Ik meende dat er vooral economische belangen gemoeid waren bij de Amerikaanse invasie van Haïti. De Amerikanen waren bang dat Haïti ging functioneren als een soort springplank voor rijke buitenlandse investeerders die macht en invloed wilden verwerven in de Caraïben. Zo waren de Duitsers aan de vooravond van de invasie economisch oververtegenwoordigd in Haïti. De Verenigde Staten vreesden voor een verdere uitbreiding daarvan en wilden het Panamakanaal veilig stellen voor mogelijke buitenlandse invloeden.
Daarnaast had de Haitiaanse regering grote geldsommen van de Amerikaanse banken geleend, zelfs zoveel dat de terugbetaling een steeds groter probleem begon te vormen. De onstabiele toestand in Haïti vergrootte de zorgen van de Verenigde Staten, immers daardoor werden de economische belangen nog verder ondermijnd. Na de invasie beheerden de Amerikanen dan ook al vrij snel de Haitiaanse Nationale Bank, ze namen onder andere 500.000 dollar in beslag om het vervolgens veilig te stellen in New York.
In hoeverre politieke belangen een grote rol speelden durf ik niet te zeggen, al mag het duidelijk zijn dat de Verenigde Staten de Europese invloed zo veel mogelijk wilde beperken. Het lijkt mij echter stug dat Haïti actief opstanden in Latijns Amerika steunde, het land was zelf namelijk ernstig verdeeld en eigenlijk een grote puinhoop. Wellicht waren de Verenigde Staten bang dat er een anti-Amerikaanse regering aan het roer zou kunnen komen? Trouwens hoe heet het boek in kwestie en wie heeft het geschreven?
We come and cry and that is life, we cry and go and that is death.