlandse namen voor sommige plaatsen, zoals Rijsel. Na 117 kilometer is het tijd voor de laatste beklimming van de dag, de Zwarte Berg. Klinkt heel spectaculair, maar deze Mont Noir is maar 1,3 kilometer en nog geen 6% gemiddeld. Er zijn nu nog een kilometer of 45 te gaan en de verwachting is dat er een rugwind zal zijn. Niet bijzonder hard, maar wel aanwezig. Op de kant zal het waarschijnlijk niet gaan, maar de snelheid zal desondanks heel erg hoog liggen. Een snelle finale dus. Als het peloton de kopgroep teveel tijd geeft, of bijvoorbeeld eens een keer al het werk aan Giant laat, kan het er nog om spannen, maar normaal gesproken moet dit toch gewoon een massasprint worden. Bailleul wordt aangedaan, een stad met een Vlaams karakter. De Belgen noemen het ook Belle, niet Bailleul. Volledig verwoest tijdens de Eerste Wereldoorlog en opnieuw opgebouwd, waarbij de architecten goed keken naar, onder andere, woningen uit Brugge.

65028293.jpg

Na Belle fietsen de renners richting Armentiers, of Armentières, het is maar net van welke kant je het wil bekijken. Een industriestad, zoals je er in deze omgeving wel meer hebt. Ook eentje die last heeft gehad van de Duitsers tijdens de Eerste Wereldoorlog. Voor een groot deel verwoest, maar weer netjes opgebouwd. Centrumpje is wel het aanschouwen waard.

armentieres_hdv.jpg

Dan is de finale al in volle gang. 15 kilometer verder rijden de renners Rijsel al binnen. Op dat moment is de koers nog 14 kilometer lang. Zo ongeveer de hele metropool doorkruisen we, voor we in Villeneuve-d'Ascq aankomen. Villeneuve-d'Ascq is een voorstad van Lille en heeft ongeveer 65.000 inwoners. Lille zelf heeft 228.000 inwoners en de hele Métropole maar liefst 1.125.000. Voor we naar de finish rijden passeren we eerst nog een deel van Lille dat we moeilijk majestueus kunnen noemen.

DSC03928.jpg

Helaas is de finish niet veel beter. De streep ligt pal voor het Stade Pierre Mauroy. Dat is het nieuwe stadion van de voetbalclub OSC Lille. Een afschuwelijk modern stadion. Een van de afgrijselijkste stadions die men de laatste jaren heeft gebouwd, maar je zou kunnen zeggen dat het prima bij dit gebied past. Het oude stadion was ook al niet veel, dus het hoort blijkbaar bij de club. De ArenA noemt men wel eens een ufo, wat is dit dan?

grand_stade_mauroy.jpg

Overigens wordt dit stadion niet alleen voor voetbal gebruikt, ook voor rugby. Van de binnenkant gaat het nog wel, maar het is niet gelijk reclame voor je land om voor dit afzichtelijke ding te finishen. De verdere omgeving hier is niet veel beter. Troosteloos, zou je kunnen zeggen. Goed, in ieder geval wel nieuwe wegen, met goed asfalt. Een bocht, op ongeveer 400 meter van de streep. Het is geen hele scherpe bocht, meer een lopende. Toch is positionering hier belangrijk. De weg is op dit punt ook niet al te breed, dus als je hier niet bij de eersten bent kan je het beter meteen opgeven. Hier finishen ze zo ongeveer, eigenlijk net voorbij het stadion, bij dat andere lelijke gebouw voor de deur.

130128_bvd_tournai1.jpg

Lille is overigens wel gewoon een stad die ontzettend veel te bieden heeft. Helemaal zo lelijk nog niet. Daarom jammer dat daar weinig gebruik van wordt gemaakt. Hier in de buurt finishen was al een stuk beter geweest, laten we eerlijk zijn.

lille2.jpg

Waarschijnlijk niet genoeg wind om waaiers te creëren, daarentegen wel een grote kans op regen. Pas tegen de avond zal het in Lille en omstreken weer wat droger worden. Hebben de renners dus niets aan. De finale kent enkele serieuze bochten, dus er is een verhoogd risico op valpartijen.

Waarschijnlijk zal het weer een massasprint worden. De enige manier waarop dit niet gaat gebeuren is als de andere ploegen Giant-Shimano het werk laten opknappen. De trein van Giant is altijd indrukwekkend, maar het feit dat ze tijdens de rit zo ongeveer alleen hun Chinees op kop zetten helpt wel mee. Ze hebben vaak ook de meeste mensen over. Als andere ploegen nu niet gaan achtervolgen en het aan Giant laten, kunnen ze het nog wel eens moeilijk krijgen om alles te controleren. Dan moet je je vervolgens wel afvragen of Nibali zijn trui wil verliezen. Kan zijn van niet, dan halen ze alsnog alles terug. We zullen wel zien, waarschijnlijk zullen de Lotto's van deze wereld toch wel weer voor Greipel fietsen.
1. Kittel. Indrukwekkend, dat is deze beer uit Duitsland zeker. Gaat gewoon iedere massasprint winnen deze Tour. Niets aan te doen.
2. Greipel. Driemaal scheepsrecht. Het zal nu toch een keer moeten lukken. Winnen niet, maar een keer een fatsoenlijke sprint rijden wel.
3. Demare. Nog zo'n faalhaas. Komt er tot nu toe niet aan te pas, maar is in deze omgeving wel altijd goed.
4. Sagan. Deed dat vandaag toch beter dan ik had verwacht. Tuurlijk, Kittel kan hij niet kloppen, maar de rest liet hij toch een aardig eind achter zich.
5. Coquard. Ja, dit wordt een hele grote. Verdomd snel, nu alleen even wat minder je best doen bij de tussensprint en wat meer bij de streep.
pi_142067028
Etappe 5: Ieper - Arenberg-Porte du Hainaut, 155 km

Zelfs als zijn hele trein ontspoort wint Kittel nog. Daar is dus echt niets aan te doen. Het is maar goed dat we morgen een ander soort etappe krijgen. Dat gaat geen massasprint worden.

Dé etappe waar iedereen het al maanden over heeft. Kasseien! Negen stroken in de laatste 70 kilometer. Deze 9 stroken leveren 15,4 kilometer kasseien op. Na een mini Luik-Bastenaken-Luik nu een mini Parijs-Roubaix. Volgens mietjes als Jurgen van den Broeck hoort dit niet thuis in de Tour, maar voor de kijkers wordt het waarschijnlijk een fantastische etappe. Kasseien staan altijd garant voor spektakel, dus ook in de Tour. De laatste keer, in 2010, bleef er een groepje van zes man over. De geblokte Noor Hushovd won toen. Enkele favorieten verloren tijd, o.a. Contador en Van den Broeck, of vielen zelfs uit, zoals een Frank Schleck. Zoiets kan morgen ook zomaar gebeuren, zeker met het weerbericht in je achterhoofd. Enige nadeel is dat de rit ontzettend kort is. Dat maakt het toch minder een uitputtingsslag.

Tour-de-France-Stage-5-1400752469.png
PROFIL.png
BXQRmOVCcAA2-KD.jpg
De start is in Ieper. Een stad met 35.000 inwoners in West-Vlaanderen. Nog zo'n stad die totaal verwoest werd tijdens de Eerste Wereldoorlog. Vier slagen waren hier maar liefst, verspreid over vier jaar. Uiteindelijk bleef er niets over van Ieper, maar gelukkig werd de stad later weer in ere hersteld. De start is bij de niet onaardige Grote Markt.

ieper-01-contr1.jpg

Vanuit Ieper fietsen de renners richting Roeselare, over een vlak parcours. Eenmaal in Roeselare hebben we het noordelijkste punt van de dag bereikt en gaan de renners op weg naar Frankrijk. Voordat we Frankrijk weer binnenrijden doen we eerst nog Wevelgem aan, bekend van de de koers Gent-Wevelgem. Een belangrijke koers, die dit jaar werd gewonnen door John Degenkolb. Hij klopte Arnaud Demare heel nipt. Via Wevelgem gaan de renners richting Mouscron/Moeskroen, om dan na 60 kilometer weer in Frankrijk aan te komen. Daar passeren we een paar van die prachtige industriestadjes, zoals Tourcoing. Daar staat dan nog wel een mooi stadhuis.

Tourcoing_hotel_ville_3-4.JPG

Van Tourcoing rijden we naar een van de bekendste wielersteden van Frankrijk, Roubaix. We volgen in Roubaix gewoon de grote weg, het bekendste vélodrome van Frankrijk laten we links liggen, hoewel het ongetwijfeld wel in beeld zal worden genomen. Na Roubaix is het nog maar een kilometer of 20 tot de eerste kasseistrook van de dag. Gruson au Carrefour de l'Arbre wordt aangedaan. In Parijs-Roubaix wordt deze strook altijd in tegengestelde richting gereden, het is een strook van 1100 meter en krijgt twee sterren. Twee sterren is niet heel veel, want de zwaarste stroken krijgen altijd vijf sterren. Deze strook ligt er redelijk netjes bij. Dit is een opwarmertje, zou je kunnen zeggen.

33elqwy.png

10 kilometer na deze eerste secteur is het tijd voor de tussensprint, in Templeuve. Na deze tussensprint is het nog maar een paar kilometer tot de volgende sector van de dag. Nummertje 8, we tellen af. Een strook die vaak voorkomt in de finale van Parijs-Roubaix, de strook van Pont-Thibaut. 1400 meter lang en drie sterren, dus al wat zwaarder dan de vorige strook. Ligt er ook wat slechter bij, maar is nog lang niet de moeilijkste strook van de dag.

pont-t10.jpg

Na 110 kilometer, er zijn dan nog 45 kilometer te gaan, krijgen we een strook die een van de zwaarste van allemaal zou kunnen zijn, maar helaas rijden we alleen het eerste, relatief makkelijke, deel van deze strook. De eerste kilometer van Mons-en-Pévelè. Drie sterretjes, geven we deze.

Mons_pav%C3%A9_%281%29.JPG

De volgende strook volgt nu heel snel. Als de strook richting Mons-en-Pévelè wordt verlaten fietsen de renners richting Bersée. Hier ligt een strook van 1400 meter. Dit is een strook die richting Auchy-les-Orchies loopt. In Parijs-Roubaix loopt deze strook altijd van Auchy-les-Orchies richting Bersée en is hij een stuk langer, nu doen we alleen het zwaardere tweede deel van deze strook. Een vrij lastige strook, maar niet al te lang. We geven er maar drie sterren aan.

auchy_10.jpg

Nu zijn er dus al vier stroken geweest, de laatste drie heel kort achter elkaar. Het is nog 40 kilometer tot de streep. 10 kilometer tot de volgende strook. De kasseistrook van Orchies naar Beuvry-la-Forêt. 1400 meter lang. Tijdens Parijs-Roubaix rijden ze deze altijd andersom. 700 meter oude kasseien en 700 meter redelijk nieuwe kasseien. Voor de helft dus goed te doen en een helft waar je minder comfortabel op je fiets zit.

beuvry10.jpg

Amper vijf kilometer later volgt sector 4 al. Sars-et-Rosières à Tilloy-lez-Marchiennes. Ook deze strook komt voor in Parijs-Roubaix. Het is een lange strook, 2400 meter. Niet echt de slechtste strook van allemaal, maar de lengte zal er wel voor zorgen dat er hier wat kan gebeuren.

tilloy10.jpg

Nog drie stroken en 20 kilometer te gaan. Na Tilloy binnengereden te zijn is het nog maar vier kilometer tot Warlaing, waar de volgende strook ligt. Ook deze strook komt voor in Parijs-Roubaix, is dan alleen wel een kilometer langer, nu doen we de goede 1400 meter van Brillon naar Warlaing. In die andere kilometer zitten een paar slechte stuken met flinke gaten, dus dat wordt overgeslagen.

27926921.jpg

Nog twee stroken te gaan. Er kan nu al een hoop gebeurd zijn, maar als dat niet het geval is, wanhoop niet. De zwaarste strook komt er nog aan. Zwaarste, want langste. Bijna vier kilometer lang is deze strook. Op 15 kilometer van de streep is het tijd voor Wandignies-Hamage à Hornaing.

5599702581_e1b63be010_z.jpg

Dan is er dus nog één strook te gaan en nog maar enkele kilometers. De strook van Hélesmes naar Wallers. 1600 meter. Geen verschrikkelijk slechte strook, maar met 14 kilometer kasseien in de benen kan hier, als er dan nog steeds niets is gebeurd, alsnog wat gebeuren. Ik neem aan dat er voor deze tijd al een flinke afscheiding is geweest, maar anders kan het op het laatste moment nog. Na deze strook is het nog maar 6 kilometer tot de finish. Als je hier een gat hebt ben je waarschijnlijk wel weg, want het valt niet te verwachten dat er nu nog een grote groep bij elkaar zal zijn.

waller10.jpg

Vanuit Wallers fietsen de renners richting Arenberg. Arenberg, dat iedereen wel kent, want dit dorp wordt ieder jaar tijdens Parijs-Roubaix gepasseerd voor de verschrikkelijkste en mooiste strook van de hele koers, Het Bos van Wallers. Helaas gaan we nu het bos niet in. We finishen voor het bos. Zo dichtbij, maar toch ook weer zo ver weg. Heel veel maakt het ook niet uit, ook zonder het bos moet dit een hele goede koers kunnen worden.

Wallers_-_Fosse_Arenberg_des_mines_d'Anzin_(415).JPG

De afgelopen jaren was het iedere keer droog tijdens Parijs-Roubaix. Sommige mensen doen ieder jaar een regendans, in de hoop dat we dan een paar druppels krijgen, maar het wil maar niet lukken. Het heeft er alle schijn van dat we morgen wél regen krijgen. Er wordt in de omgeving van Wallers regen verwacht, veel regen. We gaan dus hoogstwaarschijnlijk natte kasseien krijgen. Vandaag heeft het in dit gebied ook al geregend, dus in plaats van stof krijgen we nu een keer modder. Dit voegt natuurlijk wel een extra dimensie aan het hele gebeuren toe. Bovendien krijgen we te maken met een flink windje in de rug. Afhankelijk van hoe de renners fietsen zal de wind in de rug of van de zijkant komen. Vandaag was het ongeveer 25 km/u, lang niet genoeg om waaiers te creëren, morgen krijgen we al snel 50 km/u, tegen het eind van de middag zelfs 60 km/u. Dat is windkracht 7. Harde wind. Om het af te maken zijn de temperaturen ook vrij laag, zo rond de 16 graden. Dus, regen, windkracht 7 en een redelijk lage temperatuur. Dit zou wel eens een hele bijzondere etappe kunnen worden.

Een combinatie van het weer en dit parcours gaat er voor zorgen dat we nooit met een hele grote groep aan gaan komen bij de finish. Het gaat een slijtageslag worden. Ik ga, ondanks de geringe afstand, uit van een klein groepje. Man of 10, misschien zelfs minder. Op een van de laatste kasseistroken gaan er waarschijnlijk nog wel jongens proberen weg te rijden en dan denk je natuurlijk meteen aan de mannen die ook altijd enorm sterk zijn in Parijs-Roubaix. De laatste twee edities werd deze koers eigenlijk gedomineerd door Vanmarcke en Cancellara. Terpstra won dit jaar wel, maar die twee waren op de kasseien toch net wat indrukwekkender. Een van die twee gaat morgen winnen, daar ben ik heilig van overtuigd. Cancellara hoeft dit jaar geen Andy Schleck op sleeptouw te nemen, zoals in 2010. Frankie staat al op achterstand en anders gaat ie wel op z'n plaat, hoeven ze ook geen rekening mee te houden. Vanmarcke heeft dan wel Mollema, maar volgens Nico 'hop hop hop' Verhoeven hoeft hij op niemand te wachten.
1. Vanmarcke. Al meerdere jaren indrukwekkend in de klassiekers, maar de echt grote overwinning wil nog niet lukken. Dat moet morgen dan maar een keer gebeuren. Hij lijkt goed in vorm te zijn, was sterk op het Belgisch kampioenschap en had zonder Cavendish mogelijk een goede sprint kunnen rijden in de eerste etappe. Ik denk dat hij weg gaat fietsen van de rest en solo aan gaat komen.
2. Cancellara. Fabian rijdt altijd goed als er kasseien zijn. Morgen ook. Zal alleen net even het wiel van Vanmarcke niet kunnen houden en uiteindelijk het sprintje van de kleine overblijvende groep winnen.
3. Degenkolb. Na een paar dagen gewerkt te moeten hebben voor Kittel komt nu zijn eerste kans. Hij was ontzettend goed in voorjaarsklassiekers. Dit werk kan hij aan. Het is op dit moment alleen nog wel veel volgen, weinig aanvallen. Gaat ook morgen niet aanvallen. En dan ga je waarschijnlijk niet winnen.
4. Sagan. Wordt ook steeds beter in dit werk. Komt uiteindelijk net mee met het bepalende groepje, als hij tenminste niet teveel last heeft van zijn accidentje vandaag.
5. Lollerkowski. De man die alles kan. Komt ook gewoon prima over de kasseien. Niets mis mee.
  donderdag 10 juli 2014 @ 07:53:42 #8
84430 kanovinnie
Wie dit leest is gek!
pi_142128520
Etappe 6: Arras - Reims, 194 km

Dit is ons jaar. We hebben weer gewonnen. Zoveel jaren van armoede, maar dit jaar komt alles er ineens uit. We fietsten al enige jaren goed mee, maar het afmaken wilde niet lukken. Dit jaar valt alles dan ineens op z'n plaats. Voor het eerst sinds 2001 een klassieker gewonnen, Terpstra in Parijs-Roubaix. Voor het eerst sinds 2011 weer een rit in de Giro, daar volgde Weening zichzelf op en nu voor het eerst sinds 2005 een rit in de Tour. Bovendien nog overwinningen in zowat iedere belangrijke rittenkoers. Drie stuks in Parijs-Nice, twee stuks in Catelonië, eentje in het Baskenland en eentje in de Dauphiné. Bovendien hebben we, met alle koersen bij elkaar, het meest gewonnen van alle landen. Deze overwinning is de 75e overwinning in een UCI-koers dit jaar. Het gaat ons voor de wind en daar mogen we best blij mee zijn.

52c11bde912318bdab1f821caff8633d_view.jpg

Morgen krijgen we dan weer een hele saaie, vlakke etappe. We krijgen dus ruimschoots de tijd om na te genieten van deze fantastische overwinning. Het is weer tijd voor d'n Kit.

PROFIL.png
De start is in Arras. Een stadje met 45.000 inwoners waar de Tour al twee keer eerder is geweest. We bevinden ons in het Pas-de-Calais, een eindje onder Lille. De exacte plek van vertrek was ook de plek van vertrek tijdens een etappe in 1991 en tijdens de ploegentijdrit in 2004. Dat is vrij logisch, want het is de trekpleister van Arras, de plaatselijke citadel, die terug te vinden is op de werelderfgoedlijst van Unesco. Hier liggen ook kasseien, dus het is niet te hopen dat deze start wordt geschrapt.

Arras_citadelle01.jpg

Van Arras is het richting het zuiden, zonder enige serieuze hoogteverschillen. De eerste 100 kilometer is het eigenlijk volledig rechtdoor over de grote weg. Dat wordt bijzonder spectaculair om naar te kijken. We rijden het departement Somme binnen en passeren daar dorpen als Bapaume en Péronne. Bapaume en Péronne zijn van die dorpen waar behoorlijk werd gevochten tijdens de Eerste Wereldoorlog. De Slag aan de Somme, waarbij meer dan één miljoen slachtoffers vielen, werd in deze omgeving uitgevochten. In de omgeving van de rivier de Somme probeerden de Britten en Fransen door de Duitse linies te breken. In Péronne is nog een museum te vinden over deze gebeurtenissen, Historial de la Grande Guerre.

Peronne_museum.jpg

Na Ham rijden we het departement Aisne binnen. Hier rijden we een hele tijd over het platteland, om na 107 kilometer de eerste beklimming van de dag te krijgen. Hoewel het eigenlijk niet eens het noemen waard is, één kilometer aan 6 procent. Nou, het is wat. Wel een prima naam, Côte de Coucy-le-Château-Auffrique. Coucy-le-Château-Auffrique is een klein dorpje, deels verstopt binnen de muren van de overblijfselen van het kasteel van Coucy.

31749.jpg

We zijn ondertussen een heuvelachtig terreintje binnengereden. Het gaat nu een paar keer op en af. Stelt allemaal niet veel voor, maar wel wat anders dan de eerste 100 vlakke kilometers. Na dit eerste klimmetje is het al bijna tijd voor de tussensprint van de dag, deze is in Pinon. Loopt een klein beetje omhoog, maar mag ook niet echt een naam hebben. Ook hier kwamen de Duitsers in 1914 langs. Bleef ook niet veel van over. Zelfs het bos in de omgeving moest eraan geloven.

cartes-postales-photos-La-Butte-PINON-2320-7212-20071017-5e4i4t2d7b8p8u7k3h2x.jpg-1-maxi.jpg

Boven in Pinon zijn we op een heuvelrug terecht gekomen. Over deze heuvelrug loopt een weg, Chemin des Dames. Hier rijden we over en met een reden, want ook hier is weer een link met de Eerste Wereldoorlog te vinden. Deze heuvelrug werd bezet door de Duitsers. Dat vonden de Fransen toch niet zo'n goed idee en ze probeerden de Duitsers weg te jagen, zelfs met gebruik van de eerste Franse tanks, maar dat werd niet echt een succes. Een jaar later durfde men pas weer een nieuwe poging te jagen en lukte het uiteindelijk om de Duitsers te verslaan. Een bijzondere weg om over te fietsen dus.

Plateau_du_Chemin_des_Dames.JPG

De renners passeren Cerny-en-Laonnois, waar een groot kerkhof is en vele slachtoffers van de gevechten op Chemin des Dames begraven liggen. Vervolgens rijden ze van deze heuvelrug af en gaan ze op weg naar het volgende heuveltje van de dag, weer eentje van de vierde categorie. Côte de Roucy. 1,5 kilometer aan 6,2%, stelt ook niet veel voor. Na dit pukkeltje volgt er nog een, die dan weer niet in de boeken staat, maar op basis van het probleem ongeveer hetzelfde zal zijn. Daarna is het gedaan met de heuveltjes. Nog 30 kilometer tot de streep. Na 180 kilometer rijden we door het dorpje Bourgogne. Dat dorpje ziet er een beetje raar uit.

Bourgogne_Vue_Avion_2_CL.jpg

Daarna is het rechtdoor richting Reims. Reims is een stad met 188.00 inwoners. Een stad ie al vaak deel heeft uitgemaakt van de Tour, 12 keer maar liefst. In het verleden wonnen hier onder andere Abdoujaparov, McEwen en Petacchi. Altijd een sprint hier. In de stad Reims volgen nog maar twee bochten. Twee. In enkele kilometers. Dit moet dus eigenlijk geen probleem zijn. De renners finishen op de Boulevard Victor Hugo, een ontzettend brede weg. Een normale vlakke etappe schreeuwt Kittel, dit is er gewoon om gillen. Hysterisch gillen.

cathedrale_de_reims.jpg

Geen onaardige plaats, dat Reims. Kun je volgens mij goed vertoeven. Zeker met de wetenschap in je achterhoofd dat dit de woonplaats is van een van de beste (en knapste) wielrensters van het moment, Pauline Ferrand-Prevot. Helaas voor de renners is zij morgen niet aanwezig, ze is momenteel aan het koersen in Italië, de Giro Rosa, waar ze Marianne Vos iedere dag mag helpen aan de overwinning, wat zoals wel vaker aardig lukt.

1497066_473598209413278_1589643127_n.jpg

Het weer gaat morgen weer een beetje de goede kant op. Kans op regen blijft aanwezig, maar het wordt in ieder geval wat warmer. Dik boven de 20 graden. Het blijft waaien, maar minder hard dan vandaag, dus of het dan morgen eindelijk tijd voor waaiers is valt te betwijfelen. Waarschijnlijk niet. Regen dus wel, maar een verschrikkelijk simpel parcours, zonder heel veel bochten in de finale. Zou dus moeten lukken.

Dit wordt waarschijnlijk een sprint. Tenzij ploegen nu eindelijk klaar zijn met die hele Kittel en niet gaan achtervolgen, maar Lotto zal vast wel weer gaan rijden, omdat het dan maar viermaal scheepsrecht moet zijn met Greipel.
1. Kittel. Vijfendertig lengtes.
2. Greipel. Nu gaat zijn sprint er dan eindelijk wel een keer van komen. Het is immers volledig recht, zonder moeilijk gedoe met bochten. Deze etappe zou zelfs Theo Bos nog mee kunnen doen joh.
3. Demare. Vorige sprint derde, nu wel weer.
4. Sagan. Was vandaag sterk, maar toch niet sterk genoeg. Het zal voorlopig nog bij ereplaatsen blijven, maar hij pakt er wel de groene trui mee. Ook leuk.
5. Coquard. Kevin Reza, ontzettend groot en ontzettend sterk, zet hem wel goed af en dan wordt hij vijfde. Is wel leuk voor zo'n jonge kerel.
Op dinsdag 25 augustus 2015 15:48 schreef Toekito het volgende:
de grootste schande van heel FOK! naast Fylax is Kano als mod.
pi_142166036
Etappe 7: Épernay - Nancy, 234 km

Nadat we de hele dag lekker werden gemaakt viel het uiteindelijke resultaat toch een beetje tegen. Iedereen was de hele dag aan het raaskallen over waaiers. Uiteindelijk hebben we dat dan toch een klein beetje gehad, maar als de eerste groep uit meer dan 70 renners bestaat, heb je toch niet meteen een voldaan gevoel.

Etappe 7 speelt zich af in de streek van de champagne. Het wordt een lange etappe, met 234 km. Er is deze ronde maar één etappe die langer is. Het is een overwegend vlakke etappe, met twee bultjes in de finale, dus in plaats van een grote massasprint krijgen we nu waarschijnlijk nog steeds een massasprint, maar dan met een kleiner groepje.

stage_07_map_670.jpg
PROFIL.png

Épernay is de plaats van vertrek. Komt voor de zesde keer voor in de Tour de France. In 2010 en 2012 ook een vertrekplaats geweest. 2012, dat kunnen we ons nog wel herinneren. Van Épernay naar Metz. Massale valpartij, met uiteindelijk de opgave van zo ongeveer iedere Nederlander als gevolg. Épernay is geen hele grote stad, met maar 25.000 inwoners. De start is, hoe kan het ook anders, bij de Avenue de Champagne. Épernay wordt gezien als de hoofdstad van de champagneproductie. Aan de Avenue de Champagne zijn vele champagnehuizen gevestigd. Onder deze huizen vind je een heel netwerk van tunnels, waar alle champagne wordt opgeslagen, om te rijpen.

511dfbb586a92.jpg

We crossen lekker een beetje door de Champagne-Ardennen, op weg naar een stad als Châlons-en-Champagne. Een stad met een mooi stadhuis, mooie kerk en vakwerkhuisjes, waardoor je je ineens ergens in de binnenstad van een oude Duitse stad waant. Ook de Eerste Wereldoorlog komt weer ruimschoots aan bod. Op de map staat bij kilometer 50 Auve. Dat is een gehucht met 200 inwoners, dus normaal gesproken niet het vermelden waard. De komende jaren echter wel, want dit is weer een plek waar gevochten werd. De renners volgen eigenlijk continu de grote weg, die ontzettend weinig bochten kent. Na 66 kilometer wordt Sainte-Menehould gepasserd en hier rijden we weer een wat heuvelachtiger gebied binnen. Na 82 kilometer is Clermont-en-Argonne de volgende plaats van betekenis. In 1915 werd dit plaatsje door de Duitsers met de grond gelijk gemaakt.

Clermont-en-Argonne-1915_(1).jpg

We zijn nu in de omgeving van Verdun. Als het over de Eerste Wereldoorlog gaat kun je deze omgeving niet overslaan. De Slag om Verdun was een van de bloedigste veldslagen van de Eerste Wereldoorlog. Verdun zelf doen we niet aan, daar fietsen we met een boogje omheen. We komen wel door Douaumont. We fietsen daar langs het enorme ossuarium. Hier liggen meer dan 130.000 ongeïdentificeerde Duitse en Franse soldaten. Iets verderop ligt het Fort Douaumont. In de omgeving van dit fort werd flink gevochten, zoals er in deze hele regio flink werd gevochten. Op de plek waar nu dit ossuarium is, stond eerst een houten schuur, waar alle ongeïdentificeerde lijken werden verzameld. Uiteindelijk heeft men geld verzameld, om een waardigere rustplaats te bouwen, voor al deze gevallenen. Het werd een enorm gebouw, van 137 meter lang. Met daarvoor ook nog een enorm kerkhof. Indrukwekkend.

ossuaire_de_douaumont_02_zoom.jpg

Fietsend door de oude slagvelden, passeren we onder andere nog Moulainville, waar ook nog een fort is. Dit fort werd tijdens de Eerste Wereldoorlog zwaar getroffen. De Duitsers met hun dikke Bertha's wisten er wel raad mee. Uiteindelijk wisten de Fransen dit fort te behouden, door hele diepe tunnels te graven, waardoor ze geen last hadden van de Duitse mortieren en de giftige gassen die daarbij vrijkwamen.

28382315.jpg

Daarna gaan de renners naar de tussensprint van de dag. Deze is na bijna 150 kilometer in Hannonville-sous-les-Côtes. Dorpje met 500 inwoners, verder weinig te beleven. Op een paar kleine heuveltjes na gebeurt er verder nog niet veel. Het duurt tot kilometer 200 voor de finale echt een beetje kan beginnen. Na een kilometer of 200 is er een klein heuveltje, om vervolgens na 214 kilometer de eerste echte heuvel van de dag te krijgen. Côte de Maron. Vierde categorie, 3 kilometer lang aan 5%. Daar moet normaal gesproken iedereen wel overheen kunnen komen. Na dit bultje zijn de renners al bijna in Nancy. We rijden door de buitenwijken van Nancy, maar in plaats van meteen naar het centrum te fietsen, moeten de renners eerst nog een klimmetje van de vierde categorie overleven. Na 228 kilometer koers wacht de Côte de Boufflers op de renners. 1,3 kilometer aan 7,3%. Dat zal waarschijnlijk net even te zwaar zijn voor de Kittels en Greipels van deze wereld. Na 229 kilometer komen de renners hier boven, het is dan nog vijf kilometer tot de finish. Weinig tijd om terug te komen, laat staan om je verder te organiseren.

3b-avenue-boufflers.jpg

Het is in dalende lijn richting de streep, met enkele scherpe bochten. Twee bochten van 90 graden en zelfs nog een die bijna 180 graden is. In het voordeel van iemand die durft aan te vallen. In het nadeel van geloste sprinters die terug willen komen. De streep ligt op de Cours Léopold, in de buurt van de obelisk van Nancy. Ook de Porte Désilles, de Arc de Triomphe van Nancy, passeren we nog. De laatste rechte lijn is redelijk breed en redelijk lang. Op een paar 100 meter van de streep zit nog wel een flauw bochtje.

56544533.jpg

Nancy is een stad met 108.000 inwoners. 16 keer eerder kwam de Tour hier. Tweemaal von een Nederlander in deze stad. In 1971 was Rini Wagtmans aan het feest en twee jaar later was het de beurt aan Joop Zoetemelk. Andere bekende namen die hier hebben gewonnen zijn Bernard Hinauld, Fausto Coppi en Rik van Looy. Niet meteen een stad waar altijd een sprinter wint, dus. Dat biedt hoop voor morgen. Nancy noemt men ook wel Ville aux Portes d'Or, de stad van de gouden deuren. Om de reden daarvoor te ontdekken moet je op Place Stanislas zijn.

Place_Stanislas_Neptune_2005-06-01.jpg

Het wordt morgen weer wat warmer. Temperaturen boven de 20 graden. 23, als het een beetje meezit. Het waait nog steeds, maar niet harder dan vandaag. Kans op waaiers lijkt mij klein, maar ik ben verder ook geen weerman, dus ik laat de verdere voorspelling graag over aan Zonneveld. Droog. Als het goed is. Wel bewolking. Tegen het eind van de dag kans op onweer, maar dan ligt iedereen al in het hotel, dus dat is prima verder.

Het kan wel eens een onvoorspelbare etappe worden. De twee klimmetjes op het eind, die niet verschrikkelijk zwaar zijn, maar wel kort voor de streep, kunnen voor opschudding zorgen. Gaan Kittel en Greipel eerst die ene van 3 kilometer overleven? Dat denk ik nog wel, maar de laatste, 1,3 kilometer aan 7%, dat is waarschijnlijk van het goede teveel. De zware jongens gaan afhaken en hebben dan niet genoeg tijd om terug te komen. Dan nog kunnen er twee verschillende dingen gebeuren. Een sprint van een uitgedunde groep, een solo van een aanvaller, of een klein groepje dat wegrijdt.
1. Sagan. Als Sagan deze ronde nog eens een etappe wil winnen zal hij het morgen toch moeten doen. Er komen ongetwijfeld nog andere kansen, maar dit is wel in zijn voordeel. Komt met gemak over die twee klimmetjes en kan als de mastodonten van de weg verdwenen zijn het best wel eens afmaken.
2. Lollerkowski. Die jongen kan best wel eens gaan aanvallen. Dan heeft hij kans op te winnen. Als hij niet aanvalt, maar gokt op de sprint, legt Sagan hem er toch wel op. Normaal gesproken dan.
3. Degenkolb. Die kan dit ook makkelijk aan, maar ik twijfel nog een beetje over zijn vorm. Ik verwacht niet gelijk een overwinning van hem, hoewel het ook niet uit te sluiten is.
4. Kristoff. Moet dit toch wel net kunnen overleven. Om dan vervolgens krachten te missen in de sprint.
5. Rojas. Perfecte dag voor deze Francoist om maar weer een vijfde plaats aan het palmares toe te voegen.
  dinsdag 15 juli 2014 @ 14:50:43 #10
84430 kanovinnie
Wie dit leest is gek!
pi_142324052
Etappe 8: Tomblaine - Gérardmer La Mauselaine, 161 km

Wat twee kleine klimmetjes na meer dan 200 kilometer al niet kunnen doen. Een heel klein groepje bleef over, kleiner dan ik had verwacht. Ontzettend knap dat er met zo'n klein groepje nog zoveel gevallen wordt. De schade is uiteindelijk groot, gebroken dijbeen hier, gebroken neus daar, allemaal niet best. Uiteindelijk wint Sagan weer niet. Dat begint onderhand pijnlijk te worden. Weer moest zijn ploeg de hele dag werken, maar weer kon hij het niet afmaken. De aanval was nog niet zo slecht bedacht, maar als je daardoor uiteindelijk van Trentin verliest in de sprint ben je alsnog de schlemiel van de dag.

Dan wordt het tijd om richting de echte bergen te gaan. Nog niet naar het hooggeberte, eerst maar eens de Vogezen in. Een gebied dat helaas vaak wordt overgeslagen. Je hebt niet altijd de Alpen of de Pyreneeën nodig om een harde koers te krijgen, in de Vogezen kun je ook gewoon een ontzettend interessant parcours uittekenen. Zoiets als we tijdens de achtste etappe krijgen.

stage_08_map_670.jpg
PROFIL.png

Tomblaine is de plaats van vertrek. Een voorstad van Nancy, waar we de vorige etappe aankwamen. Voor de tweede keer maakt dit stadje deel uit van de Tour, in 2012 voor het eerst. We bevinden ons in het departement Meurthe-et-Moselle. Lekker in de buurt van de Moezel dus. Tomblaine is waar we het stadion van de voetbalclub AS Nancy-Lorraine vinden. Stade Marcel Picot. Een stadion dat in 2006 bijna werd gesloopt door enkele "supporters" van Feyenoord. Al jaren ging het niet al te soepel met Feyenoord en uitwedstrijden in Europa, daarom was het ook niet de bedoeling dat fans naar Nancy af zouden reizen. Gebeurde toch. Beetje knokken in de stad, ruiten ingooien, proletarisch winkelen, je kent het wel. Daarna natuurlijk naar het stadion. Beetje met stoelen smijten, aanstekertjes koppen, door hekken proberen te breken. Allemaal erg onverstandig. De Franse ME wist er niet echt raad mee, dus begonnen ze maar met traangas te smijten. Wel effectief natuurlijk. Misschien een beetje te effectief, want dat traangas bereikte ook het veld. Vooral de keeper was de lul. Henkie Timmer ging naar de grond. Stond op en schold zijn verdedigers uit. Hoe kregen ze het in godsnaam voor elkaar om dat traangas niet tegen te houden? Sukkels! Met betraande ogen verliet hij het veld. Sindsdien is het eigenlijk nooit meer wat geworden met Feyenoord in Europa.

slopen_413433i.jpg

De start is echt in een enorme pauperwijk. Werkelijk waar een enorme achterstandsbuurt. Tussen de vervallen flats door fietsen de renners snel de stad uit, het platteland op. Na 20 kilometer wordt Lunéville gepasseerd. Een stad met 20.000 inwoners, maar veel belangrijker, een château! Jawel, eindelijk weer een goede toevoeging aan het kastelenboek van Herbert.

Chateau_de_Lun%C3%A9ville_-_2012-05-16.jpg

Op enkele kleine hoogteverschillen na kunnen we de eerste 130 kilometer met gemak vlak noemen. Er worden weinig noemenswaardige plaatsen aangedaan in de eerste 50 kilometer. Alleen Baccarat is het vermelden waard. Baccarat is de kristalstad van Frankrijk. Bovendien een kaartspel, maar dat is dan weer minder relevant. Na ongeveer 60 kilometer koers komen we aan in de Vogezen. Met Épinal passeren we de geboortestad van Nacer Bouhanni. De Frans-Marokkaanse sprinter van FDJ, die er in de Tour niet bij is. Hij had dat zelf wel graag gewild, maar de andere sprinter van de ploeg, Arnaud Démare, zag dat niet zo zitten. Bouhanni wilde wel voor Démare werken, maar andersom ging die vlieger niet op. De ploeg moest daarom een keuze maken en koos voor Démare. Bouhanni trok zijn conclusies en vertrekt daardoor volgend jaar naar Cofidis. Épinal is wel een aardige stad, met een mooie kasteelruïne. Kastelenboek, kom er maar in.

Epinal_chateau1.jpg

Dan zijn we alweer bijna bij de tussensprint van de dag, na exact 100 kilometer in Dinozé. Dinozé is een beetje een vreemde eend in de bijt, deze Tour. We doen een aantal plaatsen aan die een rol hebben gespeeld tijdens de Eerste Wereldoorlog, maar buiten Dinozé is een militaire begraafplaats te vinden, met slachtoffers van de Tweede Wereldoorlog. Dit Épinal American Cemetery and Memorial wordt gepasseerd tijdens de koers.

Epinal_Cemetery5.jpg

De komende 20 kilometer, tot Remiremont, volgen we de Moezel. Daarom is het ook zo vlak. Lekker cruisen door de vallei. In Remiremont steken we de Moezel over, naar Saint-Étienne-les-Remiremont. Dan volgen we de rivier nog even van de andere kant, tot het dorpje Vagney, waar we afslaan om aan de eerste klim van de dag te beginnen. Natuurlijk mooi, een rivier volgen, maar de bergen in deze omgeving zien er ook uitnodigend uit. Na een kilometer of 130 komen we hier aan. Dan zijn er nog 30 kilometer te fietsen en drie beklimmingen te gaan.

vagney-axe-nord-sud-6-aout-2008.jpg

De eerste beklimming van de dag is er een van de tweede categorie. Col de la Croix des Moinats. Het is meteen de langste van de dag, met 7,6 kilometer. Het gemiddelde is niet heel indrukwekkend met 6%, maar de moeilijkheid van vandaag zit hem natuurlijk in het feit dat de drie klimmetjes direct achter elkaar zitten. Het zwaarste gedeelte van de klim zit tussen kilometer 3 en 6. Nog steeds niet heel erg spannend, met een maximaal stijgingspercentage van een procent of 7,5, maar in ieder geval goed om het peloton alvast wat uit te dunnen.

PROFILCOLSCOTES_1.png

De renners dalen af richting La Bresse, om eigenlijk meteen aan de volgende klim te beginnen. Een hele korte afdaling, gevolgd door een korte klim. De Col de Grosse Pierre is er wederom een van de tweede categorie. Niet te verwarren met de Col de Grosse Pierre die in 2012 werd beklommen en ook nog later in deze Tour terug zal komen. Dit is een andere kant van de berg, de Traverse de la Roche. Een veel steilere kant, ontdekt via Google Maps. Ja, zo professioneel gaat dat. Drie kilometer aan 7,5%. Dan val je niet gelijk van je stoel, maar de eerste kilometer en de laatste kilomter moet je eigenlijk vergeten. De tweede kilometer is angstaanjagend, met een gemiddelde van 11% en een maximaal stijgingspercentage van 16%. Meer dan één kilometer aan 11%, dat gaat behoorlijk wat schade veroorzaken. Je kan er best wel vanuit gaan dat hier geen hele grote groep over gaat blijven. De weg is steil, slecht en smal. Dat zien we graag.

PROFILCOLSCOTES_2.png

14l6492.png

Eenmaal boven zit de koers er al bijna op. Nog maar 10 kilometer te gaan. De renners dalen af richting Gérardmer. Een plaats die we natuurlijk allemaal wel kennen. Hoef ik verder weinig woorden aan vuil te maken. 2005, Pieter Weening, Andreas Klöden, 0,0002 seconden, er is al genoeg over geschreven. In tegenstelling tot in 2005 is de finish niet beneden in Gérardmer. Neen, we moeten nog een stukje omhoog, naar La Mauselaine, een wintersportgebied boven Gérardmer. De Côte de la Mauselaine is een beklimming van de derde categorie. Het is een flinke muur, 1,8% kilometer aan 10% gemiddeld. Een maximaal stijgingspercentage van 13%. Vrij pittig. Er gaat hier een verdomd klein groepje sprinten om de dagzege. De opeenvolging van klimmetjes gaat ervoor zorgen dat het een afvalrace gaat worden. De beklimmingen zitten direct achter elkaar, dus terugkomen in de afdaling gaat lastig worden. Het is zo steil dat je in principe moeilijk kan inhouden, zeker op de laatste twee beklimmingen. Dit zou wel leuk moeten worden.

PROFILCOLSCOTES_3.png

De finish is hier zo ongeveer, net voor de grote parkeerplaats. Prima uitzichtje op Gérardmer, prima uitzichtje op het meer van Gérardmer en een prima watermerkje.

IMG_0635.JPGfichier_du_20111027.JPG

We krijgen waarschijnlijk wederom slecht weer, zoals eigenlijk al de hele Tour. Kans op regen en temperaturen rond de 17 graden. Dat is niet bijzonder veel voor de tijd van het jaar. Normaal hebben we tijdens de Tour altijd goed weer, maar dit jaar is het blijkbaar even anders. Het goede weer kan natuurlijk nog komen, maar we hebben er nu dan al een week opzitten met overwegend slecht weer. Komt niet vaak voor. In de finale zijn er enkele afdalingen, dus het zou wel fijn zijn als het droog blijft, maar de kans bestaat dus dat het gaat regenen.

Morgen zou het zomaar de eerste etappe kunnen zijn dat een kopgroep het haalt. Het zal voor een groot deel afhangen van Astana. Willen ze de trui houden of staan ze 'm liever een paar dagen af? Ik ga er toch maar vanuit dat de grote namen gaan vechten voor de etappe, het is immers de eerste echte kans voor de klimmers. Er staan al een aantal mannen op een behoorlijke achterstand door de kasseienrit, voor deze mannen is het zaak om tijd terug te pakken en hoewel er betere mogelijkheden komen om dit te doen, is dit er ook gewoon een. Nibali zal hier niet direct in de problemen komen, komt normaal prima over de steile korte klimmetjes. Deze etappe zou ook zomaar voor een outsider kunnen zijn.
1. Slagter. Een van die outsiders. Normaal zal hij moeten werken voor Talansky, maar dat zou tijdens deze etappe enorm jammer zijn. Dit is hem op het lijf geschreven. Laat de rest van de ploeg maar lekker voor Talansky zorgen en geeft Slagtertje de kans. Hoewel het maar afwachten is hoe het met zijn vorm is, heeft sinds de Waalse Pijl en Luik-Bastenaken-Luik eigenlijk ook niet heel veel meer laten zien. Maakt niet uit, af en toe moet je lekker chauvinistisch zijn. Slagtertje gaat het doen!
2. Valverde. Als winnaar van de Waalse Pijl ben je eigenlijk de grote favoriet voor de rit van morgen, maar Alejandro zou Alejandro niet zijn als hij morgen weer per ongeluk op kop komt, dan in paniek raakt en zo druk begint te gebaren met zijn ellebogen dat hij bijna van de weg af stuurt. Daar gaat onze Groningse vriend van profiteren.
3. Rodriguez. Het is even afwachten hoe het met de vorm van Purito is. Heeft na de Giro, waar hij uitviel, helemaal niets gedaan. Rijdt deze Tour nog vaker in laatste positie dan Titi. Van de ene kant heeft hij nog geen trap teveel gedaan, van de andere kant zou je kunnen zeggen dat dit niet echt een teken is van goede vorm. Maakt allemaal niet heel veel uit verder, een Rodriguez zonder goede vorm komt op steile bultjes alsnog bovendrijven.
4. Lollerkowski. Daar is ie weer hoor. Komt bij iedere etappe in de voorspelling voor, dan ben je een hele grote hoor! Deze jongeman is ook altijd heel goed tijdens de Waalse Pijl, dus dan doe je morgen ook gewoon mee. Misschien wint ie zelfs wel, moet je niet uitsluiten.
5. Nibali. Kan dit best wel aan. Denk niet dat hij gaat winnen, maar gaat hier ook niet echt tijd verliezen.

P.S. Dit is te zwaar voor Sagan.
Op dinsdag 25 augustus 2015 15:48 schreef Toekito het volgende:
de grootste schande van heel FOK! naast Fylax is Kano als mod.
  dinsdag 15 juli 2014 @ 14:50:52 #11
84430 kanovinnie
Wie dit leest is gek!
pi_142324058
Etappe 9: Gérardmer - Mulhouse, 170 km

Dat bleek toch allemaal wel heel erg steil te zijn. Meer schade dan verwacht. Enkele namen zakten onverwacht door het ijs, zoals een Lollerkowski, een Fuglsang en een Van den Broeck. Al met al wel een leuke rit, zoals we al een aantal leuke ritten hebben gehad. Deze eerste week van de Tour is prima geweest, hopelijk blijft dat zo in de komende weken.

Op papier volgt nu een fantastisch etappe. Althans, fantastisch als je de laatste 40 kilometer wegdenkt. De helft van die 40 gaat naar beneden en de andere helft is vlak. Het is de hele dag op en af, zonder een kilometer vlak. Een etappe zoals je eigenlijk nooit in de Tour ziet. Geen verschrikkelijk zware bergen van de buitencategorie, maar zes beklimmingen, variërend van eerste tot derde categorie, zouden wel genoeg moeten zijn om een waar slagveld te creëren. Daarom is het wel heel teleurstellend dat er na de laatste afdaling nog 20 vlakke kilometers zijn. In plaats van een strijd tussen de favorieten, zouden we hier zomaar een redelijk grote groep kunnen krijgen die gaat strijden voor de dagzage.

Tour-de-France-Stage-9-1400753649.png
PROFIL.png
Dit zijn de vervelendste etappes voor de renners. In plaats van een vlakke aanloop, om even lekker in het ritme te komen, gaan we gelijk beginnen aan de eerste klim van de dag. Direct na de start in Gérardmer fietsen de renners vol de Vogezen in, op weg naar de Col de la Schlucht, tweede categorie. Meteen een beklimming van 8,4 kilometer. Met 4,5% gemiddeld een lopende klim, maar toch vervelend als je net wakker bent. De eerste kilometers, in de geneutralizeerde zone, lopen al licht omhoog, met 2%, zo ongeveer. Het départ réel is in Xonrupt-Longemer en daar begint de klim ook echt. Enkele kilometers met percentages van rond de 6%, om richting de top weer wat af te vlakken, naar 3%.

ob_ed3d7ee1c4df11b84514de8434cc1d67_dsc03419.jpg

Het is een beklimming die wel vaker is voorgekomen in de Tour. In 2009, tijdens de etappe van Vittel naar Colmar nog. Toen was cultheld Rubén Pérez hier als eerste boven. De etappe werd uiteindelijk gewonnen door Heinrich Haussler, die tegenwoordig vooral uitblinkt in het vallen van zijn fiets. We bevinden ons nog even in Lotharingen, maar fietsen richting de Elzas. Vandaar de vele Duitse namen van de plaatsen en beklimmingen die we nog gaan passeren. Schlucht is uiteraard ook Duits en staat voor bergkloof. Dat is nog eens nuttige informatie.

Blick_auf_Col_de_la_Schlucht_140707.JPG

Er volgt nu een redelijk lange afdaling, voor we beginnen aan de volgende klim van de dag, de Col du Wettstein. De klim van de derde categorie begint buiten het dorpje Orbey en is 7,7 kilometer lang en 4,1% gemiddeld. Niet echt een hele lastige klim, maar dat hoeft in het begin van deze etappe ook niet. De lastigere klimmen komen hierna. Op de top van deze beklimming is een begraafplaats te vinden, met Franse slachtoffers van de Eerste Wereldoorlog. Cimetière des Chasseurs.

11_Sued_.jpg

In de afdaling komen we langs een andere begraafplaats. Deze is voor de Duitsers. In deze omgeving werd flink gevochten. Een lastig gebied om te vechten, tussen de bossen en rotswanden door. Meer dan 17.000 slachtoffers vielen hier.

FR68LING0001.jpg

De afdaling is een bochtige, over redelijks malle wegen. Pas na enkele kilometers komen de renners weer op een grotere weg terecht. Dit is een lange afdaling, want we rijden helemaal naar beneden. Naar het dal van de rivier La Fecht. Eenmaal beneden komen we uit in Turckheim. Een dorpje dat je laat denken dat je ineens in de reïncarnatie van de Deutschlandtour terecht bent gekomen. Jens Voigt gaat hier meteen heel hard van fietsen.

Turckheim_centre.jpg

In Turckheim passeren we La Fecht en maken we ons op voor de derde beklimming van de dag. Côte des Cinq Châteaux. Hier waren dus ooit vijf kastelen. Ondertussen zijn er alleen ruïnes over, te weten, Pflixbourg, Château du Hohlandsbourg, Château de Hagueneck en Les Trois Chateaux d'Eguisheim. Eigenlijk dus zelfs zes, als je het zo bekijkt, hoewel Hagueneck wel het buitenbeentje zal zijn. De lelijkste en het verst van de Route af. Les Trois Chateaux d'Eguisheim, ook wel de Drei Exen genoemd, zijn ook echt drie afzonderlijke kastelen geweest. De klim zelf is 4,5 kilometer lang, 6,1% gemiddeld. Nog steeds niet ontzettend zwaar, maar al zwaarder dan de eerste twee.

image05.jpg

Ondertussen zijn er al 70 kilometer afgelegd. Nog maar 100 kilometer te gaan. Een hele korte afdaling volgt, voor er begonnen wordt aan de volgende beklimming van de dag. Na de vorige van de derde categorie nu een van de tweede categorie. Côte de Gueberschwihr. Een klim waar weinig over bekend is. Zelfs niet eens een profiel van te vinden. In ieder geval, van het dorpje Gueberschwihr 4 kilometer omhoog aan bijna 8% gemiddeld. Dat is na de relatief makkelijke beklimmingen hiervoor ineens een hele lastige klim. Na 86 kilometer komen de renners boven, dan zijn er dus al vier beklimmingen geweest, met een kilometer of 25 omhoog.

Hundsplan_2.jpg

Het duurt niet lang voor we weer een klimmetje krijgen. Deze heeft echter geen categorie opgeplakt gekregen. Toch is het er een van 3,8 kilometer. Col du Bannstein. Toch meer dan 4% gemiddeld, dus eigenlijk wel gewoon vierde categorie waardig. Na deze beklimming is er weer een kleine afdaling en gaan de renners op weg naar de zwaarste klim van de dag, Le Markstein. Aan de voet van deze klim ligt de tussensprint van de dag, in Linthal. Deze kant van Le Markstein is bijna 11 kilometer lang en 5,4% gemiddeld. Eerste categorie. Eenmaal boven is er een klein stukje afdaling, om nog een stukje mee te pakken van Le Grand Ballon. Le Grand Ballon is een klim die vaker is voorgekomen in de Tour, maar nu pakken we alleen de laatste anderhalve kilometer mee, van de westkant. Deze anderhalve kilometer is wel een procent of 8,5 gemiddeld, dus redelijk zwaar.

m_grand_ballon_beide.jpg

Boven op Le Grand Ballon zijn er 127 kilometer gedaan. Nog meer dan 40 kilometer koers. Er volgt een afdaling, richting Col Amic, waar het nog even een klein beetje omhoog gaat. Daarna is het gedaan met het klimwerk. Een heleboel klimmetjes, maar of het uiteindelijk voor een hele spannende koers gaat zorgen valt nog te bezien. Na Col Amic is het naar beneden richting Cernay. 20 kilometer afdaling, daarna 20 kilometer richting Mulhouse.

Col_amic.jpg

Beneden in Cernay is het via Wittelsheim richting Mulhouse. 20 vlakke kilometers, de eerste vlakke kilometers van de dag. Alles wat gelost is krijg ruimschoots de kans om terug te komen. Denk dat we leukere taferelen hadden gekregen als de finish meteen beneden in Cernay was geweest. Een finish ná een berg is wel leuk, je moet het vlakke stuk alleen niet te lang maken. Hoe dan ook, in Mulhouse finishen we en dat is niet voor het eerst. Voor de 13e keer zelfs. Enkele grote namen wonnen hier: Hinault, Fignon, Maertens en Godefroot. Mulhouse is een stad tegen de grens met Duitsland. 113.000 inwoners. De stad met het grootste automuseum ter wereld, zeggen ze.

origin_gwuxis1q_mutuelle-mulhouse.jpg

De laatste keer dat we Mulhouse aandeden was in 2005. Toen won de volgespoten kip, Michael Rasmussen. Deze etappe en die van toen zijn aardig vergelijkbaar. Ook toen gingen we van Gérardmer naar Mulhouse en ook toen gingen we over Le Grand Ballon, om vervolgens een lang vlak stuk te hebben. Rasmussen reed op de laatste klim weg van Christophe Moreau en Jens Voigt. Iedereen had gedacht dat ze hem op het vlakke nog wel in zouden halen, maar hij liep alleen maar verder uit, om aan het eind met 3 minuten voorsprong te winnen. Toen vond ik het nog wel een knappe prestatie, met de kennis van nu ontzettend hilarisch.

le-danois-michael-rasmussen-s-etait-impose-a-mulhouse-lors-de-la-9e-etape-du-tour-de-france-2005-photo-d-archives-darek-szuster.jpg

Het weer gaat morgen de goede kant op. Het lijkt erop dat het morgen droog is in Mulhouse en omstreken. Bovendien een redelijke temperatuur, graad of 22. Waait vrij hard, wat misschien nog effect kan hebben op het laatste stuk. Vermoedelijk vooral wind mee en in de rug, niet direct tegen. Lijkt allemaal zo, kan morgen natuurlijk met gemak anders zijn.

Dit wordt de moeilijkste voorspelling tot nu toe. Ik heb geen flauw idee wat we morgen gaan krijgen. In 2005 werd het een etappe voor de vluchters. Nu kent de etappe meer hellingen en minder vlakke kilometers, dus helemaal hetzelfde is het niet. Het kan zijn dat een kopgroep morgen geen kans gaat krijgen omdat de ritzege vandaag al naar een vluchter ging. Van de andere kant krijgen we zondag La Planche des Belles Filles. Het is dus maar de vraag of de favorieten morgen tot het gaatje zullen gaan. En als ze tot het gaatje gaan, is het maar de vraag hoe groot de groep is die uiteindelijk aan de streep gaat komen. De eerste 120 kilometer gaat het op en af, met enkele makkelijke en enkele minder makkelijke beklimmingen. Als daar gas wordt gegeven gaat de groep niet heel groot zijn, maar dan is het weer de vraag hoeveel renners terug gaan komen in de laatste afdaling en vlakke kilometers daarna. Moeilijk om in te schatten. Bij mijn vijf namen ga ik toch maar voor een aantal jongens die goed kunnen klimmen, maar al op aardige achterstand staan en morgen gaan aanvallen.
1. Dumoulin. Onze Dumoulin. Heeft vandaag flink veel tijd verloren en een klassement is daarmee al verdwenen. Hield hij ook geen rekening mee. Hij ging liever voor een rit. Nou, dan lijkt mij morgen een uitstekende gelegenheid om het eens te proberen. 11 minuten achter Nibali, die krijgt wel wat ruimte. Liet in Nancy ook zien nog een redelijke sprint te hebben.
2. Navarro. Eindigde vorig jaar nog in de top 10, maar dat gaat dit jaar waarschijnlijk niet lukken. Heeft al drie kwartier aan z'n broek. Dan mag je ondertussen wel een keer aan gaan vallen.
3. Wyss. Die jongen van IAM. Was ineens heel goed aan het klimmen in de Ronde van Zwitserland. Daar moest hij werken voor Frank, die is nu weg, dus mag hij zijn eigen kans gaan. Een keertje aanvallen en als hij dan net zo goed klimt als in Zwitserland, kan hij een eind komen.
4. Voeckler. Titi in de aanval! Is toch heerlijk man. Laat gaan joh.
5. Spilak. Simon is altijd goed als het slecht weer is, daarom valt het me tegen dat we hem nog niet hebben gezien. Tijdens de Dauphiné liet hij zien dat hij ook kan winnen als de zon schijnt, dus misschien zien we hem morgen ineens wel verschijnen.

Volledig arbitraire namen. Ook een keer leuk.
Op dinsdag 25 augustus 2015 15:48 schreef Toekito het volgende:
de grootste schande van heel FOK! naast Fylax is Kano als mod.
  dinsdag 15 juli 2014 @ 14:51:11 #12
84430 kanovinnie
Wie dit leest is gek!
pi_142324069
Etappe 10: Mulhouse - La Planche des Belles Filles, 161 km

Ik zal nog eens een keer zeggen dat het een leuke Tour is. Krijg je meteen de saaiste etappe van allemaal. Wel een mooie winnaar, maar dat is alles ook meteen mee gezegd. Snel vergeten en door naar de volgende etappe, die hopelijk wat meer spektakel op zal leveren.

De eerste echte bergrit van de Tour. We hebben al wat bergjes gehad, maar dit is voor het eerst het echte werk. De favorieten hebben we al een beetje gezien, maar tijdens deze etappe gaat er voor het eerst echt veel duidelijk worden. Zeven beklimmingen, waaronder vier van de eerste categorie. Alles is aanwezig voor een goede strijd tussen de favorieten. Of dat ook echt gaat gebeuren weet je natuurlijk nooit, maar het is wel goed mogelijk.

stage_10_map_670.jpg
PROFIL.png

In de omgeving van Mulhouse is het behoorlijk vlak, dus voor we aan de eerste klim van de dag beginnen moeten er eerst nog een aantal vlakke kilometers overbrugd worden. Na 20 kilometer rijden we het dorpje Soultzmatt binnen, waar de voet van de eerste klim is. Col du Firstplan. Een klim die al vaker is voorgekomen in de Tour, voor het laatst in 2009. Een relatief makkelijke klim, meer dan 8 kilometer aan 5,4% gemiddeld. Een goede opwarmer.

col-du-firstplan-722m.jpg

Er wordt afgedaald, helemaal naar beneden. Bij de rivier La Fecht, die we gisteren ook al passeerden. Al vrij vroeg in de etappe krijgen we de tussensprint, in het dorpje Mühlele. Na 40 kilometer, om precies te zijn. We kunnen dus verwachten dat een Sagan in de aanval gaat, zoals Hushovd dat in zijn goede tijd deed. Een paar kilometer later passeren we het pittoreske dorpje Munster.

Munster_-_Alsace_-_France.jpg

We beginnen dan ook aan de tweede klim van de dag. Le Petit Ballon. Petit, want al snel een meter of 200 minder hoog dan de Grand Ballon, maar zeker geen makkelijke klim. 9,3 kilometer en 8,1% gemiddeld. Een regelmatige klim. Alleen de laatste kilometer is wat makkelijker, verder zijn de percentages heel stabiel tussen de 7 en 8%. Een lastige klim, maar dat is ook logisch, want het is er een van de eerste categorie. Mooie uitzichten hier, als het een beetje goed weer is.

Petit-Ballon-7_900_Pixel.jpg

Boven op de kleine Ballon zijn er 55 kilometer afgelegd. Er volgt nu een hele korte afdaling. Zonder ergens beneden te komen beginnen we meteen aan de volgende beklimming van de eerste categorie. Col du Platzerwasel. Zeven kilometer aan 8% gemiddeld. Toch niet echt vergelijkbaar met de Petit Ballon, want deze klim is veel onregelmatiger. Er is zelfs een kilometer aan 10,7%. Daarna nog een kilometer aan 9%, maar ook een aantal makkelijkere kilometers. Of nouja, wat je makkelijk noemt. Nog steeds 6%. De laatste kilometer is voor de gezelligheid nog even 10%. In een kort tijdsbestek dus twee hele pittige klimmen achter elkaar.

CIMG0605.jpg

Nu krijgen we alleen wel een redelijk vervelend tussenstuk in de etappe. Het duurt wel weer een tijdje voor er weer een echte uitdaging komt. Als er ergens al gaten vallen, zal alles nu wel weer redelijk snel bij elkaar komen. Na de top van de Platzerwasel is er eerst nog een plateau, daarna begint de afdaling pas. De afdaling is een lange, bijna 20 kilometer. Na 95 kilometer komen de renners aan in het dorpje Kruth, waar de volgende klim begint. De Col d'Oderen. Een beklimming van bijna zeven kilometer, aan 6% gemiddeld. Een klim met één zware kilometer aan 8%, de rest van de klim is aanzienlijk makkelijker, met zelfs kilometers die de vijf procent nog niet halen. Geen hele zware uitdaging, zeker niet na de vorige twee.

25981564.jpg

Twintig kilometer na de top van de Col d'Oderen bereiken we alweer de volgende top. Dit is de makkelijkste van de dag, de Col des Croix. Eentje van de derde categorie, drie kilometer aan 6% gemiddeld. Hoewel dat volgens de site van de Tour zelf is. Andere profielen tonen aan dat je eerder aan 5,5% gemiddeld moet denken. Niet dat het allemaal veel uitmaakt, hier gaat weinig gebeuren. Het is wachten op de laatste twee beklimmingen van de dag.

Col-des-Croix1-1.jpg

Nu kan de finale dan echt gaan beginnen, na meer dan 130 kilometer koers. Volgens de Tour is de volgende klim 3,5 kilometer, maar in werkelijkheid is deze klim veel langer. De klim heeft 3,5 hele lastige kilometers, maar daarvoor en daarna zijn er nog enkele kilometers te vinden waar het flink omhoog loopt. Een beetje misleidend is het volgende profiel dus wel.

PROFILCOLSCOTES_1.png

De Col de Chevrères, in totaal bijna 9 kilometer lang. 5,8% gemiddeld, maar voor de Tour telt alleen het middenstuk van 3,5 kilometer. Dit is wel een verschrikkelijk tussenstuk. Een kilometer aan zeven procent, daarna een aan tien en vervolgens de zwaarste, aan bijna vijftien procent, met zelfs een stukje van achttien procent. Dat is behoorlijk zwaar en een goede mogelijkheid om vast aan de finale te beginnen. Natuurlijk, we kennen de huidige generatie wielrenners, ze zullen wel wachten tot de laatste beklimming, maar dit is een uitstekende mogelijkheid om al eens flink aan de boom te schudden.

02_Chevreres_Steilstueck.jpg

Dan is het tijd voor de laatste beklimming van de dag. Nog even afdalen naar Plancher-les-Mines, om daarna aan de slotklim te beginnen. Een klim die voor de tweede keer in de Tour zal voorkomen. De eerste keer was in 2012. Toen won d'n Alien, Chris Froome. Toentertijd was hij nog het knechtje van Wiggins, maar de laatste steile meters lieten enige ploegentactiek niet toe, dat was ieder voor zich. Froome kon zich niet inhouden en viel aan. Hij maakte het af en won zo zijn eerste rit in de Tour.

PROFILCOLSCOTES_2.png

La Planche des Belles Filles heeft natuurlijk een mooi verhaal. Een legende zelfs. Tijdens de Dertigjarige Oorlog zouden Zweedse huurlingen dit gebied hebben geterroriseerd. Meisjes, die niet misbruikt wilden worden door deze wrede barbaren, vluchtten naar deze berg. Ze gingen nog liever dood dan dat ze misbruikt zouden worden. Daarom sprongen ze van het plateau naar beneden, hun dood tegemoet. Vaak kwamen ze dan in het ondergeleden meer terecht, dat de naam Étang des Belles Filles (vijver van de mooie meisjes) draagt. Of het klopt of niet, in ieder geval een bijzonder verhaal. Er is ook een beeld op de top, dat dit hele verhaal moet uitbeelden.

La-planche-des-belles-filles-03.jpg

De klim zelf mag je ook redelijk bijzonder noemen. Frankrijk staat toch niet echt bekend om de verschrikkelijk steile beklimmingen. Dit is wel een klim die je gerust steil mag noemen. 5,9 kilometer, 8,5% gemiddeld. Heel veel stukken boven de 10%, maar het venijn zit hem vooral in de staart. Het laatste stuk is aan 20%. Waarschijnlijk een van de steilste stukjes weg in Frankrijk. Kan voor spektakel zorgen, maar het kan er ook voor zorgen dat iederen liever wacht tot dat laatste stukje.

0TPBF_28.jpg

Deze Tour is er iedere dag wel kans op regen. Nu ook weer, hoewel het een relatief kleine kans is. Heel warm zal het wederom niet worden, 20 graden. Als ik naar de voorspelling voor de komende week kijk lijkt het er wel op dat het na de rustdag wat beter gaat worden, maar niets is zo veranderlijk als het weer.

Twee dagen achter elkaar heeft een vroege vluchter het gered, dan weet je het wel. Dit wordt een strijd tussen de favorieten. Het is alleen nog afwachten wat voor een strijd het zal worden. Gaat iemand iets proberen op Chevrères, of wachten we weer met z'n allen gezellig af tot de laatste klim? Het is de dag voor de rustdag, dus inhouden heeft geen zin. Ik hoop dat de renners er vroeg aan gaan beginnen. Met dit parcours is weinig mis, denk ik. Nu is het aan de renners.
1. Contador. Bertje gaat hier wel winnen, denk ik. Alleen de manier waarop is een vraagteken. Hij staat redelijk ver achter Nibali en kan dus eigenlijk geen mogelijkheid onbenut laten om Lo Squalo het vuur aan de schenen te leggen. Het kan zomaar zijn dat Bertje er redelijk vroeg aan gaat beginnen, wat ik toe zou juichen. Doet hij dat niet wint hij waarschijnlijk nog steeds, alleen dan met wat minder voorsprong.
2. Nibali. Of hij het drie weken vol gaat houden weet ik niet, maar voorlopig is Nibali in ieder geval in hele goede doen. Hij zal niet snel lossen. Uiteindelijk lijkt het me wel dat Contador de betere van de twee is. Zou ook moeten, als je naar dit seizoen kijkt.
3. Porte. Lollerporte. Wel prima bij dat Sky, als er een wegvalt staat de volgende gelijk op. Mooi man.
4. Valverde. Dit is wel wat voor Alejandro. Leek niet helemaal in goede doen, een paar dagen geleden, maar de nieuwe tactiek van Movistar is om rustig aan een ronde te beginnen, om vooral in de derde week te pieken. Zal nu ook wel weer het geval zijn, dus morgen nog geen heldendaden van Piti. Een beetje de rest proberen te volgen en de schade beperkt proberen te houden.
5. Pinot. Was goed in Gérardmer. Toch redelijk onverwacht, want hij heeft tot nu toe een best wel slecht seizoen achter de rug. Het lijkt er in ieder geval op dat hij weer durft te dalen. Klimmen kon hij altijd al. Goede kandidaat voor een top 5.
Op dinsdag 25 augustus 2015 15:48 schreef Toekito het volgende:
de grootste schande van heel FOK! naast Fylax is Kano als mod.
  donderdag 17 juli 2014 @ 09:20:16 #13
84430 kanovinnie
Wie dit leest is gek!
pi_142389581
Etappe 11: Besançon - Oyonnax, 187 km

Daags na de rustdag meteen een etappe die je moeilijk heel simpel kunt noemen. Redelijk lang, bijna 190 kilometer, en een stuk of zes beklimmingen. Een overgangsetappe, richting de Alpen, maar dan wel een met een interessant parcours. Dit wordt er waarschijnlijk een voor de vluchters, wat helemaal niet erg is, zulke etappes heb je ook nodig. Desondanks een etappe waar de mannen die hoog in het klassement staan toch volledig geconcentreerd moeten zijn, rustig naar de streep bollen zal er niet bij zijn.

stage_11_map_670.jpg
PROFIL.png

Het départ fictif is in Besançon, een stad met 123.000 inwoners in het departement Doubs. Een stad die met enige regelmaat deel uitmaakt van de Tour de France. Dit wordt de 17e keer dat de Tour hier vertrekt. Besançon is niet alleen een goede stad om vanuit te vertrekken, men komt hier ook vaak aan. In 2012 voor het laatst. Toen was er de tijdrit van Arc-et-Senans naar Besançon, die uiteraard werd gewonnen door Bradley Wiggins, voor Froome en Cancellara. Mooi stadje verder. Prima citadel, bijvoorbeeld.

citadelle-de-besancon-25_c.jpg

We bevinden ons in de uitlopers van de Jura. De eerste kilometers blijven we een beetje aan de rand van dit oude gebergte, daarom vallen de heuveltjes nog wel mee. Dit is een vrij prettige omgeving om te vertoeven. Kastelen, wijnvelden, pittoreske dorpjes en natuurlijk beboste heuvels. Na 50 kilometer komen de renners uit in Arbois. Arbois is een van die pittoreske dorpjes. Hier begint de eerste heuvel van de dag, waar overigens geen punten te verdienen zijn.

Pont_des_Capucins,_Arbois_01_10.jpg

Dit brengt ons naar Belvédère du Fer à Cheval. Een punt waar je een prima uitzicht hebt op de bijzondere omgeving. Tussen de bomen komen door de geërodeerde rotsen je tegemoet.

6045510180_d49f5aa98f_o.jpg

De renners komen nu op een soort van plateau terecht en het duurt nog wel even voor ze weer echt moeten klimmen. Na 89 kilometer is het tijd voor de tussensprint van de dag. Deze is in het gehucht Charcier. 121 inwoners. Ze hebben er een kerk, maar die ziet er nogal vervallen uit. Zal wel niet veel meer mee gedaan worden. Dit dorpje ligt net voorbij le Lac de Chalain, een toeristische trekpleister. Camping, strandje, bootje. Dat soort dingen. Ik sluit niet uit dat dit in beeld genomen gaat worden. Na de tussensprint is het tijd voor de volgende helling. Hoewel het eigenlijk meer een verschrikkelijk lang stuk vals plat is. Charcier ligt op 519 meter en daarna moet er een stuk afgedaald worden. Boven in Les Crozets leeft men op 814 meter boven zeespiegel. Net wat meer dan 20 kilometer om 300 hoogtemeters te overwinnen, dan kom je nog niet aan 2% gemiddeld, maar ik neem aan dat bepaalde renners toch liever een volledig vlakke weg hebben. Onderweg worden een aantal dorpjes gepasseerd, maar vooral een aantal meertjes.

Lac_d'Etival.jpg

Na het passeren van Les Crozets zijn er 114 kilometer gedaan en mogen de renners zich gaan opmaken voor het echte werk. Eerst even een afdaling naar Chassal, waar de renners na 131 kilometer aankomen. Net na Chassal begint de eerste echte klim van de dag, Côte de Rogna. 7,6 kilometer aan 5%. Wel redelijk lang, maar niet echt zwaar. Derde categorie. Na deze beklimming is er praktisch geen afdaling. Nee, een paar kilometer later volgt de volgende klim alweer. Côte de Choux, ook derde categorie. Korter, maar steiler. 1,7 kilometer aan 6,5%. Choux is kool, maar ook een klein dorpje in de Jura.

a759842d39bfc6baba2a40f14ca32db4.jpg

Het verwarrende is dat je in Choux niet boven bent. Nee, dan ben je nog niet op de helft. Er moet nu nog drie kilometer geklommen worden aan 5%, voor je echt op de top bent van de Côte de Désertin. Waarom ze deze twee klimmetjes gesplitst hebben is mij een raadsel. Het eerste deel is wel steiler, maar dat komt wel vaker voor. Hoe dan ook, uiteindelijk komen de renners boven en volgt er een korte afdaling naar Miribel, gemeente Échallon. Tijdens deze afdaling fietsen we de Ain binnen. Net na Miribel beginnen de renners aan de Côte d'Échallon. Drie kilometer aan 6,6%. Hier komen de renners boven na 168 kilometer. 20 kilometer en één klimmetje zijn er dan nog te gaan tot de streep. Na deze côte is er een klein stukje dalen, om vervolgens over een smal, redelijk steil weggetje nog een keer omhoog te moeten. Over dit klimmetje kan ik helaas vrij weinig vinden, het ziet er in ieder geval vrij pittig uit. Ook de afdaling is over een smalle weg, die bovendien niet echt in uitstekende staat lijkt te zijn.

httgef.png

De afdaling is vrij lang. Het grootste gedeelte over een smalle weg. Pas op enkele kilometers van de streep komen de renners terecht op een grotere weg, bij Grand Vallon, waar we terechtkomen in de afdaling van de Col du Sentier. Vlak wordt het niet meer, ook de laatste kilometers in Oyonnax zelf zijn in licht dalende lijn. Oyonnax is een stad met 23.000 inwoners en maakt voor het eerst deel uit van de Tour de France. Het is de hoofdstad van de Ain. In de Dauphiné kwam Oyonnax wel al een keer voor, in 2013. Toen won Viviani de toch vrij lastige etappe, voor Hushovd en Bouhanni. Ook in die finale zaten enkele beklimmingen, maar het werd desondanks een sprint van een vrij grote groep. De laatste rechte lijn is al snel een kilometer of twee lang, dus als het nu ook een massasprint wordt hebben de overblijvende sprinters in ieder geval geen last van bochten. Hoewel je zou kunnen zeggen dat ze voor die tijd al genoeg bochten hebben gehad.

12905773.jpg

Waarschijnlijk gaat de zon voor het eerst deze Tour schijnen. Prima temperaturen, 24 graden. Tegen het eind van de middag wel kans op regen en onweer, dat is dan weer wat minder. Blijft op die manier wel een beetje het verhaal van de Tour, kutweer. Zoals gezegd, de laatste afdaling is voor een deel ontzettend smal. Dan zou regen dus vrij onhandig zijn, zeker omdat de weg er niet helemaal florissant bijligt. Het zou voor iedereen wel het beste zijn als die regen achterwege blijft en de zon de hele dag blijft schijnen. Het is wel mogelijk dat we dit soort taferelen krijgen.

te_img_5034_retouch.jpg

Het zou een sprint kunnen worden van een uitgedunde groep, maar normaliter zou dit er een voor de vluchters moeten zijn. De klimmetjes zijn toch vrij kort achter elkaar en zeker de laatste twee lijken vrij vervelend. De laatste afdaling is dus smal en kent ook nog wel wat bochten, het blijft dalen tot de lijn, in principe ideaal voor een groep vluchters. Daar ga ik bij deze voorspelling dan maar vanuit. Als het een sprint van een uitgedund groepje wordt denk je natuurlijk aan namen als Sagan en Degenkolb, dat spreekt verder voor zich.
1. Rogers. Deze walgelijke man zie ik morgen wel in de aanval gaan. Nu Contador niet meer van de partij is gaat Tinkoff-Saxo natuurlijk massaal aanvallen en Rogers is wel iemand die weet hoe dat moet. Liet hij in de Giro ook nog zien.
2. Slagter. Zou mooi zijn als hij morgen meteen gaat aanvallen, nu hij een wat vrijere rol lijkt te krijgen. Zou het dan eigenlijk ook nog in de sprint moeten kunnen afmaken, maar laat vast wel iemand rijden. Zul je altijd zien.
3. Bakelants. Mag ook wel een keer gaan aanvallen. Heeft vorig jaar gezien dat zoiets wel kan werken.
4. Voeckler. Iedere dag is een dag voor Titi. De woensdag dus ook. Genoeg heuveltjes om een aantal gekke bekke te trekken.
5. Vachon. Wie? Vachon, van Bretagne. Een renner die goed over de heuveltjes komt, maar deze Tour nog geen seconde in beeld is geweest. Deze etappe lijkt mij een goede mogelijkheid voor hem om dat te veranderen. Komt niet alleen goed over de heuvels, is ook nog vrij rap. Prima outsider.
Op dinsdag 25 augustus 2015 15:48 schreef Toekito het volgende:
de grootste schande van heel FOK! naast Fylax is Kano als mod.
  donderdag 17 juli 2014 @ 09:20:56 #14
84430 kanovinnie
Wie dit leest is gek!
pi_142389591
Etappe 12: Bourg-en-Bresse - Saint-Étienne, 185 km

Etappe 11 bleek uiteindelijk toch wat pittiger dan gedacht. Een klein groepje bleef maar over, minder dan 40 man. Sagan kreeg het weer voor elkaar om niet te winnen, wat ondertussen razend knap begint te worden. Mooie overwinning voor Gallopin, die zijn aanvalslust beloond zag.

Etappe 12 wordt de tweede overgangsetappe. Weer een etappe met een aantal heuveltjes. Kittel zou ik geen vijf sterretjes geven. Voor de echte sprinters zal het waarschijnlijk weer te zwaar zijn. Voor de Sagans en Degenkolbs van deze wereld wel absoluut een nieuwe kans. Hoewel dit ook een etappe kan worden voor een kopgroep, als Sagan de handdoek in de ring gooit.

Map-12.jpg
PROFIL.png

De start is in Bourg-en-Bresse, een stad met 40.000 inwoners in de Ain. Komt voor de derde keer voor in de Tour. 12 jaar geleden was de Tour hier voor het eerst, Hushovd won in de straten van Bourg-en-Bresse zijn eerste etappe in de Tour. Vijf jaar later was Tom Boonen aan het feest. Nu, zeven jaar later, gaat er geen sprinter winnen in Bourg-en-Bresse, het is voor het eerst de plaats van vertrek. De start is voor de plaatselijke bioscoop, dus als een renner bij nader inzien niet zo'n zin heeft om te vertrekken kan hij altijd nog een filmpje pakken.

CIMG0883.JPG

Vanuit Bourg-en-Bresse zou je gelijk naar het oosten kunnen fietsen, de Alpen in, maar de Tour zou de Tour niet zijn als ze op zo'n moment niet naar het westen zouden gaan. De eerste kilometers zijn volledig vlak, pas na 40 kilometer, als we de Rhône binnenrijden gaan we de heuvels in. Na 40 kilometer is het ook altijd voor de tussensprint, in Romanèche-Thorins. Een klein dorpje, omgeven door wijnvelden.

17728912.jpg

Na 58 kilometer is het tijd voor het eerste klimmetje van de dag, Col de Brouilly. 1,7 kilometer aan 5% gemiddeld. Daar zal verder niemand wakker van liggen. Tussen de heuveltjes en de Franse gehuchten door gaan de renners dan op weg naar de tweede beklimming van de dag, na 83 kilometer. Côte du Saule d'Oingt. Bijna 4 kilometer aan bijna vier procent. Ook hier zal waarschijnlijk niemand in de problemen komen, dus hebben de renners waarschijnlijk tijd genoeg om ook even op de omgeving te letten.

P1040048.jpg

Na deze côte is er een redelijk lange afdaling en daarna een stukje vlak. Vervolgens weer een omhooglopend stuk, dat verder niet bij naam genoemd wordt. Dan zal het wel niet veel voorstellen. Na 120 kilometer komen de renners uit in Vaugneray. Dan is het zo ongeveer tijd voor het interessante gedeelte van de koers. Niet ver na Vaugneray beginnen de renners aan de langste beklimming van de dag.

VAUGNERAY.jpg

Col des Brosses, 15 kilometer. Dat is behoorlijk lang, maar als je vervolgens het gemiddelde percentage ziet valt het allemaal wel weer mee. 3,3%. Toch is dit gemiddelde redelijk misleidend. Dit is een ontzettend onregelmatige klim, met een aantal stukjes afdaling. De stukjes omhoog zijn toch wat lastiger dan 3%, er zijn gedeeltes aan 6% bij. Af en toe zelfs een beetje meer. Ontzettend bochtige klim ook. Niet meteen haarspeldbochten, maar wel bochten.

2624370490_9d99e9e59a_o.jpg

Boven op de Col des Brosses zijn er 138 kilometer gedaan. Het is dan nog minder dan 50 kilometer tot de streep. Na deze col is er een korte afdaling, een klein stukje omhoog en dan een langere afdaling. Na deze afdaling is het gelijk weer omhoog voor de volgende en laatste beklimming van de dag, Côte de Grammond. Bijna 10 kilometer lang maar nog geen 3% gemiddeld. Eigenlijk veredeld vals plat. Toch gaan enkele renners het hier vrij lastig krijgen als er hard wordt gekoerst. Hoewel de slechtste klimmers al zullen zijn afgehaakt op de vorige beklimming. Na de Côte de Grammond is het nog maar 20 kilometer tot Saint-Étienne. Een afdaling van meer dan 10 kilometer en daarna nog 10 bijna vlakke kilometers.

saint-etienne-01.jpg

Saint-Étienne is een stad met 180.000 inwoners die al ontzettend vaak is voorgekomen in de Tour. Meer dan 20 keer. Nu is het weer eens een plaats van aankomst. Het laatste gedeelte is vrij bochtig. De finish is in ruraal Saint-Étienne. Een redelijk brede weg, het laatste stuk is ook vrij breed. Niets aan de hand als het een pelotonsprint wordt.

Saint-etienne_cathedrale.JPG

Het wordt warm. Boven de dertig graden. Geen regen, wel een beetje wind. Prima weer om niets te doen, misschien een beetje te warm om te gaan fietsen. Hoe dan ook beter dan regen en 20 graden, lijkt me.

Waarschijnlijk voor de sprinters die goed over de heuveltjes komen. Of misschien voor wat vluchters, dat kan ook. Het kan deze Tour alle kanten op. Normaal was etappe 11 voor de vluchters, maar dat pakte anders uit. Misschien is dan juist etappe 12 voor de vluchters, terwijl die op papier voor de sprinters met klimmersbenen is. Ik denk toch dat het voor de sterke sprinters gaat worden.
1. Sagan. Eindelijk een etappe voor hem. Het moet eindelijk een keer lukken.
2. Degenkolb. Was sterk tijdens etappe 11, maar net niet sterk genoeg. Gaat tijdens etappe 12 ook net niet sterk genoeg zijn.
3. Van Avermaet. De eeuwige tweede of derde. Een overwinning zit er voor hem niet in.
4. Trentin. Snelle jongen, maar een sprint tegen de echte snelle gasten overleeft hij niet.
5. Rojas. De eeuwige vijfde.
Op dinsdag 25 augustus 2015 15:48 schreef Toekito het volgende:
de grootste schande van heel FOK! naast Fylax is Kano als mod.
  vrijdag 18 juli 2014 @ 07:13:08 #15
84430 kanovinnie
Wie dit leest is gek!
pi_142430115
Etappe 13: Saint-Étienne - Chamrousse, 197 km

Het begint ondertussen wel een beetje sneu te worden voor Sagan. De achtste keer deze ronde dat hij in de top 5 endigt, maar nog geen enkele keer gewonnen. Zijn vierde tweede plaats. Uiteindelijk was aan de nieuwe geblokte Noor, de opvolger van Hushovd, niets te doen. 65 per uur, of je een emmer leeggooit.

Om Sagan te troosten krijgen we nu twee etappes in de bergen. Hoeft hij zich een keer niet te laten zien, maar kan hij rustig in het busje gaan zitten. Etappe 15 is weer de volgende kans voor hem en de andere sprinters. Nu dus maar eens de Alpen in. Hoewel dat pas aan het eind van de etappe daadwerkelijk gebeurt, eerst nog even het stuk tussen Saint-Étienne en de Alpen overbruggen. Een etappe van bijna 200 kilometer, waarvan de laatste 70 kilometer in de Alpen en de overige 130 kilometer door een relatief vlak deel van Frankrijk.

Tour-de-France-Stage-13-1400753983.png
PROFIL.png

Saint-Étienne heeft het prima voor elkaar. Aankomstplaats en de volgende dag vertrekplaats. De eerste kilometers zijn in dalende lijn, maar na een kilometer of 10 moet er alweer geklommen worden. Een beklimming van de derde categorie, Col de la Croix de Montvieux. Bijna 8 kilometer aan 4%. Niet heel spannend, maar dat maakt verder ook niet veel uit, want in het begin van de etappe en met een kilometertje of 100 vlak voor de boeg zal hier ongetwijfeld niet veel gaan gebeuren. De col zal een muis baren.

alain_bellon_pilat_montivert_1_.jpg

Zoals gezegd, nu krijgen we 100 praktisch vlakke kilometers. We hebben de heuvels rond Saint-Étienne achter ons gelaten en gaan nu naar het oosten, richting de Alpen. Nog wel enkele hoogteverschillen, maar een naam mag het niet hebben. De tv hoef je hier niet echt voor aan te zetten, is mijn verwachting. Gewoon een beetje rustig koersen op weg naar de bergjes. Kopgroepje niet te ver weg laten rijden, beetje controleren. Genieten van de natuur, beetje kletsen. Niet echt heel interessant voor de kijker. Paar dorpjes passeren, La Côte-Saint-André is nog wel aardig. Is een château van Louis XI te vinden.

70299431.jpg

Voor de koers echt gaat beginnen moeten we wachten tot kilometer 134. In Saint-Égrève beginnen de renners aan een beklimming van de eerste categorie, Col de Palaquit. Dit is een tamelijk lange, onregelmatige klim. 14,1 kilometer, 6,1% gemiddeld. Zes procent, dat klinkt niet heel verschrikkelijk, maar de klim is dus onregelmatig. De klim begint zwaar, met een kilometer aan zeven procent, daarna twee kilometer boven de tien procent. Wat je daarna alleen krijgt is een stukje afdaling, van bijna twee kilometer. Vervolgens loopt het wat makkelijker omhoog, tot kilometer 8, waar het zwaarste stuk van de klim begint. Vier kilometer na elkaar, waar de percentages niet onder de acht procent komen. Zelfs een kilometer van bijna twaalf procent. De laatste twee kilometer van de beklimming zijn dan weer wat makkelijker, met zeven en vijf procent.

PROFILCOLSCOTES_1.png

Toch zal deze klim vooral dienen om vast wat ballast overboord te gooien. Hier gaan we waarschijnlijk weinig aanvallen zien. Dat heeft een logische reden, de laatste beklimming is nog veel zwaarder. Hier gaan we de treintjes aan het werk zien en alle niet-klimmers zullen gelost worden, maar verder verwacht ik er niet al te veel van. Dit ding is enorm vervelend, maar de laatste beklimming is nog een stuk lastiger.

ob_479181_col-de-palaquit-25-05-2014-2.jpg

Boven op de Palaquit zijn er 152 kilometers afgelegd. De afdaling is er een van 13 kilometer. Beneden rijden de renners Grenoble binnen en gaan ze op weg naar de tussensprint. Deze is in Saint-Martin-d'Hères. Een stad in het departement Isère met 35.000 inwoners. Ontzettend lelijk, maar wel een goed uitzicht op de bergen.

2721_1359561277_saint_martin_dheres.jpg

Dan is het tijd voor de eerste klim van de buitencategorie, deze Tour. De Chamrousse. Een ontzettend lange klim, 18 kilometer. 7,1% gemiddeld. Deze klim is regelmatiger dan de vorige. Echt verschrikkelijk steile stukken zitten er niet tussen, twee kilometers aan 11%, maar verder blijft het netjes onder de 10%. De eerste kilometers van deze klim zijn eigenlijk het zwaarste. Het begint met twee kilometer aan meer dan acht procent, dan een kilometertje aan elf procent, om een paar kilometer verder de tweede kilometer aan elf procent te hebben. Na zeven kilometer heb je dan het zwaarste gehad. De elf kilometer daarna is 8,7% het zwaarste wat je nog gaat tegenkomen. Ook enkele makkelijke stukken, aan 5%.

PROFILCOLSCOTES_2.png

Al met al een hele zware klim. Normaal gesproken is het zo dat een klim met het zwaarste gedeelte aan het eind ervoor zorgt dat alle renners wachten tot dat laatste gedeelte. Nu is het zwaarste gedeelte aan het begin van de klim, dus zou het kunnen dat renners dan al gaan aanvallen. Alleen loop je met de angsthazen van tegenwoordig het risico dat ze zo ver van de streep niet aan durven te vallen. Dan zorgen de zware kilometers dus alleen voor pijn in de benen, maar niet voor gaten. Tegen de tijd dat ze dan wel aan durven te vallen zijn de percentages misschien niet hoog genoeg om voor enorme verschillen te zorgen. Het kan zomaar zijn dat de hele klim in tempo wordt gereden en dat we pas op het laatste enkele aanvallen krijgen. Ik ben een beetje sceptisch. Toch zouden deze twee klimmen achter elkaar zeker voor verschillen moeten zorgen. Het is zeker niet makkelijk.

tcetew-707.jpg

Chamrousse is een skigebied, waar de Tour voor de tweede keer is. De eerste keer was in 2001, toen er een MTT was, een klimtijdrit. De winnaar van deze tijdrit wordt niet genoemd op de site van de Tour. Dat heeft een reden, die winnaar is ook eigenlijk helemaal de winnaar niet meer. Lance Armstrong. Hij won tijdrit, 32 kilometer lang, met een minuut voorsprong op Ullrich. De nummer drie, Beloki, werd op anderhalve minuut gereden en de nummer vier, Robert Laiseka, werd zelfs op twee minuten gezet. Vino werd twaalfde op bijna vier minuten. Hij kan Nibali dus uitleggen hoe het in ieder geval niet moet. Natuurlijk is een klimtijdrit anders, zeker in die tijd, maar de verschillen zijn wel dusdanig groot dat we morgen wel wat kunnen verwachten. Misschien niet verschrikkelijk veel aanvallen, maar wel gewoon renners die er zwaar doorheen zakken.

tour_2001_chamrousse.9.2.jpg

Het wordt echt gruwelijk warm. Na al dat kutweer krijgen we nu zon, maar dan ook meteen heel veel zon. 35 graden, midden op de dag. Dat is een hele omslag, na zoveel regen en andere ongein. Veel drinken, anders gaat het mis, maar dat zullen de renners vast wel weten. Wind krijgen we niet echt. Dat had het vlakke tussenstuk eventueel nog interessant kunnen maken, maar is dus vrij onwaarschijnlijk. Nee, warm, verder niets.

Aangezien etappe 14 de koninginnerit is, krijgen we morgen misschien een kopgroepje dat de kans gaat krijgen. De favorieten sparen zich voor de zwaarste rit, is vaker voorgekomen. Toch denk ik dat er wel enkele ploegen zullen zijn die willen werken. Dan gaan we alsnog een strijd tussen de favorieten krijgen. Nibali is dan ongenaakbaar, maar verder is het afwachten wat er gaat gebeuren op de echte lange Alpencols.
1. Nibali. Ja, ongenaakbaar dus. Heeft natuurlijk geluk dat Froome en Contador uitgevallen zijn, maar is wel een stuk beter dan alle andere renners in koers, zodra het bergop gaat.
2. Pinot. Valt alleszins mee. Heeft helemaal niet zo'n indrukwekkend jaar achter de rug, maar is nu wel ineens heel erg goed. Bleef nog redelijk dicht in de buurt van Nibali op La Planche des Belles Filles.
3. Porte. Nog net niet zo goed als Froome, maar komt toch aardig in de buurt. Kan uiteindelijk best op het podium eindigen, want echt zwakke kanten heeft hij niet.
4. Valverde. Nu nog even vierde, het is wachten op de Pyreneeën. Movistar kennende gaat Piti ineens vlammen in de derde week. Heel normaal, eerst twee weken redelijk en dan een week top. Logisch.
5. König. Leopold König van de NetApp-ploeg. Beetje pech gehad met blessures en valpartijen dit jaar en ook in deze Tour, maar gaat er nu eindelijk doorkomen. Met een beetje geluk kan hij zelfs winnen, zoals in de Vuelta vorig jaar. Prima klimmertje, niets mis mee.
Op dinsdag 25 augustus 2015 15:48 schreef Toekito het volgende:
de grootste schande van heel FOK! naast Fylax is Kano als mod.
pi_142509071
Etappe 15: Tallard - Nîmes, 222 km

Enorm goed rijden in de Giro, je richten op de Vuelta en dan ineens tegen je zin in moeten invallen in de Tour omdat Roman Kreuziger een paar jaar te laat aan de kant wordt gezet. Majka zag het niet zo zitten, liet hij in enkele interviews ook duidelijk merken. Werd natuurlijk meteen opgebeld door enkele mensen van zijn ploeg en een dag later was hij ontzettend enthousiast. Zo gaat dat. Uiteindelijk blijkt dan dat het nog niet eens zo'n slecht idee was. Het kan raar lopen. Leuk voor hem, in ieder geval. Achter hem werden de verhoudingen eens te meer duidelijk. Vinokourov zag dat het goed was.

Slechts twee dagen in de Alpen, dit jaar. Enorm weinig, maar dat komt dan weer omdat men in de Vogezen is geweest. Als je het mij vraagt is de verhouding nog steeds een beetje zoek. Nog een dagje Alpen erbij had prima gekund. Hoe dan ook, op weg naar het zuiden van Frankrijk, vast een beetje afstand richting de Pyreneeën overbruggen. Een lange, vlakke rit.

Tour-de-France-Stage-15-1400754189.png
PROFIL.png

Tallard, de plaats van vertrek. Eigenlijk gewoon een klein dorpje. Wel een dorpje met een kasteel, dat is altijd goed. Het koninkrijk van de luchtsporten, volgens de site van de Tour. Aerodrome in de buurt en parachutisten mogen graag landen in de omgeving van Tallard, of zelfs op het kasteel aldaar. Ondanks dat het zo'n kleine plaats is geen debutant in de Tour. In 2007 vertrok de Tour hier ook al eens. Toen ging de rit richting Marseille. Deze rit werd gewonnen door de oude vos Cedric Vasseur, in zijn laatste Tour.

Tallard-FranceA-1024x687.jpg

De etappe start nog wel in de Alpen en als je in Tallard bent zit je een paar kilometer onder Gap, dus zonder al te veel moeite te hoeven doen kun je zo aan enkele klimmen beginnen, maar daar kiest men dus niet voor. Lekker door de vallei richting Sisteron. Ook bepaald geen onbekende plaats in de Tour. Daar passeren we natuurlijk La Baume, de merkwaardige rotspartij die het gezicht van dit stadje toch wel in ernstige mate bepaald.

Sisteron__southern_France_by_kopfgeist79.jpg

Na Sisteron loopt het een beetje omhoog, maar echt veel problemen zal dit de renners niet opleveren. Nee, men wil zo snel mogelijk de Alpen uit en iedere fatsoenlijke heuvel wordt vakkundig ontweken. Alleen in Saint-Étienne-les-Orgues, na 71 kilometer, als we al uit de Alpen zijn gaan we nog een keer een uitlopertje opzoeken, richting Banon. Hoewel dit ook niet al te veel voor zal stellen, hoogteverschil is ook niet echt indrukwekkend, nog geen 200 meter. Banon is een schattig dorpje, met enorme lavendelvelden in de omgeving.

Provence-Lavender-fields-around-the-village-of-Banon-e1335231742569.jpg

Na Banon krijgen we dan nog een paar pukkeltjes, maar weinig om nog echt warm van te worden. Na 100 kilometer is het tijd om definitief af te dalen. Lekker fietsen door de Provence, pittoreske dorpjes aandoen. Het leven is goed na twee zware dagen in de Alpen.

le_village_de_saint_saturnin_les_apt_s_accroche_a_un_eperon_rocheux_jusqu_au_vieux_chateau_album_full.jpg

Na een kilometertje of 150 zijn we dan definitief beneden. Nog 70 kilometer over het vlakke Franse land, in de buurt van de kust. Na 175 kilometer is het tijd voor de tussensprint, laat in de etappe dus. De tussensprint is in La Galine, net voor Saint-Rémy-de-Provence. La Galine is niet zo interessant, Saint-Rémy-de-Provence daarentegen wel. Dat is de geboorteplaats van Nostradamus! Dat willen ze hier natuurlijk wel weten, daarom vind je genoeg verwijzingen naar Nostradamus in dit stadje. Bovendien vind je net buiten Saint-Rémy-de-Provence de overblijfselen van Glanum, een dorp gesticht door de Galliërs, maar vooral beïnvloed door de Grieken en Romeinen. Zo'n beetje de belangrijkste opgraving die ze in Frankrijk hebben gedaan. Het grootste gedeelte is uiteraard verwoest, maar een aantal gebouwen zijn nog in redelijke staat. De renners fietsen dwars door Saint-Rémy, maar er zal vast een helikoptertje richting Glanum worden gestuurd.

Glanum-ruins-big.jpg

Van Saint-Rémy-de-Provence is het een bijna rechtdoor richting Nîmes. Na 190 kilometer komen de renners aan in Tarascon, waar ze de Rhône moeten oversteken om in Beaucaire uit te komen. Beide steden hebben een kasteel, dus iedere kastelenliefhebber komt aan zijn trekken. Na de rivier overgestoken te zijn is het nog een slordige 30 kilometer tot de streep. Die streep ligt in Nîmes, een stad met 145.00 inwoners, waar de Tour al 16 keer eerder aankwam. Voor het laatst in 2008, toen Mark Cavendish won. Nîmes is een stad met enkele overblijfselen uit de tijd dat de Romeinen hier nog waren. Onder andere het Maison Carrée, een Romeinse tempel die nog in bijzonder goede staat is.

nimes-maison-carre-merle-ja-joonas.jpg

De finish is op de Boulevard de la Libération, net voorbij het amfitheater van Nîmes. De arena van Nîmes, gebasserd op het Colosseum. Ook erg goed bewaard gebleven. De renners zullen niet veel tijd hebben om te genieten van dit prachtige gebouw, want er zal hard gereden worden in de straten van Nîmes. Enkele rotondes en bochten maken de finale nog wat ingewikkelder, maar de laatste rechte lijn is tamelijk lang.

vueduciel_0.jpg?itok=9DMPpzIO

Het weer wordt morgen vrij interessant. We zitten natuurlijk in het gebied waar de Mistral lekker heerst, zal Maarten Ducrot je ook tien keer vertellen als je niet naar Sporza of Eurosport zapt. Tegen het eind van de middag kan het in de omgeving van Nîmes heel hard gaan waaien. Bovendien wordt er regen en onweer voorspeld. Heel wat ander weer dan de voorgaande dagen. Nog steeds warm, 25 graden. In ieder geval, kans op wind. Ik wil jullie niet te enthousiast maken, want die weersvoorspellingen zijn meestal aan de onbetrouwbare kant. Het definitieve oordeel krijgen we natuurlijk in de loop van de middag als Thijs Zonneveld op z'n fiets met zijwieltjes het laatste gedeelte van het parcours heeft gereden. Mocht het allemaal meevallen met die wind zal er wel vrij lafjes gekoerst worden. Dan heeft de helikopter nog wel even de tijd om richting Pont du Gard te vliegen. Als je toch in Nîmes zit moet je het even genoemd hebben. Ligt wel een eind van de route af, maar is wel onlosmakelijk verbonden aan Nîmes. Een prachtig aquaduct.

Pont_du_Gard_Oct_2007.jpg

Misschien een kans op waaiers. In ieder geval regen. Hoe dan ook zal het wel een sprint worden. Al die sprintersploegen hebben niet voor niets hun best gedaan om hun sprinters over de bergen te loodsen. Zal wel gewoon een etappe voor de sprinters worden.
1. Kittel. Kwam tijdens etappe 14 in ieder geval nog vrij soepel over de bergen. Tenminste, we zagen hem niet zo opzichtig lossen als Greipel. Is wel een mannetje kwijt, maar beschikt nog altijd over Ji Cheng. Weer een ritje erbij, kan jou het schelen.
2. Kristoff. Zodra Kittel wel van de partij is moet hij het toch afleggen. Zo werkt dat op dit moment.
3. Sagan. Weer een mooie plaats in de top 5 erbij, maar weer geen overwinning. Beetje zielig wel.
4. Greipel. Ja, het gaat regenen. Dan komt Greipel dus niet in de buurt van de overwinning. Lijkt ook niet helemaal fris te zijn, moest er toch een aantal keer zowat als eerste af. Normaal kan hij nog wel wat makkelijker overleven, lijkt het.
5. Coquard. Kleine Coquard komt ook vaak aardig in de buurt, maar veel meer dan plaats 4 is het uiteindelijk toch niet echt geworden. Dat komt nog wel, over enkele jaren.
pi_142587978
Etappe 16: Carcassonne - Bagnères-de-Luchon, 237 km

De dag na de rustdag de langste etappe van deze Tour. Daar zullen de renners vast ontzettend blij mee zijn. De eerste van drie etappes in de Pyreneeën. Eigenlijk de enige etappe deze Tour met de finish direct na een afdaling. Iets wat vaak lijkt te worden vergeten in alle grote rondes. Een etappe met enkele flinke beklimmingen met uiteindelijk een finish na een afdaling kan net zo goed voor spektakel zorgen. Soms kan het zelfs meer spektakel bieden dan een normale finish bergop. In ieder geval nog één zo'n etappe deze Tour, dat is al beter dan geen enkele. Pinot roept nu al om z'n moeder.

Tour-de-France-Stage-16-1400754275.png
PROFIL.png

De start is in Carcassone, een stad met 49.000 inwoners in het departement Aude. De stad is vooral bekend vanwege de volledig gerestaureerde citadel. Alleen al daarom een enorme toeristische trekpleister. Miljoenen bezoekers per jaar. Ook voor de Tour een populaire plaats om aan te doen, dit wordt de zestiende keer. In 2006 was de Tour voor het laatst in Carcassonne. Yaroslav Popovych won toen de etappe. In die tijd nog een groot talent en veelbelovend ronderenner. Is later ook niet echt veel meer van terechtgekomen. Fietst tegenwoordig nog steeds, maar anoniemer dan ooit.

Carcassonne_France2.jpg

Het départ réel is naast het vliegveld van Carcassonne. Al vroeg in de etappe moeten de renners een colletje op, Côte de Fanjeaux. 2,4 kilometer aan 5%. Geen enkel probleem. We fietsen nu al door een glooiend terrein, dus af en toe kom je een heuveltje tegen. De meeste echte heuveltjes worden overigens wel weer redelijk goed ontweken, dus het duurt even voor de volgende beklimming van de vierde categorie komt. Na 71 kilometer pas. Côte de Pamiers. 2,5 kilometer aan 5,4%. Dit heuveltje begint nadat de renners door Pamiers gereden zijn, een stad met 16.000 inwoners en een verleden in de Tour.

Pamiers_vu_des_coteaux.jpg

Het leuke is, vanaf Pamiers volgen we bijna exact de route van de vijftiende etappe in de Tour van 2010. Je moet het jezelf als parcoursbouwer natuurlijk niet te moeilijk maken. Deze etappe werd gewonnen door ieders favoriet Voeckler. Blijkbaar was er toen weinig boegeroep, stoppen deed hij niet. Er is nog wel een klein verschilletje, de Côte de Pamiers zat niet in die etappe. Daar werd omheen gereden. Na 85 kilometer, in Pailhès, komen we zo ongeveer op de route van 2010 terecht. Eigenlijk nog een stukje verder, bij Sabarat.

etp15.jpg

De weg loopt langzaam omhoog richting het gehuchtje Clermont, niet te verwarren met het grotere Clermont. Voor de renners in Clermont aankomen passeren ze eerst nog de tunnel nabij Les Mas-d'Azil. Hier reden de renners vier jaar geleden ook door. Werden toen lastiggevallen door mensen verkleed als leden van een stam die hier 18.000 jaar geleden zou moeten hebben geleefd. La Tribu de Magda.

15i.jpg

Na Clermont is er een stukje afdaling, op weg naar de tussensprint van de dag in Saint-Girons. Een dorp met 6000 inwoners. Komt ook wel vaker voor in de Tour de France, want het ligt aan de voet van de Col de Portet-d'Aspet. Een klim die iedereen wel kent.

761896.jpg

De Col de Portet-d'Aspet is een beklimming van de tweede categorie. 5,4 kilometer aan 6,9%. De eerste kilometers zijn redelijk makkelijk, maar vooral richting de top is het een ontzettend steile beklimming. De laatste twee kilometer van deze beklimming komt het eigenlijk niet onder de 9%. Een ontzettend populaire klim, komt ontzettend vaak voor in de Tour, vooral de laatste jaren. Zes keer in de afgelopen tien jaar, bijvoorbeeld. De beklimming is redelijk lastig, maar verder niet memorabel. Dit in tegenstelling tot de afdaling. 5 kilometer aan 9,2%, met stukken boven de 10%, zelfs een stuk aan 17%. Bovendien enorm bochtig, door een bos. Dit leverde vooral in 1995 enorm veel problemen op. Enkele renners kwamen toen ten val en braken ledematen, maar eentje was er helemaal slecht aan toe. Fabio Casartelli kwam met zijn hoofd tegen een betonblok aan en bezweek enkele uren later in het ziekenhuis aan zijn verwondingen. De olympisch kampioen van 1992 overleed op 24-jarige leeftijd. Nu, bijna 20 jaar later, staat iedere beklimming en afdaling van de Col de Portet-d'Aspet nog steeds in het teken van Casartelli.

3319248.jpg

Als de afdaling gedaan is, volgt er een klein pukkeltje, Col de Buret, voor de renners beginnen aan de Col des Ares, een beklimming van de derde categorie. Deze is zes kilometer aan 5,2%. Niet echt een hele lastige klim, je zou het een loper kunnen noemen. De percentages komen niet echt boven de vijf procent, dus hier hoeven we in ieder geval niet op spektakel te rekenen. Een klim die ook vaak voorkomt in de Tour, voor het laatst nog in 2012. Die bewuste etappe in 2012 bracht ons van Bagnères-de-Luchon naar Peyragudes. Valverde won toen. Zo ongeveer de eerste en enige keer dat hij een keer van ver durfde aan te vallen. Op de Col des Ares was Voeckler toen als eerste boven. Geen verrassing, dat jaar won hij de bolletjestrui.

6489_Col-des-Ares.JPG

De afdaling is te vergelijken met de klim, niet echt heel erg moeilijk dus. Na de afdaling volgt er nog een kort stukje vals plat voor er begonnen wordt aan de lastigste klim van de dag, de Port de Balès. Een beklimming van de buitencategorie, met recht. 11 kilometer aan 7,7% gemiddeld. Eigenlijk is de klim nog langer, bijna 20 kilometer aan 6% gemiddeld, maar om het indrukwekkender te laten lijken telt de organisatie de eerste kilometers van de Balès niet mee. In Mauléon-Barousse begint de klim eigenlijk al. Een lastige eerste kilometer aan zeven procent, maar de kilometers daarna zijn een stuk makkelijker. Paar stukjes aan 4%, maar ook vals plat. Na 8,5 kilometer klimmen begint het echte werk pas.

PROFILCOLSCOTES_1.png

Begint meteen lastig, met een paar kilometer aan zeven en acht procent. Gelukkig ook nog even een makkelijkere kilometer aan vijf procent, maar daarna juist weer een kilometer aan tien procent, met stukken tot 13%. Daarna de makkelijkste kilometer, 4%, maar dan is het gedaan met de pret. De laatste kilometers zijn vrij regelmatig. Regelmatig steil. Tussen kilometer acht en negen van de klim zit het zwaarste gedeelte, 10,2%. Daarna vlakt het wat af, naar acht procent, om af te sluiten met een kilometer aan 6,4%. De Port de Balès is een beklimming die betrekkelijk laat is ontdekt. Pas in 2007 kwam deze klim voor het eerst in de Tour voor. Kim Kirchen was toen als eerste boven. In 2010 kwam de beklimming dus ook voor en het verhaal van die etappe kennen we allemaal nog wel. Andy Schleck wil aanvallen, maar krijgt problemen met de ketting. Contador ziet het en profiteert. Niet helemaal netjes, maar achteraf is Contador daar wel in zekere zin voor gestraft, zou je kunnen zeggen. In de Tour van 2012 kwam deze klim ook nog voor, in de etappe naar Peyragudes. Dit wordt de vierde keer de Balès in de Ronde van Franrijk dus.

Voeckler_on_Bales1.jpg

De afdaling richting Bagnères-de-Luchon is ontzettend lang, maar niet echt moeilijk. Een afdaling van bijna 20 kilometer, praktisch tot de streep. De eerste kilometers van de afdaling zijn nog wel een beetje steil, maar na enkele kilometers is het bijna vals plat. Ook redelijk weinig bochten. In het dorpje Bencue, als de afdaling al bijna gedaan is, wordt het nog even steil met een stuk boven de 10%, maar een kilometer daarna is het al gedaan. De laatste kilometers richting de finish is de afdaling nog maar aan een procentje of vijf, om aan het eind natuurlijk helemaal af te vlakken. Dan komen de renners na 237 kilometer aan in Bagnères-de-Luchon.

tour.jpg

Een klein dorpje, met maar 3000 inwoners, op een paar kilometer van de grens met Spanje. Uiteindelijk bekend geworden vanwege de warmwaterbronnen in de buurt. In de tijd van de Romeinen stonden hier maar liefst drie badhuizen. Daarna een beetje in verval geraakt, zoals zoveel dingen na het vertrek van de Romeinen. Uiteindelijk toch weer herontdekt. Daarna een van de belangrijkste kuuroorden van de Pyreneeën geworden. Kuuroorden zijn altijd populaire plaatsen in iedere grote ronde. De Tour de France is hier al meer dan 50 keer geweest. Maar drie plaatsen werden vaker aangedaan. Parijs uiteraard, daarnaast Bordeaux en Pau. Wij Nederlanders hebben niet zo'n goede band met dit dorp. Geen enkele Nederlander heeft hier ooit weten te winnen. Iemand die wel een goede band heeft met Luchon is Thomas Voeckler. Twee keer wist hij hier te winnen. In 2010, dat is al aan bod gekomen. Toen won hij de etappe die praktisch gelijk is aan die van nu, alleen was die etappe een kilometer of 50 korter. Voor alle haters een foto van een juichende Voeckler in de straten van Bagnères-de-Luchon. Prudhomme zag dat het goed was.

2010_tour_de_france_stage15_thomas_voeckler_bbox_bouygues_wins1.jpg

Ook in 2012 won Voeckler in dit kuuroord. Hij rondde toen wederom een vroege vlucht succesvol af. De etappe in 2012 was nog wat pittiger dan die van 2010, met onder andere de beklimming van de Aubisque, Tourmalet, Aspin en Peyresourde. Thomas had er lak aan en ging er uiteindelijk weer solo vandoor, op weg naar zijn tweede overwinning in dit dorp en zijn vierde overwinning in de Tour.

voeckler1.jpg

Over het weer kunnen we kort zijn. Weinig wind, droog, redelijke temperaturen. Zo rond de 20 graden in de Pyreneeën. Buiten de Pyreneeën wel een paar graden warmer, maar zo warm als vorige week is het bepaald niet.

Voorspelling is makkelijk. In Bagnères-de-Luchon wint de laatste jaren bijna altijd een vluchter. We hebben net geleerd dat Thomas Voeckler de laatste twee aankomsten hier heeft gewonnen, dus lijkt het mij logisch dat hij voor zijn hattrick gaat. Hele Tour al matig, maar dat is natuurlijk met het oog op deze etappe. Gaat gewoon gebeuren.
1. Voeckler. Tong op de grond, bewegen alsof je een toeval krijgt. We krijgen het allemaal weer te zien. Na 237 kilometer gaan de armpjes in de lucht. JUICHEN.
2. Spilak. Het is een dag voor Spilak. Kan ontzettend slecht tegen het warme weer, dus zou de bescheiden 20 graden voor hem goed moeten uitkomen. Heeft verder ook nog helemaal niets laten zien. Is het wel aan zijn stand verplicht om ook eens een keer te presteren in een grote ronde.
3. Lollerkowski. Is natuurlijk helemaal opgebrand, maar daar hebben ze bij OPQS lak aan. Sturen 'm gewoon in de aanval. Kan je verwachten.
4. Dumoulin. Wel een etappe voor hem. Lastige klim op het laatst, net wat te lastig denk ik, maar kan dan misschien nog terugkomen in de afdaling. Mag in ieder geval wel een poging wagen als je het mij vraagt.
5. Chavanel. Doet IAM eigenlijk wel mee deze ronde? Op papier de beste ploeg van de wildcards, maar hebben bijzonder weinig laten zien. Ja, een tweede plaats in een sprint van Haussler. Fantastisch. Chavanel maar eens in de aanval sturen en kijken hoever hij komt.
pi_142627512
Etappe 17: Saint-Gaudens - Saint-Lary Pla d'Adet, 124 km

Na de langste etappe van de Tour nu de kortste. Slechts 124 kilometer. Meestal heeft het een reden, dat een etappe zo kort is. Nu ook, de etappe kent namelijk vier zware beklimmingen. Drie van de eerste categorie en de slotklim is van de buitencategorie. Het is dus maar goed ook dat de etappe zo kort is. De etappe begint op het vlakke, buiten de Pyreneeën en doet tijdens de eerste beklimming van de dag Spanje aan.

Map-17.jpg
PROFIL.png

Plaats van vertrek is Saint-Gaudens. Een stadje dat voor de 14e keer voorkomt in de Tour de France. 12,500 inwoners. Saint-Gaudens is vooral een goede plaats om te vertrekken, omdat het aan de voet van de Pyreneeën ligt. Vanuit dit dorp kan je snel aan verschillende beklimmingen beginnen. In 2011 was de Tour voor het laatst in Saint-Gaudens. Toen ging de etappe van deze plek richting Plateau de Beille. Deze rit werd gewonnen door de alien uit Neerpelt, Jelle Vanendert. Hij was in die Tour ineens een topklimmer. Hebben we naderhand ook niet veel meer van gezien, behalve in de Ardennenklassiekers. De laatste keer dat de Tour aankwam in Saint-Gaudens was in 1999, de Rus Konishev won toen. Andere renners die hebben gewonnen in Saint-Gaudens zijn onder andere Charly Gaul en Gino Bartali. Grote namen.

p62_d6af84c085c5561bd0529f0dc58fbd12st-goaerienne.jpg

Van Saint-Gaudens rijden we de Pyreneeën binnen, via een vallei. Als we deze weg de hele tijd zouden volgen zouden we weer bij Bagnères-de-Luchon uitkomen, maar net voor het dorpje Cierp-Gaud nemen de renners een weg naar links, die ze richting de tussensprint van de dag brengt, bij het gehuchtje Saint-Béat. De rivier La Garonne loopt door dit gehuchtje en dat weten de inwoners maar al te goed. Wil nog wel eens uit de oevers treden. Het is maar goed dat het nu een beetje fatsoenlijk weer is, anders hadden de renners niet door dit dorp kunnen fietsen. Vorig jaar rond deze tijd was het raak. Straten stonden blank, een heel deel was weggezakt, overal troep. François Hollande kwam zelfs nog langs om de schade op te meten.

201306202243-full.jpg

Na de tussensprint is het nog maar enkele kilometers fietsen tot de Spaanse grens. De weg richting Spanje loopt al lichtjes omhoog. Na een kilometer of 40 passeren we de grens. Een paar kilometer later komen we uit in Bossòst. Een klein dorpje in de provincie Lleida, regio Catalonië. Vlak na dit dorp beginnen we aan de Spaanse kant van de Col du Portillon.

PROFILCOLSCOTES_1.png

Een beklimming van 8,3 kilometer, 7,1% gemiddeld. Best een pittig dingetje. Behoorlijk regelmatig, het grootste gedeelte van de klim zit je toch tussen de zeven en acht procent. Zeker geen slechte klim om mee te beginnen. De klim is redelijk vaak voorgekomen in de Tour de France, toch al een keer of 18. Voor het laatst in 2006, toen was David de la Fuente hier als eerste boven. In dienst van het beruchte Saunier Duval gaf hij toen flink gas in de bergen. Beetje van David, beetje van Ibarguren. In die Tour won De la Fuente het strijdlustklassement en droeg hij enkele dagen de bollen. Fietst tegenwoordig nog steeds. Vormt samen met een andere held, Juanjo Cobo, een illuster duo bij Torku Seker Spor.

50565436.jpg

De afdaling van deze col brengt ons naar Bagnères-de-Luchon, waar we in de vorige etappe eindigden. Niet ver hierbuiten beginnen we al bijna meteen aan de volgende klim van de dag. Eentje met een goed klinkende naam, Col de Peyresourde. Een klim die onderhand ieder jaar wel voorkomt in de Tour. In tien jaar tijd zeven keer. Wel altijd als tussendoortje. Vorig jaar werd de Peyresourde nog beklommen in de etappe naar Bagnères-de-Bigorre. Thomas De Gendt was toen als eerste boven.

PROFILCOLSCOTES_2.png

Een beklimming van 13 kilometer, aan 7% gemiddeld. De eerste kilometers zijn nog redelijk goed te doen, maar na kilometer zes wordt het ineens heel regelmatig steil. De rest van de klim komt de hellingsgraad niet meer onder de zeven. Laatste kilometer van de klim nog aan 8,5%. Best een aardige col. Als je hier aardig doortrekt zullen er al een hoop mannen sneuvelen.

bicycletouringpyrenees24.jpg

Het leuke van vandaag is dat er maar weinig kilometers in de verschillende valleien hoeven te worden afgelegd. Het is continu op en af. Nu dus ook weer, de Peyresourde af richting Loudervielle, om een paar kilometer verder te beginnen aan de derde beklimming van de dag, Col de Val Louron Azet. Een enorm bochtige beklimming, die dit jaar pas voor de vijfde keer voorkomt in de Tour. Grote namen zijn hier al als eerste bovengekomen. Marco Pantani bijvoorbeeld, in 1997. Een paar jaar later was het grote voorbeeld van Bauke Mollema, Fernando Escartin, hier de beste. Vorig jaar kwam de Col d'Azet ook voor in de Tour, toen waren de punten op de top een prooi voor Simon Clarke.

PROFILCOLSCOTES_3.png

We hebben twee klimmen van gemiddeld 7% gehad, nu krijgen we twee klimmen van gemiddeld 8%. Deze is 7,4 kilometer lang aan 8,3% gemiddeld. Het zwaarste gedeelte zit meteen in het eerste gedeelte van de klim. De eerste kilometer gaat nog, maar daarna krijg je kilometers aan 9 en 10%. Naar de top toe zwakt het wat af, om vervolgens het laatste stukje nog even flink omhoog te gaan aan 11%. Een hele lastige klim, zeker als je bedenkt dat er enorm veel bochten in zitten. Misschien wat lastig om een goed ritme te krijgen, maar van de andere kant is het met 7 kilometer ook weer niet heel erg lang. Kan wel mooie plaatjes opleveren. De klim begint voorbij het meer van Génos-Loudenvielle en het uitzicht daarop wordt met iedere bocht mooier.

DSCF3584.JPG

Boven op deze col hebben de renners meer dan 100 kilometer gefietst. Nog maar een kilometer of 22 te gaan. De slotklim is 10 kilometer lang, dus eerst moet er nog 12 kilometer afgedaald worden, richting Saint-Lary-Soulan. Vanuit dit dorp beginnen we aan de laatste klim van de dag, Pla d'Adet. Een redelijk lange, steile slotklim. 10 kilometer aan 8,3% gemiddeld. De moeilijkheid zit 'm vooral in de eerste kilometers. Kilometer 2 en 3 zijn boven de 10%. Daarna zwakt het wat af richting 9 en 8%. Kilometer zeven is wat makkelijker, aan 5% en daarna wordt het niet echt moeilijk meer. De laatste twee kilometer van de klim zijn aan 7%, wat een heel verschil is met de 10% van het begin. De laatste hectometer is zo ongeveer vlak.

PROFILCOLSCOTES_4.png

De laatste keer dat we op Pla d'Adet aankwamen was in 2005. George Hincapie won toen. Hij profiteerde nogal van het werk van Oscar Pereiro. George hoefde niet zo gek veel te doen, hij had Armstrong achter zich. Even op het laatst demarreren en de overwinning pakken. Zo ging dat toen, zo ongeveer. Voor Hincapie zijn enige etappeoverwinning in de Tour. Andere renners die hier hebben gewonnen zijn o.a. Joop Zoetemelk en Raymond Poulidor. Poulidor was ooit een hele grote renner, maar zal over enkele jaren vooral bekend zijn als de grootvader van Mathieu van der Poel.

p1392.jpg

Het wordt niet verschrikkelijk warm. Een graad of 23. Waarschijnlijk droog, maar toch een kleine kans op regen. Misschien zelfs onweer, als het erg tegenzit. De wind zal vrij afwezig zijn. Waait niet erg hard, in de Pyreneeën.

Etappe 16 was voor de vluchters. Dan is de etappe daarna waarschijnlijk weer voor de klassementsmannen. Hoef niet, kan ook weer voor de vluchters zijn. Dat ligt volledig aan het peloton, als daar een beetje flink wordt gekoerst krijgt een groepje vluchters nooit veel voorsprong. Enkele ploegen, zoals FDJ, zullen hun kans ruiken. Bardet wat minder, Van Garderne wat minder. Nodigt uit om flink gas te geven.
1. Nibali. Als het peloton gas geeft en de kopgroep geen kans geeft wint Nibali uiteindelijk. Is al vaak genoeg gebleken.
2. Pinot. Is ijzersterk bezig. Moet wel een paar keer afdalen, maar dit blijkt nog niet eens zo'n heel groot probleem te zijn. Bardet zal uiteindelijk tekort komen.
3. Peraud. Deze oude Fransman is enorm goed bezig. Leek mij meer een renner voor de top 10, maar is zo ongeveer de enige die Nibali nog kan volgen, naast Pinot. Sterk. Dan mag je wel een keer een derde plaats binnenhalen.
4. König. NetApp. Klein ploegje, maar toch een bijzonder goede kopman. Leopold. Liet in de Vuelta van 2013 al zien wat hij kon, maar hij bevestigd dat deze Tour enorm. Goede renner.
5. Valverde. De derde week is de Movistar-week. Zal uiteindelijk toch net wat te kort komen om te winnen. Hij is immers geen Quintana. Slechts een Valverde.
pi_142663978
Etappe 18: Pau - Hautacam, 145 km

De derde etappe in de Pyreneeën. Misschien wel de zwaarste dag, want tijdens deze etappe moeten twee Pyreneeënreuzen van de buitencategorie bedwongen worden. Cols met klinkende namen en historie in het wielrennen. Voor de klimmers de laatste kans om nog tijd te pakken, want na deze etappe is het gedaan met het klimmen. Renners die bang zijn voor de tijdrit van zaterdag kunnen hier misschien nog iets proberen.

Tour-de-France-Stage-18-1400754433.png
PROFIL.png

Voor de 66e keer maakt Pau deel uit van de ronde van Frankrijk. De stad met 81.000 inwoners, net buiten de bergen, maakt dus bijna ieder jaar deel uit van de Tour. Vorig jaar ontbrak Pau, maar in 2012 was het zowel een aankomstplaats als een vertrekplaats. In de straten van Pau was Pierrick Fedrigo toen succesvol. Een dag later vertrok men van Pau richting Bagnères-de-Luchon, waar Voeckler won. Niet alleen in 2012 won Fedrigo hier, ook in 2010 was hij aan het feest. Nederlanders hebben hier ook wel eens gewonnen, Leon van Bon in 1998 bijvoorbeeld.

Pau-Environnement-1.jpg

De eerste 60 kilometer hebben we nodig om richting het hooggebergte te fietsen. Ondertussen komen de renner wel enkele beklimmingen tegen. Twee van de derde categorie. Allebei zo rond de twee kilometer aan zeven procent. Al best lastig, maar nog niets vergeleken met de beklimmingen die daarna komen. Na 61 kilometer is de tussensprint in Trébons. Een paar kilometer verder rijden de coureurs door Bagnères-de-Bigorre. Hier begint de eerste klim van de buitencategorie van vandaag, Col du Tourmalet.

32_bagneres_de_bigorre.jpg

De Tourmalet is 17 kilometer lang en 7,3% gemiddeld. De eerste vijf kilometer zijn nog makkelijk, de percentages komen daar niet boven de vijf procent. Daarna wordt het wel wat lastiger en dat blijft zo tot de top. Enkele kilometers aan 8%, enkele aan 9% en zelfs nog twee kilometer aan 10%. Niet voor niets buitencategorie. Een hele lastige en vrij lange klim.

PROFILCOLSCOTES_1.png

De Tourmalet is de col die het vaakst is beklommen in de Tour. Een keer of 80 ondertussen. Zit bijna ieder jaar in het parcours en wordt soms zelfs twee keer in dezelfde ronde beklommen. Voor de renners en voor de kijkers dus geen onbekende berg. Van de ene kant is het mooi, zo'n bijna jaarlijks terugkerend fenomeen, maar het zou ook helemaal niet erg zijn om deze beklimming een paar jaar links te laten liggen en op zoek te gaan naar verborgen pareltjes, want die zijn er in deze omgeving ook nog genoeg. In 2013 werd de Tourmalet overgeslagen, dat was voor het eerst sinds 2007. Thomas Voeckler was in 2012 hier als eerste boven. Een opvolger voor hem wordt dus gezocht.

col-du-tourmalet-3.jpg

Boven op de Tourmalet zijn er 95 kilometer gedaan. De wedstrijd is dan nog 50 kilometer lang. Na een lange beklimming volgt vaak een lange afdaling, zo ook nu. In totaal bijna 35 kilometer in dalende lijn. De afdaling van de Tourmalet zelf is bijna 20 kilometer lang en stopt in Luz-Saint-Sauver. Vanuit dit dorp gaan de renners naar rechts, om nog een stukje verder te dalen naar de vallei rond Lac des Gaves. Een paar kilometer verder, in Arbouix, begint de slotklim.

PROFILCOLSCOTES_2.png

13,6 kilometer aan 7,8% gemiddeld. Misschien nog wel wat zwaarder dan de Tourmalet. De klim begint al vrij uitdagend, met een eerste kilometer aan 6%. Daarna een kilometer aan 8%, om vervolgens daarna wat af te vlakken. Tot kilometer zeven valt het nog wel mee, maar dan begint het echt. Twee kilometer achter elkaar boven de 10%, dan een wat makkelijkere kilometer en vervolgens weer een kilometer boven de 10%. In dit stuk kan een hoop gebeuren. In deze kilometers moet je het doen, want de laatste drie kilometer zijn weer wat makkelijker. Hoewel, tussen de 6,5 en 8%, nog steeds niet heel erg makkelijk. Een goede klim om grote verschillen te maken, zeker met de Tourmalet al in de benen.

e48a599a7758131ebc86eb1ffd490fa9.jpg

Het wordt de vijfde keer dat we naar dit wintersportoord gaan. Nog niet zo heel vaak dus, toch kent iedereen Hautacam. Dat is met name te danken aan Bjarne Riis. In 1996 ging hij op de flanken van deze klim full retard. De klim is bepaald niet makkelijk, met stukken aan 12%, maar Bjarne zat zo vol met EPO dat hij gewoon op het buitenblad naar boven knalde. Hij liet iedereen staan alsof ze met de stadsfiets waren. Bjarne was een van die figuren die wel heel erg ver ging met doping. Zijn hematocriet was zo hoog dat hij 's nachts om het halve uur even een rondje moest lopen, anders bestond de kans dat zijn hart er mee zou stoppen. Zijn bloed was zo dik dat je het op een pannenkoek kon smeren. Uiteindelijk wel hilarische beelden natuurlijk. Blijft mooi.


5548395-.jpg

De laatste keer dat we naar Hautacam gingen was in 2008. Ook toen kregen we een topshow voorgeschoteld. Het was de Tour van Saunier Duval. Riccardo Ricco had al twee ritten gewonnen, maar deed dat wel alleen. Het was wel weer eens tijd voor een ouderwetse 1-2, zoals op de Monte Zoncolan, een jaar eerder. Leonardo Piepoli kwam toen samen met Gibo Simoni over de streep. Op Hautacam kreeg hij Juan José Cobo mee. Samen gingen ze ervandoor. Fränk Schleck probeerde nog wel even aan te haken maar moest Team Ibarguren uiteindelijk toch laten gaan. Ze kwamen dus met z'n tweeën aan en gooiden allebei de handjes in de lucht. Leuk detail: Piepoli kwam als eerste over de streep, maar werd uiteindelijk net als Ricco betrapt. Cobo werd niet betrapt, dus kreeg hij deze overwinning. Van de regen in de drup.

TenpiepoliwinLead81929561.jpg

Hautacam zorgt dus wel voor leuke taferelen. Hopelijk nu ook weer. Nibali die net als Riis op het buitenblad naar boven knalt en uiteindelijk met vijf minuten voorsprong wint. Ik zeg doen. Het weer zal niet heel fantastisch zijn, graadje of 20 en kans op regen.

Aangezien vandaag de vluchters het weer hadden gehaald lijkt het mij morgen weer een dag voor de klassementsrenners. Zoals gezegd, een Nibali die met vijf minuten voorsprong wint zou leuk zijn.
1. Nibali. Een imitatie van Riis. Even rondkijken, de concurrentie monsteren. Vast een speldenprikje uitdelen, dan weer even kijken en dan helemaal losgaan. Als een imbeciel met het grootst mogelijke verzet naar boven harken. Het zou kunnen, hij is er goed genoeg voor en is de afgelopen dagen niet heel diep gegaan, denk ik.
2. Peraud. De beste van de rest, wat je best opvallend mag noemen. Altijd wel een prima renner geweest, maar dat hij nu kans maakt om op het podium te komen had ik ook weer niet verwacht.
3. Pinot. Gaat hier dan toch de beslissende slag om de witte trui slaan. Zal niet meteen minuten wegrijden van Bardet, maar in ieder geval toch wel een aantal seconden.
4. Valverde. Valt mij toch een beetje tegen. Na de eerste maanden van dit seizoen had ik verwacht dat hij het Froome en Contador serieus moeilijk had kunnen maken. Uiteindelijk blijkt hij dan zelfs onder te doen voor een Peraud en een Pinot. De befaamde derde week van Movistar blijft dit jaar een beetje uit.
5. Bardet. In ieder geval een renner die durft aan te vallen, dat mag ik wel. Kan het nu ook weer proberen, maar ik denk niet dat het veel op zal leveren. Achja, een vijfde plaats is ook goed.
  vrijdag 25 juli 2014 @ 07:37:17 #20
84430 kanovinnie
Wie dit leest is gek!
pi_142709121
Etappe 19: Maubourguet Pays du Val d'Adour - Bergerac, 208 km

Het klimwerk is gedaan. Mocht ook wel een keer, na drie dagen in de Pyreneeën. Nibali heeft nu kansen genoeg gehad om te laten zien hoeveel beter dan de rest hij is. Daarom nu maar weer eens een vlakke rit. Niet helemaal vlak, want in de finale zitten nog enkele obstakels, maar normaal is dit toch wel weer een kans voor de sprinters.

Tour-de-France-Stage-19-1400754503.png
PROFIL.png

Het dorpje Maubourguet, met 2500 inwoners, is een debutant in de Ronde van Frankrijk. Het ligt in de Pays du Val d'Adour. Een mooi gebied, met genoeg wijnvelden en uitzicht op de Pyreneeën. De Tour kwam hier nog nooit, een andere ronde wel. De Tour des Pyrénées, een hele kleine koers. Een koers voor de beste amateurs en enkele continentale teams. In 2004 was er een etappe van Maubourguet naar Lourdes en deze etappe werd gewonnen door Theo Eltink. Arme Theo, die een aantal jaar geleden ineens werd gezien als groot talent voor de grote rondes, maar zijn belofte nooit wist in te lossen.

2014060531_19---Maubourguet-Photo-montage-Aire-de-jeu.jpg

Het eerste deel van de etappe zitten we nog in de heuveltjes, een beetje glooiend is het parcours dus wel. Stelt allemaal niet heel veel voor, maar het stuk na een kilometer of 60, als het helemaal vlak wordt, zal de renners vast meer aanspreken. Enkele dorpjes worden gepasseerd, maar daar zit verder weinig interessants tussen. Ja, ze fietsen nog door Condom. Hilarische naam natuurlijk. Heel google staat vol met blije mensen naast het plaatsnaambordje. De renners volgen de rivier Baïse. Dit net zo lang tot die rivier uitmondt in La Garonne. Voor die tijd komen we eerst nog door Nérac, een dorpje dat je nog wel redelijk schattig kan noemen.

IM000224.JPG

Na Nérac is het nog een kilometer of 40 tot de tussensprint. Volledig vlakke kilometers, langs La Baïse en vervolgens La Garonne. Deze twee rivieren verliezen we echt geen seconde uit het oog. De tussensprint is in Tonneins, een stadje met 9000 inwoners. Ligt direct aan de Garonne. Deze rivier steken we hier over om er daarna niet meer bij in de buurt te komen.

33835936.jpg

Dan zijn er al 130 kilometers afgelegd. Nog maar een kleine 80 te gaan. Het vlakke land laten we alweer bijna achter ons, om toch weer in een licht heuvelachtig gebied terecht te komen. Stelt wederom allemaal niet heel veel voor. Het laatste gedeelte van deze etappe zou nog wel interessant kunnen zijn. Als men de Dordogne binnenfietst, na 170 kilometer, wordt het leuk. Toch nog vier korte heuveltjes achter elkaar. De laatste, op 13 kilometer van de streep, is het interessantste. Côte de Monbanzillac, vierde categorie. 1,3 kilometer aan 7,6%. Nog best steil, alleen niet zo heel lang. Toch kan een Kittel hier al goed in de problemen komen. Wel nog flink wat tijd om terug te komen, want het is een lange rechte weg richting Bergerac. Monbazillac heeft een kasteel en ze maken er witte wijn.

8893087096_6b3becf781_b.jpg

De laatste kilometers richting Bergerac zijn dus over grote, rechte wegen. Paar bochten nog, maar valt allemaal wel mee. In de laatste kilometer nog twee bochten. Het centrum van Bergerac slaan we over, we finishen voor de gein eens een keer op een vervallen industrieterrein. Bergerac is een stad met 28.000 inwoners, dat voor de tweede keer wordt aangedaan. De vorige keer was in 1994. De negende etappe, een tijdrit van 64 (!) kilometer, van Périgueux naar Bergerac. Deze tijdrit werd gewonnen door Miguel Indurain. Hij legde tijdens deze tijdrit de basis voor zijn vierde Tourwinst. Een dag later vertrok men in Bergerac. Een etappe richting Cahors die werd gewonnen door Jacky Durand.

Bergerac-019.jpg

Het wordt weer wat warmer. Tegen de 30 graden aan. Beetje bewolking, maar waarschijnlijk geen regen. Een redelijk windje, maar zal wel niet genoeg zijn om aan waaiers te denken.

Toch wel een etappe waar vanalles kan gebeuren. Zijn de sprinters en hun ploegen nog een beetje fit? Na drie dagen in de bergen zal een Kittel best moe zijn. Kan dus zomaar zijn dat een groepje vluchters veel ruimte gaat krijgen omdat de sprintersploegen er niet veel zin in hebben of te weinig kracht over hebben. Dan heb je in de finale nog een paar klimmetjes. Niet verschrikkelijk moeilijk, maar na drie weken Tour zal dat misschien toch best hard aankomen. Uiteindelijk denk ik dat het toch iets voor de sprinters zal worden, Katusha zal vast wel willen werken voor Kristoff en Sagan is nog steeds op zoek naar een overwinning.
1. Kristoff. Lijkt me wel een etappe voor hem. Toch nog een wat moeilijkere finale. Sowieso een renner die boven komt drijven als het wat lastiger is geweest. Gaat op die manier dan toch wel vrij snel Hushovd overvleugelen.
2. Sagan. Wel lullig, maar het is niet anders. Weer een ereplaats, maar een overwinning gaat lastig worden. Uiteindelijk wel de groene trui, dus dat is in ieder geval nog iets.
3. Degenkolb. Met dat klimmetje van de vierde categorie denk ik dat Giant toch voor Degenkolb gaat. Kittel zal vast wel afhaken en of hij dan wordt het toch lastig om hem weer op tijd vooraan te krijgen.
4. Coquard. Europcar is prima bezig, dus krijgen we als het morgen een sprint wordt een Coquard te zien die nog best dicht in de buurt gaat komen.
5. Greipel. Ook niet echt zijn Tour. Volgend jaar weer een nieuwe kans.
Op dinsdag 25 augustus 2015 15:48 schreef Toekito het volgende:
de grootste schande van heel FOK! naast Fylax is Kano als mod.
pi_142742978
Etappe 20: Bergerac - Périgueux, 54 km (ITT)

De laatste uitdaging van deze Tour. De enige tijdrit, maar wel een hele lange, over een glooiend parcours. Vanwege de lengte gaat hier met minuten gesmeten worden, al zullen de matige tijdrijders vanwege de heuveltjes die in het parcours zitten toch nog wel een klein beetje kunnen aanhaken. Alsnog minuten verliezen, maar waar je tijdens een vlakke tijdrit met deze lengte vijf minuten kan verliezen kan je als goede klimmer het hier misschien beperken tot een minuut of twee.

Tour-de-France-Stage-20-ITT-1400754654.png
PROFIL.png

De start van de tijdrit is in Bergerac, waar rit 19 aankwam. Etappe 19 kwam aan ergens op een industrieterrein in een buitenwijkje van Bergerac. Deze tijdrit start wel netjes in het centrum. Rue de la Résistance, een winkelstraatje. Daar vertrekken de renners voor een barre tocht van meer dan 54 kilometer. In Bergerac zelf zijn er twee bochten die genomen moeten worden, maar verder zijn de eerste kilometers rechtdoor. Af een toe een flauwe bocht, maar stelt bijzonder weinig door. Op de grote molen en trappen maar. Net na de start fietsen de renners langs de kerk.

index.php?action=dlattach;topic=173808.0;attach=620378

De eerste kilometers zijn over de grote weg, na zes kilometer draaien de renners af van de D709 naar de D4E3. Scherpe bocht, tweebaansweg in plaats van een vierbaansweg. Alsnog breed genoeg dus. Deze weg begint na een tijdje op te lopen. Wel vals plat, niet echt een hele moeilijke klim of iets in die richting. Tussen kilometer 7 en kilometer 15 moeten 110 hoogtemeters overwonnen worden, niet heel indrukwekkend. In het gehuchtje Lagudal moet er een beetje gedaald worden om daarna weer een stukje omhoog te gaan. Dit gaat gepaard met enkele bochten, maar dat zijn allemaal simpele bochten, geen scherp gedoe. Als dit tweede 'klimmetje' is geweest dalen de renners een stukje af en ondertussen komen ze door het gehucht Beleymas, waar de eerste tussentijd wordt gemeten, na 19 kilometer. 200 inwoners, maar wel een schattig kerkje.

beleymas.jpg

Het gaat nu even naar beneden, maar het bochtenwerk valt mee. Lijkt allemaal redelijk voor zich te spreken. Na 23 kilometer fietsen de renners door Villamblard en dan loopt het alweer een beetje omhoog. Vijf kilometer na Villamblard komen de renners boven in Sargaillou en is er weer een meter of 100 hoogteverschil overwonnen. Echt vals plat dus. Dit gedeelte is wel echt geschikt voor de sterke jongens, die knallen hier goed door. Een beetje fietsen tussen de weilanden door, af en toe een bos, af en toe een verlaten boerderij.

24zei5k.png

Na het gehuchtje Sargaillou is het weer even een paar kilometer in dalende lijn. Deze afdaling kent wat meer bochten en loopt voor een deel door een bos, is dus wat onoverzichterlijker. Toch wel een paar bochten die je even verkend moet hebben. Het is goed te doen, maar met een beetje kennis van het parcours ben je in dit soort bochten wel in het voordeel. Zoals de 'klim' niet echt steil was is de 'afdaling' dat ook niet echt. In principe gewoon zo groot mogelijk trappen.

ezhovc.png

Na deze afdaling loopt het gelijk weer omhoog, richting Font-de-Meaux, waar de tweede tijdsmeting van de dag is, na 39 kilometer. Ook deze weg is weer vals plat, voor een deel door een bos. Kent wel enkele stukjes die er nog een beetje uitdagend uitzien, maar zou verder toch ook allemaal niet echt een probleem moeten zijn. Redelijk leuke omgeving. Af en toe een huisje, struikjes, bomen, heuveltjes links en rechts. En een vervelende weg omhoog.

1idi12.png

Voorbij de tweede tijdsmeting moeten de renners nog even over een plateautje heen, om daarna weer een paar kilometer te dalen. Deze afdaling is behoorlijk bochtig, maar wel door een redelijk open vlakte. Toch net wat meer zicht op waar je naartoe gaat. Alsnog een paar blinde bochten, dus een verkenning lijkt me toch handig als je hier goed wil fietsen. Als je hier niet goed wil fietsen heb je alle tijd om te genieten van een leuk uitzicht. Vervelende paaltjes langs de weg, dus mijn advies is wel om netjes op het asfalt te blijven.

30cyebo.png

Als deze afdaling gedaan is moeten de renners nog één keer omhoog en dit lijkt de lastigste klim van de dag. Een korte klim, maar vrij steil, als je het profiel mag geloven. En jawel, we mogen dit profiel geloven, want Google Maps geeft hetzelfde beeld. We klimmen naar het dorpje Coulounieix en dat is vrij pittig. Enige voordeel voor de renners is dat ze na de afdaling flink wat snelheid hebben, een goede aanloop dus, om even over dit heuveltje te knallen. De klim loopt nog even door na het dorpje Coulounieix, maar het zwaarste gedeelte heb je dan wel gehad. Het zwaarste gedeelte zit net voor je het dorp binnenrijdt. Op de top krijgen we de derde tussentijd van de renners, op zes kilometer van de streep. Volgens het time schedule tenminste. Volgens het profiel niet. Komen we morgen wel achter.

28tdo52.png

De laatste kilometers zijn in dalende lijn. Nog enkele bochten, maar we zitten nu wel op een hele brede weg. De grootste uitdagingen zijn al geweest. Zo ongeveer op twee kilometer van de streep steken we de rivier L'Isle over en rijden we Périgueux binnen. De laatste kilometer loopt weer een beetje vals plat omhoog en kent nog een stuk of vijf bochten. Finishen doen we voor het Palais de Justice.

1587184_palais-de-justice-perigueux-4-1200_800x400.jpg?v=1

Dit is de derde keer dat Périgueux, een stad met 31.000 inwoners, deel uitmaakt van de Tour de France. De vorige twee keren hadden we zo ongeveer hetzelfde recept. Ook in 1961 was er een tijdrit van Bergerac naar Périgueux. In 1994 was het andersom, een tijdrit van Périgueux richting Bergerac. Grote namen wonnen uiteindelijk die tijdritten. In 1961 was Jacques Anquetil de sterkste. In 1994 Miguel Indurain. Beide renners wonnen in dat jaar ook het algemeen klassement. Als je het zo bekijkt is Vincenzo Nibali misschien wel de grootste favoriet.

Catedral_de_P%C3%A9rigueux.jpg

Iedere dag kom ik met een weerbericht aan, maar dat blijkt vaak weinig betrouwbaar. Tijdens etappe 19 zou er bewolking zijn, maar over regen las ik niets. Viel dat even tegen. Toch gaan we het maar weer proberen. Volgens mijn Franse, blijkbaar onbetrouwbare, weersite wordt het goed weer. 28 graden, zon, weinig wind. Klinkt goed, maar hoe het echt wordt zien we tijdens de rit wel weer.

Deze tijdrit wordt natuurlijk een prooi voor Tony Martin. Dat lijkt mij redelijk duidelijk. Een Froome in topvorm kan het hem moeilijk maken, maar verder doet iedereen toch wel voor hem onder. Het is even afwachten hoe het met Tony Martin is na drie weken Tour. Hij heeft zich deze Tour vaak genoeg laten zien en vaak met zijn krachten gesmeten, maar deze tijdrit zal hij nog een keer alles geven en dan wint hij. Met een minuutje voorsprong op Dumoulin.
1. Martin. Der Panzerwagen.
2. Dumoulin. Toch lekker, zo'n Nederlander die een beetje goed kan tijdrijden. Heeft het de afgelopen dagen rustig aan gedaan, dus een tweede plaats achter Tony Martin lijkt mij zeker tot de mogelijkheden behoren.
3. Nibali. Als je in zo'n topvorm bent ga je ook gewoon een goede tijdrit fietsen. Hoewel hij helemaal niet voluit hoeft te gaan. Kan zelfs de laatste kilometers lopen, maar hem kennende zal hij tot het einde alles blijven geven.
4. Chavanel. Heeft toch een vrij kleurloze Tour achter zijn naam. Kan op een goede dag een ontzettend goede tijdrit rijden, dus om toch nog wat kleur aan zijn Tour te geven is een goed optreden in deze tijdrit nodig. Hij kan het, zo nu en dan.
5. Peraud. Een Peraud in vorm kan ontzettend goed tijdrijden. Hij is in vorm, dus goede tijdrit. Denk dat hij toch nog wel de tweede plaats gaat pakken.

Verrassing van de dag wordt Izagirre. Gaat top 10 rijden. Onze jongens gaan het lastig krijgen.
pi_142772434
Nou ja, niet echt een OP waard. Ik heb met alle liefde iedere keer alles proberen uit te pluizen, 20 etappes lang, maar de laatste etappe van de Tour is die moeite niet echt waard.

Van Evry naar Parijs. Eerst een beetje champagne. Alle Astana's op een rij. Vast wel weer een gele auto. Daarna laf koersen tot Parijs. Paar demarrages en uiteindelijk wint Kittel.

Oja, nog een vrouwenkoers tussendoor. Is iedereen heel enthousiast over heb ik al gemerkt. Iemand van Rabo zal wel winnen want die ploeg wint dit jaar alles.

Tot volgend jaar. :W
pi_142772480
^O^ Hartelijk dank voor je pareltjes Rellende_Rotscholier en heel graag volgend jaar weer _O_
pi_153334200
Wij hopen dat dhr. Scholier ook dit jaar stukjes wil schrijven. ^O^
pi_154167146
Even een update aangezien dhr. Rotscholier inderdaad bereid is gevonden stukjes te schrijven.

Etappe 1: Utrecht - Utrecht, 13,8 km (ITT)

De 102e editie van de Tour de France gaat van start in Utrecht, zoals we ondertussen allemaal wel weten. Het is de zesde keer dat de Tour start in Nederland. Voor het eerst was dat in 1954, toen de Tour voor het eerst buiten Frankrijk begon, in Amsterdam. Die rit werd gewonnen door Wout Wagtmans. In 1973 was er een Tourstart in Scheveningen, die Tour begon met een proloog die gewonnen werd door Joop Zoetemelk. Vijf jaar later was de Tour weer terug in Nederland en was de openingsrit weer een proloog, die weer werd gewonnen door een Nederlander. Jan Raas was de snelste in Leiden. De uitslag van die proloog zou alleen niet meetellen omdat het te slecht weer zou zijn geweest en het parcours daarom te gevaarlijk. Lekker, die Fransen. Raas won daarom een dag later nog maar een keer om op die manier wel echt de gele trui te krijgen. Na Leiden duurde het even voor er weer een Tourstart was in Nederland, maar in 1996 was het dan eindelijk weer zo ver. Een proloog in Den Bosch, gewonnen door Alex Zülle. De laatste Tourstart in Nederland kunnen we ons vast allemaal nog wel herinneren, Rotterdam 2010. Die Tour begon ook met een proloog die werd gewonnen door Cancellara en een dag later vertrok de rit ook in Rotterdam. Op 1954 na begint iedere Tourstart in Nederland dus met een proloog. Dat is nu anders, we mogen spreken van een heuse tijdrit. Te lang om het een proloog te noemen. Als er in Nederland wordt gestart wint er een Nederlander of een Zwitser. Tom Dumoulin en Cancellara krijgen hier vast moraal van.

UyqfN9z.png
PROFIL.png

Een Grand Départ in Utrecht dus, voor het eerst. Doen we als klein landje toch goed, het is absurd hoeveel grote rondes er de laatste jaren in Nederland zijn gestart. Het begon met de Vuelta in 2009, die het vertrek kende in Assen. Daarna vertrok de Giro van 2011 in Amsterdam en een paar maanden later begon de Tour in Rotterdam. Nu hebben we weer een Tourstart in Nederland en volgend jaar start de Giro ook weer in dit gekke kleine landje. Het houdt niet op. De start van deze Tour is dus in Utrecht en de renners zullen vertrekken in de prachtige Truus van Lierlaan. Een straat van helemaal niets, maar wel overal parkeerplaatsen in de buurt. Dat komt wel altijd goed uit als je die hele Tourkaravaan ergens kwijt moet.

A2W3PYh.png

Direct na de start volgt al meteen de eerste bocht, naar links. Geen hele lastige bocht, van de ene brede weg naar de andere. Een stukje verder komen de renners een soort van chicane tegen, daar zullen ze wel eventjes een beetje moeten afremmen, maar met een beetje verkenning geen probleem. Daarna komen ze uit bij een brede rotonde, die ze voor driekwart moeten nemen. Afsnijden gaat niet, want over het andere deel van de rotonde moeten ze ook nog, op weg naar de finish. Al fietsend over de Koningin Wilhelminalaan komen de renners dus continu andere renners tegen die de andere kant opgaan. De renners moeten twee keer over de Balijebrug en daar loopt het even een klein beetje op. Voelen ze waarschijnlijk niet eens, maar dan is het in ieder geval genoemd. Over de Balijlaan en de Vondellaan gaat het eigenlijk best wel rechtdoor. Een paar flauwe bochten, maar dat mag geen naam hebben. Aan het eind van de Vondellaan slaan de renners linksaf, onder het spoor door, richting de Albatrosstraat. In de prachtige Albatrosstraat gaat het ook weer eventjes makkelijk rechtdoor, tot er een bocht naar rechts volgt. Eigenlijk ook wel weer een simpele bocht, het parcours lijkt niet al te technisch. De renners volgen even de Kromme Rijn, maar wijken al snel weer af en zetten dan koers richting het stadion van FC Utrecht, de Galgenwaard. Dit hele stuk is ook grotendeels rechtdoor.

Ciixo.jpg

Best een geinig stadion, het is alleen jammer dat er ook ooit mensen in zitten. Enfin, vlak na de Galgenwaard een bocht naar links, wederom geen enkel probleem. Over de Weg tot de Wetenschap richting de Uithof, het Science Park van de Universiteit van Utrecht. De renners fietsen een klein stukje naast het terrein, maar slaan even verder weer snel linksaf, terug de stad in. Hier moeten ze een bocht nemen die misschien wat lastiger in te schatten is. Lijkt redelijk scherp. De renners komen terecht op de Archimedeslaan en zijn nu best dicht in de buurt van de eerste tijdsmeting. In de Pythagoraslaan, na 7,1 kilometer koers, krijgen we een eerste indicatie van de tijden van de renners. In de Archimedeslaan moeten de renners nog onder een viaduct door en hier gaat het een klein stukje naar beneden een een klein beetje omhoog. Zullen ze waarschijnlijk niet eens merken, maar is wel zo'n beetje het enige hoogteverschil in deze tijdrit. De bocht van de Archimedeslaan naar de Pythagoraslaan is een lopende bocht. Kunnen ze op hoge snelheid door, niks aan de hand. In de Pythagorslaan staat het oude provinciehuis van Utrecht. Het nieuwe staat in de Archimedeslaan. De renners komen in korte tijd dus twee gedrochten tegen.

2374798.jpg

De renners hebben nu al meer dan de helft van de tijdrit gehad. Aan het eind van de Pythagoraslaan slaan ze rechtsaf richting de Waterlinieweg. Een bocht die ook nog wel een beetje scherp is, maar verder geen probleem op hoeft te leveren. Ze komen uit bij een grote rotonde, die ze niet op de normale manier hoeven te nemen. Ze mogen meteen links, richting de Biltstraat. Bij het aansnijden van de rotonde moet er wel even geremd worden, maar daarna kunnen ze vol door. In de Bilstraat merken we eigenlijk pas voor het eerst dat we echt in Nederland zijn. Hier liggen een aantal drempels. Er zijn ook nog een aantal wegversmallingen, dus dit nog wel even een straat waar je een beetje op moet letten. Na een tijdje slaan de renners linksaf, de Kruisstraat in. Een bocht die ook prima te doen lijkt, als je het een beetje goed aansnijdt hoef je misschien niet eens te remmen. Via de Kruisstraat komen de renners uit op de Maliesingel. Nog een paar vluchtheuveltjes en kleine bochtjes bij het oversteken van die straten, maar verder is er wederom niet veel interessants te melden. Een paar kilometer lang fietsen de renners nu langs de gracht en dit is een redelijk bochtige weg. Vooral op drie kilometer van de streep liggen er vrij kort achter elkaar een paar bochten. Deze bochten zijn redelijk scherp en de renners kunnen hier niet van de hele weg gebruik maken, het is wat smaller. Je zou zelfs kunnen spreken van een chicane.

6445334.jpg

Na deze chicane fietsen de renners door de Bleekstraat weer onder het spoor door en komen ze uit op de Vondellaan, waar ze iets dan tien kilometer geleden ook al hebben gefietst. Nu pakken ze de andere kant van deze laan en gaan ze weer over de Balijebrug. Ze komen weer uit bij de rotonde bij de Koningin Wilhelminalaan. Op de heenweg moesten ze hier driekwart, nu kunnen ze meteen naar rechts, zonder gedoe. Een stukje verderop wordt er rechtsaf geslagen en zijn de renners op iets meer dan een kilometer van de streep. De renners steken de Nelson Mandelabrug over en krijgen op een paar 100 meter van de streep nog een laatste bocht, naar links. Deze bocht is ook prima te nemen en daarna is het rechtdoor richting de meet. De streep ligt bij de jaarbeurs. In principe is het dus best een makkelijke tijdrit. De wegen zijn over het algemeen breed. Er is één straat met wat drempels, maar verder zijn er voor Nederlandse begrippen weinig obstakels. Eén bochtencombinatie die je met wat fantasie een chicane zou kunnen noemen en verder vooral hele makkelijke bochten. Een rustig begin van de Tour de France waarschijnlijk.

13787356.jpg

Utrecht zelf is een stad die we allemaal wel kennen. Daarom is het extra interessant om te kijken wat er in het roadbook staat over deze stad. 328.000 inwoners, dat zou best kunnen kloppen. Een stad van innovatie en kennis, dat geloven we ook meteen. Gesticht in 1636 en de universiteit zou de belangrijkste van Nederland moeten zijn, met meer dan 30.000 studenten. Of het echt de belangrijkste is durf ik niet te zeggen, maar laten we het Utrecht gunnen. Als hoogtepunt van Utrecht wordt logischerwijs de Dom genoemd. Wat ik dan weer niet wist is dat erwtensoep, stamppot en pannenkoeken typisch Utrechtse specialiteiten zijn. Toch nog wat geleerd vandaag. Het is de eerste keer dat de Tour hier is, maar het is geen debuut voor Utrecht in een grote ronde. De Giro van 2010 kende een rit met aankomst in deze stad. Na de proloog in Amsterdam vertrok de volgende rit uit Amsterdam om te eindigen in Utrecht. Erkend brokkenpiloot Tyler Farrar was toen de snelste. Hij is er nu weer bij, maar zijn niveau van die jaren heeft hij al lang niet meer weten te halen. Tegenwoordig fietst hij bij MTN-Qhubeka en mag hij de Afrikaantjes de fijne kneepjes van het vak leren. Als je iemand van deze ploeg op de grond ziet liggen weet je meteen waarom.

Domtoren10,%20(c)%20WM(1).jpg

Het gaat al dagenlang over het weer. Het is al dagen absurd warm en dat gaat het zaterdag ook nog zijn. In de middag dik boven de 30 graden. Waarschijnlijk wel 33 graden of nog warmer. Tegen het eind van de middag kans op onweer en een kans op toenemende wind. Rond een uur of drie schijnt het wat harder te gaan waaien. De vroege starters zullen dus iets in het voordeel zijn. Vooral als het ook nog echt gaat regenen. De kans is er, maar het is geen levensgrote kans. Toch lijkt het sowieso verstandig om vroeg te starten, al was het maar voor de wind. Vooral het tweede deel van de tijdrit kan je de wind lelijk tegen krijgen. De Tour start om 14:00. De Eritreeër Daniel Teklehaimanot mag als eerste vertrekken. Het is een bijzonder verhaal, hij is de eerste renner die namens een Afrikaanse ploeg in de Tour gaat rijden. Hij is de eerste Eritreeër in de Tour en hij is waarschijnlijk de eerste donkere Afrikaan in de Tour, maar dat laatste durf ik niet met zekerheid te zeggen. Daniel is kampioen tijdrijden van zijn land, dus we zien meteen de vlag van Eritrea in actie. Nog nooit nam een Eritreeër deel aan de Tour en nu meteen twee. Drie kwartier na Teklehaimanot is Merhawi KUDUS aan de beurt, de jongste deelnemer aan deze Tour de France. Meteen om 14:00 zullen de NOS en Sporza er ook bij zijn. De volledige startlijst staat in de spoiler. Nibali zal als laatste vertrekken om 17:17.

SPOILER
Om spoilers te kunnen lezen moet je zijn ingelogd. Je moet je daarvoor eerst gratis Registreren. Ook kun je spoilers niet lezen als je een ban hebt.
Ik ga me weer wagen aan een voorspelling, omdat het nu eenmaal heel leuk is om aan te tonen dat je er eigenlijk ook totaal geen verstand van hebt. Het gaat al dagenlang alleen maar over Tom Dumoulin. Hij moet het gaan doen, hij moet de rit winnen en meteen ook maar de gele trui pakken. Een zware last rust op zijn schouders. Het verleden leert ons dat een Tourstart in Nederland een Nederlandse winnaar oplevert, of een Zwitserse. Zo bekeken moet dat Dumoulin wel wat meer motiveren. Een Duitser won nog nooit als de Tour in Nederland begon, dus die hele Martin kunnen we wel afschrijven natuurlijk. Cancellara zou dan de grootste uitdager worden, hij weet hoe hij moet winnen in Nederland. In Rotterdam deed hij dat al eens, maar zijn benen van toen heeft hij ook niet meer. Ik ga Tom nog wat extra druk bezorgen.
1. Dumoulin. Ja, Tom gaat het gewoon doen. Hij heeft sinds dit jaar iedereen een keer verslagen in een tijdrit. In de Ronde van het Baskenland versloeg hij voor het eerst Tony Martin. Dat was geen vlakke tijdrit, allesbehalve. Over de steile muur van Aia ging die tijdrit, maar dat mag de pret niet drukken. Mentale klap voor Martin natuurlijk en een enorme boost voor Dumoulin. Tom is goed in vorm, zo liet hij in Zwitserland zien. Zijn mindere NK vergeven we hem wel even. Hij gaat ons laten juichen!
2. Martin. Normaal wint Martin altijd. Waarschijnlijk gaat hij ook daadwerkelijk winnen, maar er kan natuurlijk een boel gebeuren. De wielen zijn rond, het is ieder voor zich. Misschien vergeet hij wel schuurpapier in zijn broekje te doen en glijdt hij pardoes van zijn zadel af. Je weet het niet. Het gaat wel spannend worden in ieder geval, want Dumoulin komt steeds dichter bij Martin in de buurt. In een vlakke tijdrit is Martin nog steeds duidelijk beter, maar hij wint niet meer met zoveel voorsprong op Dumoulin als een tijd terug. Dit moet dan maar de dag worden dat Dumoulin ook Martin weet te verslaan in een vlakke tijdrit en anders heeft Utrecht met Martin ook een winnaar om trots op te zijn.
3. Cancellara. Wordt ook altijd genoemd bij de favorieten en dat is ook logisch, maar de echte vorm heeft hij niet meer. In de Ronde van Zwitserland was Dumoulin hem twee keer te snel af. In Tirreno-Adriatico won Cancellara dan nog wel een tijdrit, maar daar waren Martin en Dumoulin niet bij. Hij staat eigenlijk wel best ver achter Martin en Dumoulin, als we naar zijn laatste prestaties in tijdritten kijken. Voor de laatste keer dat hij Martin en Dumoulin wist te verslaan moeten we terug naar de Tirreno van 2014. Meer dan een jaar geleden dus. Nee, wordt niks met der Fabian.
4. Malori. Adriano is een sterke tijdrijder van Movistar. Hij heeft dit jaar al vier tijdritten gewonnen en bij een van die tijdritten versloeg hij Cancellara. In februari van dit jaar reed hij rond in de Ronde van de Algarve en kreeg het daar voor elkaar om in een tijdrit van 19 kilometer amper een seconde op Martin te verliezen. Malori is een van de beste tijdrijders van het moment, maar wordt vaak over het hoofd gezien. De rest van de Tour zal hij moeten werken voor Quintana en Valverde, maar dit wordt zijn moment. Hij kan ook zomaar tweede of derde worden, als hij een goede dag heeft.
5. Van Emden. Djos mag zo ongeveer als eerste vertrekken en heeft sowieso fantastisch weer. Gaat natuurlijk meteen een goede richttijd zetten en als het daarna een beetje kutweer wordt duikt er bijna niemand meer onder. Met de nieuwe fantastische Bianchi's en de fantastische motivatie van Louis 'tak tak tak' Delahaye gaat Lotto-Djumbo knallen met Djos als grootste baas. Niks meer aan doen.

Etappe 2: Utrecht - Zélande, 166 km

Na de tijdrit met een verrassende winnaar is het tijd voor de tweede dag in Nederland. We gaan weer in Utrecht beginnen en kennen een bijzondere aankomst, op het voormalige werkeiland Neeltje Jans. Een etappe die veel renners al maanden lang in hun broek laat poepen, want er is een kans op waaiers. Of het daadwerkelijk waaiers gaan worden valt nog maar te bezien, de weersvoorspellingen lijken niet echt gunstig. Toch is er altijd wind in Nederland en zeker in Zeeland, dus uit te sluiten valt het niet. Kan ook zomaar zijn dat het hard gaat regenen, dat iedereen zich zo lang druk heeft gemaakt om de verkeerde redenen. Voor Dennis meteen een lastige rit om zijn trui te moeten verdedigen. Het gaat ontzettend chaotisch worden. Lange, rechte wegen, misschien door de regen, misschien door de wind. We mogen stiekem wel een klein beetje spektaktel verwachten.

iOdwWIL.png
PROFIL.png

De eerste rit in lijn van de Tour de France 2015 start in Utrecht. Waar tijdens de tijdrit de streep lag starten de renners nu. De binnenstad kregen de renners niet te zien tijdens de tijdrit, maar nu is dat wel het geval. Alle bekende plekken worden aangedaan, langs de Dom richting de Neude en dan via het Janskerkhof weer de binnenstad uit over de Nobelstraat. Dit deel is nog geneutraliseerd, dus is het geen enkel probleem om rustig door de binnenstad te fietsen. Uit de binnenstad komen de renners nog op een stukje parcours van de tijdrit recht, langs de Maliesingel. Ze fietsen nog wat verder richting het zuiden van Utrecht en komen daar bij kilometer 0, het echte vertrekpunt. Ze fietsen dan richting het noorden en doen eigenlijk zo'n beetje iedere wijk in Utrecht aan. De renners fietsen ook nog langs het prachtige Ondiep af, wat een feest. Na een kilometer of 15 willekeurig door Utrecht fietsen wordt die stad dan echt verlaten. Tot zover de Tour in Utrecht.

utrecht_overview.jpg

Op weg naar Rotterdam. De route brengt ons door de provincie Utrecht en we komen onder andere door Montfoort. Allemaal leuk en aardig, maar haalt het niet bij het volgende dorp. We fietsen langs Oudewater, de stad van Johan Derksen. Hij zal ongetwijfeld niet met het broekje uit langs de weg staan, heeft zich vast weer verstopt in Grolloo. Ik zou dan weer niet raar opkijken als we ineens Koert Westerman langs de kant zien staan. De renners blijven langs de Hollandse IJssel fietsen, op weg naar Gouda. Na 48 kilometer koers komen we door Gouda. Net als in Utrecht wordt er weer langs een singel gefietst, maar de huizen langs deze singel zijn toch wat minder mooi. Wellicht dat er nog een helikoptertje over het centrum vliegt, anders geen mooie plaatjes van Gouda. De renners blijven het water volgen, richting Waddinxveen.

Gouda-Stadhuis-panorama.jpg

Na Waddinxveen slaan de renners linksaf, op weg naar Rotterdam. Over kaarsrechte wegen scheuren ze door het platteland. De Tour kennende zijn dit de gevaarlijkste stukken, maar het is nog vroeg in de etappe dus de echte nervositeit zal er nog niet zijn. Een paar rotondes op deze weg, van die dingen met blokken tussen de rijbanen. Gaan de renners vast enorm van genieten. Op de rotondes na weinig obstakels. Grotendeels rechtdoor richting Nieuwerkerk aan den IJssel. Zelfs voor Nederlandse begrippen een verschrikkelijk saaie omgeving, met alleen wat weilanden en akkers in de buurt. Via Capelle aan den IJssel bereiken we dan Rotterdam. In Rotterdam krijgen we de eerste tussensprint van deze Tour. Aangezien er nogal weinig etappes zijn die zullen eindigen in een massasprint lijkt het mij dat er wel het een en ander kan gebeuren bij de tussensprints. Als een van de sprinters de groene trui wil winnen zal hij ook bij de tussensprints punten moeten gaan verzamelen. Anders is het als minder goed klimmende sprinter uitgesloten dat je groene trui mee naar huis neemt. Het zal dit jaar wel een prooi worden voor Degenkolb of Sagan. De tussensprint is langs de Nieuwe Maas. Na de tussensprint fietsen de renners over de Coolsingel, is daar ook een keer iets te doen. Ze draaien om bij het Hofplein en gaan dan weer terug over de Coolsingel, over de Erasmusbrug naar Rotterdam-Zuid.

cms_retina.full_cover.jpg

Een terugkeer voor Rotterdam in de Tour. In 2010 begon de Tour hier en was de start van de eerste rit in lijn op de Erasmusbrug. Dat is dan blijkbaar toch goed bevallen als we nu weer terugkeren. Via het zuiden van Rotterdam gaan we dan op weg naar het spannende deel van deze etappe. De tussensprint in Rotterdam is na 80 kilometer en een kilometer of 10 later verlaten we Rotterdam. Via Rhoon, Poortugaal en Hoogvliet komen de renners door Spijkenisse. Over grotendeels brede, goede en vooral rechte wegen zet het peloton dan koers richting Hellevoetsluis. Tussen Spijkenisse en Hellevoetsluis fietsen de renners een aantal kilometer over een kaarsrechte weg langs een kanaal. Aan de ene kant is het open door water en aan de andere kant is het open door een overdaad aan weilanden. Als het een beetje waait kunnen we hier stiekem al waaiers verwachten, voor we überhaupt in Zeeland zijn. Aangezien de renners dan nog door een stad fietsen zal het hier nog wel kunnen samensmelten, maar het zal ongetwijfeld tegen die tijd al heel nerveus zijn. Eenmaal voorbij Hellevoetsluis kan de pret echt beginnen. We gaan via de Haringvlietdam Goeree-Overflakkee betreden.

470408.jpg

De renners fietsen langs Stellendam en hier is het nog niet echt open. Eenmaal voorbij Stellendam begint het wel een heel open gebied te worden. Nog even een rotonde met ophogingen tussen de rijbanen overleven en dan mag het gaan waaien. Inmiddels zijn er al meer dan 120 kilometer afgelegd en zijn we al bezig aan de finale van de koers. Tussen Stellendam en Goedereede is het erg open, af en toe een paar bomen, maar vooral veel polder. Voorbij het dorpje Goedereede, na 130 kilometer koers, wordt het helemaal open. Nog 36 kilometer tot de finish en als de wind hier een beetje goed staat heb je gewoon een garantie op waaiers. Een paar kilometer later slaan de renners rechtsaf en komen ze in Ouddorp terecht. Hier rijden ze even door beschut gebied, tussen de bomen. De pret is even voorbij. Ze fietsen nu wel richting de kust, maar ook langs de kust is het hier niet mogelijk om waaiers te creëren. Overal bomen, kleine tegenvaller. Er liggen wel een boel rotondes op deze weg, maar verder valt het allemaal wel mee met die levensgevaarlijke Nederlandse wegen. Als Ouddorp wat verder achter ons ligt wordt het gebied weer wat meer open en weer een stukje verder ligt het helemaal open. We moeten even geduld hebben, maar dan zullen we ongetwijfeld ook beloond gaan worden.

aIYUMBQ.png

Na een tijdje slaan de renners linksaf en gaan we op weg naar Zeeland. Er is nu toch een heel stuk door een open gebied. Doordat we af en toe een keer afslaan krijg je natuurlijk van meerdere kanten met de wind te maken. Dan zal ie vast wel een keer gunstig staan. Of ongunstig, het is maar net hoe je het bekijkt. Het gebied blijft heel open, we staan nu op het punt om over de Brouwersdam te gaan fietsen, na 144 kilometer koers. Via de Brouwersdam gaan we Zeeland bereiken, het eiland Schouwen-Duiveland om precies te zijn. De Brouwersdam is het zevende bouwwerk van de Deltawerken en is zes kilometer lang. Het eerste deel van de Brouwersdam is niet het geschikste gebied voor waaiers, er liggen nogal wat kunstmatige duintjes. Daarna wordt het wel weer goed open en kunnen we de Noordzee zien. Langs de Brouwersdam wordt veel aan kitesurfen en windsurfen gedaan, dus als er wat wind is hebben we sowieso iets om naar te kijken.

2012-05-25-035.jpg

Als we de Brouwersdam verlaten zijn we echt in Zeeland en is het nog ongeveer 15 kilometer tot Neeltje Jans. We gaan nu dwars door Schouwen-Duivenland fietsen, langs de kotsende jongeren in Renesse en Burgh-Haamstede. De weg tussen de Brouwersdam en Renesse is een wat slechtere, smallere weg, dwars door een open gebied. De weg heeft een aantal drempels en rotondes. We moeten onze reputatie toch een beetje waarmaken. Tussen Renesse en Burgh-Haamstede wordt de weg weer wat breder, de omgeving blijf vatbaar voor de wind. In de buurt van Burgh-Haamsteende staat er genoeg beschutting, maar dan is het nog maar een kilometer of zes tot de streep. Daarvoor zal het qua waaiers al wel beslist zijn. Nu gaat het om de voorbereiding van de sprint. Een stuk of vier rotondes hier en een paar bochten, maar daarna is het de laatste kilometers volledig rechtdoor richting Neeltje Jans. Over de Pijlerdam mogen de renners, om nog maar eens een deel van de Deltawerken aan te doen.

374757.jpg

De laatste bocht zit op 4,5 kilometer van de streep. Daarna gaat het rechtdoor Neeltje Jans en finishen de renners aan het begin van dit eilandje. Neeltje Jans is een werkeiland en vormt een onderdeel van de Oosterscheldekering. Het is tegenwoordig vooral bekend als informatie- en attractiepark, hoewel dat met de attracties wel meevalt kan ik uit ervaring vertellen. Het informatiecentrum is dan eigenlijk interessanter. Het is absoluut het bezoeken waard, voor zover er nog Nederlanders zijn die hier niet zijn geweest. Vroeger was het een zandplaat, dat heeft men opgehoogd en daardoor kunnen we er morgen finishen. Vooral de overgebleven pijler, iets buiten Neeltje Jans valt altijd op. Het is een bijzondere plek om te finishen, eigenlijk midden in het niets. Praktisch gezien midden in de zee, tussen de deltawerken die toch altijd indrukwekkend blijven.

DSC03794bis.jpg

De spanning gaat morgen moeten komen van de wind. Het is lastig om een precieze voorspelling te doen. Desalniettemin kunnen we één ding met zekerheid zeggen: In Zeeland waait het altijd, ook als het niet waait. Er gaat sowieso wind zijn en er gaat sowieso paniek zijn. Ik kan nu wel een voorspelling doen, maar ben bepaald geen Piet Paulusma. Als ik het zo een beetje bekijk denk ik dat de wind het grootste gedeelte van de tijd schuin in de rug staat, maar dat het niet echt hard waait. Tussen de 3 en 4 Beaufort. Dat is voor Nederlandse begrippen redelijk weinig. Alsnog zitten we aan de kust en kan het altijd anders voelen dan het op papier lijkt. Ik verwacht sowieso wel de nodige chaos, misschien niet dat alles in waaiers van vijf tot tien renners zal vallen, er gaan hoe dan ook mensen tijd verliezen. Bovendien is er ook nog kans op neerslag, op noodweer zelfs. Die kans schijnt zelfs heel groot te zijn. Met een aantal rotondes in de finale is regen natuurlijk ook best vervelend, dan gaan we ongetwijfeld ook valpartijen krijgen.

Het gaat ongetwijfeld een sprint worden. Kan een massasprint zijn, kan een sprint zijn van een klein groepje. De ploegen die we vooraan kunnen verwachten zijn best logisch te voorspellen. Natuurlijk gaat Etixx van de partij zijn, waarschijnlijk met de hele ploeg. Lotto Djumbo zal ook wel een poging willen wagen. Een beetje net als in de Tour van 2013. De jongens van Tinkoff-Saxo kunnen dit ook wel. BMC zal nu vast ook wel mee willen werken, met Dennis in de gele trui.
1. Cavendish. Denk dat hij sowieso vooraan gaat zitten, wat er ook gaat gebeuren. Hij heeft de beste ploeg voor dit werk en als hij niet meezit zorgen ze er wel voor dat alles weer samen komt. Zo sterk is die ploeg nu eenmaal. Grote kans voor Cavendish en zoveel kansen zijn er niet, hij zal wel moeten.
2. Kristoff. Die jongen is zo sterk, kan alles. Heb ik iets minder in de waaiers gezien, maar de kans bestaat dat we überhaupt geen waaiers krijgen en alleen maar regen. Met regen is hij misschien nog wel op z'n best. Des te zwaarder het is, des te sterker hij naar voren komt.
3. Sagan. In de Tour van 2013 liet Sagan zien dat hij ook wel aardig in de waaiers kan rijden en rijden in de regen kan hij sowieso. Gaat zeker meedoen voor de overwinning, maar als een van de topsprinters erbij is maakt hij niet direct kans om te winnen.
4.Greipel. De Gorilla kan ook wel aardig beuken in de wind. Is wel wat minder in de regen, dus bij noodweer kan je deze vierde plaats wel schrappen.
5. Vanmarcke. In het begin van zo'n ronde wil Sep nog wel eens iets te enthousiast rond gaan rijden en zich mengen in een sprint, vooral als er een uitgedund groepje is. Ik verwacht morgen wel een uitgedund groepje en meestal is Sep daar dan nog wel bij. Zal wel kansloos meesprinten voor een leuke ereplaats.
abonnementen ibood.com bol.com Gearbest
Forum Opties
Forumhop:
Hop naar:
(afkorting, bv 'KLB')